Zoekresultaat: 6 artikelen

x
Jaar 2020 x
Wetenschap en praktijk

Leveranciers van elektriciteit en warmte in financiële moeilijkheden: een verkenning van de wettelijke regelingen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2020
Trefwoorden energie, warmtewet, banken, noodsituatie, faillissement
Auteurs Mr. drs. P. van Asperen en Prof. mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel onderzoeken de auteurs de regelingen uit de Elektriciteitswet 1998 en de Warmtewet die gericht zijn op het voorkomen van financiële problemen dan wel de toezichthouder de mogelijkheid geven in te grijpen als dat nodig is. Deze regelingen zijn bedoeld ter bescherming van afnemers tegen die situaties waarbij een leverancier van elektriciteit of warmte in de financiële problemen komt. Zij vergelijken deze regelingen met de regelingen uit de Wet op het financieel toezicht of Europese regelgeving gericht op het voorkomen van financiële problemen bij banken. De auteurs kiezen voor deze vergelijking met banken omdat deze ondernemingen, net als bij elektriciteit en warmte, een maatschappelijke functie kunnen vervullen. De vraag die zij stellen, is of de regelingen voor banken een inspiratiebron kunnen zijn voor het waarborgen van de belangen van de afnemers van elektriciteit en warmte.


Mr. drs. P. van Asperen
Mr. drs. P. (Peter) van Asperen is senior jurist bij de Autoriteit Consument & Markt en als buitenpromovendus internationale financiering verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.

Prof. mr. H. Koster
Prof. mr. H. (Harold) Koster is verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht (afdeling Ondernemingsrecht) van de Universiteit van Leiden als hoogleraar Ondernemingsrecht. Hij is tevens verbonden aan de Universiteit van Dubai.
Telecommunicatie

Kroniek Telecommunicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden elektronische communicatie, Telecomcode, connectiviteit, aanleg netwerken, netneutraliteit
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    De beschikbaarheid van vaste en mobiele netwerken met zeer hoge capaciteit, zoals glasvezelnetwerken en 5G-netwerken, is cruciaal in de digitale economie. De Richtlijn van 11 december 2018 tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie (‘de Telecomcode’) heeft als doelstelling om bij te dragen aan de ontwikkeling van hoogwaardige netwerken. Deze connectiviteitsdoelstelling staat naast de reeds bestaande doelstellingen op het gebied van mededinging, interne markt en de bescherming van eindgebruikers. Deze bijdrage beschrijft allereerst de maatregelen, veelal soft law, die ter invulling van de connectiviteitsdoelstelling in de twee jaar na de vaststelling van de Telecomcode op Europees niveau zijn genomen, zoals Berec-richtsnoeren met een verduidelijking van nieuwe begrippen en instrumenten in de Telecomcode en een Aanbeveling van de Commissie voor een toolbox om de kosten van aanleg van nieuwe netwerken te verlagen. Daarna komt de gedeeltelijke implementatie in de Nederlandse Telecommunicatiewet aan de orde. Vervolgens passeert de jurisprudentie de revue, waarin een uitleg van de reikwijdte en de inhoud van het kader voorafgaand aan de Telecomcode, en van de Netneutraliteitsrverordening wordt gegeven. Daarbij wordt, waar relevant, ook benoemd hoe de uitleg zicht verhoudt tot de Telecomcode en de Nederlandse implementatie.


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is als bijzonder hoogleraar Telecommunicatierecht verbonden aan eLaw van de Universiteit Leiden en is advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.
Artikel

Access_open De slimme stad: grote beloften, weerbarstige praktijk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2020
Trefwoorden smart lamp posts, public values, data principles, digital entanglement, Quadruple Helix
Auteurs Dr. Bart Karstens, Linda Kool MSc MA en Prof. dr. ir. Rinie van Est
SamenvattingAuteursinformatie

    The smart city is the urban ideal of our time. Yet its high expectations often run counter against the performance of smart city projects in practice. The Rathenau Institute has studied a number of such projects in the municipality of Eindhoven, a leading city with respect to digital innovation in the Netherlands. To ensure that data is used in a proper manner with respect for public values Eindhoven has applied several strategies, such as privacy by design and the active involvement of its citizens. It has also set up a number of principles for the digital society which helped to negotiate contracts with private partners. Yet the authors’ analysis shows that important legal challenges remain. Some of the principles require more detailed specification. The authors also found that the law is not yet fully appropriated to the new digital context and needs to be adjusted accordingly.


Dr. Bart Karstens
Dr. B. Karstens is onderzoeker op het gebied van kunstmatige intelligentie en de digitale samenleving bij het Rathenau Instituut.

Linda Kool MSc MA
L. Kool MSc MA is coördinator binnen het thema Digitale Samenleving verbonden aan het Rathenau Instituut.

Prof. dr. ir. Rinie van Est
Prof. dr. ir. Q.C. van Est is als coördinator binnen het thema Slimme Samenleving werkzaam bij het Rathenau Instituut. Hij is tevens hoogleraar Technology Assessment and Governance aan de Technische Universiteit Eindhoven.
Artikel

Access_open Wie stuurt de veiligheidsregulering van de (deels) zelfrijdende auto?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2020
Trefwoorden verkeersveiligheid, aansprakelijkheid, verkeersverzekering
Auteurs Mr. dr. K.A.P.C. van Wees
SamenvattingAuteursinformatie

    De huidige technologische ontwikkelingen op het terrein van de voertuigautomatisering stellen het bestaande publiekrechtelijk reguleringsinstrumentarium op de proef. Daarbij spelen met name de snelheid van de ontwikkelingen, de onzekerheid over de veiligheidseffecten en de nieuwsoortige aard van de technologie en de daaraan verbonden risico’s een rol. Een van de vragen die daarbij rijst, is die naar het potentieel van het aansprakelijkheidsrecht om als aanvullend of substituut-reguleringsinstrument te fungeren. Het antwoord op die vraag is, in ieder geval in theorie, positief.


Mr. dr. K.A.P.C. van Wees
Mr. dr. K.A.P.C. (Kiliaan) van Wees is universitair docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    De auteurs bespreken artikel 4:210 lid 1 BW bezien vanuit de nieuwe Richtlijnen Vereffening nalatenschappen en Handleiding erfrechtprocedures kantonrechter. Dit artikel regelt de aanwijzingsbevoegdheid van de kantonrechter ten opzichte van de vereffenaar. In deze bijdrage wordt ingegaan op de ambtshalve aanwijzing en de aanwijzing op verzoek van een belanghebbende (bijvoorbeeld de vereffenaar), en in welke vorm zo’n aanwijzing kan worden gegeven. In het bijzonder wordt aandacht besteed aan het standpunt van de expertgroep dat verzoeken tot aanwijzingen niet (meer) mogelijk zijn.


Mr. J.Th.M. Diks
Mr. J.Th.M. Diks is advocaat en vereffenaar bij Advocaten Familie- & Erfrecht te Eindhoven en Utrecht en docent bij diverse opleidingsinstellingen. Hij is medeontwikkelaar van en docent bij de Specialisatieopleiding Vereffening Nalatenschappen van Familie- & Erfrecht Instituut Nederland.

Mr. dr. N. Lavrijssen
Mw. mr. dr. N. Lavrijssen is medewerker bij het wetenschappelijk bureau van Advocaten Familie- & Erfrecht te Eindhoven en Utrecht. Zij is tevens als docent en onderzoeker verbonden aan de Juridische Hogeschool Avans-Fontys te Tilburg en ’s-Hertogenbosch.
Artikel

Het loon van de vereffenaar ex artikel 4:206 lid 3 BW: is er nog een rekening te vereffenen?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden salaris vereffenaar, voorschot, Recofa-richtlijnen
Auteurs Mr. J.Th.M. Diks en Mr. dr. N. Lavrijssen
SamenvattingAuteursinformatie

    Een door de rechter benoemde vereffenaar heeft op grond van artikel 4:206 lid 3 BW recht op loon dat door de kantonrechter wordt vastgesteld. Over het loon van de vereffenaar en het eventuele voorschot daarop ontstaat met enige regelmaat discussie en bestaat ook nog de nodige onduidelijkheid. In deze bijdrage gaan de auteurs hierop in. Daarbij wordt tevens ingegaan op de Recofa-richtlijnen voor de bepaling van de hoogte van het loon, de positie die een vereffenaar als schuldeiser inneemt en de actie die erfgenamen ter beschikking staat als ze het niet eens zijn met de hoogte van het loon van de vereffenaar. Ook wordt een vergelijking gemaakt met het salaris van de curator in een faillissement.


Mr. J.Th.M. Diks
Mr. J.Th.M. Diks is advocaat en vereffenaar bij Advocaten Familie- & Erfrecht te Eindhoven en Utrecht en docent bij diverse opleidingsinstellingen. Hij is medeontwikkelaar van en docent bij de Specialisatieopleiding Vereffening Nalatenschappen van Familie- & Erfrecht Instituut Nederland.

Mr. dr. N. Lavrijssen
Mw. mr. dr. N. Lavrijssen is medewerker bij het wetenschappelijk bureau van Advocaten Familie- & Erfrecht te Eindhoven en Utrecht. Zij is tevens als docent en onderzoeker verbonden aan de Juridische Hogeschool Avans-Fontys te Tilburg en ’s-Hertogenbosch.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.