Zoekresultaat: 11 artikelen

x
Jaar 2015 x
Artikel

Het voorontwerp van de implementatiewet richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2015
Trefwoorden privaatrechtelijke handhaving, Europees mededingingsrecht, schadevergoeding, inbreuk op het mededingingsrecht
Auteurs Mr. dr. E.J. Zippro
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorontwerp van de implementatiewet richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht is ter consultatie gepubliceerd. Het voorontwerp strekt tot omzetting van de richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht. In deze bijdrage bespreekt de auteur aan de hand van het voorontwerp de voorgestelde wijzigingen in het BW en Rv.


Mr. dr. E.J. Zippro
Mr. dr. E.J. Zippro is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Invordering dwangsommen

Tijdschrift StAB, Aflevering 4 2015
Auteurs Peter Cup

Peter Cup
Artikel

De Hoge Raad en het Hof van Justitie van de EU als partners in de prejudiciële procedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2015
Trefwoorden samenwerking Hoge Raad en Hof van Justitie van de EU, prejudiciële procedure van de EU, praktische wenken, relatie prejudiciële verwijzingsplicht en prejudiciële adviesbevoegdheid ex Protocol 16 EVRM
Auteurs Prof. mr. C.W.A. Timmermans
SamenvattingAuteursinformatie

    De relatie tussen de Hoge Raad en het Hof van Justitie van de EU is er een van samenwerking, niet van hiërarchie. Instrument voor deze samenwerking is de prejudiciële procedure. Hoe deze procedure optimaal te benutten? De auteur doet enkele, meer praktische suggesties, onder andere inzake de formulering van de verwijzingsbeschikking en de deelneming aan de procedure voor het Hof. Ten slotte wordt ingegaan op de prejudiciële adviesbevoegdheid voor hoogste, nationale gerechten ex Protocol 16 bij het EVRM en de relatie tot een eventuele verwijzingsplicht ex art. 267 VWEU.


Prof. mr. C.W.A. Timmermans
Prof. mr. C.W.A. Timmermans is oud-rechter in het Hof van Justitie van de EU.
Artikel

De SNS-beschikking van 8 juli 2015: een pragmatische keuze

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden ontvankelijkheid, enquêteverzoek, Ondernemingskamer, SNS, enquêtegerechtigd
Auteurs Mr. I. Tax
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur geeft haar commentaar op de SNS-beschikking waarin de Ondernemingskamer heeft geoordeeld dat onteigende aandeelhouders, die vanwege de onteigening niet voldoen aan de kapitaaleis van artikel 2:346 BW, toch ontvankelijk kunnen zijn in hun verzoek tot enquête. De ondernemingskamer aanvaardt hiermee een verdere uitbreiding van de kring van enquêtegerechtigden.


Mr. I. Tax
Mr. I. Tax is advocaat bij Quint Legal te Rotterdam.

    In deze kroniek worden de belangrijkste uitspraken behandeld die met betrekking tot de Zorgverzekeringswet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten zijn gedaan in de periode van 1 april 2013 t/m 1 januari 2015. Met betrekking tot de Zorgverzekeringswet worden in hoofdzaak de inhoud van de zorgverzekering en de zorgverzekeraars besproken. Wat betreft de AWBZ komen de kring der verzekerden en de aanspraken aan bod. Daarnaast wordt aandacht besteed aan uitspraken over de zorginkoop en over de afbakening tussen de Zorgverzekeringwet en de AWBZ.


Mr. H.M. den Herder
Hedwig den Herder is als advocaat werkzaam bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V. te Den Haag.

mr. C. van Balen
Chris van Balen is als advocaat werkzaam bij LEXSIGMA Healthcare te Amsterdam.
Discussie

McBankroet: faillissement en franchise

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2015
Trefwoorden franchise, faillissement, curator, franchisegever, franchisenemer
Auteurs Mr. J.H. Kolenbrander
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden enkele onderwerpen besproken waarmee zowel franchisegevers als franchisenemers te maken kunnen gaan krijgen op het moment dat er sprake is van een faillissement binnen een franchiseformule.


Mr. J.H. Kolenbrander
Mr. J.H. Kolenbrander is advocaat bij De Clercq Advocaten Notarissen en gespecialiseerd in franchise. Met uitdrukkelijke dank aan zijn collega’s Willem Balfoort, Teun Pouw en Sacha Krekel, die de nodige input voor dit artikel hebben geleverd.
Artikel

Access_open Onverdoofd ritueel slachten getoetst aan het EVRM: het Deense verbod als Europees vraagstuk

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Ritueel slachten, EVRM, godsdienstvrijheid, dierenwelzijn
Auteurs Gerhard van der Schyff
SamenvattingAuteursinformatie

    According to the tenets of Judaism and Islam, animals must be slaughtered without any form of stunning. Stunning is often required to alleviate an animal’s suffering when it is killed. Legislation that requires stunning without exempting ritual slaughter leads to an interference with religious freedom that calls for closer justification. With reference to recent legislation in Denmark, this contribution analyses whether blanket stunning can be said to violate the right to freedom of religion in article 9 of the ECHR.


Gerhard van der Schyff
G. van der Schyff is universitair hoofddocent aan het departement Publiekrecht, Encyclopedie en Rechtsgeschiedenis van de Tilburg Law School. De auteur bedankt mr. R.L. Franken, mr. drs. D.C. Broeren en dr. A.J. Overbeeke.
Artikel

Lang verwacht, stil gezwegen, nooit gedacht, toch gekregen: de definitieve richtlijn betreffende schadevorderingen wegens mededingingsinbreuken

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden kartelschade, inbreuk op mededingingsrecht, aansprakelijkheid, richtlijn betreffende schadevorderingen, schadevergoeding
Auteurs Mr. dr. E.-J. Zippro en Mr. dr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 november 2014 is de Europese richtlijn betreffende schadevorderingen wegens mededingingsinbreuken aangenomen. In deze bijdrage geven de auteurs een overzicht van de richtlijn en wordt de richtlijn vergeleken met het huidige Nederlandse recht, waarbij de auteurs aangeven of het Nederlandse recht naar hun mening dient te worden aangepast om de richtlijn te implementeren.


Mr. dr. E.-J. Zippro
Mr. dr. E.-J. Zippro is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER Advocaten te Amsterdam en tevens als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden.

Mr. dr. R. Meijer
Mr. dr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER Advocaten te Amsterdam en tevens als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Relativiteitsperikelen: Wet wapens en munitie geen schild tegen concrete (vermogens)schade?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden overheidsaansprakelijkheid, relativiteitsbeginsel, schadevergoeding, aansprakelijkheid
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 februari 2015 heeft de Rechtbank Den Haag vonnis gewezen in de procedure die was aangespannen door slachtoffers van het schietincident in Alphen aan den Rijn tegen de politieregio Hollands Midden. De rechtbank oordeelde dat de politieregio in strijd handelde met de Wet wapens en munitie maar niet aansprakelijk is jegens de slachtoffers omdat niet aan het relativiteitsvereiste is voldaan. In deze bijdrage wordt het vonnis van de rechtbank besproken en worden er enkele kanttekeningen geplaatst bij het (relativiteits)oordeel van de rechtbank.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER Advocaten te Amsterdam en universitair docent bij het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Reageren op problematisch wetenschappelijk gedrag voorbij de moralisering: een ander wetenschapsbeleid is mogelijk!

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Science studies, Scientific fraud, Science policy, Knowledge economy, Regulation of sciences
Auteurs Prof. dr. Serge Gutwirth en prof. dr. Jenneke Christiaens
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors focus upon the measures taken as a reaction against scientific fraud against the background of the contemporary science policy that turns the practice of science into a knowledge economy. In the light of the availability but obvious underuse of reactive legal means, they question the recourse to proactive ethical control and regulation of the scientific activities. They contend that such science policy is not so much the expression of a reaction against exceptional cases of scientific fraud, than of an endeavour to discipline and control scientist to the constraints of the knowledge economy. For the authors, however, the latter is the problem to be solved: another science policy is needed.


Prof. dr. Serge Gutwirth
Prof. dr. S. (Serge) Gutwirth is als hoogleraar verbonden aan de Faculteit Recht en Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel (VUB).

prof. dr. Jenneke Christiaens
Prof. dr. J. (Jenneke) Christiaens is hoogleraar aan de Faculteit Recht en Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel (VUB).
Artikel

Non bis in idem in Europa: de zaken Spasic en M.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden non bis in idem, artikel 54 Schengenuitvoeringsovereenkomst, artikel 50 Handvest EU, beperking grondrechten Handvest EU, tenuitvoerleggingsvoorwaarde
Auteurs Mr. dr. W.F. van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    Binnen Schengen en de EU geldt de regel dat iemand die onherroepelijk is berecht niet nog eens mag worden vervolgd of gestraft wegens hetzelfde feit (non bis in idem). Geldt deze bescherming ook wanneer de straf wel definitief is geworden maar nog niet ten uitvoer is gelegd? Artikel 54 van de Schengenuitvoeringsovereenkomst is hierover duidelijk: het stelt tenuitvoerlegging als voorwaarde voor toepassing van de waarborg tegen tweede vervolging of bestraffing. Artikel 50 Handvest stelt deze voorwaarde echter niet. In de zaak Spasic beoordeelt het Hof van Justitie – voor het eerst – de verhouding tussen beide non bis in idem-bepalingen.
    In de zaak M. is de vraag aan de orde of een ‘buitenvervolgingstelling’ een tweede vervolging in een andere lidstaat belet. Het betreft een strafrechtelijke beslissing die nationaal een minder sterke non bis in idem-werking heeft dan een onherroepelijk eindvonnis. Deze bijdrage laat aan de hand van beide zaken zien hoe het Hof van Justitie de balans probeert te houden tussen vrijheid, veiligheid en recht enerzijds en het voorkomen en bestrijden van criminaliteit anderzijds.
    HvJ 27 mei 2014 (GK), zaak C-129/14 PPU, Spasic, prejudiciële spoedprocedure op verzoek Oberlandesgericht Nürnberg (Duitsland), ECLI:EU:C:2014:586, n.n.g. en HvJ 5 juni 2014, zaak C-398/12, M., prejudiciële procedure op verzoek Tribunale di Fermo (Italië), ECLI:EU:C:2014:1057, n.n.g.


Mr. dr. W.F. van Hattum
Mr. dr. W.F. (Wiene) van Hattum is als universitair docent straf- en strafprocesrecht verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.