Zoekresultaat: 12 artikelen

x
Jaar 2011 x

Dr. H.J. van Kooten
Dr. H.J. van Kooten is lid van het Gemeenschappelijke Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

dr. G.C.C. Lewin
Dr. G.C.C. Lewin is raadsheer in het gerechtshof te Amsterdam.
Artikel

De bevoegdhedenovereenkomst en de formele rechtskracht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2011
Trefwoorden formele rechtskracht, bevoegdhedenovereenkomst, Etam, inspanningsverbintenis, schadevergoeding
Auteurs Mr. K.J.L. Verschoor
SamenvattingAuteursinformatie

    Wordt de civiele rechter bij de beoordeling van een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van een bevoegdhedenovereenkomst door het contracterende overheidsorgaan belemmerd door de formele rechtskracht van een besluit, waaruit de tekortkoming volgt? Hierover oordeelt de Hoge Raad bij arrest van 8 juli 2011, dat in deze bijdrage wordt besproken.


Mr. K.J.L. Verschoor
Mr. K.J.L. Verschoor is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.

    Tarief in de zin van art. 1 sub k Wmg; opbrengstverrekening geen tarief; vaststelling opbrengstverrekening door NZa geen besluit.

Artikel

Interface tussen het aanbestedingsrecht en het mededingingsrecht: van hetzelfde laken een pak

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2011
Trefwoorden uitsluiting, aanbesteding, mededingingsrechtelijke overtreding, functionele toerekening, bewijsvoering
Auteurs Mr. M. Hengevelt
SamenvattingAuteursinformatie

    Mededingingsrechtelijke overtredingen worden meegenomen bij de beoordeling van een onderneming die zich kandidaat stelt voor het uitvoeren van een overheidsopdracht. Gevolg van zo’n overtreding kan zijn dat de aanbestedende dienst in kwestie besluit over te gaan tot uitsluiting van die onderneming. Dit vindt plaats op het raakvlak van het aanbestedingsrecht en het mededingingsrecht. In deze bijdrage wordt een koppeling gemaakt tussen deze twee rechtsgebieden ten aanzien van twee actuele onderwerpen: functionele toerekening en bewijsvoering. Conclusie is dat bij aanbestedingsrechtelijke uitsluiting wegens schending van de mededingingsregels aansluiting moet worden gezocht bij het mededingingsrecht.


Mr. M. Hengevelt
Mr. M. Hengevelt is docent Europees recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Rechtsbescherming tegen een ondeugdelijke ontslagvergunning bezien in het licht van artikel 6 EVRM

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2011
Trefwoorden ontslagrecht, arbeidsprocesrecht, artikel 6 BBA, artikel 6 EVRM, misbruik van bevoegdheid
Auteurs Mr. D.M.A. Bij de Vaate
SamenvattingAuteursinformatie

    In de literatuur wordt aangenomen dat de werknemer die meent dat de voor de opzegging van zijn arbeidsovereenkomst afgegeven ontslagvergunning ondeugdelijk is, twee vorderingen ten dienste staan: een vordering uit onrechtmatige daad jegens het UWV en een kennelijk onredelijk ontslagprocedure tegen de werkgever. Er zijn echter voor de werknemer ook andere gerechtelijke procedures denkbaar. Allereerst kan met een beroep op het Holtrop/Smith-arrest van de Hoge Raad uit 2001 worden betoogd dat het mogelijk is om de ondeugdelijkheid van de aan de werkgever verleende ontslagvergunning aan te vechten door de nietigheid daarvan in te roepen. Ten tweede lijkt het op grond van het Van Hooff Elektra-arrest onder omstandigheden mogelijk een beroep te doen op de nietigheid van de opzegging wegens misbruik van bevoegdheid wanneer de werkgever gebruikmaakt van een ondeugdelijke ontslagvergunning. Deze twee ‘nieuwe’ procedures zijn in het kader van artikel 6 EVRM zeer gewenst. Zij voldoen, in tegenstelling tot de onrechtmatige daadsactie jegens het UWV en de kennelijk onredelijk ontslagprocedure, zowel qua toetsingsbevoegdheid als gewenste uitkomst aan de vereisten van artikel 6 EVRM, zodat deze procedures in staat zijn het gebrek dat op dit punt kleeft aan artikel 6 BBA te helen.


Mr. D.M.A. Bij de Vaate
Mr. D.M.A. Bij de Vaate is als docent sociaal recht verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    Relevantie van de feitelijke situatie.


Berthy van den Broek

    In this article, I will plead two 'new' proceedings against an inferior permission to terminate employment: (1) an appeal to the nullity of the permission to terminate employment and (2) an appeal to the nullity of the withdrawal. These procedures offer the employee an adequate remedy in the light of article 6 ECHR, in contrast with the claims for unfair dismissal (in Dutch: kennelijk onredelijk ontslag) and wrongful government act.


mr. Vivian mrs. Bij de Vaate
Praktijk

Kroniek rechtspraak mededingingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden concentratiecontrole, kartels, marktwerking, mededinging, NMa
Auteurs Mr. C.T. Dekker, mr. E. Belhadj en mr. E. Hameleers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek wordt de toepassing van de Mededingingswet in de zorgsector in 2010 besproken. Het accent ligt op beslissingen van de NMa op het gebied van concentratiecontrole. Daarbij wordt veel aandacht geschonken aan hoe de NMa relevante markten afbakent en de effecten op de mededinging beoordeelt. Tevens komt de handhaving van het kartelverbod aan de orde en wordt kort ingegaan op nieuwe beleidsregels.


Mr. C.T. Dekker
Cees Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle. Hij is tevens hoofddocent aan de postdoctorale specialisatie-opleiding Europees en Nederlands Mededingingsrecht van de Grotius Academie.

mr. E. Belhadj
Ekram Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle.

mr. E. Hameleers
Emma Hameleers is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle.
Praktijk

Kroniek Nederlands mededingingsrecht 2010

Regelgeving, mededingingsafspraken, machtsposities en procedurele aangelegenheden

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2011
Trefwoorden kroniek, NMa-procedures, kartel, machtspositie, boete
Auteurs Mr. C.T. Dekker, Mr. E. Belhadj en Mr. E. Hameleers
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2010 heeft de NMa in 12 zaken boetes opgelegd voor ruim € 137 miljoen aan in totaal 33 ondernemingen. Zo werden twee zorginstellingen beboet voor overtreding van het kartelverbod, evenals diverse ondernemingen in de meelsector en ondernemingen in de bouw. Ook legde de NMa in 2010 voor het eerst boetes op aan natuurlijke personen voor feitelijk leidinggeven aan een overtreding van de Mededingingswet. Tevens heeft de NMa twee toezeggingsbesluiten genomen. De rechtbank Rotterdam en het CBb hebben diverse belangwekkende uitspraken gedaan, waaronder de uitspraken in de zaken CRV Holding, Vereniging van Reizigers en de boomkwekerijen.


Mr. C.T. Dekker
Mr. C.T. Dekker is zijn werkzaam als advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle.

Mr. E. Belhadj
Mr. E. Belhadj is werkzaam als advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle.

Mr. E. Hameleers
Mr. E. Hameleers is werkzaam als advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle.
Artikel

Lsp in het omgevingsrecht en de Awb

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Afdeling 4.1.3.3 Awb, lex silencio positivo, positieve fictieve beschikking, omgevingsvergunning van rechtswege
Auteurs Mr. dr. K.J. de Graaf en H.A. Komduur
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de implementatie van de Europese Dienstenrichtlijn op 28 december 2009 kent de Awb een regeling waardoor een toestemming van rechtswege wordt geacht te zijn verleend in het geval niet tijdig wordt beslist op een aanvraag. Deze regeling doet zich ook gevoelen in het omgevingsrecht. Zo geldt de zogenaamde lex silencio positivo per 1 oktober 2010 voor elke aanvraag voor een omgevingsvergunning waarop de reguliere procedure van toepassing is. De regeling is mede het gevolg van de wens van de overheid om de burger binnen de wettelijke beslistermijn rechtszekerheid te bieden over zijn aanvraag. Het systeem van fictieve positieve besluiten zou daarom op zoveel mogelijk toestemmingsstelsel van toepassing moeten zijn. In deze bijdrage staat allereerst centraal voor welke toestemmingsstelsels het systeem van de lex silencio positivo geldt. Vervolgens worden de juridische haken en ogen van de regeling besproken en wordt ingegaan op de vraag of de betrokken burgers rechtszekerheid ontlenen aan een van rechtswege verleende vergunning.


Mr. dr. K.J. de Graaf
Mr. dr. K.J. (Kars) de Graaf is verbonden aan de vakgroep Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen als universitair hoofddocent.

H.A. Komduur
H.A. (Hilde) Komduur is verbonden aan de vakgroep Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen als student-assistent.
Artikel

De versterking van de symbolische kracht van de Grondwet

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2011
Trefwoorden Grondwet, preambule, misbruik, grondrechten, symboliek, toetsing, Staat
Auteurs Mr. A. Rouvoet en Mr. J. Pot
SamenvattingAuteursinformatie

    De normerende kracht van de Grondwet hangt mede af van de versterking van de symbolische werking daarvan. De Staatscommissie Grondwet heeft hiervoor helaas geen oog. De auteurs komen daarom met enkele aanvullingen op het advies van de Staatscommissie: in navolging van internationale mensenrechtenverdragen kan een preambule verwoorden dat de verwerkelijking van onze rechten en vrijheden niet alleen een zaak is van de overheid, maar ook van de samenleving. Het opnemen van een antimisbruikbepaling in de Grondwet geeft richting hoe met negatief gebruik van grondrechten in rechtsstatelijke zin om te gaan.


Mr. A. Rouvoet
Mr. A. Rouvoet is voorzitter van de Christen-Uniefractie in de Tweede Kamer.

Mr. J. Pot
Mr. J. Pot is ambtelijk secretaris van de ChristenUnie-fractie in de Tweede Kamer. j.pot@tweedekamer.nl
Jurisprudentie

Burgerlijk procesrecht in de (voormalige) Nederlandse Antillen en Aruba

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2011
Trefwoorden procesrecht, rechtsmacht, bewijsrecht, cassatie, Gemeenschappelijk Hof van Justitie
Auteurs Mr. F.J.P. Lock
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek wordt rechtspraak uit 2010 van de Hoge Raad en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie in (voormalig) Antilliaanse en Arubaanse zaken besproken, onder meer onder de noemers ‘cassatierechtspraak’, ‘betekeningsperikelen’, ‘aanvang appèltermijn’, ‘art. 40 Statuut van het Koninkrijk der Nederlanden’, ‘interregionale en internationale rechtsmacht’, ‘bewijsrecht’ en ‘actieve rechter’. Voorts worden de gevolgen van de recente staatkundige veranderingen voor het burgerlijk procesrecht in het Caribische deel van het Koninkrijk besproken, alsmede recente ontwikkelingen op de gebieden van wetgeving en literatuur.


Mr. F.J.P. Lock
Mr. F.J.P. Lock is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Hij is als docent burgerlijk procesrecht verbonden aan de Universiteit van de Nederlandse Antillen.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.