Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 165 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x
Jurisprudentie

Rechtspraak; nemo tenetur en de smartphone

Noot bij Rb. Noord-Holland 28 februari 2019, ECLI:NL:RBNHO:2019:1568

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Nemo tenetur-beginsel, vormverzuim, proportionaliteit, subsidiariteit, Wils(on)afhankelijk bewijsmateriaal
Auteurs Mr. dr. J.S. Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    In casu mochten opsporingsambtenaren de verdachte boeien en via zijn vingerafdruk diens iPhone ontsluiten. Deze handelwijze en het gebruik van het aldus verkregen bewijsmateriaal is niet in strijd met het nemo tenetur-beginsel, noch met de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit.


Mr. dr. J.S. Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair hoofddocent Straf(proces)recht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, cassatieadvocaat bij Wladimiroff Advocaten, Den Haag en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open Bestuurlijke aanpak van ondermijning: ervaringen in Nederland en het buitenland

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Openbare orde, Ondermijning, Bestuurlijke aanpak, Handhaving, Bestuursrecht
Auteurs Prof. dr. A.C.M. Spapens
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurlijke aanpak van ondermijnende criminaliteit, al dan niet als onderdeel van een integrale aanpak, is in Nederland inmiddels gemeengoed. Toch bestaan er nog volop misverstanden over, die ook aanleiding geven tot niet altijd terechte kritiek. Het handhavingsinstrumentarium waarop deze aanpak is gebaseerd vinden we in alle landen terug. De mate waarin het wordt toegepast om (zware en georganiseerde) misdaad te bestrijden verschilt echter, al naar gelang de aard, ernst en de historie van die problematiek. Een bestuurlijke aanpak is een manier om hogere drempels op te werpen voor criminele bedrijfsprocessen, maar is geen afzonderlijk alternatief voor het strafrecht.


Prof. dr. A.C.M. Spapens
Prof. dr. A.C.M. Spapens is hoogleraar criminologie aan Tilburg University.
Jurisprudentie

De predispositie van de verdachte bij het stelen van een lokfiets: creëert de gelegenheid de dief?

Noot bij HR 12 februari 2019 ECLI:NL:HR:2019:149

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Tallon-criterium, Lokmiddelen, Lokfiets, Uitlokverbod, 6 EVRM
Auteurs Mr. W. Albers
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de bestendige rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat opsporingsambtenaren op basis van de algemene taakstellende bevoegdheden in beginsel bevoegd zijn tot het inzetten van bepaalde lokmiddelen, mits deze inzet binnen de grenzen van het Tallon-criterium blijft. De verdachte mag zodoende niet door het optreden van de opsporingsambtenaar worden gebracht tot andere handelingen dan die waarop zijn opzet reeds van tevoren was gericht. De vraag die naar aanleiding van de onderhavige uitspraak echter kan worden gesteld, is of de verdachte nog wel een voldoende toereikend beroep kan doen op de rechtsbeschermende waarde die het Tallon-criterium – in het kader van de inzet van niet-menselijke lokmiddelen – beoogt te bieden.


Mr. W. Albers
Mr. W. (Willemijn) Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Afstand of nabijheid?

Publiek-private relaties rondom normovertredend gedrag van werknemers

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Publiek-private samenwerking, Werknemerscriminaliteit, Particuliere opsporing, Particulier onderzoek
Auteurs Dr. C.A. Meerts
SamenvattingAuteursinformatie

    Private veiligheid staat in de belangstelling. Hierbij richt de belangstelling zich dan vooral op de rol die private actoren kunnen spelen in het beheersen van (publieke) veiligheidsvraagstukken in het kader van publiek-private samenwerking. Inmiddels bestaat er een robuuste basis aan empirisch en theoretisch werk over publiek-private verhoudingen in het veiligheidsdomein. Dit werk is echter vooral gefocust op private veiligheid. In dit artikel wordt er gekeken naar private opsporing en de verhoudingen tussen deze private actoren en het strafrechtelijk systeem. Op basis van een aantal interessante kenmerken van de private onderzoeksmarkt pleit dit artikel voor een frisse benadering van publiek-private contacten.


Dr. C.A. Meerts
Dr. C.A. Meerts is universitair docent bij de sectie criminologie, afdeling strafrecht en criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Trending Topics

Over pogingen de ondermijning te ontmijnen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Ondermijning, Wetsvoorstel bestuurlijk verbod, Artikel 13b Opiumwet, politie
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel door het wetsvoorstel bestuurlijk verbod ondermijnende organisaties als door de verruiming van artikel 13b Opiumwet wil de regering de ondermijning aanpakken. Probleem is wel dat de politie nauwelijks geschoold is in de van het strafrecht afwijkende procesregels uit het bestuursrecht.


Prof. mr. H.J.B. Sackers
Prof. mr. H.J.B. Sackers is hoogleraar bestuurlijk sanctierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

‘Ik mag doen wat ik moet doen’

Bevindingen en praktijkimplicaties uit een onderzoek naar de criminele ontwikkeling van fraudeurs

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Fraudeur, Levensloop, Criminologie, Moraliteit, Sociale binding
Auteurs Dr. J. van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Fraude heeft grote maatschappelijke en financiële gevolgen. Toch is over het proces waarlangs en de redenen waarom managers, bestuurders of ondernemers zich inlaten met serieuze vormen van fraude nog relatief weinig bekend. Deze kennislacune omtrent de criminele ontwikkeling van fraudeurs is onderwerp van onderzoek in een recent afgerond proefschrift. In het artikel worden de belangrijkste bevindingen uit het proefschrift en de aanbevelingen voor de handhaving besproken.


Dr. J. van Onna
Dr. J. van Onna is senior adviseur en onderzoeker bij het Functioneel Parket (Openbaar Ministerie) en research fellow aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

‘50 is het nieuwe 100’

Moeite met maatwerk bij het opleggen van boetes voor schending van de inlichtingenplicht uit de Participatiewet

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Bestuurlijke boete, Inlichtingenplicht, Participatiewet, Evenredigheid, Handhaving
Auteurs Mr. dr. A.G. Mein
SamenvattingAuteursinformatie

    Op overtreding van de inlichtingenplicht uit de Participatiewet staat een bestuurlijke boete. Aanvankelijk schreef de wet een relatief hoge boete voor (100% van het benadelingsbedrag). Echter, de CRvB heeft dit boetestelsel gematigd, met een beroep op de evenredigheid. Daartoe heeft het boetecategorieën geïntroduceerd (opzet, grove schuld, normale verwijtbaarheid en verminderde verwijtbaarheid) met bijbehorende boetehoogtes (100%, 76%, 50% en 25%). In de praktijk blijkt deze boetesystematiek niet goed werkbaar. De gemeentelijke boetefunctionaris kan moeilijk uit de voeten met dit begrippenkader, dat is ontleend aan het strafrecht. Gemakshalve kiest hij voor een boete die past bij normale verwijtbaarheid. Schiet de CRvB hiermee zijn doel voorbij?


Mr. dr. A.G. Mein
Mr. dr. A.G. Mein is lector aan de Hogeschool van Amsterdam, faculteit Maatschappij en Recht.
Redactioneel

Criminologie en bijzonder strafrecht

Over de betekenis van de criminologie voor de handhaving van het bestuursrecht en het bijzondere strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Criminologie, Bestuurlijk sanctierecht, Bestuursstrafrecht, Bijzonder strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm en Prof. dr. mr. W. Huisman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt in het kort het onderwerp van dit themanummer geïntroduceerd. In dit redactioneel wordt de invloed en betekenis van de criminologie voor de publiekrechtelijke rechtshandhaving verkend. Daarnaast wordt aan de hand van de verschillende bijdragen aan dit themanummer het speelveld van deze vorm van criminologie verkend.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.

Prof. dr. mr. W. Huisman
Prof. dr. mr. W. Huisman is hoogleraar criminologie en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Artikel

Risico’s op witwassen via virtuele valuta in Nederland geregeld?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Witwassen, Virtuele valuta (bitcoins), NRA witwassen, Wwft, Vijfde anti-witwasrichtlijn
Auteurs Mr. L.M. de Zeeuw en Drs. R. Bastiaan RA
SamenvattingAuteursinformatie

    Door het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie is nieuwe wetgeving aangenomen om witwassen en terrorismefinanciering te voorkomen ten aanzien van wisselplatforms voor virtuele valuta en aanbieders van bewaarportemonnees. De afspraken maken deel uit van een grotere set aan maatregelen tegen financiële criminaliteit en belastingontduiking.
    In dit artikel wordt besproken in hoeverre het risico op witwassen via virtuele valuta in Nederland adequaat wordt beheerst en of de aangenomen maatregelen van de EU hiervoor voldoende zijn.


Mr. L.M. de Zeeuw
Mr. L.M. de Zeeuw is accountmanager witwasbestrijding bij het Anti Money Laundering Centre (AMLC), FIOD.

Drs. R. Bastiaan RA
Drs. R. Bastiaan RA is projectleider witwasbestrijding bij het Anti Money Laundering Centre (AMLC), FIOD.
Artikel

Het Huis voor Klokkenluiders in een internationaal perspectief

Een kwalitatief vergelijkend onderzoek naar instellingen voor klokkenluidersbescherming

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Klokkenluiden, Meldregeling, Advies en psychosociale ondersteuning, Onderzoek naar misstanden, Integriteitsbeleid en -management
Auteurs Dr. K.M. Loyens en Dr. W. Vandekerckhove
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt hoe het Huis voor Klokkenluiders zich verhoudt tot gelijkaardige instellingen in tien andere landen, gebaseerd op 21 interviews en de analyse van beleidsdocumenten en onderzoeksrapporten. Het onderzoek laat zien dat deze buitenlandse instellingen ook vaak door de overheid gefinancierd zijn, maar enkel gericht op klokkenluiders in de publieke sector. Onderzoek naar misstanden en benadeling van klokkenluiders wordt vaak door afzonderlijke instellingen gedaan om belangenverstrengeling te voorkomen, terwijl het Huis beide taken combineert. Verder valt op dat naast Nederland weinig landen overheidsfinanciering voorzien voor psychosociale hulp aan klokkenluiders. Advies en preventie zijn wel belangrijk in de meeste landen.


Dr. K.M. Loyens
Dr. K.M. Loyens is universitair docent bij het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap, Universiteit Utrecht.

Dr. W. Vandekerckhove
Dr. W. Vandekerckhove is werkzaam bij de Work and Employment Relations Unit (WERU), University of Greenwich.
Redactioneel

Het daderschap van de rechtspersoon en avas: universele communicerende vaten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Daderschap, Rechtspersoon, Aansprakelijkheid, Strafbaarheid
Auteurs Mr. dr. E. Gritter
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit editorial gaat de auteur kort in op het verband dat mogelijk universeel bestaat tussen ‘criteria’ voor het aannemen van daderschap van de rechtspersoon en de mogelijkheden die bestaan om een bevrijdend disculpatieverweer (in ons stelsel avas) te voeren.


Mr. dr. E. Gritter
Mr. dr. E. (Erik) Gritter is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie, Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De sprekende gelijkenis besproken

Over de toepassing van het sprekende gelijkenis-criterium uit de Regeling wapens en munitie in de rechtspraktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Sprekende gelijkenis, Regeling wapens en munitie, Wet wapens en munitie, Categorie I, ten zevende, Nepwapens
Auteurs Mr. M.E. Veerman
SamenvattingAuteursinformatie

    Voorwerpen die een ‘sprekende gelijkenis’ vertonen met echte wapens vallen onder de categorie wapens van de WWM waarvoor de strengste restricties gelden. Maar wanneer is sprake van een sprekende gelijkenis, en wanneer niet? De sprekende gelijkenis is in literatuur en rechtspraak herhaaldelijk bekritiseerd en wordt wel bestempeld als een vaag criterium, niet in de laatste plaats omdat de interpretatie van het criterium in de praktijk sterk uiteen zou lopen. Deze bijdrage bevat een onderzoek naar de toepassing van de sprekende gelijkenis in de feitenrechtspraak en verstrekt op basis daarvan enkele aanbevelingen voor de omgang met dit criterium in de rechtspraktijk.


Mr. M.E. Veerman
Mr. M.E. Veerman heeft vorig jaar de master Straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden afgerond.
Artikel

Verkoop van schadelijke waren

De ‘toepassing’ van artikel 174 Wetboek van Strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Schadelijkheid, Opzet, Waren, 174 Sr, Gezondheid
Auteurs Mr. H.J. Gerrits
SamenvattingAuteursinformatie

    De verkoop van schadelijke waren. Wanneer kan worden gesproken van schadelijkheid als bedoeld in 174 Sr en hoe moet het bestanddeel opzet worden gezien bij dit misdrijf? Vanaf het begin van de 21e eeuw lijkt de rechtspraak in ieder geval steeds meer in lijn te komen met de oorspronkelijke bedoeling van de wetgever. Dit gebeurt door van algemene bekendheid te verklaren wat schadelijk is voor het leven en de gezondheid. De door de wetgever beoogde bescherming van niet-deskundige consumenten tegen behendige handelaren komt verder tot uitdrukking in een ruim toepassingsbereik zoals ontwikkeld in de rechtspraak.


Mr. H.J. Gerrits
Mr. H.J. Gerrits is als jurist werkzaam bij de Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Trending Topics

Rechterlijke toetsing van hoge transacties en ontnemingsschikkingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Buitengerechtelijke afdoening, Transactie, Ontnemingsschikking, Rechterlijke toetsing, Modernisering van het Wetboek van Strafvordering
Auteurs Mr. dr. E. Sikkema en Mr. dr. W.S. de Zanger
SamenvattingAuteursinformatie

    Recentelijk heeft de minister van Justitie en Veiligheid zijn plannen gepresenteerd om de wettelijke regeling van de buitengerechtelijke afdoening aan te passen. De hoge transactie zal een eigen regeling krijgen in het gemoderniseerde Wetboek van Strafvordering. Daaraan zal een rechtelijke toets worden verbonden, die tevens zal gelden voor ontnemingsschikkingen. Auteurs schetsen de wetenschappelijke en maatschappelijke context en de voorgeschiedenis van deze voorstellen. Zij werpen tevens enkele kritische vragen op over de toekomstige regeling van de hoge transactie, mede in relatie tot de strafbeschikking en de ontnemingsschikking.


Mr. dr. E. Sikkema
Mr. dr. E. Sikkema is als universitair docent verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law en het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht. Vanaf 1 november 2018 is hij gedetacheerd bij de Afdeling advisering van de Raad van State.

Mr. dr. W.S. de Zanger
Mr. dr. W.S. de Zanger is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law en het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

Hoe achtergehouden informatie door feitelijk leidinggevers Imtech mede noodlottig werd

Enige opmerkingen bij ECLI:NL:CBB:2018:400 (ECLI:NL:RBROT:2017:3061) en ECLI:NL:CBB:2018:401 (ECLI:NL:RBROT:2017:3062)

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Voorwetenschap, hoger beroep CBb, Informatieverplichtingen, Marktmanipulatie, Imtech
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De AFM legt de CEO en CFO van Imtech relatief hoge boetes op ter zake van achterhouden van (financiële) informatie omtrent een project in Polen. Doordat I.’s contractpartij over dit project een persbericht naar buiten brengt, moest Imtech dit ook doen. Pas dan weten beleggers over de financiële situatie iets meer, maar nog niet alles; het negatieve nieuws wordt achtergehouden. Die schijn wordt opgehouden door de volgende kwartaalverslagen en persberichten. Daardoor blijft de koers niet de financiële werkelijkheid weerspiegelen, waardoor sprake is van koersmanipulatie. De Rechtbank Rotterdam vernietigt de boetebesluiten van de AFM. In hoger beroep worden de beslissingen van de rechtbank vernietigd en de boetes van de AFM grotendeels gehandhaafd. De juridische vraag is: wanneer is de informatie zodanig concreet en precies dat zij moet worden geopenbaard?


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjens is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht, Universiteit van Amsterdam en raadsheer-plaatsvervanger, Gerechtshof Amsterdam.
Artikel

Access_open De immuniteit van de feitelijk leidinggever na NJ 2018/134 (Stichtse Vecht)

Een analyse in het licht van de uit artikel 2 EVRM voortvloeiende positieve verplichtingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Feitelijk leidinggeven, Exclusieve bestuurstaak, Stichtse Vecht, Pikmeer, Immuniteit
Auteurs Mr. dr. M.J. Hornman
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van de Pikmeerjurisprudentie deelt de feitelijk leidinggever in de immuniteit van het openbare lichaam waaraan deze is verbonden. In de literatuur wordt ten onrechte aangenomen dat die immuniteit onverenigbaar is met de Straatsburgse positieve verplichtingen-rechtspraak. Deze rechtspraak verplicht enkel tot vervolging indien de betrokken overheidsfunctionaris een wezenlijk persoonlijk verwijt wegens dood door schuld kan worden gemaakt. In alle gevallen waarin deze aansprakelijkheidsdrempel is gehaald, kan de immuniteit eenvoudig worden omzeild door de betrokkene uit hoofde van ‘eigen daderschap’ te vervolgen. Alleen voor minder ernstige gevallen blijft de immuniteit overeind, maar in die situaties bestaat geen verplichting tot vervolging.


Mr. dr. M.J. Hornman
Mr. dr. M.J. Hornman is werkzaam bij de afdeling Juridische Zaken van de Autoriteit Financiële Markten.
Trending Topics

Compliance als transactievoorwaarde bij banken

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Witwassen, Financieel-economische criminaliteit, Systeembanken, Transactie, Compliancemanagement
Auteurs Prof. dr. mr. W. Huisman
SamenvattingAuteursinformatie

    De transactie met ING was een van de meest opvallende gebeurtenissen in de sfeer van het bijzonder strafrecht en de strijd tegen financieel-economische criminaliteit van het afgelopen jaar. Dit artikel bespreekt verschillende redenen waarom dit een belangrijke casus is. Naast de hoogte van het bedrag en de onderliggende criminaliteit, gaat dit artikel in op het strafrechtelijk aansprakelijk stellen van systeembanken en de te verwachten effectiviteit van verbetering van compliancemanagement als transactievoorwaarde.


Prof. dr. mr. W. Huisman
Prof. dr. mr. W. Huisman is hoogleraar criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Enkele opmerkingen over het het una via-beginsel en het nieuwe Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Modernisering strafvordering, Bestuursstrafrecht, Una via-beginsel, Bestuurlijk sanctierecht, Bijzonder strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Thans is een belangrijke wetgevingsoperatie gaande, waarbij het Wetboek van Strafvordering wordt herzien. Opmerkelijk genoeg wordt in de vaststellingswetten op geen enkele wijze aandacht besteed aan de keuze tussen bestuurlijke en strafrechtelijke handhaving. Om het una via-beginsel een plaats te geven in het nieuwe Wetboek van Strafvordering wordt voorgesteld om het bepaalde in artikel 243, tweede lid, Sv, te transponeren naar artikel 3.1.4, vijfde lid, van het nieuwe Wetboek van Strafvordering.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.

    Dit artikel is een boekbespreking van het proefschrift van mr. I.J. Krukkert over individuele straftoemeting in het fiscale bestuurlijke boeterecht. In dit proefschrift wordt een interne theoretische rechtsvergelijking tussen het fiscale bestuurlijke boeterecht en het strafrecht gemaakt.


Mr. A.A. Feenstra
Mr. A.A. Feenstra is advocaat/partner bij Hertoghs advocaten te Breda.
Toont 1 - 20 van 165 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.