Zoekresultaat: 36 artikelen

x
Jaar 2011 x
Artikel

Over moeders en dochters

Het weerlegbaar vermoeden in de praktijk

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2011
Trefwoorden kartel, aansprakelijkheid moederonderneming, weerlegbaar vermoeden, beslissende invloed, motiveringsgebreken
Auteurs Mr. F. Muller en Dr. mr. S. Verschuur
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. F. Muller
Mr. Frans Muller is advocaat bij Clifford Chance in Amsterdam.

Dr. mr. S. Verschuur
Dr. mr. S. Verschuur is advocaat bij Clifford Chance in Amsterdam.


Mr. R. Wesseling
Mr. R. Wesseling is advocaat bij Stibbe en Professor of Competition Law and Regulation aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Minimumstraffen en de dovemansoren van de wetgever

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2011
Trefwoorden minimum sentences, sentencing goals, retribution, penal populism
Auteurs Sigrid van Wingerden
SamenvattingAuteursinformatie

    Early this year, a bill was introduced proposing mandatory minimum sentences in the Netherlands. Despite harsh criticism from within the legal complex, the bill has not been withdrawn, instead its scope has been broadened. This article states that the reasons given for the introduction of mandatory minimum sentences have no empirical foundation and that the objectives of the bill will not be reached: mandatory minimum sentences will not contribute to the prevention of crime. The reason for the introduction of the bill is nothing less than a textbook example of penal populism.


Sigrid van Wingerden
Mr. drs. Sigrid van Wingerden is PhD-fellow bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Over objectieve en subjectieve onveiligheid

En de (on)zin van het rationaliteitdebat

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2011
Trefwoorden fear of crime, fear victimization paradox, rationality debate
Auteurs Stefaan Pleysier
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution focuses on ‘fear of crime’ research. Departing from the classic distinction between crime and victimization as objective threats, on the one hand, and fear of crime as a subjective and emotional interpretation of that threat, on the other hand, the research tradition is confronted with the so-called fear victimization paradox. This paradox emerges from the observation that fear of crime is greater among women and elderly people, while these groups actually are less at risk of becoming a crime victim. It has immersed the research tradition in a dominant debate on the rationality of the fear of crime, with two opposing paradigms: rationalist and symbolic.Whilst both the paradox and the different paradigms in the debate offer a view at the core of fear of crime research, and illustrate how similar empirical observations can lead to differing explanations, and policy implications for that matter, we argue that the fear victimization paradox and the rationality debate surrounding this paradox, has occupied the bulk of research on fear of crime with what is essentially a nonsensical and redundant debate.


Stefaan Pleysier
Prof. dr. S. (Stefaan) Pleysier is docent Jeugdcriminologie en Methoden van onderzoek aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de K.U.Leuven, en verbonden aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC) waar hij co-coördinator is van de onderzoekslijn Jeugdcriminologie. E-mail: stefaan.pleysier@law.kuleuven.be

Lonneke van Noije
Lonneke van Noije is als senior wetenschappelijk medewerker werkzaam bij het SCP en is tevens hoofdredacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Jazzy structures

Een slotbeschouwing over de toekomst van veiligheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2011
Auteurs Hans Boutellier
SamenvattingAuteursinformatie

    The author provides a discussion of the articles in this issue of the Tijdschrift voor Veiligheid (Journal on Security) on the occasion of its tenth anniversary. He notes that there is an increasing hybridising, subjectification and fragmentation in the security area. The increasing interweaving of security politics seems to apply least to a common approach in ‘social security and physical safety issues’ (crime control and disaster and crisis management), while exactly this was aimed for in so-called integral security politics. According to the author that is the case because of ‘the moral pin’, which plays a dominant role in crime, but not in safety issues. The entanglement of forms of security identified by the author has a normative basis – it comes from the social order of an increasingly complex society. For the future an ever greater responsibilisation can be expected, in which the perception of security becomes even more important than it is now already. Not a big orchestrated security policy, but jazzy structures will then determine the prospects.


Hans Boutellier
Prof. dr. J.C.J. (Hans) Boutellier is algemeen directeur van het Verwey-Jonker Instituut en hoogleraar Veiligheid & Burgerschap aan de Vrije Universiteit Amsterdam, Faculteit der Sociale Wetenschappen, Afdeling Bestuurswetenschappen, De Boelelaan 1081, 1081 HV Amsterdam. E-mail: j.c.j.boutellier@vu.nl
Artikel

Access_open Bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken naar Nederlands, Duits en Amerikaans recht

Is het mogelijk en wenselijk een Europees openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken te creëren?

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2011
Trefwoorden pandrecht, fiduciaire eigendomsoverdracht, zekerheidsrechten, Europees vermogensrecht, goederenrecht, publiciteit
Auteurs Mr. M.A. Heilbron
SamenvattingAuteursinformatie

    Is het mogelijk en wenselijk een Europees openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken te creëren? Dat is de vraag die in dit artikel aan de orde komt. Zij past binnen een bestaand debat over de toekomst van het zekerhedenrecht in het Europees privaatrecht. Om tot een antwoord op deze vraag te komen worden de rechtsstelsels van drie landen op het gebied van stille zekerheidsrechten vergeleken: dat van Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten. Deze landen kennen momenteel onderling zeer verschillende systemen voor zekerheidsrechten op roerende zaken. Er wordt nagegaan of er in de Europese Unie behoefte bestaat aan harmonisatie van (delen van) het zekerhedenrecht en zo ja, of deze zou kunnen plaatsvinden door middel van de invoering van een openbare registratie voor zekerheidsrechten. Openbare registratie heeft publieke kenbaarmaking van zekerheidsrechten tot gevolg. Er zal worden onderzocht of het goederenrechtelijke publiciteitsbeginsel voldoende rechtvaardiging biedt voor het in het leven roepen van een openbaar register voor zekerheidsrechten.
    Naar de mening van de auteur is een openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten de meest wenselijke keuze voor het zekerhedenrecht in de EU. Dat komt met name doordat registratie bestaande bezwaren omtrent stille zekerheidsrechten weg zal nemen en een dergelijk recht overal in de EU erkend zal worden. Dat brengt naar haar mening de meeste rechtszekerheid voor het zekerhedenrecht.


Mr. M.A. Heilbron
Mr. M.A. Heilbron is afgestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam in het privaatrecht.
Redactioneel

Over cultuur en criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 0 2011
Trefwoorden culture, crime, media, research methods
Auteurs Marc Schuilenburg, Dina Siegel, Richard Staring e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In the introduction to this first issue of the Dutch Journal on Culture and Crime, the editors first examine the history of cultural perspectives in criminology and the reasons why this approach is particularly relevant to analyse crime in our globalised consumer societies. Cultural criminology’s social-constructionist perspectives on the key-concepts, culture and crime, are elaborated next, followed by an exposé of the new imaginative meaning of media-studies in our age of information. In the last paragraph the claim is made that, although ethnography plays a key-role, there is a wide variety of research methodologies that can be applied in cultural criminological framework.


Marc Schuilenburg
Mr. drs. Marc Schuilenburg is docent bij de sectie Criminologie van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Zijn website is www.marcschuilenburg.nl. E-mail: m.b.schuilenburg@vu.nl.

Dina Siegel
Prof. dr. Dina Siegel is als hoogleraar Criminologie verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht. E-mail: d.siegel@uu.nl.

Richard Staring
Prof. dr. Richard Staring is bijzonder hoogleraar Mobiliteit, toezicht en criminaliteit aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. E-mail: staring@law.eur.nl.

René van Swaaningen
Prof. dr. René van Swaaningen is hoogleraar Internationaal vergelijkende criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en wetenschappelijk directeur van de Erasmus Graduate School of Law. E-mail: vanswaaningen@law.eur.nl.
Artikel

‘Boeven vangen’ via internet

Beelden over criminaliteit in opsporingsberichtgeving

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 0 2011
Trefwoorden crime & media, responsibilization, internet, citizen participation
Auteurs Judith van Erp
SamenvattingAuteursinformatie

    This article studies community notification of suspects, as in Crimewatch and its Dutch equivalent, Opsporing Verzocht, and on police websites. It explores how these messages frame crime, and how these frames change when police messages are copied by private websites. Publication of suspects by the police is characterized as responsibilization, because it legitimizes the authority of the police and reinforces existing relations between police and the public. The new media, however, undermine the frame of authority as it is presented by the police, either because publications aiming to detect suspects are transformed into news or entertainment, or because private websites select those publications that give room to the questioning of police performance. As for the presentation of the publications, this article compares the Dutch TV program Opsporing Verzocht and the website GeenStijl. Opsporing Verzocht centers around the victim, while GeenStijl presents the subject from an enforcement point of view. GeenStijl users are not addressed as the police’s helping hands, but as autonomous agents of social control, sometimes standing in for the police. Community notification of suspects therefore not only influences detection rates, but also the relation between the police, the public, and offenders in society.


Judith van Erp
Dr. Judith van Erp is universitair hoofddocent Criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. E-mail: vanerp@law.eur.nl.
Artikel

Access_open Een discipline in transitie

Rechtswetenschappelijk onderzoek na de Commissie Koers

Tijdschrift Law and Method, 2011
Trefwoorden rechtswetenschappelijk onderzoek, peer review, ranking, methodologie, grand challenges
Auteurs Carel Stolker
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2010 verscheen het rapport Kwaliteit & diversiteit van de Commissie Koers die het wetenschappelijk onderzoek van negen Nederlandse juridische faculteiten beoordeelde. De conclusie van het rapport is dat het ‘goed’ gaat met het rechtswetenschappelijk onderzoek in Nederland, maar tegelijkertijd ziet de Commissie ‘een discipline in transitie’. De Commissie dringt er bij de decanen van de faculteiten op aan om veel meer te gaan samenwerken. Als uitgesproken ‘zwak’ benoemt ze het gegeven dat er binnen de discipline geen algemeen gedeelde opvatting bestaat over de wetenschappelijke kwaliteit op grond waarvan onderzoeksresultaten beoordeeld kunnen worden. In deze bijdrage blikt de auteur aan de hand van de bevindingen van de Commissie Koers terug en trekt hij lijnen naar de toekomst. Volgens hem verdient vooral de externe oriëntatie aandacht: de wetenschappelijke verantwoording (peer review, ranking, impactmeting), de steeds belangrijker wordende maatschappelijke verantwoording, en de thematisering van het juridische onderzoek (de Europese ‘grand challenges’ en de Nederlandse topsectoren).


Carel Stolker
Prof. mr. Carel Stolker was decaan van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. Daarvoor was hij vice-decaan voor het onderzoek en directeur van het facultaire E.M. Meijers Instituut. In het academisch jaar 2011-2012 werkt hij aan een boek over rechtenfaculteiten.
Artikel

De Europese patiëntenrichtlijn: van privileges naar rechten voor alle patiënten in Europa?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden mobiliteit patiënten, richtlijn, zorg, patiëntrechten, vrij verkeer
Auteurs Mr. dr. S.A. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Bijna drie jaar nadat de Europese Commissie haar voorstel had gepubliceerd,1x Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg van 2 juli 2008, COM(2008) 414 def. Zie ook W. Sauter, ‘Patiëntenrechten bij grensoverschrijdende zorg’, NTER 2009/1, p. 1-7. is de richtlijn betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg onlangs door het Europees Parlement en de Raad aangenomen.2x Richtlijn 2011/24/EU betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende zorg, Pb. EU 2011, L 88/45. Op zichzelf is deze periode niet eens zo verbazingwekkend, gezien de ‘gevoeligheid’ van het onderwerp. Gezondheidszorg is bovendien een terrein waarop de lidstaten primair bevoegd zijn en de Europese Unie, volgens artikel 6 VWEU en artikel 168 lid 7 VWEU, slechts een ondersteunende en coördinerende rol vervult.Maar met de arresten van het Hof van Justitie over de toepassing van de Verdragsbepalingen betreffende het vrije dienstenverkeer op grensoverschrijdende zorg werd al lang vóór de totstandkoming van deze richtlijn de weg vrijgemaakt voor Europese regelgeving op dit terrein. In dit artikel staat de patiëntenrichtlijn centraal en het belang van deze richtlijn voor de ontwikkeling van patiëntenrechten in Europa.

Noten

  • 1 Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg van 2 juli 2008, COM(2008) 414 def. Zie ook W. Sauter, ‘Patiëntenrechten bij grensoverschrijdende zorg’, NTER 2009/1, p. 1-7.

  • 2 Richtlijn 2011/24/EU betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende zorg, Pb. EU 2011, L 88/45.


Mr. dr. S.A. de Vries
Mr. dr. S.A. de Vries is universitair hoofddocent Europees recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Kroniek ontwikkelingen Europees aanbestedingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden aanbesteding, concessie, rechtsbescherming, defensie, kroniek
Auteurs Mr. A. van der Linden en Mr. M.J.J.M. Essers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden de ontwikkelingen in het Europese aanbestedingsrecht belicht die zich hebben voor gedaan in de periode 1 juli 2010 tot 1 juni 2011. De kroniek sluit aan op de vorige kroniek die in november 2010 in NTER is gepubliceerd. Allereerst wordt de jurisprudentie van het Hof van Justitie besproken. Het betreft arresten over de werkingsfeer, de toepassing van de fundamentele beginselen van aanbestedingsrecht, de uitvoering van aanbestedingsprocedures en de rechtsbescherming. Vervolgens komen activiteiten van de Europese Commissie inzake beleidsvorming en wetgeving aan bod. De kroniek sluit af met enkele voorbeelden van handhaving van het aanbestedingsrecht door de Commissie, meer specifiek ten aanzien van de Nederlandse aanbestedingspraktijk.


Mr. A. van der Linden
Mr. A. van der Linden is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. M.J.J.M. Essers
Mr. M.J.J.M. Essers is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Arbitrage en het draagvlak bij insolventieprocedures

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Arbitrage, Insolventie, toepasselijk recht, praktische gevolgen
Auteurs Dirk De Meulemeester
SamenvattingAuteursinformatie

    An arbitrator and the parties can be confronted with an insolvent party. In such event the arbitrator will have to integrate the effects of the insolvency into the arbitration proceedings and consider several precautions in order to render a valid and enforceable award. The main principle when tackling most of these issues is the equality of creditors. Another issue can be the identification of the applicable (system of) law. The effect of the insolvency can vary considerably depending thereon. In domestic arbitration this will not be an issue. Also, when the parties all come from EU-member states, the identification of the applicable law and the effects of the insolvency are covered by the European Insolvency Regulation. But in other international disputes the relationship between bankruptcy law and arbitration can be complex and uncertain. To illustrate the difficulty of the issues the Syska Vivendi case serves as an excellent example. Finally we describe the impact on the way the arbitration is conducted by the tribunal and on the administration and supervision of the arbitration by the institution.


Dirk De Meulemeester
Dirk De Meulemeester is advocaat.
Artikel

Alcohol en agressie: een complexe relatie

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2011
Auteurs N. van Hasselt, N. van Bunningen en R. Bovens
SamenvattingAuteursinformatie

    Not everyone using alcohol turns aggressive. The effect of a substance like alcohol works differently for different individuals. This is not only due to the substance itself, but also to the drinker's attitude, state of mind and personality, as well as the physical, social and cultural settings in which drinking occurs. The relation between alcohol consumption and aggression is therefore a complex one. Moreover alcohol consumption often takes place in settings and situations where other aggression stimulating factors are present. This article explores the relation between alcohol and aggression on the basis of existing literature. Attention goes to the effects of the substance itself, the drinker and the context in which the drinking takes place.


N. van Hasselt
Drs. Ninette van Hasselt is werkzaam bij het Trimbos-instituut.

N. van Bunningen
Drs. N. van Bunningen is werkzaam bij het Trimbos-instituut.

R. Bovens
Dr. René Bovens is werkzaam bij het Trimbos-instituut.
Artikel

Systeem in het financiële toezicht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2011
Trefwoorden bankentoezicht, systeemtoezicht, risicogebaseerd toezicht, systeemrisico, stelselbreed toezicht, zelfregulering
Auteurs Prof. mr. dr. A.J.C. de Moor-van Vugt en Mr. drs. M.W. Wessel
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de lessen die algemeen getrokken wordt uit de huidige financiële crisis is dat wereldwijd te weinig aandacht besteed is aan risico-opbouw in het financiële stelsel als geheel. In dit artikel wordt verkend op welke wijze de Nederlandse wetgever en toezichthouders geconstateerde lacunes in regelgeving en praktijk aanvullen. Gekeken wordt met name hoe De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) toezicht houden op de bedrijfsvoering van financiële instellingen (systeemtoezicht), welke accenten daarin zijn aangebracht als gevolg van de crisis, en hoe dit toezicht kan bijdragen aan het bewaken van het financiële stelsel als geheel (stelselbreed toezicht). De conclusie luidt dat voor herstel van vertrouwen in de financiële sector – fundament van systeemtoezicht – een eenvoudiger structuur van financiële instellingen, markten en producten noodzakelijk is.


Prof. mr. dr. A.J.C. de Moor-van Vugt
Prof. mr. dr. A.J.C. de Moor-van Vugt is hoogleraar Staats- en Bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam. a.j.c.demoor-vanvugt@uva.nl

Mr. drs. M.W. Wessel
Mr. drs. M.W. Wessel is promovenda staats- en bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam. m.w.wessel@uva.nl
Artikel

De innoverende functie van het consumentenrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7/8 2011
Trefwoorden Burgerlijk Wetboek, consumentenrecht, gemeenschappelijke markt, innovatie, paradigma
Auteurs Prof. mr. E.H. Hondius
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2012 zal het consumentenrecht vijftig jaar bestaan. In die halve eeuw heeft het consumentenrecht innoverend gewerkt: bij de verwezenlijking van de gemeenschappelijke Europese markt, bij de ontwikkeling van een nieuw paradigma in het contractenrecht, bij de uitholling van de nulla poena-regel, als bruggenhoofd naar samenwerking met andere disciplines en als bron van nieuwe technieken zoals bedenktijd, informatieverplichting, small claims courts en collectieve actie.


Prof. mr. E.H. Hondius
Prof. mr. E.H. Hondius is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De problematiek van sfeervervaging bij de bestuurlijk-strafrechtelijke aanpak van mensenhandel in de legale prostitutiesector

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3 2011
Trefwoorden human trafficking, prostitution control, adminstrative measures, prevention, criminal justice
Auteurs Nina Holvast en Patrick van der Meij
SamenvattingAuteursinformatie

    Since the legalization of the prostitution sector, not only has the combating of human trafficking through criminal law been substantially fortified, but also the administrative approach to human trafficking in that sector. This integral approach of human trafficking, in which administrative and criminal law measures complement each other, is necessary to combat this harrowing type of crime. The criminal law-administrative approach offers good footholds for a more forceful reaction to human trafficking. Besides the preventive effect administrative measures can have as a complement to criminal law, administrative supervision can also be useful to obtain criminal law information. However, that brings several new dilemmas with it that are connected to the phenomenon of the blurring of spheres. Under certain circumstances, the blurring of spheres between a criminal law and an administrative approach can lead to an improper use of competencies. We conclude that in the manner in which the prostitution sector is currently supervised, the legal protection of the citizen against actions of the supervisor is inadequately guaranteed. That does not mean that information that is obtained through administrative supervision may no longer be used in criminal cases. It is to be recommended however that several changes be made to current practice, which may prevent the improper use of supervisory competencies in prostitution controls.


Nina Holvast
Mr. drs. N.L. (Nina) Holvast is junior onderzoeker bij de sectie Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Erasmus Universiteit Rotterdam. E-mail: holvast@frg.eur.nl.

Patrick van der Meij
Mr. dr. P.P.J. (Patrick) van der Meij is strafrechtadvocaat bij Cleerdin & Hamer Advocaten in Amsterdam en tevens research fellow bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden. E-mail: p.p.j.vandermeij@law.leidenuniv.nl.
Diversen

mr. Rob Blekxtoon

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2011
Auteurs Klaas de Graaff
SamenvattingAuteursinformatie

    In memoriam Rob Blekxtoon


Klaas de Graaff
Drs. Klaas de Graaff is oud-redactiesecretaris van PROCES en bestuurslid van Stichting Vrienden van het Tijdschrift PROCES.
Artikel

Politiecultuur: een empirische verkenning in de Nederlandse context

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2011
Trefwoorden police, police culture, police style, stress factors
Auteurs Prof.dr.ir. Jan Terpstra en Dorian Schaap
SamenvattingAuteursinformatie

    To what extent have the Dutch police a distinct culture that corresponds with the image of police culture as it has been described in American studies of the 1960s and 1970s? A survey among 260 police officers shows that the Dutch police culture has a strong emphasis on mission, action, and cynicism. Other well-known elements, like conservatism and machismo proved to be less important. In accordance with the stress-coping theory police culture proved to be stronger if police officers were confronted with internal and external stress. Police culture is positively related with a crime fighting police style, and negatively with a service/guardian style. No relations could be found with a professional police style.


Prof.dr.ir. Jan Terpstra
Prof. dr. ir. Jan Terpstra is hoogleraar aan het Criminologisch Instituut van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Dorian Schaap
Dorian Schaap is verbonden aan het Criminologisch Instituut van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Toont 1 - 20 van 36 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.