Zoekresultaat: 82 artikelen

x
Jaar 2020 x

    De auteur bespreekt of voor een aanspraak op inzage vereist is dat de vordering waarvoor die wordt ingesteld aannemelijk is. Dat doet hij aan de hand van huidig recht, het wetsvoorstel modernisering en vereenvoudiging van het bewijsrecht en de rechtspraak van de Hoge Raad hierover, waaronder HR 10 juli 2020, ELCI:NL:HR:2020:1251 (Semtex/X c.s.). Hij geeft ook aan welke keuzes de wetgever volgens hem moet maken.


Mr. J. Ekelmans
Mr. J. Ekelmans is advocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten in Den Haag.

Ruth de Bock
Mr. dr. R.H. de Bock is advocaat-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden en deeltijdhoogleraar Civiele rechtspleging aan de Universiteit van Amsterdam.
Boekbespreking

Cassatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2020
Auteurs Freerk Vermeulen
Auteursinformatie

Freerk Vermeulen
Mr. F.E. Vermeulen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Access_open De berechting binnen een redelijke termijn

Een empirisch onderzoek naar doorlooptijden in handelszaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2020
Trefwoorden redelijke termijn, doorlooptijden
Auteurs Remme Verkerk, Frans van Dijk en Dewy Pistora
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel betreft een empirisch onderzoek naar de doorlooptijden in civiele zaken. Het gaat in op de categorie van zaken die te kampen hebben met de langste doorlooptijden: handelszaken met een belang van boven de € 1 miljoen. Van honderd van dergelijke zaken zijn de procedure in eerste aanleg en in hoger beroep nader bestudeerd en is het procesverloop in kaart gebracht. Het onderzoek maakt inzichtelijk welke tijd is gemoeid met de afzonderlijke stappen in de procedure.


Remme Verkerk
Mr. dr. R.R. Verkerk is werkzaam als cassatieadvocaat bij Houthoff en als hoofddocent burgerlijk procesrecht aan de Universiteit Utrecht.

Frans van Dijk
Dr. F. van Dijk is werkzaam als hoogleraar empirische analyse van rechtssystemen aan de Universiteit Utrecht. Hij is tevens verbonden aan de Raad voor de rechtspraak.

Dewy Pistora
D. Pistora is onderzoeksassistent aan de Universiteit Utrecht.

Floris Bakels
Mr. F.B. Bakels is onder meer oud-lid van de toenmalige kortgedingkamer van het gerechtshof Amsterdam, oud-vicepresident van de Hoge Raad en oud-voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam. Hij is inmiddels rechter-plaatsvervanger in die rechtbank.
Artikel

Vrijheidsontneming, penitentiaire beginselen en de eendentest

Over de aard van vreemdelingenbewaring

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden vreemdelingenbewaring, vrijheidsontneming, penitentiair recht, Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring, visitatie isoleercel
Auteurs Mr. drs. Frans-Willem Verbaas
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, immigration detention is classified under administrative law. More precisely: it is a form of administrative coercion. But immigration detention is also deprivation of liberty, or a habeas corpus measure. This makes it the most far-reaching form of administrative coercion you can think of. The regime and house rules of immigration detention differ just a little from those of criminal deprivation of liberty. The draft bill on the Return and Detention Act provides some improvements. For asylum seekers that cause nuisance, there is the Enforcement and Supervision Location, where the foreign national is given an area restriction and must remain within the municipal boundaries. Due to the liberty restrictions, immigration detention should always be the last resort.


Mr. drs. Frans-Willem Verbaas
Mr. drs. F.W. Verbaas is advocaat bij Collet Advocaten Alkmaar. Hij is mensenrechtenadvocaat en gespecialiseerd in penitentiair recht en vreemdelingenrecht, waaronder vreemdelingenbewaring.

Mr. M.J.P. Schipper
Artikel

Access_open Coronacrisis en rechtspleging

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Corona crisis, judiciary, ICT, Court delay, Trias politica
Auteurs Dr. Frans van Dijk en Mr. dr. Eddy Bauw
SamenvattingAuteursinformatie

    Four phases of the Corona crisis are distinguished: a first acute phase, the gradual transition to a new normal, the economic downturn and the long run. The article describes what happened in the courts in the first and in the beginning of the second phase, and what is subsequently likely to happen. In the acute phase the court buildings shut down, and adjudication came largely to a halt. The courts were late in opening up, and as a result backlogs of, in particular, criminal cases increased. The courts extended their use of digital tools (e.g. tele-hearings) that, while allowing cases to proceed, did not fully protect the rights of parties. While so far the volume of commercial cases and bankruptcies has not increased, a (rapid) increase is inevitable. Contract breach will be wide spread, and will give rise to fundamental legal issues. For economic recovery it is essential that the courts give clear and consistent guidance in these matters quickly. This requires the courts to reduce the currently long duration of civil cases, and to use the available procedures to get expeditious decisions of the Supreme Court. The courts will also need to develop their ICT-instruments rapidly to guarantee the rights of parties. After a difficult first phase, the courts now face the challenge to effectively guide society through the Corona crisis and its aftermath, and thereby play its role in the trias politica.


Dr. Frans van Dijk
Frans van Dijk is professor Empirische analyse van rechtssystemen, Montaigne Centrum voor rechtsstaat en rechtspleging, Universiteit Utrecht en adviseur van de Raad voor de rechtspraak. Zijn huidige onderzoek gaat over percepties van rechterlijke onafhankelijkheid, fouten in rechterlijke besluitvorming en de rol van de rechtspraak in de economie. Hij heeft enquêtes onder rechters en advocaten georganiseerd voor het Europees Netwerk van Raden voor de rechtspraak.

Mr. dr. Eddy Bauw
Eddy Bauw is hoogleraar Privaatrecht en rechtspleging. Voorzitter van het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en programmaleider van het Montaigne Centrum voor rechtsstaat en rechtspleging. Raadsheer-plaatsvervanger gerechtshof Den Haag. Zijn recente onderzoek richt zich op de thema’s collectieve actie, massaschade, rechtspleging en conflictoplossing.
Wetenschap en praktijk

Selectieve betalingen in het zicht van (mogelijke) insolventie – ruim baan voor de bestuurder?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Ontvanger/Roelofsen, faillissement, bestuurdersaansprakelijkheid, Ingwersen q.q./Kromme Leek c.s., verhaalsfrustratie
Auteurs Mr. L.M. Linskens en Mr. S.C.M. van Thiel
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurder van een bv of nv wordt in tijden van financiële krapte veel vrijheid gegund om zelf te bepalen welke schuldeisers hij wel en welke hij (nog) niet voldoet. Deze vrijheid wordt slechts begrensd door de wet (pauliana) en door de jurisprudentie omtrent selectieve betalingen. Op grond van die jurisprudentie is een bestuurder die in een situatie waarin er blijvend meer schulden dan middelen zijn gelieerde crediteuren boven andere crediteuren behandelt, in beginsel persoonlijk aansprakelijk jegens die andere crediteuren. In de literatuur is bepleit dat deze ‘in beginsel’-regel zou moeten gelden voor alle betalingen die een bestuurder verricht nadat het faillissement van de vennootschap onvermijdelijk is geworden. Uit het arrest Ingwersen q.q./Kromme Leek c.s., dat eerder dit jaar werd gewezen, volgt dat de Hoge Raad hier echter geen aanleiding voor zag. In deze bijdrage staat de vraag centraal of dit betekent dat de Hoge Raad de bestuurder zelfs in een dergelijke situatie nog ruim baan geeft om zijn eigen keuzes te maken. Aan het einde wordt bezien hoe de lagere jurisprudentie tot nu toe hierop heeft gereageerd.


Mr. L.M. Linskens
Mr. L.M. (Lisa) Linskens is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.

Mr. S.C.M. van Thiel
Mr. S.C.M. (Stein) van Thiel is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.
Jurisprudentie

Civiele jurisprudentie van GEA en GHvJ

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2020
Auteurs Prof. mr. dr. J. de Boer
Auteursinformatie

Prof. mr. dr. J. de Boer
Prof. mr. dr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Ook is hij lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Artikel

Publieke en private handhaving van het kartelverbod – een convergente toepassing van dezelfde norm?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2020
Trefwoorden kartel, kartelverbod, publieke handhandhaving, private handhaving
Auteurs Ellen Römkens, Anke Prompers, Aron Bouman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit tweeluik zal aan de hand van rechtspraak worden geïnventariseerd of ten aanzien van (a) het bewijzen van kartelafspraken en (b) de wijze van toerekening, we op het eerste oog kunnen spreken van een convergente toepassing van het kartelverbod door de Nederlandse bestuursrechter en de civiele rechter.


Ellen Römkens
Mr. H.B.M. Römkens is senior medewerker toezicht bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Anke Prompers
Mr. A.S.M.L. Prompers is coördinator beroepen bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Aron Bouman
Mr. A. Bouman is medewerker toezicht bij de Directie Juridische Zaken van de ACM.

Marc Kuijper
Mr. M. Kuijper is advocaat/partner bij Dentons Europe LLP.

Reinier Lamberti
Mr. R.J.G. Lamberti is advocaat bij Dentons Europe LLP.
Artikel

Access_open Naar een nieuwe invulling van de kringenleer in de jaarrekeningprocedure

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2020
Trefwoorden jaarrekening, verzoekschriftprocedure, belanghebbende, kring van belanghebbenden, Timmerman
Auteurs Mr. C.E.J.M. Hanegraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    De wetgever heeft de invulling van het begrip ‘belanghebbende’ in de jaarrekeningprocedure aan de rechtspraak overgelaten. Datzelfde geldt voor andere verzoekschriftprocedures waarbij rechtspersonen betrokken zijn. In de rechtspraak is het onderscheid ontwikkeld tussen twee kringen van belanghebbenden. A-G Timmerman stelt in een recente conclusie voor aan de kringenleer in de jaarrekeningprocedure dezelfde invulling te geven als aan de kringenleer zoals die ontwikkeld is buiten de jaarrekeningprocedure. De auteur gaat in op het voorstel van Timmerman.


Mr. C.E.J.M. Hanegraaf
Mr. C.E.J.M. Hanegraaf is werkzaam als advocaat bij VDB Advocaten Notarissen te Waalre.
Artikel

Kroniek internationaal privaatrecht Caribische koninkrijksdelen 2010-2020

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Internationaal privaatrecht, internationaal bevoegdheidsrecht, conflictenrecht, internationaal erkennings- en executierecht, internationaal privaatrecht
Auteurs Dr. mr. M.V.R. Snel
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden de belangrijkste ontwikkelingen binnen het internationaal privaatrecht van de Caribische koninkrijksdelen die zich in de periode 2010-2020 hebben voorgedaan besproken.


Dr. mr. M.V.R. Snel
Dr. mr. M.V.R. Snel is als wetenschappelijk hoofdmedewerker privaatrecht verbonden aan de University of Curaçao en als research fellow aan het Tilburgs Instituut voor Privaatrecht.
Artikel

Kroniek burgerlijk procesrecht 2010-2020

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden procesrechtelijke ontwikkelingen
Auteurs Mr. Th. Veling
SamenvattingAuteursinformatie

    Overzicht van ontwikkelingen in het burgerlijk procesrecht in het Caribische deel van het Koninkrijk der Nederlanden. Onder andere over griffierecht, waarheidsplicht, procestalen, suggestiebevoegdheid, procedure in hoger beroep, digitalisering en beslag.


Mr. Th. Veling
Mr. Th. Veling was tot 2020 rechter in het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en is nu rechter in de rechtbank Rotterdam.
Artikel

Caribisch Nederland – gelijkwaardig maar niet altijd gelijkvormig

De eerste 10 jaar als bijzondere gemeenten direct onder Europees Nederland, van legislatieve terughoudendheid naar comply or explain

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Caribisch Nederland, Bonaire, Saba en Sint Eustatius, Legislatieve terughoudendheid, Openbaar lichaam, Bijzondere gemeente
Auteurs Mr. G. Simmons-de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    De eerste 10 jaar voor Saba, Sint Eustatius en Bonaire als bijzondere gemeenten direct onder Europees Nederland waren heel bijzonder. We zijn gegaan van een periode van legislatieve terughoudendheid naar comply or explain. In deze bijdrage blikken we terug naar dat moment van de ontmanteling van het land de Nederlandse Antillen, de beslissingen die toen zijn genomen, het beleid daarna over legislatieve terughoudendheid en het beleid met betrekking tot wet- en regelgeving voor de aankomende periode: comply or explain. Daarnaast wordt in deze bijdrage stilgestaan bij een selectie van een aantal bijzondere nieuwe wetten voor Caribisch Nederland, zoals de wet openbare lichamen BES en of de rol van de rijksvertegenwoordiger nog wel past in de huidige bestuurlijke verhoudingen, de wet financien BES en of de verdeelsystematiek van het BES fonds wel passend is bij de bijzondere eigenheid van elk eiland, en de tijdelijke wet taakverwaarlozing Sint Eustatius en de recente tijdelijke wet maatregelen Covid-19. Tot slot is een selectie van toonaangevende uitspraken voor de BES gemaakt die kort besproken worden.


Mr. G. Simmons-de Jong
Mr. G.B. Simmons-de Jong werkt als bestuursadviseur in Caribisch Nederland bij het openbaar lichaam Saba en is tevens rechter-plaatsvervanger bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel

Rechtsmaatregelen tegen misbruik van abstracte bankgaranties (II)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2020
Trefwoorden bedrog, willekeur, fraude, bewijs, gevalstypen
Auteurs Mr. P.C. Russcher
SamenvattingAuteursinformatie

    Het gebeurt regelmatig dat de opdrachtgever van een bankgarantie probeert uitbetaling door de bank te beletten, maar deze pogingen zijn zelden succesvol. Naar aanleiding van een aantal recente uitspraken, waarin de opdrachtgever wél succes had, wordt in deze – in twee delen te verschijnen – bijdrage aan de hand van een systematische behandeling van rechtspraak en literatuur ingegaan op rechtsmaatregelen die de opdrachtgever kan nemen.


Mr. P.C. Russcher
Mr. P.C. Russcher is advocaat bij de Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam. Het kantoor waar de auteur werkzaam is, was bij verschillende van de in deze bijdrage besproken uitspraken betrokken.
Artikel

Aansprakelijkheid van arbiters

Enkele gedachten over maatstaf, vernietiging, grondslag, ipr en exoneratie

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2020
Trefwoorden arbiteraansprakelijkheid, internationaal privaatrecht, uitsluiting aansprakelijkheid, vernietigingsprocedure, arbitrage
Auteurs Prof. mr. N. Peters en Mr. J.J. Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden enkele aspecten van arbiteraansprakelijkheid besproken. Ingegaan wordt op de grondslag en maatstaf voor arbiteraansprakelijkheid, de vraag of vernietiging vereist is, de aard van de rechtsverhouding tussen arbiters en partijen, alsmede de mogelijkheid tot exoneratie. Verder wordt aandacht besteed aan enkele vragen van internationaal privaatrecht, te weten bevoegdheid en toepasselijk recht.


Prof. mr. N. Peters
Prof. mr. N. Peters is advocaat bij Simmons & Simmons te Amsterdam en hoogleraar internationale handelsarbitrage aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. J.J. Bakker
Mr. J.J. Bakker is advocaat bij Simmons & Simmons te Amsterdam.

    Beroepsbeoefenaars kunnen met hun opdrachtgever overeenkomen dat het kantoor waaraan zij zijn verbonden als enig opdrachtnemer heeft te gelden. De vraag is in hoeverre daarmee ook de persoonlijke aansprakelijkheid van de beroepsbeoefenaar kan worden uitgesloten. Daarnaast wordt ingegaan op de vraag in hoeverre het uitsluiten van persoonlijke aansprakelijkheid door beroepsbeoefenaars mogelijk is.


Mr. E.A.L. van Emden
Mr. E.A.L. van Emden is advocaat bij NN Advocaten (Nationale-Nederlanden) te Den Haag.
Artikel

Corona en potentiële aansprakelijkheidsclaims

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2020
Trefwoorden informatieplicht staat, operationele plicht staat, corona, aansprakelijkheid jegens bezoekers, ziekenhuizen
Auteurs Prof. mr. C.C. van Dam
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage inventariseert mogelijke schadeclaims die zouden kunnen worden ingesteld in verband met de coronacrisis. Achtereenvolgens komen aan de orde de potentiële aansprakelijkheid van de Staat, deels als gevolg van niet-genomen maatregelen (nalaten), deels als gevolg van wel genomen maatregelen (doen) en de potentiële aansprakelijkheid van private partijen. Bij dit laatste gaat het om de potentiële aansprakelijkheid van ziekenhuizen en verpleeg- en verzorgingshuizen, van werkgevers, van eigenaren en uitbaters van openbaar toegankelijke gebouwen (inclusief winkels), van producenten, van sociale media en van burgers onderling. De bijdrage wordt afgesloten met enkele algemene beschouwingen over schade en causaliteit.


Prof. mr. C.C. van Dam
Prof. mr. C.C. van Dam is hoogleraar aan Maastricht University, de Erasmus Universiteit Rotterdam en King’s College London.
Toont 1 - 20 van 82 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.