Zoekresultaat: 15 artikelen

x
Jaar 2016 x
Jurisprudentie

Over de grens? Over de territorialiteit van handhavingstoezicht in het bestuursrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden territorialiteitsbeginsel, handhavingstoezicht, extraterritorialiteit, financieel bestuursrecht, economisch bestuursrecht
Auteurs Prof. mr. Oswald Jansen
Auteursinformatie

Prof. mr. Oswald Jansen
Prof. mr. O.J.D.M.L. Jansen is hoogleraar Europees bestuursrecht en openbaar bestuur aan de Universiteit van Maastricht, juridisch bestuursadviseur en advocaat van de gemeente Den Haag alsmede advocaat bij Resolución te Den Haag.
Artikel

De leer van de Hoge Raad over onrechtmatig bewijs (‘zozeer indruist’-criterium) door het EU Handvest op de schop?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden strafrechtelijk, onrechtmatig verkregen bewijs, belastingprocedures, ‘zozeer indruist’-criterium, Unierecht
Auteurs Mr. R. van der Hulle en Mr. R. de Bree
SamenvattingAuteursinformatie

    In een arrest van 20 maart 2015 heeft de belastingkamer van de Hoge Raad het toetsingskader voor het gebruik van strafrechtelijk onrechtmatig verkregen bewijs in belastingprocedures uiteengezet. De houdbaarheid van dit toetsingskader is echter in de literatuur ter discussie gesteld naar aanleiding van het WebMindLicenses-arrest van het Hof van Justitie van 17 december 2015. In deze bijdrage wordt beoordeeld of het toetsingskader van de belastingkamer van de Hoge Raad daadwerkelijk aanpassing behoeft.
    HR 20 maart 2015, nr. 13/03959, ECLI:NL:HR:2015:643.
    HvJ EU 17 december 2015, zaak C-419/14, ECLI:EU:C:2015:832.


Mr. R. van der Hulle
Mr. R. (Rick) van der Hulle en mr. R. (Robbert) de Bree zijn beiden advocaat bij Wladimiroff Advocaten te Den Haag.

Mr. R. de Bree
Artikel

De introductie van private partijen in het bouwtoezicht. Waar moeten we om denken?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden privatisering, bouwtoezicht, inperking negatieve effecten, Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Auteurs Mr. A. (Annalies) Outhuijse
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen realiseert de privatisering van het bouwtoezicht. Eerdere ervaringen, in binnen- en buitenland, laten zien dat de privatisering van toezicht gepaard kan gaan met negatieve effecten. Dit artikel bekijkt hoe privaat toezicht in de bouwsector kan worden geïntroduceerd, gelet op de mogelijke negatieve effecten, knelpunten en belangen van de diverse actoren. De auteur besluit met het formuleren van enkele aanbevelingen ter inperking van de mogelijke negatieve effecten.


Mr. A. (Annalies) Outhuijse
Mr. A. Outhuijse verricht sinds 1 oktober 2015 promotieonderzoek naar de geschilbeslechting en besluitvorming door de mededingingsautoriteit aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Afstemming in de eenentwintigste eeuw: de rol van bewijsvermoedens voor onderling afgestemde feitelijke gedraging door deelname aan online platforms

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden mededingingsrecht, bewijsvermoeden, procedurele autonomie, onderling afgestemde feitelijke gedraging
Auteurs Prof. mr. A. Gerbrandy en T. Binder
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Eturas werd het Hof van Justitie gevraagd om een nadere uitleg te geven aan het begrip ‘afstemming tussen ondernemingen’ in de zin van een onderling afgestemde feitelijke gedraging (art. 101 lid 1 VWEU). Het belang van dit arrest ligt ten eerste in de constatering dat afstemming plaats kan vinden door middel van deelname van ondernemingen aan een online platform beheerd door een derde (niet-concurrerende) partij, en ten tweede in de verdere verfijning van de toelaatbaarheid van bewijsvermoedens; meer specifiek van de grenzen die het onschuldbeginsel daaraan stelt.
    HvJ 21 januari 2016, zaak C-74/14, Eturas UAB e.a./Lietuvos Respublikos konkurencijos taryba, ECLI:EU:C:2016:42.


Prof. mr. A. Gerbrandy
Prof. mr. A. (Anna) Gerbrandy is hoogleraar mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht.

T. Binder
T. (Tom) Binder is student in de master European Law aan de Universiteit Utrecht en als student-assistent verbonden aan het Europa Instituut van die universiteit.
Artikel

De correctie-Langemeijer in het bestuursrecht

Tijdschrift StAB, Aflevering 3 2016
Auteurs Lisanne van Boven

Lisanne van Boven
Artikel

De invloed van niet-rechtstreeks werkende grondrechtelijke verdragsbepalingen en de wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2016
Trefwoorden niet-rechtstreeks werkende verdragsbepalingen, sociaal-economische rechten, interpretatie van grondrechtelijke verdragsbepalingen, proportionaliteitvereiste
Auteurs Mr. dr. A.E.M. Leijten
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat centraal hoe niet-rechtstreeks werkende verdragsbepalingen doorwerken in wetgeving. Dergelijke bepalingen komen in allerlei soorten en maten voor en in deze bijdrage gaat het om de grondrechtelijke soort, die vaak zogenaamde sociaal-economische rechten betreffen. Het blijkt dat, hoewel dergelijke bepalingen niet direct doorwerken in de Nederlandse rechtsorde, zij toch hun invloed daarop uitoefenen. Ook de wetgever dient zich rekenschap te geven van dergelijke verdragsbepalingen, omdat het sluiten van een verdrag verplichtingen met zich brengt. In deze bijdrage wordt de wetgever een aantal handvatten aangereikt waar hij rekening mee moet houden. Proportionaliteit speelt hierbij een belangrijke rol. Tot slot wordt de relatie tussen wetgever en rechter in deze context beschreven, met name hoe de competentie tussen beide staatsmachten dient te worden afgebakend.


Mr. dr. A.E.M. Leijten
Mr. dr. A.E.M. (Ingrid) Leijten LL.M. is als universitair docent verbonden aan de Afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Leiden
Artikel

Spraakmakende zaken

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2016
Auteurs Francisca Mebius en Sabine Droogleever Fortuyn

Francisca Mebius

Sabine Droogleever Fortuyn

    Vestiging nieuwe bouwmarkt. Concurrenten. Belanghebbende. Relativiteitsbeginsel. Externe veiligheid, vormvrije m.e.r., uitvoerbaarheid. Conclusie staatsraad A-G Widdershoven. Correctie Langemeijer. Schending EVRM. EU-richtlijnen.

Artikel

De Wet Bibob en de onschuldpresumptie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Wet Bibob, onschuldpresumptie, 6 EVRM, bestuurlijke aanpak misdaad, bestuursstrafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar staande jurisprudentie van de Afdeling is een weigering of intrekking van een beschikking op grond van de Wet Bibob niet aan te merken als een ‘criminal charge’. Hieruit kan niet de conclusie worden getrokken dat de onschuldpresumptie niet van toepassing is op de Wet Bibob. Uit een belangrijke uitspraak van de Afdeling uit 2015 blijkt dat de onschuldpresumptie in een Bibob-procedure kan worden geschonden. De gevolgen van deze uitspraak voor de Bibob-praktijk zijn beperkt.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is docent straf(procesrecht) aan de Tilburg University.
Praktijk

Kroniek wetgeving gezondheidsrecht 2015

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Kroniek, Wetgeving, Gezondheidsrecht, 2015
Auteurs Mr.drs. J.J. Rijken en Mr. W.F. van der Wel
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kroniek beschrijft de ontwikkelingen op het gebied van wetgeving in het gezondheidsrecht in 2015. De parlementaire behandeling van de grote wetsvoorstellen over gedwongen zorg lijkt zo goed als tot stilstand gekomen. Op het gebied van kwaliteit zijn wel duidelijke vorderingen te melden: de Wkkgz trad in werking en een conceptwetsvoorstel over wijzigingen in de Wet BIG (beroepenregulering en tuchtrecht) zag het licht. De wetgevingsactiviteit ten aanzien van de marktordening lijkt onderhevig aan veranderlijke politieke windrichtingen: de NZa moet tegelijkertijd méér en minder bevoegdheden krijgen.


Mr.drs. J.J. Rijken
Joris Rijken is advocaat bij AKD N.V. en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. W.F. van der Wel
Willemijn van der Wel is juridisch medewerker bij AKD N.V.
Artikel

Gone fishing? Grenzen aan de toelaatbaarheid van ‘toevallig’ tijdens een inspectie verkregen bewijs in Deutsche Bahn

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden rechten van de verdediging, Recht op onschendbaarheid van de woning, dawn raid, toevallig gevonden materialen, fishing expeditions
Auteurs Dr. B. van Bockel
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Deutsche Bahn verduidelijkte het Hof van Justitie waar enkele grenzen liggen voor wat betreft de toelaatbaarheid van informatie die ‘toevallig’ door Commissieambtenaren wordt verkregen tijdens een inspectie. Het Hof van Justitie bepaalde eerder, in het arrest Dow Benelux, dat toevallig gevonden aanwijzingen van andere overtredingen dan die welke in de inspectiebeschikking zijn opgenomen, aanleiding mogen vormen voor verder onderzoek. In Deutsche Bahn werd geoordeeld dat de betrokken Commissieambtenaren echter niet gericht mogen zoeken naar informatie die niet ziet op de overtreding zoals omschreven in de inspectiebeschikking.
    HvJ 18 juni 2015, zaak C-583/13 P, Deutsche Bahn e.a./Commissie, ECLI:EU:C:2015:404


Dr. B. van Bockel
Dr. B. (Bas) van Bockel is als universitair docent Economisch Publiekrecht verbonden aan de Universiteit Utrecht en als gasthoogleraar EU-mededingingsrecht verbonden aan Università Ca’ Foscari, Venetië. Met veel dank aan Marc Fierstra voor diens waardevolle commentaar.
Artikel

Unitrading Revisited. Oncontroleerbaar bewijs tussen eerlijk proces en doeltreffendheid

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden doeltreffende rechtsbescherming, doeltreffendheid, procedurele autonomie, eerlijk proces, oncontroleerbaar bewijs
Auteurs Prof. mr. R.J.G.M. Widdershoven
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2015 wees de Hoge Raad arrest in de zaak Unitrading. In lijn met de uitspraak van het Hof van Justitie in die zaak beoordeelt de Hoge Raad de toelaatbaarheid als bewijs van de voor partijen en rechter oncontroleerbare onderzoeksresultaten van een Amerikaans laboratorium niet in het licht van artikel 47 Handvest, maar op basis van het nationale bewijsrecht en het Unierechtelijke beginsel van doeltreffendheid. Deze beoordeling leidt tot vernietiging van de bestreden uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam, omdat het gerechtshof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het de bevindingen van het Amerikaans laboratorium betrouwbaar heeft geacht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de uitspraak van het Hof van Justitie in Unitrading en het arrest van de Hoge Raad, en wordt de problematiek van toelaatbaarheid van oncontroleerbaar bewijs in een breder kader geplaatst. Is dat een kwestie van doeltreffendheid van het Unierecht of toch van een eerlijk proces?
    HR 4 december 2015, 12/02876, AB 2016/112, m.nt. Y.E. Schuurmans, ECLI:NL:HR:2015:3467 (Unitrading Ltd./Staatssecretaris van Financiën).


Prof. mr. R.J.G.M. Widdershoven
Prof. mr. R.J.G.M. (Rob) Widdershoven is als hoogleraar Europees bestuursrecht verbonden aan het Centrum voor Regulering en Rechtshandhaving van EU-recht van de Universiteit Utrecht.

    In the theory, legislation and practice of regulation and conduct of administrative procedures, trends towards the concept of good administration can be detected at both supra- and national levels. Based on normative and comparative-legal analyses of Slovene (1999), Croatian (2009) and the EP Resolution (2013) administrative procedure acts (APAs), the article identifies user-oriented institutions that pursue the principles of good administration. Furthermore, it examines acceleration and braking mechanisms that influence the duration of procedures (e.g. setting and shortening time limits, positive fiction, preclusions, and enforcement of procedural errors, broader participation of affected parties, legal protection). Timely and efficient decision-making viewed as a human right with balanced protection of public and private legal interests is in fact crucial for achieving good administration. Hence, in conclusion, the authors propose selected changes de lege ferenda for the reregulation of APAs in Slovenia and beyond, in support of less excessive length of procedures.


Tina Sever

Polonca Kovac

Bill de Vis
Bill de Vis is advocaat bij Schenkeveld Advocaten in Alkmaar.
Artikel

Beginselen van procesrecht en de hoogste rechter: mag, moet en gaat de Hoge Raad ooit in dialoog met het EHRM?

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2016
Trefwoorden procesrecht, dialoog tussen rechterlijke instanties, zestiende protocol bij het EVRM
Auteurs Prof. mr. G. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Het procesrecht kent diverse instrumenten om de dialoog tussen rechterlijke instanties te bevorderen. De dialoog tussen nationale rechters enerzijds en HvJ EU en EHRM anderzijds is onder meer van belang voor effectieve grondrechtenbescherming in Nederland. Met het zestiende protocol bij het EVRM kan, als het voor Nederland in werking treedt, naar verwachting de dialoog tussen rechters in Nederland en het EHRM verder worden ontwikkeld.


Prof. mr. G. de Groot
Prof. mr. G. de Groot is raadsheer in de Hoge Raad tevens bijzonder hoogleraar Rechtspraak en conflictoplossing aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.