Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 8 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x
Naschrift

Naschrift bij ‘Het belang van privacy in het strafrecht’

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden privacy, rechterlijke taken, Autoriteit Persoonsgegevens, toezicht, rechtspraak
Auteurs Mr. P.C. Peterson
SamenvattingAuteursinformatie

    De openbaarheid van rechtspraak is een fundamentele pijler van de democratische rechtsstaat. Daar staat tegenover dat een verdachte of veroordeelde grote waarde hecht aan anonimiteit in het strafproces. Gerechten dienen bij de publicatie van strafrechtelijke informatie deze anonimiteit te waarborgen. Maar hoe is het toezicht hierop geregeld? Wat gebeurt er als bij het beschikbaar stellen van informatie over gerechtelijke (straf)zaken de Algemene verordening gegevensbescherming of de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens wordt geschonden? Is de Autoriteit Persoonsgegevens bevoegd een boete op te leggen? In dit naschrijft bij het artikel ‘Het belang van privacy in het strafrecht’ worden deze vragen beantwoord.


Mr. P.C. Peterson
Mr. P.C. Peterson is privacyadviseur bij SSC-ICT, onderdeel van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Artikel

Access_open Bestuurlijke aanpak van ondermijning: ervaringen in Nederland en het buitenland

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Openbare orde, Ondermijning, Bestuurlijke aanpak, Handhaving, Bestuursrecht
Auteurs Prof. dr. A.C.M. Spapens
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurlijke aanpak van ondermijnende criminaliteit, al dan niet als onderdeel van een integrale aanpak, is in Nederland inmiddels gemeengoed. Toch bestaan er nog volop misverstanden over, die ook aanleiding geven tot niet altijd terechte kritiek. Het handhavingsinstrumentarium waarop deze aanpak is gebaseerd vinden we in alle landen terug. De mate waarin het wordt toegepast om (zware en georganiseerde) misdaad te bestrijden verschilt echter, al naar gelang de aard, ernst en de historie van die problematiek. Een bestuurlijke aanpak is een manier om hogere drempels op te werpen voor criminele bedrijfsprocessen, maar is geen afzonderlijk alternatief voor het strafrecht.


Prof. dr. A.C.M. Spapens
Prof. dr. A.C.M. Spapens is hoogleraar criminologie aan Tilburg University.
Trending Topics

Over pogingen de ondermijning te ontmijnen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Ondermijning, Wetsvoorstel bestuurlijk verbod, Artikel 13b Opiumwet, politie
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel door het wetsvoorstel bestuurlijk verbod ondermijnende organisaties als door de verruiming van artikel 13b Opiumwet wil de regering de ondermijning aanpakken. Probleem is wel dat de politie nauwelijks geschoold is in de van het strafrecht afwijkende procesregels uit het bestuursrecht.


Prof. mr. H.J.B. Sackers
Prof. mr. H.J.B. Sackers is hoogleraar bestuurlijk sanctierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open De immuniteit van de feitelijk leidinggever na NJ 2018/134 (Stichtse Vecht)

Een analyse in het licht van de uit artikel 2 EVRM voortvloeiende positieve verplichtingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Feitelijk leidinggeven, Exclusieve bestuurstaak, Stichtse Vecht, Pikmeer, Immuniteit
Auteurs Mr. dr. M.J. Hornman
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van de Pikmeerjurisprudentie deelt de feitelijk leidinggever in de immuniteit van het openbare lichaam waaraan deze is verbonden. In de literatuur wordt ten onrechte aangenomen dat die immuniteit onverenigbaar is met de Straatsburgse positieve verplichtingen-rechtspraak. Deze rechtspraak verplicht enkel tot vervolging indien de betrokken overheidsfunctionaris een wezenlijk persoonlijk verwijt wegens dood door schuld kan worden gemaakt. In alle gevallen waarin deze aansprakelijkheidsdrempel is gehaald, kan de immuniteit eenvoudig worden omzeild door de betrokkene uit hoofde van ‘eigen daderschap’ te vervolgen. Alleen voor minder ernstige gevallen blijft de immuniteit overeind, maar in die situaties bestaat geen verplichting tot vervolging.


Mr. dr. M.J. Hornman
Mr. dr. M.J. Hornman is werkzaam bij de afdeling Juridische Zaken van de Autoriteit Financiële Markten.
Artikel

De ontwikkeling van de Wet Damocles: burgemeesters trekken zwaard in de strijd tegen drugs

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden 13b Opiumwet, Drugscriminaliteit, Empirical legal research, Hennepteelt, Drugshandel
Auteurs Mr. L.M. Bruijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 13b Opiumwet sluiten burgemeesters elk jaar honderden panden vanwege drugshandel en hennepteelt. Dit artikel geeft een zo volledig mogelijk overzicht van de ontwikkeling, uitleg en toepassing van deze sluitingsbevoegdheid. Allereerst wordt onderzocht hoe vaak de bevoegdheid wordt toegepast. Daarna vindt een kwantitatieve jurisprudentieanalyse plaats, waarbij o.a. wordt gekeken naar de winkans van belanghebbenden. Deze resultaten worden vervolgens verklaard aan de hand van een meer kwalitatieve jurisprudentieanalyse. Door gebruik van verschillende onderzoeksmethoden en de uitvoerige jurisprudentiebespreking levert dit onderzoek een wetenschappelijke bijdrage aan de discussie over de toepassing en uitbreiding van artikel 13b Opiumwet.


Mr. L.M. Bruijn
Mr. L.M. Bruijn is docent en promovenda aan de Rijksuniversiteit Groningen. Haar promotieonderzoek betreft de legalisering van cannabis en de niet-strafrechtelijke aanpak van drugscriminaliteit in Nederland en Amerika.
Artikel

Over de houdbaarheid van de parlementaire immuniteit voor (gemeentelijke) volksvertegenwoordigers

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Parlementaire immuniteit, Vrijheid van meningsuiting, Volksvertegenwoordigers, Vervolgingsrecht, Uitingsdelicten
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Volksvertegenwoordigers die zich binnen een officiële vergadering beledigend uitlaten tegenover andere parlementariërs kunnen hiervoor niet worden vervolgd of civielrechtelijk worden aangesproken. Hetzelfde geldt voor andere delicten, zoals de schending van de geheimhoudingsplicht en het aanzetten tot haat. Het Openbaar Ministerie komt in dergelijke gevallen geen vervolgingsrecht toe. De voorzitter is bevoegd om sanctionerend op te treden. In het huidige regime lijkt de toegevoegde waarde van deze parlementaire immuniteit voor volksvertegenwoordigers achterhaald te zijn, vanwege een ruime uitleg van de vrijheid van meningsuiting voor politici.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De hoge en bijzondere transactie: een pleidooi voor rechterlijke controle op de afdoening buiten geding

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden buitengerechtelijke afdoening, hoge transactie, bijzondere transactie, EHRM, internationale straftribunalen
Auteurs Mr. dr. K.C.J. Vriend
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel zijn de mogelijkheden van rechterlijke controle op de afdoening buiten geding in strafzaken onderzocht. Gepleit wordt voor een aparte raadkamerprocedure voor hoge en bijzondere transacties, waarbij toetsingscriteria werden ontleend aan de jurisprudentie van het EHRM en de internationale straftribunalen. De raadkamer toetst de overeengekomen transactie aan drie criteria. Ten eerste of de verdachte de transactie vrijwillig heeft geaccepteerd. Ten tweede of de verdachte voldoende geïnformeerd is over de procedurele gevolgen en over het bewijs dat tegen hem vergaard is. Ten derde toetst de raadkamer of er prima facie voldoende bewijsmateriaal in het dossier voorhanden is. Een door de raadkamer in het openbaar uitgesproken gemotiveerde beschikking maakt controle mogelijk op het overeenkomen van hoge en bijzondere transacties.


Mr. dr. K.C.J. Vriend
Mr. dr. K.C.J. Vriend is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikelen

Strafrecht als probleemgerichte aanpak van corruptie?

Studies naar de responsiviteit van anticorruptiebeleid in Nederland en Roemenië

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2015
Auteurs prof. mr. dr. W. Huisman en M. Gorsira
Samenvatting

    Concreet ten aanzien de strafrechtelijke aanpak is de vraag of corrupt gedrag inderdaad het gevolg van een kosten en baten analyse is. In dit artikel proberen wij deze vraag te beantwoorden door een vergelijking te maken tussen twee landen binnen de Europese Unie die zowel wat betreft de omvang van corruptie als het gevoerde anti-corruptiebeleid sterk verschillen: Nederland en Roemenië. Eerst beschrijven wij kort de verschillen in anti-corruptie beleid tussen de twee landen. Dat doen wij op basis studies en evaluaties van GRECO (Group of States against Corruption), OESO, de Europese commissie en Transparency International. Vervolgens kijken we naar de uitkomsten van een studie naar mogelijke oorzaken van corruptie in Nederland en naar mogelijke oorzaken van corruptie in Roemenië. Bij de studies in Nederland en Roemenië waren de auteurs van dit artikel betrokken.


prof. mr. dr. W. Huisman

M. Gorsira
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.