Zoekresultaat: 55 artikelen

x
Jaar 2013 x

    In 1998 a chapter on administrative enforcement was added to the GALA (in the so-called third Tranche). This contribution reflects on the legislative aims of this Tranche; to what extent these aims have been attained and what important developments have occurred since. As the third Tranche has led to little reform, a brief review will suffice. The developments after the third Tranche are discussed extensively, concerning both the third Tranche - amongst others the obligation in principle to enforce ('beginselplicht tot handhaving') - and reparatory sanctions since the fourth Tranche (2009), which amongst others regulated the execution of administrative reparatory sanctions and added regulation on administrative fines (a punitive sanction). Additionally, more general provisions of administrative law enforcement are discussed. The development of administrative enforcement are reflected against general developments in administrative law, such as harmonization and the increase of litigation. Lastly some bottlenecks will be noticed and solutions proposed.


Prof.mr.drs. Lex Michiels
Artikel

Bank, zorgplicht en derden: enkele lessen voor de bancaire praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2013
Trefwoorden bank, zorgplicht, derden, beleggersbescherming, onderzoeksplicht
Auteurs Mr. A.J.C.M. Meijs
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bank heeft een zorgplicht jegens derden wanneer zij zich realiseert dat mogelijk door een cliënt zonder een vereiste Wft-vergunning wordt gehandeld, waardoor derden schade kunnen ondervinden. De bank moet dan onderzoek doen naar de cliënt. Nadat de bank onderzoek heeft gedaan en ervan overtuigd is dat er niet overeenkomstig de vergunningsplicht wordt gehandeld, moet de bank aan dat gevaar voor beleggers adequaat een einde maken. In de jurisprudentie zijn verschillende mogelijkheden aan de orde geweest, maar zij zijn niet allemaal even adequaat.


Mr. A.J.C.M. Meijs
Mr. A.J.C.M. Meijs is in april 2013 afgestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen op de bancaire zorgplicht jegens derden.
Artikel

Het melden van ongewone voorvallen

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden ongewoon voorval, art. 17.1 Wm, omgevingsvergunning, stilleggen
Auteurs mr. M.M.C. Maas-Cooymans en Mr. B. Ebben
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de meldplicht voor ongewone voorvallen in een inrichting. De algemene verplichting op grond van artikel 17.1 Wm wordt vergeleken met de aanvullende verplichtingen in de omgevingsvergunning. Daarvoor wordt de reikwijdte van de wettelijke bepaling besproken en de aanvullende rol die vergunningsvoorschriften nog kunnen spelen. Tot slot wordt aandacht besteed aan de wijziging van artikel 17.1 Wm die voorschrijft dat in bepaalde gevallen het productieproces in een inrichting moet worden stilgelegd.


mr. M.M.C. Maas-Cooymans
M.G.J. Maas-Cooymans is advocaat partner bij Ploum Lodder Princen.

Mr. B. Ebben
B. Ebben is juridisch medewerker bij Ploum Lodder Princen.

    Plaatsen van stenen in zee kan niet worden gekwalificeerd als ‘plaatsen met een ander oogmerk dan het zich er enkel van ontdoen’. Er is sprake van ‘storten’

    Bor. Garage ligt niet op erf en dus ook niet in achtererfgebied


Daniëlle Roelands-Fransen

    Landschapsverordening Provincie Utrecht 2011 en Wabo

    Iedere verandering van het gebruik na de peildatum doet een beroep op de uitzondering van de vergunningplicht voor bestaand gebruik vervallen, ook indien de wijziging leidt tot verlaging van de emissies

    Begrippen erf en erfdienstbaarheid zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid van bijlage II bij het Bor


Daniëlle Roelands-Fransen

    Overgangsrecht. Strijdig gebruik. Onderdeel beheersverordening is onverbindend. Reikwijdte beheersverordening. Bestemmingsplan is belangrijkste instrument


Tycho Lam

    Omkering bewijslast door verweerder nu de lastgeving een verbod inhoudt om de opslagtanks te gebruiken, tenzij door het bedrijf wordt aangetoond dat de tanks geschikt zijn voor gebruik

    Intrekking omgevingsvergunning. Intrekkingsgronden Wabo

    Sinds de inwerkingtreding van de Wubhv mag de inspecteur op grond van drie wetten patiëntendossiers inzien. De zorgaanbieder moet weten waar de grenzen van die bevoegdheid liggen in verband met zijn eigen beroepsgeheim. Voor de IGZ geldt hetzelfde, maar zij wordt nog voor een andere vraag gesteld. Namelijk wat zij mag doen met de verkregen vertrouwelijke gegevens. Uit een arrest van de Hoge Raad van 12 februari 2013 blijkt dat het verschil maakt dat sprake is van een afgeleide geheimhoudingsplicht. Een wettelijke regeling van gebruik van patiëntengegevens is wenselijk.


Mr. A.C. de Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.
Artikel

Een toevluchtsoord voor klokkenluiders

Brengt het Huis het ideaal van transparantie dichterbij?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 7 2013
Trefwoorden whistleblowing discussion, whistleblowing legislation, transparency, integrity, rule of law
Auteurs C. Raat
SamenvattingAuteursinformatie

    The draft of the Dutch Whistleblower Protection Act that is currently discussed in Parliament can be regarded as an essential step forward in the protection of whistleblowers. However, it can be questioned if the Act will contribute in an optimal manner to the ideal of transparency and the fight against the abuse of power, which should be the main goal of the Act. The tasks and powers of the new House for Whistleblowers are rather unclear and they do not meet legal standards. The combination of advice and support to whistleblowers and independent research into major violations of integrity should be abolished.


C. Raat
Mr. dr. Caroline Raat is bestuursrechtjurist en bestuurswetenschapper. Zij is werkzaam als adviseur en voorts als onderzoeker verbonden aan de Universiteit Twente.

    Ernstig incident zorgverlener, uitzendingsverbod, geheimhoudingsplicht, privacy, vrijheid van meningsuiting, art. 7:457 BW, 8 en 10 EVRM

    Cliëntenraad: disfunctioneren; representativiteit

    Spoedappèl, zorgverzekeraar, niet-gecontracteerde zorg, artikel 13 Zvw, schending hinderpaalcriterium

Article (peer reviewed)

Peer_reviewedAccess_open Ontdubbelde handhaving

Tijdschrift Netherlands Administrative Law Library, september 2013
Auteurs Albertjan Tollenaar PhD.
Samenvatting

    With the aim to reduce administrative burden for supervised many inspections are 'deduplicated': similar groups of citizens are treated similarly and similar activities are carried out in the same way within one organization. Deduplication should increase flexibility within the inspection as inspectors are able to fulfill their job in any domain. Deduplication is based on the fulfillment of two conditions. The first is that the enforcement tools, or the powers that perform these inspections, are not too different. The second relates to the use of these instruments that has to be somewhat uniform as well. These conditions are assessed in a case study of the Transport and Water Management Inspectorate. It is concluded that in particular the style of rule enforcement differs and is not easy to standardize.


Albertjan Tollenaar PhD.
Artikel

De beginselplicht tot handhaving anno 2013: sad state of affairs?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden beginselplicht, handhaving, concreet begin van legalisatie
Auteurs Mr. O. Schuwer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt door de auteur, aan de hand van een weergave van actuele en relevante jurisprudentie, de stand van zaken met betrekking tot de beginselplicht tot handhaving, inclusief een verkenning van het begrip ‘concreet begin van legalisatie’, gegeven. Hierbij zal worden aangetoond dat de beginselplicht zich inmiddels uitstrekt tot handhaving, preventieve handhaving en invordering van verbeurde dwangsommen.


Mr. O. Schuwer
Mr. (Olaf) Schuwer is zelfstandig gevestigd opleider en adviseur gemeentelijk bestuurs- en omgevingsrecht.
Artikel

Het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo)

Beschouwingen vanuit de inspectiepraktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Brzo, toezicht en handhaving, VTH-stelsel, Brzo-RUD’s
Auteurs Ing. P.H. van Lieshout
SamenvattingAuteursinformatie

    Het risico van een zwaar ongeval door de ongewilde ontsnapping van gevaarlijke stof moet door bedrijven adequaat worden beheerst. Dit is sinds 2000 in het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo) geregeld. Aan de bedrijven worden vergaande eisen opgelegd en van de overheid wordt een gezamenlijke en gestructureerde aanpak verlangd. Deze bijdrage beschrijft de ontwikkelingen die zich onder invloed van deze regelgeving in Nederland in de afgelopen tien tot dertien jaar hebben voorgedaan. In het bijzonder wordt de rol van het toezicht beschreven en de eisen die op grond van praktijkervaringen aan goed toezicht gesteld dienen te worden. De recente aanbevelingen van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) en de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) worden vanuit deze praktijkvisie besproken.


Ing. P.H. van Lieshout
Ing.P.H. van Lieshout is hoofd inspectie van de directie Major Hazard Control van de Inspectie SZW.

    Hoogtebepaling vergunningvrij bouwwerk

Toont 1 - 20 van 55 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.