Zoekresultaat: 31 artikelen

x
Jaar 2013 x
Jurisprudentie

Verplichte vervroegde pensionering van piloten: leeftijdsdiscriminatie?

HR 13 juli 2012, JAR 2012/209, NJ 2012, 396 (werknemers/KLM en VNV)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2013
Trefwoorden vervroegd pensioenontslag, leeftijdsdiscriminatie, objectieve rechtvaardigingsgronden, legitiem doel, proportionaliteit, motivering
Auteurs T. Jaspers
SamenvattingAuteursinformatie

    Verplicht vervroegd pensioen is een fenomeen dat weliswaar steeds minder voorkomt, maar voor sommige beroepen nog vrij normaal is. Bij luchtvaartmaatschappijen zoals de KLM, maar daar niet alleen, geldt nog steeds een regeling dat piloten ruim voor de AOW-leeftijd, variërend van 56 tot 60 jaar, met pensioen (moeten) gaan. Er geldt een automatisch pensioenontslag. In 2012 heeft de Hoge Raad zich opnieuw moeten buigen over wat door piloten als leeftijdsdiscriminatie wordt aangemerkt. In 2006 had de Hoge Raad dat ook al eens gedaan in soortgelijke zaken. In de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie vindt men inmiddels een uitgebreide jurisprudentie op verplicht pensioenontslag. In zijn recente arrest van 2012 volgt de Hoge Raad de lijn van de rechtspraak van het Europese Hof en komt tot de conclusie dat er weliswaar sprake is van ‘onderscheid naar leeftijd’, maar dat daarvoor een objectieve rechtvaardiging bestaat zoals door KLM en de vakbond van piloten was aangegeven. Deze uitspraak is niet alleen van belang voor deze KLM-piloten, maar gaat verder, omdat het verplichte of automatische pensioenontslag, niet alleen ‘vervroegd’ maar ook op latere leeftijd, zoals dat tegenwoordig vaker voorkomt, hier aan de orde is. In deze annotatie wordt de motivering van de Hoge Raad – en van het hof van Amsterdam in appèl – tegen het licht gehouden en geconfronteerd met de wijze waarop het Europese Hof en de hoogste gerechten in Duitsland en Frankrijk te werk gaan. Er kan gerede twijfel rijzen of de redeneringen in de Nederlandse rechtspraak wel even sound en houdbaar zijn als we in de rechtspraak van het Europese Hof en het Duitse Bundesarbeitsgericht aantreffen. De materie is weerbarstig, dat is wel duidelijk. Zij heeft vele facetten, niet in het minst uit een oogpunt van werkgelegenheidsbeleid, landelijk én lokaal of zelfs op het niveau van de onderneming. In deze annotatie worden de verschillende invalshoeken belicht om tot een oordeel te komen óf en zo ja onder welke voorwaarden een dergelijk onderscheid naar leeftijd gerechtvaardigd zou kunnen zijn en welke eisen gesteld zouden moeten worden aan de motivering ervan.


T. Jaspers
Prof. mr. A.P.C.M. Jaspers is emeritus hoogleraar Sociaal Recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Transparantie leidt niet vanzelfsprekend tot vertrouwen in de rechtspraak

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Transparency, information, factors influencing confidence in the judiciary
Auteurs Petra Jonkers
SamenvattingAuteursinformatie

    Transparency of institutions like the judiciary is often assumed to increase confidence. However, a recent survey concerning opinions about the judiciary showed that in many cases one trusts the judiciary without having any special interest in the judiciary itself. It revealed that confidence in the judiciary depends on various factors like anomy, social trust, general institutional trust, personal experience and feelings about a fair chance in a hypothetical case for court. And transparency will not easily change these factors. Furthermore, providing information can both strengthen and weaken confidence due to the personal backgrounds of those receiving the information. Finally, this paper discusses whether strategic and positive information that is needed to increase confidence allows for drawing one’s own conclusions as transparency promises.


Petra Jonkers
Petra Jonkers is politicoloog en stafmedewerker bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Zij promoveerde in 2003 in Nijmegen op een rechtssociologisch onderzoek naar de kwaliteit van wetgeving. Recente publicaties: ‘Inzicht in gedrag voorwaarde voor goede wetgeving’, Regelmaat 2013-28(1), p. 6-21; ‘Zet transparantie liever in voor bekritiseerbaarheid dan voor vertrouwen’, in: D. Broeders, C. Prins, H. Griffioen, P. Jonkers, M. Bokhorst & M. Sax (red.), Speelruimte voor transparantere rechtspraak, Amsterdam: Amsterdam University Press 2013, p. 449-479.
Artikel

Van 403-verklaringen, achterstelling en afhankelijkheid

403-perikelen rondom de onteigening van SNS

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2013
Trefwoorden 403-verklaring, achterstelling, afhankelijkheid, SNS REAAL, rangorde
Auteurs Mr. S. Timmerman en Mr. R.M. de Winter
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden enkele aspecten van de 403-verklaring behandeld, die ook aan de orde zijn gekomen in de schadeloosstellingsprocedure bij de Ondernemingskamer naar aanleiding van de onteigening van SNS. Het betreft de vraag of een vordering uit hoofde van een 403-verklaring als een zelfstandig recht moet worden beschouwd en de vraag welke rang een vordering uit hoofde van een 403-verklaring inneemt.


Mr. S. Timmerman
Mr. S. Timmerman is werkzaam bij de Nederlandsche Bank.

Mr. R.M. de Winter
Mr. R.M. de Winter is werkzaam bij de Nederlandsche Bank.
Artikel

Bank, zorgplicht en derden: enkele lessen voor de bancaire praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2013
Trefwoorden bank, zorgplicht, derden, beleggersbescherming, onderzoeksplicht
Auteurs Mr. A.J.C.M. Meijs
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bank heeft een zorgplicht jegens derden wanneer zij zich realiseert dat mogelijk door een cliënt zonder een vereiste Wft-vergunning wordt gehandeld, waardoor derden schade kunnen ondervinden. De bank moet dan onderzoek doen naar de cliënt. Nadat de bank onderzoek heeft gedaan en ervan overtuigd is dat er niet overeenkomstig de vergunningsplicht wordt gehandeld, moet de bank aan dat gevaar voor beleggers adequaat een einde maken. In de jurisprudentie zijn verschillende mogelijkheden aan de orde geweest, maar zij zijn niet allemaal even adequaat.


Mr. A.J.C.M. Meijs
Mr. A.J.C.M. Meijs is in april 2013 afgestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen op de bancaire zorgplicht jegens derden.
Artikel

Derkje Hazewinkel-Suringa: moed en middenweg

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden First female Dutch law professor, anti-fascism, Dutch criminal law
Auteurs Leny de Groot-van Leeuwen
SamenvattingAuteursinformatie

    Derkje Hazewinkel-Suringa entered law studies only after marriage and fulfilling about fifteen years of motherhood duty. Once at the university however, she rapidly became a student-researcher, delivered a PhD dissertation on ownership transfer and was appointed as the first female law professor in 1932, at the age of 42. Her professorship was in a remarkably different field, namely criminal law. Twenty years later she published the Introduction to the Study of Criminal Law, which would become the basis for criminal law teaching in the Netherlands for decades. A major reason behind this success was that the book, emphasizing active study of the law rather than passive reproduction, coincided with the general sprit of the post war era. Besides her scholarly work in which balance and synthesis were the major features, Hazewinkel-Suringa was a very outspoken actor in matters political. In 1936, when virtually the whole country was trying to accommodate the rise of fascism in the mighty neighbouring country, she became member of an anti-fascism committee. In 1938 she wrote a plea to the minister of Justice to allow entry of German-Jewish children into the country. During the German occupation (1940-1945) she proposed to close the university because of the dismissal of Jewish professors. She continued her protests against the social mainstream after the war, e.g. writing against the reintroduction of the death penalty (primarily focused on collaborators with the German regime). Hazewinkel-Suringa’s acts of individual courage could not make a difference in the overall political atmosphere of these times.


Leny de Groot-van Leeuwen
Leny de Groot-van Leeuwen is hoogleraar Rechtspleging en voorzitter van het gelijknamige onderzoeksprogramma van het onderzoekscentrum Staat en Recht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij publiceerde in boeken en tijdschriften over de juridische beroepen en de legitimiteit van rechtspraak.
Artikel

Remission in de nieuwe arbitragewet

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Remission, Terugverwijzing, Vernietiging, Herroeping, Arbitrage
Auteurs Mr. N. Peters en Mr. B. van Zelst
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaan de auteurs in op de voorgestelde mogelijkheid van remission in de nieuwe arbitragewet. Daarbij signaleren zij een aantal mogelijke onduidelijkheden en discussiepunten. Zij trachten daar antwoorden op te geven en stellen een aantal oplossingen voor. De auteurs concluderen dat de mogelijkheid van remission bijdraagt aan een efficiënte(re) procesvoering. Daarom valt zij toe te juichen.


Mr. N. Peters
Mr. N. Peters is advocaat bij Banning N.V. alsmede docent en buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. B. van Zelst
Mr. Van Zelst is docent aan de Radboud Universiteit.

    In this essay the nature of crime and death in opera is dealt with, focussing on a select number of operas, such as Verdi’s MacBeth, Wagner’s Die Walküre and Strauss’s Salome and Elektra. It appears that crime in opera is pervasive and appears in many different forms, as well as in a wide variety of contexts. An attempt is made to analyse the way composers manipulate the circumstances of killings – lenghtening or shortening or replacing scenes – in order to get maximum results in terms of emotional content.


Lodewijk Brunt
Prof. dr. Lodewijk Brunt is emeritus hoogleraar urbane vraagstukken aan de Universiteit van Amsterdam. E-mail: L.Brunt@upcmail.nl.

    In this article I will explore the concept of transgression within the realm of rock music using the biography of Lou Reed, known for such songs as ‘Walk on the Wild Side’ and ’I’m Waiting for the Man’. I discuss Lou Reed’s social transgressions as a reaction to and resistance toward institutions of social control such as family, media and the music industry, which stigmatized him as an outsider. This study, which is based on secondary material, such as biographies, interviews and songs, shows how Lou Reed transgressed social norms with respect to drugs, sex, and gender.


Thaddeus Müller
Dr. Thaddeus Müller is verbonden aan de sectie criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam. E-mail: Muller@law.eur.nl.

Tom Bertens
Tom Bertens is als gerechtsauditeur verbonden aan het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad der Nederlanden en is buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Feikje Vellinga-Schootstra
Feikje Vellinga-Schootstra is hoogleraar straf(proces)recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en raadsheer-plaatsvervanger in Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Artikel

De clementiethriller als nieuw filmgenre

Het gebruik van gedramatiseerde voorlichtingsfilms in het toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden clementiethriller, voorlichtingsfilm, film, voorlichting, media
Auteurs Dr. Judith van Erp
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de nieuwste ontwikkelingen in het gebruik van media door toezichthouders is het produceren van gedramatiseerde films, om ondernemers voor te lichten over het toezicht en af te schrikken. Met name in het mededingingstoezicht hebben mededingingsautoriteiten in verschillende landen realistische ‘docudrama’s’ geproduceerd waarin fictieve kartels worden ontmaskerd en bestraft. In deze bijdrage bespreek ik de vier belangrijkste ‘clementiefilms’ van dit moment: ‘Clementie in kartelzaken’ van de Nederlandse Mededingingsautoriteit; de ‘Competition Compliance film’ van de Britse Office of Fair Trading; het Australische ‘The Marker’ van de ACCC; en de Zweedse film ‘Be the first to tell – a film about leniency’. Hoewel de verhaallijnen in de films overeenkomsten vertonen, hebben ze inhoudelijk verschillende boodschappen. In deze bijdrage wordt een vergelijking gemaakt van de vorm en inhoud van deze films, en worden ze afgezet tegen inzichten uit sociaalwetenschappelijk onderzoek naar de achtergrond van mededingingsovertredingen om een indruk te geven van de mogelijke bijdrage van deze films aan de naleving.


Dr. Judith van Erp
Dr. J.G. van Erp is universitair hoofddocent criminologie aan de Erasmus School of Law.
Artikel

Interview

Dr. Theo Compernolle: out-of-the-box coach en bemiddelaar

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Coaching, executive teams, work-related stress, family business
Auteurs Rob Jagtenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    Educated as a psychiatrist, Dr. Compernolle first became one of the world’s leading experts in work-related stress. From there, he developed into a coach of executive teams, frequently engaged by large multinational companies. Mr. Compernolle discusses the differences between coaching and mediation, and shares some of his techniques for changing communication dynamics within teams. His special interest concerns family businesses, where emotions easily surface, and where problems need to be solved swiftly, to avert irreparable damage to family relations. Mr. Compernolle concludes the interview discussing some observations from his latest book: BrainChains.


Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg is docent aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam en verricht aldaar vergelijkend onderzoek naar mediation en conflictmanagement in Europa. Tevens is hij redacteur van TMD.
Praktijk

Kroniek rechtspraak civiel recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden aansprakelijkheid, schending zorgplicht, protocol, veiligheidsnorm, schending toezichthoudende taken
Auteurs Mr. drs. M.J.J. de Ridder
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden in het kort de belangrijkste ontwikkelingen in de jurisprudentie besproken in de periode van 1 september 2011 tot en met 1 juni 2013. Daarbij wordt eerst ingegaan op de diverse gronden waarop de aansprakelijkheid kan worden gebaseerd: schenden van de zorgplicht, niet nakomen van een protocol, schenden van een veiligheidsnorm, schenden van een toezichthoudende taak; gebruik maken van een gebrekkige hulpzaak, aansprakelijkheid van een producent en het ontbreken van informed consent. Voorts wordt ingegaan op de voorwaarden die aan het causaal verband en toerekening kunnen worden gesteld, in welk kader ook de ontwikkelingen op het gebied van de omkeringsregel en de proportionaliteit en kansschade aan bod komen. Andere onderwerpen die in de kroniek worden besproken zijn: deskundigenberichten, verjaring en de Wbp.


Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is werkzaam als advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht.
Artikel

Wisselwerking tussen publiek- en privaatrecht en de nieuwe regeling van overheidsaansprakelijkheid in de Awb

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden onrechtmatige overheidsdaad, rechtmatige overheidsdaad, nadeelcompensatie, bestuursrechtelijke verzoekschriftprocedure, formele rechtskracht
Auteurs Prof. mr. B.J. Schueler
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs is een nieuwe regeling in werking getreden voor procedures over aansprakelijkheid voor schade die is veroorzaakt door onrechtmatige besluiten en sommige daarmee samenhangende handelingen. In een andere regeling, die later in werking zal treden, wordt het leerstuk van de nadeelcompensatie gecodificeerd. Aan de Awb ligt de gedachte ten grondslag dat bestuursrecht en privaatrecht waar mogelijk gelijk moeten zijn en waar nodig moeten verschillen. Met dit uitgangspunt is de nieuwe regeling niet in strijd. De complexiteit van de rechtsmachtverdeling blijft – ondanks de pretentie van vereenvoudiging – grotendeels in stand.


Prof. mr. B.J. Schueler
Prof. mr. B.J. Schueler is hoogleraar bestuursrecht en omgevingsrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Uitvoeringsorganisaties: juridische adviseurs voor de wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2013
Trefwoorden uitvoering, uitvoeringsorganisaties, Vreemdelingenwet 2000, procesvertegenwoordiging
Auteurs Mr. ir. M. Petsch en Mr. N.Th. van Schelven
SamenvattingAuteursinformatie

    Wet- en regelgever zijn gebaat bij een juridische terugkoppeling vanuit de praktijk. De focus ligt op de advisering van rechter naar wetgever. Onderbelicht is de rol van landelijke uitvoeringsorganisaties. Zij zijn belast met de uitvoering van wet- en regelgeving op een specifiek terrein en partij bij alle rechtsgeschillen op dat terrein. Daardoor hebben ze een goed beeld van onvolkomenheden in regelgeving. Tot hun verantwoordelijkheid behoort ervoor te zorgen dat zij te allen tijde rechtmatig handelen, juridisch in control zijn. Met systematische jurisprudentieanalyses kunnen uitvoeringsorganisaties een bijdrage leveren aan een kwalitatieve verbetering van wet- en regelgeving. Zo vormen zij een zekere brugfunctie tussen rechtspraak en wetgever.


Mr. ir. M. Petsch
Mr. ir. M. Petsch is senior procesvertegenwoordiger bij de IND. m.petsch@ind.minvenj.nl

Mr. N.Th. van Schelven
Mr. N.Th. van Schelven is directeur Procesvertegenwoordiging bij de IND. nt.schelven@ind.minvenj.nl
Artikel

Burgers voor/tegen burgers: buurtwachten in Nederland en hun verbindingen met bewoners, politie en gemeente

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden citizen watches, citizen participation, local public safety, local governance, The Netherlands
Auteurs Marco van der Land
SamenvattingAuteursinformatie

    During the last decade the phenomenon of citizen watches has become a common and meaningful element in citizen participation that aims to improve local public safety. Citizen watches make a great case for examining the tension between the need for the Dutch government to maintain control over local safety issues and the strivings of citizens to contribute to local solutions in a more or less autonomous way. This paper examines the question to what extent citizen watches can contribute to the governance of local safety in a meaningful way. The Dutch government has been appealing strongly for more citizen involvement in public matters for some time, but is unclear about how municipalities and the police should respond to active citizens. The paper describes two different ways in which citizens can realize such an involvement i.e. either in a predominantly top-down fashion, in which the municipality and the police take a strongly directive approach towards citizen watches or in a more bottom-up oriented way, in which citizen watches are well embedded in local systems of informal social control. The paper argues and explains that both approaches have advantages as well as disadvantages regarding the way they support new forms of governance and cooperation between citizens and the state. It suggests that formal authorities can contribute to the self-reliance and collective efficacy of neighbourhood residents with regard to local public safety if they make a better effort of combining the pros of both approaches.


Marco van der Land
Dr. Marco van der Land is universitair docent bij de afdeling Bestuurswetenschappen en Politicologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en onderzoeker bij de Leerstoel Veiligheid en Burgerschap van de gelijknamige universiteit. Hij is tevens hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Veiligheid. E-mail: m.vander.land@vu.nl
Boekbespreking

‘Panta rhei!’ Een dynamisch perspectief op verandering in veiligheidszorg

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2013
Trefwoorden security, Foucault, Deleuze, assemblage
Auteurs Prof. dr. Willem de Haan
SamenvattingAuteursinformatie

    Order in Security. A Dynamic Perspective (Schuilenburg 2012) is a theoretical and empirical study of self-organizing processes of change taking place within what the author calls ‘security assemblages’. In this review, the study is favorably evaluated as a form of empirical philosophy and praised for usefully introducing French philosophy into the field of security studies. In terms of empirical sociological research, however, the study is more critically reviewed as offering little insight into the perceptions, emotions, interpretations and meanings that actors assign to their conduct in this field.


Prof. dr. Willem de Haan
Prof. dr. Willem de Haan is als senior research fellow verbonden aan de afdeling strafrecht & criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam. E-mail: w.j.m.de.haan@vu.nl.
Artikel

Kroniek Nederlands mededingingsrecht 2012

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2013
Trefwoorden kroniek, regelgeving, mededingingsafspraken, machtspositie, procedurele aangelegenheden
Auteurs Mr. A.R. Bosman, mr. E. Oude Elferink, mr. R.N.A. Nieuwmeyer e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2012 viel op het gebied van het nationaal mededingingsrecht het nodige te beleven. In deze kroniek passeren de interessantste zaken en ontwikkelingen de revue. Zoals gebruikelijk beperken de auteurs zich tot de bespreking van besluiten van de NMa en zaken die hun oorsprong vinden in een besluit van de NMa of daarmee verband houden.


Mr. A.R. Bosman
Mr. A.R. Bosman is als advocaat werkzaam bij CMS Derks Star Busmann.

mr. E. Oude Elferink
Mr. E. Oude Elferink is als advocaat werkzaam bij CMS Derks Star Busmann.

mr. R.N.A. Nieuwmeyer
Mr. R.N.A. Nieuwmeyer LL.M (Brugge) is als advocaat werkzaam bij CMS Derks Star Busmann.

Mr. A.P.C. Hazelhoff
Mr. A.P.C. Hazelhoff is als advocaat werkzaam bij CMS Derks Star Busmann.
Artikel

We moeten samen het dansje afmaken

PIW’ers aan het woord over belastende en motiverende aspecten van hun werk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2013
Trefwoorden prisons, prison officers, communication, collegial relations, work stress
Auteurs T. Molleman en E.F.J.C. van Ginneken
SamenvattingAuteursinformatie

    The job of prison officer is recognised as highly demanding, given that prisons are dynamic environments that place a burden on the mental and physical resources of staff. The article explores what prison officers consider the most rewarding and most stressful aspects of their job, and how they cope with job stress. The authors conducted seven semi-structured interviews with prison officers in a large Dutch prison to complement and illustrate findings from the literature. Prison officers especially enjoy human interaction in their job: working with their colleagues and with the prisoners. Poor communication about management and policy decisions, too much paperwork, and (violent) incidents caused frustration and stress among employees. Talking about problems with colleagues, family and friends alleviated some of the stress.


T. Molleman
Drs. Toon Molleman is werkzaam bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

E.F.J.C. van Ginneken
Esther van Ginneken, MPhil in Criminology, is verbonden aan het Prisons Research Centre als PhD candidate aan de University of Cambridge.
Artikel

Proportionele aansprakelijkheid en veroorzakingswaarschijnlijkheid

Een verkenning van het criterium veroorzakingswaarschijnlijkheid ter vaststelling van het percentage van proportionele aansprakelijkheid

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2013
Trefwoorden proportionele aansprakelijkheid, veroorzakingswaarschijnlijkheid, eigen schuld, billijkheidscorrectie, gevaar
Auteurs Mr. dr. J.M. Emaus en Prof. mr. A.L.M. Keirse
SamenvattingAuteursinformatie

    Nu proportionele aansprakelijkheid stevige voet aan de grond krijgt, is het zaak een eenduidige verdelingsmaatstaf voor de proportionele benadering te formuleren. Deze bijdrage draagt daartoe de leidraad van de veroorzakingswaarschijnlijkheid aan. Beslissend is in welke mate de mogelijke oorzaken het gevaar voor de schade, zoals die is ingetreden, in het leven hebben geroepen. Voor een bijstelling van deze causale schadedeling op grond van een billijkheidscorrectie is geen plaats.


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. dr. J.M. Emaus is docent/onderzoeker bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar burgerlijk recht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.
Artikel

Het stemrechtloze aandeel: een interessant instrument

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 5 2013
Trefwoorden stemrechtloos, preferent, aandeel, praktijk, Verenigde Staten
Auteurs Mr. N. Rachak
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het stemrechtloze aandeel en enkele toepassingsvormen.


Mr. N. Rachak
Mr. N. Rachak is als advocaat werkzaam bij Allen & Overy in Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 31 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.