Zoekresultaat: 76 artikelen

x
Jaar 2010 x
Artikel

De Werkwijze NMa analoog en digitaal rechercheren: trial and error again?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden Werkwijze NMa analoog en digitaal rechercheren, onderzoek, evenredigheidsbeginsel, fishing expedition, geprivilegieerde gegevens
Auteurs Mr. M. Knapen en Mr. R. Elkerbout LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    Met ingang van 17 augustus 2010 voert de NMa een deel van haar toezichts- en onderzoeksbevoegdheden uit op basis van de Werkwijze NMa analoog en digitaal rechercheren. Deze werkwijze vervangt de NMa Digitale Werkwijze 2007 en beschrijft in hoofdlijnen de procedure die de toezichthoudende ambtenaar volgt bij het opsporen van overtredingen van de Mededingingswet en de vervoers- en energiewetten. In deze bijdrage wordt de nieuwe werkwijze kritisch tegen het licht gehouden en wordt ingegaan op de vraag of de nieuwe werkwijze het beoogde evenwicht heeft bereikt tussen effectief onderzoek en de waarborgen voor ondernemingen. Daarbij wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de waarborgen die zogenoemde fishing expeditions moeten voorkomen en de bescherming van geprivilegieerde gegevens.


Mr. M. Knapen
Mr. M. Knapen is werkzaam als advocaat in dienstbetrekking bij Philips.

Mr. R. Elkerbout LL.M.
Mr. R. Elkerbout LL.M. is advocaat bij Stek.
Artikel

Een upgrade van het zorgbeleid van de NMa: de derde versie van de Richtsnoeren voor de zorgsector

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden zorg en mededinging, publieke belangen en mededinging, diensten van algemeen economisch belang, begrip onderneming
Auteurs Prof. mr. J.W. van de Gronden
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 9 maart 2010 stelde de NMa haar Richtsnoeren voor de zorgsector vast. Dit is alweer de derde versie van deze richtsnoeren die de NMa publiceert. De NMa wil graag tegemoet komen aan de onzekerheden die in de zorgsector over toelaatbaarheid van bepaalde afspraken en andere praktijken bestaan. Een belangrijke kwestie in dit verband is welke rol publieke belangen spelen. In de onderhavige bijdrage staat daarom de vraag centraal of de NMa in de Richtsnoeren de verhouding tussen het mededingingsrecht en de publieke zorgbelangen heeft verduidelijkt.


Prof. mr. J.W. van de Gronden
Prof. mr. J.W. van de Gronden is hoogleraar Europees recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Professor Wolf Sauter wordt hartelijk dank gezegd voor zijn commentaar op een conceptversie van dit artikel.
Artikel

Verzorging van een functionerende lokale zorgmarkt: mogelijk tekortkomingen beleid NMa en NZa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden zorggroepen, ketenzorg, zorgmarkt, zorgaanbieders
Auteurs Mr. P.D. van den Berg
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Richtsnoeren Zorggroepen zetten de NMa en de NZa het beleid inzake (multidisciplinaire) samenwerking door zorgaanbieders op lokale zorgmarkten uiteen. Het mededingingsrecht wordt op te formele wijze toegepast. Enerzijds wordt de samenwerking tussen onafhankelijke zorgaanbieders te veel beperkt, terwijl anderzijds het ontstaan van marktmacht op lokale markten niet wordt voorkomen. De lokale aard van de markt en de aard van de zorgsector brengen enkele specifieke problemen met zich die onvoldoende lijken te zijn meegewogen. Een mogelijke oplossing is het creëren van een groepsvrijstelling voor ketenzorg onder het kartelverbod.


Mr. P.D. van den Berg
Mr. P.D. van den Berg is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP in Amsterdam.
Artikel

Naschrift: De Werkwijze NMa analoog en digitaal rechercheren: einde van een zoektocht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden Werkwijze NMa analoog en digitaal rechercheren, onderzoek, evenredigheidsbeginsel, fishing expedition, geprivilegieerde gegevens
Auteurs Mr. E.J. van Dijk AA en Mr. M.J. van Heyningen M.Jur (Oxford)
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 16 augustus 2010 heeft de NMa haar nieuwe Werkwijze analoog en digitaal rechercheren (hierna ‘Werkwijze’ ) gepubliceerd. Na publicatie van de Werkwijze is een tweetal artikelen verschenen waarin mededingingsadvocaten hun visie geven op de Werkwijze. In een eerder naschrift hebben medewerkers van de NMa een nadere toelichting gegeven op de toepassing van de Werkwijze in de praktijk. In reactie op het hieraan voorafgaande artikel van Knapen en Elkerbout willen wij ingaan op enkele door Knapen en Elkerbout bij de Werkwijze geplaatste kanttekeningen. Knapen en Elkerbout gaan, nadat zij een beschrijving hebben gegeven van de Werkwijze, vooral in op de verenigbaarheid van het digitale onderzoek met artikel 5:13 Awb, alsmede op de in de Werkwijze opgenomen bescherming van ‘legal professional privilege’. In dit naschrift willen wij dan ook ingaan op deze twee onderwerpen, waarbij wij de achtergronden nader willen toelichten van enkele keuzes die bij de totstandkoming van de Werkwijze zijn gemaakt.


Mr. E.J. van Dijk AA
Mr. E.J. van Dijk AA is werkzaam bij de Directie Mededinging van de NMa.

Mr. M.J. van Heyningen M.Jur (Oxford)
Mr. M.J. van Heyningen M.Jur (Oxford) is werkzaam bij de Directie Mededinging van de NMa.
Jurisprudentie

Het recht op informatie van toezichthouders

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden inzagerecht NZa, medisch beroepsgeheim, artikel 8 EVRM
Auteurs Prof. mr. A.T. Ottow
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de orde is het inzagerecht van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) op grond van artikel 66 Wet marktordening gezondheidszorg. De NZa stelde een controleonderzoek in bij een ziekenhuis en verlangde daartoe inzage in medische persoonsgegevens. Het ziekenhuis weigerde deze patiëntgegevens te verstrekken met een beroep op het medisch beroepsgeheim. Het CBb oordeelt dat het verschoningsrecht van de medische beroepsgroep niet zonder meer van toepassing is. Een wettelijke grondslag is aanwezig voor een beperking van het recht van patiënten op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer ingevolge artikel 8, lid 2 EVRM en daarmee eveneens voor een inbreuk op het daarmee samenhangende medische beroepsgeheim.


Prof. mr. A.T. Ottow
Prof. mr. A.T. Ottow is hoogleraar economisch publiekrecht, Europa Instituut, Universiteit Utrecht en geassocieerd lid van het college van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA). Tevens is zij redactielid van M&M.
Diversen

Nieuw toezicht op de advocatuur?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden zelfregulering, systeemtoezicht, toezicht op advocaten, advocatuur, De Hoogd
Auteurs Mr. M. de Rijke
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de totstandkoming van de Advocatenwet van 23 juni 1952 is de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) ingesteld en is wettelijk geregeld dat het toezicht op de advocatuur wordt uitgeoefend door Raden van toezicht, de bestuurders van de plaatselijke orden van advocaten. De leden van de Raden van toezicht worden gekozen uit de leden van de orde. Dit systeem van zelfregulering staat ter discussie, sinds de Minister van Justitie in een brief aan de Tweede Kamer van 5 maart 2010 zijn visie heeft gegeven op de “in de toekomst wenselijke en mogelijke aanpassingen van de wettelijke regelingen van het toezicht op notarissen, advocaten en gerechtsdeurwaarders”. De visie behelst onder meer de introductie van een nieuwe toezichthouder die controle uitoefent op de naleving van wettelijke voorschriften door advocaten. Wat echter ontbreekt in deze visie is een overtuigende onderbouwing om op zoek te gaan naar een alternatief voor het bestaande systeem en daarmee een legitimatie om de keuze te laten vallen op het andere uiterste van het spectrum van toezichtstijlen. In dit essay plaatst de auteur het bestaande toezichtsysteem, de controle hierop en de visie van de Minister in het kader van het algemeen toezichtsrecht. Zij komt tot de conclusie dat een te wankele basis bestaat voor een drastische oversteek van intern naar extern toezicht.


Mr. M. de Rijke
Mr. M. de Rijke is advocaat en partner bij Bird & Bird LLP te Den Haag.
Jurisprudentie

Afspraken met de overheid in ruil voor een lagere boete

CBb 7 juli 2010, LJN BN0540

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden fair trial-beginsel, marktoezichthouders, bestuurlijke boete
Auteurs Mr. dr. E.J. Daalder
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven waarin het gaat om de vraag of een toezichthouder met een overtreder de afspraak kan maken dat deze in ruil voor een lagere boete afziet van bepaalde verdedigingsrechten, zoals het recht op stukken en het recht om te betwisten dat er sprake is van een overtreding. Het CBb is van oordeel dat dergelijke afspraken in beginsel rechtmatig zijn, maar laat wel ruimte voor de overtreder om onder stringente voorwaarden op de afspraak terug te komen.


Mr. dr. E.J. Daalder
Mr. dr. E.J. Daalder is advocaat bij Pels Rijcken en is tevens redactielid van Tijdschrift voor Toezicht.
Jurisprudentie

Kan een toezichthouder bij de handhaving nog prioriteiten stellen?

CBb 20 augustus 2010, LJN BN4700

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden wettelijke voorschriften, prioritering handhaving, handhavingspraktijk
Auteurs Mr. dr. E.J. Daalder
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven waarin het gaat om de vraag in hoeverre een toezichthouder een verzoek om handhavend op te treden mag weigeren met verwijzing naar het prioriteitsbeleid. Het CBb stelt in deze uitspraak hier beperkingen aan. Toezichthouders moeten bij een handhavingsverzoek eerst onderzoek doen naar de gedraging die in de klacht wordt genoemd en vervolgens voor het niet handhaven na een inhoudelijke beoordeling van de klacht een motivering geven.


Mr. dr. E.J. Daalder
Mr. dr. E.J. Daalder is advocaat bij Pels Rijcken.


Mr. R. Vos
Mr. R. Vos is partner bij VMW Taxand te Amsterdam, lid van het bestuur van de Nederlandse Vereniging van Advocaten-belastingkundigen en de Vereniging van Fiscale Mediators.

J.A. Rouw
J.A. Rouw is strategisch adviseur en coach voor Inrichtings- en Toezichtsvraagstukken bij de Belastingdienst.
Column

Gezag …

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2010
Auteurs Prof. dr. J.P. Bahlmann
Auteursinformatie

Prof. dr. J.P. Bahlmann
Prof. dr. J.P. Bahlmann is voorzitter van het Commissariaat voor de Media vanaf april 2009 en collegelid sinds juli 2004. Zij is tevens deeltijd hoogleraar Bedrijfseconomie bij UCEME.
Artikel

Access_open Internetveilingen – geen easy riding

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 3 2010
Trefwoorden internetveiling, derdenwerking overeenkomsten, toepasselijkheid algemene voorwaarden, e-commerce, aanvullende werking redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat een bespreking van de juridische figuur van de internetveiling centraal. De verhouding tussen de bij de veiling betrokken personen, de derdenwerking van de veilingvoorwaarden, de noodzaak van de aanwezigheid van de notaris of deurwaarder, aspecten van elektronisch contracteren en de toepasselijkheid van algemene voorwaarden worden besproken.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. (Jan) Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Van maatstaf naar maatwerk

Een korte geschiedenis van economische regulering

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden rendementsregulering, prijsregulering, maatstafconcurrentie, kwaliteitsregulering
Auteurs Drs. J.P. Poort en Dr. L.A.W. Tieben
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel geeft een gestileerd overzicht van verschillende methoden voor economische regulering en bespreekt per methode de sterke en zwakke kanten. Het accent ligt daarbij op de energienetten. Het beoogt op toegankelijke wijze de algemene trends en de lessen uit de reguleringsgeschiedenis van de afgelopen decennia weer te geven en snijdt een aantal thema’s aan die momenteel spelen in de reguleringspraktijk. De auteurs betogen dat de regulering periodieke aanpassing behoeft in het licht van nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen en de marktontwikkelingen in de gereguleerde sector. Vaak is hierbij de uitdaging meer ruimte te bieden aan maatwerk zonder de voordelen van moderne reguleringsvormen zoals maatstafconcurrentie prijs te geven.


Drs. J.P. Poort
Drs. J.P. Poort is Hoofd Mededinging en regulering bij SEO Economisch Onderzoek.

Dr. L.A.W. Tieben
Dr. L.A.W. Tieben is Senior Onderzoeker Mededinging en regulering bij SEO Economisch Onderzoek.
Artikel

Zorg, privaatrecht en publiekrecht: van ondersteuning naar handhaving, en terug

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden duty of care, regulation, liability law
Auteurs Eric Tjong Tjin Tai
SamenvattingAuteursinformatie

    The relation between law and care has changed dramatically. Until recently this relation could be characterised as distant, supportive and respectful. This relation has undergone a paradigm shift. More and more and in many areas the notion of care is used by the lawmaker, to impose duties of care combined with enforcement. This implies a change from private law to administrative law. This development is undesirable, because it raises false expectations and, in the end, works counterproductive.


Eric Tjong Tjin Tai
Eric Tjong Tjin Tai is hoogleraar privaatrecht aan Tilburg University. Hij is gepromoveerd op een juridisch-filosofisch onderzoek naar zorgplichten en zorgethiek. Zijn huidige onderzoek richt zich onder meer op het recht inzake dienstverlening, en de rol van het privaatrecht in de (markt)maatschappij, met bijzondere aandacht voor de betekenis van individuele verantwoordelijkheid en autonomie.
Artikel

Multilaterale handelsfaciliteiten en dark pools

Is MiFID na drie jaar al aan herziening toe?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2010
Trefwoorden MiFID, MTF, multilaterale handelsfaciliteit, multilateraal handelsplatform
Auteurs Mw. Mr. S. Rosmalen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de multilaterale handelsfaciliteit centraal. De bijdrage beoogt een globaal overzicht te geven van de regelgeving die van toepassing is op dit handelsplatform dat beter bekend is als MTF. Er wordt aansluiting gezocht bij de herziening van MiFID en bekeken wordt of MiFID na drie jaar de door haar beoogde concurrentieverhoging ten aanzien van handelsplatformen heeft weten te volbrengen. Besproken wordt de definitie van het begrip MTF en de belangrijkste elementen van het op een MTF van toepassing zijnde regelgevend kader. Tevens wordt stilgestaan bij de verschillen die er zijn tussen een gereglementeerde markt en een MTF. Ook wordt nader ingegaan op het begrip dark pool (het onderdeel van de handel dat buiten het orderboek van de handelsplatformen plaatsvindt) en komen de bevindingen van CESR en IOSCO aan bod voor zover die momenteel relevant zijn voor MTF’s en dark pools.


Mw. Mr. S. Rosmalen
Mw. mr. S. Rosmalen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. A.C. de Die

Mr. E.R. Helder
Artikel

De aanbevelingen van de commissie-De Wit

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2010
Trefwoorden aanbevelingen commissie-De Wit, beloningsbeleid
Auteurs Mr. J.P. Kreule
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de aanbevelingen van de commissie-De Wit, waarbij met name wordt ingegaan op de aanbevelingen met betrekking tot het beloningsbeleid en de bedrijfsvoering.


Mr. J.P. Kreule
Mr. J.P. Kreule is advocaat bij Loyens & Loeff.
Artikel

Vuurwerkramp Enschede: de Staat gaat vrijuit

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2010
Trefwoorden vuurwerkramp, overheidsaansprakelijkheid, Enschede, ramp
Auteurs Mr. E.M. van Orsouw
SamenvattingAuteursinformatie

    Aanleiding voor deze bijdrage is de uitspraak van de Hoge Raad op 9 juli 2010 over de vuurwerkramp. Waar de vordering bij de Hoge Raad strandt op cassatietechnische gronden, werpt de zaak niettemin vele interessante vragen op. Wat is de invloed van politieke keuzes op de vraag wat we van de overheid mogen verwachten in het kader van rampenbestrijding? Wat te doen met gevaar van wijsheid achteraf bij de beoordeling of een bepaalde ramp had kunnen en moeten worden voorkomen? Heeft de kennis van een enkele ambtenaar te gelden als kennis van ‘de Staat’? Mag de Staat bij zijn doen en laten zonder meer vertrouwen op de naleving van afgegeven vergunningen?


Mr. E.M. van Orsouw
Mr. E.M. van Orsouw is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Het Nederlandse voorstel voor implementatie van de gewijzigde Europese regels voor elektronische communicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2010
Trefwoorden elektronische communicatie, nieuwe Regelgevende Kader, NRF, New Regulatory Framework
Auteurs Mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 november 2009 is het gewijzigde Europese kader voor elektronische communicatie in werking getreden. Met twee richtlijnen worden de richtlijnen die sinds 2002 het regelgevingskader vormden, gewijzigd om beter te zijn toegesneden op de technologische en marktontwikkelingen. Een voorbeeld van een technologische ontwikkeling is het snel toegenomen gebruik van mobiele data, als gevolg van bijvoorbeeld ‘internetten’ of films bekijken via de mobiele telefoon. Om tegemoet te komen aan deze ontwikkeling is nodig dat er voldoende frequentieruimte beschikbaar is, maar ook dat wordt gewaarborgd dat gebruikers zoveel mogelijk ongeacht de aard en omvang van hun gebruik internet kunnen (blijven) gebruiken (netneutraliteit). Daarnaast betrof een van de discussiepunten bij de voorbereiding van het gewijzigde Europese kader de bescherming van gebruikers bij het afsluiten van het gebruik van internet en is het in het definitieve Europese kader op dit punt tot een compromis gekomen. Naast de wijzigingen in de richtlijnen is ook met een verordening een nieuw orgaan van Europese regelgevers onder de naam BEREC opgericht om te adviseren aan de Commissie en de nationale toezichthouders.


Mr. G.P. van Duijvenvoorde
Mr. G.P. van Duijvenvoorde is als advocaat werkzaam bij KPN Telecom te Den Haag en is gastdocent bij de afdeling E-law@leiden van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Ondernemingen en algemene voorwaarden

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2010
Trefwoorden algemene voorwaarden, onderneming, zwarte lijst, grijze lijst, reflexwerking
Auteurs Mr. R.H.C. Jongeneel en Prof. mr. B. Wessels
SamenvattingAuteursinformatie

    Afdeling 6.5.3 BW (Algemene voorwaarden) heeft in beginsel betrekking op ieder gebruik van algemene voorwaarden. Een belangrijke uitzondering is artikel 6:235 lid 1 BW, waarin aan bedrijven van een bepaalde omvang een beroep op de specifieke vernietigingsgronden bedoeld in de artikelen 6:233 en 234 BW (open norm en informatie- of kennisgevingsplicht) wordt onthouden. Afdeling 6.5.3 BW, in het bijzonder artikel 6:236 BW (zwarte lijst) en artikel 6:237 BW (grijze lijst), is daarnaast letterlijk beperkt tot overeenkomsten met consumenten, maar de betekenis van deze lijsten werkt door in overeenkomsten tussen ondernemers onderling. Beide thema’s worden mede aan de hand van een analyse van rechtspraak behandeld, waarbij de auteurs aanbevelingen voor verdere uitleg formuleren.


Mr. R.H.C. Jongeneel
Mr. R.H.C. Jongeneel is vicepresident van de Rechtbank Amsterdam.

Prof. mr. B. Wessels
Prof. mr. B. Wessels is hoogleraar internationaal insolventierecht aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 76 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.