Zoekresultaat: 31 artikelen

x
Jaar 2009 x

    In the nineteenth century in the Netherlands, tramps and beggars were sent to Veenhuizen to work there as a form of punishment and rehabilitation. To investigate the background of these banished men, the authors drew a systematic 5% sample out of 6.000 men who were banished between 1896-1901. Using information from the so-called ‘signalements’-cards that were compiled, the authors found that the Veenhuizen men were not uneducated, unskilled workers, but on the contrary, often had some kind of (semi-)skilled profession. Many did not have a permanent abode, and only a few had (ever) been married. At on average 45 years of age, the Veenhuizen convicts were old for the era they lived in. As such these men lacked and had probably at some point in their lives lost societal as well as social ties, and had gone adrift.
    Recidivism was high. While the Veenhuizen measure may have been effective in delivering society from the blemishes that these men represented, but in general it didn't turn these men into fully participating citizens.


M. Weevers
Drs. Marian Weevers is historica en is werkzaam als beleidsadviseur bij de afdeling sociaal en economisch beleid van de gemeente Leiden.

C. Bijleveld
Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld is hoogleraar Methoden en Technieken van Criminologisch Onderzoek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving in Leiden.
Artikel

Justitiepastoraat en ‘herstel’: een poging tot positiebepaling

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2009
Trefwoorden justitiepastoraat, herstelrecht, schuldverwerking
Auteurs Anne-Mie Jonckheere
SamenvattingAuteursinformatie

    There is a natural alliance between the ambitions of prison chaplaincy and those of restorative justice in the sense that in both approaches (coping with) responsibility and guilt by offenders are important issues and mechanisms at the same time. Both share a relational concept of crime, consider the evil deed as occasion to start a dialogue to examine responsibility, stress the importance of process and bi-lateral partiality with both the victim and the offender. Coping with guilt and making it productive requires that communication with the offender reaches the deeper and more intimate levels of giving meaning to the criminal offence committed, self, others, past and future. For this communication the context should be open and fundamentally loving in a Christian sense, leading the way to a liberation from guilt once it is thoroughly known and accepted. At that point guilt can be transformed into a constructive moral impetus in human relations.


Anne-Mie Jonckheere
Anne-Mie Jonckheere is justitiepastor in de Koepelgevangenis van Breda.

    There is a growing consensus among practitioners that independent peer review is the preferred approach to furthering trust in the legal professions. The article draws on experience abroad, as reported in the professional literature, and lessons from comparable arrangements at home, in academia and the medical professions. It formulates an institutional design in which an autonomous agency, independent of the Lawyers' Association and at arms' length from the Minister of Justice, develops methodology and organizes peer reviews by fellow-practitioners. Since professionals, everywhere, like to share experience, it is argued that making site-visits, sampling case-files, and discussing a self-evaluation of the practice under review promotes open innovation and creates scope for shaping rather than controlling professional excellence. It also allows for discretion in catering to the widely diverging needs of large international law firms and small local practices that a system of command and control could not deliver.


D.J. Wolfson
Prof. dr. Dirk Wolfson is verbonden aan de afdeling Bestuurskunde van de Erasmus Universiteit en werkzaam als visitator, onder andere bij woningcorporaties.
Artikel

Het Verdrag van Lissabon, het instemmingsrecht en het parlementair behandelingsvoorbehoud

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2009
Trefwoorden parlementair behandelingsvoorbehoud, Verdrag van Lissabon, instemmingsrecht, informatieverplichting, ministeriële verantwoordelijkheid
Auteurs Mw. mr. B. van Mourik
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de discussie over het instemmingsrecht en het parlementair behandelingsvoorbehoud in het kader van de goedkeuring van het Verdrag van Lissabon heeft in staatsrechtelijk opzicht iets belangrijks plaatsgevonden. De discussie over het instemmingsrecht heeft duidelijk gemaakt dat het Nederlandse parlement voor zichzelf een minder belangrijke rol ziet weggelegd als het Europees Parlement verdergaande bevoegdheden krijgt. Dit is opmerkelijk, onder andere gelet op het feit dat de laatste jaren juist ook veel is gesproken over een belangrijke aanvullende rol die nationale parlementen zouden moeten vervullen als het gaat om Europese besluitvorming. Ook al heeft het Europees Parlement op een bepaald terrein medewetgevende bevoegdheden, ze heeft geen leden van de Raad ter verantwoording te roepen. Hier ligt dus een belangrijke controletaak voor het Nederlandse parlement. Met de invoering van de bijzondere informatieverplichting voor de regering ten aanzien van voorstellen die door het parlement van bijzonder politiek belang worden geacht, is het instrumentarium waarmee het parlement de regering controleert in het kader van Europese besluitvorming uitgebreid. Zo bezien lijkt het debat over de goedkeuringswet van het Verdrag van Lissabon op winst voor het parlement. Paradoxaal gegeven is echter dat het debat over het parlementair behandelingsvoorbehoud heel duidelijk de dominante positie van de regering ten opzichte van het parlement heeft weergegeven. De regering domineerde de parlementaire discussie en oefende veel druk uit op de coalitiefracties in de Kamer. Uit het debat blijkt dan ook vooral de tandenloosheid van het parlement ten opzichte van de regering, iets wat niet als winst maar als verlies dient te worden beschouwd.


Mw. mr. B. van Mourik
Mw. mr. B. van Mourik is promovenda bij de afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht. B.vanMourik@uu.nl
Artikel

De psychologisch geschoolde echtscheidingsbemiddelaar

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2009
Trefwoorden Officer of the Court, Healer of the Family, onpartijdigheid, empowerment
Auteurs Donald Mac Gillavry
SamenvattingAuteursinformatie

    The legally trained divorce mediator, ‘the officer of the court’, can use the law as a frame of reference for his conduct, but the psychologically trained divorce mediator, ‘the healer of the family’ has no such device. His primary tools are techniques to improve the communication skills of parties, their decision-making process and respecting systemic regularities, in particular where it concerns the interests of the children, i.e. visitation rights.Divorce mediators without legal training are hampered by the absence of a clear frame of reference. They are susceptible to subjective interpretations of events, counter-transference phenomena and partiality. The divorce mediator is himself his most important instrument, but also the most vulnerable.


Donald Mac Gillavry
Donald Mac Gillavry is psycholoog, psychotherapeut en mediator.
Artikel

Enkele recente ontwikkelingen inzake overgang van een onderneming

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2009
Trefwoorden identiteitsbehoud, informatieplicht, overgang van onderneming
Auteurs Mr. K. Wiersma
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt stilgestaan bij een aantal recente uitspraken inzake de rechten van werknemers bij een overgang van een onderneming. Aan bod komt de zaak Klarenberg/Ferrotron waarin het Hof van Justitie van de EG betrokken werknemers een extra hulpmiddel geeft ter voorkoming van oneigenlijk gebruik van overgang van ondernemingen. Ook komt aan bod de Heineken-zaak en de naar aanleiding daarvan ontstane discussie over de vraag welke werknemers bescherming aan de richtlijn inzake overgang van ondernemingen kunnen ontlenen. Ten slotte wordt het arrest Pax/Bos van de Hoge Raad besproken, welk arrest laat zien dat een overdragende werkgever zich moet realiseren dat hij de plicht heeft om betrokken werknemers adequaat te informeren over hun positie.


Mr. K. Wiersma
Mr. K. Wiersma is advocaat arbeidsrecht bij Loyens & Loeff N.V.
Artikel

Indirecte doorbraak van aansprakelijkheid: ComSystems/Van den End q.q.

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 12 2009
Trefwoorden doorbraak, Aansprakelijkheid, Osby, Sobi/Hurks, ComSystems
Auteurs Mr. R.T.G. Tros
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het HR-arrest ComSystems/Van den End q.q., waarin toepassing wordt gegeven aan de normen die gelden voor een indirecte doorbraak van aansprakelijkheid van een moedervennootschap jegens schuldeisers van haar dochtermaatschappij.


Mr. R.T.G. Tros
Mr. R.T.G. Tros is werkzaam bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

De ontvankelijkheid van het Nederlandse privaatrecht voor invloeden uit de Anglo-Amerikaanse financieringspraktijk

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2009
Trefwoorden Anglo-Amerikaanse invloed, financieringspraktijk, rechtskeuze, DCFR, uitleg, security trustee
Auteurs Mr. J. Meijer Timmerman Thijssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn bijdrage tracht Meijer Timmerman Thijssen een indruk te geven van de mate waarin het Nederlandse recht zich ontvankelijk heeft betoond voor de adoptie van concepten en modellen uit de Anglo-Amerikaanse rechtspraktijk. De uiteenzetting is in het bijzonder toegespitst op de financieringspraktijk, omdat – door zijn internationale karakter – de invloed van dergelijke modellen en concepten zich daar het sterkst doet gevoelen.


Mr. J. Meijer Timmerman Thijssen
Mr. J. Meijer Timmerman Thijssen is als adviseur verbonden aan Freshfields Bruckhaus Deringer te Amsterdam.
Discussie

Van boeven en broeders hoeder-plichten

Een impressie van de discussie tijdens het congres ‘10 jaar Contracteren’

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2009
Trefwoorden discussie, congres, Contracteren
Auteurs J.M. Emaus LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    Een impressie van de discussie tijdens het congres ’10 jaar Contracteren’.


J.M. Emaus LL.M.
Mw. J.M. Emaus LL.M. is promovenda aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Certificering met mate als alternatief voor beschermingsprefs

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2009
Trefwoorden beschermingsprefs, preferente aandelen, call-optie, stemvolmacht, administratiekantoor
Auteurs Mr. R.A.F. Timmermans
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt het gebruik van preferente aandelen en certificering als beschermingsmaatregelen en speelt met de gedachte om certificering in een wat gematigde vorm te hanteren, zodat zij als alternatief voor beschermingsprefs aangewend kan worden.


Mr. R.A.F. Timmermans
Mr. R.A.F. Timmermans is kandidaat-notaris bij Allen & Overy.
Artikel

Schade effectenlease-overeenkomsten deels vergoed

Hoge Raad doet uitspraak in drie effectenleasezaken

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2009
Trefwoorden effectenlease, misleidende reclame, zorgplicht, causaal verband, schade
Auteurs Mr. drs. A.C.W. Pijls
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 5 juni jongstleden wees de Hoge Raad arrest in een drietal effectenleasezaken. De Hoge Raad biedt goede aanknopingspunten om in de vele nog lopende procedures tot een oplossing en/of schikking te komen. In deze bijdrage worden de relevante leerstukken behandeld en wordt besproken hoe de Hoge Raad hier in het kader van effectenlease over heeft geoordeeld.


Mr. drs. A.C.W. Pijls
Mr. drs. A.C.W. Pijls is promovendus aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Senatu deliberante, Europam probat

Over een mogelijke speciale taak voor de Eerste Kamer bij het nationale parlementaire toezicht op de Europese Unie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2009
Trefwoorden Eerste Kamer, EU-regelgeving, Europese regelgeving, democratisch tekort in de EU, nationale parlementen
Auteurs Prof. mr. E.C.M. Jurgens
SamenvattingAuteursinformatie

    EU-regelgeving is ook wetgeving die in Nederland bindend is. Bij de besluitvorming daarover zou de Eerste Kamer dus moeten meebeslissen.Het democratisch tekort in de EU is vooral gelegen in het feit dat er geen parlementair toezicht is op de Raad van Ministers van de EU. Wel kunnen nationale parlementen hun eigen ministers ter verantwoording roepen voor wat zij in de RvM-EU doen. Maar dat gebeurt, ook in Nederland, veel te weinig, en is niet effectief. Vooral sinds de invoering van het instemmingsrecht voor beide Kamers ter zake van optreden van Nederlandse ministers in de Derde Pijler van de EU heeft de Senaat gepoogd hierin verbetering te brengen.De Eerste Kamer zou veel consequenter deze rol moeten gaan vervullen, vooral nu de Tweede Kamer aan toezicht op de regering inzake EU-beleid geen voorrang blijkt te geven. Door een selectie van ontwerpen van EU-regelgeving aan dezelfde parlementaire procedure van beraadslaging te onderwerpen als wetsvoorstellen zou de Senaat zichtbaar kunnen maken dat het Nederlandse parlement – naast het Europees Parlement – werkt aan vermindering van het democratisch tekort.


Prof. mr. E.C.M. Jurgens
Prof. mr. E.C.M. Jurgens was van 1995 tot 2007 lid van de PvdA-fractie in de Eerste Kamer en werd in die periode eerst tweede en daarna eerste ondervoorzitter van de Eerste Kamer. ejurgens@xs4all.nl
Artikel

Enige aspecten van aansprakelijkheid van de financieel adviseur voor teleurstellende beleggingsresultaten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2009
Trefwoorden beroepsaansprakelijkheid, financieel adviseurs, zorgplicht en Wft, relativiteitsvereiste, eigen schuld
Auteurs Mr. E. Nederlof-Wouters van den Oudenweijer en Mr. F. van der Woude
SamenvattingAuteursinformatie

    Getuige de stroom aan uitspraken houden consumenten hun bank, verzekeraar of bemiddelaar verantwoordelijk voor de gevolgen van teleurstellende beleggingsresultaten. Wat is de omvang van de zorgplicht van de onafhankelijke financieel adviseur en wat mag door die financieel adviseur van de consument zelf worden verwacht?


Mr. E. Nederlof-Wouters van den Oudenweijer
Mr. E. Nederlof-Wouters van den Oudenweijer is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Mr. F. van der Woude
Mr. F. van der Woude is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Over de grenzen van het ondernemingsrecht: Fortis

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Fortis, deskundigenonderzoek, enquête, algemene vergadering
Auteurs Prof. dr. C.F. van der Elst en L.S.F. van den Steen
SamenvattingAuteursinformatie

    De zaak Fortis hield het afgelopen jaar België en Nederland in de ban. Het Belgische hof van beroep verplichtte Fortis tot het bijeenroepen van een algemene vergadering en liet deskundigen een onderzoek uitvoeren. In deze bijdrage bespreken Van der Elst en Van den Steen het Belgische deskundigenonderzoek en trekken zij vergelijkingen met het enquêterecht. Vervolgens gaan zij in op het verloop van de algemene vergaderingen bij Fortis. Vooral de lage opkomst van aandeelhouders valt op, doch ook de talrijke agendapunten die de aandeelhouders wegstemden. Deze bevindingen nopen tot reflectie over de nood aan bijzondere reglementering voor vennootschappen met een systeemrisico eerder dan een aanpassing van het vennootschapsrecht.


Prof. dr. C.F. van der Elst
Prof. dr. C.F. van der Elst is hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg en werkzaam als onderzoeker aan het Financial Law Institute van de Universiteit van Gent.

L.S.F. van den Steen
Dr. L.S.F. van den Steen is assistent aan het Financial Law Institute van de Universiteit van Gent.
Artikel

Struisvogelpolitiek bij het wetsvoorstel flexibilisering BV-recht

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 7-8 2009
Trefwoorden wetsvoorstel tweede nota van wijziging, uitkering, bestuursbevoegdheid, belang van de vennootschap, aandeelhouderbesluit
Auteurs Jkvr. mr. A.E.C. de Savornin Lohman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de voors en tegens van de verschillende versies van het wetsvoorstel betreffende artikel 2:216 BW. Daarnaast gaat zij in op de vraag wat dit voorstel uiteindelijk zou moeten behelzen.


Jkvr. mr. A.E.C. de Savornin Lohman
Jkvr. mr. A.E.C. de Savornin Lohman is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy.
Artikel

Handel in credit default swaps met voorwetenschap: slim of strafbaar?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 7-8 2009
Trefwoorden voorwetenschap, credit default swap, SEC v. Rorech and Negrin, waardeafhankelijke effecten, afgeleid instrument
Auteurs Mr. E.N. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur naar aanleiding van nieuwe ontwikkelingen in de markt ten gevolge van de kredietcrisis, waaronder de zaak SEC v. Rorech and Negrin, de vraag hoe handel in credit default swaps met gebruikmaking van voorwetenschap moet worden geplaatst binnen het kader van de Nederlandse voorwetenschapsregelgeving.


Mr. E.N. de Jong
Mr. E.N. de Jong is werkzaam als advocaat bij NautaDutilh.
Artikel

Over uitvoerbaarheid en spontane naleving van het IAK

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Vertrouwen in wetgeving, integraal afwegingskader, Tafel van Elf, U&H-toets, uitvoeringstoets
Auteurs Mr. drs. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    In de nota Vertrouwen in wetgeving kondigt de minister van Justitie de komst aan van het integrale afwegingskader (IAK). Een onderdeel van het IAK is de uitvoeringstoets. In deze bijdrage wordt het IAK zelf onderworpen aan de uitvoeringstoets. Uit deze uitvoeringstoets blijkt dat de kans op spontane naleving van het IAK nogal gering is. Maar wellicht is er te weinig rekening gehouden met de nieuwe werkelijkheid die met de invoering van het IAK mogelijk zal gaan bestaan. Die nieuwe werkelijkheid zou, bijvoorbeeld, kunnen ontstaan wanneer het IAK de beleids- en wetgevingsnormering niet alleen meer toegankelijk en hanteerbaar maakt, maar ook meer verplichtend.


Mr. drs. P.J.P.M. van Lochem
Mr. drs. P.J.P.M. van Lochem is rector van de Academie voor Wetgeving. p.vanlochem@acwet.nl

Mr. G.-J. Vossestein
Mr. G.-J. Vossestein is als universitair docent ondernemingsrecht verbonden aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Vijftig jaar Tijdschrift voor Criminologie in cijfers

Wat gebeurde er de afgelopen tien jaar?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2009
Trefwoorden Tijdschrift voor Criminologie, geschiedenis Tijdschrift voor Criminologie, auteurs Tijdschrift voor Criminologie
Auteurs Dr. Ben Rovers en Drs. Ruben Boers
SamenvattingAuteursinformatie

    It has been ten years since an overview on contributing authors in Tijdschrift voor Criminologie was presented. This sequel pays attention to the backgrounds of the authors, the content of their articles, the quotations and their organisational backgrounds. In addition, attention has been given to authors that have contributed most and for the longest time. The number of female contributors and entries from Flemish criminologists has increased, as well as those from authors with a specific criminological background. Content-wise there is greater focus on matters such as recidivism and life course, and topics related to violence, sex offenses and organised crime. A considerable number of authors have NSCR backgrounds.


Dr. Ben Rovers
Dr. G.B. Rovers is lector, Avans Hogeschool/ Expertisecentrum Veiligheid, Den Bosch en directeur, onderzoeksbureau BTVO, Den Bosch, benrovers@btvo.nl.

Drs. Ruben Boers
Drs. J.L.R. Boers is senior-onderzoeker, Avans Hogeschool / Expertisecentrum Veiligheid, Den Bosch, jlr.boers@avans.nl.
Artikel

Nakaarten over Cartesio

Grensoverschrijdende zetelverplaatsing en omzetting

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2009
Trefwoorden omzetting,, zetelverplaatsing,, vestigingsvrijheid,, vrijheid van vestiging,, Cartesio
Auteurs Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn en Mr. B. Verkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van het arrest van het Europese Hof van Justitie in de zaak Cartesio (HvJEG 16 december 2008, C-210/06) bespreken Dorresteijn en Verkerk de grensoverschrijdende zetelverplaatsing zonder verandering van het recht waaronder de vennootschap valt en de grensoverschrijdende zetelverplaatsing met verandering van dat recht, veelal grensoverschrijdende omzetting genoemd. De auteurs plaatsen de beslissing van het Hof in de context van eerdere jurisprudentie over de vestigingsvrijheid en geven een overzicht van de stand van zaken. Tevens gaan zij in op de vraag wat het arrest betekent voor de omzetting van en in Nederlandse kapitaalvennootschappen.


Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn
Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn is hoogleraar Transnationale aspecten van het ondernemingsrecht aan de Universiteit Utrecht. Tevens is hij verbonden aan AKD Prinsen Van Wijmen.

Mr. B. Verkerk
Mr. B. Verkerk is docent ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden. Tevens is hij verbonden aan AKD Prinsen Van Wijmen.
Toont 1 - 20 van 31 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.