Zoekresultaat: 58 artikelen

x
Jaar 2011 x
Jurisprudentie

Vrijheid van meningsuiting op de werkplek in twee maten en gewichten: de werknemer mag blaffen, de ‘watchdog’ wordt gemuilkorfd

EHRM 21 juli 2011, Application nr. 28274/08 (Heinisch/Duitsland) en EHRM 12 september 2011, Application nr. 28955/06, 28957/06, 28959/06 en 28964/06 (Palomo Sanchez e.a./Spanje)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2011
Trefwoorden klokkenluiders, vrijheid van meningsuiting op de werkplek, private en publieke sector, vakverenigingsvrijheid, EVRM
Auteurs Prof. dr. F. Dorssemont
SamenvattingAuteursinformatie

    Tijdens de zomermaanden oordeelde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens over twee verzoekschriften waarin de vrijheid van meningsuiting van werknemers centraal stond. De eerste zaak (Heinisch/ Duitsland) betrof naar de woorden van het Hof een zaak van whistle-blowing (klokkenluiders). Een werkneemster maakte van haar vrijheid van meningsuiting gebruik om extern wantoestanden in de onderneming aan te klagen die een kwestie van algemeen belang raken. In de tweede zaak (Sanchez e.a./Spanje) onderzocht een Grote Kamer het ontslag op staande voet van enkele vakbondsleden wegens een naar de mening van de werkgever diffamerende cartoon in een interne vakbondspublicatie. Deze cartoon hield verband met een juridisch geschil tussen de vakbond en de werkgever dat in de Spaanse rechtbanken werd uitgevochten. In deze zaak wordt ook aan de vakverenigingsvrijheid getoetst. Een onderliggende vergelijking van beide zaken laat toe te appreciëren of werknemers in de uitoefening van een vertegenwoordigend mandaat dat zij van aangesloten vakbondsleden hebben gekregen, over een grotere dan wel een kleinere expressievrijheid beschikken dan geïsoleerde werknemers die ‘onrecht’ aanklagen. De relevantie van de aard van de ondernemingsactiviteit (publieke of private sector) en de arbeidsverhouding (ambtenaar/contractueel) wordt bekeken. Na een afzonderlijke analyse van beide zaken, een beschouwing over de tussenkomst van de vakbond in de zaak Heinisch en een beschouwing over de formele methodologie van het Hof worden beide arresten vanuit enkele kernvragen rond expressievrijheid op de werkplek op een meer vergelijkende wijze beschouwd.


Prof. dr. F. Dorssemont
Prof. dr. F. Dorssemont is als hoogleraar verbonden aan onderzoekscentrum Crides Jean Renauld van de Université catholique de Louvain.
Artikel

Over moeders en dochters

Het weerlegbaar vermoeden in de praktijk

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2011
Trefwoorden kartel, aansprakelijkheid moederonderneming, weerlegbaar vermoeden, beslissende invloed, motiveringsgebreken
Auteurs Mr. F. Muller en Dr. mr. S. Verschuur
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. F. Muller
Mr. Frans Muller is advocaat bij Clifford Chance in Amsterdam.

Dr. mr. S. Verschuur
Dr. mr. S. Verschuur is advocaat bij Clifford Chance in Amsterdam.
Artikel

Corporate Governance, de financiële crisis en het subsidiariteitsbeginsel

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2011
Trefwoorden Corporate Governance, EU Groenboek, Green Paper Financial Institutions, Green Paper Corporate Governance, financiële instellingen
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de onderzoeken naar de oorzaken van de financiële crisis werd ook de rol van Corporate Governance onder de loep genomen. Dit is aanleiding geweest voor de publicatie door de Europese Commissie van twee Groenboeken over respectievelijk Corporate Governance bij financiële instellingen en beloningsbeleid en de Europese Corporate Governance-structuur. Hierbij worden impliciet veel voorstellen voor nieuwe Corporate Governance-regels gedaan. In deze bijdrage wordt een aantal van deze voorstellen getoetst aan het subsidiariteitsbeginsel en het proportionaliteitsbeginsel die in art. 5 leden 3 en 4 TEU zijn vastgelegd en in de literatuur zijn uitgewerkt. Hierbij wordt ook bekeken of regulering van Corporate Governance-onderwerpen op EU-niveau ingaat tegen nationale voorkeuren in de vennootschappelijke regelgeving en dit gerechtvaardigd wordt door de noodzaak tot ingrijpen door de EU. Geconcludeerd wordt dat bij ‘gewone’ vennootschappen terughoudendheid moet worden betracht bij het invoeren van inhoudelijke aanvullende Corporate Governance-regels. Bij financiële instellingen is regulering op EU-niveau gewenst omdat aannemelijk is dat een falende Corporate Governance bij deze instellingen heeft bijgedragen aan de financiële crisis en een bedreiging vormt voor het Europese financiële systeem.


Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel recht bij de Universiteit Utrecht en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Financiële dienstverlening binnen groepsverband bezien vanuit fiscaal perspectief

Met de nadruk op de onzakelijke lening

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2011
Trefwoorden onzakelijke lening, afwaarderingsverlies, groepsgarantie
Auteurs Drs. S. den Boer
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het certificaathouders-uitkoop-arrest van 9 mei 2008 heeft de Hoge Raad een nieuw begrip in het fiscaal recht geïntroduceerd: de onzakelijke lening. Onder de onzakelijke lening wordt in dit verband verstaan een geldverstrekking aan een gelieerde partij die onder zodanige voorwaarden en omstandigheden heeft plaatsgevonden dat daarbij door die geldverstrekking een debiteurenrisico wordt gelopen dat een onafhankelijke derde niet zou hebben genomen. Daar een dergelijke lening niet geacht wordt te zijn verstrekt uit zakelijke motieven, maar uit aandeelhoudersmotieven is een afwaarderingsverlies – als liggende in de aandeelhouderssfeer – fiscaal niet aftrekbaar. In deze bijdrage wordt allereerst aangegeven welke plaats de onzakelijke lening in het fiscaal recht inneemt te midden van de zakelijke lening en de lening die fiscaal volledig wordt geherkwalificeerd in eigen vermogen. Vervolgens wordt ingegaan op een viertal vragen die het certificaathouders-uitkoop-arrest heeft opgeroepen en de gevolgen van het arrest voor andere vormen van financiële dienstverlening binnen groepsverband. Afgesloten wordt met een aantal aandachtspunten voor de praktijk.


Drs. S. den Boer
Drs. S. den Boer is werkzaam als fiscalist bij Simmons & Simmons te Amsterdam.
Artikel

De automatisch vervallende 403-verklaring

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2011
Trefwoorden art. 2:403 BW, 403-verklaring, concernvrijstelling, groepsmaatschappij, aansprakelijkheid
Auteurs Mr. M.R.C. van Zoest
SamenvattingAuteursinformatie

    In de literatuur wordt wel gepleit voor het opnemen van een groepsband als voorwaarde in een 403-verklaring. Ook in de praktijk blijkt dit te worden toegepast met het oog op een automatisch eindigende aansprakelijkheid bij het verbreken van de groepsband, meestal in het kader van een verkoop van de desbetreffende dochtervennootschap. In deze bijdrage wordt ingegaan op deze voorwaarde, waarbij de volgende twee vragen centraal staan: (1) komt de aansprakelijkheid van de moeder automatisch te vervallen na verbreking van de groepsband, en (2) kan de dochter gebruik maken van de concernvrijstelling als ten behoeve van haar een 403-verklaring is gedeponeerd die afhankelijk is gesteld van de groepsband tussen de moeder en de dochter? Na beantwoording van deze vragen wordt een alternatief voor het groepsbegrip als voorwaarde voor aansprakelijkheid besproken. De bijdrage wordt afgesloten met een korte samenvatting en conclusie.


Mr. M.R.C. van Zoest
Mr. M.R.C. van Zoest is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Artikel

De rechtsgeldigheid van een prijsbepalingsregeling bij een aanbiedingsplicht in statuten of aandeelhoudersovereenkomst, naar huidig en komend recht

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 12 2011
Trefwoorden prijsbepalingsregeling, aanbiedingsplicht, aandeelhoudersovereenkomst, statuten
Auteurs Mr. A.F.J. van Hövell tot Westervlier
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op de vraag of de statuten of een aandeelhoudersovereenkomst bij een aanbiedingsplicht een prijsbepalingsregeling kunnen bevatten die bepaalt dat een aandeelhouder een prijs ontvangt voor zijn aandelen die afwijkt van de waarde in het economische verkeer, naar huidig en komend recht.


Mr. A.F.J. van Hövell tot Westervlier
Mr. A.F.J. van Hövell tot Westervlier is werkzaam als kandidaat-notaris bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Splitsing en de onbereikbare vrijstelling van een accountantsverklaring

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 12 2011
Trefwoorden accountantsverklaring, vrijstelling, splitsing, inbreng, deskundige
Auteurs Mr. K. van Zundert
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt in deze bijdrage de vrijstelling van de accountantsverklaring als bedoeld in artikel 2:94a/94b lid 3 BW bij een juridische splitsing.


Mr. K. van Zundert
Mr. K. van Zundert is werkzaam als kandidaat-notaris bij Clifford Chance te Amsterdam.

Dr. H.J. van Kooten
Dr. H.J. van Kooten is lid van het Gemeenschappelijke Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

dr. G.C.C. Lewin
Dr. G.C.C. Lewin is raadsheer in het gerechtshof te Amsterdam.
Artikel

Cumulatief beslag op aandelen op naam: tot welk moment?

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2011
Trefwoorden Cumulatief, beslag, ‘aandelen op naam’, verkoop
Auteurs Mr. C.H.M. Fiévez
SamenvattingAuteursinformatie

    Roerende zaken waarop executoriaal beslag is gelegd kunnen op grond van artikel 457 lid 1 Rv tot aan de verkoop opnieuw worden beslagen. Ten aanzien van aandelen op naam in naamloze vennootschappen regelt de wet niet tot welk moment de aandelen opnieuw in beslag genomen kunnen worden. Kan hiervoor aansluiting worden gezocht bij artikel 457 lid 1 Rv? Of moet dit moment uit artikel 474g lid 2 Rv worden afgeleid? Aan de hand van de (Nederlandse) wetsgeschiedenis van de toepasselijke wetsartikelen op executoriaal beslag op aandelen op naam, wordt besproken tot welk moment beslag op aandelen nog voor mogelijk wordt gehouden.


Mr. C.H.M. Fiévez
Mr. C.H.M. Fiévez is advocaat bij HBN-Law, Curaçao.
Artikel

Kwijtschelding: de gevolgen voor de debiteur en de kwijtscheldingswinstvrijstelling

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2011
Trefwoorden zakelijk versus onzakelijk, prijsgeven, insolventie, fiscale eenheid
Auteurs Mr. M. Kangarani
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage brengt de auteur de fiscale gevolgen van de kwijtschelding van een vordering voor de debiteur in kaart. Daarnaast komen de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een belastingvrijstelling voor de kwijtscheldingswinst aan de orde.


Mr. M. Kangarani
Mr. M. Kangarani is werkzaam als fiscalist bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De Wet bestuur en toezicht: een nieuwe reparatie vereist

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2011
Trefwoorden Wet bestuur en toezicht, Reparatiewet, limitering, benoemingsbesluit, nietigheid
Auteurs Mr. F.C. de Hosson
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur een aantal gevolgen van een benoeming van een bestuurder of commissaris in strijd met de door de Wet bestuur en toezicht geïntroduceerde limitering van het aantal functies van bestuurders en commissarissen.


Mr. F.C. de Hosson
Mr. F.C. de Hosson is werkzaam als advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

De Eumedion ‘Best practices voor betrokken aandeelhouderschap’ voor institutionele beleggers

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2011
Trefwoorden Eumedion, Stewardship, institutionele, belegger, betrokken
Auteurs Mr. F.P.R. Schreuder
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de ‘Best practices voor betrokken aandeelhouderschap’. Tevens wordt ter vergelijking de UK Stewardship Code besproken.


Mr. F.P.R. Schreuder
Mr. F.P.R. Schreuder is als advocaat werkzaam bij Clifford Chance te Amsterdam.
Artikel

De rechtspersoon als enquêtegerechtigde

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2011
Trefwoorden wetsvoorstel tot aanpassing van het enquêterecht, toegang tot enquêteprocedure, rechtspersoon, vennootschap, enquêtegerechtigden
Auteurs Mr. S.C. van Gendt
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het wetsvoorstel tot aanpassing van het enquêterecht dat op 8 september 2011 naar de Tweede Kamer is gestuurd. Er wordt met name ingegaan op de uitbreiding van de kring van enquêtegerechtigden met de rechtspersoon zelf. De auteur plaatst enkele kanttekeningen bij het wetsvoorstel.


Mr. S.C. van Gendt
Mr. S.C. van Gendt is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Jurisprudentie

2011/42 Voorzieningenrechter Rechtbank Leeuwarden 21 september 2011

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2011
Trefwoorden non-actiefstelling huisarts, belangenverstrengeling, letselschadebureau, protocol, niet-onrechtmatig
Samenvatting

    Op non-actiefstelling huisarts in verband met schijn van belangenverstrengeling en gebrekkige verslaglegging; patiënten werden doorverwezen naar letselschadebureau partner: besluit tot op non-actiefstelling is in overeenstemming met het protocol en niet onrechtmatig.


Mr. P.E. de Kort
Mr. P.E. de Kort is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel

De wenselijkheid van nieuwe Europese corporate governance-regelingen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2011
Trefwoorden Europese Commissie, corporate governance, Groenboek, bestuur, aandeelhouders
Auteurs Mr. P.M. van de Ven, LL.B., LL.M. (Finance)
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het Groenboek van de Europese Commissie op het gebied van corporate governance voor beursgenoteerde vennootschappen en de consultatiereacties daarop van het Nederlandse kabinet en Eumedion.


Mr. P.M. van de Ven, LL.B., LL.M. (Finance)
Mr. P.M. van de Ven, LL.B., LL.M. (Finance) is werkzaam als advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.
Artikel

Toegang tot de enquêteprocedure en de kapitaalseis van artikel 2:346 sub b BW

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2011
Trefwoorden ênqueterecht, ênquetebevoegdheid, kapitaalseis, ontvankelijkheid, peilmoment
Auteurs Mr. drs. L.M.H.A.A. Hennekens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op welk moment moeten de verzoekers tot enquête aan de kapitaalseis voldoen? In deze bijdrage bespreekt de auteur de Emba-beschikking (HR 8 juli 2011, NJ 2011, 306) en haar implicaties voor de toegang tot de enquêteprocedure.


Mr. drs. L.M.H.A.A. Hennekens
Mr. drs. L.M.H.A.A. Hennekens is werkzaam als advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Casus

De zeven pijlers van corporate democracy

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2011
Trefwoorden corporate democracy, corporate governance, aandeelhoudersvergadering, algemene vergadering van aandeelhouders (AVA), virtuele aandeelhoudersvergadering
Auteurs Mr. dr. A. van der Krans
SamenvattingAuteursinformatie

    De zeven pijlers van een goede corporate democracy zijn: recht van initiatief, spreekrecht, stemrecht, recht op inlichtingen, opkomst en representativiteit, ordehandhaving en cohesie tussen economisch belang en juridische zeggenschap. Hoewel er bij elke pijler nog (veel) te wensen blijft, hebben alle pijlers zich de afgelopen jaren positief ontwikkeld. In deze bijdrage wordt een weergave gegeven van de belangrijkste ontwikkelingen en hun impact op de zeven pijlers van corporate democracy. Hiernaast bespreekt de auteur twee nieuwe ontwikkelingen binnen de investment community die een gevaar vormen voor de corporate democracy: het volledig geautomatiseerd handelen en portfoliodiversificatie gedreven door de Modern Investment Theory en kostenbewustzijn. Ten slotte wordt ingegaan op de vraag hoe investeerders het beste kunnen omgaan met deze ontwikkelingen met het oog op verantwoorde waardecreatie, waarbij ondernemingen niet alleen op strategisch en financiële criteria beoordeeld worden, maar ook op criteria voor sociale en milieu-impact, goed ondernemingsbestuur en duurzaamheid.


Mr. dr. A. van der Krans
Mr. dr. A. van der Krans is Officer Responsible Investment & Active Ownership bij Mn Services te Den Haag.
Artikel

Naar een Nederlandse Omgevingsautoriteit

Een pleidooi voor onafhankelijk milieutoezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden toezicht, milieutoezicht, milieuhandhaving, Europees milieurecht, eerlijke concurrentieverhoudingen
Auteurs Prof. mr. G.A. Biezeveld en Mr. M.C. Stoové
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt onderzocht in hoeverre verband bestaat tussen de mate van effectiviteit van milieutoezicht en de mate van onafhankelijkheid van dit toezicht. Aanleiding zijn onder meer diverse milieu-incidenten (Thermphos, Probo Koala) en het niet op orde zijn van het milieutoezicht. Voor bestuurders is milieutoezicht een haast onmogelijke opgave. De organisatie van het milieutoezicht wordt getoetst aan de Nederlandse en Europese eisen aan toezicht. Geconcludeerd wordt dat gebrek aan onafhankelijkheid van milieutoezicht een belangrijke oorzaak van de bestaande problemen is. De auteurs doen aanbevelingen voor het oprichten van een Nederlandse Omgevingsautoriteit.


Prof. mr. G.A. Biezeveld
Prof. mr. G.A. Biezeveld is bijzonder hoogleraar milieurecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en coördinerend milieu-officier van justitie bij het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie. Tevens is hij redactielid van Tijdschrift voor Toezicht.

Mr. M.C. Stoové
Mr. M.C. Stoové is senior beleidsmedewerker bij het Functioneel Parket. Eerder heeft zij gewerkt als bestuursrechtadvocaat, met als specialisatie milieurecht en ruimtelijke-ordeningsrecht.

N.J.M. van Zijl
Mr. drs. N.J.M. van Zijl is promovendus aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Toont 1 - 20 van 58 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.