Zoekresultaat: 111 artikelen

x
Jaar 2017 x
Artikel

Fortuna: een ‘commissaris’ zonder raad van commissarissen maar met bevoegdheid

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden enquêterecht, onmiddellijke voorzieningen, informatieverschaffing, minderheidsaandeelhouder, commissaris
Auteurs Mr. A. Spaargaren en Mr. A.S. van der Heide
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de Fortuna-beschikking van de Ondernemingskamer. In deze beschikking wordt als onmiddellijke voorziening een commissaris benoemd, die geen deel uitmaakt van de raad van commissarissen en exclusief bevoegd is te beslissen over de informatievoorziening aan de aandeelhouders. De auteurs onderzoeken hoe dit zich verhoudt tot de heersende leer.


Mr. A. Spaargaren
Mr. A. Spaargaren is advocaat bij Lexence te Amsterdam.

Mr. A.S. van der Heide
Mr. A.S. van der Heide is advocaat bij Lexence te Amsterdam.
Artikel

Wat onder de oppervlakte bleef in de rechtspraak rond AkzoNobel

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden convocatierecht, agenderingsrecht, aandeelhoudersactivisme, EU-recht, stakeholdersbenadering
Auteurs Mr. F. Eikelboom
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt en geeft relevante achtergronden over de beschikking van de voorzieningenrechter op het verzoek van Elliott om een machtiging om een algemene vergadering van AkzoNobel bijeen te roepen. Centraal staan de vragen hoe zo’n verzoek moet worden getoetst en hoeveel beslissingsruimte de voorzieningenrechter daarbij heeft.


Mr. F. Eikelboom
Mr. F. Eikelboom is advocaat bij bureau Brandeis te Amsterdam.
Discussie

Smallsteps en de grote stappen die nu gezet moeten worden

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Smallsteps, Faillissementsdoorstart, Pre-pack, Overgang van onderneming, Herstructurering
Auteurs Ph.W. Schreurs
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Smallsteps-uitspraak heeft het Europese Hof van Justitie een halt toegeroepen aan pre-packed doorstarts indien daarbij in feite een personele reorganisatie plaatsvindt. Gelet op de argumentatie van het Hof, is het niet ondenkbeeldig dat ook de klassieke faillissementsdoorstart, anders dan tot nu toe verondersteld, zal leiden tot overgang van onderneming, omdat wat insolventierechtjuristen beschouwen als liquidatie in de ogen van het Hof aangemerkt moet worden als voortzetting. De auteur roept arbeids- en insolventierecht-beoefenaars op om ter zake van herstructurering van bedrijven in moeilijkheden een meer gezamenlijk jargon te ontwikkelen. Dat kan bijdragen aan het behoud van levensvatbare ondernemingen.


Ph.W. Schreurs
Mr. Ph.W. Schreurs is advocaat corporate litigation bij Boels Zanders te Eindhoven. Hij is tevens als buitenpromovendus verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht, Radboud Universiteit, en voorzitter van de Vereniging van Insolventierecht Advocaten INSOLAD. Deze opinie is geschreven op persoonlijke titel.
Praktijk

Kroniek rechtspraak strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2017
Trefwoorden jurisprudentie, strafrecht, strafbare feiten, calamiteit
Auteurs Prof. mr. P.A.M. Mevis en mr. drs. L. Postma
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Kroniek rechtspraak strafrecht staan de belangrijkste ontwikkelingen, in het bijzonder de relevante rechtspraak, vanaf 1 december 2015 tot en met 31 augustus 2017 centraal. Ten eerste wordt ingegaan op strafbare feiten in (en door) het ziekenhuis. Vervolgens komt het medisch beroepsgeheim en vorderen van gegevens aan bod. Voorts wordt ingegaan op fraude in de zorg, artikel 96 Wet BIG en euthanasie en hulp bij zelfdoding, levensbeëindiging van ernstig gehandicapte pasgeborenen en late zwangerschapsonderbreking. Ten slotte worden onder meer zaken besproken die betrekking hebben op een verdachte die als ‘niet-BIG-geregistreerde’ handelingen op het gebied van de individuele gezondheidszorg heeft verricht, een therapeut die tijdens de uitoefening van zijn beroep ontucht heeft gepleegd met een van zijn patiënten en een forensisch arts die schuldig is bevonden aan het plegen van meineed.


Prof. mr. P.A.M. Mevis
Paul Mevis is hoogleraar strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

mr. drs. L. Postma
Liselotte Postma is wetenschappelijk docent strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De deken komt naar u toe

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2017
Auteurs Nathalie Gloudemans-Voogd en John Peters
Auteursinformatie

Nathalie Gloudemans-Voogd

John Peters
Beeld
Artikel

Kroniek Materieel strafrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2017
Auteurs Frezia Aarts, Max den Blanken, Annick Diesfeldt e.a.

Frezia Aarts

Max den Blanken

Annick Diesfeldt

Chana Grijsen

Sophie Hof

Desiree de Jonge

Geert-Jan Kruizinga

Patrick van der Meij

Benjamin Mulder

Sabine Pijl

Ben Polman

Inge Raterman

Melissa Slaghekke

Aram Sprey

Paul Verweijen
Artikel

Kroniek Formeel strafrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2017
Auteurs Ben Polman, Max den Blanken, Frezia Aarts e.a.

Ben Polman

Max den Blanken

Frezia Aarts

Paul Verweijen

Chana Grijsen

Rick van Leusden

Patrick van der Meij

Desiree de Jonge

Paul van Putten

Sabine Pijl

Melissa Slaghekke

Aram Sprey

Michiel Olthof

Maike Bouwman

Robert Malewicz
Artikel

Contractuele informatierechten in overnamecontracten en aandeelhoudersovereenkomsten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Artikel 843a Rv, exhibitieplicht, informatierechten, overnamecontracten, aandeelhoudersovereenkomsten
Auteurs Mr. L.J.E. Timmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse rechtssysteem biedt partijen in het economisch verkeer handvatten om benodigde informatie boven tafel te krijgen, ook als deze zich bij een derde bevindt. Bij overnamecontracten kan worden gedacht aan artikel 843a Rv, dat een partij een grondslag biedt om in en buiten rechte kennis te nemen van een (schriftelijk bewijsmiddel) dat haar in beginsel wel bekend is, maar niet in haar bezit is. In vennootschapsrechtelijke verhoudingen is van belang het recht van de algemene vergadering op inlichtingen op grond van artikel 2:107/217 lid 2 BW.
    De wettelijke instrumenten bieden echter in veel gevallen onvoldoende houvast en rechtszekerheid. Om die reden is het bij een overnamecontract of aandeelhoudersovereenkomst in het belang van partijen om te voorzien in een heldere contractuele regeling die recht doet aan de feitelijke omstandigheden en de belangen van de betrokken partijen. Bij het opstellen van een dergelijke regeling dienen de betrokken juristen een balans te vinden tussen het belang van partijen op informatie, die zij op grond van de wet wellicht niet zouden kunnen verkrijgen, en het belang van de partij die de informatie zou moeten afstaan.


Mr. L.J.E. Timmer
Mr. L.J.E. Timmer is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.

Mr. K. Teuben
Mw. mr. K. Teuben is cassatieadvocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Boekbespreking

De deelgeschilprocedure

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2017
Auteurs Mr. dr. Rogier Hartendorp
Auteursinformatie

Mr. dr. Rogier Hartendorp
Rogier Hartendorp is rechter in de Rechtbank Den Haag, team Handel. Hij publiceert en doceert over rechterlijke oordeelsvorming en rechtspleging.
Praktijk

Het borgtochtverweer in de context van overnamecontracten

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2017
Trefwoorden borgtochtverweer, borgtocht, hoofdelijke aansprakelijkheid, afbakeningscriterium, overname
Auteurs Mr. J.M. Möller
SamenvattingAuteursinformatie

    Het borgtochtverweer, waarbij hoofdelijke aansprakelijkheid op verzoek van degene die zich aansprakelijk heeft gesteld wordt geherkwalificeerd tot borgtocht, zorgt in de financieringspraktijk er nog wel eens voor dat een schuldeiser met lege handen achterblijft. De vraag is of er ook risico’s op een dergelijke herkwalificatie bestaan in de context van overnames. Hiervoor bekeek de auteur de bestaande jurisprudentie en probeerde daaruit bepalende factoren voor de overnamepraktijk te ontlenen. De conclusie luidt dat – net als in de financieringspraktijk – een natuurlijk persoon al snel bescherming toekomt en als borg wordt gekwalificeerd. In concernverhoudingen houdt hoofdelijke aansprakelijkheid in beginsel stand, omdat al snel mag worden aangenomen dat een groepsvennootschap die zich hoofdelijk aansprakelijk stelt indirect profijt van een transactie zal hebben.


Mr. J.M. Möller
Mr. J.M. Möller is advocaat bij Loyens & Loeff.
Casus

Waarom zou de aansprakelijkheid wegens onrechtmatige daad zijn uitgesloten?

HR 17 februari 2017: art. 2:11 BW en onrechtmatige daad – de Hoge Raad kiest (terecht?) voor eenheid

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2017
Trefwoorden art. 2:11 BW, hoofdelijke aansprakelijkheid, onrechtmatige daad, tweedegraads bestuurder, bestuurdersaansprakelijkheid
Auteurs Mr. H.J. Vetter
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn arrest van 17 februari 2017 heeft de Hoge Raad een knoop doorgehakt: art. 2:11 BW leidt ook tot hoofdelijke aansprakelijkheid van de tweedegraads bestuurder, als de rechtspersoon-bestuurder tegenover een crediteur van de bestuurde rechtspersoon aansprakelijk is op grond van onrechtmatige daad. Bij de motivering van deze keuze door de Hoge Raad kunnen vraagtekens worden geplaatst; geheel in het stelsel van de bestuurdersaansprakelijkheid wegens onrechtmatig handelen past de keuze niet. Maar voordeel is dat nu aan een al jaren slepende discussie in de literatuur en aan de verwarring in de lagere rechtspraak een einde is gekomen.
    De via art. 2:11 BW aangesproken tweedegraads bestuurder heeft een disculpatiemogelijkheid: als hij stelt en, zo nodig, bewijst dat hem geen persoonlijk ernstig verwijt treft, ontkomt hij alsnog aan aansprakelijkheid. Hoever moet de aangesproken bestuurder daarbij gaan: moet hij ook stellen dat hij niet is tekortgeschoten in zijn collegiale verantwoordelijkheid? Een vonnis gewezen tegen de rechtspersoon-bestuurder en tegen een collega-tweedegraads bestuurder heeft jegens hem geen gezag van gewijsde.


Mr. H.J. Vetter
Mr. H.J. Vetter is raadsheer in het Gerechtshof Den Haag en redactielid.
Artikel

Over de zoektocht naar en de grenzen van secundaire aansprakelijkheid na het schietincident in Alphen aan den Rijn

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2017
Trefwoorden secundaire aansprakelijkheid, zorgplicht, ouders, schietincident, Alphen aan den Rijn
Auteurs Mr. K.L. Maes
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 juni 2017 heeft de Rechtbank Den Haag zich uitgelaten over de vraag of de ouders van Tristan van der V. aansprakelijk zijn voor de gevolgen van het schietincident in Alphen aan den Rijn. Meer in het bijzonder gaat het daarbij om de vraag of de ouders de relevante autoriteiten hadden behoren te informeren over de geestestoestand van hun zoon, in plaats van een gevaarlijke situatie te laten voortduren. In deze bijdrage wordt de uitspraak van de rechtbank – mede in het licht van haar eerdere uitspraak over de aansprakelijkheid van de politie naar aanleiding van hetzelfde schietincident – geanalyseerd, waarbij aandacht wordt besteed aan de civielrechtelijke, secundaire zorgplicht van de ouders.


Mr. K.L. Maes
Mr. K.L. Maes is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht en als buitenpromovenda verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht. Zij werkt aan een proefschrift over de thematiek van deze bijdrage.
Artikel

Naar een verzekerd slachtofferrecht: onderzoek naar effectief schadeverhaal van slachtoffers van misdrijven via het private verzekeringsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2017
Trefwoorden vergoeding van misdrijfschade, WA-verzekering dader, vergoedingsmogelijkheden buiten strafproces, gewelds- en zedenmisdrijven, slachtoffers
Auteurs Mr. A.J.J.G. Schijns
SamenvattingAuteursinformatie

    De praktijk laat zien dat de huidige schadevergoedingsmogelijkheden voor slachtoffers van misdrijven tekortschieten. Als gevolg daarvan blijft een deel van de slachtoffers en nabestaanden van ernstige gewelds- en zedenmisdrijven met niet te verhalen schade zitten. Dit artikel bevat een samenvatting van recent onderzoek dat een kansrijke oplossing aanreikt waarbij slachtoffers van ernstige gewelds- en zedenmisdrijven en hun nabestaanden de schade vergoed kunnen krijgen via de aansprakelijkheidsverzekeraar van de dader.


Mr. A.J.J.G. Schijns
Mr. A.J.J.G. Schijns is onderzoeker aan de VU en advocaat bij Beer advocaten te Amsterdam.
Artikel

Het lichaam van de niet-uitvoerende bestuurder

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden rechtspersoon-commissaris, niet-uitvoerende bestuurder, non-executive, Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, doorbraak
Auteurs Mr. K.H.M. de Roo
SamenvattingAuteursinformatie

    De wetgevers van zowel Nederland als Engeland willen de benoeming van rechtspersonen als niet-uitvoerende bestuurders verbieden. In Nederland is deze keuze echter niet onderbouwd; dit terwijl zij lijkt te botsen met de behoeften van de praktijk. Welke lessen kunnen uit de Engelse stand van zaken worden getrokken?


Mr. K.H.M. de Roo
Mr. K.H.M. de Roo is als promovendus verbonden aan het Zuidas Instituut voor Financieel recht en Ondernemingsrecht (ZIFO) van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Het special committee naar Amerikaans model bij openbare biedingen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden overname, commissie, toezicht, corporate governance, openbaar bod
Auteurs Mr. P.L. Hezer
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt het special committee vanuit zowel juridisch als praktisch perspectief, mede op basis van empirisch onderzoek. Hierbij wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van het special committee in de VS. Doel is richtsnoeren te geven voor het gebruik van special committees bij openbare biedingen op Nederlandse beursvennootschappen.


Mr. P.L. Hezer
Mr. P.L. Hezer is advocaat bij Houthoff te Amsterdam.
Artikel

De speciale overnamecommissie in nationaal en rechtsvergelijkend perspectief

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden overnamecommissie, raad van commissarissen, RvC, stuurgroep, overname
Auteurs Mr. drs. C. Groen en Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen jaren is de aandacht voor de rol en de positie van de raad van commissarissen (RvC) van een doelvennootschap bij een overname toegenomen. Het komt in de praktijk regelmatig voor dat de RvC (mede) uit zijn midden een speciale overnamecommissie of stuurgroep vormt die specifiek belast is met een juiste afwikkeling van het overnameproces. In dit artikel gaan de auteurs in op de rol en vormgeving van deze speciale overnamecommissie.


Mr. drs. C. Groen
Mr. drs. C. Groen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. H. Koster
Mr. H. Koster is verbonden aan het departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht en aan de Universiteit van Dubai.
Toont 1 - 20 van 111 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.