Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 596 artikelen

x

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.
Artikel

Access_open Zes jaar later: met z’n allen verstrikt geraakt in het stelsel?!

Actuele ontwikkelingen op het gebied van de Jeugdwet en jeugdbescherming

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Jeugdwet, Stelsel, Corona, Klacht- en tuchtrecht, kinderbeschermingsmaatregelen
Auteurs Mr. E. Lam en Mr. I.J.M. Schepens
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel borduurt voort op de in 2014 en 2017 verschenen overzichtsartikelen over de twee belangrijke wetswijzigingen op het gebied van de jeugdbescherming en de jeugdzorg: de herziening van de kinderbeschermingsmaatregelen en de jeugdwet . De bedoeling van dit artikel is om een overall beeld te schetsen: een beeld dat duidelijk maakt hoe complex de ondersteuning aan kinderen en gezinnen is georganiseerd waarbij het recht op bescherming van de kinderen door de overheid ernstig onder druk staat. In het eerste deel van dit artikel wordt stilgestaan bij actuele ontwikkelingen stelselbreed. Vervolgens wordt stilgestaan bij de praktijk van de kinderbeschermingsmaatregelen. Achtereenvolgens komen aan de orde de evaluatie herziening kinderbeschermingsmaatregelen, het aantal kinderbeschermingsmaatregelen, de krapte bij de Gecertificeerde Instellingen (hierna: GI): wachtlijsten en de rechtspraak, corona en de invloed op jeugdbescherming, Perspectiefbesluit, Machtiging uithuisplaatsing en reikwijdte, Vaststelling omgangsregeling en Ineffectieve OTS. In het laatste deel van het artikel staan de bevindingen betreffende de Jeugdwet centraal. Daarbij wordt aandacht besteed aan onder meer de zogenaamde ‘drangtrajecten’, het woonplaatsbeginsel, de informatieplicht jegens de gezinsvoogd en het klacht- en tuchtrecht.


Mr. E. Lam
Mr. E. Lam is werkzaam bij &jeugd. &jeugd richt zich op juridische ondersteuning van organisaties en (jeugd)professionals. Zij maakt deel uit van de redactie van dit tijdschrift.

Mr. I.J.M. Schepens
Mr. I.J.M. Schepens is werkzaam bij &jeugd. &jeugd richt zich op juridische ondersteuning van organisaties en (jeugd)professionals. Zij maakt deel uit van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Antecedentenscreening in de financiële sector

Een empirische blik op integriteitswaarborging door de uitwisseling en beoordeling van antecedenten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden integriteitstoetsing, screening, antecedenten, gegevensdeling, financiële sector
Auteurs Dr. mr. E.G. van ’t Zand, Prof. mr. dr. P.M. Schuyt en Prof. mr. J.H. Crijns
SamenvattingAuteursinformatie

    In de financiële sector vinden steeds meer integriteitstoetsingen en -screenings plaats. Het beoordelen van integriteit draait niet alleen om strafrechtelijke antecedenten, maar ook om toezichtantecedenten, (fiscaal) bestuursrechtelijke antecedenten, financiële antecedenten en tuchtrechtelijke antecedenten. Juridisch-empirisch onderzoek laat zien dat de financiële sector zich kenmerkt door een bont geschakeerd palet aan instanties die integriteitseisen stellen, het gedrag van professionals en ondernemingen toetsen en daarvoor onderling gegevens over antecedenten delen. Aangezien het totale integriteitsinstrumentarium veel overlap kent, is meer duidelijkheid over hoe lang, op welke wijze en in welke contexten antecedenten kunnen doorwerken onontbeerlijk. Daarbij lijkt het aangewezen meer oog te hebben voor de consistentie en systematiek in het totale systeem van integriteitstoetsingen en -screenings.


Dr. mr. E.G. van ’t Zand
Dr. mr. E.G. van ’t Zand is universitair docent criminologie.

Prof. mr. dr. P.M. Schuyt
Prof. mr. dr. P.M. Schuyt is hoogleraar sanctierecht en straftoemeting.

Prof. mr. J.H. Crijns
Prof. mr. J.H. Crijns is hoogleraar straf- en strafprocesrecht.
Artikel

Werken aan perspectief

De begeleiding van SVG-cliënten naar een structurele dagbesteding

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Trefwoorden structural daytime activities, Probation Service for addicted offenders, Subgroups, heterogeneity
Auteurs Yentl Keijser MSc en Dr. Victor van der Geest
SamenvattingAuteursinformatie

    This study investigates daytime activities in clients at the Dutch Probation Service for addicted offenders (SVG). The article describes daytime activities, including work, based on official registrations of 9717 clients and an additional selection of client file study for 50 clients. The majority of the population does not have structural daytime activities, and within this group, substance use problems are slightly more prevalent. This study identifies four subgroups of clients without daytime activities: job seekers, work-incapacitated clients, motivated unemployed clients, and unmotivated unemployed clients. There is some heterogeneity between subgroups in terms of different background problems.


Yentl Keijser MSc
Yentl Keijser MSc is afgestudeerd criminoloog.

Dr. Victor van der Geest
Dr. Victor van der Geest is universitair docent/onderzoeker aan de Vrije Universiteit.
Actualiteiten rechtspraak

NTS 2021/52

HR 30 maart 2021, 19/01538, ECLI:NL:HR:2021:418

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 3 2021
Artikel

Open heimelijke netwerken in de Nederlandstalige georganiseerde synthetische-drugscriminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2021
Trefwoorden synthetic drugs, poly-drug trafficking, organized crime, encrypted communication data, social network analysis
Auteurs Irma Vermeulen, Melvin Soudijn en Wouter van der Leest
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years, the authorities have dismantled several encrypted phone providers. These providers stored millions of messages about covert activities that were overtly exchanged between criminals. This type of communication offers a unique insight into serious organized crime and the people involved. Based on one such intercepted encrypted phone network, called PGP-Safe, we carried out a social network analysis on the Dutch-speaking synthetic drug market. Three findings stand out. Firstly, three-quarters of all accounts (N=4,158) are interconnected in a giant component, resulting in a criminal small-world effect. Secondly, the network appears to be robust. As a consequence, the removal of central accounts will hardly have any impact on the network as a whole. Thirdly, the majority of the accounts within the synthetic drug market is involved in poly-drug trafficking. The Dutch synthetic drug market is much more closely intertwined with other drug markets than is commonly known.


Irma Vermeulen
Drs. I.J. Vermeulen MSc is onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Dienst Landelijke Informatieorganisatie van de Landelijke Eenheid van de politie.

Melvin Soudijn
Dr. M.R.J. Soudijn is senior onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Dienst Landelijke Informatieorganisatie van de Landelijke Eenheid van de politie.

Wouter van der Leest
Drs. W.P.E. van der Leest is onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Dienst Landelijke Informatieorganisatie van de Landelijke Eenheid van de politie.
Artikel

Een goudmijn vol tips

Het gebruik van genealogische DNA-‍databanken bij opsporing en identificatie

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2021
Trefwoorden genealogical DNA databases, criminal investigation, Sweden, the Lisa project, Golden State Killer
Auteurs Lex Meulenbroek en Diederik Aben
SamenvattingAuteursinformatie

    The success of investigative genetic genealogy (IGG) in the US hasn’t gone unnoticed in Europe. After US police announced worldwide that the Golden State Killer had been identified with the application of IGG, the Swedish police and judiciary applied the same method to solve a double murder that had remained unsolved for sixteen years. How did this method come about? A young woman unfamiliar with her real name, age, parents, and origins came up with the idea that private genealogical DNA databases that allow customers to trace their distant relatives could also be used to discover her identity. Since then, in the US many cold cases have been solved with the help of these databases and also the identity of many unidentified human remains has been traced. Questions concerning this new method of investigation arise, to which the beginning of an answer is given here. What does the method entail? Is it allowed to use this method in the Netherlands as well?


Lex Meulenbroek
Drs. A.J. Meulenbroek is als forensisch deskundige humane biologische sporen en DNA-onderzoek verbonden aan het Nederlands Forensisch Instituut (NFI).

Diederik Aben
Mr. D.J.C. Aben is advocaat-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Het nieuwe activisme? Een kwalitatieve studie naar strategieën en betekenisgeving binnen de Nederlandse tak van Anonymous for the Voiceless

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2021
Trefwoorden green-cultural criminology, animal activism, impression management, new activism
Auteurs Anantha Thelen en Fiore Geelhoed
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the ways in which animal activists that are affiliated with the Dutch branch of Anonymous for the Voiceless – a rapidly growing animal rights organization – shape their movement and actions in the context of the Anthropocene. Drawing on qualitative data, the results show that there are tensions between the way in which the organization presents itself to its audiences and the internal dynamics within the movement. In their frontstage performance, they highlight the open and non-coercive nature of their movement, which they describe as new activism. However, this performance contrasts with the abolitionist vision and internal dynamics within the movement, which is characterized by a clear hierarchy, strict rules for a vegan lifestyle and far-reaching consequences when not complying with those rules.


Anantha Thelen
Anantha Thelen, MSc, is junior-onderzoeker binnen de sectie Criminologie, Erasmus Universiteit Rotterdam. thelen@law.eur.nl

Fiore Geelhoed
Dr. mr. Fiore Geelhoed is universitair docent binnen de sectie Criminologie, Erasmus Universiteit Rotterdam en redactielid van Tijdschrift over Cultuur en Criminaliteit. geelhoed@law.eur.nl
Artikel

Mensenhandel en mensensmokkel op Curaçao: een crime-scriptanalyse

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2021
Trefwoorden exploitation, crime scripting, situational crime prevention, Caribbean, Latin America
Auteurs Zahyanne Luisa
SamenvattingAuteursinformatie

    This article contains the results of a crime script analysis regarding the processes of human trafficking and human smuggling in Curaçao. The crime script analysis was conducted using data from five criminal investigations of human trafficking and seven criminal investigations of human smuggling. The results show that human trafficking in Curaçao consists of labor exploitation and sexual exploitation in bars, cafes and clubs. Young women are recruited from Colombia, Venezuela and the Dominican Republic to work as waitresses, trago girls and/or prostitutes. Once they arrive on the island, the women are dependent on the perpetrators and are subjected to exploitation In this research, two types of human smuggling have been witnessed. The first type consists of Venezuelan smugglers who transport fellow Venezuelan nationals to Curaçao by boat in exchange for payment. The second type of smugglers are Curaçao locals who rent out rooms to Venezuelans that reside on the island illegally.


Zahyanne Luisa
Z.C.R. Luisa MSc, LLM is momenteel werkzaam bij het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Typische afspraken uit relationship agreements inhoudelijk getoetst

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden bestuursautonomie, governance, grootaandeelhouder, beursvennootschap, doorwerking
Auteurs Mr. B. Baaijens
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur toetst typische afspraken uit relationship agreements tussen Nederlandse beursvennootschappen en hun grootaandeelhouders aan klassieke governanceleerstukken. Vervolgens wordt onderzocht of deze afspraken vennootschapsrechtelijk kunnen doorwerken. De belangrijkste conclusie is dat grootaandeelhouders via relationship agreements vergaande invloed verkrijgen binnen beursvennootschappen, gebaseerd op afspraken die geregeld grenzen van dwingend vennootschapsrecht overschrijden.


Mr. B. Baaijens
Mr. B. Baaijens is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Kroniek rechtspraak

Kroniek wetgeving gezondheidsrecht 2018-2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden wetswijziging, regelgeving, gezondheidszorg, wetsvoorstel, overzicht
Auteurs Mr. W.F. van der Wel en mr. M.E. Jannink
SamenvattingAuteursinformatie

    De Kroniek geeft een overzicht van ontwikkelingen in de Nederlandse wetgeving relevant voor de gezondheidszorg in de periode 1 juli 2018-31 december 2020. Een bijzondere periode vanwege de coronapandemie. Onder andere wetgeving die ‘on hold’ staat, aandacht voor preventie en mogelijk een opmars voor ingrijpendere wijzigingen in het zorgstelsel.


Mr. W.F. van der Wel
Willemijn van der Wel is juridisch adviseur bij het OLVG te Amsterdam.

mr. M.E. Jannink
Marlou Jannink is advocaat bij AKD te Amsterdam.

Artikel

Access_open Het nieuwe Wetboek van Strafvordering. Hoe verder?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Modernisering Wetboek van Strafvordering, Politiek en strafrecht, Beleid, Wetgeving, Tweede Kamerverkiezingen
Auteurs Prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest
SamenvattingAuteursinformatie

    Het nieuwe Wetboek van Strafvordering bevindt zich in een kritische tussenfase. Er is geld nodig om een volgende stap te kunnen zetten. Het volgende kabinet zal hierover moeten beslissen. Deze bijdrage kijkt naar nut en noodzaak van het nieuwe Wetboek van Strafvordering. Als daar positief over wordt geoordeeld, is een minstens even belangrijke vraag voor het komende kabinet hoe het traject op een kansrijke wijze zou kunnen worden voortgezet.


Prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest
Pieter Verrest is hoogleraar straf(proces)recht, in het bijzonder Europees en internationaal strafrecht, Erasmus School of Law. Van 2018 tot medio 2020 was hij programmadirecteur modernisering Wetboek van Strafvordering bij de Directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Hij is tevens redacteur van Boom Strafblad.
Artikel

Het contact tussen gedetineerden en interne en externe re-integratieprofessionals in Nederlandse penitentiaire inrichtingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden contact, professionals, gevangenis, re-integratie, casemanagement
Auteurs Amanda Pasma, Esther van Ginneken, Anouk Bosma e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Prisoners often encounter multiple barriers when returning to society, resulting in higher risks of recidivism. To overcome these barriers, prison-based and community-based professionals assist with preparation for release. Prison-based professionals, such as the case manager and mentor, screen and monitor the problems regarding work and income, housing, healthcare, financial debts and valid identification. Community-based professionals, such as municipal officials, parole officers, healthcare professionals and volunteers, can provide additional and specialized help. First, this research discusses the current policy of the Dutch Custodial Institutions Agency (DJI) and the role of different types of professionals. Second, it presents a nationwide picture of the extent to which prisoners report contact with prison-based and community-based professionals, and to what degree prisoners appreciate this contact. The results are specified for various types of regimes and time served and are based on 4308 prisoner surveys of the Dutch Prison Visitation Study (DPVS), part of the Life in Custody Study (LIC-study). It turns out that most prisoners seem to be in close contact with prison-based professionals and that prisoners positively value this contact. However, contact with community-based professionals is limited and prisoners are somewhat dissatisfied about their contact with parole officers and municipal officials. Furthermore, the amount of contact differs across various types of regimes and time served. In particular, individuals who recently entered prison report less contact. To conclude, policy implications will be discussed.


Amanda Pasma
Amanda J. Pasma is PhD-student aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Esther van Ginneken
Esther van Ginneken is Universitair Docent Criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Anouk Bosma
Anouk Bosma was ten tijde van het onderzoek Universitair Docent Criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Hanneke Palmen
Hanneke Palmen is Universitair hoofddocent Criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Paul Nieuwbeerta
Paul Nieuwbeerta is Hoogleraar Criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid.
PS van een redacteur

Overpeinzingen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1-2 2021
Auteurs Mr. Ad de Beer
Auteursinformatie

Mr. Ad de Beer
Mr. Ad de Beer is jeugdofficier van justitie te Rotterdam en redacteur van PROCES.
Artikel

Access_open Online tussenhandelaren: transparantie en eerlijkheid als geboden

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Onlinetussenhandelsdiensten, E-commerce, Algemene voorwaarden, Transparantie, Opzegging
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds 12 juli 2020 geldt EU-Verordening 2019/1150 over onlinetussenhandelsdiensten. Deze Verordening brengt nogal wat wijzigingen voor het gebruik en de omgang met contracten mee voor onlinetussenhandelsdienstverleners en hun klanten. Deze wijzigingen wijken met name op het gebied van de opzegging van overeenkomsten en de inhoud en omgang met algemene voorwaarden op wezenlijke punten af van het Burgerlijk Wetboek. De verschillen met bestaande regelingen in het BW worden besproken, alsook de gevolgen die dat voor het BW zou mogen hebben.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij facily LAW advocatuur in Aalsmeer en adviseur bij La Gro Geelkerken Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Access_open Op de kast en weer terug, maar niet in de la

Raad van State en kabinet over de keuze tussen de twee bestraffende stelsels in het publiekrechtelijke sanctierecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden advies Raad van State, bestuurlijke boete, verhouding strafrecht-bestuursrecht, rechtsbescherming
Auteurs Mr. dr. A.R. Hartmann en Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    Meer dan vijf jaar geleden verscheen het kritische advies van de Afdeling advisering van de Raad van State over de rechtsbescherming bij bestuurlijke boetes. In deze bijdrage wordt allereerst in grote lijnen de ontwikkeling van boetebevoegdheden en wetgeving geschetst. Vervolgens wordt het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State besproken Ten slotte wordt een aantal wetswijzigingen besproken die naar het oordeel van de auteurs noodzakelijk zijn.


Mr. dr. A.R. Hartmann
Mr. dr. A.R. Hartmann is senior raadsheer bij de sector Strafrecht in het gerechtshof ’s-Hertogenbosch en voormalig bijzonder hoogleraar Bestuursstrafrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen
Mr. dr. O.J.D.M.L. Jansen is advocaat bestuursrecht bij van Ardenne & Crince le Roy Advocaten, voormalig bijzonder hoogleraar Europees bestuursrecht en openbaar bestuur aan de Universiteit Maastricht, guest senior lecturer Comparative and Global Administrative Law aan de Tilburg University en international visiting scholar aan de American University, Washington D.C. College of Law (AUWCL).
Peer-reviewed artikel

Regelnaleving in de Nederlandse veehouderij

Misstanden, verklaringen en implicaties voor toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden compliance, veehouderij, neutralisaties, normen, responsive regulation
Auteurs Fiore Geelhoed, Sophie Benerink en Martine Ceton
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse veehouderij staat volop in de aandacht door kwesties als mestfraude, dierenwelzijnskwesties en stikstofnormen. Dit roept vragen op omtrent regelnaleving onder Nederlandse veehouders, zoals welke regels zij al dan niet naleven en welke verklaringen hiervoor te geven zijn. Om deze vraag te beantwoorden is gebruikgemaakt van de data die zijn verzameld in het kader van drie casestudies naar regelnaleving onder varkenshouders, pluimveehouders en de betrokkenheid daarbij van dierenartsen. Deze studies laten zien dat de betrokken veehouders over het geheel genomen allemaal wel eens regels overtreden. Neutralisaties, strain en persoonlijke en sociale normen spelen daarbij een rol. De inzichten die deze studies opleveren, bieden diverse aanknopingspunten voor het versterken van toezicht.


Fiore Geelhoed
Dr. mr. F. Geelhoed werkt als universitair docent bij de Sectie Criminologie, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Sophie Benerink
S.A.M. Benerink, MSc, is medewerker integriteitsbeoordeling bij de Kansspelautoriteit.

Martine Ceton
M.N. Ceton, MSc, is werkzaam als promovendus aan de VU, faculteit Klinische, neuro- en ontwikkelingspsychologie.
Artikel

Access_open Het opzettelijk in ernstige mate schenden van de verkeersregels

Artikel 5a WVW als effectief wapen tegen de wegpiraat?

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden gevaarlijk rijgedrag, rechtsvergelijking, roekeloosheid, te duchten gevaar, wegpiraat
Auteurs Mr. R. (Rob) ter Haar en Mr. dr. M.J. (Mark) Hornman
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 5a WVW vult het ‘strafgat’ tussen de artikelen 5 en 6 WVW voor die gevallen waarin ernstig verkeersgevaarlijk gedrag zonder noemenswaardige gevolgen blijft.
    Dit artikel geeft nadere (lees: een meer ruimhartige) invulling aan het begrip roekeloosheid. In deze bijdrage wordt, mede aan de hand van de eerste verschenen jurisprudentie, ingegaan op het voor artikel 5a WVW benodigde ‘in ernstige mate schenden van de verkeersregels’, het opzetvereiste en het ‘te duchten gevaar’.
    Voorts wordt bekeken in hoeverre het ‘onder invloed zijn’ daarop van invloed is en wat de betekenis van deze wetswijziging is voor de invulling van het (omstreden) begrip roekeloosheid.


Mr. R. (Rob) ter Haar
Mr. R. ter Haar is docent strafrecht aan de Universiteit Utrecht en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Overijsel.

Mr. dr. M.J. (Mark) Hornman
Mr. dr. M.J. Hornman is werkzaam bij de Belastingdienst.
Toont 1 - 20 van 596 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 29 30
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.