Zoekresultaat: 36 artikelen

x
Jaar 2018 x
Artikel

Access_open Ervaringsdeskundigen tegen loondispensatie

Hoe intentie, ervaring en rechtmatigheid ver uit elkaar kunnen liggen

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Loondispensatie, Loonkostensubsidie, VN-verdrag Handicap
Auteurs J.S. Stad-Ogier
SamenvattingAuteursinformatie

    Mensen met een handicap op gelijke voet laten participeren in de samenleving. Al voor de ratificatie van het VN-verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap, verder aan te duiden als het IVRPH, was het een belangrijk onderwerp voor de wetgever. Op het gebied van werk zou de invoering van de Participatiewet, in samenhang met de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten (Quotumwet), dit gaan bewerkstelligen. Arbeidsgehandicapten moeten zo veel mogelijk in reguliere banen aan het werk, waardoor sociale werkplaatsen niet meer nodig zijn – zo was de gedachte. Drie jaar later blijkt dat de overheidssector achter ligt op het schema van de banenafspraak. Waar de marktsector ruim zevenduizend banen meer heeft gecreëerd dan gepland, blijft de overheid op een kleine 6.500 banen steken, nog geen 65% van het doel voor 2017. Er moest dus actie ondernomen worden. Dat werd als reden aangevoerd om een systeem van loondispensatie in het regeerakkoord op te nemen. Het primaire doel was om ‘mensen met een arbeidsbeperking meer kansen te geven op duurzaam werk’. Als actief kernlid bij Wij Staan Op! was ik nauw betrokken bij de lobby om loondispensatie uit de Participatiewet weg te houden.


J.S. Stad-Ogier
J.S. (Jiska) Stad-Ogier is mede-initiatiefnemer, medeoprichter en kernlid van Stichting Wij Staan Op! en bachelorstudent Notarieel recht, Universiteit Leiden.
Peer reviewed

Dierenliefde en onderwereld-pr

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2018
Trefwoorden Dieren, Georganiseerde misdaad, Ondermijning, Media
Auteurs Janine Janssen en Prof. Emile Kolthoff
SamenvattingAuteursinformatie

    Criminological literature shows that criminals involved in organized crime benefit from positive images in the media. By opening a hospital or donating funds for the development of a football field they try to present themselves in a cordial way and as good citizens to the public. Using the media to present themselves as animal lovers is a very effective manner to go for public admiration and sympathy. In this contribution is investigated how this mechanism works and why it is so effective.


Janine Janssen
Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG) van de Nationale Politie, lector Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool en tevens voorzitter van de redactie van PROCES.

Prof. Emile Kolthoff
Prof. Emile Kolthoff is hoogleraar Criminologie aan de Open Universiteit en lector Ondermijning aan Avans Hogeschool.
Artikel

Wat doen gerechtsdeurwaarders als ze geen schulden innen?

Drie deurwaarders over hun nevenactiviteiten

Tijdschrift De Gerechtsdeurwaarder, Aflevering 3 2018
Auteurs Paul Otter

Paul Otter
Artikel

De val van Jacobus Capitein en het debat over omstreden koloniale helden

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Jacobus Capitein, Atlantic history, Dutch history, slavery, postcolonialism
Auteurs Dr. Karwan Fatah-Black
SamenvattingAuteursinformatie

    The post-colonial re-evaluation of prominent figures in Dutch history has been resisted fiercely in the public sphere. This article raises the question how lives from the colonial era that are a source of national pride, but are also tainted by their implication in the history of slavery, colonialism and racism can be presented in a way that does justice to their historical context. Jacobus Capitein, who was first enslaved and later became an advocate for slavery in the 1740s, was initially regarded a hero in the eighteenth century, but has received a far more critical evaluation since the second half of the twentieth century. This article takes the way in which professional historians and heritage institutions have dealt with the complex and layered life story of Jacobus Capitein as a model for approaching the lives of the canonical figures of Dutch Atlantic history.


Dr. Karwan Fatah-Black
Dr. Karwan Fatah-Black is universitair docent sociale en economische geschiedenis, Universiteit Leiden.
Wetenschap

Access_open Actualiteiten ‘afgeleide schade’

What’s in a name?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2018
Trefwoorden afgeleide schade, rechtstreekse schade, Poot/ABP-arrest, aandeelhouder, vrijwaring
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    Al meer dan twintig jaar is het Poot/ABP-arrest het standaardarrest op het gebied van afgeleide schade. Op 29 september en 12 oktober 2018 wees de Hoge Raad twee arresten, het Potplantenkwekerij-arrest en het Licorne Holding-arrest, die op het eerste gezicht niet te rijmen zijn met het Poot/ABP-arrest. Dit artikel geeft antwoord op de volgende vraag. Is hier sprake van een trendbreuk of kunnen deze arresten bij hantering van het juiste afgeleide-schadebegrip gebracht worden onder de categorieën gevallen waarvan Kroeze al in zijn dissertatie uit 2004 aangaf dat daarbij schade die (aanvankelijk) op afgeleide wijze is geleden, rechtstreeks aan de aandeelhouder kan worden vergoed?


Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. (Wilco) Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor, en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.
Redactioneel

Vergeving: een veelbetekenend verschijnsel

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2018
Auteurs Janny Dierx, Jacques Claessen, Anneke van Hoek e.a.
Auteursinformatie

Janny Dierx
Janny Dierx is jurist en mediator in strafzaken. Zij is bestuurder van De Mediation Coöperatie en lid van de commissie van het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Zij is tevens redactielid van dit tijdschrift. www.decooperatievemediators.nl

Jacques Claessen
Jacques Claessen (Maastricht, 1980) is als universitair hoofddocent straf(proces)recht verbonden aan de Capaciteitsgroep Strafrecht & Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. Daarnaast is hij rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg. In 2012 ontving hij voor zijn proefschrift de eerste Bianchi Herstelrecht Prijs.

Anneke van Hoek
Anneke van Hoek is zelfstandig gevestigd criminoloog en medeoprichter van Restorative Justice Nederland en Stichting Radio La Benevolencija.

Bas van Stokkom
Bas van Stokkom is hoofdredacteur van dit tijdschrift. Hij is verbonden aan de vaksectie Strafrecht & Criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen. Tot de thema’s die in zijn onderzoek aan bod komen behoren politie, burgerschap en lokale veiligheidszorg, straftheorie en herstelrecht. www.basvanstokkom.nl

Janny Dierx
Artikel

Access_open Martha Nussbaums Anger and Forgiveness

Over vergelding en vergeving en over woede en liefde

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Vergeving, liefde, woede, vergelding, strafrecht
Auteurs Jacques Claessen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the author discusses the book Anger and Forgiveness written by the well-known and influential American philosopher Martha Nussbaum. In the opinion of the author Anger and Forgiveness is a provocative and challenging book. In the book, Nussbaum makes a distinction between conditional and unconditional forgiveness, she relates conditional forgiveness to the logic of retribution and she disapproves retribution and, by extension, conditional forgiveness on moral grounds. Her disapproval of retribution and conditional forgiveness is related to her disapproval of (vindictive) anger, which in her opinion is intrinsic part of retribution and conditional forgiveness. According to Nussbaum, anger – transitional anger excluded – has to be replaced by unconditional love; only conduct that stems from unconditional love can be qualified as moral. Sometimes unconditional forgiveness can be seen as a form of unconditional love. Subsequently, Nussbaum applies her ideas on anger, retribution, forgiveness and love to the political domain, to which also criminal law belongs. Nussbaum pleads for a criminal law system empty of anger and retribution; in Nussbaum’s criminal law system there is only room for prevention, grace and human welfare – all stemming of unconditional love. Nussbaum’s Anger and Forgiveness offers an alternative view on concepts such as anger, retribution, forgiveness and love, concepts which are important within the context of criminal law and restorative justice. The author argues that, although the reader can certainly learn from Nussbaum’s ideas as explained in Anger and Forgiveness, the radicality of her ideas inevitably causes criticism; Nussbaum holds a very idealistic perspective that neglects the human condition. Instead of ruling out anger and retribution, the author advocates a criminal law system that is capable of canalizing anger and transforming vindictive anger into transitional anger. Furthermore, he pleads for a criminal law system that makes forgiveness possible without forcing victims to forgive. For that reason restorative justice practices need to be incorporated into the criminal law system. In sum, to a certain extent Nussbaum and Claessen share the same moral ideals, but they disagree on the path leading tot those ideals. Where Nussbaum opts for a top-down approach, Claessen opts for a bottom-up approach which respects the human condition.


Jacques Claessen
Jacques Claessen (Maastricht, 1980) is als universitair hoofddocent straf(proces)recht verbonden aan de Capaciteitsgroep Strafrecht & Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. Daarnaast is hij rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg. In 2012 ontving hij voor zijn proefschrift de eerste Bianchi Herstelrecht Prijs.

Jan De Cock
Jan De Cock is auteur van onder meer het boek Hotel Prison (2003) waarin hij verslag uitbrengt over zijn wereldreis als ‘tralietrotter’. Hij is tevens oprichter van de vzw Within-Without-Walls, een dialoog- en werkgroep rond gevangenen, slachtoffers, ex-gevangenen en maatschappij.
Artikel

De katholieke sociale leer over de relatie gelovige/burger, samenleving en seculiere staat

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden kerk-staatverhoudingen, canoniek recht, katholieke sociale leer, Geschiedenis, Staatsleer; Rooms-Katholieke Kerk
Auteurs Mr. dr. Maurice van Stiphout
SamenvattingAuteursinformatie

    In the 19th century in many Western states, the close relationship between Church and State came to an end and the Roman Catholic Church developed into a major and active player on social and educational level in society separate from the State.
    This was due, on the one hand, to the constitutional changes in the Western states from the end of the 18th century, which led to the gradual introduction of the formal principle of separation of Church and State. On the other hand, it was a result of the search for a new position of the Roman Catholic Church in society that also influenced the theological reflection of the Church on society.
    The ecclesiastical reflection on the ideal relationship between Church and State took shape in the course of this process in the Ius Publicum Ecclesiasticum. The ecclesiastical view on the relationship between believers/citizens, society and State simultaneously took shape in Catholic social doctrine, which today still offers a model for modern society. In Catholic social doctrine, the believer/citizen is the connecting element between Church and State in a secular society. The ‘state doctrine’ of the Catholic Church is presented in Catholic social doctrine as an ideal image of the democratic constitutional state in which man is central and forms the central link between Church, society and secular State.


Mr. dr. Maurice van Stiphout
Mr. dr. M. van Stiphout studeerde rechten in Leiden en canoniek recht en theologie in Leuven. Hij promoveerde in de rechtsgeleerdheid in Groningen. Hij is werkzaam bij de Belgische rooms-katholieke kerkprovincie in Brussel (Juridische dienst & Erkende Instantie rooms-katholieke godsdienst). Daarnaast is hij vrijwillig wetenschappelijk medewerker van de faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven (afdeling Geschiedenis van Kerk en Theologie).
Artikel

De (on)mogelijkheid van het beperken van de enquêtebevoegdheid in de tijd

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2018
Trefwoorden enquêterecht, dwingend recht, verjaring, verval, rechtsverwerking
Auteurs Mr. A.H.B. Bouman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de (on)mogelijkheid om een enquêtebevoegdheid in de tijd en qua reikwijdte in de tijd te kunnen beperken. Onderzoek wijst uit dat verjaring niet, maar verval van enquêtebevoegdheid mogelijk moet worden geacht. De conclusie is dat slechts een toegekende enquêtebevoegdheid aan beperkingen in de tijd kan worden onderworpen.


Mr. A.H.B. Bouman
Mr. A.H.B. Bouman is Professional Support Lawyer bij Van Iersel Luchtman Advocaten te Den Bosch.
Artikel

Heeft John Griffiths de rechtssociologie verder gebracht?

Een evaluatie van zijn werk vanuit het perspectief van het empirisch-theoretische onderzoeksprogramma

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2018
Trefwoorden P-T-O-scheme, sociology of law, concept of law, empirical research, Karl Popper
Auteurs Albert Klijn en Marnix Croes
SamenvattingAuteursinformatie

    A central ambition that Griffiths expressed rather frequently was to realize progress in the sociology of law by formulating informative theoretical propositions and testing them empirically according to the maxim of the critical-rational metatheoretical program of Karl Popper. Our analysis of Griffiths’s contributions suggests, however, that he actually refrained from following Popper’s path: to put a Problem – formulate a Theory – testing that provisional answer by empirical Observation. Instead, Griffiths focussed mostly on the rigorously clear formulation of concepts accordingly to his strong philosophical inclination.


Albert Klijn
Albert Klijn (1946) studeerde theoretische sociologie en rechtssociologie te Utrecht en Nijmegen (1975). Hij begon zijn onderzoeksloopbaan in 1978 bij het WODC. Zijn eerste onderzoekopdracht was de evaluatie van de door Justitie gesubsidieerde Advokatenkollektieven (De Balie geschetst, 1981). John Griffiths maakte deel uit van de begeleidingscommissie. Sindsdien zijn er professionele en vriendschappelijke contacten gebleven. Zo schreef Griffiths op zijn verzoek een bijdrage aan het themanummer van Justitiële verkenningen ter gelegenheid van het veertigjarige bestaan van de NOVA (JV 1992 nr. 6). Klijn promoveerde bij Griffiths en Wippler op een proefschrift over onderzoek naar de ontwikkelingen in de gesubsidieerde rechtsbijstand in Nederland tussen 1978-1988 (Rechtshulp onderzocht en overdacht, 1991). Hij maakte gedurende de periode 2000-2002 deel uit van het onderzoeksteam dat zich onder leiding van Griffiths bezighield met de regulering van het medisch handelen rondom het stervensproces (MBPSL); zijn aandachtsgebied was de meldingsplicht van de arts.

Marnix Croes
Marnix Croes (1968) studeerde historische en politieke wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde in de sociale wetenschappen aan het Interuniversity Center for Social Science Theory and Methodology (ICS) op een proefschrift over de overlevingskansen van joden in de Nederlandse gemeenten (Gif laten wij niet voortbestaan, 2004). Hij was van 2003-2016 verbonden aan het WODC, waar hij zich in het kader van een onderzoek over de Bruikbare Rechtsorde (2007) intensief met het werk van Griffiths heeft beziggehouden.
Artikel

Access_open ‘De lobby’ aan banden?

Over het ongelijk speelveld en de regulering van belangenvertegenwoordiging

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden lobbyregulering, belangenvertegenwoordiging, stakeholders
Auteurs Bert Fraussen en Caelesta Braun
Auteursinformatie

Bert Fraussen
Dr. B. Fraussen is universitair docent aan het instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden.

Caelesta Braun
Dr. C.H.J.M. Braun is universitair hoofddocent aan het instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden en redacteur van Tijdschrift voor Toezicht.
Artikel

Het dossier als fundament voor de rechterlijke beslissing

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden het strafdossier, rechterlijke voorbereiding, processtukken, bevooroordeeld, oordeelsvorming
Auteurs D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Het dossier speelt in het Nederlandse strafprocesrecht een centrale rol. Zonder het dossier kunnen de snelheid en de efficiëntie van het huidige (en toekomstige) strafproces niet worden gewaarborgd. De processtukken zijn leidend tijdens de voorbereiding van de rechters en de griffier voorafgaand aan en tijdens het onderzoek ter terechtzitting. Deze werkwijze – het voorbereiden van het onderzoekt ter terechtzitting aan de hand van het dossier – volgt niet dwingend uit enige wettelijke bepaling. De rechterlijke voorbereiding van het onderzoek ter terechtzitting aan de hand van het dossier krijgt weinig aandacht in de rechtswetenschappelijke literatuur en het rechtspsychologische experimentele onderzoek. Hiervoor zou meer aandacht moeten bestaan omdat uit het wel beschikbare experimentele onderzoek blijkt dat de voorbereiding op basis van het dossier significante invloed heeft op het uiteindelijke rechterlijke oordeel. In deze bijdrage staat de kwestie centraal of de Modernisering van het Wetboek van Strafvordering aanpassingen in het wettelijk kader betreffende het dossier voorziet, en of deze aanpassingen veranderingen teweegbrengen in het gebruik van het dossier ten behoeve van de voorbereiding van het onderzoek ter terechtzitting.


D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. (Dave) van Toor PhD LLM BSc is verbonden als wetenschappelijk medewerker Straf(proces)recht & Criminologie aan de Universität Bielefeld (Duitsland). Daarnaast is hij als research fellow verbonden aan het Onderzoekscentrum voor Staat en Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij was van september 2016 tot juni 2017 als buitengriffier werkzaam bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant (locatie Breda).
Recent

Uit liefde

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2018
Auteurs Lars Kuipers

Lars Kuipers
Artikel

Een bijzondere groep daders: vrouwelijke langgestraften na afloop van de Tweede Wereldoorlog in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2018
Trefwoorden female, perpetrators, World War II, empirical study, criminal career
Auteurs Drs. Jantien Stuifbergen MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Early literature on female perpetrators of World War II focused on labelling the accused as deranged psychopaths, thereby distinguishing the group of perpetrators from the vast subdued and ‘normal’ population. While this perception has changed over the past decades, the perception of female perpetrators has remained limited either way, women are denied having a lot of agency when perpetrating crimes in conflict. Similar to the ‘mad Nazi’-theory these narratives imply that female perpetrators are different from ‘ordinary’ women, as their actions collide with notions of ideal femininity. This empirical research has shown that in the case of female perpetrators of World War II in the Netherlands it seems that they can be seen as ordinary women operating in extraordinary circumstances. In this study, a special group of female war criminals is described. Against the background of early post-war imaging of such women and more recent research on female perpetration during wartime, an analysis of Dutch perpetrators who received severe punishments after the War, is made. Based on unique historical data, the criminal career of these women as World War II perpetrators is analysed. The outcomes show that a notable part already had a criminal record before the war and that the perception of who they were and why they acted the way they did needs reconsideration, since they were not psychologically weak and incompetent. They were generally young, unemployed and low educated and they planned and committed their crimes of treasons in order to create better living conditions for themselves. In fact, one can claim that these women are likely to be ordinary people influenced by dispositional and situational factors.


Drs. Jantien Stuifbergen MSc
Drs. J.A.M. Stuifbergen, MSc is programmacoördinator van de Master International Crimes, Conflict and Criminology en promovenda bij de sectie Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam,
Artikel

De C van CD&V

Christelijke waarden bij de Vlaamse christendemocraten

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2018
Trefwoorden CD&V, christendemocratie, personalisme, levenskwaliteit
Auteurs Dr. Wouter Beke
SamenvattingAuteursinformatie

    The Flemish Christian Democratic Party was founded in 1945. In its so-called ‘Kerstprogramma’ (‘Christmas Program’), the ‘Christelijke Volkspartij’ (Christian People’s Party, CVP) cut ties with the explicitly religious character of its direct predecessor, the Catholic Bloc. Nevertheless, the party remains to find its inspiration in Christianity. This article will discuss non-exhaustively how Christian values still remain an important guideline to the Christian democratic discourse of CD&V, based on three pillars rooted in Christianity: trust, love of one’s neighbour and respect for human dignity.


Dr. Wouter Beke
Dr. W. Beke is nationaal partijvoorzitter van CD&V, federaal parlementslid en burgemeester van Leopoldsburg. Als huisideoloog van CD&V schreef Beke verschillende boeken rond christendemocratie en personalisme, waaronder De Mythe van het Vrije Ik en Het Moedige Midden.
Artikel

Wijsheid, standvastigheid en recht

Stoïcisme als crisisverschijnsel en zijn verhouding tot het christendom

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Stoa, standvastigheid, moed, besluitvaardigheid, weerbaarheid, dwaasheid, deugd
Auteurs Dr. Timo Slootweg
SamenvattingAuteursinformatie

    Politics and law are not in essence about knowledge, good sense and learning, but about wisdom. Good legislation requires wisdom and the wise judge is also the ideal when it comes to good adjudication. But what is wisdom actually and who is the sage? To answer these questions, this article departs from the views of the Stoa (of Seneca especially) which has been of fundamental significance for the development of law and which still continues to influence it. It shows how the philosophical views of the Stoics included an objective view of law and cultivated a subjective impassibility and apathy that were associated with steadfastness or constancy. Stoic wisdom was (and still is): virtuous obedience to the objective laws of nature. In modern Stoics like Spinoza and Justus Lipsius we find these same elements. But in modern times Stoicism is wrapped in the veil of a Christian vision of life, which (as such) serves as a seductive legitimation of its principles. In this guise Stoicism has been of enormous significance in the history of Christianity. However, their historical relationship is based on a major misunderstanding. In fact, Stoicism is Christianity’s most extreme alternative, as Erasmus already pointed out. For the Stoic sage a theoretical and practical wisdom applies that is not (in any way) in accordance with the courageous foolishness of Christianity. It is through the prism of this foolishness that we come to appreciate that the eternal Stoic attitude is odious when it comes to law and politics. Stoicism is a recurring crisis phenomenon: a cultural sickness, for which the wisdom of Christianity still offers a very effective medicine.


Dr. Timo Slootweg
Dr. T.J.M. Slootweg is historicus en filosoof. Hij doceert Rechtsfilosofie en ethiek aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. In 2016 publiceerde hij Uit de schaduw van de wet. Inleiding tot de esthetica van het recht (Antwerpen/Apeldoorn: Garant 2016).
Artikel

Euthanasie volgens het rooms-katholiek kerkelijk strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2018
Trefwoorden euthanasie, Rooms-Katholieke Kerk, Kerkelijk strafrecht
Auteurs Dr. Ruud Huysmans
SamenvattingAuteursinformatie

    A medical doctor in The Netherlands is not punishable under the law for assisting in a patient’s self-chosen death as long as (s)he has fulfilled the conditions of the Euthanasia Law of 2002. This law regards patients with unbearable and hopeless suffering who request an end to their life. This article will regard euthanasia from the perspective of Roman Catholic church law: if a Catholic doctor in The Netherlands ends the life of a patient in conformity with the Euthanasia Law, could this nevertheless be considered a crime of manslaughter as stipulated in Canon 1397 of the Code of Canon Law (1983)? And is that doctor then punishable under that law? It will be demonstrated that this is not the case, because the church law does not regard a crime similar to euthanasia under Dutch law, even though the killing of an innocent person is considered a sin. Against the background of the logic in church law, this article will make a comparison with the crime of abortion as stipulated in Canon 1398 of the ecclesiastical Code. It will be demonstrated that manslaughter and abortion share a different but illuminating history and topicality.


Dr. Ruud Huysmans
Dr. R.G.W. Huysmans studeerde na filosofisch-theologische studies in Nederland canoniek en oud-Romeins recht, de klassieke beide rechten, in Rome. Laatstelijk was hij naast parochiepastoor hoogleraar Kerkelijk straf- en strafprocesrecht aan de faculteit Kerkelijk Recht van de Katholieke Universiteit Leuven (KUL) in België.
Toont 1 - 20 van 36 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.