Zoekresultaat: 35 artikelen

x
Jaar 2013 x
Artikel

Access_open Alternative Methodologies: Learning Critique as a Skill

Tijdschrift Law and Method, 2013
Trefwoorden governmentality, methodology, method, skill
Auteurs Bal Sokhi-Bulley
SamenvattingAuteursinformatie

    How can we teach critical legal education? The article tackles this key question by focusing on the role of methodology in legal education and research. I argue that critical legal education requires marketing methodology as a ‘skill’, thereby freeing it from what students and researchers in Law often view as the negative connotations of ‘theory’. This skill requires exploring ‘alternative methodologies’ – those critical perspectives that depart from legal positivism and which Law traditionally regards as ‘peripheral’. As an example, the article explores the Foucauldian concept of governmentality as a useful methodological tool. The article also discusses the difference between theory, methodology and method, and reviews current academic contributions on law and method(ology). Ultimately, it suggests a need for a ‘revolt of conduct’ in legal education. Perhaps then we might hope for students that are not docile and disengaged (despite being successful lawyers) but, rather, able to nurture an attitude that allows for ‘thinking’ (law) critically.


Bal Sokhi-Bulley
Bal Sokhi-Bulley is Lecturer in Law atQueen’s University in Belfast.
Artikel

Access_open ‘I’d like to learn what hegemony means’

Teaching International Law from a Critical Angle

Tijdschrift Law and Method, 2013
Trefwoorden Bildung, cultural hegemony, international law, teaching
Auteurs Christine E.J. Schwöbel-Patel
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution explores the possibility of teaching international law in a critical fashion. I examine whether the training which is taking place at law schools is establishing and sustaining a cultural hegemony (a term borrowed from Antonio Gramsci). I ask whether the current focus on technical practice-oriented teaching is a condition which should be questioned, even disrupted? In my thoughts on reorientations of this culture, a central term is the German word Bildung. Bildung refers to knowledge and education as an end in itself (John Dewey) as well as an organic process (Hegel), and therefore incorporates a wider understanding than the English word ‘education’. In terms of international law, a notion of Bildung allows us to acknowledge the political nature of the discipline; it may even allow us to ‘politicize’ our students.


Christine E.J. Schwöbel-Patel
Christine E.J. Schwöbel-Patel is Lecturer in Law at University of Liverpool.
Jurisprudentie

Verplichte vervroegde pensionering van piloten: leeftijdsdiscriminatie?

HR 13 juli 2012, JAR 2012/209, NJ 2012, 396 (werknemers/KLM en VNV)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2013
Trefwoorden vervroegd pensioenontslag, leeftijdsdiscriminatie, objectieve rechtvaardigingsgronden, legitiem doel, proportionaliteit, motivering
Auteurs T. Jaspers
SamenvattingAuteursinformatie

    Verplicht vervroegd pensioen is een fenomeen dat weliswaar steeds minder voorkomt, maar voor sommige beroepen nog vrij normaal is. Bij luchtvaartmaatschappijen zoals de KLM, maar daar niet alleen, geldt nog steeds een regeling dat piloten ruim voor de AOW-leeftijd, variërend van 56 tot 60 jaar, met pensioen (moeten) gaan. Er geldt een automatisch pensioenontslag. In 2012 heeft de Hoge Raad zich opnieuw moeten buigen over wat door piloten als leeftijdsdiscriminatie wordt aangemerkt. In 2006 had de Hoge Raad dat ook al eens gedaan in soortgelijke zaken. In de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie vindt men inmiddels een uitgebreide jurisprudentie op verplicht pensioenontslag. In zijn recente arrest van 2012 volgt de Hoge Raad de lijn van de rechtspraak van het Europese Hof en komt tot de conclusie dat er weliswaar sprake is van ‘onderscheid naar leeftijd’, maar dat daarvoor een objectieve rechtvaardiging bestaat zoals door KLM en de vakbond van piloten was aangegeven. Deze uitspraak is niet alleen van belang voor deze KLM-piloten, maar gaat verder, omdat het verplichte of automatische pensioenontslag, niet alleen ‘vervroegd’ maar ook op latere leeftijd, zoals dat tegenwoordig vaker voorkomt, hier aan de orde is. In deze annotatie wordt de motivering van de Hoge Raad – en van het hof van Amsterdam in appèl – tegen het licht gehouden en geconfronteerd met de wijze waarop het Europese Hof en de hoogste gerechten in Duitsland en Frankrijk te werk gaan. Er kan gerede twijfel rijzen of de redeneringen in de Nederlandse rechtspraak wel even sound en houdbaar zijn als we in de rechtspraak van het Europese Hof en het Duitse Bundesarbeitsgericht aantreffen. De materie is weerbarstig, dat is wel duidelijk. Zij heeft vele facetten, niet in het minst uit een oogpunt van werkgelegenheidsbeleid, landelijk én lokaal of zelfs op het niveau van de onderneming. In deze annotatie worden de verschillende invalshoeken belicht om tot een oordeel te komen óf en zo ja onder welke voorwaarden een dergelijk onderscheid naar leeftijd gerechtvaardigd zou kunnen zijn en welke eisen gesteld zouden moeten worden aan de motivering ervan.


T. Jaspers
Prof. mr. A.P.C.M. Jaspers is emeritus hoogleraar Sociaal Recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Promoveren in het arbeidsrecht – een overzicht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2013
Trefwoorden dissertaties, proefschriften, promotor, sociaal recht, proefschriftthema’s
Auteurs R.M. Beltzer
SamenvattingAuteursinformatie

    Wie wil weten welke dissertaties in Nederland op het terrein van het arbeidsrecht en het socialezekerheidsrecht zijn verschenen, wacht een lange zoektocht. De verscheidene digitale bibliotheken bieden (nog) geen makkelijk doorzoekbaar, relevant overzicht. In deze bijdrage is gepoogd een dergelijk overzicht te geven. De bijdrage bevat niet alleen een lijst van de door de auteur gevonden dissertaties, maar ook informatie omtrent, onder andere, (trends in) gekozen proefschriftthema’s, aantallen dissertaties per faculteit en per decennium.


R.M. Beltzer
Prof. mr. R.M. Beltzer is hoogleraar arbeid en onderneming aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Vertrouwen en wantrouwen in de Belgische justitie en de rol van de krantenberichtgeving

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Trust in justice system, Belgium, reporting of newspapers
Auteurs Stien Mercelis
SamenvattingAuteursinformatie

    In this contribution it has been set out that trust in the Belgian justice system cannot be taken for granted. The article contains empirical research on the reporting of newspapers on the Belgian justice system and tries to uncover a possible causal relationship between reading certain newspapers and trust in the justice system. Although it turns out that quality newspapers report on the justice system in a more negative way, readers of popular papers have less trust in the justice system. A direct link between negative reporting and reduced trust was therefore not found. Socio-economic variables and the priming effect on punitive attitudes in popular newspapers are cited as possible explanations.


Stien Mercelis
Stien Mercelis is master in de Rechten en bachelor in de Criminologie. Momenteel is zij assistente Rechtssociologie aan de Universiteit Antwerpen. Zij schrijft een proefschrift over de interne en externe factoren van het vertrouwen in de Belgische justitie als openbare dienst.
Artikel

Conferencing internationaal: vaker toegepast dan gedacht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Conferencing, Internationale toepassing
Auteurs Estelle Zinsstag en Inge Vanfraechem
SamenvattingAuteursinformatie

    Conferencing is a restorative justice practice which has started developing quite consistently since the 1990s, in majority in Anglophone countries such as New Zealand, Australia, the USA, Canada or the UK and in particular with consistently promising results for juvenile justice in Northern Ireland. Some continental European, Latin American and African countries are also starting to introduce this alternative to traditional criminal justice, especially in the case of juvenile justice, with some equally promising results. This article presents up-to-date information about the state of conferencing in the world and discusses some of the major conclusions that have come out of a European research project and book.


Estelle Zinsstag
Estelle Zinsstag is senior onderzoeker aan het KU Leuven Instituut voor Criminologie (België) en coördineert een EC Daphne project rond seksueel geweld en herstelrecht. Ze is managing editor van Restorative Justice: An International Journal.

Inge Vanfraechem
Inge Vanfraechem is senior onderzoeker aan het KU Leuven Instituut voor Criminologie (België) en manager van een Europees FP7 project rond herstelrecht en interculturele conflicten.
Artikel

Remission in de nieuwe arbitragewet

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Remission, Terugverwijzing, Vernietiging, Herroeping, Arbitrage
Auteurs Mr. N. Peters en Mr. B. van Zelst
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaan de auteurs in op de voorgestelde mogelijkheid van remission in de nieuwe arbitragewet. Daarbij signaleren zij een aantal mogelijke onduidelijkheden en discussiepunten. Zij trachten daar antwoorden op te geven en stellen een aantal oplossingen voor. De auteurs concluderen dat de mogelijkheid van remission bijdraagt aan een efficiënte(re) procesvoering. Daarom valt zij toe te juichen.


Mr. N. Peters
Mr. N. Peters is advocaat bij Banning N.V. alsmede docent en buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. B. van Zelst
Mr. Van Zelst is docent aan de Radboud Universiteit.
Praktijk

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    In het verslagjaar 2012/2013 heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) veel voor het gezondheidsrecht interessante uitspraken gedaan. Daaronder bevinden zich onder meer zaken over het onthouden van noodzakelijke medische zorg, het recht op patiëntveiligheid, het recht op hulp bij zelfdoding en het recht kritiek te hebben op een ziekenhuisdirecteur. Deze kroniek bevat een beschrijving en analyse van de voor het gezondheidsrecht belangrijkste zaken uit het verslagjaar 2012/2013.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden/LUMC en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

AWBZ: nieuwe wijn in oude zakken of oude wijn in nieuwe zakken?

HR 1 februari 1991, NJ 1992, 259: vrijwillig uitbetalen revisited

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2013
Trefwoorden AWBZ, opeisbaarheid, uitbetalen, uitkeren, HR 1 februari 1991, NJ 1992, 259, vrijwillig
Auteurs Mr. F.M.H. Hoens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 januari 2013 is een vermogensinkomensbijtelling ingevoerd in de AWBZ. Hoens gaat in op de vraag of dit gevolgen heeft voor het antwoord op de vraag of (testamentaire) opeisbaarheid van de erfdelen gewenst of nodig is, zodra er sprake is van een (dreiging van een) door de vermogensinkomensbijtelling veroorzaakte vermogensintering. Bij de beantwoording staat de verzorging van de langstlevende voorop. Dat bij dit alles eenvoud het kenmerk van het ware ís, en kán zijn, volgt uit een arrest van de Hoge Raad van 1 februari 1991, NJ 1992, 259.


Mr. F.M.H. Hoens
Mr. F.M.H. Hoens is als docent/onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en is estate planner te Nijmegen (f.hoens@jur.ru.nl).

Leo van Garsse
Leo van Garsse is werkzaam als assistent aan de Ugent, Vakgroep Sociale Agogiek. Tevens is hij als vrijwillig wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC).
Artikel

Psychische klachten bij mannelijke gedetineerden

Prevalentie en risicofactoren

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2013
Trefwoorden mental health, prisoners, deprivation model, longitudinal
Auteurs Anne Brons MSc, Dr. Anja Dirkzwager, Drs. Karin Beijersbergen e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This study examined the prevalence and predictors of male inmates’ mental health problems. Data were used from the Prison Project, a longitudinal study in which 824 prisoners were surveyed twice (three weeks and three months after arrival in prison). Compared with the general population, inmates reported significantly more psychological problems. Except for depressive symptoms, inmates’ mental health problems decreased over time. After controlling for prior mental health problems and a number of import factors, we found that those who shared a cell in the first weeks of their imprisonment and held more positive judgments regarding daytime activities and the relationships with staff, reported fewer psychological problems after three months. Those who were verbally abused by prison staff during their first weeks in prison reported more psychological problems after three months.


Anne Brons MSc
M.D. Brons, MSc was ten tijde van het schrijven van dit artikel masterstudent bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Anja Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Drs. Karin Beijersbergen
Drs. K.A. Beijersbergen is promovendus bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Joni Reef
Dr. J. Reef is universitair docent bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie aan de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en bijzonder hoogleraar Sociologie aan de Universiteit Utrecht.
Hoofdartikel

Uniform of gedifferentieerd arbeidsrecht

Een nationaal en rechtsvergelijkend onderzoek naar de rechtvaardiging en toekomst van bijzondere arbeidsverhoudingen

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2013
Trefwoorden bijzondere arbeidsverhoudingen, uniform, differentiatie, rechtsvergelijking, gelijkheidsbeginsel, kwalificatievraag
Auteurs Prof. mr. dr. A.R. Houweling en Mr. dr. G.W. van der Voet
SamenvattingAuteursinformatie

    In 1907 heeft de wetgever bewust gekozen voor een uniforme wettelijke regeling inzake de arbeidsovereenkomst. Een gedifferentieerd stelsel van afzonderlijke arbeidsrechtelijke regelingen voor bijzondere beroepsgroepen werd uitdrukkelijk van de hand gewezen. Zo’n stelsel zou namelijk slechts aanleiding geven tot afbakeningsproblemen en rechtsonzekerheid. Inmiddels heeft zich evenwel – niettegenstaande dit uitgangspunt − een ‘waaier’ aan bijzondere arbeidsverhoudingen ontwikkeld. Gezien de parlementaire geschiedenis van de huidige wettelijke regeling in titel 7.10 van het Burgerlijk Wetboek, zou men verwachten dat het creëren (of handhaven) van afwijkende regelingen voor bepaalde arbeidsverhoudingen uitdrukkelijk door de wetgever is/wordt gemotiveerd en dat aan de vormgeving van dergelijke bijzondere arbeidsverhoudingen bewuste keuzes en/of principes ten grondslag liggen. In dit artikel onderzoeken de auteurs welke bijzondere arbeidsverhoudingen er zijn en in hoeverre daarvoor een rechtvaardigingsgrond bestaat. In het tweede deel van dit onderzoek analyseren de auteurs de trends en ontwikkelingen van bijzondere arbeidsverhoudingen in de Europese Unie. De auteurs concluderen dat voor een groot aantal bijzondere arbeidsverhoudingen geen rechtvaardigingsgronden (meer) bestaan. Voorts concluderen de auteurs dat ook in het buitenland geen rechtvaardigingsgronden zijn aangetroffen voor onderscheidingen in arbeidsrechtelijke regelingen. Zij wijzen erop dat bepaalde ontwikkelingen in het buitenland – met name ingegeven vanuit het gelijkheidsbeginsel en EU-recht – laten zien dat eerder een verregaande uniformering in plaats van verdergaande differentiatie valt te verwachten. Het gebruik van open normen – zoals in Nederland het geval is – zal in deze ontwikkeling een belangrijke rol spelen.


Prof. mr. dr. A.R. Houweling
Prof. mr. dr. A.R. Houweling is hoogleraar arbeidsrecht aan de Erasmus School of Law.

Mr. dr. G.W. van der Voet
Mw. mr. dr. G.W. van der Voet is universitair docent aan de Erasmus School of Law en arbeidsrechtadvocaat bij AKD.
Artikel

Betalen versus bepalen

De hernieuwde verhouding tussen de minister en de AFM en DNB vanuit het perspectief van de financiering van toezicht en de politieke onafhankelijkheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden financieel toezicht, bekostiging van toezicht, onafhankelijkheid van toezichthouders, ministeriële verantwoordelijkheid voor financieel toezicht
Auteurs mr. drs. K. Raaijmakers
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat in op de vraag hoe de onttrekkende beweging van de overheid bij de financiering van financieel toezicht zich verhoudt tot de versteviging van de bevoegdheden van de minister van Financiën ten aanzien van de financieeltoezichthouders. Deze vraag raakt de ministeriële verantwoordelijkheid enerzijds en de politieke onafhankelijkheid van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandsche Bank (DNB) anderzijds. Daarnaast past deze vraag in een bredere discussie rondom de financiering van toezicht en het uitoefenen van controle op de toezichthouder door de overheid.
    Per 1 januari 2013 geldt een nieuwe bekostigingssystematiek voor het financieel toezicht. Deze systematiek leidt tot een geringere overheidsbijdrage aan de kosten van financieel toezicht. Blijkens de wetsgeschiedenis is de wijziging met name ingegeven door pragmatisme. Hiermee wordt gebroken met de meer principiële en uniforme overwegingen die tot die tijd ten grondslag lagen aan de doorbelasting van de toezichtkosten. In een tijd waarin financieel toezicht wordt geïntensiveerd, zowel binnen als buiten de Nederlandse landsgrenzen, brengt dit de nodige budgettaire onzekerheid voor onder toezicht staande ondernemingen met zich. De minister heeft de verantwoordelijkheid de ontwikkeling van de toezichtkosten te bewaken. Deze verantwoordelijkheid en de wens om meer invloed te kunnen uitoefenen op het financieel toezicht heeft geleid tot vernieuwing van het ‘toezichtarrangement’ van de minister op AFM en DNB. Ook in deze wijzigingen klinkt pragmatisme door.


mr. drs. K. Raaijmakers
Mr. drs. K. Raaijmakers is werkzaam voor Clear Conduct, een adviesbureau dat zich richt op het verbeteren van toezicht. Daarnaast is zij als wetenschappelijk docent verbonden aan de Master Financieel Recht van de Erasmus School of Law (Erasmus Universiteit Rotterdam).
Artikel

Tevredenheid met advocaten onder Nederlandse preventief gedetineerden: percepties van procedurele rechtvaardigheid

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2013
Trefwoorden tevredenheid met advocaten, procedurele rechtvaardigheid, percepties van gedetineerden
Auteurs Ellen Raaijmakers MSc, Dr. Jan W. de Keijser, Prof. dr. Paul Nieuwbeerta e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Currently, procedural justice theory is predominantly used to explain defendants’ satisfaction with the police, courts and prisons. It is unclear to what extent this theory applies to lawyers. This study investigates to what extent defendants are satisfied with their lawyers, and procedural fairness characteristics are related to defendants’ satisfaction with their lawyers. Data from the Prison Project were used: a large-scale research project on Dutch criminal defendants. Results suggest that generally, defendants are very satisfied with their lawyers. Variation in satisfaction with lawyers can be attributed for a substantial part to procedural fairness characteristics.


Ellen Raaijmakers MSc
Ellen Raaijmakers MSc is promovendus Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Jan W. de Keijser
Dr. Jan W. de Keijser is universitair hoofddocent aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. Paul Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Anja Dirkzwager
Dr. Anja Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.
Artikel

Epidemiologische inzichten in het effect van letselschadeafwikkeling op herstel en de zoektocht naar mogelijkheden voor verbetering

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2013
Trefwoorden afwikkelingsproces, beleving van slachtoffer, herstel, re-integratie, communicatie
Auteurs Dr. N.A. Elbers en Prof. mr. A.J. Akkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage doet verslag van een multidisciplinair wetenschappelijk onderzoek naar herstelbelemmerende factoren van de schadeafwikkeling en een experiment met een website om de schadeafwikkeling te verbeteren door empowerment van het slachtoffer. Een volledig verslag is te vinden in het proefschrift van N.A. Elbers, Empowerment of injured claimants. Investigating claim factors, procedural justice and e-health, 2013.


Dr. N.A. Elbers
Mevrouw dr. N.A. Elbers is psycholoog en onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law.

Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law.
Artikel

Het proportionaliteitsbeginsel in het wetgevingsbeleid

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2013
Trefwoorden proportionaliteit, wetgevingsbeleid, rechtsbeginselen, afwegingskader, wetgevingskwaliteit
Auteurs Mr. M.Tj. Bouwes
SamenvattingAuteursinformatie

    Proportionaliteit van wetgeving omvat zowel de rechtvaardiging van overheidsinterventie als de keuze van het middel ter bereiking van het doel en de effectiviteit van de maatregel. De bijdrage plaatst de proportionaliteitsvraag in de sleutel van de rechtsstaat en de bescherming van burgerlijke vrijheden. Beperken van vrijheidsrechten en ingrijpen in wezenlijke elementen van de maatschappelijke ordening mogen niet verder gaan dan noodzakelijk ter bereiking van een legitiem doel. Het proportionaliteitsbeginsel als toetssteen voor wetgeving is evenwel problematisch omdat maatschappelijke en politieke oordelen over de wenselijkheid van wetgevend optreden evenzeer meespelen en legitiem zijn. In deze bijdrage wordt uiteengezet dat desondanks proportionaliteit en daarmee ook politieke afwegingen over noodzaak en inhoud van een wettelijke maatregel door de rechter kunnen worden getoetst.


Mr. M.Tj. Bouwes
Mr. M.Tj. Bouwes is hoofd van de sector wetgevingskwaliteitsbeleid van de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie. m.tj.bouwes@minvenj.nl
Artikel

Legitimiteit via procedurele rechtvaardigheid: kunnen herstelrechtelijke praktijken de maatschappelijke legitimiteit van het strafrecht verhogen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden procedural justice, legitimacy,, restorative justice, mediation,, perceptions of fairness
Auteurs Vicky De Mesmaecker
SamenvattingAuteursinformatie

    Contemporary scholarly literature is full of references to the crisis of the criminal justice system. The general public seems to increasingly lose confidence in the criminal justice system and its actors. In this article we look into the potential manners in which restorative justice practices can enhance the legitimacy of the criminal justice system. Our analysis is based on the observation that by actively engaging victims and defendants in the resolution of their conflict, restorative practices seem to accommodate a necessary condition of procedural fairness. Since research on procedural justice and legitimacy in turn suggests that the legitimacy of the criminal justice system is based largely upon its perceived procedural fairness, we investigate whether participation in restorative practices improves perceptions of the legitimacy of the criminal justice system. To that end we describe the results of a qualitative study on the experiences of victims and defendants who participated in victim-offender mediation in Belgium. Relating their experiences to the antecedents of procedural justice as described in the literature, we find that restorative practices in different ways enhance perceptions of procedural fairness. Yet these perceptions do not necessarily reflect on the criminal justice system. Our analysis suggests that the degree to which the perceptions of procedural fairness resulting from participation in a restorative practice influence an individual’s perceptions of the legitimacy of the criminal justice system depends on whether the restorative practice is seen as an integral part of the criminal proceedings. We found, for example, that this is more likely to be the case if the judge at trial formally acknowledges the parties’ participation in mediation. We conclude that more research on the degree to which people perceive the restorative practice to be a part of the criminal proceedings is needed in order to further flesh out this issue.


Vicky De Mesmaecker
Dr. Vicky De Mesmaecker is vrijwillig wetenschappelijk medewerker aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC, KULeuven) en Visiting Researcher aan Yale Law School. Email: vicky.demesmaecker@law.kuleuven.be
Artikel

Access_open Through the Looking Glass of Global Constitutionalism and Global Administrative Law

Different Stories About the Crisis in Global Water Governance?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2013
Trefwoorden global water governance, global constitutionalism, global administrative law, water crisis, integrated water resources management
Auteurs Mónika Ambrus
SamenvattingAuteursinformatie

    In addition to (or sometimes rather than primarily) attributing it to water scarcity, water crisis has been described as a ‘crisis of governance’; with the word ‘crisis’ also indicating that water governance lacks (full) legitimacy. The article undertakes the task to analyse the current status of global water governance (GWG) from the perspective of two competing theories relating to the legitimacy of global governance, namely global constitutionalism (GC) and global administrative law (GAL). Having mapped the current legal framework of GWG from these two perspectives, it is discussed how these theories might shape GWG and how this shaping could contribute to solving the water crisis. In addition, it is also explored whether reading one of the most accepted proposals for legitimising global water governance, the concept of ‘integrated water resources management’ (IWRM), through the lenses of either GC or GAL would have an impact on how this concept is interpreted, and whether it can be a useful mechanism to address the water crisis. The use of two theories analysing the same subject matter provides interesting insights into global water governance and the nature of the water crisis as well as the relationship between these two theories.


Mónika Ambrus
Assistant professor of public international law at the Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam.
Artikel

Access_open The Value of Narratives

The India-USA Nuclear Deal in Terms of Fragmentation, Pluralism, Constitutionalisation and Global Administrative Law

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2013
Trefwoorden India-US Nuclear Deal, Nuclear Energy Cooperation, Non-Proliferation Treaty, Fragmentation, Constitutionalisation, Pluralism, Global Administrative Law
Auteurs Surabhi Ranganathan
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘Fragmentation’, ‘pluralism’, ‘constitutionalisation’ and ‘global administrative law’ are among the most dominant narratives of international legal order at present. Each narrative makes a descriptive claim about the current state of the international legal order, and outlines a normative vision for this order. Yet we must not lose sight of the conflicts between, and the contingency of these, and other narratives. This article seeks to recover both conflicts and contingency by showing how each may be used to explain a given event: the inauguration of a bilateral civil nuclear cooperation between the United State and India, better known as the ‘India-US nuclear deal’. I explain how the four narratives may be, and were, co-opted at different times to justify or critique the ‘deal’. This exercise serve two purposes: the application of four narratives reveal the various facets of the deal, and by its example the deal illuminates the stakes attached to each of the four narratives. In a final section, I reflect on why these four narratives enjoy their influential status in international legal scholarship.


Surabhi Ranganathan
Junior Research Fellow, King’s College/Lauterpacht Centre for International Law, University of Cambridge.
Artikel

Access_open Revisiting the Humanisation of International Law: Limits and Potential

Obligations Erga Omnes, Hierarchy of Rules and the Principle of Due Diligence as the Basis for Further Humanisation

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2013
Trefwoorden humanisation, constitutionalism, legal positivism, human rights, erga omnes, due diligence, positive obligations, normative hierarchy, proportionality
Auteurs Dr. Vassilis P. Tzevelekos
SamenvattingAuteursinformatie

    The article critically evaluates the theory of the humanisation of international law. First, it argues that despite human rights having impact on (other areas of) international law, this trend has in the past been somewhat inflated. A number of examples are given where human rights have been tested against other objectives pursued by international law, with humanisation revealing its limits and actual dimensions. The second argument consists in identifying and highlighting obligations erga omnes (partes) and the principle of due diligence as two ‘systemic’ tools, that are central to the humanisation of international law. Both these tools form part of modern positive law, but may also make a positive contribution towards the direction of deeper humanisation in international law, having the potential, inter alia, to limit state will, establish occasional material normative hierarchy consisting in conditional priority in the fulfilment of human rights, give a communitarian tone to international law and invite states to be pro-active in the collective protection of their common interests and values. In its conclusions, the article offers a plausible explanation about the paradox it identifies of the limits of the humanisation on the one hand, and its potential for further development on the other. For, it is inherent in international law that the line separating the law from deontology is thin. The process of humanisation needs to be balanced with the other objectives of international law as well as reconciled with the decentralised and sovereignist origins of the pluralistic international legal system.


Dr. Vassilis P. Tzevelekos
Lecturer in Public International Law, University of Hull Law School; Attorney, Athens’ Bar. PhD and M.Res, European University Institute; MA, European Political and Administrative Studies, College of Europe; DEA Droit international public et organisations internationales, Paris 1 Panthéon-Sorbonne; LLB, National and Kapodistrian University of Athens.
Toont 1 - 20 van 35 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.