Zoekresultaat: 6 artikelen

x
Jaar 2010 x
Artikel

Asset tracing

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2010
Trefwoorden asset tracing, fraude, beslag, art. 843a Rv, Engels recht
Auteurs Mr. V.C.J. Brugge en Mr. H.J.Th. Biemond
SamenvattingAuteursinformatie

    Asset tracing is het proces van het achterhalen van gestolen of verduisterde vermogensbestanddelen of de financiële opbrengst daarvan. In deze bijdrage wordt ingegaan op de bestaande juridische middelen die een benadeelde in Nederland daarvoor tot zijn beschikking heeft en tegen welke problemen een benadeelde daarbij in de praktijk aanloopt. In dat verband zal tevens worden gekeken naar de meer ontwikkelde praktijk van asset tracing in Engeland, en welke mogelijke lessen daaruit getrokken kunnen worden. Tot slot zal worden stilgestaan bij de rol van de politie en het Openbaar Ministerie in het proces van asset tracing.


Mr. V.C.J. Brugge
Mr. V.C.J. Brugge is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP.

Mr. H.J.Th. Biemond
Mr. H.J.Th. Biemond is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP.
Jurisprudentie

Bewijsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden bewijsrecht, bewijslastverdeling
Auteurs Prof. mr. W.D.H. Asser
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. W.D.H. Asser
Prof. mr. W.D.H. Asser is raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden, tevens hoogleraar burgerlijk procesrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

‘Vissen’ naar het feitensubstraat voor de civielrechtelijke aansprakelijkheid van bestuurders en commissarissen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 6 2010
Trefwoorden inquisitoire enquête, fishing expedition, bestuurdersaansprakelijkheid, procesefficiency
Auteurs Mr. D. Slotema
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het gebruik van de inquisitoire enquête als middel om de feiten te doen vaststellen en te vergaren voor de civielrechtelijke aansprakelijkheid van bestuurders en/of commissarissen.


Mr. D. Slotema
Mr. D. Slotema is werkzaam als advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

De werkgever en het kelderluik

Over toepassing van de Kelderluik-criteria bij artikel 7:162 en artikel 7:658 BW

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2010
Trefwoorden gezichtspunten, Kelderluik-factoren, Bayar/Wijnen, werkgeversaansprakelijkheid, onrechtmatige daad, context
Auteurs Mr. J.P. Quist
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Kelderluik-arrest uit 1965 heeft de Hoge Raad een viertal gezichtspunten geformuleerd die van belang (kunnen) zijn bij de beantwoording van de vraag of sprake is van onrechtmatige gevaarzetting. Veertig jaar later, in het arrest Bayar/Wijnen, heeft de Hoge Raad deze factoren herhaald en daaraan een gezichtspunt toegevoegd in een geval waarin het ging om een werknemer die bij het werken met een gevaarlijke machine letsel had opgelopen. In dit artikel wordt ingegaan op de manier waarop invulling aan de verschillende gezichtspunten (en enkele andere relevante omstandigheden) wordt gegeven. De toepassing van de gezichtspunten bij op artikel 6:162 BW en artikel 7:658 BW gebaseerde vorderingen lijkt veel op elkaar. Een opvallend verschil is echter dat het enkele feit dat het bij artikel 7:658 BW om aansprakelijkheid van de werkgever gaat, van groot belang is voor de strengheid waarmee toepassing aan de Kelderluik-factoren en andere (mogelijk) relevante omstandigheden wordt gegeven. Daar waar de Kelderluik-factoren bij artikel 6:162 BW (in beginsel) een neutraal karakter hebben, wijzen zij bij artikel 7:658 BW veel meer in de richting van een bevestigende beantwoording van de aansprakelijkheidsvraag. De context waarbinnen een bepaalde schadeveroorzakende gebeurtenis zich heeft voorgedaan, is dan ook van grote invloed op de wijze waarop de verschillende factoren worden ingekleurd. In deze bijdrage komen ook andere overeenkomsten en verschillen tussen toepassing van artikel 6:162 BW en artikel 7:658 BW aan bod.


Mr. J.P. Quist
Mr. J.P. Quist is verbonden aan de sectie Arbeidsrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam en tevens advocaat bij Adriaanse van der Weel Advocaten te Middelburg (www.avdw.nl).
Artikel

Exhibitierecht in mededingingszaken

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden exhibitieplicht, schadevergoedingsacties, private enforcement, bewijsmateriaal, discovery
Auteurs Mr. M.A. van der Pool
SamenvattingAuteursinformatie

    De Commissie stelt in haar Witboek betreffende schadevergoedingsacties een model van beperkte discovery voor ten behoeve van de toegang tot bewijsmateriaal. Dit model moet in Europese landen verruimde mogelijkheden voor eisers teweeg brengen, om inzage te krijgen in het bewijsmateriaal in mededingingsrechtelijke civiele procedures. De voorgestelde regeling hoeft in Nederland niet te leiden tot een wijziging van het procesrecht. Het exhibitierecht van artikel 843a Rv biedt eisers voldoende mogelijkheden van vorderingen tot openbaarmaking. Aangezien de rechtspraak verschillend omgaat met de toepassing van het exhibitierecht, zullen voor een juiste implementatie van het model de voorwaarden van artikel 843a Rv verder uitgekristalliseerd dienen te worden.


Mr. M.A. van der Pool
Mr. M.A. van der Pool is per 1 april werkzaam als advocaat-stagiair bij Kennedy van der Laan op de sectie Verzekering & Aansprakelijkheid.
Artikel

Aansprakelijkheid op grond van de 403-verklaring

Een bespreking van enkele aspecten van de 403-verklaring aan de hand van de Jones Lang LaSalle-uitspraak

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2010
Trefwoorden 403-verklaring, concernverband, concernrecht, Jones Lang LaSalle-zaak, aansprakelijkheid
Auteurs Mr. B. Niels
SamenvattingAuteursinformatie

    In het huidige economische klimaat zal de belangstelling van zowel crediteuren als hoofdelijke debiteuren voor de aansprakelijkheid op grond van een 403-verklaring ongetwijfeld toenemen. Uit de praktijk en uit de rechtspraak blijkt echter dat nog de nodige onduidelijkheid bestaat over de uitleg van artikel 2:403 BW en de reikwijdte van de gedeponeerde 403-verklaring, waardoor enerzijds de moeder aansprakelijk kan zijn zonder dat het noodzakelijk is en anderzijds de dochter in strijd met de wettelijke regelgeving geen jaarrekening kan hebben gepubliceerd. Ook wordt regelmatig door de moeder vergeten de verklaring ten behoeve van een inmiddels verkochte dochter in te trekken en de aansprakelijkheid te beëindigen. In dit artikel wordt aan de hand van de recente Jones Lang LaSalle-zaak de problematiek met betrekking tot de 403-verklaring besproken.


Mr. B. Niels
Mr. B. Niels is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.