Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 107 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x
Artikel

Access_open Op de kast en weer terug, maar niet in de la

Raad van State en kabinet over de keuze tussen de twee bestraffende stelsels in het publiekrechtelijke sanctierecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden advies Raad van State, bestuurlijke boete, verhouding strafrecht-bestuursrecht, rechtsbescherming
Auteurs Mr. dr. A.R. Hartmann en Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    Meer dan vijf jaar geleden verscheen het kritische advies van de Afdeling advisering van de Raad van State over de rechtsbescherming bij bestuurlijke boetes. In deze bijdrage wordt allereerst in grote lijnen de ontwikkeling van boetebevoegdheden en wetgeving geschetst. Vervolgens wordt het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State besproken Ten slotte wordt een aantal wetswijzigingen besproken die naar het oordeel van de auteurs noodzakelijk zijn.


Mr. dr. A.R. Hartmann
Mr. dr. A.R. Hartmann is senior raadsheer bij de sector Strafrecht in het gerechtshof ’s-Hertogenbosch en voormalig bijzonder hoogleraar Bestuursstrafrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen
Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen is advocaat bestuursrecht bij van Ardenne & Crince le Roy Advocaten, voormalig bijzonder hoogleraar Europees bestuursrecht en openbaar bestuur aan de Universiteit Maastricht, guest senior lecturer Comparative and Global Administrative Law aan de Tilburg University en international visiting scholar aan de American University, Washington D.C. College of Law (AUWCL).
Artikel

De klassieke vermogensdelicten: nieuwe wijn in oude zakken

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden diefstal, eigenmachtig, oplichting, wederrechtelijk, wegnemen
Auteurs Em. prof. mr. D.H. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    De wettelijke omschrijvingen van de klassieke vermogensdelicten – diefstal, verduistering, oplichting, afpersing – zijn niet of nauwelijks gewijzigd. De reden is dat de rechter sinds het Elektriciteitsarrest continu bereid is geweest om aan centrale wetsbegrippen als ‘enig goed’, ‘wegnemen’ en ‘wederrechtelijke toe-eigening’ een eigentijdse invulling te geven. Dit heeft geleid tot onderlinge overlappingen. Bij de diefstalbepaling heeft dit geresulteerd in het uit zicht raken van de grenzen van haar bereik en tot een spanningsveld bij de overlapping met de oplichtingsbepaling, die in de jurisprudentie juist met terughoudendheid wordt gehanteerd. Dit roept de vraag op of de wettelijke regeling moet worden herzien.


Em. prof. mr. D.H. de Jong
Em. prof. mr. D.H. de Jong is emeritus hoogleraar Strafrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Streven naar coherentie in de publieke sanctionering van financieel recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden sociaaleconomisch strafrecht, financieel strafrecht, coherentie sanctiestelsels, WED, Wft
Auteurs Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De verhouding tussen de strafrechtelijke en bestuursrechtelijke handhavingsstelsels worden benaderd vanuit het oogpunt van coherentie. In de strafrechtelijke sanctionering is de WED het centrale uitgangpunt. De auteur acht uiteindelijk deze wet nog steeds toekomstbestendig. Andere benaderingen verliezen aan coherentie. De auteur doet enkele voorstellen voor verbetering en aanpassing van artikel 1 en 59 WED. De bestuursrechtelijke benadering start bij de Wft als centrale wet, maar de sanctionering is minder gestructureerd als in het strafrecht. De auteur ziet verschillende sanctiefiguren opkomen in het strafrecht en in het bestuursrecht (art. 74 Sr, 257a e.v. Sv), die een samenvloeien van bestuur- en strafsancties mogelijk maken. De procedures zullen voorlopig gescheiden blijven. De auteur geeft afsluitend enkele vuistregels voor humaan sanctioneren.


Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens
Em. prof. mr. R.C.P. Haentjens is emeritus hoogleraar Financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam, oud-vice-president van het gerechtshof Amsterdam en oud-redacteur van dit blad.
Redactioneel

Artikel 443 Sr, de bestuurlijke boete en de aantekening in de justitiële documentatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Bestuurlijke boete, Justitiële documentatie, Corona, Bestuursstrafrecht, Art. 443 Sr
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Ter bestrijding van de coronacrisis is een belangrijke rol weggelegd voor de handhaving van artikel 443 Sr. Indien een strafbeschikking wordt uitgevaardigd wegens overtreding van artikel 443 Sr, betrekking hebbend op coronamaatregelen, leidt dit niet meer tot een aantekening in de justitiële documentatie. Gezien de verbondenheid van artikel 443 Sr met de handhaving van de openbare orde, is de vraag opgeworpen in hoeverre het in de rede ligt om deze strafbepaling over te hevelen naar het bestuursrecht.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. J. Boonstra, mr. dr. S.S. Buisman e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. J. Boonstra

mr. dr. S.S. Buisman

mr. A.A. Feenstra

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A.C.M. Klaasse

mr. dr. I. Koopmans

mr. V.S.Y. Liem

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. J.S. Nan

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. W.S. de Zanger
Trending Topics

De Nederlandse implementatie van de Klokkenluidersrichtlijn

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2020
Trefwoorden klokkenluiders, misstanden, unierecht, compliance, corruptie
Auteurs Mr. J. Boonstra-Verhaert en A.F. Bevers LL.M
SamenvattingAuteursinformatie

    Teneinde een minimumbeschermingsniveau te bieden aan personen die in de uitoefening van hun werk in aanraking komen met inbreuken op het Unierecht en hiervan melding maken, is op 7 december 2019 de Europese richtlijn bescherming klokkenluiders in werking getreden. Uiterlijk 17 december 2021 dient deze richtlijn in Nederlandse wetgeving te zijn geïmplementeerd. Om de huidige regelgeving die ziet op dit onderwerp in lijn te brengen met de richtlijn dienen er enkele wijzigingen te worden doorgevoerd. Meer concreet betekent dit dat de regeling voor klokkenluiders, thans neergelegd in de Wet Huis voor klokkenluiders, zal worden aangepast. Eind juli 2020 is het conceptvoorstel van wet, alsmede de conceptmemorie van toelichting gepubliceerd ter consultatie. Op basis van deze stukken worden in deze bijdrage de voorgestelde wijzigingen ten opzichte Wet Huis voor klokkenluiders belicht.


Mr. J. Boonstra-Verhaert
Mr. J. Boonstra-Verhaert is initiator van actualiteitenwebsite BijzonderStrafrecht.nl, werkzaam als Senior Legal Adviser bij De Brauw Blackstone Westbroek en is als eindredacteur verbonden aan TBS&H.

A.F. Bevers LL.M
A.F. Bevers LL.M heeft deze bijdrage geschreven tijdens zijn student-stage bij De Brauw. Hij doet de Master Rechtsgeleerdheid, afstudeerrichting Strafrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Artikel

Het Europees arrestatiebevel

Toch nog mogelijkheden voor een goede verdediging?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2020
Trefwoorden overlevering, Europees aanhoudingsbevel, opgeëiste persoon, kaderbesluit, HvJ EU
Auteurs Mr. W.R. Jonk en Mr. R. Malewicz
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds 12 mei 2004 is in Nederland de Overleveringswet van kracht, waarmee de procedure van uitlevering binnen de EU drastisch veranderde. Sindsdien is het Europees aanhoudingsbevel een populair middel voor lidstaten geworden om gezochte verdachten en veroordeelden naar hun grondgebied te krijgen. De rechtsbescherming voor opgeëiste personen is, onder meer door enkele uitspraken van het HvJ EU, allengs minder geworden. De bijstand in overleveringszaken vergt dan ook meer dan alleen het voeren van verweren in overleveringsprocedure zelf. Een proactieve houding, mogelijk zelfs in de fase voorafgaand aan het EAB, kan de opgeëiste persoon een gedwongen reis naar het buitenland besparen.


Mr. W.R. Jonk
Mr. W.R. Jonk is advocaat en partner bij Cleerdin & Hamer Advocaten.

Mr. R. Malewicz
Mr. R. Malewicz is advocaat en partner bij Cleerdin & Hamer Advocaten.
Trending Topics

De nieuwe aanwijzing hoge transacties – een vertaling van staande praktijk?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden hoge transactie(s), aanwijzing, toetsingscommissie, publicatie, transparantie
Auteurs Mr. V.S.Y. Liem en Mr. L.J. Leijten
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze rubriek wordt kort ingegaan op de nieuwe Aanwijzing hoge transacties zoals deze gepubliceerd is op 4 september jl. Bezien wordt of en in hoeverre deze aanwijzing inderdaad een vertaling is van de staande praktijk met betrekking tot hoge transacties.


Mr. V.S.Y. Liem
Mr. V.S.Y. Liem is werkzaam als advocaat bij Van Doorne N.V. in Amsterdam. Zij is tevens redacteur van dit tijdschrift.

Mr. L.J. Leijten
Mr. L.J. Leijten is werkzaam als advocaat bij Van Doorne N.V. in Amsterdam.
Artikel

Over autonome auto’s, een bestuurderloze toekomst en nieuwe risico’s

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden bestuurder, autonome auto, hacken, cybersecurity, zelfrijdende auto
Auteurs Mr. dr. N.E. Vellinga
SamenvattingAuteursinformatie

    De komst van volledig zelfrijdende of autonome auto’s doet vele juridische vragen rijzen doordat zelfrijdende auto’s geen bestuurder hebben. Deze vragen rijzen onder meer ten aanzien van de toepassing van bepalingen van het RVV 1990 en de WVW 1994 die de bestuurder als normadressaat hebben. Daarnaast komen aspecten van cybersecurity aan bod in dit artikel. Er wordt in deze bijdrage onder meer een voorstel tot wijziging van artikel 6 WVW 1994 gedaan, om zo te voorzien in een bestuurderloze toekomst.


Mr. dr. N.E. Vellinga
Mr. dr. N.E. Vellinga is postdoc bij de vakgroep Transboundary Legal Studies aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Samenwerkingsverbanden en de strafrechtspleging

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden samenwerkingsverbanden, verdedigingsrechten, nemo tenetur-beginsel, onrechtmatig bewijs, convenanten
Auteurs Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel ‘Gegevensuitwisseling in samenwerkingsverbanden’ beoogt kaders te bieden voor de multilaterale samenwerking tussen strafrechtelijke, bestuursrechtelijke en privaatrechtelijke actoren ter bestrijding van ongewenste maatschappelijke fenomenen, waaronder de bestrijding van fraude. Het voorstel richt zich uitsluitend op de normering van de gegevensverwerking die onder de vlag van die samenwerkingsverbanden plaatsvindt. In dit artikel wordt betoogd dat die benadering te beperkt is. Dat wordt geïllustreerd met een analyse van de mogelijke gevolgen van het voorstel voor de verdedigingsrechten en het bewijsrecht, in het bijzonder het leerstuk van het onrechtmatig verkregen bewijs.


Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman
Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman is hoogleraar Transnationale rechtshandhaving en fundamentele rechten aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Partiële of geschoonde teruggave van gegevensdragers

Naar een gemoderniseerde beslagregeling voor elektronische gegevensdragers

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden inbeslagname gegevensdragers, partiële teruggave, geschoonde teruggave, verzoek om teruggave gegevens
Auteurs Mr. dr. D.A.G. van Toor en Mr. D. van Os
SamenvattingAuteursinformatie

    In strafzaken is het verzamelen van elektronisch bewijsmateriaal vaak essentieel voor de waarheidsvinding. Voor de gegevensdrager eindigt de strafrechtelijke reis echter niet als de informatie op de gegevensdrager is geanalyseerd en vervolgens eventueel als bewijsmateriaal in een strafzaak is gebruikt. Naar Nederlands recht rust het beslag op de gegevensdrager en niet op de (voor de strafzaak relevante) gegevens. Dit betekent dat – na inbeslagname van de gegevensdrager – de autoriteiten de beschikking verkrijgen over alle gegevens die op de gegevensdrager staan opgeslagen. Wanneer over de gegevensdrager een beslissing wordt genomen, volgen de daarop opgeslagen gegevens het lot van de gegevensdrager. De verdachte is bij verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer dan zowel zijn gegevensdrager als de daarop opgeslagen gegevens kwijt.
    Betwijfeld kan worden of die praktijk conform hogere normen is, zoals het recht op respect voor privéleven (art. 8 EVRM).


Mr. dr. D.A.G. van Toor
Mr. dr. D.A.G. van Toor is als universitair docent verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.

Mr. D. van Os
Mr. D. van Os rondde recent haar Master Straf(proces)recht af aan de Universiteit Utrecht. Zij werkt inmiddels als parketsecretaris bij het Openbaar Ministerie.
Artikel

Een analyse aan de hand van het faillissementsstrafrecht van de strafrechtelijke risico’s voor ondernemers ten tijde van de coronacrisis

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2020
Trefwoorden faillissementsfraude, coronacrisis, NOW, TOZO, TOGS, bankbreuk, subsidie
Auteurs Mr. S.B. Oosterhof en Mr. F.A. Dudok van Heel
SamenvattingAuteursinformatie

    Ondernemers die financieel werden getroffen door de gevolgen van de coronacrisis konden vanaf april 2020 aanspraak maken op diverse financiële steunmaatregelen van de overheid. De regering kondigde direct aan hard te zullen optreden tegen misbruik van deze noodmaatregelen. In dit artikel worden op grond van het faillissementsstrafrecht de risico’s geanalyseerd voor ondernemers en ondernemingen die, ondanks aan hen uitgekeerde noodsteun, failliet worden verklaard.


Mr. S.B. Oosterhof
Mr. S.B. Oosterhof is advocaat bij Van Barneveld Advocaten.

Mr. F.A. Dudok van Heel
Mr. F.A. Dudok van Heel is advocaat bij Sjöcrona Van Stigt Advocaten.
Redactioneel

De uitbreiding van de sluitingsbevoegdheid in artikel 174a Gemeentewet en de taak van de burgemeester als sheriff

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2020
Trefwoorden burgemeester, openbare orde, handhaving, bestuursstrafrecht, sheriff
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In het verband van de aanpak van ondermijnende misdaad zal de sluitingsbevoegdheid, die is neergelegd in artikel 174a, eerste lid, Gemeentewet, worden uitgebreid met twee nieuwe sluitingsgronden. Op deze wijze kunnen woningen ook worden gesloten indien de openbare orde door ernstig geweld of geweld wordt verstoord. Hoe moet deze uitbreiding worden aangemerkt? Is het vooral een instrument voor de burgemeester als openbare-ordehandhaver of als sheriff? In dit redactioneel wordt betoogd om een wettelijke taak voor de burgemeester in de bestuurlijke aanpak van misdaad te ontwikkelen.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2020
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), Mr. J. Boonstra-Verhaert, Mr. dr. S.S. Buisman e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

Mr. J. Boonstra-Verhaert

Mr. dr. S.S. Buisman

Mr. A.A. Feenstra

Mr. K.M.T. Helwegen

Mr. dr. I. Koopmans

Mr. V.S.Y. Liem

Prof. mr. M. Nelemans

Mr. dr. J.S. Nan

Mr. dr. E. Sikkema

Mr. dr. drs. B. van de Vorm

Mr. dr. W.S. de Zanger
Jurisprudentie

Het verschoningsrecht van de rechtspersoon

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Verschoningsrecht, Interne onderzoeken, Waiver doctrine, Advocaten, Enquêterecht
Auteurs Mr. J. Boonstra-Verhaert
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan wie het verschoningsrecht toekomt, welke informatie in beginsel onder het verschoningsrecht valt en wie zich op het verschoningsrecht kan beroepen, is recent door de Hoge Raad in civilibus verduidelijkt in het kader van het onderzoek van de Ondernemingskamer inzake SNS Reaal c.s. De Hoge Raad heeft bepaald dat aan de rechtspersoon die zich tot een advocaat of notaris heeft gewend geen afgeleid verschoningsrecht toekomt. De rechtspersoon kan wel een gerechtvaardigd belang hebben om te weigeren mee te werken aan een onderzoek. In dat geval kan ‘de rechtspersoon zich ook op de vertrouwelijkheid van de met de advocaat of notaris uitgewisselde informatie beroepen, indien de advocaat of notaris zich ter zake van deze informatie niet op het verschoningsrecht beroept’. Ook notulen en bestuursbesluiten kunnen informatie bevatten die onder het verschoningsrecht valt. Dit geldt eveneens voor informatie die door de rechtspersoon met derden, zoals in dit geval DNB en het ministerie van Financiën, is uitgewisseld.


Mr. J. Boonstra-Verhaert
Mr. J. Boonstra-Verhaert is initiator van BijzonderStrafrecht.nl, aan TBS&H verbonden als eindredacteur en als Senior Legal Advisor werkzaam bij De Brauw op de praktijkgroep Corporate Crime & Investigations.
Artikel

Rare jongens die strafrechtelijke beginselen

De invloed van het strafrecht op het mededingingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden fundamentele rechten, mededingingsrecht, ne bis in idem, rechtszekerheid, lex mitior
Auteurs Mr. dr. J.M. Veenbrink
SamenvattingAuteursinformatie

    In het mededingingsrecht is veel discussie over de waarborgen die van toepassing zijn. Zo beargumenteren ondernemingen vaak dat mededingingsautoriteiten hun fundamentele rechten hebben geschonden. Het is dan aan de rechters om te bepalen of dit inderdaad het geval is. In dit artikel wordt gekeken of er bij de ontwikkeling van deze waarborgen inspiratie wordt gehaald uit het strafrecht.


Mr. dr. J.M. Veenbrink
Mr. dr. J.M. Veenbrink is universitair docent Europees recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

‘Private enforcement’ van nalatigheid bij financieel-economische criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden financieel-economische criminaliteit, private enforcement, aansprakelijkheid, nalatigheid, risicomanagement
Auteurs F.J. Erkens FFE MEWI LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Nederland heeft, net als ieder ander land, groot belang bij goed werkende, gereguleerde handelsplatformen. De aantrekkelijkheid van handelsplatformen is mede afhankelijk van de kwaliteit van ‘public and private enforcement’ en juridische mogelijkheden om geschillen te beslechten. De afgelopen periode hebben grote Nederlandse ondernemingen de voorpagina’s van de kranten gehaald door hun (mogelijke) betrokkenheid bij financieel-economische criminaliteit. In deze bijdrage wordt de vraag beantwoord of ‘private enforcement’ van financieel-economische criminaliteit bij ondernemingen wel voldoende resultaat kan opleveren om effectief te zijn en om benadeelde partijen te ondersteunen bij het verhalen van hun schade.


F.J. Erkens FFE MEWI LLM
F.J. Erkens FFE MEWI LLM is partner bij het forensische onderzoeks- en adviesbureau Holland Integrity Group.
Artikel

Mogelijkheden voor het beter waarborgen van het verschoningsrecht door beheerst gebruik van machine learning

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden verschoningsrecht, eDiscovery, inbeslagneming, geheimhoudersofficier
Auteurs H.B.J. Sluijsmans MSc en Mr. V.J.C. de Bruijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Opsporingsdiensten moeten vaak geheimhouderstukken filteren uit grote hoeveelheden data. Auteurs bespreken de uitgangspunten en relevante opsporingsbelangen bij een dergelijke ‘schoning’. Artikel 98 Sv en artikel 126aa Sv vullen die uitgangspunten en belangen verschillend in. Machine learning is in staat om op basis van objectief gekozen startsets de schoning (deels) geautomatiseerd uit te voeren. Deze methode voorkomt dat opsporingsambtenaren onnodig kennisnemen van de inhoud van geheimhouderstukken en zorgt dat het opsporingsonderzoek niet onnodig vertraagt. Auteurs presenteren de eerste resultaten van een dergelijke schoning in Nederland, en bespreken hoe machine learning ook in het huidig wettelijk kader kan worden ingepast.


H.B.J. Sluijsmans MSc
H.B.J. Sluijsmans MSc is partner bij Forcyd B.V.

Mr. V.J.C. de Bruijn
Mr. V.J.C. de Bruijn is advocaat bij NautaDutilh N.V.
Jurisprudentie

De reikwijdte van de term ‘opzettelijk’ in artikel 2 lid 1 Wet op de economische delicten

Noot bij ECLI:NL:GHARL:2019:7797

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Opzettelijk, subjectieve bestanddelen, artikel 2 lid 1 WED, Arbeidsomstandighedenwet, wist of redelijkerwijs had moeten weten
Auteurs Mr. dr. I.M. Koopmans MSHE
SamenvattingAuteursinformatie

    In een arrest van september 2019 koppelt het Hof Arnhem de ‘wist-variant’ van de ten laste gelegde gevaarzetting aan de vraag of sprake is van opzettelijke overtreding van artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet. Het hof spreekt vrij van die wetenschap en tegelijk daarmee ook van opzettelijke overtreding van artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet. Vervolgens wordt slechts de overtredingsvariant bewezen geacht. In deze bijdrage zal worden uiteengezet waarom het hof hiermee de systematiek die ten grondslag ligt aan de Wet op de economische delicten (WED) miskent.


Mr. dr. I.M. Koopmans MSHE
Mr dr. I.M. Koopmans MSHE is officier van justitie bij het Functioneel Parket.
Jurisprudentie

Het gebruik van een onderzoeksprotocol en de rol van de advocaat bij intern onderzoek nader bezien

Noot bij ECLI:NL:TAHVD:2019:181

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden onderzoeksprotocol, intern onderzoek, feitenonderzoek, hoor, wederhoor
Auteurs Mr. J.C.G.T. Starmans en Mr. V.S.Y. Liem
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze noot bij de uitspraak van het Hof van Discipline ’s-Hertogenbosch van 4 november 2019 wordt ingegaan op de normering die de tuchtrechter hanteert bij het oordelen over het handelen van een advocaat die feitenonderzoek verricht en werkzaam is voor een kantoor dat een onderzoeksprotocol heeft opgesteld.


Mr. J.C.G.T. Starmans
Mr. J.C.G.T. Starmans is werkzaam als advocaat bij Van Doorne N.V. in Amsterdam.

Mr. V.S.Y. Liem
Mr. V.S.Y. Liem is werkzaam als advocaat bij Van Doorne N.V. in Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 107 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.