Zoekresultaat: 40 artikelen

x
Jaar 2016 x
Praktijk

De wereld van de wetenschapper en de wereld van de praktijk

Utilitaire overpeinzingen en een onderzoek naar regelovertreding door politieambtenaren

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Auteurs drs. Robin Christiaan van Halderen
Auteursinformatie

drs. Robin Christiaan van Halderen
Drs. Robin van Halderen is onderzoeker bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool en buitenpromovendus bij de faculteit Cultuur- en Rechtswetenschappen van de Open Universiteit.
Artikel

Effecten van een training cognitieve vaardigheden voor justitiabelen onderzocht

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Cognitieve vaardigheden, Justitiële gedragsinterventie, Volwassen daders, Effectonderzoek
Auteurs Suzan Verweij MSc LLM, dr. Wendy Buysse en dr. Bouke Wartna
SamenvattingAuteursinformatie

    One of the most widely implemented behavioral programs for adult offenders in the Netherlands is a cognitive skills training called CoVa. The training is an adapted version of the Enhanced Thinking Skills program (ETS). This paper reports on the findings of several impact studies on the effectiveness of CoVa and ETS. Special attention is paid to a recent study on the measured change in cognitive skills before and after the training and a recent comparative recidivism study. The majority of studies on CoVa and ETS show positive indications of the effectiveness of the training programs. In the Netherlands the effect sizes are small, but some English studies on ETS reveal large effects. The paper discusses possible explanations for this outcome and examines the relevance of the research findings for the present version of the CoVa-training.


Suzan Verweij MSc LLM
Suzan Verweij MSc LLM is wetenschappelijk medewerker bij de Recidivemonitor van het WODC.

dr. Wendy Buysse
Dr. Wendy Buysse is senior onderzoeker bij DSP-groep in Amsterdam.

dr. Bouke Wartna
Dr. Bouke Wartna is senior wetenschappelijk medewerker en programmaleider bij de Recidivemonitor van het WODC.
Artikel

Rechercheren een vorm van street-level bureaucracy?

Een verkenning van de opsporingspraktijk naar georganiseerde misdaad

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Street-level bureaucracy, Recherche, Georganiseerde misdaad
Auteurs Dr. Melvin Soudijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Academic researchers in the Netherlands working on organized crime often make use of police files. This produces a lot of knowledge and helps building and testing theories about organized crime. However, it is also known that police files have their limitations. This article uses the concept of ‘street-level bureaucracy’ to explain some of these limitations. For instance, routines and biases can influence the way an investigation is conducted, i.e. avoiding or not following up certain lines of enquiry. Researchers who make use of case file analysis should therefore keep in mind the extent to which an investigation team functioned as a street-level bureaucracy.


Dr. Melvin Soudijn
Dr. Melvin R.J. Soudijn is senior onderzoeker bij de Landelijke Eenheid, Dienst Landelijke Informatievoorziening.
Artikel

Access_open De rol van religie in orgaandonatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Orgaandonatie, Religie, Donorregister, sociaal kapitaal
Auteurs Prof. dr. Hans Schmeets en Drs. Floris Peters
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyzes the relationship between religiosity and organ donation, using unique Dutch register- and survey data of almost 400.000 individuals. One in four of the Dutch population ages 12 years and above is registered as an organ donor. Non-religious individuals are more likely to give permission for the transplantation of their organs than the religious. In particular, there are few organ donors among individuals who very frequently attend religious services. Furthermore, there are differences between religious denominations. Roman-Catholics are more often registered as an organ donor than Protestants, in particular among older generations. The proportion of organ donors is lowest among Muslims.


Prof. dr. Hans Schmeets
Prof. dr. J.J.G. Schmeets is programmamanager bij het CBS en bijzonder hoogleraar Sociale statistiek aan de Universiteit Maastricht. Hij geeft leiding aan de onderzoeksthema’s sociale cohesie, welzijn, belevingen van burgers, politiek, religie, ICT en veiligheid. Tevens beoordeelt hij verkiezingen voor de OVSE.

Drs. Floris Peters
Drs. F. Peters is promovendus aan de Universiteit Maastricht en parttime onderzoeker bij het CBS. Zijn onderzoek heeft betrekking op motieven voor naturalisatie en op de relatie tussen naturalisatie en integratie van migranten. Tevens doet hij onderzoek naar orgaandonatie in Nederland.
Artikel

De rol van sociale media bij rampen en (mini)crises

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Sociale media, Crises, Crisiscommunicatie, geruchten
Auteurs Menno van Duin, Vina Wijkhuijs en Jan Eberg
SamenvattingAuteursinformatie

    Professionals dealing with crises are more or less forced to a next level of crisis communication and crisis management. This is because of the influence of social media. Messages on Twitter, Facebook and other social media can have a significant impact on the course of developments during a crisis. Sometimes in a positive way, when help is mobilized quickly and people can be informed almost instantly. On other occasions the impact is more negative, when for instance rumors lead to false accusations or threats. In the past several years, crisis management authorities have built up more experience with the use and application of social media and monitoring tools. There are still cases where officials and professionals are taken by surprise because of the shift stream of messages and their impact on public opinion and crisis control. But also lessons have been learned, e.g. in terms of online and offline reactions, cooperation with the public, and rumor control.
    This article gives an overview of research results in literature and summarizes the outcomes of a case study research project.


Menno van Duin
Menno van Duin is lector crisisbeheersing (IFV).

Vina Wijkhuijs
Vina Wijkhuijs is senior onderzoeker Lectoraat Crisisbeheersing (IFV).

Jan Eberg
Jan Eberg is hoofddocent en onderzoeker integrale veiligheid (HU).
Artikel

De discretionaire ruimte bij het gebruik van geweld: hoe kleiner, hoe beter?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2016
Trefwoorden discretionary space, use of force, Training, Survey, hypothetical cases
Auteurs Jannie Noppe
SamenvattingAuteursinformatie

    First line police officers need a certain amount of discretion as they have to deal with various and complex situations on a daily basis. In this article the author examines the extent to which police officers have room for discretion in their use of force. We start from Mastrofski’s proposition that in case of decisions to use deadly force (use of firearm) police officers’ discretionary space must be restricted as much as possible. In case of less intrusive use of force, police officers may have more room for discretion. We used data from a small survey in three local police forces in Belgium to examine whether police officers have similar opinions on the decision to use their firearm – in comparison with the decision to use lower levels of force (non-firearm/non-lethal). Furthermore, we compare police officers who are highly trained in the use of force, with less trained police officers. Our results indicate that police officers are indeed more univocal when it comes to decisions to use their firearm, especially in case of more trained police officers.


Jannie Noppe
J. Noppe is doctoraatstudente bij de onderzoeksgroep IRCP, Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht, Universiteit Gent.
Artikel

Street-level bureaucrats in de justitiële jeugdinrichting?

Hoe groepsleiders hun discretionaire ruimte benutten

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2016
Trefwoorden street-level bureaucracy, juvenile correctional facility, group workers, discretion
Auteurs Dr. Marie-José Geenen, Prof. dr. Emile Kolthoff, Drs. Robin Christiaan van Halderen e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Although group workers in juvenile correctional facilities (JCFs) are restricted in their actions by many rules and regulations, they still have the opportunity for tailor-made actions. Based on Lipsky’s (2010) theory of ‘street-level bureaucracy’ this article explains what this discretion means for group workers in JCFs and how they deal with it. Based on 24 interviews with group workers, this article outlines how they exercise discretion in a context where group dynamics and dealing with emotions affect their actions to an important degree. In addition, this article describes how group workers deal with dilemmas they encounter.


Dr. Marie-José Geenen
Dr. M.-J. Geenen is docent en supervisor bij het Instituut voor Social Work en onderzoeker bij het lectoraat Werken in Justitieel Kader van de Hogeschool Utrecht.

Prof. dr. Emile Kolthoff
Prof. dr. E.W. Kolthoff is hoogleraar criminologie aan de Open Universiteit en lector Veiligheid, openbare orde en recht bij Avans Hogeschool in Den Bosch.

Drs. Robin Christiaan van Halderen
Drs. R.C. van Halderen is onderzoeker bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool in Den Bosch.

Drs. Jeanet de Jong
Drs. J. de Jong is docent bij de Academie Sociale Studies in Breda en onderzoeker bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool in Den Bosch.
Artikel

Herstelrecht bij partnergeweld

Resultaten van een Europees onderzoek

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2016
Auteurs Annemieke Wolthuis en Katinka Lünnemann
SamenvattingAuteursinformatie

    Restorative Justice is not evident in cases of intimate partner violence, but it can take and does take place under certain conditions. Wolthuis and Lünnemann explain about the European research they coordinated in six European countries (Austria, Denmark, Finland, Greece, the Netherlands and the UK) on context and practicalities of the use of victim-offender mediation in such complex cases. Cases dealing with violence of mainly men against women and where power imbalances often play a role. That means that mediators, referrers and others involved should know about this complexity and the needs of participants. Austria and Finland turned out to have the most experienced working methods. Their models, good practices and challenges are presented as well as the main outcomes of the research. Interviews and focus groups in the countries gave additional insights. It resulted in a guide with minimum standards addressing the different stages of a mediation process with extra attention for safety and empowerment.


Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is zelfstandig onderzoeker, trainer en mediator. Zij is tevens redactielid van het Tijdschrift voor Herstelrecht.

Katinka Lünnemann
Katinka Lünnemann is als senior-onderzoeker verbonden aan het Verwey-Jonker Instituut.
Artikel

Tussen praat en daad: politiecultuur en politieoptreden

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0203 2016
Trefwoorden police culture, police behavior, Sensemaking, Ethnography
Auteurs Wouter Landman
SamenvattingAuteursinformatie

    In police practice and science, police culture is often seen as having a significant influence on the behavior of police officers. With his article Police (canteen) subculture, Waddington challenged this perspective in 1999. He argued that the expressive talk in the canteen is an area of action that is separated from the behavior on the street. This led to a discussion in the police literature about how to interpret the relation between police culture and police behavior. In this article this discussion is enriched with new empirical research. This research resulted in 22 patterns that police officers use to make sense of their environment in order to act in that environment. A distinction is made in three environments: organization (canteen), street (surveillance) and situation (encounter with citizens). The distinction in different environments for sensemaking helps to re-interpret the relation between police culture and police behavior and shows that police culture and police behavior are related in rather complex ways. Police culture influences the behavior on the streets through the cultural knowledge they share in the canteen, and which they use to make sense of concrete situations in which they have to act. At the same time, the point made by Waddington seems also true. The patterns of interaction between police officers have also a function in affirming their worldview and beliefs, regardless of their behavior on the streets. His perspective is just to one dimensional. A multidimensional view on the relation between police culture and police behavior is preferable if we want to understand the relation between police culture and police behavior.


Wouter Landman
Wouter Landman is onderzoeker bij Twynstra Gudde.
Artikel

Toepassing van rechtssociologisch en rechtspsychologisch onderzoek in de rechtspraktijk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Sociology of law, Legal psychology, Legal practice, Policy, Empirical research
Auteurs Mr. dr. M. Malsch, L. ten Hove MSc en Prof. dr. H. Elffers
SamenvattingAuteursinformatie

    Findings of empirical research may have direct or indirect relevance to legal practice and policy. This article investigates the relevance of findings from both research in sociology of law and legal psychology and law for legal practice and policy. It then discusses an empirical study in the Netherlands among scholars from these two disciplines into actual use in practice of empirical findings. A distinction is made between direct and indirect application of empirical findings. Both a survey and face-to-face interviews have been conducted. Findings suggest that, although the criminal justice system and policymakers do apply empirical knowledge to a certain degree, the actual use of empirical results seems defective.


Mr. dr. M. Malsch
Mr. dr. Marijke Malsch is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Amsterdam.

L. ten Hove MSc
Leonie ten Hove MSc heeft als stagiaire bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Amsterdam meegewerkt aan het in dit artikel beschreven onderzoek.

Prof. dr. H. Elffers
Prof. dr. Henk Elffers is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Amsterdam en emeritus hoogleraar aan de Vrije Universiteit aldaar.
Artikel

Naar een Europees wetboek voor elektronische communicatie

Kroniek Telecommunicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden elektronische communicatie, telecommunicatie, internet, breedbandtoegang, radiospectrum
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek wordt ingegaan op de ontwikkelingen in het Europese telecommunicatiekader in de afgelopen drie jaren. Het bevorderen van connectiviteit was een thema uit de voorstellen voor een ‘Connected Continent’ van Commissaris Kroes in 2013. Opnieuw is toegang tot snelle internetconnectiviteit een belangrijke doelstelling van regulering in het voorstel voor een geheel nieuw Europees wetboek voor elektronische communicatie dat de Europese Commissie in september 2016 publiceerde. Het voorstel betekent een algehele herziening van het Europees telecommunicatiekader dat gevolgen zal hebben voor de Nederlandse Telecommunicatiewet.


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is bijzonder hoogleraar telecommunicatierecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid (afdeling eLaw) van de Universiteit Leiden en advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.
Artikel

De introductie van private partijen in het bouwtoezicht. Waar moeten we om denken?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden privatisering, bouwtoezicht, inperking negatieve effecten, Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Auteurs Mr. A. (Annalies) Outhuijse
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen realiseert de privatisering van het bouwtoezicht. Eerdere ervaringen, in binnen- en buitenland, laten zien dat de privatisering van toezicht gepaard kan gaan met negatieve effecten. Dit artikel bekijkt hoe privaat toezicht in de bouwsector kan worden geïntroduceerd, gelet op de mogelijke negatieve effecten, knelpunten en belangen van de diverse actoren. De auteur besluit met het formuleren van enkele aanbevelingen ter inperking van de mogelijke negatieve effecten.


Mr. A. (Annalies) Outhuijse
Mr. A. Outhuijse verricht sinds 1 oktober 2015 promotieonderzoek naar de geschilbeslechting en besluitvorming door de mededingingsautoriteit aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Jurisprudentie

Eturas: ontvangst ongevraagde online informatie kan leiden tot onderling afgestemd feitelijk gedrag

HvJ EU 21 januari 2016, zaak C-74/14, Eturas UAB e.a./Lietuvos Respublikos konkurencijos taryba, ECLI:EU:C:2016:42

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2016
Trefwoorden onderling afgestemd gedrag, bewijslast, bewijsstandaard, Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie, onschuldpresumptie
Auteurs Winfred Knibbeler
SamenvattingAuteursinformatie

    De uitspraak van het Hof van Justitie in de zaak Eturas vormt een belangrijke bouwsteen in de rechtspraak over onderling afgestemd feitelijk gedrag. Het Hof van Justitie bevestigt dat een online mededeling in een verticale context kan leiden tot een inbreuk op artikel 101 VWEU. Daarvoor is wel nodig dat een mededingingsautoriteit volgens nationale bewijsregels aannemelijk maakt dat de ontvanger van een online bericht op de hoogte was van de inhoud van het bericht. Nationale bewijsregels worden begrensd door het vermoeden van onschuld, dat vervat is in artikel 48 van het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie en het is ook mogelijk zich van de inbreuk te distantiëren door te bewijzen dat de ongevraagde online informatie commercieel is genegeerd.


Winfred Knibbeler
Mr. W. Knibbeler is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP te Amsterdam.
Artikel

Wetenschap en de beroepspraktijk: partners in veiligheidszorg

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2016
Trefwoorden Wetenschappelijk onderzoek, Praktijkgericht onderzoek, Veiligheid, Valorisatie
Auteurs Prof. dr. Emile Kolthoff
SamenvattingAuteursinformatie

    This article discusses the relationship between science and professional practice from the presumption that the two need and reinforce each other. The distinction between theoretical and applied research is rather small and maybe even fictional. This is also true for research in the area of public safety. However, we deal with a very specific area of research here that sometimes requires specific requirements concerning publications and trust.


Prof. dr. Emile Kolthoff
Prof. dr. Emile Kolthoff is lector Veiligheid, Openbare orde en Recht aan de Avans Hogeschool. Hij is fellow bij de onderzoeksgroep Quality of Governance aan de Vrije Universiteit Amsterdam en hoogleraar Criminologie aan de faculteit Rechtswetenschappen van de Open Universiteit.
Jurisprudentie

Access_open Grote schoonmaak ten aanzien van de poetsplicht?

De drie CRvB-uitspraken van 18 mei 2016 over de Wmo 2015

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2016
Auteurs Mr. dr. M.F. Vermaat en Mr. C.W.C.A. Bruggeman
Auteursinformatie

Mr. dr. M.F. Vermaat

Mr. C.W.C.A. Bruggeman
Mr. dr. M.F. (Matthijs) Vermaat is advocaat te Amsterdam en mr. C.W.C.A. (Kees-Willem) Bruggeman zelfstandig adviseur sociaal domein (Brug Consult) en rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Gelderland; beiden zijn docent Wmo aan het opleidingsinstituut voor de rechterlijke macht (SSR).
Artikel

Het meten van effecten van de handhaving door de Belastingdienst

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden effectmeting, handhaving, toezicht, Belastingdienst, compliance
Auteurs Dr. Sjoerd Goslinga, Drs. Maarten Siglé en Prof. dr. mr. Lisette van der Hel
SamenvattingAuteursinformatie

    De maatschappij verwacht in toenemende mate dat toezichthouders de effecten van hun toezicht inzichtelijk maken. Dat geldt ook voor de Belastingdienst. Dit artikel bespreekt de theorie en de praktijk van effectmeting in het fiscale domein en levert zo een bijdrage aan de ontwikkeling van effectmeting van het (overheids)toezicht. Vastgesteld wordt dat in de praktijk een aantal uitdagingen het hoofd moet worden geboden wil de Belastingdienst daadwerkelijk tot een integrale effectmeting van het toezicht komen. Dit zijn: het expliciteren van de beleidstheorie, het vinden van de juiste determinanten van compliance, het meten van effecten van preventieve activiteiten, het opzetten van methodologisch verantwoord onderzoek en de organisatorische inbedding van effectmeting.


Dr. Sjoerd Goslinga
S. Goslinga is werkzaam bij de Belastingdienst en daarnaast als onderzoeker verbonden aan de Universiteit Leiden.

Drs. Maarten Siglé
M.A. Siglé is werkzaam bij de Belastingdienst en is daarnaast als PhD-student en docent verbonden aan de Nyenrode Business Universiteit.

Prof. dr. mr. Lisette van der Hel
E.C.J.M. van der Hel is werkzaam bij de Belastingdienst en daarnaast als hoogleraar effectiviteit van overheidstoezicht verbonden aan de Nyenrode Business Universiteit.
Praktijk

Corporate Governance in Nederland: lange termijn waardecreatie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Corporate Governance Code, cultuur, Lange termijn waardecreatie
Auteurs Prof.mr. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Voorstel voor herziening van de Nederlandse Corporate Governance Code d.d. 11 februari 2016 wordt de nadruk gelegd op de focus op lange termijn waardecreatie van de vennootschap en de aan haar verbonden onderneming. Het huidige richtsnoer: “het creëren van aandeelhouderswaarde op lange termijn” zou dan uit de Code verdwijnen. Het is kennelijk de bedoeling dat de lange termijn waardecreatie ten bate van alle stakeholders geschiedt. Onder het door de Commissie gehanteerde begrip “stakeholders” vallen ook maatschappelijke groeperingen. De auteur beantwoordt de vraag wat het richtsnoer en de reikwijdte van het begrip stakeholders in de nieuwe Code zouden moeten zijn.


Prof.mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen (www.meerkennis.nl) te Hoofddorp.
Praktijk

Uitoefening aandeelhoudersrechten, in de Code en de praktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Corporate Governance Code, aandeelhoudersrechten, herziening, responstijd
Auteurs Mr.dr. A. van der Krans
SamenvattingAuteursinformatie

    Anatoli van der Krans gaat in zijn artikel in op de wijzigingen die de Monitoring Commissie Corporate Governance voorstelt rondom het thema ‘relatie met aandeelhouders’. Dit betreffen achtereenvolgens (i) de aanwezigheid van voorgedragen bestuurders en commissarissen; (ii) de responstijd; (iii) certificering; en (iv) taal. Verder signaleert hij een aantal belangrijke punten die momenteel schuren en bij een meer fundamentele discussie kunnen worden meegenomen. Met name de vrijwel totale scheiding tussen dialoog en het maken van een stembeslissing enerzijds en de formele besluitvorming op de AVA anderzijds bij grote beursvennootschappen is zorgwekkend en onderstreept de noodzaak tot verdere gedachtenvorming over de rol van de AVA


Mr.dr. A. van der Krans
Mr. dr. A. van der Krans is als advocaat bij Corona Legal (Amsterdam) gespecialiseerd in het bijstaan van institutionele beleggers in het uitoefenen van hun aandeelhoudersrechten en het vorderen van beleggingsverliezen via rechtszaken. Hij is tevens redacteur van dit blad.
Praktijk

Herziening van de Corporate Governance Code

Wat heeft de consultatieronde opgeleverd?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Corporate Governance Code, consultatie, herziening
Auteurs Mr. H.J. Vetter
SamenvattingAuteursinformatie

    Meer dan 100 reacties heeft de Monitoring Commissie Governance Code ontvangen naar aanleiding van haar consultatiedocument voor een herziene Code. Uit negen reacties valt op te maken dat de grondhouding van de respondenten positief is, maar dat het voorstel voor de herziening van de Code nog wel verbeteringen behoeft. Belangrijke punten van kritiek betreffen onder meer de lange termijn waardecreatie “voor alle stakeholders”, de maximale zittingstermijn voor commissarissen, de beloning van bestuurders en van leden van de executive-committee, de responstijd, de in control verklaring en de regeling over de certificering. Een verkenning van de belangrijkste punten van kritiek


Mr. H.J. Vetter
Mr. H.J. Vetter is raadsheer in het gerechtshof Den Haag, tevens docent ondernemingsrecht aan de UvA.

    Evenement. Geluid. Beoordelingskader. Inschakeling StAB. Onduldbare hinder. APV. Beleidsregel.

Toont 1 - 20 van 40 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.