Zoekresultaat: 25 artikelen

x
Jaar 2012 x
Artikel

Duurzame rechtspleging

Doorlichten van conflictoplossingssystemen op duurzaamheid, en: hoe komt herstelrecht uit de bus?

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden sustainable justice, conflict resolutions, conflict managment styles
Auteurs Alexander F. de Savornin Lohman
SamenvattingAuteursinformatie

    The author analyses and compares several distinct models of doing justice to find out which is serving ‘sustainable justice’ the best. Sustainable justice could be defined as justice that produces conflict resolutions that last for a long time and in this way contribute to a more sustainable society. Modern developmental methods for organisations make use of assessments to measure, compare and improve the effectiveness of organizational cultures. These methods are used in this contribution to analyse the organizational cultures of mediation, the traditional accusatorial (penal) procedure, problem-solving courts (with a focus on drug courts) and restorative justice conferencing. The comparison results in conclusions indicating that mediation and problem solving courts have a sound and effective organizational culture, due to healthy conflict management styles, characterized by managing both opposition and competition constructively and by a stimulating person-oriented focus. Restorative justice conferences bring together many stakeholders in a conflict and its resolution and facilitates in this way the awareness of the connections between many problems behind the actual conflict at hand: for this reason the resolutions may have a deeper societal impact and a greater sustainability.


Alexander F. de Savornin Lohman
Alexander F. de Savornin Lohman was veertig jaar advocaat. Hij ontwikkelde het concept duurzame rechtspleging en is als juridisch adviseur en inspirator werkzaam in het door hem opgerichte Center for Sustainable Justice te Utrecht (www.dynalaw.nl).
Artikel

Juridische verkaveling van publieke taken: een historische vergelijking van dijkonderhoud en re-integratietaken

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2012
Trefwoorden allotment, legal continuity, work reintegration, collective action
Auteurs Robert Knegt
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands the task of reintegrating partially disabled workers into the labour market, that used to be accomplished by collective institutions, has been redistributed by the government to private actors: those who were the last to employ these workers. It is pointed out that this policy choice implies reusing a medieval legal technique and that its use regenerates typical legitimacy problems. Building on Ostrom’s theory of ‘institutions for collective action’, a historical comparison of the organization of dyke maintenance in the Dutch bog peat areas of the 11th-13th centuries and of these recent policies reveals that both are to be analysed in terms of a ‘double allotment’: duties as to collective tasks are allotted to individual participants in a collectivity by linking them up with a preceding allotment of usage rights, legally formalized in terms of ‘private law’. While neoliberal ideology may account for the direction that recent reintegration policies have taken, it is only in the Netherlands that this legal technique has to such an extent been mobilized. This observation raises questions as to long-term continuities in Dutch policies.


Robert Knegt
Robert Knegt is als directeur onderzoek verbonden aan het Hugo Sinzheimer Instituut, centrum voor onderzoek van ‘arbeid en recht’ aan de Universiteit van Amsterdam. Hij doet daar onderzoek naar de praktijk van arbeidsrechtelijke regelingen (ontslagrecht, flexwerk, arbeidstijden) en werkt aan een bij uitstek interdisciplinair project over ‘langetermijnontwikkelingen in de regulering van arbeid’. In 2008 verscheen The employment contract as an exclusionary device (Antwerp/Oxford/Portland: Intersentia).
Praktijk

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2012
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft in het verslagjaar 2011-2012 weer meer zaken afgedaan dan in het voorgaande jaar. Onder de uitspraken en ontvankelijkheidsbeslissingen van het Hof bevinden zich er verschillende die vanuit gezondheidsrechtelijk perspectief interessant zijn. Hierbij kan worden gedacht aan zaken over het zonder informed consent steriliseren van vrouwen, de gedwongen behandeling van onvrijwillig opgenomen patiënten, het ontslag van een arts na kritiek op het functioneren van een afdelingshoofd en het verwijderen van de naam van een arts op de lijst van toegelaten zorgaanbieders. Deze kroniek bevat een beschrijving en analyse van de voor het gezondheidsrecht belangrijkste zaken uit het verslagjaar 2011-2012.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden/LUMC en redacteur van dit blad.
Artikel

Wettelijke aansprakelijkheidsbeperking voor DNB en AFM

Hoe hoog komt de nieuwe lat te liggen?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden aansprakelijkheidsbeperking DNB en AFM, uitleg opzet en grove schuld
Auteurs Mr. S. Sahtie
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de in juli 2012 aangenomen wet besproken waarmee de aansprakelijkheid van De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) wordt beperkt tot kort gezegd opzet en grove schuld. De auteur gaat in op de uitleg van de begrippen opzet en grove schuld en onderzoekt hoe hoog de nieuwe lat voor aansprakelijkheid komt te liggen ten opzichte van de aanvankelijk geldende norm van een ‘behoorlijk en zorgvuldig handelende toezichthouder’. Ook wordt ingegaan op onder andere het causaliteitsvereiste, de omkeringsregel en enkele relevante ontwikkelingen op Europeesrechtelijk gebied. Geconcludeerd wordt dat DNB en AFM op grond van de nieuwe wettelijke regeling vrijwel immuun zijn gemaakt voor aansprakelijkheid.


Mr. S. Sahtie
Mr. S. Sahtie is Legal Counsel bij ABN AMRO Bank N.V. en was daarvoor als jurist werkzaam bij De Nederlandsche Bank (DNB).
Jurisprudentie

Ongerechtvaardigd verrijkt door fraude? Over winstbejag, goedgelovigheid en de mogelijkheid tot restitutie bij een piramidespel

Annotatie bij HR 28 oktober 2011, LJN BQ5986 (Van Hees q.q./N.N.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden ongerechtvaardigde verrijking, derdenverrijking, goede zeden, Peeters/Gatzen-vordering, fraude
Auteurs Mr. B. Bierens
SamenvattingAuteursinformatie

    Het hier besproken arrest betreft een specifiek facet van de afwikkeling van een beleggingsfraude. De curator van de failliete fraudeur poogt investeerders aan te spreken die hebben geprofiteerd van de frauduleuze praktijken. Biedt het vermogensrecht de mogelijkheid deze ‘veelontvangers’ met succes aan te spreken om daarmee het actief in de faillissementsboedel te vergroten ten behoeve van de gezamenlijke schuldeisers?


Mr. B. Bierens
Mr. B. Bierens is jurist bij Rabobank Nederland en als fellow verbonden aan het Instituut voor Financieel Recht (IFR), onderdeel van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R) van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Het internationaal recht en de gesloten jeugdzorg

Adviezen voor de praktijk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2012
Trefwoorden closed youth care, International Child Rights Convention, freedom of expression, standard of living, education
Auteurs S.J. Höfte, G.H.P. van der Helm en G.J.J.M. Stams
SamenvattingAuteursinformatie

    During childhood, a child is entitled to receive special care and assistance. The child’s best interest should be a primary objective. The Dutch government has an obligation to guarantee the children rights. But do the closed youth care accommodations meet the requirements as stated in the International Child Rights Convention, as far as deprivation of liberty and treatment under coercion are concerned? The study concluded that some closed youth care institutions do not meet the requirements as stated in the above mentioned Convention. There is often no possibility of free expression, physical complaints may not be taken seriously, an adequate standard of living is not always provided and the level of education is often too low. Most of the minors indicate that they are bored during their stay in the accommodations. On this basis, limiting the fundamental rights of these youngsters is currently surrounded with inadequate guarantees.


S.J. Höfte
Mr. Susanne Höfte is jurist. Zij studeerde recent af aan de Radboud Universiteit Nijmegen met een scriptie over de gesloten jeugdzorg.

G.H.P. van der Helm
Dr. Peer van der Helm is werkzaam bij het lectoraat Jeugdzorg en Jeugdbeleid van de Hogeschool Leiden.

G.J.J.M. Stams
Prof. dr. Geert Jan Stams is hoogleraar Forensische Orthopedagogiek aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Een nationaal mensenrechteninstituut: door de bomen het bos weer zien?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Netherlands Human Rights Institute, protection of human rights, Equal Treatment Commission, civil society organisations, legislation
Auteurs P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    At October the 2nd, the Netherlands Human Rights Institute (NHRI) opened its doors in Utrecht. The NHRI has been established by law, which entered into force October the 1st. The object of the Institute is to protect human rights in the Netherlands and promote the observance of such rights. In order to achieve this goal, the Institute has many tasks and competences, such as advising on legislation and regulations, draft legislation and policy, conducting inquiries and investigations, reporting and making recommendations. It will also encourage the ratification, implementation and observance of treaties, guidelines and recommendations. In addition, the NHRI will collaborate with national, European and international institutions and civil society organisations engaged in the protection of one or more human rights and increase awareness and knowledge of human rights through information, teaching and publicity. Finally, the Institute will take over the present duties of the Equal Treatment Commission, namely investigating whether discrimination as referred to in the equal treatment legislation has taken or is taking place and publishing its findings on this. This will be the responsibility of a separate division of the Institute. This article describes the background of the establishment of the NHRI, elaborates the different tasks and considers what is necessary for the NHRI’s effectiveness.


P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
Mr. Paul van Sasse van Ysselt, BA is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en is gastdocent/-onderzoeker grondrechten aan de VU Amsterdam.
Artikel

Uitbuiting uit zicht?

Getuigenverklaringen van gesmokkelde migranten nader bekeken aan de hand van indicatoren voor mensenhandel

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3 2012
Trefwoorden human trafficking, migrant smuggling, irregular migration, exploitation, illegal employment
Auteurs Joanne van der van der Leun en Anet van van Schijndel
SamenvattingAuteursinformatie

    Human trafficking means exploitation; human smuggling is associated with illegal labour and a connection with exploitation is absent. Where a victim of human trafficking can appeal for legal protection, a smuggled migrant (illegally residing or with vulnerable legal status) overall has little rights because of the formal absence of the aspects of exploitation and coercion in human smuggling. In this article, the empirical analysis based on file analysis demonstrates that in several files of cases framed as human smuggling indications are found for exploitation of migrants, although this has not been recognised as such. Theoretically the authors tie this to the trend of crimmigration. Measures designed to combat human trafficking and smuggling are often concentrated on (criminal) law enforcement and criminal punishment, to the detriment of a human rights-based approach. The tension between immigration policy and the combat against human trafficking deserves more attention.


Joanne van der van der Leun
Prof. dr. J.P. (Joanne) van der Leun is hoogleraar criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Instituut voor Strafrecht & Criminologie. Postbus 9520, 2300 RA Leiden. E-mail: j.p.vanderleun@law.leidenuniv.nl

Anet van van Schijndel
A.A.A. (Anet) van Schijndel MSc is onderzoeker bij de Algemene Rekenkamer. E-mail: a.vanschijndel@rekenkamer.nl
Artikel

Over het denken en voelen achter straf- en herstel(recht)

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden cognitive emotion theory, punishment, interconnectedness, (ir)rationality, mysticism
Auteurs Jacques Claessen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article attention is paid to the thoughts and feelings which underlie criminal law and restorative justice, as well as the question whether those thoughts and feelings have to be regarded as rational or irrational. For this purpose, the author has firstly examined the relationship between thinking and feeling from the perspective of the so-called cognitive emotion theory as put forth by the American philosopher Martha Nussbaum and the Dutch philosopher Mirjam van Reijen. In addition, this contribution also addresses the ideas of the Stoics, Spinoza and Schopenhauer, since the aforementioned theory goes back on the ideas of these philosophers. These philosophers depart from the view on man and world in which interconnectedness plays an important role – as the opposite of separateness. This view which reflects the mystic-religious perspective on man and world forms an important connecting thread in this article, as this turns out to have direct consequences for the idea about the (ir)rationality of certain thoughts and feelings, as well as for the (ir)rationality of criminal law and restorative justice. Special attention is paid to emotions that are relevant within the context of criminal law and restorative justice – which include anger, resentment, hatred, fear and compassion. After having explained – on the basis of the cognitive emotion theory – how thinking and feeling relate to each other and which thoughts and feelings – on the basis of the perspective of interconnectedness – have to be considered as (ir)rational, the article examines whether punishment is (ir)rational and whether the regular theories which legitimate punishment (i.e. retribution and prevention theories) are ‘rationalities of something irrational’. Furthermore, it is assessed whether the thoughts and feelings behind restorative justice are (ir)rational. The article concludes with a suggestion in which the main findings of this contribution are summarized, in order to stimulate discussion.


Jacques Claessen
Jacques Claessen (1980) is universitair docent straf(proces)recht aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. In 2010 verscheen zijn dissertatie Misdaad en straf. Een herbezinning op het strafrecht vanuit mystiek perspectief (Nijmegen: Wolf Legal Publishers). Zijn interessegebieden zijn sanctierecht, herstelrecht en de strafrechtelijke positie van het slachtoffer. Claessen is redacteur van dit tijdschrift en van de Nieuwsbrief Strafrecht. Voorts is hij rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Maastricht. Hij is winnaar van de Bianchi Herstelrechtprijs 2012.
Artikel

Toetsing in het wetgevingsproces versterkt

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2012
Trefwoorden constitutionele toetsing, grondrechten
Auteurs Prof. mr. R.J.B. Schutgens
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de adviezen van de Nationale conventie en de Staatscommissie Grondwet en naar aanleiding van het (nog aanhangige) voorstel-Halsema wordt in deze bijdrage de constitutionele toetsing door de wetgever opnieuw aan een beschouwing onderworpen. Daarbij is vooral aandacht voor de toetsing aan de grondrechten. Er komen verschillende manieren aan bod om de toetsing tijdens de wetsprocedure te versterken: verbeteringen in de wetgevingsadvisering door de Raad van State; de instelling van een algemene Kamercommissie voor grondrechten en constitutionele toetsing naar Brits voorbeeld; een kritischere en onafhankelijke rol voor de Kamers ten opzichte van de regering; het vaststellen van een toetsingskader waarin regering, Staten-Generaal en Raad van State gezamenlijk vastleggen aan welke materiële normen zij (nader) toetsen bij toetsing aan de Grondwet. Tot slot wordt betoogd dat de rechter de kwaliteit van de toetsing in de wetsprocedure kan bevorderen door bij zijn toetsing aan de verdragsgrondrechten de toetsing door de wetgever kritisch te beoordelen.


Prof. mr. R.J.B. Schutgens
Prof. mr. R.J.B. Schutgens is hoogleraar Algemene rechtswetenschap aan de Radboud Universiteit Nijmegen. r.schutgens@jur.ru.nl
Redactioneel

Constitutionele toetsing door de wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2012
Auteurs Prof. mr. L.F.M. Verhey
Auteursinformatie

Prof. mr. L.F.M. Verhey
Prof. mr. L.F.M. Verhey is hoogleraar Kirchheiner leerstoel aan de Universiteit Leiden en Staatsraad bij de Afdeling advisering van de Raad van State. l.f.m.verheij@law.leidenuniv.nl
Artikel

College voor de rechten van de mens en constitutionele toetsing

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2012
Trefwoorden College voor de rechten van de mens, constitutionele toetsing, mensenrechten, grondrechten,, advisering
Auteurs Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt BA
SamenvattingAuteursinformatie

    Kort na de zomer van 2012 treedt de Wet College voor de rechten van de mens in werking en opent het College zijn deuren. Het College krijgt tal van taken en bevoegdheden om in Nederland de rechten van de mens te beschermen, het bewustzijn ervan te vergroten en de naleving ervan te bevorderen. Eén van die taken betreft wetgevingsadvisering. In deze bijdrage wordt geanalyseerd of, en zo ja op welke wijze en onder welke voorwaarden, het College kan bijdragen aan de versterking van de ex-ante constitutionele toetsing van conceptwetgeving. Deze vraagstelling wordt mede geplaatst in het kader van de (internationale) achtergrond van het College en het belang van constitutionele dialoog.


Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt BA
Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt BA is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, voormalig verbindingsofficier bij het EU Grondrechtenagentschap en gastdocent/-onderzoeker grondrechten aan de VU Amsterdam. paul.sasse@minbzk.nl

Prof. dr. A. De Boeck
Prof. dr. A. De Boeck is hoofddocent privaatrecht aan de Hogeschool-Universiteit Brussel, docent aan de Universiteit Antwerpen en geaffilieerd onderzoeker aan de KU Leuven.
Artikel

Access_open Religie en maatschappelijk verantwoord ondernemen: een (deels) gemiste kans

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden CSR, empirical research, religiosity, values
Auteurs Corrie Mazereeuw-van der Duijn Schouten
SamenvattingAuteursinformatie

    Nowadays the interest in and valuation of Corporate Social Responsibility (CSR) is impressive, but when it comes to the effective implementation of CSR in business practices there seems to be a large gap. In order to advance CSR, it is important to know what motivates executives to contribute to CSR. Religiosity may be a motivational driver of CSR. I investigated whether religiosity influences executives’ view of and contribution to CSR. Based on empirical research conducted among 473 executives, I find that traditional religiosity leads to a philanthropic orientation towards CSR and a significant higher contribution to CSR in terms of charity. Otherwise, I find that non-traditional religiosity leads to a financial orientation towards CSR and a significant higher contribution to CSR in terms of diversity.


Corrie Mazereeuw-van der Duijn Schouten
Dr. C. Mazereeuw-van der Duijn Schouten is bedrijfskundige (management van verandering) en algemeen directeur van een metaalverwerkingsbedrijf. Zij promoveerde in 2010 op een onderzoek naar de relatie tussen religie en maatschappelijk verantwoord ondernemen. cmvdds@gmail.com
Artikel

Access_open ‘Meneer De Leeuw, mag ik hier bidden?’

Een filosofische beschouwing over bidden op openbare scholen

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Pray, Tolerance, School, Policy, Law
Auteurs Niels de Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    Student requests for praying space are posing schools for important questions about their policy. These questions cannot be answered within the scope of relevant principles of law in the Netherlands. On the basis of religious studies research the author suggests that schools should respond to those questions with positive tolerance. Such a policy is most effective in promoting order and other educational objectives. However this tolerance should be bound to a responsibility of praying students towards the position of secular and moderate religious students.


Niels de Leeuw
N.C.W.M. de Leeuw MA studeerde aan de opleiding Religie in Samenleving en Cultuur aan de Universiteit van Tilburg. Hij is eerstegraads docent levensbeschouwing. ncdeleeuw@gmail.com
Redactioneel

Voorwoord

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2012
Auteurs Marit Scheepmaker

Marit Scheepmaker
Artikel

Access_open Burgerschap en islam sluiten elkaar niet uit

Indonesische moslims in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Indonesian Muslims, migrants, citizenship, integration
Auteurs Jennifer Vos en Sandra van Groningen
SamenvattingAuteursinformatie

    The policy document Integration, commitment and citizenship concludes that the Islam ‘worries parts of the Dutch society’ because of beliefs that according to them are incompatible with the democratic constitutional state. In this article we look at the relationship between Islam en citizenship from within the Indonesian Muslim community in the Netherlands. This article is based on research on positioning and self-definition of Indonesian Muslims in the Netherlands. Indonesian Muslims are in general well integrated in Dutch society. They work or study in the Netherlands and they are active in social life. Newcomers respect the pluriform and democratic legal order they already know from Indonesia. At the same time Indonesian Muslims are remarkably silent in the public debate on Islam. On the one hand this derives from their individualistic and inward interpretation of Islam, on the other hand it derives from their Indonesian national character and it partially comes from the changed political climate in the Netherlands.


Jennifer Vos
J.C.A. Vos MA is master of arts in International Business Communication en master of arts in Religious Studies. Zij is junior onderzoeker bij het Centre for World Christianity and Interreligious Studies, Radboud Universiteit Nijmegen. Zij doet onderzoek naar relaties tussen christen- en moslimmigranten in Nederland. j.vos@ftr.ru.nl

Sandra van Groningen
A.J.B. van Groningen BA is bachelor of arts in Religious Studies en masterstudent Religiewetenschappen en Bestuurskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Voor haar masterstage Religiewetenschappen werkte zij mee aan het onderzoek naar relaties tussen christen- en moslimmigranten in Nederland van het Centre for World Christianity and Interreligious Studies. svangroningen@student.ru.nl
Diversen

Meten van de effecten van toezicht

‘Yes we can!’?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden toezicht, effecten, effectmeting
Auteurs Prof. dr. H.B. Winter
SamenvattingAuteursinformatie

    In de tweede Kaderstellende visie op toezicht uit 2005 is het uitgangspunt ‘minder last, meer effect’, zoals de titel van dat kabinetsstuk luidt. Toezichtslasten moeten worden teruggedrongen en de meerwaarde van toezicht, het effect, moet toenemen. Maar, wat zijn effecten van toezicht? Hoe kunnen toezichtseffecten worden vastgesteld? Waarom is het belangrijk aandacht te schenken aan effecten van toezicht? De Inspectieraad besteedt veel aandacht aan dit onderwerp, hoe kan het dat inspecties en autoriteiten op dat vlak maar langzaam in beweging komen? Gelukkig zijn er ook goede voorbeelden van effectmetingen, ook in de Nederlandse inspectiepraktijk. Dit artikel belicht een aantal van die ‘best practices’ en geeft enkele adviezen en handreikingen.


Prof. dr. H.B. Winter
Prof. dr. H.B. Winter is bijzonder hoogleraar Toezicht aan de faculteit rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen en directeur van onderzoeks- en adviesbureau Pro Facto te Groningen.
Artikel

Over de effectiviteit van mediation in gevallen van geweld tussen partners

Resultaten van een empirisch onderzoek in Oostenrijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden herstelrecht, slachtoffer-daderbemiddeling, huiselijk geweld, geweld tegen vrouwen
Auteurs Christa Pelikan
SamenvattingAuteursinformatie

    The Austrian social historian Christa Pelikan wrote in 2009 an article with the following title: On the efficacy of Victim-Offender-Mediation in cases of partnership violence in Austria, or: Men don’t get better, but women get stronger: Is it still true?
    It contains outcomes of an empirical study which reads in short: The efficacy of VOM in cases partnership violence is to a large part due to the empowerment of the women victims, but partly, albeit to a smaller percentage, also due to an inner change, to insight and following from that a change of behaviour on the side of the male perpetrators. These achievements should be understood as part of a comprehensive societal change – a change of expectations regarding the use of violence in intimate partnerships. The research presented is to be perceived against the background of another study carried out 10 years before; its title was: ‘The efficacy of criminal law interventions in cases of partnership violence: Comparing The Criminal Trial and Victim-Offender Mediation (out of court offence compensation – ATA)’. Quantitaive and qualitative research is used, as well as a description of cases. In our journal a Dutch translation of this relevant (2009) article on RJ and domestic violence has been published.


Christa Pelikan
Christa Pelikan is senior onderzoeker aan het Institute for Sociology of Law and Criminology in Wenen. Zij is een van de oprichters van het European Forum for Restorative Justice.
Artikel

Recht en burgerschap: een verkenning van modaliteiten

Inleiding bij een symposiumnummer

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2012
Trefwoorden citizenship, sociology of law, juridification, policy
Auteurs Olaf Tans
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyzes the relation between law and citizenship on the basis of five modalities. This analysis is premised on the observation that citizenship plays a central role in the contemporary debate about the development of political communities. Furthermore it is obvious that citizenship is inextricably linked to law, but it is not easy to get a clear and complete picture of this link. This is due to, on the one hand, the versatility of the concept of citizenship, and the versatility of the phenomenon law on the other. In short, the relation between law and citizenship is multifaceted, which the typology of modalities is meant to reveal.


Olaf Tans
Olaf Tans is als rechtstheoreticus en politiek wetenschapper verbonden aan het Amsterdam University College. In het algemeen houdt hij zich bezig met de relatie tussen recht, ethiek en samenleving. De laatste tijd is hij gericht op onderwerpen als burgerschap, deliberatie en de narratieve benadering van rechtsvinding.
Toont 1 - 20 van 25 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.