Zoekresultaat: 6 artikelen

x
Jaar 2010 x
Artikel

Mark of Cain op het voorhoofd van de jeugdige verdachte?

Over stigmatisering en privacy in het jeugdstrafrecht

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2010
Trefwoorden privacy jeugdigen, stigmatisering, labeling, proportionaliteit, bescherming, overlast
Auteurs MSc LLM BA Maria de Jong-de Kruijf en Prof. mr. drs. Mariëlle Bruning
SamenvattingAuteursinformatie

    Labeling van jongeren in het jeugdstrafrecht kan leiden tot stigmatisering. Stigmatisering van jongeren moet voor zover mogelijk worden voorkomen, ook in het jeugdstrafrecht. Verschillende recente ontwikkelingen in het jeugdstrafrecht, zoals de toenemende neiging om jongeren met probleemgedrag te registreren in databases en om naar aanleiding van dit gedrag in casusoverleggen met deelnemers afkomstig uit jeugdstrafrecht en (jeugd)zorg in brede zin gegevens uit te wisselen, leiden mogelijk tot meer stigmatisering van de jeugdige (verdachte). De ontwikkelingen die wij in deze bijdrage beschrijven zijn registratiesystemen, met name ProKid en JCO Support, justitiële documentatie en Halt-afdoeningen, casusoverleggen in de Veiligheidshuizen en groepsgerichte aanpakken. Deze probleemgebieden tasten de privacy van de minderjarige (verdachte) aan en leiden in mindere of meerdere mate tot stigmatisering. Wij zullen voor elke ontwikkeling bespreken in hoeverre sprake is van (te veel) stigmatisering en zo ja of en hoe dit zo veel mogelijk kan worden beperkt.


MSc LLM BA Maria de Jong-de Kruijf
Maria de Jong-de Kruijf MSc LLM BA is onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.

Prof. mr. drs. Mariëlle Bruning
Prof. mr. drs. Mariëlle Bruning is hoogleraar jeugdrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Naar een ‘rights based’ jeugdherstelrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Kinderrechten, Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind, Jeugdherstelrecht
Auteurs Annemieke Wolthuis
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution starts with an introduction of human rights, children’s rights and restorative justice. What are the links and differences between these concepts and how do they interrelate? An overview of human rights for children in international standards relevant to the discussion on juvenile justice, such as the UN Convention on the Rights of the Child and additional instruments, is given. It is examined how restorative justice fits in this framework.
    Human rights are one of the main pillars of our modern society. General juvenile justice principles such as diversion, the use of detention only as a measure of last resort and focusing on re-integration give a clear basis for restorative justice practice. Recent international and European conventions, guidelines and recommendations dealing with juvenile justice explicitly recommend the use of restorative justice. It is actually seen as the main priority focus of the reaction to youth criminality. The Committee on the Rights of the Child declared in General Comment 10 that the best interests of the child imply that the traditional aims of criminal justice – repression and retribution – should make room for rehabilitation and reintegration. Today’s focus on youth delinquency should be a restorative one. But how to implement rather broad notions such as restorative justice in individual cases and to make them fulfil internationally accepted human rights standards. With the model of Mitchell and Moore it is explored how children’s rights (mainly article 40 and the main principles of the CRC) and restorative justice are connected and how they can use each other. The need is stressed and some tools are given to work towards a ‘rights based restorative justice’.


Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is onderzoeker aan de Open Universiteit en schrijft een proefschrift over jeugdherstelrecht en kinderrechten. Zij is tevens verbonden aan het Verwey-Jonker Instituut, waar zij bijdraagt aan maatschappelijk onderzoek, en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

DNA-afname bij jeugdigen: noodzakelijk in een democratische samenleving?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2010
Trefwoorden DNA-onderzoek, jeugdigen, belangenafweging, proportionaliteit
Auteurs Davina Moerman
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 mei 2010 treedt de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden volledig in werking. De wet is ook van toepassing op jeugdigen. In dit artikel wordt onderzocht hoe het DNA-onderzoek bij jeugdigen in het strafproces is geregeld. De wetgever heeft weinig aandacht besteed aan de bijzondere positie van de jeugdige. De Hoge Raad heeft bepaald dat voor jeugdigen geen generieke uitzondering bestaat. De rechtbanken zijn geneigd de jeugdige anders te behandelen dan dat de wetgever voorstaat. Het DNA-onderzoek bij jeugdigen is in het licht van de mensenrechtenverdragen disproportioneel: de wetgeving dient te worden aangepast.


Davina Moerman
Davina Moerman studeerde rechten aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en schreef een afstudeerscriptie over DNA-onderzoek bij jeugdigen in het strafproces.

Laurens Winkel
Professor of Legal History, Faculty of Law, Erasmus University, Rotterdam. This text is an expanded version of a paper ‘Feminae comme personae privilegiatae’, which was presented in French at the 54th session of the Société Fernand de Visscher in Antalya in September 2000.

Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is als onderzoekster verbonden aan het Hilde Verweij-Jonker Instituut te Utrecht.

Ellen Hey
Editor in Chief.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.