Zoekresultaat: 74 artikelen

x
Jaar 2016 x
Artikel

Omgevingswaarden: waardevol?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden omgevingsrecht, omgevingswaarde, Omgevingswet, milieukwaliteitseis
Auteurs Mr. dr. F.A.G. (Frank) Groothuijse
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel is een onderdeel van het themanummer naar aanleiding van de Vlaams-Nederlandse bijeenkomst over het omgevingsrecht met de titel: ‘Omgevingsrecht in de Lage Landen: Toren van Babel of Tuin der Lusten?’
    In dit artikel gaat de auteur in op milieukwaliteitseisen en de transitie naar omgevingswaarde onder de Omgevingswet.


Mr. dr. F.A.G. (Frank) Groothuijse
Mr. dr. F.A.G. Groothuijse is als universitair hoofddocent Omgevingsrecht verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Lozingsactiviteiten in het Besluit activiteiten leefomgeving

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Omgevingswet, Waterwet, Bal, lozen
Auteurs Mr. Z. (Zinzi) Aben LL.Mleg en Mr. ir. S. (Simon) Handgraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs het kader voor lozingen na inwerkingtreding van de Omgevingswet. Daarbij wordt ingegaan op het nieuwe begrip ‘de lozingsactiviteit’ en de overige relevante bepalingen in het Besluit activiteiten leefomgeving.


Mr. Z. (Zinzi) Aben LL.Mleg
Mr. Z. Aben, LL.Mleg is wetgevingsjurist bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Mr. ir. S. (Simon) Handgraaf
Mr. ir. S. Handgraaf is mede-eigenaar van Colibri Advies BV en werkt in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu aan de stelselherziening omgevingsrecht.
Artikel

Het Besluit activiteiten leefomgeving

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Omgevingswet, stelselherziening, Bal, Activiteitenbesluit, activiteiten
Auteurs Mr. G.C.W. (Godert) van der Feltz
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op de systematiek van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en de rol van het Bal in het omgevingsrecht.


Mr. G.C.W. (Godert) van der Feltz
Mr. G.C.W. van der Feltz is advocaat bij Van der Feltz Advocaten.
Artikel

De Omgevingswet: waterbestendig of waterdoorlatend?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Omgevingswet, Waterwet
Auteurs Mr. ir. M.J. (Ina) Kraak en Mr. W.J. (Willem) Wensink
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken en beoordelen de auteurs de Omgevingswet – met een doorkijkje naar de wet- en regelgeving die nog volgt – vanuit het perspectief van het waterbeheer en de positie van de waterbeheerder. De huidige Waterwet, die nu in belangrijke mate het referentiekader is voor de waterbeheerder, vormt daarbij een belangrijke toetssteen.


Mr. ir. M.J. (Ina) Kraak
Mr. ir. M.J. Kraak werkt als beleidsadviseur bestuurlijk juridische zaken bij de Unie van Waterschappen.

Mr. W.J. (Willem) Wensink
Mr. W.J. Wensink is als coördinator bestuurlijk juridische zaken werkzaam bij de Unie van Waterschappen.
Artikel

Wat is een behoorlijke verzekering in het kader van goed werkgeverschap?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden behoorlijke verzekering, polissenonderzoek, werkgeversaansprakelijkheid, werknemersschade
Auteurs Mr. J.R. Goudkuil
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft in 2011 voor werkgevers een behoorlijke verzekeringsplicht in het leven geroepen met betrekking tot de werknemers die zich tijdens de uitoefening van werkzaamheden in het verkeer bevinden. Wat wordt verstaan onder een behoorlijke verzekering? Om deze centrale vraag te onderzoeken zijn eerst aanknopingspunten gezocht in de jurisprudentie. Hierna zijn meerdere verzekeringspolissen onderzocht om te bezien wat een gangbare verzekeringspolis is. Het voornaamste onderzoeksresultaat is dat verzekeraars het Burgerlijk Wetboek van toepassing hebben verklaard. Enerzijds betekent dit in beginsel volledige schadevergoeding voor de werknemer, anderzijds betekent dit dat eventuele onduidelijkheden wat betreft de schadevergoeding aan de rechter worden overgelaten.


Mr. J.R. Goudkuil
Mr. J.R. Goudkuil is werkzaam als letselschadejurist bij Juridisch Bureau Letselschade & Gezondheidsrecht.
Artikel

Schade door een ongeschikte medische hulpzaak ex artikel 6:77 BW: een rechtsvergelijking met Frankrijk en Duitsland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden artikel 6:77 BW, medische hulpzaken, Frans aansprakelijkheidsrecht, Duits aansprakelijkheidsrecht
Auteurs Mr. V.J.P. Ramaekers
SamenvattingAuteursinformatie

    De aansprakelijkheidsregeling voor gebruikers van ongeschikte medische hulpzaken volgens artikel 6:77 BW heeft geleid tot rechtsonzekerheid en discussie. Om nieuwe inzichten te verkrijgen is het interessant om een rechtsvergelijking te maken met twee nabijgelegen landen die voor wat betreft het rechtssysteem en de juridisch-culturele ontwikkeling op Nederland lijken. In deze bijdrage is daarom onderzocht wie in Frankrijk en Duitsland door patiënten kunnen worden aangesproken, wat daar de tendensen in zijn en op welke manier het Nederlandse recht daar inspiratie aan kan ontlenen.


Mr. V.J.P. Ramaekers
Mr. V.J.P. Ramaekers is jurist bij OBV-Logistiek B.V. te Eijsden.
Praktijk

Een verkenning van het fenomeen ‘reliance’ verstrekken in de overname- en financieringspraktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2016
Trefwoorden reliance letter, due diligence-rapport, zorgplicht
Auteurs Mr. K.J. Koops en Mr. H.K. Schrama
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs duiden in dit artikel de situatie waarin een advocaat een derde door middel van een ‘reliance letter’ laat afgaan op zijn due diligence-rapport. Zij gaan daarbij in op de vraag of in die situatie een zorgplicht van de advocaat tegenover de derde ontstaat en wat de omvang van die zorgplicht is. De auteurs zien goede redenen om aan te nemen dat de advocaat en de derde op basis van de reliance letter een overeenkomst aangaan, maar achten onaannemelijk dat een (eigen) zorgplicht van de advocaat tegenover de derde ontstaat.


Mr. K.J. Koops
Mr. K.J. Koops is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. H.K. Schrama
Mr. H.K. Schrama is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Praktijk

Uitzendkrachten inhuren: wanneer wordt goedkoop duurkoop?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2016
Trefwoorden inlenersaansprakelijkheid, art. 34 Invorderingswet 1990, G-rekening, verklaring omtrent het betalingsgedrag, verjaring
Auteurs Mr. N.J. Schutte
SamenvattingAuteursinformatie

    De inlenersaansprakelijkheid van art. 34 van de Invorderingswet 1990 is een vrijwel zuivere risicoaansprakelijkheid. Deze wordt ingeroepen als een uitlener van personeel loonbelasting of premies onbetaald laat. Het is voor de inlener lastig en administratief bewerkelijk om afdoende maatregelen te nemen tegen een dergelijke aansprakelijkstelling. Verjaring van het recht tot aansprakelijkstelling vindt maar zelden plaats en ook de disculpatieregeling werkt slechts in uitzonderingsgevallen. Alleen de storting van de loonbelasting- en premiecomponent door de inlener op een geblokkeerde rekening van de uitlener is afdoende. Dit artikel gaat in kort bestek op de meeste problemen in waar de inlener mee te maken kan krijgen.


Mr. N.J. Schutte
Mr. N.J. Schutte is verbonden aan de sectie Belastingrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen en tevens werkzaam als belastingadviseur bij Deloitte.
Artikel

Eigen schuld in beleggingsadviesrelaties

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2016
Trefwoorden beleggingsadvies, eigen schuld, schadebeperking, zorgplicht
Auteurs Mr. A.G.F. Ancery
SamenvattingAuteursinformatie

    In beleggingsadviesrelaties geeft de belegger zelf opdracht voor de koop en verkoop van effecten. Hij doet dat op advies van de beleggingsonderneming. In hoeverre is er nog ruimte voor eigen schuld van de belegger als de beleggingsonderneming bij het geven van een advies haar zorgplicht schendt?


Mr. A.G.F. Ancery
Mr. A.G.F. Ancery is als gerechtsauditeur verbonden aan de Hoge Raad der Nederlanden.

Mr. J. de Boer
Mr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Redactioneel

Toezicht in samenwerking

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2016
Auteurs Dr. Karin van Wingerde en Prof. mr. Gustaaf Biezeveld
Auteursinformatie

Dr. Karin van Wingerde
Dr. C.G. van Wingerde is universitair docent criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en lid van de redactie van Tijdschrift voor Toezicht.

Prof. mr. Gustaaf Biezeveld
Prof. mr. G.A. Biezeveld is emeritus hoogleraar milieurecht, voormalig officier van justitie en lid van de redactie van Tijdschrift voor Toezicht.
Artikel

Estate plannen mag/moet iedere adviseur!

Maar in ieder geval de notaris

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 37 2016
Trefwoorden Testament
Artikel

Tussen kunst en kitsch

Over de aansprakelijkheid van kunstexperts

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2016
Trefwoorden kunst, beroepsaansprakelijkheid, authenticiteit, provenance, exoneratie
Auteurs Mr. A.G.F. Ancery
Auteursinformatie

Mr. A.G.F. Ancery
Mr. A.G.F. Ancery is als gerechtsauditeur verbonden aan de Hoge Raad der Nederlanden.
Praktijk

Kroniek beschikkingenpraktijk ACM Mededingingsrecht 2015-2016

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Mededingingswet, Autoriteit Consument & Markt, eerstelijnszorg, concentratietoezicht
Auteurs Mr. C.T. Dekker en mr. E. Belhadj
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek staat de praktijk van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor wat betreft de toepassing van de Mededingingswet centraal. Daarbij worden ook uitspraken van Rechtbank Rotterdam over besluiten van de ACM behandeld. De periode die door deze kroniek bestreken wordt betreft 1 januari 2015 tot 1 juli 2016.


Mr. C.T. Dekker
Cees Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.

mr. E. Belhadj
Ekram Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.
Artikel

Safe havens voor onrechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen

Veiligheid en het toezicht op irreguliere migratie via hulpverleningsorganisaties

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2016
Trefwoorden unauthorized migrants, civil society, safety, migration control, policing non-citizens, NGOs
Auteurs prof. dr. Richard Staring en Mieke Kox MA
SamenvattingAuteursinformatie

    Nongovernmental organizations (NGOs) within Dutch civil society provide material and immaterial assistance to unauthorized migrants in the Netherlands. Based on long-term qualitative fieldwork in the life worlds of unauthorized migrants, the authors describe how the migrants experience these NGOs as a safe haven where they feel at home and secure for the risks of apprehension and deportation. We argue that these safe havens are also beneficial for the society at large. These NGOs contribute to preventing unauthorized migrants from sleeping in public places and employing illegitimate survival strategies. In addition, the NGOs’ empowerment of these migrants is advantageous for their willingness to access healthcare and employ legal rights. Recent attempts of the Dutch government to restrict the number of these NGOs, lead amongst other things to NGOs who are increasingly focusing on the unauthorized migrants’ return. We argue that these governmental efforts of controlling unauthorized migration through NGOs, will result in unauthorized migrants loosing trust in these safe havens. Ultimately, this governmental control through NGOs will have a negative impact on feelings of security in the society at large as it fundamentally diminishes the significance of these NGOs in civil society for unauthorized migrants without offering an alternative.


prof. dr. Richard Staring
Prof. dr. Richard Staring is bijzonder hoogleraar mobiliteit, toezicht en criminaliteit aanp de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mieke Kox MA
Mieke Kox, MA, is PhD kandidaat bij de sectie criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    De vraag die in dit artikel centraal staat, is hoe het wetsvoorstel nieuwe normering primaire waterkeringen kan worden omgezet naar het stelsel van de Omgevingswet en met welke punten rekening gehouden moet worden. Allereerst wordt het wetsvoorstel beschreven, waarna wordt aangegeven welke kaders – naast de Waterwet en de Omgevingswet – van belang zijn voor de omzetting. Vervolgens komen technische aspecten van het incorporeren van het wetsvoorstel in het stelsel van de Omgevingswet aan de orde en worden enkele inhoudelijke punten aangestipt, die nog meer denkwerk vereisen. Tot slot wordt geschetst welke stappen nog moeten worden gezet richting de invoeringsregelgeving van de Omgevingswet voor zover het gaat om het waterveiligheidsbeleid.


Mr. drs. D. (Danny) van Twist
Mr. drs. D. van Twist is werkzaam bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu en is met het onderwerp van dit artikel cum laude afgestudeerd aan de Academie voor Wetgeving.
Artikel

De juridische houdbaarheid van de doorleverplicht – een eerste verkenning

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden doorleverplicht, zorginkoop, precontractuele fase, artikel 3:40 B beperkende werking redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. B.A. van Schelven
SamenvattingAuteursinformatie

    De juridische houdbaarheid van de doorleverplicht is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Een rechtsgrond die zich in absolute zin tegen de doorleverplicht verzet, dient zich niet direct aan. In de precontractuele fase zal een doorleverplicht vermoedelijk het snelst ontoelaatbaar worden geoordeeld indien de doorleverplicht in combinatie met een omzetplafond wordt opgelegd door een dominante zorgverzekeraar. In de nakomingsfase zal de doorleverplicht waarschijnlijk het snelst ontoelaatbaar worden geoordeeld indien de bedrijfsvoering van de zorgaanbieder in gevaar komt, de reden voor effectuering niet bij de zorgaanbieder ligt, de verzekerden voor dezelfde zorg terecht kunnen bij een andere zorgaanbieder en de prijs-kwaliteitverhouding te veel doorslaat naar prijs.


Mr. B.A. van Schelven
Bas van Schelven (30 jaar) is advocaat bij Van Doorne. De auteur dankt Willemien Bischot en Cees Jan de Boer voor hun commentaar op eerdere versies van dit artikel.
Artikel

Relativiteit, eigen schuld en de collectieve actie

Enkele opmerkingen naar aanleiding van HR 27 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3399, NJ 2016/245 m.nt. T.F.E. Tjong Tjin Tai (Stichting Gedupeerde Beleggers/ABN Amro)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden collectieve actie, relativiteit, eigen schuld, bancaire zorgplicht, beleggingsschade
Auteurs Mr. drs. D.F.H. Stein
SamenvattingAuteursinformatie

    In hoeverre staat onvoorzichtigheid van de belegger in de weg aan diens bescherming door de bancaire zorgplicht? De auteur bespreekt deze vraag in het kader van een collectieve actie en gaat tevens in op de mogelijkheid om daarin een oordeel te krijgen omtrent het beschermingsbereik van een geschonden norm (relativiteit ‘in strikte zin’).


Mr. drs. D.F.H. Stein
Mr. drs. D.F.H. Stein is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 74 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.