Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 12 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering x
Artikel

De deskundige in het gemoderniseerde Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden deskundige, technisch opsporingsambtenaar, modernisering Strafvordering, benoeming, schriftelijke stukken
Auteurs Mr. dr. R.A. Hoving
SamenvattingAuteursinformatie

    De modernisering van het Wetboek van Strafvordering biedt de mogelijkheid om aan de slag te gaan met de vragen en problemen inzake de inschakeling van deskundigen in het strafproces en het toezicht op het functioneren van deze deskundigen. In dit artikel wordt aandacht besteed aan de vraag in hoeverre enkele problemen die in de literatuur zijn benoemd, worden opgelost door de voorgestelde veranderingen van de regels over (1) de afbakening van het begrip deskundige, (2) de inschakeling van deskundigen en (3) het gebruik van deskundigenbewijs.


Mr. dr. R.A. Hoving
Mr. dr. R.A. (Rolf) Hoving is universitair docent straf- en strafprocesrecht Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De eeuwige discussie over de toetsingsomvang bij beklag tegen niet-vervolging

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden beklag tegen niet-vervolging, vervolgingsbeslissing, modernisering Wetboek van Strafvordering, slachtofferrechten, bestuursprocesrecht
Auteurs Mr. dr. W. Geelhoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Het project Modernisering Strafvordering beoogt de vervolgingsbeslissing op meerdere punten te wijzigen. Dat geldt echter niet voor de manier waarop het hof in beklagzaken de beslissing tot niet-vervolging moet toetsen. De toetsingsomvang blijft waarschijnlijk het beste als ‘vol’ te karakteriseren, hoewel andere interpretaties niet zijn uitgesloten. Deze bijdrage werpt een blik op eerdere discussies over de toetsingsomvang in beklagzaken. Verder wordt, aan de hand van een beschouwing van de procedure van administratief beroep, het argument verworpen dat in beklagzaken een marginale toetsing zou moeten worden gehanteerd vanwege het feit dat de beklagprocedure gelijkenis vertoont met bestuursrechtelijke procedures.


Mr. dr. W. Geelhoed
Mr. dr. W. (Pim) Geelhoed is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De procesinleiding

Het goede moment voor regie

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden moderne techniek, voorzittersbeslissing, dagbepaling, betekening, doorlooptijd
Auteurs Prof. mr. J.M. Reijntjes
SamenvattingAuteursinformatie

    De door de minister beoogde procesinleiding dreigt het aantal betekeningen sterk te verhogen. Verder blijven zijn voorstellen binnen de vertrouwde kaders; veel mogelijkheden van de moderne techniek worden onbenut gelaten.


Prof. mr. J.M. Reijntjes
Prof. mr. J.M. (Jan) Reijntjes is emeritus hoogleraar strafrecht aan de Open universiteit Nederland en de Universiteit van Curaçao, en lid van de Commissie Modernisering Wetboek van Strafvordering.
Artikel

Zaken oplossen met behulp van de DNA-databank: een pleidooi voor een brede inhoudelijke discussie over de voorgenomen wijziging van de Wet DNA-V

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden, DNA-databank, conservatoire afname, opsporing, DNA
Auteurs Mr. M. Goos MM en Prof. mr. L. Stevens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden (Wet DNA-V) worden DNA-celmateriaal en DNA-profielen van veroordeelden bewaard. Omdat sommige veroordeelden onvindbaar blijken voor de afname van hun celmateriaal zal vermoedelijk de wet worden aangepast opdat conservatoire afname mogelijk wordt. DNA wordt dan reeds afgenomen tijdens het opsporingsonderzoek maar pas verwerkt na veroordeling. Deze bijdrage plaatst de discussie over de juridische en praktische houdbaarheid van de conservatoire afname in een breder perspectief, namelijk die van de oorspronkelijke doelstellingen van de Wet DNA-V en de vraag naar de mogelijkheden van het afnemen én het reeds verwerken van DNA-celmateriaal tijdens het opsporingsonderzoek.


Mr. M. Goos MM
Mr. M. Goos MM is juridisch adviseur bij de nationale politie en namens de politie betrokken bij de modernisering van het Wetboek van Strafvordering. Hij schreef deze bijdrage op persoonlijke titel.

Prof. mr. L. Stevens
Prof. mr. L. Stevens is hoogleraar straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De elektronische betekening van gerechtelijke mededelingen: kanttekeningen bij een betrekkelijk nieuwe regeling

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden elektronische betekening, e-betekening, Wetboek van strafvordering, Wet herziening tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen, Berichtenbox, Berichtenbox app, akte van uitreiking
Auteurs Drs. J.W. van Wetten
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur concludeert dat wanneer de huidige regeling van de e-betekening in ongewijzigde vorm in Hoofdstuk 9 van Boek 1 van het nieuwe Wetboek van Strafvordering zou worden opgenomen en in werking zal treden, niet verwacht mag worden dat deze in de praktijk enige toegevoegde waarde zal hebben. Bovendien kan worden geconcludeerd dat de regeling dermate techniekafhankelijk is geformuleerd dat deze in de weg staat aan de toepassing van een handige en gebruikersvriendelijke voorziening als de Berichtenbox app. Wenselijk is de regeling te herzien met als vertrekpunt dat het elektronisch ontvangen van gerechtelijke kennisgevingen geen geheel vrijblijvende aangelegenheid is voor de justitiabele. Het invoeren van een verplichting tot elektronische ontvangst voert wellicht te ver. Voorgesteld wordt aan een eenmaal gegeven instemming voor het elektronische ontvangen van gerechtelijke kennisgevingen de consequentie te verbinden dat de verzending van een kennisgeving door het Openbaar Ministerie voldoende is om een betekening in persoon aan te nemen. Dat zal het geval kunnen zijn indien de werking van de te gebruiken voorziening een grote mate van zekerheid biedt dat de kennisgeving de juiste persoon bereikt, dat – behoudens de mogelijkheid van een verstoring – de aan de persoon verzonden kennisgeving (doordat hij hiervan langs verschillende kanalen wordt genotificeerd) de persoon niet zal kunnen ontgaan en dat de verzending op bij wet voorschreven wijze wordt gelogd en in machinaal gegenereerde standaardverklaringen wordt vastgelegd opdat de rechter – mocht dit nodig zijn – de e-betekening kan controleren.


Drs. J.W. van Wetten
Drs. J.W. (Jos) van Wetten is beleidsadviseur bij het ministerie van Justitie en Veiligheid. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Wettelijk overgangsrecht en rechterlijke anticipatie ter zake van het gemoderniseerde Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden overgangsrecht, anticipatie, rechterlijke anticipatie, modernisering strafvordering
Auteurs Mr. M.J. Borgers en Prof. mr. T. Kooijmans
SamenvattingAuteursinformatie

    De inwerkingtreding van het gemoderniseerde Wetboek van Strafvordering zal gepaard gaan met vragen van overgangsrechtelijke aard. Op dit moment heeft de minister nog niet voorzien in overgangsrecht. In deze bijdrage wordt besproken hoe de contouren van dat overgangsrecht eruit zouden kunnen zien. Daarnaast wordt de vraag besproken in hoeverre de rechter, voorafgaand aan de inwerkingtreding, kan anticiperen op het gemoderniseerde wetboek bij de uitleg van de huidige wettelijke bepalingen.


Mr. M.J. Borgers
Mr. M.J. (Matthias) Borgers is raadsheer in de Hoge Raad.

Prof. mr. T. Kooijmans
Prof. mr. T. (Tijs) Kooijmans is hoogleraar straf(proces)recht aan Tilburg University.
Opinie

Berecht kwetsbare verdachten a.u.b. alleen volwaardig

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden psychisch gestoorde verdachten, procesonbekwaamheid, procedurele waarborgen, opname in een psychiatrisch ziekenhuis, opportuniteitsbeginsel
Auteurs Mr. dr. M.J.F. van der Wolf
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bekende juridische publicist schreef onlangs dat alleen ‘volwaardige’ verdachten zouden moeten worden berecht door de Nederlandse rechter. Hij beschrijft dat de mogelijkheden die het Openbaar Ministerie ter beschikking staan om op grond van het opportuniteitsbeginsel en procesonbekwaamheid psychisch gestoorde verdachten buiten de strafrechter om te laten opnemen, zelden worden gebruikt. In dit artikel worden ontwikkelingen in juridische doctrine en wetgeving beschreven die zullen leiden tot meer aandacht voor kwetsbare verdachten. Daardoor zullen weliswaar meer kwetsbare verdachten het strafproces in geleid worden maar het betekent ook minder ingrijpende maatregelen om procesonbekwaamheid aan te pakken waarbij een belangenafweging plaatsvindt ten aanzien van het recht op een eerlijk proces. Niet de beklaagden moeten ‘volwaardig’ zijn, maar het proces, namelijk door procedurele waarborgen toe te passen die een eerlijk proces zullen opleveren.


Mr. dr. M.J.F. van der Wolf
Mr. dr. M.J.F. (Michiel) van der Wolf is universitair hoofddocent Strafrecht en forensische psychiatrie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, universitair hoofddocent Strafrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Amsterdam.
Artikel

Beschouwing rapport Commissie-Koops: strafvordering in het digitale tijdperk

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden digitale opsporing, openbronnenonderzoek, beslag, data-analyse, big data
Auteurs Mr. dr. J.J. Oerlemans
SamenvattingAuteursinformatie

    De Commissie-Koops heeft onderzocht of het conceptwetsvoorstel Boek 2 voldoende rekening houdt met het digitale tijdperk anno 2018 en in de nabije toekomst. Dit artikel is een beschouwing op het rapport van de Commissie, waarbij de aanbevelingen met betrekking tot openbronnenonderzoek en het beslag op gegevensdragers uitgebreid besproken worden. Daarnaast wordt ingegaan op het fenomenen van de ‘dataficering’ van het opsporingsproces. In het artikel wordt antwoord gegeven op de vraag welke bijdrage het rapport heeft geleverd aan de modernisering van het Wetboek van Strafvordering.


Mr. dr. J.J. Oerlemans
Mr. dr. J.J. Oerlemans is als onderzoeker verbonden aan eLaw, het Centrum voor Recht en Technologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Of/Of: de alternatieve kwalificatie

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden strafprocesrecht, modernisering van strafvordering, alternatieve kwalificatie, kwalificatiebeslissing, samengestelde tenlasteleggingen
Auteurs Mr. dr. J.G.H. Altena-Davidsen
SamenvattingAuteursinformatie

    In het conceptwetsvoorstel voor Boek 4 van het nieuwe Wetboek van Strafvordering (de berechting) wordt het voorstel gedaan om een alternatieve kwalificatie mogelijk te maken. In deze bijdrage wordt, na een uiteenzetting van het geldende recht en de wijziging die het voorstel daarin moet aanbrengen, onderzocht of in de praktijk behoefte bestaat aan de mogelijkheid tot alternatieve kwalificatie. Die behoefte lijkt beperkt te zijn, en zich vooral voor te doen in de context van het gedifferentieerde stelsel van vermogensdelicten en deelnemingsvormen. Deze bijdrage werpt daarom de vraag op of het probleem, en bijgevolg de oplossing daarvan, niet eerder gelegen zijn in het materiële recht dan het strafprocesrecht. Op basis daarvan, alsmede op basis van een korte bespreking van mogelijke bezwaren tegen de alternatieve kwalificatie, wordt de stelling betrokken dat het voorstel nadere doordenking en onderbouwing behoeft.


Mr. dr. J.G.H. Altena-Davidsen
Mr. dr. J.G.H. Altena-Davidsen is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.
Opinie

Cassatie in het nieuwe Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden cassatieprocedure, rechtstreeks cassatieberoep, cassatiegronden, prejudiciële vragen, facultatieve OM-conclusie
Auteurs Mr. A.J.A. van Dorst
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat over voorgestelde wijzigingen ten aanzien van de cassatieprocedure en over enkele wenselijke wijzigingen die niet zijn voorgesteld. Eerst komt aan de orde (de onwenselijkheid van) het rechtstreeks cassatieberoep: de Hoge Raad niet als derde maar als tweede instantie, dus zonder tussenkomst van een appelrechter. In dat verband zal aandacht worden besteed aan de ingewikkelde cassatiedrempel in zaken betreffende overtredingen alsook aan het cassatieberoep in beklagzaken. Vervolgens wordt aandacht besteed aan het karakter van de cassatieprocedure; stilgestaan wordt bij (voorstellen die lijken te schuren met) het schriftelijke karakter van het cassatiegeding alsook bij de mogelijkheid tot tegenspraak. Daarna komt de regeling van de herstelbeslissing en de aanvulling langs. Dan komt de nieuwe regeling van de cassatiegronden aan bod, waarna tot slot aandacht wordt besteed aan wat in het verschiet ligt. Dat betreft de invoering van een cassatiebalie, de prejudiciële vragen en de facultatieve conclusie van het parket. Dat alles natuurlijk voor zover van belang met het oog op de behandeling van strafzaken.


Mr. A.J.A. van Dorst
Mr. A.J.A. (Leo) van Dorst is oud-vicepresident van de Hoge Raad.
Opinie

Een waarschuwende strafrechter

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden voorlopige hechtenis, schorsing, vrijheidsbeperkende maatregelen, vrijheidsbeneming, wetsvoorstel
Auteurs Mr. J.H. Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    Afschaffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis leidt niet tot het doel dat de wetgever zegt met de wijziging voor ogen te hebben. Het effect zou in veel gevallen zelfs kunnen zijn dat de nadruk meer komt te liggen op daadwerkelijke vrijheidsbeneming en minder op vrijheidsbeperking. Een ander gevaar dat dreigt is dat gemakkelijk tot onnodige vrijheidsbeperkende maatregelen wordt overgegaan. Ook kunnen vraagtekens worden geplaatst bij de effectiviteit van de vrijheidsbeperkende maatregelen als er voor de verdachte geen concreet zicht is op vrijheidsbeneming. Deze averechtse effecten kunnen niet de bedoeling van de wetgever zijn en kunnen worden voorkomen.


Mr. J.H. Janssen
Mr. J.H. Janssen is senior rechter A bij de Rechtbank Rotterdam. Hij geeft in dit artikel een persoonlijke visie op het onderwerp.
Opinie

Wel ambitieus, niet visionair. De digitalisering in Modernisering Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden digitalisering, rechtspraak, strafrecht, man machine cooperation, modernisering strafvordering
Auteurs Prof. mr. E.F. Stamhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze opiniërende bijdrage wordt kort beschreven hoe het project Modernisering Strafvordering aan de digitalisering van de strafrechtspleging bijdraagt. Verder komt de experimenteerbepaling aan de orde. Wat echter ontbreekt, is een visie op de volgende stap in de ontwikkeling, waarin de technologie de menselijke beslissing verder kan vervangen. Met behulp van vier trefwoorden wordt aangegeven welke onderwerpen voor een visie relevant zijn: veiligheid, verbeelding, verantwoordelijkheid en vertrouwen.


Prof. mr. E.F. Stamhuis
Prof. mr. E.F. Stamhuis is hoogleraar Law & Innovation aan de Erasmus School of Law.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.