Zoekresultaat: 25 artikelen

x
Jaar 2009 x

W.L.J.M. Duijst

W.R. Kastelein

    In Dutch history five cases are known of animals that received the death penalty after ‘committing a crime’. Nowadays it sounds rather strange to present animals as offenders. Does that mean that no contemporary examples can be found of animals being presented as offenders? Before answering that question some outlooks on judicial and criminological ideas are presented on offending by human and other animals. Next the debate on invasive exotic species and the threats to biodiversity, health and other risks, and the discussion about the dangers regarding pit bulls is described in order to illustrate that in this day and age there still seems to be a risky anthropomorphic and anthropocentric tendency to present animals as offenders.


J. Janssen
Dr. Janine Janssen is hoofd onderzoek bij het Landelijk Expertise Centrum Eergerelateerd Geweld, dat is ondergebracht bij politie Haaglanden. Daarnaast is zij geïnteresseerd in de positie van dieren in de criminologie. In 2008 publiceerde zij ‘Hondenbaan’, over de geschiedenis en de werkzaamheden van de politiehond (Den Haag, politie Haaglanden).
Redactioneel

Voorwoord

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2009
Auteurs M.B. Schuilenburg en M.P.C. Scheepmaker
Auteursinformatie

M.B. Schuilenburg
Gastredacteur en redactieraadlid mr. drs. Marc Schuilenburg is als docent verbonden aan de vakgroep criminologie van de Vrije Universiteit te Amsterdam.

M.P.C. Scheepmaker
Drs. Marit Scheepmaker is hoofdredacteur van Justitiële verkenningen.
Artikel

De ontknoping van de nodale oriëntatie

Op zoek naar randvoorwaarden en kritische factoren

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2009
Auteurs A. van Sluis en V. Bekkers
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors try to analyze the prerequisites and critical factors for the successful implementation of a nodal orientation in law enforcement. Their analysis is based on an exploration of the exemplary case of the Dutch national airport Schiphol, one of the most important multi nodal and infrastructural nodes in the Netherlands, where transport by air, road and rail and streams of people and goods intersect. The authors reject naive instrumentalism that sometimes comes along with the nodal orientation. They discuss the possibilities and limitations of high tech, the stipulation of nodal security governance and the dilemma's with regard to the privacy of citizens. They advocate a balance between the need for safety and personal freedom, based on a dialogue in politics and in broader society, and more accountability in the application of high tech detection equipment.


A. van Sluis
Dr. Arie van Sluis is als universitair docent Bestuurskunde verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

V. Bekkers
Dr. Victor Bekkers is als hoogleraar Bestuurskunde verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

J.J. van Duijn
Prof. dr. Jaap van Duijn is oud-hoogleraar economie en oud-hoogleraar beleggingsleer. Van 1983 tot 2005 was hij verbonden aan de Robeco Groep en daar verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid.
Artikel

‘There is no justice, just us’

Hoe de overheid dierenextremisme in de hand werkt

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 7 2009
Auteurs E. Eskens
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years the Dutch radical animal movement has manifested itself through arson, threats and destruction of property. This article describes the rise of the radical movement and its tendency towards violence. While the animal movement has its roots in nineteenth century romanticism, the anarchism of the sixties and the squatting movement of the eighties gave way to a more radical animal movement. The anti-establishment movement of the sixties turned against intensive farming. When the punk movement of the eighties freed itself from an overwhelming sense of doom, it gave rise to a new attitude, which rejected drugs, alcohol, and meat. The so-called Straight Edge Movement developed into one of the driving forces behind the recent animal related violence. Hiding behind the facade of the Animal Liberation Front the activists are strongly convinced that they have morality on their side while targeting farms, cattle trucks, and animal test facilities. Many animal activists feel that Dutch law as it is, does not protect animals in a sufficient way. Another problem is that animal laws are hardly being upheld. Inspections of farms, slaughterhouses and transportation vehicles are rare, prosecutors usually give no priority to animal cases, and judges and the rare judicial sentences are usually extremely mild. This leads radical activists to a conclusion that one of them wrote on a wall: ‘There is no justice, just us’.


E. Eskens
Drs. Erno Eskens studeerde filosofie en politicologie en is uitgever en bestuurslid van stichting Dier en Recht Nederland. Hij publiceerde onlangs het boek Democratie voor dieren (uitg. Contact).
Artikel

Wie is de waterbeheerder en wat moet hij doen?

Taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de waterbeheerder in de Waterwet

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2009
Trefwoorden waterbeheer, Waterwet, overheidszorg, functioneel decentraal beheer
Auteurs Prof. mr. H.F.M.W. van Rijswick
SamenvattingAuteursinformatie

    In een themanummer over de Waterwet kan een beschrijving van de waterbeheerder en zijn taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden niet ontbreken. De Waterwet regelt het beheer en gebruik van het watersysteem in al zijn aspecten.1x Zie naast de bijdragen in dit themanummer over de Waterwet eveneens S. Handgraaf, De Waterwet, M en R? 2009, p. 489-496; zie over het wetsvoorstel T.P. de Kramer & N. Teesing (red.), De nieuwe Waterwet, Vereniging voor milieurecht 2007-2, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2007, M.N. Boeve & L. van Middelkoop (red.), Het waterrecht in perspectief. Actuele ontwikkelingen en doorwerking naar het milieurecht en het ruimtelijke-ordeningsrecht, Groningen: Europa Law Publishing 2008, p. 35-52, en over het voorontwerp H.J.M. Havekes, Het voorontwerp Waterwet, M en R 2005, p. 628-632. Zie eveneens E.C.M. Schippers & J.H. Geerdink, Alles over water in een notendop (in twee delen), Gemeentestem 2008, 7296, p. 261-272 en Gemeentestem 2008, 7297, p. 289-302. De nadruk ligt daarbij op het watersysteem: het samenhangende geheel van één of meer oppervlaktelichamen en grondwaterlichamen, met bijbehorende bergingsgebieden, waterkeringen en ondersteunende kunstwerken. Deze definiëring geeft ook de ruime reikwijdte van de wet: het gaat om het gehele watersysteem, maar de Waterwet reguleert niet de waterketen.2x Zie hierover P. Jong, Watersysteem en waterketen in de water- en milieuwetgeving, in: M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (red.), Het milieurecht als proeftuin, 20 jaar Centrum voor Milieurecht, Groningen: Europa Law Publishing 2007, p. 57-72. De drinkwatervoorziening en het verzamelen en transport van afvalwater vallen buiten de reikwijdte van de wet.

Noten

  • * De leerstoel wordt financieel ondersteund door de Stichting Schilthuisfonds. Tevens maakt Marleen van Rijswick deel uit van de door de Stichting Leven met Water ingestelde multidisciplinaire ‘leertafel’ Watergovernance, waar zij is benoemd op de leerstoel Ontwikkelingsgericht waterrecht.
  • 1 Zie naast de bijdragen in dit themanummer over de Waterwet eveneens S. Handgraaf, De Waterwet, M en R? 2009, p. 489-496; zie over het wetsvoorstel T.P. de Kramer & N. Teesing (red.), De nieuwe Waterwet, Vereniging voor milieurecht 2007-2, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2007, M.N. Boeve & L. van Middelkoop (red.), Het waterrecht in perspectief. Actuele ontwikkelingen en doorwerking naar het milieurecht en het ruimtelijke-ordeningsrecht, Groningen: Europa Law Publishing 2008, p. 35-52, en over het voorontwerp H.J.M. Havekes, Het voorontwerp Waterwet, M en R 2005, p. 628-632. Zie eveneens E.C.M. Schippers & J.H. Geerdink, Alles over water in een notendop (in twee delen), Gemeentestem 2008, 7296, p. 261-272 en Gemeentestem 2008, 7297, p. 289-302.

  • 2 Zie hierover P. Jong, Watersysteem en waterketen in de water- en milieuwetgeving, in: M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (red.), Het milieurecht als proeftuin, 20 jaar Centrum voor Milieurecht, Groningen: Europa Law Publishing 2007, p. 57-72.


Prof. mr. H.F.M.W. van Rijswick
Prof. mr. H.F.M.W. van Rijswick is hoogleraar Europees en nationaal waterrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Herstelrecht in de samenleving

Barmhartige gerechtigheid in de praktijk van de gevangenenzorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2009
Trefwoorden herstelrecht, gevangenenzorg, barmhartige gerechtigheid
Auteurs Hans Barendrecht, Martine Cammeraat en Esther Klaassen
SamenvattingAuteursinformatie

    The contribution informs about some of the activities and the philosophy of Gevangenenzorg Nederland, a non-governmental organisation for the care for prisoners, member of the Prison Fellowship International. Holding a person responsible for his or her criminal conduct does not only mean punishment, but also individualizing the person as a person, with his or her own life, history and future. The stay in prison should help the person to return into society as a citizen with an equal status, rehabilitated by his punishment. But social reality is far removed from this ideal. The volunteers of Gevangenenzorg Nederland try to bring closer a form or charitable justice, focussing not so much on the risks that a person may be perceived to pose, but much more on the healthy and socially positive talents of the detainee, against the background of the ‘good lives model’ of Ward and Maruna (2007). The article describes the workshop offered to detainees ‘Speaking of guilt, remorse, victims and society’, wherein participants can investigate and discover in a systematic way their own degree and type of guilt and responsibilities and the avenues that might be available to express remorse and to make amends with victims and society. Family members or other significant others are called in in the stage of concluding the course with presenting ‘restorative gestures’ of any personal kind. Care after leaving the prison is offered and planned, hoping to facilitate a fully rehabilitated reintegration into society.


Hans Barendrecht
Hans Barendrecht is jurist en directeur van Gevangenenzorg Nederland.

Martine Cammeraat
Martine Cammeraat MSc is als criminologe werkzaam bij Gevangenenzorg Nederland.

Esther Klaassen
Esther Klaassen is werkzaam bij Gevangenenzorg Nederland als coördinator van de herstelrechtprogramma’s van die organisatie.
Artikel

Burgers over beveiligers

Een kwantitatief onderzoek naar percepties, verwachtingen en oordelen

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2009
Trefwoorden beveiligers, burgers, beveiliging
Auteurs Ronald van Steden, Maddy Roelofs en Mahesh Nalla
SamenvattingAuteursinformatie

    The employment of private security guards has increased in many European countries in recent decades and the Netherlands is no exception. However, despite large increases in the growth of the private security industry, little is known about how the public perceives agents of private policing and their role in crime prevention and enhancing the public’s sense of safety. In this paper we examine public perceptions of private security personnel. More specifically, we examine citizens’ perceptions and expectations toward the nature of security guards’ work and their relationships with public police, as well as citizens’ level of satisfaction with private security services. Findings suggest that overall Dutch citizens have mixed opinions of security guards. Nonetheless, contrary to what is often assumed about the public image of private security, findings also suggest that respondents are sometimes surprisingly positive in their reactions.


Ronald van Steden
Ronald van Steden is werkzaam bij de onderzoeksgroep Veiligheid en Burgerschap aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Vrije Universiteit in Amsterdam. Postadres: De Boelelaan 1081, 1081 HV Amsterdam. E-mail: r.van.steden@fsw.vu.nl.

Maddy Roelofs
Maddy Roelofs in onderzoeker bij de Dienst Onderzoek en Statistiek van de gemeente Amsterdam. Postadres: Postbus 658, 1000 AR Amsterdam. E-mail: m.roelofs@os.amsterdam.nl.

Mahesh Nalla
Mahesh Nalla is hoogleraar in Criminal Justice Studies aan Michigan State University, U.S.A. Postadres: School of Criminal Justice, 560 Baker Hall, East Lansing, MI 48824-1118. E-mail: nalla@msu.edu.
Artikel

Het cliëntenonderzoek in de WWFT: een terugblik op het afgelopen jaar

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2009
Trefwoorden witwassen, WWFT, cliëntenonderzoek, kredietinstellingen
Auteurs Mw. mr. M.L. van Duijvenbode
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 augustus 2008 is de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (WWFT) in werking getreden. De voornaamste vernieuwing die de WWFT heeft gebracht, is de introductie van het cliëntenonderzoek, ook wel bekend als Customer Due Diligence (CDD). Na een coulanceperiode van een halfjaar is de WWFT nu effectief slechts een halfjaar op stoom. In deze bijdrage wordt de ontwikkeling van het cliëntenonderzoek in de (inter)nationale antiwitwasregelgeving besproken. Hiernaast wordt er ingegaan op de belangrijkste veranderingen die de WWFT heeft gebracht op het gebied van cliëntenonderzoek en hoe kredietinstellingen het afgelopen jaar met deze veranderingen zijn omgegaan.


Mw. mr. M.L. van Duijvenbode
Mw. mr. M.L. van Duijvenbode is als beleidsmedewerker werkzaam bij de afdeling Integriteit, directie Financiële Markten van het ministerie van Financiën. Haar bijdrage in dit nummer heeft zij op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

De aansprakelijkheid van de werkgever voor personeelsactiviteiten en een verkenning van de grenzen van de aansprakelijkheid van de werkgever op grond van art. 7:611 BW

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2009
Trefwoorden aansprakelijkheid, werkgeversaansprakelijkheid, art. 7:611 BW, bedrijfsuitje, goed werkgeverschap
Auteurs Mr. E.M. van Orsouw en Mr. A.E. Krispijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Op het gebied van werkgeversaansprakelijkheid was 2008 zonder twijfel het jaar van de aansprakelijkheid voor verkeersongevallen op grond van art. 7:611 BW. De verkeersongevallenjurisprudentie maakt niet duidelijk of en, zo ja, onder welke voorwaarden art. 7:611 BW ook in andere situaties tot een vergoedingsplicht zou kunnen leiden. In het te bespreken arrest van 17 april 2009 heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over een ongeval tijdens een personeelsactiviteit. ‘Goed werkgeverschap’ blijkt niet alleen tot een verzekeringsplicht te kunnen leiden, maar ook tot een zorg- en preventieplicht. Het arrest geeft aanleiding voor een algemene verkenning van (de grenzen van) de rol van art. 7:611 BW.


Mr. E.M. van Orsouw
Mr. E.M. van Orsouw is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Mr. A.E. Krispijn
Mr. A.E. Krispijn is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Een constructief antwoord op (jeugd)delinquentie: recidive verminderen?

Reflecties over ‘managerialism’ in België en Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2009
Trefwoorden herstelgericht groepsoverleg, recidive, jeugddelinquentie, managerialism
Auteurs Inge Vanfraechem
SamenvattingAuteursinformatie

    Responding to criticism, stating that constructive interventions can only be understood as proven to reduce recidivism, the author clarifies what she conceives as constructive answers to juvenile delinquency, against the background of the Belgian developments in law and policy. ‘Constructive’ has always implied the active participation of those citizens directly involved, care and attention for the victims needs, and the avoidance of placement in a closed institution. The contribution to the quality of social life by making restorative gestures was considered to be of importance.To measure whether conferencing with juveniles would work the criterion of reducing recidivism is important, but not exclusive. Other criteria, which come forward in qualitative research, are at least as important.The Dutch seem to take managerialism in the sense of implementing only what can be proven to work in a preconceived way – only in terms of reducing recidivism – much more seriously than the Belgians do.In Belgium the traditional stress on protection of juveniles has not changed, and the newly introduced family group conferences were accepted as valuable procedures. Reducing recidivism is however not unimportant and more and more RJ-research is addressing this issue. There are indications that recidivism can be reduced by conferencing procedures and their resolutions. Instead of technocratic managerialism one should be interested in the ‘moral performance’ of a legal system, looking for what really matters.


Inge Vanfraechem
Inge Vanfraechem is onderzoekster bij het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie, F.O.D. Justitie Brussel en geaffilieerd medewerker bij LINC, Katholieke Universiteit Leuven.

    In this article the author summarizes the main arguments for and notions of a maximalist conception of restorative justice, as developed in his latest book: Restorative Justice, Self-interest and Responsible Citizenship.While using a rather limited, goal-oriented definition of RJ as ‘an option for doing justice after the occurrence of an offence that is primarily oriented towards repairing the individual, relational and social harm caused by that offence’, Walgrave aims at developing a full blown alternative for penal justice. In the restorative system it should also be possible to impose sanctions, when deliberative processes of mediation and conferencing are not feasible, although the latter have, of course, the greatest chance of achieving restoration.The sanctions of restorative justice are not punishments, because any intention to impose suffering is lacking at the side of the sentencing authorities. But RJ can be seen as a form of inverted retributivism, in the sense that the offender pays his dues back to the victim and the society, to a degree that has to be acceptable to all involved, and seeking a fair amount of proportionality that does not impose unrealistic or unfair obligations. Principles of due process of law should be adapted to fit the restorative process. The high degree of participation in restorative justice serves democracy and so should criminology, by studying the ways in which social capital can be increased.The concept of ‘common self-interest’ is explained as the fundamental understanding that self-interests are best served by serving the common self-interest in as far as that provides full possibilities of deployment to everyone.


Lode Walgrave
Lode Walgrave is emeritus hoogleraar (jeugd)criminologie van de Katholieke Universiteit Leuven en redactielid van dit tijdschrift.
Discussie

Herstelrecht, eigenbelang en verantwoord burgerschap

Enkele reacties op het boek met dezelfde titel van Lode Walgrave

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2009
Auteurs John Blad
Auteursinformatie

John Blad
John Blad is hoofddocent strafrechtswetenschappen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en redactielid van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Hartlauer: reguleren van zorgverlening begrensd

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2009
Trefwoorden vrij verkeer, recht van vestiging, reguleren zorgmarkt, geschikheid en proportionaliteit, diensten van algemeen economisch belang (daeb)
Auteurs Mr. Y.A. Maasdam en Mr. dr. J.J.M. Sluijs
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie EG heeft in het voorjaar een belangwekkende uitspraak gedaan, die meer inzicht geeft in de Europeesrechtelijke grenzen van het op nationaal niveau reguleren van het verlenen van zorg. Eerdere rechtspraak van het Hof had vooral betrekking op de regulering van de inkoop c.q. het verzekeren van zorg, en daarmee op de mobiliteit van patiënten en slechts indirect op het verlenen van zorg. Met deze eerste uitspraak over de aanbodzijde van de zorgmarkt is de cirkel rond. De mogelijkheden van zorgregulering zijn niet onbegrensd, maar Europa laat wel een grote mate van vrijheid aan de lidstaten om hun volksgezondheidstelsel naar eigen inzichten in te richten.


Mr. Y.A. Maasdam
Mr. Y.A. Maasdam is advocaat bij Maasdam Mededingingsadvocaten in Rijswijk.

Mr. dr. J.J.M. Sluijs
Mr. dr. J.J.M. Sluijs is advocaat bij GMW Advocaten in Den Haag.
Artikel

Access_open Coherente toerekening in het Europees aansprakelijkheidsrecht

Enkele opmerkingen over toerekening in het discriminatierecht en het mededingingsrecht

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 1 2009
Trefwoorden toerekeningseis, gelijke behandeling, aansprakelijkheid, mededinging
Auteurs Prof. mr. A.G. Castermans en Mr. dr. E.-J. Zippro
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel geeft een beeld van de toerekeningseis in het Nederlandse, op het Europese recht geënte, aansprakelijkheidsrecht. Het confronteert twee rechtsgebieden met elkaar: het mededingingsrecht en het gelijkebehandelingsrecht. De analyse van de verschillen, zowel met betrekking tot de vestiging als de omvang van de aansprakelijkheid, leidt tot een pleidooi voor een coherente toepassing van de toerekeningseis.


Prof. mr. A.G. Castermans
Prof. mr. A.G. Castermans is hoogleraar burgerlijk recht, Universiteit Leiden.

Mr. dr. E.-J. Zippro
Mr. dr. E.J. Zippro is verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid, Instituut voor Privaatrecht, Civiel recht, Universiteit Leiden.
Artikel

Nieuwe wegen in het terugdringen van recidive?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2009
Trefwoorden recidive, gedragsinterventies, reclassering, desistance, wraparound care
Auteurs Prof. dr. Jo Hermanns
SamenvattingAuteursinformatie

    Verreweg de meeste plegers van een misdrijf vallen in herhaling. Criminaliteit lijkt voor de meesten van hen een essentieel kenmerk van hun levensloop te zijn. Het ombuigen van zo’n levensloop is geen sinecure. Nieuwe ontwikkelingen in praktijk en onderzoek wijzen de weg. Voor iedere individuele gedetineerde dient er een uniek ‘project’ te worden uitgevoerd, waarin gedragsinterventies gecombineerd worden met het voorzien in materiële en psychosociale randvoorwaarden voor een ander bestaan. Dit type projecten vraagt een andere samenwerking van de huidige keten. Eenheid van regie én continuïteit door de gehele keten van strafrechtspleging, zorg en begeleiding heen zijn sleutelwoorden.


Prof. dr. Jo Hermanns
Jo Hermanns is deeltijdhoogleraar Opvoedkunde aan de Universiteit van Amsterdam, bijzonder hoogleraar op de Kohnstammleerstoel aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam, bijzonder lector ‘Werken in Justitieel Kader’ aan de Hogeschool Utrecht en zelfstandig en onafhankelijk adviseur.
Artikel

What Works in Probation?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2009
Trefwoorden probation, corrections, desistance, rehabilitation, resettlement
Auteurs Prof. Fergus McNeill
SamenvattingAuteursinformatie

    In this paper the author argues that, despite the apparently technical nature of questions of effectiveness, in fact any considered and critical analysis of the empirical evidence about desistance, rehabilitation and ‘what works?’ compel us to consider the moral character and context of criminal justice interventions.


Prof. Fergus McNeill
Fergus McNeill is Professor of Criminology & Social Work in the Glasgow School of Social Work (a joint venture of the Universities of Glasgow and Strathclyde) and a Network Leader in the Scottish Centre for Crime and Justice Research (at the University of Glasgow).
Artikel

Wie werkt?

Over het vakmanschap van de reclasseringswerker

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2009
Trefwoorden professionele ruimte, effectieve professional, reclasseringswerker, werkalliantie, feedback
Auteurs Drs. Anneke Menger
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt de vraag gesteld naar een zinvolle verbinding tussen de ervaringen en vragen van reclasseringswerkers en de ontwikkelingen in de wetenschap. Een mogelijke sleutel is meer onderzoek te doen naar effectieve professionals, als aanvulling op onderzoek naar effectieve interventies. De vraag naar effectieve professionals wordt besproken aan de hand van vier thema’s: de reclasseringswerker en de combinatierol van controleren en motiveren, de algemene factor van effectiviteit, de werkalliantie en kenmerken van de effectieve professional. Het artikel concludeert dat onderzoek naar deze factoren niet alleen de effectiviteit van het reclasseringswerk zal vergroten en onderbouwen, maar ook de professionele ruimte, die nodig is voor gemotiveerde reclasseringswerkers, zichtbaar maakt en kan onderbouwen.


Drs. Anneke Menger
Anneke Menger is lector ‘Werken in Justitieel Kader’ aan Hogeschool Utrecht. Zij werkt tevens aan een promotieonderzoek naar effectieve reclasseringswerkers.
Toont 1 - 20 van 25 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.