Zoekresultaat: 49 artikelen

x
Jaar 2012 x

    This article examines the impact of the introduction of the Schutznorm-principle (relativiteitsvereiste) in the Dutch General Administrative Law Act on the private enforcement of state aid law. This principle prohibits the administrative courts to annul a decision if the ground manifestly does not protect the complainants interests. Court decisions are examined to research the role of individuals in the private enforcement of state aid law. These individuals often have no competitive relation with the (alleged) beneficiary of the aid. However, presumably the Schutznorm-principle will not hinder them from annulling the decision because the Schutznorm-principle requires clarity regarding the scope of the provision invoked. Article 108 TFEU lacks this clarity. Based on possibilities of appeal against Commissions decisions and case law of the EU CoJ on this matter, the author argues that not every individual needs to be able to invoke state aid provisions.


Matthijs Baart
Matthijs Baart LLM is onderzoek- en onderwijsmedewerker aan de Universiteit Leiden
Artikel

Crimmigratie en de morele economie van illegale vreemdelingen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2012
Trefwoorden illegal immigrants, crimmigration, moral economy, exploitation
Auteurs Prof. dr. Richard Staring
SamenvattingAuteursinformatie

    Illegal stay in the Netherlands is increasingly criminalized through new measurements and adaptations of the Aliens Law. In order to understand the incorporation of illegal immigrants in this restrictive political context, the ‘moral economy’ is introduced as a concept referring to the norms and expectations regarding justice and reciprocity that serve as guidelines for daily illegal live. This process of crimmigration minimalizes the opportunities of illegal immigrants and as an unintended consequence will push the illegal immigrants further towards charity, informal labour or crime. Paradoxically, illegal immigrants will become more vulnerable for exploitation instead of returning home as was intended.


Prof. dr. Richard Staring
Prof. dr. Richard Staring is hoogleraar Mobiliteit, Toezicht en Criminaliteit aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Zijn veiligheidshuizen effectief?

Een onderzoek naar de stand van zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Safety Houses, network effectiveness, governance, crime prevention, QCA
Auteurs Remco Mannak, Hans Moors en Jörg Raab
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands ‘Safety Houses’ have been established, in which partner organizations in the field of criminal justice, crime prevention, law enforcement, public administration and social services collaborate in order to reduce crime and recidivism, and to increase public safety. This article examines why some Safety Houses are better in achieving these goals than others. The effectiveness of 39 Safety Houses is analyzed by means of QCA (qualitative comparative analysis). Results show two different paths leading to effective outcomes. Effective Safety Houses have been in existence for at least three years, show a high degree of stability and a centrally integrated collaboration structure. In addition, they either have considerable resources at their disposal or have been set up with a network administrative organization, where a neutral coordinator governs the network.


Remco Mannak
Remco Mannak MA MSC is promovendus aan het departement organisatiewetenschappen van Tilburg University. E-mail: r.s.mannak@uvt.nl

Hans Moors
Drs. Hans Moors is hoofd van de afdeling Veiligheid & criminaliteit, welzijn & zorg van IVA Beleidsonderzoek en Advies (Tilburg University). E-mail: j.a.moors@uvt.nl

Jörg Raab
Dr. Jörg Raab is universitair docent aan het departement Organisatiewetenschappen van Tilburg University.
Artikel

Fysieke belasting van brandweerwerk in relatie tot gezondheid, fitheid en inzetbaarheid van brandweermensen

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2012
Trefwoorden firefighting, physical demands, health and fitness, deployability, active recovery, physical safety
Auteurs Eric Mol, Ronald Heus, Ron van Raaij e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Based on state-of-the-art scientific knowledge, this article reviews the physical aspects of firefighting in relation to physical safety. Firefighting is known to be one of the most demanding occupations. Based on the ‘Occupational Demands Model’ the (physical) strain of firefighting is described. The physical demands of firefighting are determined by a combination of firefighting-specific efforts, the use of personal protective equipment and enviromental and climatological conditions. The effects on the firefighter depend on his/her health and fitness status as well as on his/her hydration and nutrition status and influences the repressive job performance. If the demands and the effects are not in balance, personal safety, health and effectivity of the firefighter’s deployment are in jeopardy and hence his/her physical safety. In the second part of the paper, the relationship between the physical demands of firefighting and health, fitness and deployability of firefighters are described. Finally, a method of maintaining deployability prior to, during and post firefighting activities or training through active recovery is described to improve the preparedness of the individual firefighter.


Eric Mol
Drs. Eric Mol is als docent/onderzoeker verbonden aan het Instituut Sport en Bewegingsstudies (ISBS) van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN). E-mail: eric.mol@han.nl

Ronald Heus
Drs. Ronald Heus is senior onderzoeker bij het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV).

Ron van Raaij
Drs. Ron van Raaij is als bedrijfsarts/duikerarts werkzaam bij Bedrijfsartsen5 Zuidwest.

Ricardo Weewer
Dr. ir. Ricardo Weewer is lector Brandweerkunde aan de Brandweeracademie van het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV).

George Havenith
Prof. dr. George Havenith is hoogleraar Environmental Physiology and Ergonomics en directeur van het Environmental Ergonomics Research Centre, Loughborough University (UK)
Artikel

Toezichthouders op de tram

Een studie naar de handhaving van het ov-verbod in Amsterdam en Rotterdam

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden beveiligers, handhavers, boa’s, openbaar vervoer, ov-verbod
Auteurs Dr. R. van Steden, Mr. drs. M.B. Schuilenburg, L. Leemeijer MSc e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Zogeheten ‘nieuwe toezichthouders’ in de vorm van buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) en particuliere beveiligers moeten in Amsterdamse en Rotterdamse trams service verlenen en huisregels handhaven. Bij overtreding van deze huisregels kunnen zij in het uiterste geval een openbaarvervoerverbod (ov-verbod) aan reizigers opleggen. Onderhavige studie laat zien welke haken en ogen daar in de praktijk aan zitten.


Dr. R. van Steden
Dr. R. van Steden is universitair docent aan de afdeling Bestuurswetenschappen (Faculteit der Sociale Wetenschappen) van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. drs. M.B. Schuilenburg
Mr. drs. M.B. Schuilenburg is universitair docent aan de afdeling Criminologie (Faculteit Rechten) van de Vrije Universiteit Amsterdam.

L. Leemeijer MSc
L. Leemeijer MSc heeft Criminologie gestudeerd aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

L. Loots MSc
L. Loots MSc heeft Bestuurswetenschappen gestudeerd aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Marktconforme regulering binnen het nieuwe instrumentarium van de Omgevingswet?

Een rechtseconomische beschouwing van het Europese handelssysteem in broeikasgasemissierechten

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden rechtseconomie, broeikasemissierecht, ETS
Auteurs Dr. J. van Zeben
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage biedt een rechtseconomische beschouwing van het Europese emissiehandelssysteem voor broeikasgassen. Daarbij wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van de bevoegdhedenverdeling tussen Europa en de lidstaten, de wijze waarop de bevoegdhedenverdeling functioneert en worden aanbevelingen gedaan voor de toekomstige verdeling van bevoegdheden.


Dr. J. van Zeben
Mevr. dr. J. (Josephine) van Zeben is onderzoeker Europees (milieu)recht en rechtseconomie bij het Amsterdam Center for Environmental Law and Sustainability van de Universiteit van Amsterdam.

Mr. R. Tarlavski
Mr. R. Tarlavski is advocaat bij CMS Derks Star Busmann te Amsterdam.
Artikel

Deuren op slot

Naar een verklaring voor de internationale daling van criminaliteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 7 2012
Trefwoorden Crime Victim Survey, Crime levels, Marxist criminology, Crime opportunity theory, Crime prevention
Auteurs J.J.M. van Dijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In the opening section the author refers to the classical book of Dutch criminologist Willem Bonger on the links between poverty/social injustice and levels of crime. He then introduces his own work on the International Crime Victim Survey (ICVS) since 1989. The ICVS trend data on crime in Western countries during 1989 up to 2010 show a curvilinear movement peaking around 2000. The upward trend seems to track economic growth and to have mainly been caused by increased opportunities of crime. His analytical results concerning car theft and household burglary suggest that the international falls in crime since 2000 are largely caused by improved security. A comparative analysis shows for example that burglary rates have fallen in countries with high levels of home security such as Great Britain and the Netherlands and have continued to rise in low security countries such as Denmark and Switzerland. The author concludes that criminology has evolved both methodologically and theoretically since the publication of Bonger’s book in 1905. Some fundamental principles of the discipline, however, appear to have remained unchanged. Van Dijk’s own work is, just like that of Bonger, policy- oriented. It is driven by the motivation to assist governments in finding better ways to reduce suffering of human beings from crime, either as victims or as offenders.


J.J.M. van Dijk
Prof. dr. mr. Jan van Dijk is als hoogleraar verbonden aan Intervict, het International Victimology Institute van de Universiteit van Tilburg. De oorspronkelijke Engelse titel van deze lezing luidt Closing the doors, een verwijzing naar een boek over suïcidepreventie van Ron Clarke, getiteld Suicide: Closing the exits. In dit boek en in een daarna verschenen artikel van Ron Clarke en Pat Mayhew werd empirisch bewijs gepresenteerd van het feit dat een verandering in de samenstelling van het aardgas in huishoudens in Groot-Brittannië en Nederland halverwege de jaren tachtig leidde tot een abrupte daling van het aantal mensen dat zelfmoord pleegde met behulp van gas, zonder dat er een duidelijke verschuiving naar andere manieren van zelfdoding optrad (Clarke & Mayhew 1989). Als een zeer gemotiveerde daad zoals zelfmoord kan worden teruggedrongen door eenvoudige situationele maatregelen, waarom, vroegen de auteurs zich af, zou dat dan niet kunnen met diverse vormen van opportunistische diefstal, zoals joyriding of inbraken in de wijk? Inderdaad, waarom niet?
Artikel

Het effect van intensief surveilleren vlak bij en vlak na een eerdere inbraak

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2012
Trefwoorden burglary, experiment, police surveillance, near-repeat, contagiousness
Auteurs Marlijn Peeters MSc, Jasper van der Kemp MSc, Guillaume Beijers MSc e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Can a fruitful police surveillance scheme be based on supposedly increased risk immediately after and around a previous burglary (‘near repeat phenomenon’)? An experiment in Amstelveen has been set up and analysed for this purpose. Some neighbourhoods got a ‘near repeat surveillance’ scheme, and the occurrence of burglary in those areas has been compared with control neighbourhoods elsewhere in town. We observed a change in the near repeat pattern in the experimental area, but no net effect on burglary rates, presumably because of large between-neighbourhood variance in incidence.


Marlijn Peeters MSc
M.P. Peeters, MSc. is doctoraatsbursaal bij het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Universiteit Gent.

Jasper van der Kemp MSc
J.J. van der Kemp, MSc. is docent bij de afdeling Strafrecht en Criminologie, Vrije Universiteit Amsterdam.

Guillaume Beijers MSc
G.W. Beijers, MSc. is docent bij de afdeling Strafrecht en Criminologie, Vrije Universiteit Amsterdam

Henk Elffers PhD
H. Elffers, Ph.D. is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving NSCR, Amsterdam, en hoogleraar empirische bestudering van de strafrechtpleging bij de afdeling Strafrecht en Criminologie, Vrije Universiteit Amsterdam en het Phoolan Devi Instituut van deze universiteit.
Artikel

Wetsvoorstel voorwaarden voor winstuitkering aanbieders medisch-specialistische zorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2012
Trefwoorden medisch-specialistische zorg, Wet cliëntenrechten zorg, winstoogmerk, winstuitkering, zorgaanbieders
Auteurs Mr. dr. E. Plomp
SamenvattingAuteursinformatie

    Na jarenlange debatten over dit onderwerp heeft de Minister van VWS op 9 februari 2012 een wetsvoorstel ingediend dat winstuitkering door aanbieders van medisch-specialistische zorg onder voorwaarden mogelijk maakt. In dit artikel worden enkele kritische kanttekeningen geplaatst bij de gestelde voorwaarden en wordt uiteengezet welke aspecten nadere regulering behoeven. Geconcludeerd wordt dat met name de normatieve aspecten van winstuitkering en de publieke belangen die het wetsvoorstel beoogt te dienen verder zouden moeten worden uitgewerkt en dat een meer gedifferentieerde regeling de voorkeur zou verdienen.


Mr. dr. E. Plomp
Emke Plomp is arts, farmaceut en jurist en gepromoveerd aan de Universiteit van Amsterdam op het proefschrift Winst in de zorg. Juridische aspecten van winstuitkering door zorginstellingen, Den Haag: Sdu Uitgevers 2011 (hierna: Plomp 2011).
Artikel

Landelijk Instrumentarium Jeugdstrafrechtsketen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Risk and needs assessment, Juvenile justice system, Recidivism
Auteurs Drs. Han Spanjaard en Dr. Claudia van der Put
SamenvattingAuteursinformatie

    Risk and needs assessment of juvenile offenders is essential in order to determine which (intensity of) intervention is required. Both the application of the risk principle and the needs principle requires a reliable and valid assessment of the recidivism risk and of the criminogenic needs. Structured assessment instruments are necessary for this purpose. Therefore, a set of new instruments (Landelijk Instrumentarium Jeugdstrafrechtsketen, LIJ) is developed for the Dutch juvenile justice system. LIJ aims to improve the assessment of juvenile delinquents and the referral to appropriate evidence-based interventions.


Drs. Han Spanjaard
Drs. Han Spanjaard is psycholoog en hoofd innovatie bij PI Research.

Dr. Claudia van der Put
Dr. Claudia van der Put is orthopedagoog, onderzoeker en docent Forensische Orthopedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Het internationaal recht en de gesloten jeugdzorg

Adviezen voor de praktijk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2012
Trefwoorden closed youth care, International Child Rights Convention, freedom of expression, standard of living, education
Auteurs S.J. Höfte, G.H.P. van der Helm en G.J.J.M. Stams
SamenvattingAuteursinformatie

    During childhood, a child is entitled to receive special care and assistance. The child’s best interest should be a primary objective. The Dutch government has an obligation to guarantee the children rights. But do the closed youth care accommodations meet the requirements as stated in the International Child Rights Convention, as far as deprivation of liberty and treatment under coercion are concerned? The study concluded that some closed youth care institutions do not meet the requirements as stated in the above mentioned Convention. There is often no possibility of free expression, physical complaints may not be taken seriously, an adequate standard of living is not always provided and the level of education is often too low. Most of the minors indicate that they are bored during their stay in the accommodations. On this basis, limiting the fundamental rights of these youngsters is currently surrounded with inadequate guarantees.


S.J. Höfte
Mr. Susanne Höfte is jurist. Zij studeerde recent af aan de Radboud Universiteit Nijmegen met een scriptie over de gesloten jeugdzorg.

G.H.P. van der Helm
Dr. Peer van der Helm is werkzaam bij het lectoraat Jeugdzorg en Jeugdbeleid van de Hogeschool Leiden.

G.J.J.M. Stams
Prof. dr. Geert Jan Stams is hoogleraar Forensische Orthopedagogiek aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Geen angst, maar onbehagen

Resultaten van een Q-studie naar subjectieve sociale onveiligheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3 2012
Trefwoorden anti-social behavior, public perception, risk aversion
Auteurs Remco Spithoven, Gjalt de de Graaf en Hans Boutellier
SamenvattingAuteursinformatie

    People vary in their perceptions and opinions, and that seems to be the case for the way they perceive anti-social behavior too. Scientific literature concerning the fear of crime hypothesizes diversity in the public’s perception of anti-social behavior and crime. But this fear of crime research tradition has been criticized repeatedly for its conceptual and methodological arrears. The focus has particularly been narrowed to ‘fear’ of ‘crime’, being measured by surveys. So, it is not very surprising that there has not been a thorough empirical focus on the assumed diversity in the perception of crime and anti-social behavior. To fill in this gap, the main research question in this article is: which differences in the perception of anti-social behavior exist within contemporary Dutch society? Using Q-methodology, five different factors were found in the perception of anti-social behavior. These factors have been labeled respectively: ‘disaffected residents’, ‘untroubled liberals’, ‘anxious communitarians’, ‘concerned spectators’ and ‘non-averse professionals’. These factors showed the empirical reality of the assumed diversity in the public perception of anti-social behavior. In all of these factors, people seem to address crime and anti-social behavior to a decrease of social standards and values in Dutch society, instead of worrying about chances and consequences of personal victimization. This was even the case for people who signalized crime and anti-social behavior in their own neighborhood. What really stands out is that people strongly agreed about the unacceptability of crime and anti-social behavior. People seem to have an aversion against these rude types of behavior. Altogether this image does not comply to the mainstream image of a ‘crime fearing society’. People do not seem to fear crime, but they seem to be worried and agitated about the moral conditions of the Dutch society in a wider framework. This might be a more reassuring illustration than a ‘crime fearing society’, but this proposition needs further and additional quantitative assessment.


Remco Spithoven
Remco Spithoven MSc is promovendus bij het lectoraat Participatie en Maatschappelijke Ontwikkeling aan de Hogeschool Utrecht, in samenwerking met de leerstoel Burgerschap en Veiligheid aan de Vrije Universiteit Amsterdam en docent integrale veiligheidskunde bij het Instituut voor Veiligheid aan de Hogeschool Utrecht. E-mail: remco.spithoven@hu.nl

Gjalt de de Graaf
Dr. Gjalt de Graaf is universitair hoofddocent bestuurswetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam, Faculteit der Sociale Wetenschappen, Afdeling Bestuurswetenschappen, De Boelelaan 1081, 1081 HV Amsterdam.

Hans Boutellier
Prof. dr. J.C.J. (Hans) Boutellier is algemeen directeur van het Verwey-Jonker Instituut en bijzonder hoogleraar veiligheid & burgerschap aan de Vrije Universiteit Amsterdam, Faculteit der Sociale Wetenschappen, Afdeling Bestuurswetenschappen, De Boelelaan 1081, 1081 HV Amsterdam. E-mail: j.c.j.boutellier@vu.nl
Jurisprudentie

Terug naar de vorm? Een blik op Tomra

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Hof van Justitie, Tomra, Misbruik, Getrouwheidskortingen, Richtsnoeren
Auteurs Mr. P.J.H.M. van Osch LL.M
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van de uitspraak van het Hof van Justitie in de Tomra-zaak. Het Hof van Justitie bevestigt het eerdere oordeel van het Gerecht dat Tomra misbruik heeft gemaakt van haar machtspositie op de markt voor emballage innameautomaten. Het misbruik bestond uit het uitvoeren van een mededingingsbeperkende strategie door het aangaan van exclusiviteitsafspraken, afnamedoelstellingen en kortingsregelingen met terugwerkende kracht. Auteur bespreekt het arrest tegen de achtergrond van de richtsnoeren van de Europese Commissie inzake artikel 102 Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) met specifieke aandacht voor de mogelijkheid van een de minimis regel en het belang van de effects-based benadering in misbruikzaken.


Mr. P.J.H.M. van Osch LL.M
Mr. P.J.H.M. van Osch LL.M. is advocaat en projectjurist bij Oxcon.

Prof. mr. C.J. Loonstra

Mr. dr. W.C.T. Weterings
Mr. dr. W.C.T. Weterings is advocaat bij Dirkzwager Advocaten & Notarissen N.V., sectie Aansprakelijkheid, Schade en Verzekering, Universitair Docent aan de Universiteit van Tilburg, vakgroep Business Law en gastprofessor aan de Universiteit Antwerpen, vakgroep Burgerlijk Recht.

    De intrekking van een vergunning elders kan als mitigerende maatregel worden aangemerkt die bij de passende beoordeling mocht worden betrokken. Er is sprake van een directe samenhang tussen het bedrijf waarvan de vergunning is ingetrokken en het bedrijf waarvoor vergunning is verleend


Marieke Kaajan
Toont 1 - 20 van 49 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.