Zoekresultaat: 41 artikelen

x
Jaar 2017 x
Praktijk

Kroniek rechtspraak strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2017
Trefwoorden jurisprudentie, strafrecht, strafbare feiten, calamiteit
Auteurs Prof. mr. P.A.M. Mevis en mr. drs. L. Postma
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Kroniek rechtspraak strafrecht staan de belangrijkste ontwikkelingen, in het bijzonder de relevante rechtspraak, vanaf 1 december 2015 tot en met 31 augustus 2017 centraal. Ten eerste wordt ingegaan op strafbare feiten in (en door) het ziekenhuis. Vervolgens komt het medisch beroepsgeheim en vorderen van gegevens aan bod. Voorts wordt ingegaan op fraude in de zorg, artikel 96 Wet BIG en euthanasie en hulp bij zelfdoding, levensbeëindiging van ernstig gehandicapte pasgeborenen en late zwangerschapsonderbreking. Ten slotte worden onder meer zaken besproken die betrekking hebben op een verdachte die als ‘niet-BIG-geregistreerde’ handelingen op het gebied van de individuele gezondheidszorg heeft verricht, een therapeut die tijdens de uitoefening van zijn beroep ontucht heeft gepleegd met een van zijn patiënten en een forensisch arts die schuldig is bevonden aan het plegen van meineed.


Prof. mr. P.A.M. Mevis
Paul Mevis is hoogleraar strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

mr. drs. L. Postma
Liselotte Postma is wetenschappelijk docent strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Vechten op afspraak

Verklaringen voor georganiseerde vormen van groepsgeweld

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2017
Trefwoorden collective, violence, hooliganism, organized confrontations, group dynamics
Auteurs Drs. Tom van Ham
SamenvattingAuteursinformatie

    Collective violence around football has been a topic of research since the 1980s. In the Netherlands, in recent decades the size and severity of this problem have decreased sharply and the number of incidents has stabilized due to measures taken. At the same time, these measures have resulted in an increase of football-related incidents outside stadiums and on other days than match days. Confrontations based upon prior mutual agreements, so-called arranged confrontations, are an example of this. Based on multiple research methods, in this article the underlying causes of arranged confrontations and processes influencing individual participation are addressed. Results show that this type of collective violence and partaking in it has various causes and explanations. These fit with extant research literature in the area of group crime and collective violence and are incorporated in the recently developed initiation-escalation model.


Drs. Tom van Ham
Drs. T. van Ham is onderzoeker bij Bureau Beke en als buitenpromovendus verbonden aan de Universiteit Leiden.
Praktijk

De implementatie van de vierde en vijfde anti-witwasrichtlijn

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Wwft, witwassen, uiteindelijk belanghebbende, politiek prominente personen, vierde anti-witwasrichtlijn
Auteurs Mr. J.M. van Poelgeest
SamenvattingAuteursinformatie

    De vierde anti-witwasrichtlijn is in werking getreden en diende uiterlijk 26 juni 2017 te zijn geïmplementeerd. In verband met de implementatie van de richtlijn wijzigt onder meer de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). In dit artikel worden de belangrijkste wijzigingen besproken als gevolg van de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden en de Implementatiewet vierde anti-witwasrichtlijn. De implementatie heeft een aanzienlijke impact op het beleid van alle instellingen die onder de Wwft vallen. Zo zullen de instellingen hun beleid moeten aanpassen en gebruik moeten gaan maken van het register met uiteindelijk belanghebbenden. De risicogebaseerde benadering komt nog meer naar voren in het cliëntenonderzoek dat door de instellingen moet worden verricht.


Mr. J.M. van Poelgeest
Mr. J.M. van Poelgeest is advocaat bij Trivvy advocatuur.
Artikel

Het special committee naar Amerikaans model bij openbare biedingen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden overname, commissie, toezicht, corporate governance, openbaar bod
Auteurs Mr. P.L. Hezer
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt het special committee vanuit zowel juridisch als praktisch perspectief, mede op basis van empirisch onderzoek. Hierbij wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van het special committee in de VS. Doel is richtsnoeren te geven voor het gebruik van special committees bij openbare biedingen op Nederlandse beursvennootschappen.


Mr. P.L. Hezer
Mr. P.L. Hezer is advocaat bij Houthoff te Amsterdam.

    Melkveehouderij. Regeling inzake hoogte meidoornhaag. Emissieplafond in plaats van dieraantallen.

    Invulling van criterium ‘gevolgen van enige betekenis’.


Mr. P. Huisman
Mr. P. Huisman is advocaat bij Borg advocaten en is werkzaam op het gebied van bestuurs-, straf- en civiel recht.
Artikel

Access_open Op de toekomst voorbereid

Digitale toegankelijkheid onder de loep

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2017
Trefwoorden toegankelijkheid, Europese Unie, VN-verdrag Handicap, Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte, websites
Auteurs Mr. D.C. Houtzager
SamenvattingAuteursinformatie

    Een afspraak voor het ziekenhuis maken, online een maaltijd bestellen, een filmpje op YouTube bekijken? Het kan in toenemende mate alleen nog als je een website of een app kunt gebruiken. Als dat niet lukt, in verband met een visuele of andere beperking, kun je uitgesloten worden van die dienstverlening. Dat is ongewenst en daarom zijn er internationale standaarden voor de toegankelijkheid van websites en apps ontwikkeld. Dienstverleners die deze zogenoemde WCAG-standaarden toepassen, zijn er zeker van dat hun website of app toegankelijk is. De Europese Unie gebruikt de WCAG-normen voor een richtlijn over overheidswebsites. Die moet in 2018 zijn omgezet. Europa werkt aan een andere omvangrijke wet: de Toegankelijkheidsakte. Die bepaalt dat alleen nog apparaten zoals computers, kaartautomaten en telefoons in de EU op de markt mogen worden gebracht die aan toegankelijkheidseisen voldoen. Dat geldt ook voor bankdiensten, de luchtvaart, het spoor en internetdiensten.
    In Nederland zorgt een nieuwe wet ervoor dat overheidsdiensten vanaf 2019 via het web toegankelijk moeten zijn. De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte bepaalt dat diensten door private aanbieders geleidelijk toegankelijk moeten worden gemaakt. De regelgeving lijkt in ieder geval op de toekomst te zijn voorbereid.


Mr. D.C. Houtzager
Mr. D.C. (Dick) Houtzager is collegelid bij het College voor de Rechten van de Mens en hoofdredacteur van Handicap & Recht.
Artikel

Verdachten met een LVB in het politieverhoor

De invloed van verhoormethoden op de inhoud van verklaringen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2017
Trefwoorden interrogation methods and techniques, suspect and witness, (borderline) intellectual disability, false confessions, false statements
Auteurs P.R. Kranendonk MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    The main goal of an interrogation is to elicit truthful information about the involvement of a suspect or witness in a criminal act. Some interrogation methods and techniques are useful for extracting information from otherwise unwilling suspects, but they can also elicit false confessions or statements from innocent (and vulnerable) suspects and witnesses. Multiple studies show that a large proportion of false confessions are made by suspects with an intellectual disability. Intellectual disabilities are often difficult to recognize, because of an individual’s streetwise behavior. This vulnerable group is extremely sensitive to suggestibility, compliance and acquiescence. Some interrogation methods and techniques used by the police can have a severe influence on these features and therefore on the reliability of statements. Given the overrepresentation of people with an intellectual disability in the Dutch criminal justice system, it is of great importance to prevent unwanted risks in the interrogation.


P.R. Kranendonk MSc
Robin Kranendonk MSc doet als promovenda bij de Vrije Universiteit Amsterdam en het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Amsterdam onderzoek naar de knelpunten en risico’s bij het verhoren van verdachten en getuigen met een LVB.

Prof. mr. dr. Erwin Muller
Prof. mr. dr. E.R. Muller is hoogleraar Veiligheid en Recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Criminaliteitsconcentraties en microplaatsen

Een toets van de ‘law of crime concentration at places’

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2017
Trefwoorden law of crime concentration, micro places, crime concentrations, criminology of place
Auteurs Prof. dr. Wim Hardyns, Thom Snaphaan MSc. en Prof. dr. Lieven J.R. Pauwels
SamenvattingAuteursinformatie

    The spatial concentrations of crime are increasingly being studied in smaller units of analysis. This study examines the extent to which crime levels occur at micro places. Weisburd argues there is a law of crime concentration at micro places. His so-called ‘law of crime concentration at places’ states that within an urban context a limited bandwidth of micro places is associated with a specific cumulative proportion of crime (e.g. 25 or 50 percent of crime in a city). In this study the authors investigate Weisburd’s statement in regard to crime concentrations in two large Belgian cities. Official police crime statistics (PCS) for the period 2004-2012 were used. There are several ways to define and operationalize a micro place. Therefore, this study also examines whether the unit of analysis has implications for the concentration of crime at places. Analyses were conducted at two small levels, namely: grid level (using 200 meters by 200 meters grid cells) and the level of the statistical sector (more or less similar to four digit postcode areas or CBS-neighborhoods). This study shows that the concentrations of crime at grid cells are in line with the findings of Weisburd. This trend is consistent in time, for the types of crime as well as for the two cities involved. The concentrations of crime at the level of the statistical sector appear to be less strong and therefore are not in line with the law of crime concentration at places.


Prof. dr. Wim Hardyns
Prof. dr. W. Hardyns is professor aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht van de Universiteit Gent. Als lid van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) bestudeert hij de ruimtelijke context van criminele fenomenen en is hij gespecialiseerd in big data toepassingen in het veiligheidsdomein.

Thom Snaphaan MSc.
J.A.J.M. Snaphaan, Msc behaalde zijn diploma van Master in de Veiligheidswetenschappen aan de Universiteit Antwerpen.

Prof. dr. Lieven J.R. Pauwels
Prof. dr. L.J.R. Pauwels is professor aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht van de Universiteit Gent en co-directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP).
Artikel

Kartels ontsluierd: heimelijkheid, vertrouwen en sociale inbedding

Hoe kartels erin slagen verborgen te blijven

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2017
Trefwoorden social embeddedness of crime, corporate crime, white-collar crime, illegal networks, business cartels
Auteurs Jelle David Jaspers MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article notions from literature on covert and illegal networks are applied to business cartels. Comparable to most criminal networks, cartel participants need to communicate in order to coordinate their activities, whilst under the risk of getting caught. Previous studies however show cartels can remain hidden from outsiders for long periods of time. Based on an analysis of fourteen Dutch cartel cases, this article addresses the question how cartels can remain hidden from outsiders for long periods of time. The analysis shows cartel participants communicate predominantly centralized and frequent. Moreover, the results show that not concealment but social embeddedness provides a strong explanation for the longevity of secrecy regarding cartels.


Jelle David Jaspers MSc
J.D. Jaspers, MSc is promovendus bij de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Schijn van vertegenwoordiging: naar een nadere invulling van het risicobeginsel

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2017
Trefwoorden vertegenwoordiging, risicobeginsel, opgewekte schijn, toedoen, art. 3:61 BW
Auteurs Mr. drs. P.A. Fruytier
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds het arrest ING/Bera kan gerechtvaardigde schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid ook worden gebaseerd op omstandigheden die voor risico van de pseudovertegenwoordigde komen. In dit artikel tracht de auteur mede aan de hand van een drietal recente arresten en de algemene grondslagen voor risicotoerekening een aanzet te geven voor een verdere invulling van dit risicobeginsel.


Mr. drs. P.A. Fruytier
Mr. drs. P.A. Fruytier is (cassatie)advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Nazorg voor ex-gedetineerden door Exodus: maakt het verschil?

Recidiveonderzoek onder ex-gedetineerden die bij Exodus verbleven in de periode 1999-2012

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Recidive (Reoffending), Nazorg (Aftercare), Quasi-experimenteel onderzoek (Quasi-experimental research), Gevangenis (Prison), Exodus
Auteurs Mr. dr. Sigrid van Wingerden, Suzan Verweij MSc, Dr. Bouke Wartna e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Exodus is an organization aimed at assisting prisoners at their transition to society. In the Exodus halfway houses participants receive help in finding a house and a job, in improving relationships with family and friends and in giving meaning to life. This study uses a quasi-experimental design to investigate whether participating in the Exodus program reduces reoffending: the observed reoffending rate is compared to the reoffending rate that was predicted based on characteristics of the participants. The findings show that two years after leaving Exodus, 46.5% of the participants reoffended. This is 4.1 percent point less than the total population of former prisoners and 4.6 percent point less than the predicted reoffending rate.


Mr. dr. Sigrid van Wingerden
Mr. dr. Sigrid van Wingerden is als universitair docent Criminologie verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden. Zij is tevens voorzitter van de redactie van PROCES.

Suzan Verweij MSc
Suzan Verweij MSc is wetenschappelijk medewerker bij het WODC.

Dr. Bouke Wartna
Dr. Bouke Wartna is senior wetenschappelijk medewerker bij het WODC.

Prof. dr. mr. Martin Moerings
Prof. dr. mr. Martin Moerings is emeritus hoogleraar Penologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

    Both in Dutch migration law and criminal law, entry bans, provided for in the Return Directive, play a significant role. The length of an entry ban may exceed five years if the third-country national represents a serious threat to public policy, public security or national security. This article focusses on the definition of ‘serious threat to public policy’ and elaborates on the relevant moment in time in judicial proceedings before the administrative and criminal courts.


Mr. Nanda Ros
Mr. N.J. Ros is stafjurist bij het gerechtshof Amsterdam en is als adviseur voor de Raad voor de rechtspraak betrokken bij het moderniseringstraject van het Wetboek van Strafvordering.

Mr. Jim Waasdorp
Mr. J.R.K.A.M. Waasdorp is ambtenaar van staat bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (thans gedetacheerd bij het directoraat-generaal Bibliotheek, onderzoek en documentatie van het Hof van Justitie van de Europese Unie) en is als onderzoeker verbonden aan de Universiteit Utrecht. Hij is tevens lid van de redactie van Crimmigratie & Recht.
Artikel

Doelverschuiving binnen toezichthoudende organisaties: typologie en optreden

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden doelverschuiving, toezichtdoel, verminderde/contraproductieve effecten
Auteurs Kees Huizinga en Martin De Bree
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit conceptuele artikel wordt doelverschuiving binnen toezichthoudende organisaties verkend. Onderscheid wordt gemaakt in drie types doelverschuiving, te weten doelverplaatsing, doelversmalling en doelverbreding. Indicaties voor het optreden van elk van deze types binnen toezichthoudende organisaties worden beschreven. Geconcludeerd wordt dat doelverschuiving de doeltreffendheid van toezicht ongemerkt aanzienlijk negatief kan beïnvloeden.


Kees Huizinga
Drs. K. Huizinga is buitenpromovendus Erasmus Universiteit Rotterdam en Senior adviseur Rijkswaterstaat.

Martin De Bree
Dr. Ing. M.A. de Bree MBA is post-doctorate researcher Rotterdam School of Management/ Erasmus Institute of Business/Regulation Management.
Jurisprudentie

Notenkraker bij Rb. Rotterdam 1 juni 2017 (ECLI:NL:RBROT:2017:4116) (territorialiteitsbeginsel in het toezicht)

Rb. Rotterdam: AFM mag inlichtingen vorderen van en een last onder dwangsom opleggen aan (rechts)personen die zich buiten Nederlands grondgebied bevinden

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden territorialiteitsbeginsel, Autoriteit Financiële Markten, grensoverschrijdende inlichtingenvordering, extraterritoriale werking bevoegdheid, last onder dwangsom
Auteurs Saskia Nuijten
Auteursinformatie

Saskia Nuijten
Mr. S.M.C. Nuijten is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.

    De studie beoogt aan de hand van 87 dossiers van gezag- en omgangsonderzoeken door de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) meer inzicht te krijgen in situaties waarin de ene ouder de andere ouder in het kader van een (echt)scheiding beschuldigt van seksueel misbruik van kinderen. De dossiers zijn gekoppeld aan bijbehorende civielrechtelijke beschikkingen en het Justitiële Documentatiesysteem. Hierdoor is de problematiek van verschillende kanten belicht. Uit het onderzoek blijkt dat het over het algemeen complexe zaken zijn, waarin naast de BSKM nog meer problemen zijn binnen de gezinnen. De aard van het vermeende seksueel misbruik is ernstig, en de kinderen gemiddeld jong. Regelmatig is de beschuldiging geuit bij politie en hulpverlening vóór de rechtszaak en het raadsonderzoek. De rechtszaken betreffen over het algemeen procedures omtrent gezag, verdeling van zorg- en opvoedingstaken en omgang. Vrijwel nooit is vast te stellen of het seksueel kindermisbruik heeft plaatsgevonden. Slechts drie ouders zijn veroordeeld voor het misbruik. Eén vader is vrijgesproken, twee vaders zijn niet nader vervolgd omdat zij ten onrechte als verdachte waren aangemerkt. Civiele rechters die beslissingen moeten nemen over de kinderen staan voor een dubbel dilemma: het al dan niet serieus nemen van de beschuldiging kan schadelijke gevolgen hebben voor kinderen, en daarnaast kan, vanwege de onzekerheid over de gegrondheid, een beslissing tot nader onderzoek ook schadelijk zijn omdat dit het proces verlengt. De RvdK adviseert de rechtbank regelmatig om definitieve beslissingen omtrent de kinderen aan te houden, in afwachting van bijvoorbeeld hulpverlening of een ondertoezichtstelling. Het is echter doorgaans niet de waarschijnlijkheid van het SKM, maar de gevolgen van de beschuldiging zelf waar de RvdK zijn zorgen regelmatig over uit. Hierdoor lijkt het dat de beschuldiging, en niet het potentiële misbruik, een katalysator is voor onwenselijke gevolgen voor de kinderen.
    ---
    This study aims to provide insight into allegations of child sexual abuse in the context of divorce and related proceedings by reviewing 87 files concerning investigations by the Dutch child protective service (CPS). These files are linked to the court rulings about the families in question, as well as the criminal record database. This makes it possible to look at this problem from various angles. The study shows that the cases are generally complex, in which aside from the allegations of sexual abuse, other issues existed within the families. The nature of the alleged abuses were serious, and the children were relatively young. Often an allegation was made to the police and social work organizations before the civil proceeding and investigation by the CPS. The proceedings generally concerned matters relating to the custody of and access to the children. It was very rarely possible to determine whether the child sexual abuse had actually taken place. Only three fathers were convicted of the abuses concerned. One father was acquitted and two fathers were wrongfully identified as suspects. Civil judges who have to make decisions about the children are faced with a double dilemma: firstly, the decision of whether or not to take the allegation seriously can have damaging consequences for the children involved. Secondly, the choice to proceed with further investigation and aid within the family, due to uncertainty as to the veracity of the allegation(s) in question, can lead to a prolonged process that damages the child. The study shows that the CPS often advises the court to postpone definitive decisions about the children so that social work organizations can provide more information on the matter at hand. However, the study also shows that it is generally not the potential abuse, but the allegation itself that the CPS expresses concern about.


Anne Smit MSc.
Anne Smit is a PhD Candidate at the VU University Amsterdam. She is currently writing her PhD dissertation on the topic: ‘Allegations of Sexual Abuse of Children in Divorce Procedures: Towards Evidence-Based Guidelines’.

Masha Antokolskaia
Masha Antokolskaia is a professor of family law at the VU University Amsterdam. She is head of the Amsterdam Centre of Family Law (ACFL), as well as a member of the Commission on European Family Law (CEFL) and of the Executive Council of the International Society of Family Law. Her main fields of interest are comparative family law, European family law, empirical family law studies and history of family law.

Catrien Bijleveld
Catrien Bijleveld is the director of the Netherlands Institute for the Study of Crime and Law Enforcement (NSCR). Prior to this she worked as a senior researcher at NSCR. Her research activities focus on research into criminal careers and (experimental) research into the effectiveness of interventions, juvenile sex offenders, historical trends and the intergenerational transmission of delinquent behaviour. Catrien Bijleveld is also a member of the Royal Dutch Academy of Sciences (KNAW).
Artikel

AkzoNobel, PPG en de Ondernemingskamer

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2017
Trefwoorden openbare biedingen, enquêterecht, vijandige overnames, corporate governance
Auteurs Mr. F.G.K. Overkleeft
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt bepaalde aspecten van de overnamestrijd tussen AkzoNobel en PPG en de daarmee verband houdende beschikking van de Ondernemingskamer van 29 mei 2017. De auteur besteedt daarbij met name aandacht aan de gedragsnormen voor de vennootschapsleiding van een doelvennootschap die in deze beschikking besloten liggen.


Mr. F.G.K. Overkleeft
Mr. F.G.K. Overkleeft is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Access_open Burgers op zoek naar rechtsbescherming in het sociaal domein

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2017
Auteurs Prof. mr. dr. A.T. Marseille en Mr. dr. M.F. Vermaat
Auteursinformatie

Prof. mr. dr. A.T. Marseille
Prof. mr. dr. A.T. (Bert) Marseille is werkzaam bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Mr. dr. M.F. (Matthijs) Vermaat is advocaat-partner bij Van der Woude De Graaf Advocaten en heeft zich gespecialiseerd in onder meer de Wmo 2015 en de Jeugdwet.
Toont 1 - 20 van 41 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.