Zoekresultaat: 14 artikelen

x
Jaar 2010 x
Discussie

Europees contractenrecht: an expensive and time-consuming solution looking for a problem

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Groenboek, Europees contractenrecht, consumenten, bedrijven
Auteurs Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes en Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze ‘Impressie’ bespreken Tjittes en Meijer kort het nut en de noodzaak van een Europees contractenrecht. Zij gaan daartoe eerst in op de doelstellingen van een Europees contractenrecht. Immers, bij de beoordeling van nut en noodzaak moet worden bezien of de doelstellingen worden bereikt. Daarna bespreken zij kort de opties die de Europese Commissie voor ogen staan bij de invulling van een Europees contractenrecht. Vervolgens bespreken zij de behoefte van consumenten en bedrijven aan een Europees contractenrecht als optioneel rechtssysteem naast het nationale recht, om ten slotte in de laatste paragraaf tot een paar slotopmerkingen te komen.


Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP, hoogleraar Privaatrecht aan de VU en raadsheer-plv. bij het Gerechtshof Arnhem.

Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP.
Diversen

Boilerplate-clausules: Ketelbinkie in Contractenland?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden boilerplate, standaard, bepaling, clausule, entire agreement
Auteurs Mr. M. Uijen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage legt Martijn Uijen uit wat boilerplate-clausules zijn, waar ze vandaan komen en hoe ze in de Nederlandse contractspraktijk kunnen worden gebruikt. Van twaalf veel voorkomende boilerplate-clausules wordt een voorbeeldtekst gegeven; de voorbeelden worden vervolgens stuk voor stuk geanalyseerd en afgezet tegen de bepalingen van het BW. Bij een contract naar Nederlands recht blijken boilerplate-clausules soms overbodig te zijn en soms onverwachte effecten te hebben. In heel wat gevallen moeten ze bovendien nog gericht worden toegesneden op de Nederlandse verbintenisrechtelijke context. Uijen schetst op welke manier dat het beste kan worden gedaan.


Mr. M. Uijen
Mr. M. Uijen is advocaat bij Höcker.
Praktijk

Bevoegdheid, vertegenwoordiging en informatieplicht: bakens worden verzet

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden EEX-Verordening, schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid, terhandstelling van algemene voorwaarden, dienstverlening
Auteurs Mr. T.H.M. van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Het HvJEU heeft in recente jurisprudentie duiding gegeven aan artikel 5 lid 1 sub b EEX-Vo over de plaats van levering bij koop en de plaats van dienstverlening. De Hoge Raad heeft een landmarkarrest gewezen over de schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid. Daarnaast is per 1 juli 2010 een nieuw artikel 6:234 BW van kracht geworden. De schrijvers bespreken deze arresten en nieuwe wetgeving en constateren dat de arresten en wetgeving niet alleen vragen beantwoorden, maar ook tot nieuwe vragen leiden.


Mr. T.H.M. van Wechem
Mr. T.H.M. van Wechem is wetenschappelijk adviseur bij Baker & McKenzie advocaten, notarissen en belastingadviseurs.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.

    Bij de uitleg van het Weens Koopverdrag zijn rechters verplicht, op grond van art. 7 lid 1 CISG, om rekening te houden met uitspraken van buitenlandse rechters. Het verdrag moet immers uniform geïnterpreteerd worden. Dit houdt onder meer in dat uitspraken waaraan persuasive authority toekomt door andere rechters gevolgd moeten worden. In de Machinery case uit 2001 overweegt het Duitse Bundesgerichtshof dat algemene voorwaarden in beginsel slechts onderdeel van een overeenkomst kunnen uitmaken indien deze voorwaarden voorafgaand aan of bij het sluiten van de overeenkomst aan de wederpartij ter hand zijn gesteld. Mijns inziens komt aan deze uitspraak persuasive authority toe. Het is daarom volkomen terecht dat Nederlandse rechters deze uitspraak volgen. Dit laat onverlet dat de toepasselijkheid van algemene voorwaarden op grond van het Weens Koopverdrag ook kan voortvloeien uit onderhandelingen of uit tussen partijen ontstane gebruiken.


Mr. dr. S.A. Kruisinga
Mr. dr. S.A. Kruisinga is als universitair hoofddocent handelsrecht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Praktijk

Naschrift

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2010
Trefwoorden Weens Koopverdrag, algemene voorwaarden, toepasselijkheid, terhandstelling
Auteurs Mr. dr. T.H.M. van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In ons artikel in Contracteren 2010/1 signaleerden wij dat de Nederlandse lagere rechtspraak in 2009 en masse een uitspraak van het Duitse Bundesgerichtshof (“BGH”) van 31 oktober 2001 over de toepasselijkheid van algemene voorwaarden onder het Weens Koopverdrag (‘WKV’) omarmde en één-op-één toepaste. Wij zijn van mening dat de uitspraak van het BGH onwenselijk is en van een onjuiste benadering uitgaat. Kruisinga heeft in haar reactie naar aanleiding van ons artikel verdedigd dat het BGH wel van een juiste benadering is uitgegaan en persuasive authority toekomt. Anders dan Kruisinga menen wij dat het arrest van het Bundesrichtshof in de Machinery case uit 2001 persuasive authority mist. De door het BGH gehanteerde argumenten overtuigen ons geenszins. Ook menen wij dat het BGH teveel van de Duitse juridische literatuur is uitgegaan. De rechtspraak over het onderwerp blijft overigens verdeeld. Het wordt daarom tijd dat ons hoogste rechtscollege zich over deze vraag gaat uitlaten. Een punt dat aan het voorgaande logisch voorafgaat voorafgaat betreft de status van de advisory opinions van UNCITRAL in het kader van de uitleg van het WKV. Niettegenstaande dat wij het gebruik van de advisory opinions toejuichen, constateren wij dat de praktijk nog grotendeels hiermee onbekend is. Hun praktische nut is dan ook niet zeer groot.


Mr. dr. T.H.M. van Wechem
Mr. dr. T.H.M. van Wechem is wetenschappelijk adviseur bij Baker & McKenzie advocaten, notarissen en belastingadviseurs en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.
Boekbespreking

R.P.J.L. Tjittes, Uitleg van schriftelijke contracten, Nijmegen: Ars Aequi Libri 2009

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2010
Trefwoorden uitleg van overeenkomsten, redelijke uitleg, positie van derden, contractuele vormgeving van uitleg
Auteurs Prof. mr. A.F. Verdam
SamenvattingAuteursinformatie

    Verdam bespreekt in zijn bijdrage Tjittes’ monografie Uitleg van schriftelijke contracten. Concluderend meent Verdam dat de monografie een verrijking is voor zowel de praktijkjurist als de meer theoretisch geïnteresseerde jurist. Het biedt een praktisch en mooi gestructureerd overzicht van vele aspecten en uitspraken inzake de uitleg van contractsbedingen, voorzien van interessante beschouwingen en nuanceringen waar velen hun voordeel mee kunnen doen.


Prof. mr. A.F. Verdam
Prof. mr. A.F. Verdam is hoogleraar ondernemingsrecht Vrije Universiteit te Amsterdam en legal advisor bij Philips.

    In een redactioneel artikel geeft de redactie een toelichting op het tijdschriftnummer in kwestie.

Artikel

Vertegenwoordiging in Boek 10 BW: een gemiste kans

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2010
Trefwoorden internationaal privaatrecht, vertegenwoordiging, Haags Vertegenwoordigingsverdrag, Rome I, Rome II
Auteurs Mr. C.R. Christiaans
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor de internationale rechtspraktijk is vertegenwoordiging een belangrijk onderwerp. Ons internationale handelsverkeer is immers grotendeels gebaseerd op vertegenwoordiging. De met grensoverschrijdende vertegenwoordiging verband houdende aspecten, waaronder zeker niet in de laatste plaats het op die vertegenwoordiging toepasselijk recht, blijven daarbij jammer genoeg veelal onderbelicht. Het voorgestelde art. 10:125 BW draagt niet bij aan het verbeteren van het begrip over dit onderwerp.


Mr. C.R. Christiaans
Mr. C.R. Christiaans is legal consultant en knowledge manager bij DLA Piper Nederland NV.
Artikel

Boek 10 BW: consolidatie en codificatie van het Nederlandse IPR

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2010
Trefwoorden Boek 10 BW, internationaal privaatrecht, consolidatie, codificatie, nieuwe wetgeving
Auteurs Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 18 september 2009 is de Vaststellings- en Invoeringswet Boek 10 BW bij de Tweede Kamer ingediend. In Boek 10 BW is het Nederlandse (materiële) IPR geconsolideerd en gecodificeerd. Welke onderwerpen regelt Boek 10 BW en welke niet?


Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is universitair docent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Discussie

Contracteren met Russische partijen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2010
Trefwoorden Rusland, Russisch overeenkomstenrecht, Russisch BW
Auteurs Dr. W.A. Timmermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de groei in de handelsbetrekkingen met Rusland en de daaruit voortvloeiende toename van het aantal koop- en investeringscontracten is het voor juridische dienstverleners ongetwijfeld nuttig enige kennis te hebben van het Russische overeenkomstenrecht. In deze bijdrage wordt men geïnformeerd over de basisbeginselen daarvan. Deze wijken evenwel niet fundamenteel af van wat algemeen gebruikelijk is.


Dr. W.A. Timmermans
Dr. W.A. Timmermans is advocaat te Leiden en gespecialiseerd in internationaal ondernemingsrecht; bovendien is hij universitair docent Russisch recht aan de Universiteit Leiden.
Praktijk

Leerstukken │ De toepasselijkheid van algemene voorwaarden onder het Weens Koopverdrag: nieuwe trend in de Nederlandse (lagere) rechtspraak?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2010
Trefwoorden Weens Koopverdrag, algemene voorwaarden, toepasselijkheid, terhandstelling
Auteurs Mr. dr. T.H.M. van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Bundesgerichtshof oordeelde in zijn arrest van 31 oktober 2001 dat voor de toepasselijkheid van algemene voorwaarden vereist is dat zij ter hand worden gesteld voorafgaand aan het sluiten van de koopovereenkomst. Dit arrest is niet in lijn met eerdere rechtspraak over de terhandstelling van algemene voorwaarden onder het Weens Koopverdrag en dit arrest mist derhalve persuasive authority. Nu bij dit arrest zich een aantal lagere Nederlandse rechters heeft aangesloten, ondanks het gebrek aan persuasive authority, dient er voor te worden gewaakt dat aan het arrest ‘via de achterdeur’ alsnog persuasive authority wordt toegekend. Kortom, overtuigd zijn wij allerminst. De regel dat de wederpartij, als redelijk handelend persoon had moeten begrijpen dat de gebruiker algemene voorwaarden van toepassing heeft verklaard, lijkt ons nog steeds onder het Weens Koopverdrag de juiste en meest wenselijk regel.


Mr. dr. T.H.M. van Wechem
Mr. dr. T.H.M. van Wechem is verbonden aan Baker & McKenzie, advocaten, notarissen en belastingadviseurs.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is als advocaat werkzaam bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.

    In een redactioneel artikel geeft de redactie een toelichting op het tijdschriftnummer in kwestie.

Artikel

Access_open A letter of comfort: does it offer any comfort?

Een beschouwing over de letter of comfort naar Nederlands recht met een blik over de grens

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 1 2010
Trefwoorden letter of comfort, patronaatsverklaring, uitleg, toepasselijk recht
Auteurs Mr. dr. S.A. Kruisinga en Mr. L. Leber
SamenvattingAuteursinformatie

    Een letter of comfort, ook wel patronaatsverklaring genoemd, is een verklaring die door een moedermaatschappij kan worden afgegeven als onderdeel van de zekerheidsstelling in het kader van kredietverstrekking aan haar dochter. De bedoeling van een dergelijke verklaring is de kredietverstrekker gerust te stellen terzake de terugbetaling van het krediet door de dochter. Een comfort letter kan ook door de moedermaatschappij worden afgegeven als going concern verklaring in verband met de waardering van de bezittingen en schulden van de dochter. Gezien het huidig economisch klimaat is de verwachting gewettigd dat accountants vaker een dergelijke verklaring van de moedermaatschappij zullen vragen alvorens een goedkeurende verklaring te kunnen afgeven. De inhoud van comfort letters is echter niet vastomlijnd. De positie van de letter of comfort in het Nederlandse recht staat in deze bijdrage centraal.


Mr. dr. S.A. Kruisinga
Mw. mr. dr. S.A. Kruisinga is verbonden aan het Molengraaff Instituut voor privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Mr. L. Leber
Mw. mr. L. Leber is verbonden aan het Molengraaff Instituut voor privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Boekbespreking

De grenzen van het recht op nakoming

Proefschrift van mr. D. Haas

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2010
Auteurs Prof. mr. C.J.J.C. van Nispen
SamenvattingAuteursinformatie

    Proefschrift van mr. D. Haas, besproken door prof. mr. C.J.J.C. van Nispen.


Prof. mr. C.J.J.C. van Nispen
Prof. mr. C.J.J.C. van Nispen is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.