Zoekresultaat: 16 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Caribisch Juristenblad x Jaar 2016 x

    Voorafgaand aan de benoeming van ministers (en staatssecretarissen in Nederland) van de landen in het Koninkrijk der Nederlanden vindt er een toetsing van de benoembaarheid plaats. Deze toetsing, ook wel aangeduid als screening, is in de afzonderlijke landen verschillend geregeld. De auteur bespreekt de overeenkomsten en verschillen van de screening die allen als doel hebben de integriteit van het bestuur in het Koninkrijk te waarborgen. De revue passeren aldus de wijze van benoeming van ministers, de vastlegging van de toetsing (variërend van een schrijven van de minister-president aan de Tweede Kamer tot een wet in formele zin in Curacao en Sint Maarten), de legaliteit van de verschillende regelingen maar ook de feitelijk uit te voeren onderzoeken en daaraan te verbinden conclusies. Afgesloten wordt met een aanbeveling tot uniformering van de screening in het Koninkrijk.


Mr. M.F. Murray
Mr. M.F. Murray is advocaat/vennoot bij SMS Attorneys at Law te Curaçao en voorzitter van de redactie van het Caribisch Juristenblad (CJB).

Mr. dr. J.C. de Wit
Mr. dr. J.C. de Wit is universitair hoofddocent Bestuursrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en gastdocent aan de Universiteit van Curaçao.

prof. mr. L.J.J. Rogier
Prof. mr. L.J.J. Rogier is emeritus hoogleraar Staats- en bestuursrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en bijzonder hoogleraar Staats- en bestuursrecht aan de Universiteit van Curaçao.
Artikel

Ministeriabel – ministersbenoeming als een voor beroep vatbare beschikking

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2016
Trefwoorden ministeriabiliteit, screening, toetsing, ministers, integriteit
Auteurs Dr. R.S.J. Martha LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    De Landsverordening integriteit (kandidaat-)ministers heeft de pennen aan het schrijven gekregen. Want levert de in de landsverordening bedoelde schriftelijke mededeling van het niet voordragen voor benoeming een beschikking op in de zin van de Lar? Kan een minister inzake een dergelijke medeling bij de burgerlijke of bestuursrechtelijke rechter terecht? En zo ja, hoe zal deze rechter daarmee om moeten gaan? In deze bijdrage en de drie daaropvolgende bijdragen zijn dr. Martha LLM, prof. mr. Rogier en dr. mr. Sybesma hierover in discussie.


Dr. R.S.J. Martha LLM
Dr. R.S.J. Martha LLM is oud-minister van Justitie van de Nederlandse Antillen (1998-2002). Martha voert thans de leiding over Lindeborg Counsellors at Law te Londen (VK).
Artikel

De Curaçaose zbo

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2016
Trefwoorden zelfstandige bestuursorganen, artikel 111 Staatsregeling Curaçao, historische context, verordenende bevoegdheid
Auteurs Dr. J. Sybesma
SamenvattingAuteursinformatie

    De bestuurlijke organisatie van de Curaçaose overheid kent naast de klassieke bestuursorganen, als de raad van ministers en de individuele minister, ook entiteiten die op afstand zijn geplaatst, zoals overheidsnv’s en overheidsstichtingen. Daarnaast kent de Staatsregeling van Curaçao sedert 2004 ook nog de mogelijkheid om openbare lichamen en zelfstandige bestuursorganen in te stellen. Vooral van deze laatste bestuursvorm, de zbo, wordt door de wetgever van Curaçao de laatste tijd veel gebruikgemaakt. In dit artikel wordt antwoord gegeven op wat precies een Curaçaose zbo is, waarbij nader wordt ingegaan op de diverse publiekrechtelijke entiteiten die lang voor 2004 werden ingesteld. Tevens komen aan de orde de bevoegdheden en verplichtingen die een zbo kent. Een en ander toegelicht aan de hand van een praktijkvoorbeeld, namelijk de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten.


Dr. J. Sybesma
Dr. J. Sybesma is redactielid van het Caribisch Juristenblad. Hij is tevens lid van de RvA, adviseur van de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten (CBCS) en parttime docent aan de juridische faculteit van de Universiteit van Curaçao. Dit artikel is echter volledig à titre personnel geschreven en alle uitspraken en stellingen zijn slechts de zijne.
Artikel

Ministeriabel

Een naschrift

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2016
Trefwoorden ministeriabiliteit, screening, toetsing, ministers, integriteit.
Auteurs Dr. R.S.J. Martha LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Repliek van dr. R.S.J. Martha LLM op de reactie van dr. J. Sybesma en prof. mr. L.J.J. Rogier op zijn artikel over de ministerbenoeming als een voor beroep vatbare beschikking.


Dr. R.S.J. Martha LLM
Dr. R.S.J. Martha LLM is oud-minister van Justitie van de Nederlandse Antillen (1998-2002). Martha voert thans de leiding over Lindeborg Counsellors at Law te Londen (VK).

Mr. J. de Boer
Mr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Mr. M.A.J. West
Mr. M.A.J. West is advocaat bestuursrecht en omgevingsrecht bij Ploum Lodder Princen te Rotterdam.

Mr. P. Klik
Mr. P. Klik was tot voor kort lector aan de University of Curaçao Dr. Moises da Costa Gomez en is thans werkzaam bij Burgers Advocaten te Curaçao.

Mr. T.A.M. Tijhuis
Mr. T.A.M. Tijhuis is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Mr. M.E.B. de Haseth
Mr. M.E.B. de Haseth is werkzaam bij de Raad van State en sinds 1 februari 2015 gedetacheerd bij het Gemeenschappelijk Hof.

Mr. M.E.B. de Haseth
Mr. M.E.B. de Haseth is werkzaam bij de Raad van State en sinds 1 februari 2015 gedetacheerd bij het Gemeenschappelijk Hof.
Artikel

Cameratoezicht op de werkvloer: hoelang mag het begluren van werknemers op de Caribische eilanden nog voortduren?

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2016
Trefwoorden cameratoezicht, bescherming persoonsgegevens, camerabeelden, Lbp
Auteurs N.M.Q. van der Neut
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 januari 2016 is de Wet bescherming persoonsgegevens, de Wbp, in Nederland gewijzigd. Dit doet de vraag rijzen of de (Caribische) Landsverordening bescherming persoonsgegevens, de Lbp, ook aangepast dient te worden. De wijzigingen worden geëvalueerd aan de hand van de rechtmatigheid en toelaatbaarheid van (heimelijk) cameratoezicht op de werkvloer. De belangrijkste wijziging houdt in dat direct een boete kan worden opgelegd indien in strijd met de Wbp wordt gehandeld ingeval sprake is van een opzettelijk gepleegde overtreding of ernstig verwijtbare nalatigheid. Dit brengt een afschrikkend effect mee, hetgeen reden is om ook de Lbp te wijzigen.


N.M.Q. van der Neut
N.M.Q. van der Neut is masterstudent Arbeidsrecht en Privaatrechtelijke rechtspraktijk aan de Universiteit van Amsterdam en is als student-stagiair verbonden geweest aan Van Eps Kunneman Van Doorne.

Mr. J. de Boer
Mr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof.

Prof. mr. J. Reijntjes
Prof. mr. J. Reijntjes is als hoogleraar Strafrecht verbonden aan de University of Curaçao.
Artikel

Wijzigingen in de Curaçaose Lar: doelmatiger en doeltreffender rechtsbescherming

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Lar, bestuursprocesrecht, wijziging, rechtsbescherming, Curaçao
Auteurs Mr. M.E.B. de Haseth
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 september 2015 zijn enkele fundamentele wijzigingen van de Curaçaose Lar in werking getreden, waarmee wordt voorzien in snellere en doelmatiger procedures. In dit artikel worden de belangrijkste wijzigingen besproken, waarbij in het bijzonder aandacht wordt besteed aan wat alle betrokkenen kunnen en moeten doen om de procedures met toepassing van deze nieuwe bepalingen zo effectief en efficiënt mogelijk te laten verlopen. De bepalingen zijn grotendeels gemodelleerd naar de Nederlandse Awb, zodat wordt verwezen naar voorbeelden uit de Nederlandse rechtspraak ter zake.


Mr. M.E.B. de Haseth
Mr. M.E.B. de Haseth is werkzaam bij de Raad van State en sinds 1 februari 2015 gedetacheerd bij het Gemeenschappelijk Hof, met als doel een projectgroep op te zetten en te leiden ten behoeve van de organisatie van de juridische en administratieve ondersteuning van de bestuursrechtspraak in hoger beroep.
Artikel

De effectiviteit van de dwangsom als instrument ter bevordering van de nakoming van bestuursrechtelijke uitspraken

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2016
Trefwoorden bestuursrecht, naleving, uitspraken, dwangsom, beslagverbod
Auteurs Mr. K.R. Concincion
SamenvattingAuteursinformatie

    Juridische geschillen kunnen in een democratische rechtstaat voorgelegd worden aan een onafhankelijke en onpartijdige rechter die dan een voor partijen bindende uitspraak doet. Binnen de door de wetgever gestelde grenzen, kan deze rechter bepalen dat de procespartij die een uitspraak niet uitvoert een dwangsom zal verbeuren. De verminderde effectiviteit van een zodanige dwangsom in het bestuursrecht wordt in dit artikel nader toegelicht aan de hand van onder andere de regels van het bestuurs(proces)recht en de jurisprudentie.


Mr. K.R. Concincion
Mr. K.R. Concincion is de Ombudsman van Curaçao. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.