Zoekresultaat: 30 artikelen

x
Jaar 2009 x

    In this article the author explores - on the basis of Mitchel Lasser's book Judicial deliberations - the possibilities of enlarging the legitimacy of the Dutch Cassation Court (Hoge Raad). After a broad theoretical analysis of several concepts of legitimacy he describes the societal position of de Hoge Raad as highest court vis-à-vis rivals, such as the European Courts, the Council of State (Raad van State) and the Council of the Judiciary (Raad voor de rechtspraak). He argues that the cassation institute has to innovate itself and suggest new ways of exerting judicial leadership.


N.J.H. Huls
Prof. mr. dr. Nick Huls is hoogleraar rechtssociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en de Universiteit Leiden. Tot 1 januari 2009 was hij programmaleider van het onderzoeksprogramma Rechtspleging van de EUR.
Discussie

Dworkin en het schaakspel van de wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2009
Trefwoorden Europese wetgever, checkerboard statute, integriteit
Auteurs Prof. dr. W.J. Witteveen
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese verbod op de handel in gloeilampen berust niet op een evenwichtige afweging van de relevante belangen en is in grote haast genomen zonder publiek debat. In termen van Ronald Dworkins rechtstheorie over integriteit in het recht is sprake van een `checkerboard statute’, oftewel een schaakbordwet die willekeurig gemotiveerde beslissingen oplegt. Een dergelijke wet mist legitimiteit bij de burgers en ondermijnt het draagvlak voor Europese regulering. Alleen een op de lange termijn gerichte democratische wetgevingsstrategie die bij publiek debat en evenwichtige afwegingen begint, kan hier mogelijk nog baat brengen.


Prof. dr. W.J. Witteveen
Prof. dr. W.J. Witteveen is hoogleraar rechtstheorie en retorica aan de Universiteit van Tilburg. w.j.witteveen@uvt.nl
Artikel

Het Verdrag van Lissabon, het instemmingsrecht en het parlementair behandelingsvoorbehoud

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2009
Trefwoorden parlementair behandelingsvoorbehoud, Verdrag van Lissabon, instemmingsrecht, informatieverplichting, ministeriële verantwoordelijkheid
Auteurs Mw. mr. B. van Mourik
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de discussie over het instemmingsrecht en het parlementair behandelingsvoorbehoud in het kader van de goedkeuring van het Verdrag van Lissabon heeft in staatsrechtelijk opzicht iets belangrijks plaatsgevonden. De discussie over het instemmingsrecht heeft duidelijk gemaakt dat het Nederlandse parlement voor zichzelf een minder belangrijke rol ziet weggelegd als het Europees Parlement verdergaande bevoegdheden krijgt. Dit is opmerkelijk, onder andere gelet op het feit dat de laatste jaren juist ook veel is gesproken over een belangrijke aanvullende rol die nationale parlementen zouden moeten vervullen als het gaat om Europese besluitvorming. Ook al heeft het Europees Parlement op een bepaald terrein medewetgevende bevoegdheden, ze heeft geen leden van de Raad ter verantwoording te roepen. Hier ligt dus een belangrijke controletaak voor het Nederlandse parlement. Met de invoering van de bijzondere informatieverplichting voor de regering ten aanzien van voorstellen die door het parlement van bijzonder politiek belang worden geacht, is het instrumentarium waarmee het parlement de regering controleert in het kader van Europese besluitvorming uitgebreid. Zo bezien lijkt het debat over de goedkeuringswet van het Verdrag van Lissabon op winst voor het parlement. Paradoxaal gegeven is echter dat het debat over het parlementair behandelingsvoorbehoud heel duidelijk de dominante positie van de regering ten opzichte van het parlement heeft weergegeven. De regering domineerde de parlementaire discussie en oefende veel druk uit op de coalitiefracties in de Kamer. Uit het debat blijkt dan ook vooral de tandenloosheid van het parlement ten opzichte van de regering, iets wat niet als winst maar als verlies dient te worden beschouwd.


Mw. mr. B. van Mourik
Mw. mr. B. van Mourik is promovenda bij de afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht. B.vanMourik@uu.nl
Artikel

Banken aan de steun: enkele vormen van steun aan financiële instellingen en daaraan verbonden voorwaarden

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2009
Trefwoorden Kredietcrisis, steun, governance, garantieregeling, back-up facility, core 1 securities
Auteurs Mr. J. Mos
SamenvattingAuteursinformatie

    Toen de kredietcrisis Nederlandse financiële instellingen in problemen bracht, bood de Staat steun. In dit artikel komen drie vormen daarvan aan bod: (1) de garantieregeling, die het financiële instellingen mogelijk maakt de Staat verplichtingen onder uitgegeven schuldpapieren te laten garanderen, (2) de plaatsing van core 1 securities bij de Staat en (3) de garantie door de Staat van een substantieel deel van de lastig te waarderen Alt-A-portefeuille van ING Groep N.V. Tevens wordt er ingegaan op de financiële en andere voorwaarden die de Staat aan deze vormen van steun verbond.


Mr. J. Mos
Mr. J. Mos is kandidaat-notaris te Rotterdam.
Artikel

De WOB en de Eurowob in het mededingingsrecht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2009
Trefwoorden Wob, Eurowob, Verordening (EG) nr. 1049/2001, toegang tot documenten, civiele handhaving
Auteurs Mr. L. Haasbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    Toegang tot documenten op grond van de Wob en de Eurowob kan een belangrijke rol gaan spelen in mededingingsprocedures, bijvoorbeeld bij de bewijsvergaring in civiele procedures gebaseerd op het mededingingsrecht. Het daadwerkelijke belang van de openbaarheidsregimes zal afhangen van de interpretatie van de uitzonderingsgronden, op basis waarvan toegang tot documenten mag worden geweigerd. Dit artikel bespreekt de interpretatie van deze uitzonderingsgronden uit de jurisprudentie en beschikkingenpraktijk in voor het mededingingsrecht belangrijke potentiële toepassingen van de openbaarheidsregimes. Aan de hand hiervan zal een inschatting worden gegeven van de mogelijkheden en risico’s van toepassing van de openbaarheidsregimes in het mededingingsrecht


Mr. L. Haasbeek
Mr. L. Haasbeek is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Diversen

Zaak COMP/M.5046 Friesland Foods / Campina

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2009
Trefwoorden Campina, Friesland Foods, mededingingsproblemen, fusie
Auteurs Mr. G.W. van der Klis
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 17 december 2008 heeft de Europese Commissie (hierna: Commissie) de fusie tussen Campina en Friesland Foods (tezamen hierna: Partijen) goedgekeurd. Het onderzoek dat aan de goedkeuring vooraf ging, wees uit dat de concentratie in de oorspronkelijke vorm zou leiden tot mededingingsproblemen. Met name op de markt voor de aankoop van rauwe melk, verse zuivelproducten en kaas in Nederland en op de markt voor houdbare zuiveldranken in Nederland, België en Duitsland voorzag de Commissie mededingingsbelemmeringen. Als reactie op de bezwaren van de Commissie hebben Partijen remedies aangeboden om deze markten concurrerend te houden.


Mr. G.W. van der Klis
Mr. G.W. van der Klis is advocaat en partner bij Clifford Chance in Amsterdam.
Artikel

Senatu deliberante, Europam probat

Over een mogelijke speciale taak voor de Eerste Kamer bij het nationale parlementaire toezicht op de Europese Unie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2009
Trefwoorden Eerste Kamer, EU-regelgeving, Europese regelgeving, democratisch tekort in de EU, nationale parlementen
Auteurs Prof. mr. E.C.M. Jurgens
SamenvattingAuteursinformatie

    EU-regelgeving is ook wetgeving die in Nederland bindend is. Bij de besluitvorming daarover zou de Eerste Kamer dus moeten meebeslissen.Het democratisch tekort in de EU is vooral gelegen in het feit dat er geen parlementair toezicht is op de Raad van Ministers van de EU. Wel kunnen nationale parlementen hun eigen ministers ter verantwoording roepen voor wat zij in de RvM-EU doen. Maar dat gebeurt, ook in Nederland, veel te weinig, en is niet effectief. Vooral sinds de invoering van het instemmingsrecht voor beide Kamers ter zake van optreden van Nederlandse ministers in de Derde Pijler van de EU heeft de Senaat gepoogd hierin verbetering te brengen.De Eerste Kamer zou veel consequenter deze rol moeten gaan vervullen, vooral nu de Tweede Kamer aan toezicht op de regering inzake EU-beleid geen voorrang blijkt te geven. Door een selectie van ontwerpen van EU-regelgeving aan dezelfde parlementaire procedure van beraadslaging te onderwerpen als wetsvoorstellen zou de Senaat zichtbaar kunnen maken dat het Nederlandse parlement – naast het Europees Parlement – werkt aan vermindering van het democratisch tekort.


Prof. mr. E.C.M. Jurgens
Prof. mr. E.C.M. Jurgens was van 1995 tot 2007 lid van de PvdA-fractie in de Eerste Kamer en werd in die periode eerst tweede en daarna eerste ondervoorzitter van de Eerste Kamer. ejurgens@xs4all.nl
Artikel

Over wandelpaden en ruiterpaden : het arrest Horvath

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8-9 2009
Trefwoorden communautaire landbouwmaatregel, gemeenschapsrecht, integratie van eisen van milieubescherming
Auteurs Prof. mr. R. Barents
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. R. Barents
Prof. mr. R. Barents is afdelingshoofd Onderzoek en Documentatie bij het Hof van Justitie EG en hoogleraar Europees recht aan de Universiteit Maastricht.
Artikel

De toelaatbaarheid van beschermingsconstructies bij beursvennootschappen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2009
Trefwoorden beursvennootschap, beschermingsconstructies, ASMI, preferente aandelen
Auteurs Mr. L.M. Mantel en Mr. F.G.K. Overkleeft LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de vereisten die op grond van de wet en jurisprudentie aan het gebruik van uitgifte van preferente aandelen als beschermingsconstructie worden vereist. Zij bespreken vervolgens de toelaatbaarheid van dergelijke beschermingsconstructies in het licht van de meest recente beschikking van de Ondernemingskamer in de ASMI-zaak


Mr. L.M. Mantel
Mr. L.M. Mantel is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam.

Mr. F.G.K. Overkleeft LL.M.
Mr. F.G.K. Overkleeft LL.M. is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam, docent-onderzoeker aan het Center for Company Law, Universiteit van Tilburg, en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Beleggingsfondsen en civielrechtelijke praktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden beleggingsfondsen, fondsvermogen, deelnemers, beheerder, bewaarder
Auteurs Mr. J.W.P.M. van der Velden
SamenvattingAuteursinformatie

    Beleggers kiezen er dikwijls voor om gezamenlijk te beleggen. Vaak gebruiken zij daarbij personenvennootschappen en fondsen voor gemene rekening. Bij dergelijke beleggingsfondsen plegen drie partijen betrokken te zijn: een beheerder, een bewaarder en deelnemers. Deze drie partijen zijn civielrechtelijk met elkaar verbonden. Daaruit vloeien vragen voort over de eigendom van het fondsvermogen, de zeggenschap en de kwalificatie van de onderlinge verhoudingen. Van der Velden behandelt dergelijke vragen in zijn recente proefschrift Beleggingsfondsen naar burgerlijk recht. In deze bijdrage zet hij een aantal bevindingen die voor de praktijk van belang zijn kort uiteen.


Mr. J.W.P.M. van der Velden
Mr. J.W.P.M. van der Velden start in september 2009 een advocatenkantoor in Nijmegen (www.keijservandervelden.nl). Hij is fellow aan het Onderzoekcentrum Onderneming en Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Praktijk

Kroniek Rechtspraak Mededingingszaken in 2008

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2009
Trefwoorden mededinging, Nma, misbruik van machtspositie, gunjumping
Auteurs Mr. K. Defares, Mr. S. Goossens en Mr. J. Langer
SamenvattingAuteursinformatie

    Was er vóór 1998 een relatief beperkt aantal beoefenaren van het mededingingsrecht, destijds neergelegd in de Wet Economische mededinging, de laatste jaren voor de inwerkingtreding van de Mededingingswet aangevuld met een aantal generieke verboden, inmiddels heeft het Nederlandse mededingingsrecht zich ontwikkeld tot een volwassen en zelfstandige juridische discipline, die haar aantrekkingskracht op een groot aantal juristen heeft bewezen. In deze tien jaar heeft de rechtspraak over de Mededingingswet een ontwikkeling doorgemaakt en in belangrijke mate bijgedragen aan het tot volle wasdom komen van dit rechtsgebied. In die rechtspraakontwikkeling heeft de NMa een bepalende rol gespeeld.


Mr. K. Defares
Mr. K. Defares is advocaat bij Stek.

Mr. S. Goossens
Mr. S. Goossens is advocaat bij Stek.

Mr. J. Langer
Mr. J. Langer was vooorheen werkzaam als advocaat bij Stek en is nu werkzaam bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Deze bijdrage is geschreven op persoonlijke titel.
Jurisprudentie

Criminaliteitsbestrijding of interne markt?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2009
Trefwoorden rechtsgrondslag, derde pijler, eerste pijler, harmonisatie, criminaliteitsbestrijding
Auteurs Mr. F. Kreiken
SamenvattingAuteursinformatie

    De demarcatie van bevoegdheden tussen de verschillende pijlers van de Europese Unie is nog altijd een heet hangijzer. In de zaak Milieustrafrecht uit 2003, kreeg het Hof van Justitie van de EG veel kritiek over zich heen door te kiezen voor een vage scheidslijn tussen het toepassingsgebied van de eerste pijler en de derde pijler. In de zaak over de rechtsgrondslag van de Dataretentierichtlijn tracht het Hof duidelijkheid te verschaffen over het toepassingsbereik van de eerste en de derde pijler op het gebied van databescherming.


Mr. F. Kreiken
Mr. F. Kreiken is promovendus aan de TU Delft, Faculteit TBM, sectie Beleid, Organisatie, Recht en Gaming (BORG).
Jurisprudentie

Recente ontwikkelingen in jurisprudentie en wetgeving over luchtkwaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2009
Trefwoorden jurisprudentie, NSL, Wet lukchtkwaliteitseisen, Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007, overgangswet
Auteurs Mr. C.A.M. van den Brand, Mr. O. Kwast en Mr. dr. C.N. van der Sluis
Auteursinformatie

Mr. C.A.M. van den Brand
Mr. C.A.M. van den Brand is officier van justitie te Den Haag.

Mr. O. Kwast
Mr. O. Kwast is werkzaam bij de Hoofddirectie Juridische Zaken van het ministerie van Verkeer en Waterstaat.

Mr. dr. C.N. van der Sluis
Mr. dr. C.N. van der Sluis is werkzaam bij de Hoofddirectie Juridische Zaken van het ministerie van Verkeer en Waterstaat en treedt per 1 augustus 2009 in dienst bij de sectie bestuurs- en omgevingsrecht van Ploum Lodder Princen te Rotterdam.
Redactioneel

Vertrouwen in wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2009
Trefwoorden beleidsneutraliteit, lerende wetgever, padafhankelijkheid, tegendenken, vertrouwensparadox
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    Rob van Gestel leidt het themanummer ‘Vertrouwen in wetgeving’ in. In zijn bijdrage beperkt hij zich tot: (a) een bespreking van de keuze voor het centrale begrip ‘vertrouwen’ in de nota, (b) de vraag in hoeverre de nota iets nieuws bevat, en (c) wat als het richtinggevende perspectief kan worden gezien dat uit de nota voortspruit voor de toekomst van de nationale wetgever. Zijn conclusie luidt dat er met name op het punt van de vermindering van regeldruk weinig nieuws te verwachten is, omdat de voorgestelde aanpak te instrumentalistisch is en invloed van de politiek te veel buiten beschouwing wordt gelaten.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. van Gestel is hoogleraar Staats- en Bestuursrecht aan de Universiteit van Tilburg. r.a.j.vangestel@uvt.nl

Mr. F.M. Fleurke
Mr. F.M. Fleurke is promovendus aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Access_open Recht op een bankrekening?

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 1 2009
Trefwoorden betaalrekening, banken, universele dienstverplichting, contractdwang
Auteurs Mw. mr I.S.J. Houben
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden verscheidene mogelijkheden voor de burger om te ageren tegen weigeringen om een betaalrekening te openen behandeld. Tevens wordt ingegaan op de beschikbaarheid van betaaldiensten als zodanig en de initiatieven die de Europese Commissie op dat terrein ontplooit.


Mw. mr I.S.J. Houben
Mw. mr. I.S.J. Houben is universitair hoofddocent burgerlijk recht, Universiteit Leiden.
Artikel

Juridische professionals en herstelgerichte praktijken

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2009
Trefwoorden juridische professionals, magistratuur, advocatuur
Auteurs Katrien Lauwaert
SamenvattingAuteursinformatie

    This article sets the stage for the discussion on the role of legal professionals – lawyers and magistrates – in restorative practices. A common task they have is controlling the respect of fundamental rights of the participants in restorative justice practices. How important this task is, will vary according to different variables such as the goals of restorative justice programs and their position towards the criminal justice system. Lauwaert goes on to sketch in separate parts the possible roles of respectively magistrates and lawyers before, during and after mediation or conferences. She refers to the European legislative framework which foresees an important role for magistrates as gatekeepers and assessors of restorative outcomes and explores the strengths and problems these roles evoke. She refers to her own research to explore the attitudes of magistrates towards restorative practices. Concerning the role of lawyers, the European legislative framework is quite vague, and the article tries to analyse more in depth the possibilities and obstacles for lawyers to contribute to the quality of mediation. The lack of knowledge of and acquaintance with the world of restorative justice and mediation is detected as a serious obstacle for further development of this field of action.


Katrien Lauwaert
Katrien Lauwaert is docent criminologie aan de universiteit van Luik en vrijwillig wetenschappelijk medewerker van het Leuvens Instituut voor Criminologie. Zij is tevens voorzitter van de Vlaamse bemiddelingsorganisatie Suggnomè en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Terroristische netwerken en intelligence: een sociale netwerkanalyse van de Hofstadgroep

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2009
Trefwoorden sociale netwerkanalyse, terrorisme, Hofstadgroep
Auteurs Dr. Renée C. van der Hulst
SamenvattingAuteursinformatie

    Radicalization and terrorism remain areas of special interest in terms of security policies. It’s common knowledge that most of the activities related to radicalization and terrorism heavily rely on the involvement of multiple actors. Therefore, an increased understanding of the underlying social structures is considered to offer important leads for the development of effective countermeasures (in particular when related to demographic, cultural, psychological and other social factors). Yet, the number of empirical network studies in this domain (at least those openly available) that incorporate arithmetic tools known as Social Network Analysis (SNA) remain extremely scarce. In this paper the author presents an exploratory Social Network Analysis of the Hofstad network based on publicly available data. Members of the Hofstad network, a radical Islamist network in the Netherlands, were active recruiters for the violent jihad, spreaded radical propaganda, some attended training camps in Pakistan, and the network was suspected of planning several terrorist attacks on strategic objects and prominent people in the Netherlands. One of the members, Mohammed B., was sentenced to life in prison for murdering the Dutch filmmaker Theo van Gogh in November 2004. Although the Hofstad network was considered by trial as a terrorist organization in the first instance in 2006, the judgment was reversed on appeal in 2008 when most members were acquitted. As is characteristic of home-grown networks, our analysis indicated that the Hofstad network (N=67) was relatively sparse and decentralized and evolved around a more cohesive core of key players (N=13). The key players were identified based on their central network position and a hierarchical clique analysis. Mohammed B., who had been considered a marginal player by the secret service, turns out to be the most central actor of the network. Although the analysis clearly suggests that quantifying network structures provides actionable intelligence, more research is needed to validate the results.


Dr. Renée C. van der Hulst
Dr. Renée C. van der Hulst was tot voor kort als onderzoeker verbonden aan het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie. Zij is thans werkzaam voor Bureau Netwerkanalyse dat onderzoek-, advies- en onderwijswerkzaamheden verzorgt (onder andere op het gebied van sociale netwerkanalyse) binnen het domein van nationale veiligheid en criminaliteitsbestrijding. Contactadres: Bureau Netwerkanalyse, Postbus 938, 1200 AX Hilversum. E-mail: vanderhulst@online.nl.
Praktijk

Kroniek Mededingingswet 2008

Mededingingsafspraken, machtsposities en procedures

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2009
Auteurs Mr. C.T. Dekker, Mr. E. Belhadj en Mr. A.M. Hoekstra-Borzymowska
SamenvattingAuteursinformatie

    In het verslagjaar nam de NMa in het kader van de handhaving van de artikelen 6 en 24 Mededingingswet (Mw) zes besluiten, waarbij in totaal 9 miljoen euro aan boetes werd opgelegd. In drie zaken werd geen rapport opgemaakt, maar werd een ander instrument gebruikt om een einde te maken aan een overtreding. Welke instrumenten dat zijn geweest, is niet geheel duidelijk, afgezien van het – voor het eerst – inzetten van het toezeggingsbesluit in één zaak. In een achttal zaken is een onderzoek naar de mogelijke overtredingen van genoemde artikelen stopgezet, omdat er onvoldoende bewijs voor een overtreding was.Opvallend dit jaar is het relatief grote aantal besluiten dat de NMa op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) heeft moeten nemen. Op deze besluiten wordt hieronder ook kort ingegaan, voor zover ze van specifiek belang zijn voor de mededingingspraktijk.Dit jaar worden voor het eerst in deze kroniek naast de besluiten van de NMa over de toepassing van de Mededingingswet (met uitzondering van die in het kader van het concentratietoezicht) ook de uitspraken van de Rechtbank Rotterdam en het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBB) over deze besluiten besproken. De Rechtbank Rotterdam deed in het verslagjaar uitspraak in 25 zaken in de bouwsector die bij de NMa de versnelde procedure hadden doorlopen. Alleen de opvallende punten uit deze uitspraken worden in deze kroniek besproken.


Mr. C.T. Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh.

Mr. E. Belhadj
Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh.

Mr. A.M. Hoekstra-Borzymowska
Mr. A.M. Hoekstra-Borzymowska is advocaat bij Nysingh.
Toont 1 - 20 van 30 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.