Zoekresultaat: 37 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x
Trending Topics

De aangifte tegen (oud-)bewindslieden in de toeslagenaffaire

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid, ambtsmisdrijven, toeslagenaffaire, ministers, staatssecretarissen
Auteurs Mr. dr. E. Sikkema
SamenvattingAuteursinformatie

    Eerder dit jaar werd namens gedupeerden van de kinderopvangtoeslagenaffaire aangifte gedaan tegen zes (oud-)bewindslieden. Deze (voormalige) ministers en staatssecretarissen zouden zich schuldig hebben gemaakt aan een ambtsmisdrijf. Zij zouden strafrechtelijk verwijtbaar hebben gehandeld, door na te laten wettelijke bepalingen uit te voeren, terwijl dat tot hun taak behoorde. Op basis van een oriënterend onderzoek van de procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft minister Grapperhaus beslist dat geen strafvervolging zal worden ingesteld. De aangifte roept vele interessante vragen op over de strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid, de daarbij toepasselijke bijzondere procedure van artikel 119 Grondwet en de wenselijkheid van een (fundamentele) herziening van het bestaande stelsel.


Mr. dr. E. Sikkema
Mr. dr. E. Sikkema is senior wetgevingsadviseur bij de Afdeling advisering van de Raad van State.
Artikel

Het toezicht op de opsporing

Enkele aspecten van het toezicht door de officier van justitie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2021
Trefwoorden vormverzuimen, toezicht, rechterlijke controle, normering, opsporingsonderzoek
Auteurs Mr. dr. M. Samadi
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad staat een terughoudende rechterlijke controle van het vooronderzoek voor. Aan deze opstelling ligt de gedachte ten grondslag dat de controle op de strafvorderlijke overheid vooral een taak is van andere instanties, zoals de officier van justitie en in meer algemene zin het OM. Alom wordt aangenomen dat de officier van justitie een belangrijke verantwoordelijkheid heeft in dezen. Over hoe in de praktijk invulling wordt gegeven aan deze taak is echter weinig bekend. Dit artikel bespreekt op basis van eerder verricht onderzoek een aantal aspecten van het toezicht dat door de officier van justitie wordt uitgeoefend op de opsporing.


Mr. dr. M. Samadi
Mr. dr. M. Samadi is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Op de kast en weer terug, maar niet in de la

Raad van State en kabinet over de keuze tussen de twee bestraffende stelsels in het publiekrechtelijke sanctierecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden advies Raad van State, bestuurlijke boete, verhouding strafrecht-bestuursrecht, rechtsbescherming
Auteurs Mr. dr. A.R. Hartmann en Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    Meer dan vijf jaar geleden verscheen het kritische advies van de Afdeling advisering van de Raad van State over de rechtsbescherming bij bestuurlijke boetes. In deze bijdrage wordt allereerst in grote lijnen de ontwikkeling van boetebevoegdheden en wetgeving geschetst. Vervolgens wordt het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State besproken Ten slotte wordt een aantal wetswijzigingen besproken die naar het oordeel van de auteurs noodzakelijk zijn.


Mr. dr. A.R. Hartmann
Mr. dr. A.R. Hartmann is senior raadsheer bij de sector Strafrecht in het gerechtshof ’s-Hertogenbosch en voormalig bijzonder hoogleraar Bestuursstrafrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen
Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen is advocaat bestuursrecht bij van Ardenne & Crince le Roy Advocaten, voormalig bijzonder hoogleraar Europees bestuursrecht en openbaar bestuur aan de Universiteit Maastricht, guest senior lecturer Comparative and Global Administrative Law aan de Tilburg University en international visiting scholar aan de American University, Washington D.C. College of Law (AUWCL).
Artikel

De klassieke vermogensdelicten: nieuwe wijn in oude zakken

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden diefstal, eigenmachtig, oplichting, wederrechtelijk, wegnemen
Auteurs Em. prof. mr. D.H. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    De wettelijke omschrijvingen van de klassieke vermogensdelicten – diefstal, verduistering, oplichting, afpersing – zijn niet of nauwelijks gewijzigd. De reden is dat de rechter sinds het Elektriciteitsarrest continu bereid is geweest om aan centrale wetsbegrippen als ‘enig goed’, ‘wegnemen’ en ‘wederrechtelijke toe-eigening’ een eigentijdse invulling te geven. Dit heeft geleid tot onderlinge overlappingen. Bij de diefstalbepaling heeft dit geresulteerd in het uit zicht raken van de grenzen van haar bereik en tot een spanningsveld bij de overlapping met de oplichtingsbepaling, die in de jurisprudentie juist met terughoudendheid wordt gehanteerd. Dit roept de vraag op of de wettelijke regeling moet worden herzien.


Em. prof. mr. D.H. de Jong
Em. prof. mr. D.H. de Jong is emeritus hoogleraar Strafrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Streven naar coherentie in de publieke sanctionering van financieel recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden sociaaleconomisch strafrecht, financieel strafrecht, coherentie sanctiestelsels, WED, Wft
Auteurs Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De verhouding tussen de strafrechtelijke en bestuursrechtelijke handhavingsstelsels worden benaderd vanuit het oogpunt van coherentie. In de strafrechtelijke sanctionering is de WED het centrale uitgangpunt. De auteur acht uiteindelijk deze wet nog steeds toekomstbestendig. Andere benaderingen verliezen aan coherentie. De auteur doet enkele voorstellen voor verbetering en aanpassing van artikel 1 en 59 WED. De bestuursrechtelijke benadering start bij de Wft als centrale wet, maar de sanctionering is minder gestructureerd als in het strafrecht. De auteur ziet verschillende sanctiefiguren opkomen in het strafrecht en in het bestuursrecht (art. 74 Sr, 257a e.v. Sv), die een samenvloeien van bestuur- en strafsancties mogelijk maken. De procedures zullen voorlopig gescheiden blijven. De auteur geeft afsluitend enkele vuistregels voor humaan sanctioneren.


Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens
Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens is emeritus hoogleraar Financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam, oud-vice-president van het gerechtshof Amsterdam en oud-redacteur van dit blad.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2020
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), Mr. J. Boonstra-Verhaert, Mr. dr. S.S. Buisman e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

Mr. J. Boonstra-Verhaert

Mr. dr. S.S. Buisman

Mr. A.A. Feenstra

Mr. K.M.T. Helwegen

Mr. dr. I. Koopmans

Mr. V.S.Y. Liem

Prof. mr. M. Nelemans

Mr. dr. J.S. Nan

Mr. dr. E. Sikkema

Mr. dr. drs. B. van de Vorm

Mr. dr. W.S. de Zanger
Jurisprudentie

De reikwijdte van de term ‘opzettelijk’ in artikel 2 lid 1 Wet op de economische delicten

Noot bij ECLI:NL:GHARL:2019:7797

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Opzettelijk, subjectieve bestanddelen, artikel 2 lid 1 WED, Arbeidsomstandighedenwet, wist of redelijkerwijs had moeten weten
Auteurs Mr. dr. I.M. Koopmans MSHE
SamenvattingAuteursinformatie

    In een arrest van september 2019 koppelt het Hof Arnhem de ‘wist-variant’ van de ten laste gelegde gevaarzetting aan de vraag of sprake is van opzettelijke overtreding van artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet. Het hof spreekt vrij van die wetenschap en tegelijk daarmee ook van opzettelijke overtreding van artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet. Vervolgens wordt slechts de overtredingsvariant bewezen geacht. In deze bijdrage zal worden uiteengezet waarom het hof hiermee de systematiek die ten grondslag ligt aan de Wet op de economische delicten (WED) miskent.


Mr. dr. I.M. Koopmans MSHE
Mr dr. I.M. Koopmans MSHE is officier van justitie bij het Functioneel Parket.
Redactioneel

Corrupte politici

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Sint Maarten, corruptie, politieke ambtsdragers, ambtsmisdrijven, strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid
Auteurs Mr. dr. E. Sikkema
SamenvattingAuteursinformatie

    De strafrechtelijke vervolging van parlementariërs en andere politieke ambtsdragers brengt bijzondere vragen en problemen mee. Hoe kan worden voorkomen dat politieke ambtsdragers op grond van hun hoge positie een strafvervolging kunnen tegenhouden, bijvoorbeeld door druk uit te oefenen op het Openbaar Ministerie? En hoe kunnen politici worden beschermd tegen lichtvaardige en politiek gemotiveerde vervolgingsbeslissingen? Aan de hand van twee recente corruptiezaken, die speelden in verschillende landen binnen het koninkrijk, wordt in deze bijdrage ingegaan op deze problematiek.


Mr. dr. E. Sikkema
Mr. dr. E. Sikkema is wetgevingsadviseur bij de Afdeling advisering van de Raad van State.
Artikel

Afgedwongen informatie van de gefailleerde in strafzaken en de poortwachtersfunctie van de strafrechter

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Faillissementswet, nemo tenetur-beginsel, startinformatie, art. 359a Sv, fraudebestrijdende rol curator
Auteurs Mr. dr. S. Brinkhoff
SamenvattingAuteursinformatie

    De gefailleerde is op grond van de in de Faillissementswet vastgelegde plichten tot inlichting en medewerking gehouden mee te werken aan het onderzoek van de curator. Dit onderzoek kan leiden tot een strafrechtelijke aangifte.
    In de kern ziet deze bijdrage op de vraag of, en zo ja welke rol de hierboven onder dwang verkregen gegevens in de daaropvolgende strafzaak kunnen spelen. Hebben deze gegevens alleen de status van startinformatie en dienen zij dus enkel om het opsporingsonderzoek een aanvang te doen nemen? Of kan deze informatie ook worden gebruikt voor het bewijs in die strafzaak? Dit alles is op het eerste oog niet onproblematisch als wordt bedacht dat een belangrijk strafvorderlijk uitgangspunt is dat een verdachte niet kan worden gedwongen mee te werken aan zijn eigen veroordeling, oftewel het in artikel 6 EVRM geïncorporeerde nemo tenetur-beginsel.


Mr. dr. S. Brinkhoff
Mr. dr. Sven Brinkhoff is als universitair hoofddocent straf(proces)recht verbonden aan de Open Universiteit. Daarnaast fungeert hij als raadsheer-plaatsvervanger bij het Hof Den Bosch.
Artikel

Geef mij toegang tot uw smartphone!

Een zoektocht naar de wettelijke grondslag van de gedwongen biometrische ontgrendeling van de smartphone

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Smartphone, (biometrische) ontgrendeling, Legaliteitsbeginsel, Privacy, Vingerafdruk
Auteurs Mr. W. Albers, Mr. T. Beekhuis en Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit een aantal vonnissen blijkt dat rechters zoekende zijn naar de wettelijke grondslag voor de gedwongen biometrische ontgrendeling van een smartphone. Zo worden de artikelen 3 Pw en 141/142 Sv, artikel 94 Sv e.v. en artikel 61a Sv genoemd. Deze bijdrage gaat nader in op deze bepalingen om inzicht te geven, mede in het licht van artikel 1 Sv en artikel 8 EVRM, in de zoektocht van de rechters. Gepoogd wordt een antwoord te geven op de vraag welke de meest aangewezen grondslag is voor deze wijze van ontgrendeling.


Mr. W. Albers
Mr. W. (Willemijn) Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.

Mr. T. Beekhuis
Mr. T. (Tekla) Beekhuis is promovenda bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.

Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius
Mr. C.M. (Celine) Taylor Parkins-Ozephius is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Enkele opmerkingen over het het una via-beginsel en het nieuwe Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Modernisering strafvordering, Bestuursstrafrecht, Una via-beginsel, Bestuurlijk sanctierecht, Bijzonder strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Thans is een belangrijke wetgevingsoperatie gaande, waarbij het Wetboek van Strafvordering wordt herzien. Opmerkelijk genoeg wordt in de vaststellingswetten op geen enkele wijze aandacht besteed aan de keuze tussen bestuurlijke en strafrechtelijke handhaving. Om het una via-beginsel een plaats te geven in het nieuwe Wetboek van Strafvordering wordt voorgesteld om het bepaalde in artikel 243, tweede lid, Sv, te transponeren naar artikel 3.1.4, vijfde lid, van het nieuwe Wetboek van Strafvordering.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Gemoderniseerde voordeelsontneming

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Voordeelsontneming, Ontnemingsmaatregel, Ontnemingsprocedure, Misdaadgeld, Modernisering van het Wetboek van Strafvordering
Auteurs Mr. dr. W.S. de Zanger
SamenvattingAuteursinformatie

    De modernisering van het Wetboek van Strafvordering zal ook het proces ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel aanpassen. Deze wetgevingsoperatie zal de ontnemingsmaatregel grotendeels ontdoen van zijn bijzondere karakter. Zo komt het strafrechtelijk financieel onderzoek te vervallen en wordt voorgesteld de oplegging van de ontnemingsmaatregel als hoofdregel in het reguliere strafproces te laten plaatsvinden. Deze bijdrage brengt in kaart welke wijzigingen worden voorgesteld en hoe die moeten worden beoordeeld. Geconcludeerd wordt dat de moderniseringsplannen kunnen worden onderschreven, maar wel nader dienen te worden doordacht.


Mr. dr. W.S. de Zanger
Mr. dr. W.S. de Zanger is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) en het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

Van controle naar bestraffing; de cautie, het verzuim en hun gevolgen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden cautie, controle, opsporing, verzuim, bewijsuitsluiting
Auteurs Mr. dr. J.S. Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij het uitoefenen van controlebevoegdheden kan de controleur op zodanige onregelmatigheden stuiten, dat de verdenking ontstaat dat door de gecontroleerde een strafbaar feit is begaan. Veelal is de controleur ook (bijzonder) opsporingsambtenaar en aldus komen aan hem dan enerzijds verregaande bevoegdheden toe, maar anderzijds ook verantwoordelijkheden. De gecontroleerde moet er door zijn status van verdachte op worden gewezen dat deze niet tot antwoorden is verplicht. Dat geldt voor zowel het punitieve bestuursrecht als het strafrecht. Een verzuim dienaangaande leidt in beginsel tot bewijsuitsluiting van de afgelegde verklaring.


Mr. dr. J.S. Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair hoofddocent straf(proces)recht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en cassatieadvocaat bij Wladimiroff Advcocaten, Den Haag.
Kroniek

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Artikel

Access_open Amerikanisering van corruptiebestrijding

Buitengerechtelijke afdoening en andere tendensen in de handhaving van anticorruptiewetgeving

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden corruptie, transactie, strafbeschikking
Auteurs F. Haijer, LL.M. en Mr. dr. E. Sikkema
SamenvattingAuteursinformatie

    In de jaren 2014-2017 heeft in Nederland een grote omschakeling plaatsgevonden op het terrein van de handhaving in buitenlandse corruptiezaken. Van een niet-handhaver lijkt Nederland veranderd te zijn in een corruptiebestrijder om rekening mee te houden. Wij verklaren deze ontwikkeling allereerst vanuit het perspectief van Amerikaans buitenlands beleid. Vervolgens beschouwen wij de stand van zaken met betrekking tot buitengerechtelijke afdoening in Nederland, in het bijzonder de hoge of bijzondere transactie en de strafbeschikking. We werpen ten slotte een blik op de toekomst, waarbij wij vooral kijken naar de mogelijkheden van rechterlijke toetsing en het compenseren van buitenlandse slachtoffers.


F. Haijer, LL.M.
F. Haijer, LL.M is promovenda aan de Universiteit Utrecht en interim-directeur Transparency International Nederland.

Mr. dr. E. Sikkema
Mr. dr. E. Sikkema is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht.
Redactioneel

Een konijn uit de hoge hoed: over de grondslagleer in het bijzondere strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Grondslagleer, Tenlastelegging, HR 6 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:308, Dode konijnen, Boksem
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers
SamenvattingAuteursinformatie

    Verlating grondslagleer naar aanleiding van HR 6 maart 2018.


Prof. mr. H.J.B. Sackers
Prof. mr. H.J.B. Sackers is hoogleraar bestuurlijk sanctierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en redacteur van dit tijdschrift.
Trending Topics

De rechtmatigheid van datamining door de politie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden datamining, politie, opsporing, surveillance, Privacy, Art. 3 Politiewet 2012, Art. 141 Sv, Wet politiegegevens
Auteurs Mr. dr. E. Gritter
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de rechtsgrondslag van datamining door de politie centraal, voor zover die wordt ingezet als vorm van surveillance of monitoring teneinde de informatiepositie van de politie te versterken. Betoogd wordt dat het ongericht vergaren van informatie uit openbare internetbronnen als vorm van ‘repressieve controle’ moet worden gezien, die gebaseerd kan worden op art. 3 Politiewet 2012 en/of art. 141 Sv.


Mr. dr. E. Gritter
Mr. dr. E. (Erik) Gritter is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan de Rijkuniversiteit Groningen, en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Ne bis in idem revisited. Over de lotgevallen van een beginsel

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Verbod van dubbele bestraffing, Ne bis in idem, Samenloop, Sanctiecumulatie, Alcoholslotprogramma
Auteurs Prof. mr. J.H. Crijns en Mr. dr. M.L. van Emmerik
SamenvattingAuteursinformatie

    Gegeven de toenemende mogelijkheden tot samenloop van punitieve procedures rijst de vraag of en in hoeverre een dergelijke samenloop opportuun of doelmatig kan worden geacht. Of anders en huiselijker geformuleerd: is dergelijke cumulatie van sancties niet wat te veel van het goede? In deze bijdrage wordt ingegaan op de recente ontwikkelingen in de nationale en de Europese jurisprudentie ten aanzien van het ne bis in idem-beginsel. Als startpunt van de beschrijving wordt gekozen voor het Alcoholslotprogramma-arrest waarin het verbod van dubbele bestraffing door de Hoge Raad tot een van de beginselen van een goede procesorde wordt gerekend.


Prof. mr. J.H. Crijns
Prof. mr. J.H. Crijns is hoogleraar straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden en raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof Den Haag.

Mr. dr. M.L. van Emmerik
Mr. dr. M.L. van Emmerik is universitair hoofddocent staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden en rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Midden-Nederland.
Jurisprudentie

Over de voorlegplicht en de cautie

Noot bij CBb 26 oktober 2017, ECLI:NL:CBB:2017:343

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Voorlegplicht, Handhaving, Cautie, Toezichthouder, Financieel toezicht
Auteurs Mr. C. de Rond en Mr. M. Altena
SamenvattingAuteursinformatie

    Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft met deze (tussen)uitspraak een beroep van appellant op schending van de toepassing van de ‘voorlegplicht’ zoals neergelegd in artikel 5:44, tweede en derde lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) afgedaan op het relativiteitsbeginsel. De annotatoren gaan in op de betekenis van de voorlegplicht en meer in het bijzonder de wijze waarop financieel toezichthouders in de praktijk toepassing geven aan de voorlegplicht. Daarnaast heeft het CBb overwegingen gewijd aan de cautie en de toepassing van de cautie, zoals neergelegd in artikel 5:10a Awb.
    Daarnaast menen de annotatoren dat het CBb geen nieuwe lijn hanteert inzake het geven van de cautie.


Mr. C. de Rond
Mr. C. de Rond is advocaat te Den Haag.

Mr. M. Altena
Mr. M. Altena is werkzaam als jurist bij de divisie Juridische Zaken van De Nederlandsche Bank.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2017

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Toont 1 - 20 van 37 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.