Zoekresultaat: 28 artikelen

x
Jaar 2016 x
Jurisprudentie

Overgang van wettelijke verplichtingen – het Hof van Justitie van de EU treedt wederom buiten contractuele grenzen

HvJ EU 28 januari 2015, C-688/13, ECLI:EU:C:2015:46, JAR 2015/279 (Gimnasio Deportivo San Andrés SL/Tesorería General de la Seguridad Social)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2016
Trefwoorden overgang van onderneming, sociale zekerheid, rechten en verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst, rechten van derden
Auteurs Prof. mr. Ronald Beltzer
SamenvattingAuteursinformatie

    Richtlijn 2001/23 inzake de overgang van ondernemingen ziet blijkens het in deze bijdrage besproken arrest evenzeer op de overgang van aan de arbeidsovereenkomst gerelateerde, wettelijke socialezekerheidsrechten. Slechts buitenwettelijke rechten inzake sociale zekerheid mogen door de lidstaten worden uitgezonderd van overgang (artikel 3 lid 4 onder a). De reikwijdte van deze uitzondering is beperkt. Het staat lidstaten vrij een ruimere bescherming te bieden. De auteur stelt de vraag of de uitspraak gevolgen heeft voor andere arbeidsgerelateerde rechten en analyseert de in dit arrest impliciet aanvaarde derdenwerking.


Prof. mr. Ronald Beltzer
Prof. mr. R. Beltzer is hoogleraar Arbeid en Onderneming aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Verwerking van het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden rechtsverwerking, enquêterecht, Cordial, artikel 2:350 BW, artikel 2:349 BW
Auteurs Mr. D.L. Barbiers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden enkele kanttekeningen geplaatst bij de Cordial-beschikking waarin de Hoge Raad voor de eerste keer besliste dat rechtsverwerking in het enquêterecht toepassing vindt. Verder wordt ingegaan op hoe rechtsverwerking zich verhoudt tot de ontvankelijkheidstermijn van artikel 2:349 lid 1 BW en de belangenafweging van artikel 2:350 BW.


Mr. D.L. Barbiers
Mr. D.L. Barbiers is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Aanbestedingsrechtelijke uitsluitingsgronden en het mededingingsrecht: wat moet een mededingingsjurist weten van de mogelijkheden tot uitsluiting in het aanbestedingsrecht?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2016
Trefwoorden aanbesteding, uitsluitingsgronden, ernstige fout, valse verklaring, proportionaliteit
Auteurs Maurice Esssers en Robert Fröger
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de per 1 juli 2016 geïntroduceerde wijzigingen van de Aanbestedingswet 2012 is het kader voor aanbestedingsrechtelijke uitsluitingsgronden gewijzigd. In dit artikel staan de uitsluitingsgronden centraal die voor beoefenaars van het mededingingsrecht relevant zijn. Met name wanneer ACM boetes oplegt wegens overtreding van (sectorspecifieke) regelgeving, gaan deze uitsluitingsgronden in latere aanbestedingen een rol spelen. Aspecten van een besluit die een impact hebben op de aanbestedingsrechtelijke kansen van ondernemingen zijn onder meer: de duur van de overtreding, de aard van de overtreding, de wijze van afdoening, de rechtspersonen waaraan de overtreding wordt toegerekend, de publicatiedatum en de mate van verwijtbaarheid.


Maurice Esssers
Mr. M.J.J.M. Essers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Robert Fröger
Mr. R.A. Fröger is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de mogelijkheden om bekostigde hoger onderwijsinstellingen onder de reikwijdte van de Wet Markt en Overheid te brengen.


Ali Mohammad
Mr. A.H.A. Mohammad is promovendus staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden. Zijn promotieonderzoek naar de juridische mogelijkheden en grenzen van het academisch ondernemerschap wordt door NWO gefinancierd.

    Het sectoronderzoek van de Europese Commissie in 2015-2016 is de eerste toepassing van dit instrument op het gebied van staatssteun en tegelijk een onderzoek in een sector die op het ogenblik veel veranderingen ondergaat: de energiesector. Eind 2016 zal de Europese Commissie het eindverslag van het onderzoek publiceren. Het tussenbericht laat al eerste conclusies toe. Een van de belangrijkere conclusies betreft de vraag naar de noodzaak van staatsteun voor energiezekerheid in de huidige, en toekomstige, energiemarkten.
    Europese Commissie, ‘Tussentijds verslag van het sectoronderzoek naar capaciteitsmechanismen’, C(2016) 2107 final
    Europese Commissie, ‘Commission staff working document accompanying the interim report of the sector inquiry on capacity mechanisms’, SWD(2016) 119 final


Mr. M. Kleis
Mr. M. (Maria) Kleis is Hoofd EU Groep Klimaat en Energie bij ClientEarth.
Jurisprudentie

Het DHL-arrest: ‘Foutje, bedankt!’ in een systeem van parallelle clementieregelingen

HvJ EU 20 januari 2016, zaak C-428/14, DHL Express (Italy) Srl en DHL Global Forwarding (Italy) SpA/Autorità Garante della Concorrenza e del Mercato, ECLI:EU:C:2016:27

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2016
Trefwoorden opsporing, clementie, kartel, Verordening (EG) nr. 1/2003, ECN-model
Auteurs Ruben Elkerbout
SamenvattingAuteursinformatie

    Tot voor kort was de hamvraag voor clementieverzoekers wat de precieze juridische status was van het ECN-clementieregelingsmodel van 2006 en welke precieze relatie een hoofdclementieverzoek bij de Commissie en een beknopt verzoek bij een nationale mededingingsautoriteit hebben. Op deze vragen en meer geeft het Hof van Justitie antwoord in het DHL-arrest. In deze bijdrage worden het DHL-arrest en de implicaties daarvan voor de clementiepraktijk besproken. Tevens komen het relevante juridische kader en het feitencomplex aan bod. Auteur pleit in zijn conclusie voor een in meer of mindere mate gecentraliseerd Europees clementieprogramma.


Ruben Elkerbout
Mr. R. Elkerbout is advocaat bij Stek te Amsterdam.
Artikel

Overnamegevechten, ongewenste investeerders en vitale vennootschappen

Is een investeringstoets ter waarborging van ‘het algemeen belang’ wenselijk?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden overname, algemeen belang, ongewenste investeerder, investeringstoets, KPN
Auteurs Mr. P.W.M. van Slobbe
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de waarborging van het algemeen belang binnen overnames centraal. Besproken wordt of het wenselijk is dat (in het licht van een mogelijk wetsvoorstel) het verkrijgen van zeggenschap in bepaalde voor Nederland vitale vennootschappen, zoals KPN, wordt getoetst op mogelijke bedreigingen voor het algemeen belang.


Mr. P.W.M. van Slobbe
Mr. P.W.M. van Slobbe is onlangs afgestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen, Duale Master Onderneming en Recht.

Prof. mr. L.J.J. Rogier
Prof. mr. L.J.J. Rogier is emeritus hoogleraar Staats- en Bestuursrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam en als bijzonder hoogleraar Staats- en Bestuursrecht verbonden aan de Universiteit van Curaçao.
Artikel

Navigeren door het labyrint van grensoverschrijdende detachering

De fundamentele verkeersvrijheden, de Detacheringsrichtlijn en het internationaal privaatrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Rome I-Verordening, Vrijheid van diensten, Grensoverschrijdende detachering, Regime-shopping, Detacheringsrichtlijn
Auteurs Mr. dr. Femke Laagland
SamenvattingAuteursinformatie

    De vraag hoeveel werknemersbescherming lidstaten aan uit het buitenland gedetacheerde werknemers kunnen toekennen, heeft de gemoederen lange tijd bezig gehouden. De zaak Laval bracht duidelijkheid, maar heeft ook tot nieuwe uitdagingen geleid. Verschillende constructies zijn ingezet om de loonkosten zo laag mogelijk te houden. Denk aan het vermijden van permanente detachering, maar ook aan het oprichten van buitenlandse bv’s die werknemers naar Nederlandse concernonderdelen detacheren. De constructies zijn lucratief omdat de juridische status bepaalt waarop de buitenlandse werknemer recht heeft. De ene keer bestaat recht op de hardekern-arbeidsvoorwaarden en de andere keer op alle (dwingende) arbeidsrechtelijke bepalingen uit het werkland. Bovendien kennen de verschillende typen detachering uit de Detacheringsrichtlijn – contracting, intra-concernuitlening en uitzending – ook elk hun eigen arbeidsrechtelijke regime. In dit artikel staat centraal wanneer nu welk arbeidsrechtelijk regime geldt en waarom. De auteur beantwoordt deze vraag aan de hand van de fundamentele verkeersvrijheden, het internationaal privaatrecht en het Nederlandse nationale arbeidsrecht. Ook is er aandacht voor het voorstel tot aanpassing van de Detacheringsrichtlijn van maart dit jaar.


Mr. dr. Femke Laagland
Mr. dr. F.G. Laagland is universitair hoofddocent Arbeidsrecht aan de Radboud Universiteit (Onderzoekscentrum Onderneming & Recht) en tevens redacteur van Arbeidsrechtelijke Annotaties.
Artikel

Collectief bedongen werkgelegenheidsgaranties

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Werkgelegenheidsgarantie, Cao, Uitleg, Ontslagrecht, Wwz
Auteurs Mr. dr. Nuna Zekic
SamenvattingAuteursinformatie

    In het kader van collectief overleg spreken werknemersorganisaties vaak met de werkgever af dat hij gedurende een bepaalde periode geen (collectief) ontslag zal initiëren. Deze afspraken worden meestal aangeduid als werkgelegenheidsgaranties. Dit zijn dikwijls belangrijke onderwerpen bij collectieve onderhandelingen, en onenigheid hierover vormt vaak de kern van een collectief conflict. Toch is er weinig bekend over dergelijke afspraken. Het eerste deel van dit artikel heeft als doel meer inzicht te verschaffen in de inhoud en de formulering van dit soort cao-bepalingen. Het tweede deel gaat in op de vraag hoe we moeten omgaan met een werkgelegenheidsgarantie in een ontslagprocedure.


Mr. dr. Nuna Zekic
Mr. dr. N. Zekic is universitair docent Arbeidsrecht aan de Tilburg University.

Mr. B.F.L.M. Schim
Mr. B.F.L.M. Schim is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Het rechtspersoonlijk belang van het voorontwerp Wet bestuur en toezicht rechtspersonen: schijnuniformering of ware eendracht?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden uniformering, vennootschapsbelang, rechtspersoonlijk belang, Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, vennootschappelijk belang
Auteurs R.H.H. Vastmans LL.B (Hons.)
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorontwerp Wet bestuur en toezicht rechtspersonen introduceert het geüniformeerde begrip rechtspersoonlijk belang als gedragsnorm voor bestuurders en toezichthouders. Door duiding van en vergelijking met het huidige vennootschapsbelang komt de auteur tot de conclusie dat de in de consultatieronde geuite kritiek grotendeels onjuist c.q. onterecht is.


R.H.H. Vastmans LL.B (Hons.)
R.H.H. Vastmans is masterstudent Nederlands recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

    In deze bijdrage wordt de reikwijdte van de tweede tuchtnorm van de Wet BIG in kaart gebracht. Daarbij wordt nagegaan of wijziging van de betreffende norm noodzakelijk c.q. wenselijk is. Geconstateerd wordt dat de tuchtrechter de afgelopen jaren geen consistente lijn heeft gevolgd bij de uitleg van de tweede tuchtnorm, hetgeen onwenselijk is. Aanbevolen wordt om de tuchtnorm(en) te wijzigen in een zogenoemde betamelijkheidsnorm en om in het kader van de ontvankelijkheid niet langer te toetsen aan de reikwijdte van de tuchtnorm(en).


Mr. C.A. Bol
Caressa Bol is docent/onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit te Nijmegen.

prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit; lid College voor de Rechten van de Mens en redacteur van dit tijdschrift.

    De geschillenclausule wordt door transactieadvocaten regelmatig behandeld als een boilerplate-bepaling, waar de litigators zich over mogen ontfermen op het moment dat er een geschil ontstaat. De keuze voor arbitrage of overheidsrechtspraak kan echter van enorm belang zijn voor contractspartijen als er een conflict ontstaat.
    Deze bijdrage beoogt de juristen en advocaten die in de praktijk betrokken zijn bij het opstellen van overnamecontracten of handelsovereenkomsten een handvat te bieden bij het opstellen van de geschillenclausule en inzicht te geven in de overwegingen die ten grondslag (zouden moeten) liggen aan het opstellen van een arbitrageclausule.


Mr. L.J.E. Timmer
Mr. L.J.E. Timmer is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven en vertegenwoordigt niet noodzakelijk de mening van Allen & Overy LLP.

    De beroepsbeoefenaar – en dus ook de letselschadeadvocaat – die een informatieverplichting schendt, zal enigszins op zijn aansprakelijkheidsrechtelijke tellen moeten passen als het om het bewijs van die zorgplichtschending en het (bewijs van het) causaal verband gaat. Maar daar is die advocaat nog redelijk ‘beschermd’. Geraakt een cliënt voorbij die hindernissen, dan is het echter snel afgelopen: eigen schuld als verweer mag niet meer in beeld komen, althans mag slechts een marginale rol spelen, zo wordt betoogd.


Prof. mr. I. Giesen
Prof. mr. I. Giesen is hoogleraar Privaatrecht aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en programmaleider van het Utrecht Center for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.
Artikel

De functie van de kwaliteitsborging in het zorgstelsel

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2016
Trefwoorden kwaliteit van zorg, professionele standaard, private regulering
Auteurs Prof. mr. J.G. Sijmons
SamenvattingAuteursinformatie

    In het gezondheidsrecht is de ontwikkeling van private normen van groot belang. Tussen normen van de wetgever en toetsing door de rechter ontwikkelt zich steeds meer een laag van standaarden, richtlijnen en protocollen. Deze geven invulling aan de meer globale normen en plichten die in formele wetgeving zijn neergelegd. Het Zorginstituut Nederland speelt hierin een belangrijke rol door registratie van richtlijnen en protocollen. De auteur gaat onder meer in op de ontwikkeling en vormgeving van de kwaliteitsnormering en plaatst enkele kanttekeningen daarbij. Zo zal de verwachting dat met deze ontwikkeling ook transparantie bij kwaliteit van zorg kan worden bevorderd, voorlopig niet zijn gerealiseerd. Integendeel, het heeft eerder de ondoorzichtigheid van het kwaliteitsvraagstuk in beeld gebracht. Het is zelfs de vraag of met een tendens naar standaarden als algemene, minimale kwaliteitsnormen met optimale doelmatigheid met de registratie wel de goede sleutel tot het goed functioneren van het stelsel is gevonden.


Prof. mr. J.G. Sijmons
Prof. mr. J.G. (Jaap) Sijmons is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Utrecht en advocaat bij Nysingh te Zwolle.
Artikel

Private kwaliteitsborging als wetgevingsvraagstuk

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2016
Trefwoorden private kwaliteitsborging, regulering, toezicht
Auteurs dr. A.R. Neerhof
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij zowel de Europese als de nationale overheid is er al meer dan twee decennia lang een duidelijke belangstelling voor private kwaliteitsborging als een instrument voor regulering en toezicht naast exclusief overheidsoptreden. Dit past bij de gedachte dat in de samenleving ook veel kan worden gereguleerd zonder dat de overheid daar meteen aan te pas hoeft te komen. De auteur bespreekt dit instrument als wetgevingsvraagstuk. Daarbij komen de modaliteiten van private kwaliteitsborging aan bod en welke aandachtspunten in acht moeten worden genomen als de wetgever kiest voor private kwaliteitsborging. Deze aandachtspunten zijn te ontlenen aan beginselen van de democratische rechtsstaat en beginselen van behoorlijke wetgeving, goed bestuur en de open markt. Aan het slot trekt de auteur enkele conclusies over op welke wijze de overheid rekening moet houden met private kwaliteitsborging bij de totstandkoming van wetgeving.


dr. A.R. Neerhof
dr. A.R. (Richard) Neerhof is als universitair hoofddocent bestuursrecht verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verricht onderzoek in het programma ‘Public Contracts: Law & Governance’.

mr. F. Vermeulen
Mr. F. Vermeulen is partner bij Nauta Dutilh en leidt aldaar de cassatiepraktijk.
Artikel

Access_open ‘Dissenting opinions’ in religiezaken voor het Europees Hof (II)

De gewone kamer

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2016
Trefwoorden dissenting opinions, Godsdienstvrijheid, margin of appreciation, EVRM
Auteurs Prof. dr. Sophie van Bijsterveld
SamenvattingAuteursinformatie

    What divides the ECtHR in religion cases? Study of dissenting opinions in religion cases of the ECtHR sheds a light on dividing lines within the ECtHR and deepens our understanding of the methods of reasoning of the ECtHR itself. Following an analysis of dissenting opinions in religion cases in the rulings of the Grand Chamber of the ECtHR, this article focuses on the Chamber. As in the previous analysis, a clear pattern in the dividing lines is brought to light. This article discusses and evaluates this finding.


Prof. dr. Sophie van Bijsterveld
Prof. dr. S.C. van Bijsterveld is hoogleraar Religie, recht en samenleving aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Jurisprudentie

Het Nederlandse collectieve actierecht (echt) op Europese leest geschoeid

HR 19 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1687, NJ 2015/438 (Abvakabo/Stichting Amsta)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Stakingsrecht, Collectieve actie, Enerco, Amsta, Gezichtspunten
Auteurs Mr. R. Hansma
Auteursinformatie

Mr. R. Hansma
Mr. R. Hansma is docent Sociaal recht en buitenpromovendus aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 28 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.