Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 176 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x
Artikel

De bevoegdheid tot ‘onderzoeken’ in strafrecht en bestuursrecht

Kent ons recht een drieledig zoekstelsel?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2022
Trefwoorden doorzoeken, opsporing, toezicht, Onderzoek vervoermiddelen, Awb, Wet op de accijns, WED, WWM
Auteurs Mr. dr. E. Gritter
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaat de auteur in op het ‘zoekstelsel’ zoals dit geldt in de strafvordering en in het bestuursrecht. Na een analyse van zoekbevoegdheden uit het Wetboek van Strafvordering, de Wet op de economische delicten, de Wet wapens en munitie, de Algemene wet bestuursrecht en de Wet op de accijns komt de auteur tot de conclusie dat het strafrecht en het bestuursrecht systematisch gezien een vergelijkbaar drieledig zoekstelsel kennen, bestaande uit zoekend rondkijken (gekoppeld aan een betredingsbevoegdheid), doorzoeken (dat zowel in het bestuursrecht als in het strafrecht een steunbevoegdheid is) en ‘onderzoeken’, dat een zelfstandige bevoegdheid is die onder omstandigheden op een feitelijke doorzoeking mag neerkomen.


Mr. dr. E. Gritter
Mr. dr. E. Gritter is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan de Vakgroep Strafrecht & Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Interveniëren met effect?

Twee perspectieven op de aanpak van financieel-economische criminaliteit door het Functioneel Parket

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2022
Trefwoorden effectieve interventies, financieel-economische criminaliteit, functioneel Parket, recidive, Publiek-Private Samenwerking
Auteurs Mr. drs. A. de Crom, Mr. T.P.M. Meekel en Dr. J.H.R. van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Het belang van het voorkomen en bestrijden van fraude, milieucriminaliteit en witwassen is evident, maar de wijze waarop is niet eenvoudig. Het overgrote deel van deze strafzaken wordt gedaan door het Functioneel Parket (FP). Het FP beoogt te interveniëren met effect in deze zaken, om zo maatschappelijk effect te bereiken. Hiervoor is het van belang zicht te hebben op de verschillende interventiemogelijkheden en om kennis te ontwikkelen over de effectiviteit daarvan. In dit artikel wordt dit vraagstuk vanuit twee perspectieven verkend: de handhavingsdoelen die men nastreeft, specifiek het voorkomen van recidive, en vanuit de samenwerking met derden, specifiek met private partijen.


Mr. drs. A. de Crom
Mr. drs. A. de Crom is trainee aan de Academie voor Wetgeving en is werkzaam als wetgevingsjurist bij het Ministerie van Justitie & Veiligheid.

Mr. T.P.M. Meekel
­Mr. T.P.M. Meekel is werkzaam als trainee bij het Openbaar Ministerie.

Dr. J.H.R. van Onna
­Dr. J.H.R. van Onna is senior adviseur en onderzoeker bij het Functioneel Parket. Daarnaast is hij research fellow aan de Vrije Universiteit.
Redactioneel

De burgemeester als ziektebestrijder?

Onduidelijkheden over de voorgestelde sluitingsbevoegdheid van de burgemeester in artikel 58na Wet publieke gezondheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2022
Trefwoorden corona, burgemeester, sluitingsbevoegdheid, bestuursstrafrecht, Wet publieke gezondheid
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Om het corona-virus nog meer te kunnen aanpakken is een nieuwe sluitingsbevoegdheid voor de burgemeester voorgesteld in artikel 58na Wet publieke gezondheid. Hiermee krijgt de burgemeester derhalve ook een rol als ziektebestrijder. In dit redactioneel worden onduidelijkheden over deze sluitingsbevoegdheid besproken en wordt geconcludeerd dat deze bevoegdheid nader moet worden doordracht.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Fiscaal boete- en strafrecht: openbaar, maar toch geheim

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2022
Trefwoorden geheimhouding, fiscale boete, fiscaal strafrecht, openbaarheid, fiscale strafbeschikking
Auteurs Dr. B.M. van der Sar
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij het opleggen van fiscale boetes en bij de opsporing, vervolging en berechting van de bij de belastingwet strafbaar gestelde feiten is de strikte fiscale geheimhoudingsverplichting van artikel 67 AWR onverkort van toepassing. Gezien de gewenste openbaarheid als gevolg van de doelstelling van zichtbare, generale preventie uit het fiscaal boete- en strafrecht kan dit soms leiden tot fricties. Aan de hand van zijn proefschrift bespreekt de auteur in deze bijdrage enkele sprekende voorbeelden van openbaarheid in het fiscale boete- en strafrecht, waarbij wordt gekeken in hoeverre dit wel aansluit bij de strikte fiscale geheimhoudingsplicht van artikel 67 AWR.


Dr. B.M. van der Sar
Dr. B.M. van der Sar is verbonden aan de Unit Landelijk Toezicht en Economische Handhaving van de Belastingdienst/Grote Ondernemingen.
Artikel

Crypto-fraude: hoe wordt dit strafrechtelijk beteugeld?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2022
Trefwoorden crypto, fraude, strafrecht, pump and dump, cryptovaluta
Auteurs Mr. J.A. Zwinkels
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt verkend hoe crypto-fraude strafrechtelijk wordt beteugeld. Na een beschrijving van een aantal crypto-begrippen en vormen van crypto-fraude worden de relevante strafbaarstellingen toegelicht. Ook wordt ingegaan op toekomstige regelgeving die de cryptomarkt in vergaande markt zal reguleren en welk effect dit zal hebben op de bestrijding van crypto-fraude.


Mr. J.A. Zwinkels
Mr. J.A. Zwinkels is advocaat bij Ivy Advocaten te Amsterdam.
Trending Topics

De Wet confiscatie criminele goederen – een ondermijning van het strafrecht?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2022
Trefwoorden Wet confiscatie criminele goederen, NCBC, onschuldpresumptie, zwijgrecht, nemo tenetur-beginsel
Auteurs Mr. V.C. Langenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Op basis van de (nieuwe) Wet confiscatie criminele goederen wordt het mogelijk om goederen van een persoon die afkomstig zijn van enig strafbaar feit aan de Staat te laten vervallen, zonder dat sprake is van een voorafgaande strafrechtelijke veroordeling. In dit artikel wordt ingegaan op de problemen die zich kunnen voordoen bij het invoeren van de Wet confiscatie criminele goederen in zijn huidige vorm. Door toepassing van de NCBC-procedure (non conviction based confiscation), naast een parallel lopende strafzaak, kan de rechtsbescherming van verdachten namelijk ernstig in het gedrang komen.


Mr. V.C. Langenburg
Mr. V.C. Langenburg is advocaat bij Jaeger Advocaten-Belastingkundigen.
Artikel

Eendaadse samenloop van fiscale en commune feiten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2022
Trefwoorden vervolgingsuitsluitingsgrond, vervolgingsbeletsel, samenloop, eendaadse, restrictief
Auteurs Mr. D.J. Franssen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft in recente rechtspraak (impliciet) bevestigd dat het in artikel 69 lid 4 AWR vervatte vervolgingsbeletsel zich niet mede uitstrekt over een op artikel 225 lid 1 Sr toegespitste tenlastelegging. Deze rechtspraak getuigt niet van een restrictieve interpretatie van artikel 69 lid 4 AWR, nu het vervolgingsbeletsel ziet op eendaadse samenloop van fiscale en commune feiten.


Mr. D.J. Franssen
Mr. D.J. Franssen is advocaat te Amsterdam.
Redactioneel

Het enkele gebruik van cryptophones als basis voor procesrechtelijke concepten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2022
Trefwoorden cryptocommunicatie, redelijk vermoeden van schuld, recidivegevaar, EncroChat, cryptofoon
Auteurs D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste jaren gebruiken criminelen veelvuldig dure cryptodiensten. In het redactioneel wordt beoordeeld of het enkele gebruik van een speciale cryptodienst voldoende is om een redelijk vermoeden van schuld en het recidivegevaar als grond voor voorlopige hechtenis aan te nemen.


D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. van Toor PhD LLM BSc is als universitair docent verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het ­Montaigne Centrum voor Rechtstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Het gebruik van resultaten uit de Encro­Chat-­hack in de Duitse strafrechtspleging

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2022
Trefwoorden cryptocommunicatie, bewijsuitsluiting, EncroChat, cryptofoon
Auteurs D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Anders dan vele Nederlandse advocaten (in Nederlandse strafzaken) slaagde een Duitse advocaat (in een Duitse strafzaak) erin de resultaten van de EncroChat-hack uit te laten sluiten van het bewijs. Dit is precies wat vele Nederlandse advocaten hebben geprobeerd te bereiken, en daarom is het interessant te bekijken hoe de beoordeling van de EncroChat-hack in Duitsland plaatsvindt en waarom het Landgericht Berlijn tot de bovengenoemde beslissing is gekomen.


D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. van Toor PhD LLM BSc is als universitair docent verbonden aan ­het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het ­Montaigne Centrum voor Rechtstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

Oprichter van cryptotelefoonaanbieder Ennetcom veroordeeld

Annotatie bij Rb. Rotterdam 21 september 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:9085

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2022
Trefwoorden Ennetcom, cryptotelefoon, PGP, détournement de pouvoir, privacy
Auteurs Prof. mr. dr. J.J. Oerlemans
SamenvattingAuteursinformatie

    De uitspraak richt zich op de oprichter van Ennetcom en de leverancier van cryptotelefoons. In deze annotatie worden de volgende drie elementen uit de uitspraak besproken en becommentarieerd: (1) de rechtmatigheid van het veiligstellen van de berichten; (2) de vraag is of er sprake is van misbruik van bevoegdheden (détournement de pouvoir); en (3) de vraag of het aanbieden van de cryptotelefoons een illegale activiteit is.


Prof. mr. dr. J.J. Oerlemans
Prof. mr. dr. J.J. Oerlemans is bijzonder hoogleraar inlichtingen en recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht
Artikel

Cryptofoons, privacyvriendelijke applicaties en het vermoeden van onschuld

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2022
Trefwoorden cryptofoons, vermoeden van onschuld, bewijslast, privacy
Auteurs Dr. S. Royer en R. Vanleeuw LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaan de auteurs in op de draagwijdte van het vermoeden van onschuld in de Europese rechtspraak van het Europees Hof en zij passen die toe in de context van cryptofoons. Ook enkele vraagstukken die hiermee verband houden, zoals de rechtspraak over decryptiebevelen en het verbod op anonieme vooraf betaalde belkaarten, worden geanalyseerd. Tot slot beantwoorden de auteurs de vraag in welke mate geldende principes kunnen worden doorgetrokken naar de gebruikers van zogenaamde privacyvriendelijke applicaties, zoals Signal en Telegram.


Dr. S. Royer
Dr. S. Royer is postdoctoraal onderzoeker aan het Centre for IT and IP Law en geaffilieerd met het Instituut voor Strafrecht, beiden onderdeel van KU Leuven.

R. Vanleeuw LLM
R. Vanleeuw is onderzoeker aan het Centre for IT and IP Law, onderdeel van KU Leuven.

    Een reactie op drie artikelen waarin het inzagerecht van de verdediging in grote datasets centraal staat. Na het schetsen van een wettelijk kader, zal aan de hand van de strafzaak TandemII worden geschetst hoe de praktijk zich verhoudt tot het verdragsrechtelijk kader. Vervolgens wordt ingegaan op de werking, validiteit en forensische betrouwbaarheid van de zoekmachine Hansken en de mogelijkheden tot contra-expertise. Ten slotte wordt besproken hoe gewerkt wordt aan de door de verdediging gewenste inzage op afstand en welke haken en ogen daaraan verbonden zijn.


Mr. M.M. Egberts
Mr. M.M. Egberts is landelijk officier van justitie digitale opsporing.
Artikel

Access_open De compliancemonitor als transactievoorwaarde: heeft de Nederlandse wetgever geleerd van de ervaringen in de Verenigde Staten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2022
Trefwoorden compliancemonitor, transactie, strafbaarheid van rechtspersonen, Verenigde Staten, evaluatie Wet OM-afdoening
Auteurs Mr. I.M. Braam, Mr. K.T. Bottse en Prof. mr. R.M.I. Lamp
SamenvattingAuteursinformatie

    Het conceptwetsvoorstel naar aanleiding van de evaluatie van de Wet OM-afdoening introduceert de mogelijkheid voor het Openbaar Ministerie om bij een transactie als voorwaarde het naleven van aanwijzingen in het kader van gedragstoezicht gericht op compliancebeleid op te leggen. In de bijbehorende memorie van toelichting wordt verduidelijkt dat hierbij onder meer aan de aanstelling van een compliancemonitor kan worden gedacht. In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre het conceptwetsvoorstel op dit punt aansluit bij internationale ontwikkelingen, specifiek de ervaringen die in de Verenigde Staten – een voorloper op dit gebied – met de compliancemonitor zijn opgedaan.


Mr. I.M. Braam
Mr. I.M. Braam is werkzaam als advocaat bij de Brauw Blackstone Westbroek N.V. te Amsterdam.

Mr. K.T. Bottse
Mr. K.T. Bottse is werkzaam als advocaat bij de Brauw Blackstone Westbroek N.V. te Amsterdam.

Prof. mr. R.M.I. Lamp
Prof. mr. R.M.I. Lamp is werkzaam als advocaat bij de Brauw Blackstone Westbroek N.V. te Amsterdam.
Artikel

Gewikt en gewogen: de vergoeding van advocaatkosten (530 Sv)

Over de verhouding tussen de vergoeding van kosten van rechtsbijstand ex artikel 530, tweede lid, Sv en de onschuldpresumptie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2022
Trefwoorden kosten van rechtsbijstand, artikel 530 Sv, onschuldpresumptie, (gronden van) billijkheid, gebleken onschuld
Auteurs Mr. K.M.G. Demandt en Mr. C.A.M. Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    De gewezen verdachte moet na een vrijspraak of sepot vaak nogmaals de strijd aangaan. Dit keer om onder andere zijn advocaatkosten vergoed te krijgen. De strafrechter toetst in kostenvergoedingsprocedures of gronden van billijkheid aanwezig zijn om een schadevergoeding toe te kennen. Deze billijkheidstoets lijkt echter steeds vaker uit te monden in een meer inhoudelijke beoordeling van de strafzaak, hetgeen haaks staat op de eerdere vrijspraak of het eerdere sepot. Om duidelijk te maken dat de gehanteerde billijkheidsmaatstaven (in bepaalde gevallen) op gespannen voet staan met de onschuldpresumptie, toetsen wij in dit artikel aan de uitgangspunten van het EHRM. Volgens ons is het tijd voor een meer marginale toetsing waarbij billijkheid inderdaad de boventoon voert.


Mr. K.M.G. Demandt
Mr. K.M.G. Demandt is werkzaam als advocaat bij Hertoghs advocaten.

Mr. C.A.M. Janssen
Mr. C.A.M. Janssen is werkzaam als advocaat bij Hertoghs advocaten.
Jurisprudentie

De reikwijdte van artikel 74 AWR na een witwasveroordeling

Noot bij HR 23 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1703

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2022
Trefwoorden ontneming, 74 AWR, fiscaliteit, fiscaal, witwassen
Auteurs Mr. D.J.M. Dammers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 36e Sr kan ieder strafbaar feit als grondslag dienen voor een op te leggen ontnemingsmaatregel. Voor fiscale delicten is hierop in artikel 74 AWR een uitzondering gemaakt. De wetgever heeft het belastingnadeel uitgesloten van de strafrechtelijke ontnemingsroute nu de fiscus dit bedrag binnen zijn mogelijkheden kan incasseren. Indien artikel 74 AWR wordt toegepast, resulteert dit in niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. Sinds de Hoge Raad heeft bepaald dat fiscale misdrijven kwalificeren als gronddelict voor witwassen, worden fiscaal gerelateerde kwesties steeds vaker vervolgd via de witwasbepalingen. Het voordeel kan echter wel geheel of gedeeltelijk bestaan uit het fiscale nadeel van de fiscus. Hierdoor rijst de vraag hoe het in artikel 74 AWR neergelegde voorschrift dient te worden uitgelegd.


Mr. D.J.M. Dammers
Mr. D.J.M. Dammers is advocaat bij Cleerdin & Hamer Advocaten te Amsterdam.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2021

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2022
Auteurs Mr. J. Boonstra, Mr. dr. S.S. Buisman, Mr. A.A. Feenstra e.a.

Mr. J. Boonstra

Mr. dr. S.S. Buisman

Mr. A.A. Feenstra

Mr. dr. I. Koopmans

Mr. V.S.Y. Liem

Prof. mr. M. Nelemans

Mr. dr. J.S. Nan

Mr. dr. E. Sikkema

Mr. dr. drs. B. van der Vorm

Mr. dr. W.S de Zanger
Artikel

Ontwikkelingen op het gebied van mediation in fiscale strafzaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2022
Trefwoorden fiscaal strafrecht, mediation, herstelrecht, bemiddeling in het strafrecht, fiscale fraudezaken
Auteurs Mr. R. Vos en Mr. D.C. Molenaars
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaan de auteurs in op de relevante ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden op het gebied van mediation en in het bijzonder hoe het nu staat op het gebied van mediation in fiscale strafzaken.
    Daarin is specifieke aandacht voor het wetsvoorstel voor de Innovatiewet Strafvordering dat is ingediend en waarin een afdeling is opgenomen op welke wijze mediation kan plaatsvinden na aanvang van het onderzoek op de terechtzitting.
    Ook gaan de auteurs in op de positieve grondhouding bij het Openbaar Ministerie ten opzichte van mediation in fiscale strafzaken als concreet aanknopingspunt om mediation ook in fiscale strafzaken toe te passen.


Mr. R. Vos
Mr. R. Vos is werkzaam als advocaat bij Hertoghs advocaten in Rotterdam. Hij is tevens MfN-registermediator.

Mr. D.C. Molenaars
Mr. D.C. Molenaars is werkzaam als advocaat bij Hertoghs advocaten in Rotterdam.
Artikel

Voorzienbaarheid van bestraffing binnen het fiscale rechtshandhavingssysteem

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2022
Trefwoorden fiscale fraude, rechtshandhaving, lex certa, beginselen van behoorlijke procesorde, bestraffing
Auteurs Mr. dr. C. Hofman
SamenvattingAuteursinformatie

    Binnen het veelzijdige en complexe systeem van fiscale rechtshandhaving, dient op grond van het in Nederland geldende principe van una via op een zeker moment gekozen te worden voor bestuursrechtelijke of strafrechtelijke rechtshandhaving. Die keuze, ook wel ‘forumkeuze’, staat in deze bijdrage centraal. De vraag die beantwoord zal worden, is of de manier waarop de fiscale forumkeuze thans wordt gemaakt voorzienbaarheid van bestraffing garandeert.


Mr. dr. C. Hofman
Mr. dr. C. Hofman is universitair docent secties strafrecht en belastingrecht aan de Erasmus School of Law.
Trending Topics

Een concrete en verifieerbare verklaring van de verdachte bij een vermoeden van witwassen: een kapstok op basis van jurisprudentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2021
Trefwoorden stappenplan, witwassen, concrete verifieerbare verklaring, onbekend gronddelict, jurisprudentie
Auteurs Mr. S. Visser en mr. R.A. Regtering
SamenvattingAuteursinformatie

    In witwaszaken mag een rechter op grond van de stappenplan-aanpak tot het oordeel komen dat het niet anders kan dan dat het voorwerp afkomstig is uit misdrijf, hoewel dat misdrijf onbekend is. Bij het bestaan van een witwasvermoeden mag van een verdachte worden verlangd dat hij een concrete, verifieerbare verklaring geeft die niet (hoogst) onwaarschijnlijk is. Maar wanneer is een verklaring concreet en verifieerbaar? Beantwoording van deze vraag is van belang om te bepalen of de verklaring geverifieerd moet worden door de opsporing. Naar aanleiding van een jurisprudentie-analyse trachten we hiervoor handvatten te bieden in dit artikel.


Mr. S. Visser
Mr. S. Visser is hoofd van het Anti Money Laundering Centre.

mr. R.A. Regtering
Mr. R.A. Regtering is anti money laundering-specialist bij het Anti Money Laundering Centre.
Redactioneel

Verplichte medewerking en het nemo tenetur-beginsel

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2021
Trefwoorden meldplicht, meewerkplicht, zwijgrecht, nemo tenetur
Auteurs Mr. dr. J.S. Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Fraude is van alle tijden en kent veel verschijningsvormen. De Europese Unie poogt fraude onder meer aan te pakken met meldings- en meewerkverplichtingen. Een voorbeeld hiervan is te vinden in het toezicht op de financiële markt, waarvoor de Verordening marktmisbruik geldt. Een probleem kan ontstaan als degene die moet meewerken zelf verdachte is of vervolgens zou kunnen worden. Het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel geven de betrokkene immers bepaalde bescherming tegen het ongewild meewerken aan de eigen veroordeling. De (potentiële) wrijving tussen beide uitgangspunten wordt steeds nadrukkelijker zichtbaar.


Mr. dr. J.S. Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair hoofddocent straf(proces)recht, cassatieadvocaat bij Wladimiroff Advocaten en redacteur van dit blad.
Toont 1 - 20 van 176 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.