Zoekresultaat: 61 artikelen

x
Jaar 2009 x
Artikel

Access_open Doorwerking van het publiekrecht in het privaatrecht in drievoud

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2009
Trefwoorden rechtsmachtverdeling, privaatrecht, publiekrecht, bestuursrechtelijke geldschulden
Auteurs Dr. mr. M.W. Scheltema
SamenvattingAuteursinformatie

    Er bestaan in verhoudingen tussen een burger en de overheid drie vormen van doorwerking van het publiekrecht in het privaatrecht. De eerste vorm van doorwerking hangt samen met de rechtsmachtverdeling tussen de burgerlijke rechter en de bestuursrechter. De tweede vorm van doorwerking hangt samen met de voorrang van publiekrechtelijke normen in het privaatrecht. Deze voorrang kan op twee manieren worden bereikt. Het is mogelijk dat publiekrechtelijke normen op onaanvaardbare wijze worden doorkruist indien gebruik gemaakt wordt van een privaatrechtelijke bevoegdheid. Een andere wijze waarop deze voorrang kan worden bewerkstelligd is het opnemen van een regeling in het publiekrecht van materie die ook in het BW is geregeld. De derde vorm van doorwerking betreft de doorwerking van publiekrechtelijke regels via open normen in het privaatrecht. Met het oog op de toekomst rijst de vraag welke van deze drie vormen van doorwerking in de toekomst zullen blijven bestaan en welke het meest prominent zullen worden.


Dr. mr. M.W. Scheltema
Dr. mr. M.W. Scheltema is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn advocaten en notarissen te Den Haag.

J.M. van der Most

J.T.H.L. Stappers

A.C. Hendriks

H.D.C. Roscam Abbing

W.L.J.M. Duijst



J.H.M. van Swaaij

M. Offerman

C.B.M.M. Hoegen-van Tiel

W.R. Kastelein

    In March 2008 the Minister of Agriculture, Nature and Food Quality put forward a bill on animal welfare and animal health to the Dutch Parliament. In this bill five acts on kept animals are integrated. The authors discuss whether the integration is a goal in itself or means to an end. In their view the choice of legislation involved in the integration is not a logical one, and it is questionable whether this integration is necessary at all. Furthermore, the bill in its present form is not an adequate instrument to attain the policy goals in the field of animal welfare and animal health.


I.E. Boissevain
Mr. ing. Iaira Boissevain is als junior universitair docent verbonden aan de Leerstoel Dier en Recht en tevens docent Gerechtelijke Diergeneeskunde bij de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht.

A.A. Freriks
Prof. mr. Annelies Freriks is hoogleraar Dier en Recht aan de Universiteit Utrecht en tevens advocaat/partner bij AKD Prinsen Van Wijmen NV in Breda.
Artikel

‘There is no justice, just us’

Hoe de overheid dierenextremisme in de hand werkt

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 7 2009
Auteurs E. Eskens
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years the Dutch radical animal movement has manifested itself through arson, threats and destruction of property. This article describes the rise of the radical movement and its tendency towards violence. While the animal movement has its roots in nineteenth century romanticism, the anarchism of the sixties and the squatting movement of the eighties gave way to a more radical animal movement. The anti-establishment movement of the sixties turned against intensive farming. When the punk movement of the eighties freed itself from an overwhelming sense of doom, it gave rise to a new attitude, which rejected drugs, alcohol, and meat. The so-called Straight Edge Movement developed into one of the driving forces behind the recent animal related violence. Hiding behind the facade of the Animal Liberation Front the activists are strongly convinced that they have morality on their side while targeting farms, cattle trucks, and animal test facilities. Many animal activists feel that Dutch law as it is, does not protect animals in a sufficient way. Another problem is that animal laws are hardly being upheld. Inspections of farms, slaughterhouses and transportation vehicles are rare, prosecutors usually give no priority to animal cases, and judges and the rare judicial sentences are usually extremely mild. This leads radical activists to a conclusion that one of them wrote on a wall: ‘There is no justice, just us’.


E. Eskens
Drs. Erno Eskens studeerde filosofie en politicologie en is uitgever en bestuurslid van stichting Dier en Recht Nederland. Hij publiceerde onlangs het boek Democratie voor dieren (uitg. Contact).
Artikel

Over getuigschriften en zo

100 jaar Wet op de arbeidsovereenkomst

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2009
Trefwoorden wet op de arbeidsovereenkomst, historie, gezichtspunten, ontwikkelingen
Auteurs Mr. R.A.A. Duk
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel is de bewerking van een op 31 mei 2007 voor de Vereniging van Arbeidsrecht gehouden voordracht over 100 jaar Wet op de arbeidsovereenkomst. In vervolg op uiteenzettingen van Levenbach en Van der Grinten bij het 50- en 75-jarig bestaan van die wet wordt bezien hoe wetgeving en rechtspraak zich in die periode hebben ontwikkeld, met een zwaar accent op de periode sinds 1982, wat aanleiding geeft tot enkele beschouwingen over de rol van wetgever en rechter in het arbeidsrecht, nu en in de toekomst.


Mr. R.A.A. Duk
R. Duk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek.
Artikel

Over provisie en de zorgplicht van de assurantietussenpersoon

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2009
Trefwoorden assurantietussenpersoon, overeenkomst van opdracht, provisie, zorgplicht
Auteurs Mr. S.Y.Th. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    De provisie die de assurantietussenpersoon ontvangt, is onderwerp van het maatschappelijk debat. De discussie gaat met name over de hoogte van de provisie en het feit dat de hoogte van de provisie niet inzichtelijk was voor de klant. De wetgever heeft echter regels gegeven die deze discussie voor de toekomst voorkomen. Er zijn publiekrechtelijke regels opgesteld die ertoe leiden dat de provisie transparant moet worden gecommuniceerd en moet aansluiten bij de verrichte werkzaamheden (een passende provisie). Het is echter de vraag hoe deze publiekrechtelijke regels zich verhouden tot de privaatrechtelijke regels van de overeenkomst van opdracht die de verhouding tussen de klant en de assurantietussenpersoon beheersen. Deze vraag staat in dit artikel centraal.


Mr. S.Y.Th. Meijer
Mr. S.Y.Th. Meijer is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Wie is de waterbeheerder en wat moet hij doen?

Taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de waterbeheerder in de Waterwet

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2009
Trefwoorden waterbeheer, Waterwet, overheidszorg, functioneel decentraal beheer
Auteurs Prof. mr. H.F.M.W. van Rijswick
SamenvattingAuteursinformatie

    In een themanummer over de Waterwet kan een beschrijving van de waterbeheerder en zijn taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden niet ontbreken. De Waterwet regelt het beheer en gebruik van het watersysteem in al zijn aspecten.1x Zie naast de bijdragen in dit themanummer over de Waterwet eveneens S. Handgraaf, De Waterwet, M en R? 2009, p. 489-496; zie over het wetsvoorstel T.P. de Kramer & N. Teesing (red.), De nieuwe Waterwet, Vereniging voor milieurecht 2007-2, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2007, M.N. Boeve & L. van Middelkoop (red.), Het waterrecht in perspectief. Actuele ontwikkelingen en doorwerking naar het milieurecht en het ruimtelijke-ordeningsrecht, Groningen: Europa Law Publishing 2008, p. 35-52, en over het voorontwerp H.J.M. Havekes, Het voorontwerp Waterwet, M en R 2005, p. 628-632. Zie eveneens E.C.M. Schippers & J.H. Geerdink, Alles over water in een notendop (in twee delen), Gemeentestem 2008, 7296, p. 261-272 en Gemeentestem 2008, 7297, p. 289-302. De nadruk ligt daarbij op het watersysteem: het samenhangende geheel van één of meer oppervlaktelichamen en grondwaterlichamen, met bijbehorende bergingsgebieden, waterkeringen en ondersteunende kunstwerken. Deze definiëring geeft ook de ruime reikwijdte van de wet: het gaat om het gehele watersysteem, maar de Waterwet reguleert niet de waterketen.2x Zie hierover P. Jong, Watersysteem en waterketen in de water- en milieuwetgeving, in: M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (red.), Het milieurecht als proeftuin, 20 jaar Centrum voor Milieurecht, Groningen: Europa Law Publishing 2007, p. 57-72. De drinkwatervoorziening en het verzamelen en transport van afvalwater vallen buiten de reikwijdte van de wet.

Noten

  • * De leerstoel wordt financieel ondersteund door de Stichting Schilthuisfonds. Tevens maakt Marleen van Rijswick deel uit van de door de Stichting Leven met Water ingestelde multidisciplinaire ‘leertafel’ Watergovernance, waar zij is benoemd op de leerstoel Ontwikkelingsgericht waterrecht.
  • 1 Zie naast de bijdragen in dit themanummer over de Waterwet eveneens S. Handgraaf, De Waterwet, M en R? 2009, p. 489-496; zie over het wetsvoorstel T.P. de Kramer & N. Teesing (red.), De nieuwe Waterwet, Vereniging voor milieurecht 2007-2, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2007, M.N. Boeve & L. van Middelkoop (red.), Het waterrecht in perspectief. Actuele ontwikkelingen en doorwerking naar het milieurecht en het ruimtelijke-ordeningsrecht, Groningen: Europa Law Publishing 2008, p. 35-52, en over het voorontwerp H.J.M. Havekes, Het voorontwerp Waterwet, M en R 2005, p. 628-632. Zie eveneens E.C.M. Schippers & J.H. Geerdink, Alles over water in een notendop (in twee delen), Gemeentestem 2008, 7296, p. 261-272 en Gemeentestem 2008, 7297, p. 289-302.

  • 2 Zie hierover P. Jong, Watersysteem en waterketen in de water- en milieuwetgeving, in: M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (red.), Het milieurecht als proeftuin, 20 jaar Centrum voor Milieurecht, Groningen: Europa Law Publishing 2007, p. 57-72.


Prof. mr. H.F.M.W. van Rijswick
Prof. mr. H.F.M.W. van Rijswick is hoogleraar Europees en nationaal waterrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De Waterwet: innovatie van het waterrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2009
Trefwoorden Waterwet, waterbeheerwetgeving, integraal waterbeheer, waterstaatswerken
Auteurs Mr. dr. H.J.M. Havekes
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse waterbeheerwetgeving is momenteel erg verbrokkeld. Bijna elk onderdeel van het waterbeheer kent zijn eigen wet. Dit komt de transparantie en praktische toepassing van deze wetten niet ten goede. Vandaar dat al langer wordt aangedrongen op integratie van deze aparte wetten. Eind dit jaar is het zover en treedt de Waterwet in werking. Deze bijdrage beschrijft op hoofdlijnen de achtergrond, strekking en inhoud van deze wet, waarbij de nadruk ligt op de nieuwe elementen daarvan. Uitgegaan is van de wettekst zoals deze door de Invoeringswet Waterwet komt te luiden.1x Zie voor de tekst hiervan < www.waterwet.nl >, waar ook andere nuttige informatie over de Waterwet te vinden is. Zie voor dit laatste ook het recente artikel van S. Handgraaf over de Waterwet in M en R 2009/8, p. 489-496. De Waterwet heeft voor de praktijk grote consequenties. Er verandert het nodige. Het kan dan ook bepaald geen kwaad als omgevingsjuristen, vergunningverleners, handhavers en beleidsmakers van Rijkswaterstaat, ministeries, provincies, waterschappen, gemeenten, waterleidingbedrijven en adviesbureaus zich daarin alvast verdiepen.

Noten

  • * De bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
  • 1 Zie voor de tekst hiervan < www.waterwet.nl >, waar ook andere nuttige informatie over de Waterwet te vinden is. Zie voor dit laatste ook het recente artikel van S. Handgraaf over de Waterwet in M en R 2009/8, p. 489-496.


Mr. dr. H.J.M. Havekes
Mr. dr. H.J.M. Havekes is Projectleider Waterwet bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat.

    Een beschouwing over de rede van G.A. Biezeveld, Onze ecologische voetafdruk. Hoe het milieurecht kan helpen die te verkleinen, uitgesproken bij de aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar in het milieurecht aan de Rijksuniversiteit Groningen, 31 maart 2009.


Prof. mr. dr. C.J. Bastmeijer
Prof. mr. dr. C.J. Bastmeijer is hoogleraar natuurbeschermings- en waterrecht aan de Universiteit van Tilburg (zie http://www.uvt.nl/webwijs/show/?uid=c.j.bastmeijer).

    In Actualiteiten wordt verslag uitgebracht van actuele ontwikkelingen.

Artikel

Het cliëntenonderzoek in de WWFT: een terugblik op het afgelopen jaar

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2009
Trefwoorden witwassen, WWFT, cliëntenonderzoek, kredietinstellingen
Auteurs Mw. mr. M.L. van Duijvenbode
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 augustus 2008 is de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (WWFT) in werking getreden. De voornaamste vernieuwing die de WWFT heeft gebracht, is de introductie van het cliëntenonderzoek, ook wel bekend als Customer Due Diligence (CDD). Na een coulanceperiode van een halfjaar is de WWFT nu effectief slechts een halfjaar op stoom. In deze bijdrage wordt de ontwikkeling van het cliëntenonderzoek in de (inter)nationale antiwitwasregelgeving besproken. Hiernaast wordt er ingegaan op de belangrijkste veranderingen die de WWFT heeft gebracht op het gebied van cliëntenonderzoek en hoe kredietinstellingen het afgelopen jaar met deze veranderingen zijn omgegaan.


Mw. mr. M.L. van Duijvenbode
Mw. mr. M.L. van Duijvenbode is als beleidsmedewerker werkzaam bij de afdeling Integriteit, directie Financiële Markten van het ministerie van Financiën. Haar bijdrage in dit nummer heeft zij op persoonlijke titel geschreven.
Toont 1 - 20 van 61 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.