Zoekresultaat: 74 artikelen

x
Jaar 2010 x
Artikel

Vrouwen en witteboordencriminaliteit

Theorieën en hypothesen over sekseverschil

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Gender, Witteboordencriminaliteit, Vrouwelijke delinquenten, Feminisme
Auteurs Wim Huisman
SamenvattingAuteursinformatie

    White-collar crime is mostly committed by men. It remains to be seen if this will stay this way. Increasing numbers of women succeed in attaining management positions in organizations. Could we therefore expect an increase in female white-collar crime?Criminological theories on female crime and on white-collar crime lead to contradicting hypotheses.Research on white-collar and organizational crime predominantly produces a situational hypothesis explanation according to which we could expect that the rise of women in organizational hierarchies will also bring more female white-collar crime.Research on female delinquency might lead to an opposite gender-difference hypothesis that would predict less white-collar crime, because they have a lesser tendency to show risky behavior.In this article, both assumptions will be elaborated for further research, against the background of possible gender bias in the relation between women and white-collar crime.


Wim Huisman
Prof. dr. W. Huisman is hoogleraar criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, w.huisman@rechten.vu.nl.
Artikel

Mannelijkheid en detentie

De waarde van mannelijkheidsstudies voor gevangenissociologie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Gender, Detentie, Hegemoniale mannelijkheid, Gevangenis
Auteurs Valesca Lippens
SamenvattingAuteursinformatie

    Gender, in criminological research, often refers to women. Although ‘masculinities’ and crime have been intertwined internationally for more than two decades, this isn’t so for Dutch research. Based on this international critique, this article introduces the masculinities approach in Dutch penology. Prisons are generally considered as hypermasculine settings (Toch, 1998), but this hypothesis is seldom explored within a gender framework. Nevertheless, ‘doing masculinity’ is an important coping strategy for male prisoners (Jewkes, 2005). This gap is tackled on two levels: (1) the conceptualization of ‘hegemonic masculinity’ and (2) a critical, masculinity-oriented analysis of the existing knowledge on prison life, prison culture and prison hierarchy. It aims to tackle prison masculinity stereotypes, since traditional penal insights aren’t necessarily valid from a gender point of view (Evans & Wallace, 2008). Therefore, we conclude by analyzing the value of masculinity studies for penology.


Valesca Lippens
V. Lippens is onderzoekster bij de vakgroep Criminologie, Vrije Universiteit Brussel (Aspirant van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek), valesca.lippens@vub.ac.be.

    Hoewel diverse grondrechten al sinds jaar en dag worden ingeroepen in Europese mededingingsprocedures, komen op deze grondrechten gebaseerde verweren nog iets minder voor in Nederlandse mededingingszaken. In deze bijdrage, die wegens haar omvang geen uitputtend overzicht vormt, zal nader worden ingegaan op een aantal grondrechtelijke leerstukken die in dat kader met name relevant lijken.


Mr. H.M.H. Speyart
Mr. H.M.H. Speyart is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam.
Artikel

Downloaders van kinderporno

Een overzicht van de literatuur

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Kinderporno, Downloaden, Zedencriminaliteit, Literatuurstudie
Auteurs Anton van Wijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Unlike the physical abusers of children, little is known about downloaders of child pornography. The key questions in this article are: who are the downloaders, what are their backgrounds, why and how they download child pornography, how they behave offline and online and what types of downloaders can be distinguished? A simple answer to these questions is currently impossible to give. There is more, preferably longitudinal, research needed on risk factors for downloading child pornography and the various types of downloaders. Combating the downloaders requires a lot of the police in terms of international cooperation and up to date knowledge and expertise. This also served the treatment practices, which is partly dependent on a properly conducted police investigation.


Anton van Wijk
Dr. mr. A.Ph. van Wijk is criminoloog en directeur van Bureau Beke. E-mail: a.vanwijk@beke.nl.
Artikel

Gekocht, maar niet gekregen

Slachtofferschap van online oplichting nader onderzocht

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Online oplichting, Slachtofferschap, Slachtofferenquête, Lage zelfcontrole
Auteurs Johan van Wilsem
SamenvattingAuteursinformatie

    Consumer fraud seems to be widespread, yet little research is devoted to understanding why certain social groups are more vulnerable to this type of victimization than others. The present paper deals with internet consumer fraud victimization, and uses an explanatory model that combines insights from self control theory and routine activity theory. The results from large-scale victimization survey data among the Dutch general population (N=6,201) reveal that people with low self-control run substantially higher victimization risk, as well as people performing ‘risky’ routine activities, such as online shopping and participation in online forums. Though a minority share of the self-control-victimization link is indirect – because people with low self-control are more involved in risk-enhancing routine activities – a large direct effect on internet fraud victimization remains. This suggests that, within similar situations, people with poor impulse control respond differently to deceptive online commercial offers.


Johan van Wilsem
Dr. Johan van Wilsem is werkzaam als universitair docent Criminologie aan de Universiteit Leiden, Instituut voor Strafrecht & Criminologie. Contactadres: postbus 9520, 2300 RA Leiden. Tel. 071-5277418. E-mail: J.A.van.Wilsem@law.leidenuniv.nl.
Jurisprudentie

Een uitgelezen uitgever geeft vooral geld uit

OK 27 mei 2010, LJN BM5928, JAR 2010/181

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2010
Trefwoorden enquêterecht, toetsing bij enquêterecht in vergelijking tot toetsing bij medezeggenschapsrecht, strategische aspecten van een zogeheten LBO, ondernemingsraad
Auteurs Mr. R.A.A. Duk
SamenvattingAuteursinformatie

    De Ondernemingskamer heeft bij beschikking van 27 mei 2010 beslist dat rond de zogeheten leveraged buy-out (LBO) van PCM Holding door Apax sprake is geweest van wanbeleid. Daarbij kwamen vragen van strategie aan de orde en werd gewezen op de risico’s die een LBO naar zijn aard meebrengt. De OK was van oordeel, kort samengevat, dat PCM Holding een onderneming zonder duidelijke strategie was en dat ook daardoor bij de keuze voor Apax als partner voor een LBO niet voldoende doordacht was gehandeld.In de annotatie wordt bezien hoe de toetsing onder de vigeur van het enquêterecht in een geval als dit zich verhoudt tot de toetsing die de OK zou hebben toegepast wanneer de zaak via een beroep op artikel 26 Wet op de ondernemingsraden aan haar oordeel zou zijn onderworpen. Conclusie is dat die toetsing langs vergelijkbare lijnen zou zijn verlopen, aangenomen dat de betrokken centrale ondernemingsraad op dat moment zou hebben beschikt over de informatie die de OK op grond van het uitgevoerde onderzoek had.


Mr. R.A.A. Duk
Mr. R.A.A. Duk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V. te Den Haag.
Artikel

Verzorging van een functionerende lokale zorgmarkt: mogelijk tekortkomingen beleid NMa en NZa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden zorggroepen, ketenzorg, zorgmarkt, zorgaanbieders
Auteurs Mr. P.D. van den Berg
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Richtsnoeren Zorggroepen zetten de NMa en de NZa het beleid inzake (multidisciplinaire) samenwerking door zorgaanbieders op lokale zorgmarkten uiteen. Het mededingingsrecht wordt op te formele wijze toegepast. Enerzijds wordt de samenwerking tussen onafhankelijke zorgaanbieders te veel beperkt, terwijl anderzijds het ontstaan van marktmacht op lokale markten niet wordt voorkomen. De lokale aard van de markt en de aard van de zorgsector brengen enkele specifieke problemen met zich die onvoldoende lijken te zijn meegewogen. Een mogelijke oplossing is het creëren van een groepsvrijstelling voor ketenzorg onder het kartelverbod.


Mr. P.D. van den Berg
Mr. P.D. van den Berg is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP in Amsterdam.
Discussie

Duurzaam ruimtegebruik in de grensstreek

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden ruimtegebruik, grensoverschrijdend, regionaal, afstemming, rechtsmacht
Auteurs Mr. Y.M. Denissen-Visscher
SamenvattingAuteursinformatie

    De ruimtelijke sturingsfilosofie en het ruimtelijk juridisch instrumentarium maken het mogelijk om duurzaam ruimtegebruik binnen Nederland te realiseren. Voor duurzaam gebruik van ruimte die de Nederlandse grens overschrijdt, geldt dit niet. De betrokken staten c.q. overheden bezitten op dit gebied geen grensoverschrijdende rechtsmacht en de Europese Unie is niet bevoegd om de ruimtelijke ordening in en/of tussen de lidstaten te regelen. Duurzaam ruimtegebruik in de grensstreek vraagt om een grensoverschrijdende ruimtelijke visie en om grensoverschrijdende besluitvorming over de inrichting en het gebruik van de ruimte. Als hiervoor geen geschikte juridische instrumenten kunnen worden gevonden, dan zou de Europese Unie net als bij het Europees milieubeleid meer bevoegdheden moeten krijgen tot het (indirect) beïnvloeden van de ruimtelijke ordening tussen de lidstaten.


Mr. Y.M. Denissen-Visscher
Mr. Y.M. (Yvonne) Denissen-Visscher is docent/senioronderzoeker bij het lectoraat Gebiedsontwikkeling en recht van Saxion Hogeschool en doet een promotieonderzoek aan de Radboud Universiteit naar grensoverschrijdende gebiedsontwikkeling tussen Nederland en Duitsland.
Artikel

Vertrouwen in toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden toezicht, vertrouwen, controle
Auteurs Dr. ir. F.E. Six
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Nederlandse debat over de rol van vertrouwen in toezicht en handhaving heerst verwarring over het begrip vertrouwen. Dit artikel kijkt kritisch naar de argumenten en schept meer duidelijkheid over het begrip en de voor toezicht belangrijke relatie tussen vertrouwen en controle. Vertrouwen is onvermijdelijk aan de orde in toezichtrelaties en kan dus het beste expliciet in toezichttheorie geconceptualiseerd worden. De conceptualisatie van vertrouwen in de responsieve toezichttheorie van Braithwaite e.a. is echter aan herziening toe. Aan de hand van recente inzichten uit de vertrouwensliteratuur worden uitgangspunten en contouren van een mogelijke vertrouwensbenadering in toezicht geschetst.


Dr. ir. F.E. Six
Dr. ir. F.E. Six MBA is werkzaam aan de Vrije Universiteit, Afdeling Bestuurswetenschappen.
Artikel

Zorgplichten in het concern

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Concern, zorgplichten, moedermaatschappij, concernholding, maatschappelijk verantwoord ondernemen, MVO
Auteurs Prof. J.B. Huizink
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht in hoeverre het begrip zorgplicht een rol speelt of zou kunnen spelen in concernverhoudingen, binnen groepen van vennootschappen. Daarbij wordt er in het bijzonder ingegaan op de moedermaatschappij of concernholding. In dit kader komen onder meer de volgende vragen aan bod: welk belang wordt er met zorgplicht gediend? Op welke wijze dient de moedermaatschappij de zorgplichten te vervullen? Wat zijn de gevolgen van schending van de zorgplicht? En hoe dient het fenomeen zorgplicht tegen de achtergrond van de daarmee beoogde doelen, als deze al expliciet gemaakt kunnen worden, te worden beoordeeld?


Prof. J.B. Huizink
Prof. J.B. Huizink is hoogleraar ondernemingsrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Herwaardering van certificering als beschermingsconstructie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Administratiekantoor, beschermingsconstructies, certificering, certificering van aandelen, Dutch discount, market for corporate control
Auteurs Mr. J. de Koning Gans en Prof. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    De praktijk wijst uit dat aandeelhoudersactivisme het vennootschappelijk belang kan bedreigen. In deze bijdrage wordt onderzocht wat de meest adequate vorm van bescherming van een beursvennootschap tegen een vijandige overname is. Allereerst worden de in Nederland meest voorkomende beschermingsconstructies besproken en geëvalueerd. De auteurs constateren vervolgens dat aan elke beschermingsmaatregel voor- en nadelen kleven. Deze voor- en nadelen hebben betrekking op de toereikendheid van de bescherming of de aanvaardbaarheid van de inperking van de zeggenschap van kapitaalverschaffers. Vergeleken met de andere behandelde beschermingsconstructies lijkt certificering echter volgens de auteurs het best aan beide criteria te voldoen. De auteurs sluiten deze bijdrage af met enkele aanbevelingen ten aanzien van het bestuur van het Administratiekantoor (AK) die de certificaten uitgeeft teneinde de onafhankelijkheid van het AK te kunnen waarborgen en certificering in het algemeen als meest aanvaardbare beschermingsconstructie te kunnen aanmerken.


Mr. J. de Koning Gans
Mr. J. De Koning Gans is recentelijk afgestudeerd aan de Universiteit Utrecht in de master Recht en Onderneming.

Prof. W.J. Oostwouder
Prof. W.J. Oostwouder is hoogleraar bedrijfsfinancieel recht aan de Universiteit Utrecht.
Discussie

Europees contractenrecht: an expensive and time-consuming solution looking for a problem

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Groenboek, Europees contractenrecht, consumenten, bedrijven
Auteurs Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes en Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze ‘Impressie’ bespreken Tjittes en Meijer kort het nut en de noodzaak van een Europees contractenrecht. Zij gaan daartoe eerst in op de doelstellingen van een Europees contractenrecht. Immers, bij de beoordeling van nut en noodzaak moet worden bezien of de doelstellingen worden bereikt. Daarna bespreken zij kort de opties die de Europese Commissie voor ogen staan bij de invulling van een Europees contractenrecht. Vervolgens bespreken zij de behoefte van consumenten en bedrijven aan een Europees contractenrecht als optioneel rechtssysteem naast het nationale recht, om ten slotte in de laatste paragraaf tot een paar slotopmerkingen te komen.


Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP, hoogleraar Privaatrecht aan de VU en raadsheer-plv. bij het Gerechtshof Arnhem.

Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP.
Artikel

Earn-outs: smeerolie voor overname deals?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden earn-out, bedrijfsovername, koper, verkoper
Auteurs Mr. A.M. van Hekesen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het juridische instrument van de earn-out centraal. Allereerst wordt ingegaan op de redenen voor partijen om een earn-out overeen te komen, vervolgens worden verschillende aspecten van de vorm en inhoud van earn-outs besproken. En ten slotte wordt een aantal juridische aandachtspunten van earn-outs behandeld, waaronder de vraag of op de koper een bepaalde inspanningsverplichting kan rusten om te zorgen dat de earn-out targets worden behaald.


Mr. A.M. van Hekesen
Mr. A.M. van Hekesen is bedrijfsjurist bij Philips.
Diversen

Boilerplate-clausules: Ketelbinkie in Contractenland?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden boilerplate, standaard, bepaling, clausule, entire agreement
Auteurs Mr. M. Uijen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage legt Martijn Uijen uit wat boilerplate-clausules zijn, waar ze vandaan komen en hoe ze in de Nederlandse contractspraktijk kunnen worden gebruikt. Van twaalf veel voorkomende boilerplate-clausules wordt een voorbeeldtekst gegeven; de voorbeelden worden vervolgens stuk voor stuk geanalyseerd en afgezet tegen de bepalingen van het BW. Bij een contract naar Nederlands recht blijken boilerplate-clausules soms overbodig te zijn en soms onverwachte effecten te hebben. In heel wat gevallen moeten ze bovendien nog gericht worden toegesneden op de Nederlandse verbintenisrechtelijke context. Uijen schetst op welke manier dat het beste kan worden gedaan.


Mr. M. Uijen
Mr. M. Uijen is advocaat bij Höcker.
Column

The ‘sense of urgency’ van justitie in België

Bemiddeling/mediation is meer dan een loutere variante op traditionele geschillenbeslechting en is derhalve een prioriteit

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2010
Auteurs Theo De Beir
Auteursinformatie

Theo De Beir
Theo De Beir is voorzitter van het Brussels Business Mediation Center (BBMC vzw) en advocaat-mediator-ondernemer.
Jurisprudentie

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2010
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks

Prof. mr. A.C. Hendriks
Artikel

Het beëindigen van overnamecontracten door de koper in crisistijd

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2010
Trefwoorden overnamecontracten, economische crisis, onvoorziene omstandigheden, MAC-clausule
Auteurs Mr. S.S.D. Nizamoeddin
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op een tweetal mogelijke escapes voor de koper uit een door de economische crisis onaantrekkelijk geworden overnametransactie. De revue zullen passeren het leerstuk van onvoorziene omstandigheden en de zogenoemde material adverse change-clausule.


Mr. S.S.D. Nizamoeddin
Mr. S.S.D. Nizamoeddin is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

    How can the social environment of a prison be accurately assessed? Why is it important to measure? How should the prison experience be represented in empirical research? How do we capture distinctions between prisons, which can be good or bad in so many different ways? There is considerable consensus about the inadequacy of narrow and selective performance measures, such as hours spent in purposeful activity or serious assaults, in representing prison quality. The difficulties are both methodological and conceptual. This paper will outline one attempt to address these questions in England and Wales. Based on a series of studies aimed at identifying and measuring aspects of prison life that ‘matter most’, prisoners describe stark differences in the moral and emotional climates of prisons serving apparently similar functions. The ‘differences that matter’ are in the domain of interpersonal relationships and treatment. A developmental programme of empirical research on the quality of life in prison suggests that (a) some prisons are more survivable than others and (b) important differences in identifiable aspects of prison quality exist and may be related to outcomes. These findings have implications for our understanding of the meaning of terms like ‘inhuman and degrading’ treatment as well as for our uses and expectations of the prison.


Alison Liebling
Alison Liebling is hoogleraar Criminology & Criminal Justice aan de Universiteit van Cambridge en is directeur van het Prison Research Centre.
Toont 1 - 20 van 74 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.