Zoekresultaat: 11 artikelen

x
Jaar 2014 x
Hoofdartikel

De systematiek van bewuste roekeloosheid als schuldcriterium bij arbeidsrechtelijke aansprakelijkheidskwesties

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Bewuste roekeloosheid, Werkgeversaansprakelijkheid, Werknemersaansprakelijkheid, Goed werkgeverschap, Verzekeringsplicht
Auteurs Mr. Bjorn Schouten
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel stelt de vraag centraal of aan het gebruik van bewuste roekeloosheid als criterium voor eigen schuld van de werknemer een ‘arbeidsrechtelijke’ benadering ten grondslag ligt. In de verschillende contexten waarin het begrip ‘bewuste roekeloosheid’ in het civiele arbeidsrecht wordt gebruikt, heeft de Hoge Raad aan bewuste roekeloosheid dezelfde beperkte uitleg gegeven. Voor deze uitleg heeft de Hoge Raad leentjebuur gespeeld bij het vervoerrecht en het verzekeringsrecht. Gezien de verschillende grondslagen van deze rechtsgebieden, is de vraag of dit terecht is gerechtvaardigd. Binnen het arbeidsrecht zelf kan worden betwijfeld of de verschillende ratio’s die aan de regelingen voor werkgevers- en werknemersaansprakelijkheid ten grondslag liggen een gelijke benadering van eigen schuld van de werknemer rechtvaardigen. Daarnaast leidt het bestaan van ‘directe’ en (middels een verzekeringsplicht) ‘indirecte’ aansprakelijkheid van de werkgever tot vragen over de juiste benadering van de eigen schuld van de werknemer.


Mr. Bjorn Schouten
Mr. B. Schouten is advocaat bij Boontje Advocaten in Amsterdam.
Casus

Nakoming van een vrijwaring in een overnameovereenkomst – show me the money?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2014
Trefwoorden vrijwaring, overnameovereenkomst, uitleg, garantie, nakoming
Auteurs J. Leedekerken
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over vrijwaringen in een overnameovereenkomst. Stil wordt gestaan bij een aantal elementen van een vrijwaring. Wat houdt vrijwaren in? Wie kan de vrijwaring inroepen? Wanneer is een vrijwaringsvordering opeisbaar? Hoe verhoudt de vrijwaring zich tot andere contractsbepalingen? Door beter rekening te houden met dit soort elementen kunnen uitlegdiscussies voorkomen worden.


J. Leedekerken
J. Leedekerken is advocaat te Amsterdam en verbonden aan Van Doorne N.V.

    Toelatingsovereenkomst; onrechtmatige daad; leer van de kansschade

Artikel

De Richtlijn betreffende schadevergoedingsacties wegens inbreuken op de mededingingsregels

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2014
Trefwoorden wetgeving, Richtlijn, civiele handhaving, mededingingsrecht
Auteurs Mr. Edmon Oude Elferink en Mr. Bram Braat
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 17 april 2014 heeft het Europees Parlement de Richtlijn betreffende bepaalde regels voor schadevorderingen volgens nationaal recht wegens inbreuken op de bepalingen van het mededingingsrecht van de lidstaten en van de Europese Unie aangenomen (Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 17 april 2014 over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende bepaalde regels voor schadevorderingen volgens nationaal recht wegens inbreuken op de bepalingen van het mededingingsrecht van de lidstaten en van de Europese Unie, A7-0089/2014). Deze richtlijn brengt met zich dat de lidstaten dienen te waarborgen dat het verhaal van schade in verband met schending van het kartelverbod en het verbod van misbruik van economische machtspositie wordt gefaciliteerd. In dit artikel wordt enerzijds een toelichting gegeven op de totstandkoming van de richtlijn en anderzijds besproken welke wetswijzigingen, if any, de Nederlandse wetgever dient door te voeren teneinde aan de verplichtingen uit hoofde van de richtlijn te voldoen.
    Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 17 april 2014 over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende bepaalde regels voor schadevorderingen volgens nationaal recht wegens inbreuken op de bepalingen van het mededingingsrecht van de lidstaten en van de Europese Unie, A7-0089/2014.


Mr. Edmon Oude Elferink
Mr. E. (Edmon) Oude Elferink is advocaat bij CMS.

Mr. Bram Braat
Mr. B. (Bram) Braat is advocaat bij CMS en tevens promovendus aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De relatieve zwaarte van wederzijdse verantwoordelijkheid voor teleurstellende effectenleaseresultaten

Over schadedeling wegens eigen schuld in effectenleasezaken

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Effectenlease, eigen schuld, artikel 6:101 BW, Verdelingsmaatstaf, Veroorzakingswaarschijnlijkheid, (pre)contractuele zorgplicht, Onderzoeksplicht
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en Mr. A. Van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Avonturen in de effectenlease liepen slecht af als gevolg van een samenloop van omstandigheden, waaronder een te gretig winstoogmerk aan de zijde van de financiële aanbieder en een te grote lichtvaardigheid aan de zijde van de afnemende consument. In deze bijdrage wordt de (inmiddels gestandaardiseerde) schadedeling onder de loep genomen die in de rechtspraak is gevolgd op de erkenning van de wederzijdse verantwoordelijkheid in dezen.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en in dit verband verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law, alsook aan het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe. Zij is tevens parttime raadsheer bij het Gerechtshof te Amsterdam. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.

Mr. A. Van Onna
Mr. A. van Onna is advocaat bij Holland van Gijzen Advocaten en Notarissen te Utrecht. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Hypothecair krediet: de klant centraal of soms toch niet?

De invloed op de civielrechtelijke verhouding tussen particulier en hypothecair financier van overheidsregulering voor de precontractuele fase

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden Wft, (hypothecair) krediet, zorgplicht, AFM, overkreditering
Auteurs Mr. drs. M. van Eersel
SamenvattingAuteursinformatie

    Publiekrechtelijke regels hebben een significante invloed gekregen op de civielrechtelijke verhouding tussen partijen in de financiële sector. Dit geldt ook voor de relatie tussen banken en consumenten die de aankoop van een eigen woning willen financieren. In deze bijdrage wordt ingegaan op de betekenis hiervan in de precontractuele fase.


Mr. drs. M. van Eersel
Mr. drs. M. van Eersel is advocaat bij Holland Van Gijzen te Amsterdam.
Artikel

Overkreditering bij consumentenkrediet

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden consumentenkrediet, overkreditering, doorwerking publiekrecht, (bijzondere) zorgplicht, omvang schade
Auteurs Mr. M.H.P. Claassen en Mr. J.L. Snijders
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij overkreditering zal een consument veelal genoegdoening proberen te krijgen via de ‘(bijzondere) zorgplicht’. Daarnaast levert schending van een publiekrechtelijke norm (art. 4:34 Wft) ook rechtstreeks een onrechtmatige daad op. In beide gevallen spelen lastige kwesties ten aanzien van causaal verband, de omvang van de schade en eventuele eigen schuld.


Mr. M.H.P. Claassen
Mr. M.H.P. Claassen is advocaat bij Lauxtermann Advocaten te Amsterdam.

Mr. J.L. Snijders
Mr. J.L. Snijders is advocaat bij FIZ advocaten te Rotterdam.
Artikel

De schadeclaim van het slachtoffer van strafbare feiten; bruggenbouwer tussen twee rechtsgebieden?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Slachtoffer, voeging in het strafproces, civiele vordering, financiële afwikkeling, immateriële genoegdoening
Auteurs Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart en Mr. A.J.J.G. Schijns
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel in het strafrecht als in het civiele letselschaderecht is (toenemende) aandacht voor de behoeften van slachtoffers. Bij beide categorieën slachtoffers leven zowel materiële als immateriële behoeften. Toch geven de beide disciplines op eigen wijze invulling aan deze behoeften. In deze bijdrage signaleren de auteurs overeenkomsten en verschillen in de benadering van het slachtoffer in het strafrecht en het civiele letselschaderecht en verkennen zij de mogelijkheden voor kruisbestuiving tussen de beide disciplines. Zij gaan onder andere in op de mogelijkheid om de civiele vordering van de benadeelde partij in het strafproces onder te brengen in een parallel civiel traject.


Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart
Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart is advocaat bij de sectie Cassatie van Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn en medewerker van dit tijdschrift.

Mr. A.J.J.G. Schijns
Mr. A.J.J.G. Schijns is advocaat bij de sectie Verzekeringen en Aansprakelijkheid van Kennedy Van der Laan en onderzoeker bij het Amsterdam Centre for Comprehensive Law van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Jurisprudentie

De Hoge Raad in civiele zaken uit het Caribische deel van het Koninkrijk

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2014
Auteurs Dr. H.J. van Kooten en Dr. G.C.C. Lewin

Dr. H.J. van Kooten

Dr. G.C.C. Lewin
Contracten maken

De klachtplicht vergeleken met het leerstuk estoppel

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Estoppel, klachtplicht, rechtsverwerking, clean hands
Auteurs J.H. Mr. dr. Ermers
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel omvat een rechtsvergelijkende beschouwing over de klachtplicht van de koper c.q. schuldeiser en het common law leerstuk estoppel, de leer dat men niet terug kan komen op een eerder ingenomen standpunt als de positie van de wederpartij daardoor onredelijk wordt bezwaard. Zowel bij estoppel als bij de klachtplicht ligt de ratio in het verantwoording nemen voor gedragingen van de wederpartij die de rechthebbende heeft uitgelokt. Evenals bij estoppel komt het bij de klachtplicht aan op de vraag of de positie van de schuldenaar onredelijk bezwaard wordt. Sleutelbegrippen daarbij zijn nadeel en clean hands bij de schuldenaar.


J.H. Mr. dr. Ermers
Mr. dr. J.H. (Jeroen) Ermers promoveerde 7 maart 2014 aan de Open Universiteit op het proefschrift ‘Estoppel vanuit civil law perspectief’. Hij is als docent verbonden aan de Open Universiteit en werkzaam als jurist bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Dit artikel omvat een bewerking van (met name) hoofdstuk 10 van zijn dissertatie (Zutphen: Uitgeverij Paris 2014).
Artikel

Ben ik mijn broeders hoeder? De bijzondere zorgplicht van banken bij beleggingsfraude nader bekeken

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden beleggingsfraude, piramidespel, zorgplicht, derden, bank
Auteurs Mr. L.A. van Amsterdam
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van een relevant recent door het Gerechtshof Den Haag gewezen arrest bespreekt de auteur een aantal aspecten van de bijzondere zorgplicht die een bank jegens (potentiële) slachtoffers van beleggingsfraude heeft.


Mr. L.A. van Amsterdam
Mr. L.A. van Amsterdam is in april 2014 aan de Universiteit van Amsterdam op de bijzondere zorgplicht van banken in gevallen van beleggingsfraude afgestudeerd. Hij begint in september als advocaat-stagiair.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.