Zoekresultaat: 27 artikelen

x
Jaar 2009 x

    The introduction in the Netherlands of the SOV measure in 2001, followed by the ISD Order in 2004, opened the opportunity for the courts to incarcerate systematic offenders, mostly addicts, for a period of two years. During the period of imprisonment convicted are offered various programs to kick their habits and tackle their other problems. The article assesses the social costs and benefits of the SOV/ISD measure. The analysis takes account of the improvement in general health and productivity of the participants, and models the crime reduction effects through special prevention, incapacitation and general deterrence. Substituting results from the first effectiveness study of the SOV program, which by the way only covers one follow-up year, it is calculated that the SOV/ISD measure may yield a positive net result of as much as € 4 million per participant.


B.C.J. van Velthoven
Dr. Ben van Velthoven is universitair hoofddocent rechtseconomie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid te Leiden.

D.E.G. Moolenaar
Dr. Debora Moolenaar is senior onderzoeker bij het WODC.



W.L.J.M. Duijst

A. Wilken

J.H.M. van Swaaij
Jurisprudentie

2009/16 Kinderarts; ‘medische overconsumptie’; dreiging AMK-melding; schending beroepsgeheim; vermoeden ‘Münchhausen by proxy’ bij moeder; klacht gedeeltelijk gegrond: waarschuwing

Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (mr. A.D.R.M. Boumans, voorzitter, mrs. R.A. Torrenga en H.L.C. Hermans, leden-juristen, G. Brinkhorst en prof. dr. P.J.J. Sauer, leden-beroepsgenoten, mr. D. Brommer, secretaris) d.d. 11 december 2008 (m.nt.

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2009
Auteurs


Jurisprudentie

2009/14 Verdachte stalking, vrijheidsberoving en vernielingen; dubbelrapportage GVO door psychiater en psycholoog; doelredenatie; ondeugdelijk onderzoek en ondeugdelijke rapportage; onvoldoende onafhankelijkheid; schending beroepsgeheim; inzage- en correctierecht: klacht gegrond, waarschuwing

Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (mr. A.D.R.M. Boumans, voorzitter, mrs. A. Dupain en M. Zandbergen, leden-juristen, H.J. Dalewijk en M.G.M. Smid-Oostendorp, leden-beroepsgenoten, mr. C.M.J. Wuisman-Jansen, secretaris) d.d. 3 februari 2009.

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2009
Auteurs


Discussie en Column

Opvolger Wet Bopz: goed op weg, maar we zijn er nog niet

Opmerkingen bij het conceptontwerp Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2009
Auteurs T.P. Widershoven

T.P. Widershoven

    This article discusses the main features of the draft version of the new Criminal Code for the Netherlands Antilles, which was completely revised and updated in accordance with the latest case law and applicable international treaties. The draft legislation abolishes the dead penalty and minimum sentences. Also it introduces community services, a travel ban, an extension of self-defense in the direct vicinity of one's house and the obligatory review of life-long jail sentences after twenty years. Furthermore it adapts and modernizes the presently existing fines and criminal law for minors. The draft legislation is pending the recommendations of the Advice Council and will be presented to the Parliament thereafter.


M.F. Murray
Mr. Mirto Murray is advocaat en vennoot van Small Murray Scheper, Advocaten, te Willemstad, Curaçao. Hij is ouddeken van de Orde van Advocaten Curaçao en lid van de Commissie Herziening Wetboek van Strafrecht en de Gezamenlijke Commissie ter evaluatie van het Wetboek van Strafvordering.

    This article focuses on the current measure for persistent offenders (ISD-measure), by taking into account three equivalent penal sanctions that have been developed in the Netherlands from 1886 onwards. First, the penalty of a labour colony for vagrants and the like for three years at most. Second, the measure to keep the habitual offenders in additional, preventive custody for five to ten years. Finally, the measure of two-year detention for drug addicted offenders. In the article it is argued that in spite of the differences in (judicial) elaboration, all three former existing sanctions have the same legitimating fundamental principle as the ISD-measure. That is, the notion that certain offenders are a danger to society, due to their persistent criminality and nuisance causing lifestyle. The primary objective of all these penal sanctions is therefore a long term protection of society from this danger. In this sense, the ISD-measure makes clear that present state-policy is above all one of sheer deprivation of freedom.


S. Struijk
Mr. Sanne Struijk is wetenschappelijk docent strafrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij schrijft een proefschrift over de strafrechtelijke aanpak van veelplegers, bezien vanuit de (historische) mogelijkheden van het Nederlands wettelijk sanctiestelsel tot recidive- en overlastbestrijding.
Redactioneel

Voorwoord

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2009
Auteurs M.P.C. Scheepmaker

M.P.C. Scheepmaker
Artikel

Met de blik van de rechter

Juridische overwegingen aangaande de ISD-maatregel

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2009
Auteurs K.D. Lünnemann
SamenvattingAuteursinformatie

    The primary objective of the ISD Order is to reduce public nuisance caused by extremely persistent offenders. Another objective is to reduce recidivism. Recidivism can be prevented by influencing behaviour, with due regard to any personal issues involved. In this article the author looks at the arguments the judiciary uses to impose or end an ISD Order. The author notices that the judiciary views ISD Orders as a last resort: an order is given only in the absence of alternatives, and with the requirement attached that ISD subjects are to be put on a programme. The judiciary considers rehabilitation within an ISD framework to be extremely important. The orders are almost invariably imposed for two years, with no deduction of the pretrial detention period. There is reason to terminate the order if the recidivism risk has receded, but there may be other termination grounds, outside the control of the ISD subject, such as negligence on the part of a government agency.


K.D. Lünnemann
Mr. dr. Katinka Lünnemann is werkzaam bij het Verwey-Jonker Instituut als senior onderzoeker en themacoördinator recht, bescherming en preventie.
Artikel

Beginselen van legitimiteit en resocialisatie bij voorwaardelijke straffen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2009
Trefwoorden Voorwaardelijke sanctie, Legitimiteit, Resocialisatie, Tenuitvoerlegging
Auteurs Arthur van Bommel
SamenvattingAuteursinformatie

    De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) heeft in verschillende adviezen bijgedragen aan de gedachtevorming over de voorwaardelijke sanctie. Bij het verkennen van principes aangaande het wezen en de functie van de voorwaardelijkheid laat de Raad zich vooral leiden door beginselen van legitimiteit en resocialisatie. Hoe verhoudt de voorwaardelijke sanctie zich tot de onvoorwaardelijke en op welke wettelijke grondslag hoort ze te rusten? Waar ligt de grens tussen vrijheidsbeneming en vrijheidsbeperking? Wie moet beslissen over inhoud, wijze van tenuitvoerlegging en de consequenties van niet nakomen van voorwaarden? Het debat over de voorwaardelijke sanctie vraagt om helder en consistent denken over dit soort zaken, zeker als we willen dat een ruimere toepassing ervan ook op langere termijn wordt bereikt en volgehouden.


Arthur van Bommel
Arthur van Bommel is senior adviseur bij de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming.
Toont 1 - 20 van 27 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.