Zoekresultaat: 24 artikelen

x
Jaar 2016 x
Artikel

Succes- en faalfactoren bij het strafrechtelijk afpakken van crimineel vermogen bij milieucriminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Milieucriminaliteit, Milieu(straf)recht, Afpakken, Strafrechtelijk afpakken, Financieel rechercheren
Auteurs N. van Zanden, MSc en Dr. R. Neve
SamenvattingAuteursinformatie

    Het besef dat milieucriminaliteit hoofdzakelijk wordt gepleegd om er geld mee te verdienen is, anders dan bij ‘traditionele’ vormen van georganiseerde criminaliteit zoals drugs- en mensenhandel, van betrekkelijk recente datum. Om die reden is er langere tijd minder geïnvesteerd in financiële capaciteit bij milieuteams bij de Nationale Politie, Inspectie Leefomgeving en Transport en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. De laatste jaren is getracht om deze achterstand in te lopen. In dit artikel wordt de huidige stand van zaken besproken aangaande de financiële focus en het strafrechtelijk afpakken van crimineel vermogen bij milieucriminaliteit.


N. van Zanden, MSc
N. van Zanden, MSc, is operationeel specialist bij de Nationale Politie, Dienst Informatieknooppunt Landelijke Recherche (vakgebieden: milieu en cybercrime). Daarnaast is zij op projectbasis verbonden aan de Politieacademie te Apeldoorn.

Dr. R. Neve
Dr. R. Neve is senior onderzoeker bij de Landelijke Eenheid van de Nationale Politie.
Casus

Partij-invloed op het intreden of vervallen van voorwaarden

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Ontbindende voorwaarde, Opschortende voorwaarde, Potestatieve voorwaarde, Artikel 6:23 BW
Auteurs Mr. dr. H. Stolz
SamenvattingAuteursinformatie

    In de rechtspraktijk vormen ontbindende en opschortende voorwaarden een vaak gebruikte rechtsfiguur bij overeenkomsten. Veelal hebben partijen bij een overeenkomst een vorm van invloed op het toekomstige intreden of vervallen van een dergelijke voorwaarde. Deze partij-invloed wordt door het recht in beginsel aanvaard en is derhalve als breed uitgangspunt ook mogelijk. Op dit uitgangspunt bestaan echter twee beperkingen: de vaak veronderstelde onmogelijkheid van (vormen van) potestatieve voorwaarden en de redelijkheid en billijkheid die leiden tot toepassing van artikel 6:23 BW. Onderzocht wordt in welke gevallen deze beperkingen van de partij-invloed toepassing vinden en welke mogelijkheden bestaan om met deze beperkingen contractueel om te gaan.


Mr. dr. H. Stolz
Mr. dr. H. Stolz is docent Onroerendgoedrecht aan de Universiteit van Amsterdam en adviseur bij Houthoff Buruma.
Diversen

Rechtsbescherming bij het gebruik van big data door toezichthouders: een verkenning

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden big data, profilering, privacy, persoonsgegevens, rechtsbescherming
Auteurs Prof. Gerrit-Jan Zwenne, Mr. Wilfred Steenbruggen en Mr. Michael Reker
SamenvattingAuteursinformatie

    Willen toezichthouders en bestuursorganen gebruikmaken van big data predictive analytics, dan moeten zij dit doen binnen de daarvoor geldende bestuursrechtelijke en privacyrechtelijke kaders. Zij krijgen te maken met rechtsvragen over beschikbaarheid en bruikbaarheid en – omdat er bij toezicht vrijwel altijd op enig moment sprake zal zijn van een verwerking van persoonsgegevens – de privacywetgeving. In dit artikel komen aan de orde over welke gegevens toezichthouders kunnen en mogen beschikken, welke conclusies zij op basis van big-data-analyses kunnen trekken en hoe in dit alles de belangen van rechtssubjecten kunnen worden gewaarborgd.


Prof. Gerrit-Jan Zwenne
Prof. G-J. Zwenne is hoogleraar recht en de informatiemaatschappij te Leiden en advocaat bij Brinkhof in Amsterdam.

Mr. Wilfred Steenbruggen
Mr. W. Steenbruggen is advocaat bij Leijnse Artz in Rotterdam.

Mr. Michael Reker
Mr. M. Reker is advocaat bij Brinkhof in Amsterdam.
Jurisprudentie

Eturas: ontvangst ongevraagde online informatie kan leiden tot onderling afgestemd feitelijk gedrag

HvJ EU 21 januari 2016, zaak C-74/14, Eturas UAB e.a./Lietuvos Respublikos konkurencijos taryba, ECLI:EU:C:2016:42

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2016
Trefwoorden onderling afgestemd gedrag, bewijslast, bewijsstandaard, Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie, onschuldpresumptie
Auteurs Winfred Knibbeler
SamenvattingAuteursinformatie

    De uitspraak van het Hof van Justitie in de zaak Eturas vormt een belangrijke bouwsteen in de rechtspraak over onderling afgestemd feitelijk gedrag. Het Hof van Justitie bevestigt dat een online mededeling in een verticale context kan leiden tot een inbreuk op artikel 101 VWEU. Daarvoor is wel nodig dat een mededingingsautoriteit volgens nationale bewijsregels aannemelijk maakt dat de ontvanger van een online bericht op de hoogte was van de inhoud van het bericht. Nationale bewijsregels worden begrensd door het vermoeden van onschuld, dat vervat is in artikel 48 van het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie en het is ook mogelijk zich van de inbreuk te distantiëren door te bewijzen dat de ongevraagde online informatie commercieel is genegeerd.


Winfred Knibbeler
Mr. W. Knibbeler is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP te Amsterdam.
Artikel

Afstemming in de eenentwintigste eeuw: de rol van bewijsvermoedens voor onderling afgestemde feitelijke gedraging door deelname aan online platforms

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden mededingingsrecht, bewijsvermoeden, procedurele autonomie, onderling afgestemde feitelijke gedraging
Auteurs Prof. mr. A. Gerbrandy en T. Binder
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Eturas werd het Hof van Justitie gevraagd om een nadere uitleg te geven aan het begrip ‘afstemming tussen ondernemingen’ in de zin van een onderling afgestemde feitelijke gedraging (art. 101 lid 1 VWEU). Het belang van dit arrest ligt ten eerste in de constatering dat afstemming plaats kan vinden door middel van deelname van ondernemingen aan een online platform beheerd door een derde (niet-concurrerende) partij, en ten tweede in de verdere verfijning van de toelaatbaarheid van bewijsvermoedens; meer specifiek van de grenzen die het onschuldbeginsel daaraan stelt.
    HvJ 21 januari 2016, zaak C-74/14, Eturas UAB e.a./Lietuvos Respublikos konkurencijos taryba, ECLI:EU:C:2016:42.


Prof. mr. A. Gerbrandy
Prof. mr. A. (Anna) Gerbrandy is hoogleraar mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht.

T. Binder
T. (Tom) Binder is student in de master European Law aan de Universiteit Utrecht en als student-assistent verbonden aan het Europa Instituut van die universiteit.
Artikel

Nice to know or need to know

Noodzakelijke strafrechtelijke gegevens voor bestuursrechtelijke sancties

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Motiveringsbeginsel, (verstrekking) politiegegevens, (herstellende of bestraffende) sanctie, Bestuurlijke Rapportage, Bewijsleer
Auteurs Mr. P. Ronteltap
SamenvattingAuteursinformatie

    Vaak zijn strafrechtelijke gegevens nodig voor de bestuursrechtelijke aanpak van georganiseerde criminaliteit. Door de geheimhoudingsplicht mogen de politie en het Openbaar Ministerie niet meer gegevens verstrekken dan noodzakelijk. Daarom onderzoekt het artikel welke soort gegevens nodig zijn voor het onderbouwen van de meest voorkomende sancties. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen herstellende en bestraffende sancties. Het artikel sluit af met de conclusie dat de huidige wijze van informatieverstrekking niet vrij is van risico’s.


Mr. P. Ronteltap
Mr. Pieter Ronteltap is Specialist Bestuursrecht bij de Nationale Politie, eenheid Limburg.
Artikel

Het nemo-teneturbeginsel en de verhouding met de Wet herziening strafbaarstelling faillissementsfraude

Een analyse naar de verhouding tussen het nemo-teneturbeginsel en nieuwe strafbaarstellingen van de meld- en inlichtingenplicht uit de Wet herziening strafbaarstelling faillissementsfraude

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Nemo-teneturbeginsel, faillissementsfraude, Wet herziening strafbaarstelling faillissementsfraude, meewerkverplichting, Artikel 6 EVRM
Auteurs E.M. van Gelder LLB en D.A.G. van Toor LLM BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden de nieuwe strafbaarstellingen uit de Wet herziening strafbaarstelling faillissementsfraude, inhoudende een inlichtingen- en administratieplicht, in het licht van het nemo-teneturbeginsel geanalyseerd. Deze strafbaarstellingen verplichten de failliet inlichtingen en administratie over te dragen aan de curator op straffe van een gevangenisstraf. De vraag is of deze strafbaarstellingen de Straatsburgse toets kunnen doorstaan.


E.M. van Gelder LLB
E.M. van Gelder volgt de Legal Research Master aan de Universiteit Utrecht en was tot juli 2016 als student-assistent werkzaam bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen.

D.A.G. van Toor LLM BSc
D.A.G. van Toor is als onderzoeksmedewerker verbonden aan de Universität Bielefeld.
Discussie

Het episodisch geheugen en getuigenverhoor: wat moeten politieverhoorders hiervan weten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Episodic memory, Interviewing witnesses, Quality interviews, Police practice
Auteurs Drs. Imke Rispens en Adri van Amelsvoort
SamenvattingAuteursinformatie

    Last year the article ‘Episodic memory and interviewing witnesses. What do police interviewers know about this topic?’ (Odinot, Boon & Wolters, 2015, TvC, 57(3), 279-299) was published in this journal. The article describes a study that explored the knowledge of police interviewers about episodic memory. The researchers concluded that police interviewers had insufficient knowledge of episodic memory and that this was related to the lack of psychological terms in the manual of the curriculum of police training. In this article we describe the lack of scientific consensus about episodic memory and the consequences of this for doing research with lists with theses about this subject. Differences between interviewing witnesses and suspects will be discussed. We also question whether it is necessary that police interviewers have thorough knowledge of episodic memory. More important is what knowledge does police need when doing interviews and how are these conducted? Some factors have a negative impact on the quality of those interviews, so we end up with some recommendations for improving the quality of interviews in police practice.


Drs. Imke Rispens
Drs. I.W. Rispens is recherchepsycholoog en als docent en gedragswetenschapper werkzaam bij de Politieacademie.

Adri van Amelsvoort
A.G. van Amelsvoort is freelance senior adviseur en docent. Hij was daarvoor hoofdinspecteur van politie in de functie van teamleider en kennismakelaar bij de Politieacademie. Hij is redacteur van de recherche-onderwerpen in de digitale kennisbank van Stapel & De Koning.

Dr. Geralda Odinot
Dr. G. Odinot is wetenschappelijk onderzoeker en interviewtrainer bij How2Ask.

Drs. Roel Boon
Drs. R. Boon MCI is verhoorspecialist bij de Nationale Politie en wetenschappelijk onderzoeker bij de Politieacademie.

Huib Struycken
Huib Struycken is advocaat bij Struycken Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Kroniek Materieel strafrecht 2016

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2016
Auteurs Maike Bouwman, Chana Grijsen, Geert-Jan Kruizinga e.a.

Maike Bouwman

Chana Grijsen

Geert-Jan Kruizinga

Robert Malewicz

Patrick van der Meij

Michiel Olthof

Sabine Pijl

Ben Polman

Inge Raterman

Melissa Slaghekke

Paul Verweijen
Diversen: Trending Topics

Bestuurlijke boetes in de socialezekerheidswetgeving

Achtergrond en stand van zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Sociale zekerheid, Boetes, Fraudewet, Boetebesluit, Inlichtingenverplichtingen
Auteurs Mr. dr. M.J.A. Duker
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste jaren is er veel gebeurd op het terrein van de bestuurlijke handhaving van socialezekerheidswetgeving. Op 1 januari 2013 trad met de ‘Fraudewet’ en het nieuwe Boetebesluit socialezekerheidswetten een betrekkelijk hard boetestelsel in werking. Na een kritische uitspraak hierover van de Centrale Raad van Beroep adviseerde de Raad van State de regering in 2015 zich te bezinnen op de mate van rechtsbescherming bij bestuurlijke beboeting. Een voorstel tot wetswijziging om meer differentiatie aan te brengen in het bestuursrechtelijke boetestelsel is sinds januari 2016 aanhangig, maar van een herbezinning lijkt nog geen sprake.


Mr. dr. M.J.A. Duker
Mr. dr. M.J.A. Duker is raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof Amsterdam.
Artikel

Geëiste en opgelegde sancties bij de strafrechtelijke afhandeling van georganiseerde criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2016
Trefwoorden organized crime, Punishment, demanded and imposed sanctions, Sentencing
Auteurs Dr. Karin van Wingerde en Prof. dr. Henk van de Bunt
SamenvattingAuteursinformatie

    The image that criminal enforcement of organized crime is difficult, is commonly reflected in the media and popular debate. Commentators often argue that organized crime is punished less severely than possible, due to the complexity of the offences, time constraints, and the increased interconnectedness between legal and illegal activities, which creates difficulties to find sufficient evidence to convict offenders. Using data from the Dutch Organized Crime Monitor, this article focuses on the ways in which offenders of organized crime are ‘treated’ by the criminal justice system and on the discrepancies between demanded sanctions and the actual sanctions executed in cases of organized crime.


Dr. Karin van Wingerde
Dr. C.G. van Wingerde is universitair docent criminologie aan Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. dr. Henk van de Bunt
Prof. dr. H.G. van de Bunt is hoogleraar criminologie aan Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Recent

Spong stuurt Spinning weer op pad

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2016
Auteurs Kees Pijnappels

Kees Pijnappels
Jurisprudentie

Bewijsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2016
Auteurs Mr. dr. R.H. de Bock
Auteursinformatie

Mr. dr. R.H. de Bock
Mr. dr. R.H. de Bock is advocaat-generaal bij de Hoge Raad.
Artikel

Het beoordelingskader van rituele jongensbesnijdenis

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2016
Trefwoorden jongensbesnijdenis, Religieuze praktijken, godsdienstvrijheid, Religie en recht
Auteurs Mr. Sohail Wahedi
SamenvattingAuteursinformatie

    What are the grounds to tolerate ritual male circumcision? This article elaborates on the legal and political assessment frameworks of male circumcision and answers the question whether and why ritual male circumcision should be tolerated in liberal democracies.


Mr. Sohail Wahedi
Mr. S. Wahedi is als junior onderzoeker verbonden aan de afdeling Sociology, Theory and Methodology van de Erasmus School of Law. Hij verricht onderzoek op het terrein van recht en religie en heeft onder meer gepubliceerd over de strafwaardigheid van jongensbesnijdenis, vrouwenbesnijdenis en het dragen van gezichtsbedekkende kleding.
Artikel

De invulling van witwassen

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2016
Auteurs Sabine Pijl en Melissa Slaghekke

Sabine Pijl

Melissa Slaghekke
Redactioneel

De (on)mogelijkheden van artikel 80a RO

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2016
Trefwoorden artikel 80a RO, versimpelde afdoening, cassatie, belang bij cassatie, bewijs
Auteurs Mr. dr. J.S. Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    De jurisprudentie van de Hoge Raad maakt duidelijk dat allerlei – op zich ook terechte – klachten voortaan in cassatie zullen stranden. Voor de (cassatie) worden praktijk drie belangrijke aandachtspunten meegeven met het oog op het rechtens te respecteren belang. Voor zover dat belang niet meteen duidelijk is, zal daaraan in de cassatieschriftuur afdoende aandacht aan moeten worden besteed. Het komt erop neer dat de woorden die zichtbaar aan dat belang moeten worden gewijd, ook juridisch hout moeten snijden. Sjablonen of schoten voor de boeg zijn dus niet voldoende.


Mr. dr. J.S. Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair docent straf(proces)recht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en (cassatie)advocaat bij Wladimiroff Advocaten.
Artikel

Van containers en growshops

Over functioneel daderschap als alternatief voor medeplegen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2016
Trefwoorden medeplegen, functioneel daderschap, functioneel medeplegen, growshops
Auteurs Prof. mr. J.M. ten Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    In de rechtspraak van de Hoge Raad over medeplegen wordt soms verwezen naar de mogelijkheid om strafrechtelijke aansprakelijkheid via de figuur van het functioneel daderschap vast te stellen. Dit artikel onderzoekt de mogelijkheid of functioneel daderschap (in de vorm van functioneel plegen en functioneel medeplegen) een alternatief voor medeplegen kan vormen. De voorzichtige conclusie luidt dat de figuur van het functioneel medeplegen tot strafrechtelijke aansprakelijkheid kan leiden in geval van vóór, ten tijde en na afloop van het delict geconstateerde passiviteit die strijdig is met een voor de functionaris geldende zorgplicht.


Prof. mr. J.M. ten Voorde
Prof. mr. J.M. ten Voorde is universitair hoofddocent straf(proces)recht aan de Universiteit Leiden en bijzonder hoogleraar strafrechtsfilosofie (leerstoel Leo Polak) aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Toont 1 - 20 van 24 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.