Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1481 artikelen

x
Peer-reviewed artikel

Privaat toezicht als onderdeel van publiek toezicht

Een vergelijking tussen de voedselsector en de bouw

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden bouwtoezicht, privaat toezicht, voedselveiligheid, publiek-private samenwerking, Toezicht
Auteurs Annalies Outhuijse en Tetty Havinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Combinaties van publiek en privaat toezicht zijn niet weg te denken uit onze huidige maatschappij. In deze bijdrage vergelijken we de manier waarop privaat en publiek toezicht worden gecombineerd in twee sectoren, namelijk toezicht op voedselveiligheid en toezicht op veilige nieuwbouw. Na een uiteenzetting van de samenwerkingsarrangementen wordt ingegaan op de sterke en zwakke kanten van de gemaakte keuzes. Daarbij staat in het bijzonder één criterium centraal: betrouwbaarheid. Kan de overheid vertrouwen op toezicht en controle door private partijen? Zijn de private partijen in staat en bereid om effectief toezicht op voedselveiligheid en bouwkwaliteit uit te oefenen en welke factoren uit het samenwerkingsarrangement hebben hier invloed op? Naast de constatering dat private toezichthouders een toegevoegde waarde kunnen bieden aan de stelsels van toezicht, wijzen we op enkele potentiële risico’s die we in praktijk van bouw- en voedseltoezicht hebben geïdentificeerd: onvoldoende onafhankelijkheid en belangenverstrengeling, beperkte intrinsieke motivatie, kans op papieren werkelijkheid en onvoldoende corrigerende werking van het publieke toezicht.


Annalies Outhuijse
Mr. dr. A. Outhuijse is advocaat bij Stibbe binnen de praktijkgroep bestuursrecht. Eerder heeft zij een proefschrift geschreven op het gebied van het mededingingstoezicht bij de Rijksuniversiteit Groningen.

Tetty Havinga
Dr. ir. T. Havinga is rechtssocioloog en als fellow verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Artikel

De Digital Markets Act als instrument voor het mededingingsbeleid in perspectief

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2021
Trefwoorden Digital Markets Act, regulering, mededingingsbeleid, online platforms, type I-fouten
Auteurs Ben Schroeter en Anne-Claire Hoyng
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel hebben wij betoogd dat het DMA-voorstel van de Commissie te veelomvattend en te rigide is. Dit zal waarschijnlijk resulteren in hoge kosten in verband met type I-fouten. Wij geloven echter dat deze tekortkoming met een paar gerichte wijzigingen kan worden verholpen. Met name moet in de DMA-aanwijzingscriteria afhankelijkheid als kernvoorwaarde worden vermeld en moet multi-homing als kwalitatief criterium worden toegevoegd. Bovendien dienen de verplichtingen meer op maat worden toegepast met een afzonderlijke zwarte en grijze lijst, zoals oorspronkelijk de bedoeling was. Met deze wijzigingen zijn wij ervan overtuigd dat de DMA een waardevolle bijdrage zal leveren aan het mededingingsbeleid en een einde zal maken aan een periode van structurele onderhandhaving.


Ben Schroeter
B. Schroeter MSc is Director Public Affairs & Strategic Engagement van Booking.com.

Anne-Claire Hoyng
A.C. Hoyng PhD was ten tijde van het schrijven van dit artikel Director Global Competition and Consumer Law van Booking.com.
Artikel

Hoe worden digitale draken getemd?

Een beschouwing van de toepassing van het mededingingsrecht en regelgeving in de Verenigde Staten en de Europese Unie tegen grote digitale platforms

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2021
Trefwoorden rechtsvergelijking, platformregulering, digitale markten, Amerikaans mededingingsrecht, Digital Markets Act
Auteurs Jasper van den Boom
SamenvattingAuteursinformatie

    Digitale ondernemingen leveren wereldwijd producten en diensten en concurrentie in deze markten vertoont wereldwijd vergelijkbare problemen. Zodoende wordt er in verschillende rechtsordes een debat gevoerd over de inzet van het mededingingsrecht en de eventuele noodzaak van sectorale regelgeving in digitale markten. Deze bijdrage vergelijkt hoe het mededingingsrecht wordt ingezet in de EU en de VS in digitale markten en welke regelgeving hier bestaat of is voorgesteld. De vergelijking richt zich op de overeenkomsten en verschillen in de mogelijke aanpak van dezelfde mondiale bedrijven. Uit deze vergelijking wordt geconcludeerd dat de voorgestelde ingrepen in beide rechtsordes verschillend doch complementair zijn.


Jasper van den Boom
J. van den Boom LLM is promovendus bij de afdeling Tilburg Law and Technology (TILT) van Tilburg University alsmede lid van de Tilburg Center for Law and Economics (TILEC).
Artikel

Het reguleren van het gebruik van data door digitale platforms: gaat de voorgestelde Digital Markets Act ver genoeg?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2021
Trefwoorden datacombinatie, gegevensdelingsdiensten, data-externalities, datadeelplicht, neutraliteit
Auteurs Inge Graef
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beargumenteert dat de bepalingen uit de voorgestelde Digital Markets Act over het gebruik van data striktere eisen moeten stellen aan poortwachters met het oog op andere wetgeving die parallel van toepassing is. Zonder een aanscherping van deze bepalingen is het risico dat het doel van de Digital Markets Act om te zorgen voor betwistbare en eerlijke markten niet bereikt wordt en poortwachters alsnog niet aan strengere eisen onderworpen zijn in verhouding met andere wetgeving, en met name de Algemene verordening gegevensbescherming en de voorgestelde Data Governance Act, die parallel op hen en/of andere marktspelers van toepassing zijn.


Inge Graef
Mr. dr. I. Graef is als universitair hoofddocent mededingingsrecht verbonden aan Tilburg University en aan de onderzoeksinstituten TILT en TILEC aldaar.
Artikel

Access_open De Digital Markets Act en het spectrum van eindgebruikersbescherming

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2021
Trefwoorden DMA, online platforms, eindgebruikersbescherming, eerlijkheid, betwistbaarheid
Auteurs Lisanne Hummel, Laura Frederika Lalikova en Viktorija Morozovaite
SamenvattingAuteursinformatie

    Om oneerlijke gedragingen van grote online platforms te beteugelen en de betwistbaarheid op digitale markten te vergroten, heeft de Europese Commissie de Wet inzake digitale markten (DMA) voorgesteld.
    In dit artikel onderzoeken we in hoeverre het wetsvoorstel bescherming biedt aan zowel zakelijke gebruikers als eindgebruikers van grote online platforms. Hoewel het lijkt alsof de belangen van eindgebruikers minder aandacht krijgen in het voorstel, stellen we vast dat zij zowel direct als indirect baat hebben bij de bepalingen. Desalniettemin stellen we ook vast dat het voorstel een kans heeft laten liggen om eindgebruikers verder te beschermen.


Lisanne Hummel
L.M.F. Hummel LLM is promovenda aan de Utrecht University School of Law en maakt deel uit van het ERC-gefinancierde Modern Bigness-project onder leiding van prof. dr. Anna Gerbrandy (Grant Agreement No: 852005). Meer informatie op de website: www.uu.nl/en/research/modern-bigness.

Laura Frederika Lalikova
L.F. Lalikova LLM is promovenda aan de Utrecht University School of Law en maakt deel uit van het ERC-gefinancierde Modern Bigness-project onder leiding van prof. dr. Anna Gerbrandy (Grant Agreement No: 852005). Meer informatie op de website: www.uu.nl/en/research/modern-bigness.

Viktorija Morozovaite
V. Morozovaite LLM is promovenda aan de Utrecht University School of Law en maakt deel uit van het ERC-gefinancierde Modern Bigness-project onder leiding van prof. dr. Anna Gerbrandy (Grant Agreement No: 852005). Meer informatie op de website: www.uu.nl/en/research/modern-bigness.
Artikel

De rol van interventiedrempels en effectenanalyse in de Digital Markets Act

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2021
Trefwoorden poortwachters, interventiedrempel, effectenanalyse, schadetheorieën, theorieën van waardecreatie
Auteurs Lirio Barros en Timo Klein
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beschouwt de DMA op twee economische aspecten: het gebruik van interventiedrempels en het ex ante reguleren van aangewezen gedragingen. Vanuit economisch perspectief zijn er twee zorgen in de vormgeving van de DMA: het voornaamste interventiecriterium (bedrijfsomvang) is een slechte voorspeller van mededingingsproblematiek en het is bij de aangewezen gedragingen vaak zonder effectenanalyse niet mogelijk om vast te stellen dat de gedragingen daadwerkelijk schadelijk zijn voor de mededinging en de gebruikers. Ter uitweiding beschrijven we in deze context, naast de schadetheorieën, ook de theorieën van waardecreatie van drie prominente verboden gedragingen: het combineren van persoonsgegevens, zelfbevoordeling en koppelverkoop.


Lirio Barros
L. Barros MSc (lirio.barros@oxera.com) is analist bij Oxera Consulting LLP in Brussel.

Timo Klein
T. Klein PhD (timo.klein@oxera.com) is consultant bij Oxera Consulting LLP in Amsterdam en docent Mededingingseconomie aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Time and Law in the Post-COVID-19 Era: The Usefulness of Experimental Law

Special Issue Experimental Legislation in Times of Crisis, Sofia Ranchordas & Bart van Klink (eds.)

Tijdschrift Law and Method, september 2021
Trefwoorden COVID-19, time and law, law-making, parliament, government, legal certainty
Auteurs Erik Longo
SamenvattingAuteursinformatie

    The COVID-19 pandemic swept the world in 2020 impelling us to reconsider the basic principles of constitutional law like the separation of power, the rule of law, human rights protection, etc. The two most pressing legal issues that have attracted the attention of legal scholars so far are, on the one hand, the different regulatory policies implemented by governments and, on the other, the balance among the branches of government in deciding matters of the emergency. The pandemic has determined a further and violent acceleration of the legislature’s temporal dimension and the acknowledgement that, to make legislation quicker, parliament must permanently displace its legislative power in favour of government. Measures adopted to tackle the outbreak and recover from the interruption of economic and industrial businesses powerfully confirm that today our societies are more dependent on the executives than on parliaments and, from a temporal perspective, that the language of the law is substantially the present instead of the future. Against this background, this article discusses how the prevalence of governments’ legislative power leads to the use of temporary and experimental legislation in a time, like the pandemic, when the issue of ‘surviving’ becomes dominant.


Erik Longo
Prof. Dr. Erik Longo is associate professor of Constitutional Law at the University of Florence.
Artikel

Access_open Actoren in het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden ondernemingskamer, enquêteprocedure, OK-functionaris
Auteurs Mr. drs. A.A. Bootsma en Mr. dr. E.A. van Dooren
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage biedt een introductie op het themanummer ‘actoren in het enquêterecht’ ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de Ondernemingskamer. Het nummer bevat bijdragen over raden, de raadsheer-commissaris, onderzoekers, tijdelijke bestuurders en commissarissen, tijdelijke beheerders van aandelen en belanghebbenden. Het nummer opent met een column van de voorzitter van de Ondernemingskamer en wordt afgesloten met een praktijkbijdrage van een OK-functionaris.


Mr. drs. A.A. Bootsma
Mr. drs. A.A. Bootsma is werkzaam bij het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad der Nederlanden en lid van de redactie van dit tijdschrift.

Mr. dr. E.A. van Dooren
Mr. dr. E.A. van Dooren is universitair docent bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open De verwachte richtlijn duurzame corporate governance: verantwoord ondernemen moet hoog op de bestuursagenda

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden MVO, moederaansprakelijkheid, duurzaamheid, human rights due diligence, zorgplicht
Auteurs J.E.S. Hamster LLM MA
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt de verwachte conceptrichtlijn duurzame corporate governance. Daarbij wordt uitgebreid ingegaan op het beginsel van human rights due diligence, dat de kern zal vormen van de conceptrichtlijn. Deze ontwikkeling zal verstrekkende gevolgen hebben voor ondernemingen, en zij zullen dit onderwerp hoog op de agenda moeten zetten.


J.E.S. Hamster LLM MA
J.E.S. Hamster LLM MA is advocaat bij DLA Piper te Amsterdam.
Trending Topics

Tata Steel, maatschappelijk verantwoord ondernemen en het strafrecht

Een nieuwe balans tussen economische welvaart en maatschappelijk welzijn?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Trefwoorden maatschappelijk verantwoord ondernemen, feitelijk leidinggevende, hybride rechtspleging, Tata Steel
Auteurs Mr. dr. S.S. Buisman
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 19 mei 2021 doet Ficq namens de aangesloten belanghebbenden aangifte tegen de feitelijk leidinggevers van Tata Steel wegens gevaarzetting voor de openbare gezondheid (art. 173a Sr). De bestuurderstop wordt verweten dat hij niet heeft ingegrepen toen Tata Steel jarenlang structureel wet- en regelgeving overtrad, waardoor ernstige en ongerechtvaardigde schade is veroorzaakt voor de gezondheid van mens, dier en milieu. De aangifte tegen Tata Steel past binnen een bredere trend van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). Hoewel MVO niet in direct verband lijkt te staan met het strafrecht, kan het strafrecht toch een belangrijke rol spelen bij de bewerkstelliging van MVO.


Mr. dr. S.S. Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De summiere ondeugdelijkheidstoets in de WAMCA: het brede belang van een zwaardere invulling

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden collectieve actie, ontvankelijkheid, ondeugdelijk
Auteurs Mr. D. Horeman en Mr. M.V.E.E. de Monchy
SamenvattingAuteursinformatie

    De WAMCA voorziet in een summiere toets door de rechter in een collectieve actie. Blijkt de vordering summierlijk ondeugdelijk, dan leidt dit tot niet-ontvankelijkheid. Het serieus uitvoeren van die toets is in het belang van gedupeerden, van de aangesproken partij en van procesefficiëntie. Daarvan blijkt in de praktijk te weinig.


Mr. D. Horeman
Mr. D. Horeman is partner bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. M.V.E.E. de Monchy
Mr. M.V.E.E. de Monchy is partner bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

De klaroenstoten van de Nederlandse rechter in Urgenda op de klanken van het internationale recht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Doorwerking internationaal recht, Europees recht, klimaatrecht, mensenrechten, Nederlandse rechter
Auteurs N.J. Schrijver
SamenvattingAuteursinformatie

    De Urgenda-uitspraken en de recente Shell-uitspraak tonen aan hoe diep rechtsregels van internationale oorsprong in de Nederlandse rechtsorde doordringen en daar een integraal onderdeel van vormen. Dit artikel brengt eerst kort de ontwikkeling van de rechten van de mens en het internationale klimaatrecht in kaart en bespreekt vervolgens de wijze waarop de beginselen en regels daarvan doorklinken in deze rechterlijke klimaatuitspraken. Het laatste gedeelte van dit artikel reflecteert daarop en concludeert dat deze uitspraken zuivere klaroenstoten zijn omdat het Unierecht en het internationale recht een wezenlijk bestanddeel van de partituur van de Nederlandse rechtspraak zijn.


N.J. Schrijver
Prof. mr. N.J. (Nico) Schrijver is emeritus hoogleraar internationaal publiekrecht aan de Universiteit Leiden, lid van de KNAW en staatsraad in de Afdeling advisering van de Raad van State.
Artikel

Access_open Machtenscheiding en rechtsstaat (of ­rechtersstaat?) na Urgenda

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2021
Trefwoorden wetgevingsbevel, Staten-Generaal, rechtsvorming, Checks and balances, legaliteitsbeginsel
Auteurs P.P.T. Bovend’Eert
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Urgenda-arrest heeft de Hoge Raad vooral oog voor zijn eigen rol in de rechtsstaat, maar miskent de belangen die ten aanzien van de andere staatsmachten in het geding zijn. Het wetgevingsbevel is niet verenigbaar met grondwettelijke waarborgen voor de zelfstandigheid van de (leden van de) Staten-Generaal in het kader van de machtenscheiding. Bovendien ontspoort het arrest op het punt van het legaliteitsbeginsel in de rechtsstaat, in die zin dat het pad verlaten wordt waarbij de rechter volgens (het stelsel van) de wet en het recht rechtspreekt. De Hoge Raad past niet de wet en het recht toe, maar stelt daarvoor in de plaats de toepassing van politieke en wetenschappelijke inzichten. Daarmee begeeft de Hoge Raad zich in het politieke domein.


P.P.T. Bovend’Eert
Prof. mr. P.P.T. (Paul) Bovend’Eert is hoogleraar staatsrecht bij de Radboud Universiteit Nijmegen.
Objets trouvés

Zorgen en waardering voor de democratische rechtsstaat

Aantekeningen bij Het land moet bestuurd worden (Voermans) en Twee pijlers (Koole)

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2021
Trefwoorden poldermodel, bestuur, politiek, democratisering, rechtspraak
Auteurs P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    De in 2021 verschenen boeken Twee pijlers van Koole en Het land moet bestuurd worden van Voermans hebben zich binnen een halfjaar al onderscheiden door een derde druk (Voermans) en plaatsing op de longlist van de PrinsjesBoekenPrijs (Koole). Als historicus en politicoloog met praktijkervaring toont Koole de kracht van ons electorale systeem, maar ook een dreigende ontdemocratisering door niet-electorale krachten, waaronder de rechtspraak. Voermans’ speelse en soms persoonlijke beschouwing gaat over de prijs van ons poldermodel: regenteske bestuurders, van wie de meesten uiteindelijk toch blijken te deugen. Hebben de beschouwingen van Koole en Voermans wel voldoende overtuigingskracht en urgentie?


P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).
Artikel

Urgenda-arrest en wetgevingsbevel

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2021
Trefwoorden (algemeen) wetgevingsbevel, prerogatieven van de wetgever, onrechtmatigverklaring, buitenwerkingstelling, bepaaldheid dictum
Auteurs L.A.D. Keus
SamenvattingAuteursinformatie

    In ‘Urgenda-arrest en wetgevingsbevel’ bespreekt de auteur hoe dat arrest zich tot de eerdere rechtspraak over wetgevingsbevelen verhoudt. Anders dan de Hoge Raad suggereert, vindt de aanvaarding van een algemeen wetgevingsbevel niet reeds haar grond in die eerdere rechtspraak. Evenmin is de afwijking van die rechtspraak van ondergeschikt belang. Het arrest maakt inbreuk op de prerogatieven van de wetgever en raakt de positie van derden. Het nieuwe criterium voor de (on)toelaatbaarheid van een wetgevingsbevel is bovendien onduidelijk, terwijl een algemeen wetgevingsbevel niet voldoet aan de eisen die eerdere rechtspraak aan een rechterlijke voorziening stelt. De auteur deelt niet de verwachting dat precedentwerking van het Urgenda-arrest zal uitblijven.


L.A.D. Keus
Mr. L.A.D. (Leen) Keus is voormalig advocaat-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Naar een adequate aanpak van naastplaatsingen

Onderzoek naar verklarende factoren voor het probleem van afval naast containers Dit artikel is gebaseerd op onderzoek van De Vries, Epskamp en Ergun uit 2019 (zie De Vries et al., 2019).

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3 2021
Trefwoorden feelings of unsafety, overflowing garbage containers, litter
Auteurs Chris de Vries, Martijn Epskamp en Julien van Ostaaijen
SamenvattingAuteursinformatie

    Litter in the street is a great annoyance for many people, especially in the large cities. This includes overflowing garbage containers caused by people incorrectly placing garbage: next to these containers. In this study, carried out in the municipality of Rotterdam, we have developed a model that provides insight into which factors contribute to where this is done (or not). In summary, days when people are not working, the number of people that depend on the container(s), the bonding and social cohesion of that group, and the social-economic circumstances of the people in that group are the most important factors in determining at which container locations people incorrectly place their garbage. These insights provide starting points for an effective municipal approach to overflowing garbage containers and thereby reducing the residents’ feelings of nuisance and unsafety.


Chris de Vries
Chris de Vries is als onderzoeker werkzaam bij Gemeente Rotterdam.

Martijn Epskamp
Martijn Epskamp is als onderzoeker werkzaam bij Gemeente Rotterdam.

Julien van Ostaaijen
Julien van Ostaaijen is als lector Recht & Veiligheid werkzaam bij Avans Hogeschool en als universitair docent Bestuurskunde bij Tilburg University.
Artikel

Access_open Law Schools and Ethics of Democracy

Special Issue on Pragmatism and Legal Education Sanne Taekema & Thomas Riesthuis (eds.)

Tijdschrift Law and Method, augustus 2021
Trefwoorden legal education, democracy, pragmatism
Auteurs Michal Stambulski
SamenvattingAuteursinformatie

    Contemporary critical analyses of legal education indicate that legal education is undemocratic as it is based on a discipline that produces subjects who obey hierarchies, are free from the habit of criticism and are ready to self-sacrifice for promotion in the social hierarchy. At the same time, critical analyses offer the very passive vision of the law student as merely ‘being processed’ through the educational grinder. Paradoxically, in doing so they confirm the vision they criticize. This article argues that, by adopting a pragmatic philosophical perspective, it is possible to go beyond this one-sided picture. Over the past few decades, there has been an increase in ‘practical’ attitudes in legal education. Socrates’ model of didactics, clinical education and moot courts are giving rise to institutionalized ideas as structural elements of legal education, owing to which a purely disciplinary pedagogy may be superseded. All these practices allow students to accept and confront the viewpoints of others. Education completed in harmony with these ideas promotes an active, critical member of community, who is ready to advance justified moral judgements, and as such is compliant with pragmatic ethics of democracy.


Michal Stambulski
Dr. Michal Stambulski is postdoctoral researcher at the Erasmus University Rotterdam and assistant professor at the University of Zielona Gora.
Artikel

Access_open Verantwoordelijkheid voor mensenrechtenschendingen WK voetbal Qatar

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 1 2021
Trefwoorden FIFA World Cup Qatar, arbeidsmigranten, grote sportevenementen, mensenrechtenschendingen, gedeelde verantwoordelijkheid
Auteurs Daniela Heerdt
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds het evenement aan Qatar werd gegund in 2010 is de uitbuiting van arbeidsmigranten op de bouwplaatsen van het WK voetbal een voortdurende bron van zorg voor de internationale gemeenschap. Vanuit een juridisch-pluralistische benadering analyseert dit artikel de verschillende verantwoordelijkheden van de diverse betrokken stakeholders en bespreekt het de uitdagingen bij het ter verantwoording roepen van de verantwoordelijken en hoe een benadering van gedeelde verantwoordelijkheid deze uitdagingen zou kunnen oplossen.


Daniela Heerdt
Dr. D.M. (Daniela) Heerdt is researcher aan de Universiteit van Tilburg en onafhankelijk consultant op het gebied van sport- en mensenrechten.

    In its decision rendered on 28 February 2019, the Luxembourg Court of Appeal (Cour d’appel de Luxembourg) examined under which circumstances on-call duty performed at the workplace qualifies as actual working time.
    The issue raised was whether the time spent at night by an employee (i.e. the presence of an employee at the workplace) performing the work of a live-in carer was to be considered as ‘actual working time’.
    The Court expressly referred to EU case law and decided that the concept of actual working time is defined by two criteria, namely (i) whether the employee during such a period must be at the employer’s disposal, and (ii) the interference with the employee’s freedom to choose their activities.
    In view of the working hours provided for in the employment contract and in the absence of evidence proving that the employee would not have been at the employer’s home during her working hours, the Court found that the employee stayed at the employer’s home at night and at the employer’s request. It was irrelevant in this respect whether it was for convenience or not. It was further established that the employee could not leave during the night and return to her home and go about her personal business, so that the hours she worked at night were to be considered as actual working time.
    Given that the employee’s objections regarding her salary were justified (as the conditions of her remuneration violated statutory provisions), the Court decided that the dismissal was unfair.


Michel Molitor
Michel Molitor is the managing partner of MOLITOR Avocats à la Cour SARL in Luxembourg, www.molitorlegal.lu.

    The Supreme Court (SC) has unanimously decided that drivers engaged by Uber are workers rather than independent contractors. It also decided that drivers are working when they are signed in to the Uber app and ready to work.


Colin Leckey
Colin Leckey is a partner at Lewis Silkin LLP.
Toont 1 - 20 van 1481 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.