Zoekresultaat: 28 artikelen

x
Jaar 2016 x
Artikel

De aansprakelijkheid van de moderne commanditaire vennoot

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden Werkgroep Personenvennootschappen, commanditaire vennootschap, artikel 21 WvK, aansprakelijkheid, bestuursverbod
Auteurs Mr. J.E. van Nuland
SamenvattingAuteursinformatie

    De Werkgroep Personenvennootschappen presenteerde onlangs haar rapport betreffende een nieuwe wettelijke regeling voor de personenvennootschappen. Dit artikel bespreekt de aansprakelijkheid van de commanditaire vennoot in de voorgestelde regeling. Na een korte weergave van de huidige regeling wordt de voorgestelde regeling ontleed en van enkele kanttekeningen voorzien.


Mr. J.E. van Nuland
Mr. J.E. van Nuland is werkzaam als juridisch medewerker bij Vlaminckx Advocaten te Venlo en als PhD-fellow van het Institute for Corporate Law, Governance and Innovation Policies (ICGI) aan de Universiteit Maastricht.
Artikel

De relatie tussen racisme en criminaliteit in Nederland

Een verkennende studie onder Surinaamse en Caribische Nederlanders

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Surinaamse en Caribische migranten, Racisme, Huidskleur, Criminaliteit
Auteurs Dr. Katharina J. Joosen
SamenvattingAuteursinformatie

    Surinamese and Dutch Caribbean migrants have been overrepresented in (official) Dutch crime statistics for years. From Hirschi’s Social Control Theory and the Theory of African-American Offending, this study investigates to what degree racism based on skin color is related to self-reported offending among Surinam and Dutch Caribbean migrants in The Netherlands. A total of 91 online questionnaires were filled out regarding skin color, experiences with racism, and offending. Results show that darker-skinned respondents experienced more racism and that more racism was reported by the respondents who committed more offenses; especially regarding violent and drug-related offenses.


Dr. Katharina J. Joosen
Dr. Katharina Joosen is postdoctoraal onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.
Artikel

Ontneming in het milieustrafrecht

Een overzicht van de omstandigheden die de rechter meeweegt bij de berekening van wederrechtelijk verkregen voordeel in het milieustrafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Ontneming, Milieu, Milieustrafrecht, Ontnemingsmaatregel, Wederrechtlijk verkregen voordeel
Auteurs Mr. M. Velthuis
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel geeft een overzicht van de gepubliceerde jurisprudentie van opgelegde ontnemingsmaatregelen in het milieustrafrecht en de omstandigheden die de rechter bij de berekening van de hoogte van het ontnemingsbedrag betrekt. Uit de besproken uitspraken blijkt dat de uiteindelijk opgelegde ontnemingsmaatregel soms slechts een fractie betreft van het initieel berekende bedrag in de ontnemingsrapportage. De auteur bepleit een kritische beoordeling van de ontnemingsrapportage en het hanteren van realistische uitgangspunten bij de berekening van wederrechtelijk verkregen voordeel in het milieustrafrecht.


Mr. M. Velthuis
Mr. M. Velthuis is advocaat bij Stibbe, werkzaam op de afdeling Corporate Criminal Law.
Artikel

Culturen van letselschadeafwikkeling

Indrukken uit een vergelijkend onderzoek naar de wijze van afwikkeling van letselschades in Engeland, Noorwegen en Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden letselschade, schadeafwikkeling, personenschade, cultuurverschillen, rechtsvergelijking
Auteurs Mr. E.S. Engelhard en Prof. mr. S.D. Lindenbergh
SamenvattingAuteursinformatie

    Onderzoek naar de wijze waarop letselschades worden afgewikkeld in Engeland, Noorwegen en Nederland brengt relevante verschillen in afwikkelingsculturen aan het licht. De Engelse wijze van afwikkeling is sterk gericht op afwikkeling in rechte en is vergaand vercommercialiseerd. De Noorse praktijk kenmerkt zich door een op sociale zekerheid gebaseerde afwikkelingscultuur buiten rechte, die in hoge mate is gebaseerd op onderling vertrouwen. De Nederlandse praktijk van schadeafwikkeling heeft met de Engelse gemeen dat zij vorm krijgt in een commerciële setting tegen de achtergrond van het civiele aansprakelijkheidsrecht. Met de Noorse praktijk heeft zij gemeen dat het proces van afwikkeling in hoge mate is gebaseerd op overleg buiten rechte en op onderling vertrouwen.


Mr. E.S. Engelhard
Mw. mr. E.S. Engelhard is als promovenda verbonden aan de Erasmus School of Law.

Prof. mr. S.D. Lindenbergh
Prof. mr. S.D. Lindenbergh is als hoogleraar privaatrecht verbonden aan de Erasmus School of Law.
Artikel

De berekening van interne loonkosten: hoe concreet is concreet?

Annotatie bij HR 24 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1278 (deel II)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2016
Trefwoorden doorkruisingsleer, onrechtmatige daad, kostenverhaal, abstracte of concrete schadeberekening, loonkosten
Auteurs Mr. E.M. van Orsouw en Mr. M.F.J. Hiel
SamenvattingAuteursinformatie

    Kunnen gemeenten de kosten van rampbestrijding verhalen op de overheid via de privaatrechtelijke weg? Of levert dat een onaanvaardbare doorkruising van een publiekrechtelijke regeling op? En als een gemeente loonkosten wil verhalen, moeten deze dan abstract of concreet worden berekend? Die vragen staan centraal in het arrest van de Hoge Raad van 24 juni 2016 en in twee opeenvolgende bijdragen in het Maandblad voor Vermogensrecht. Dit is het tweede deel, over het verhaal van de loonkosten.


Mr. E.M. van Orsouw
Mr. E.M. van Orsouw is partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Mr. M.F.J. Hiel
Mr. M.F.J. Hiel is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Eigen schuld in beleggingsadviesrelaties

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2016
Trefwoorden beleggingsadvies, eigen schuld, schadebeperking, zorgplicht
Auteurs Mr. A.G.F. Ancery
SamenvattingAuteursinformatie

    In beleggingsadviesrelaties geeft de belegger zelf opdracht voor de koop en verkoop van effecten. Hij doet dat op advies van de beleggingsonderneming. In hoeverre is er nog ruimte voor eigen schuld van de belegger als de beleggingsonderneming bij het geven van een advies haar zorgplicht schendt?


Mr. A.G.F. Ancery
Mr. A.G.F. Ancery is als gerechtsauditeur verbonden aan de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

‘Elk nadeel heb z’n voordeel’: (bewijslast)problematiek rondom het passing-on verweer in kartelschadezaken

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2016
Trefwoorden bewijslast, passing-on verweer, kartelschadezaken, schadeverweer, voordeelstoerekening
Auteurs Rogier Meijer en Erik-Jan Zippro
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt aan de hand van het arrest TenneT/ABB, de Richtlijn en de Implementatiewet ingegaan op de manier waarop wordt omgegaan met het bewijs in kartelschadezaken, in het bijzonder bij het passing-on verweer.


Rogier Meijer
Mr. dr. R. Meijer is advocaat bij Zippro Meijer Citteur advocaten.

Erik-Jan Zippro
Mr. dr. E.-J. Zippro is advocaat bij Zippro Meijer Citteur advocaten.
Jurisprudentie

Eturas: ontvangst ongevraagde online informatie kan leiden tot onderling afgestemd feitelijk gedrag

HvJ EU 21 januari 2016, zaak C-74/14, Eturas UAB e.a./Lietuvos Respublikos konkurencijos taryba, ECLI:EU:C:2016:42

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2016
Trefwoorden onderling afgestemd gedrag, bewijslast, bewijsstandaard, Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie, onschuldpresumptie
Auteurs Winfred Knibbeler
SamenvattingAuteursinformatie

    De uitspraak van het Hof van Justitie in de zaak Eturas vormt een belangrijke bouwsteen in de rechtspraak over onderling afgestemd feitelijk gedrag. Het Hof van Justitie bevestigt dat een online mededeling in een verticale context kan leiden tot een inbreuk op artikel 101 VWEU. Daarvoor is wel nodig dat een mededingingsautoriteit volgens nationale bewijsregels aannemelijk maakt dat de ontvanger van een online bericht op de hoogte was van de inhoud van het bericht. Nationale bewijsregels worden begrensd door het vermoeden van onschuld, dat vervat is in artikel 48 van het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie en het is ook mogelijk zich van de inbreuk te distantiëren door te bewijzen dat de ongevraagde online informatie commercieel is genegeerd.


Winfred Knibbeler
Mr. W. Knibbeler is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP te Amsterdam.
Artikel

TenneT/ABB: een mijlpaal voor kartelschade én het algemene schadevergoedingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden kartelschade, voordeelstoerekening, bewijslast(verdeling), passing-on verweer, doorberekeningsverweer
Auteurs Mr. J.A. Möhlmann en Mr. M.R. Fidder
SamenvattingAuteursinformatie

    Het TenneT/ABB-arrest van de Hoge Raad vormt een mijlpaal voor kartelschade en het algemene schadevergoedingsrecht. Het biedt duidelijkheid over het bij kartelschade belangrijke passing-on verweer en herziet de vereisten voor voordeelstoerekening. Het arrest werpt echter ook nieuwe vragen op met betrekking tot de bewijslastverdeling bij toerekening van voordeel.


Mr. J.A. Möhlmann
Mr. J.A. Möhlmann is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

Mr. M.R. Fidder
Mr. M.R. Fidder is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.
Artikel

Afstemming in de eenentwintigste eeuw: de rol van bewijsvermoedens voor onderling afgestemde feitelijke gedraging door deelname aan online platforms

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden mededingingsrecht, bewijsvermoeden, procedurele autonomie, onderling afgestemde feitelijke gedraging
Auteurs Prof. mr. A. Gerbrandy en T. Binder
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Eturas werd het Hof van Justitie gevraagd om een nadere uitleg te geven aan het begrip ‘afstemming tussen ondernemingen’ in de zin van een onderling afgestemde feitelijke gedraging (art. 101 lid 1 VWEU). Het belang van dit arrest ligt ten eerste in de constatering dat afstemming plaats kan vinden door middel van deelname van ondernemingen aan een online platform beheerd door een derde (niet-concurrerende) partij, en ten tweede in de verdere verfijning van de toelaatbaarheid van bewijsvermoedens; meer specifiek van de grenzen die het onschuldbeginsel daaraan stelt.
    HvJ 21 januari 2016, zaak C-74/14, Eturas UAB e.a./Lietuvos Respublikos konkurencijos taryba, ECLI:EU:C:2016:42.


Prof. mr. A. Gerbrandy
Prof. mr. A. (Anna) Gerbrandy is hoogleraar mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht.

T. Binder
T. (Tom) Binder is student in de master European Law aan de Universiteit Utrecht en als student-assistent verbonden aan het Europa Instituut van die universiteit.
Artikel

Het meten van effecten van de handhaving door de Belastingdienst

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden effectmeting, handhaving, toezicht, Belastingdienst, compliance
Auteurs Dr. Sjoerd Goslinga, Drs. Maarten Siglé en Prof. dr. mr. Lisette van der Hel
SamenvattingAuteursinformatie

    De maatschappij verwacht in toenemende mate dat toezichthouders de effecten van hun toezicht inzichtelijk maken. Dat geldt ook voor de Belastingdienst. Dit artikel bespreekt de theorie en de praktijk van effectmeting in het fiscale domein en levert zo een bijdrage aan de ontwikkeling van effectmeting van het (overheids)toezicht. Vastgesteld wordt dat in de praktijk een aantal uitdagingen het hoofd moet worden geboden wil de Belastingdienst daadwerkelijk tot een integrale effectmeting van het toezicht komen. Dit zijn: het expliciteren van de beleidstheorie, het vinden van de juiste determinanten van compliance, het meten van effecten van preventieve activiteiten, het opzetten van methodologisch verantwoord onderzoek en de organisatorische inbedding van effectmeting.


Dr. Sjoerd Goslinga
S. Goslinga is werkzaam bij de Belastingdienst en daarnaast als onderzoeker verbonden aan de Universiteit Leiden.

Drs. Maarten Siglé
M.A. Siglé is werkzaam bij de Belastingdienst en is daarnaast als PhD-student en docent verbonden aan de Nyenrode Business Universiteit.

Prof. dr. mr. Lisette van der Hel
E.C.J.M. van der Hel is werkzaam bij de Belastingdienst en daarnaast als hoogleraar effectiviteit van overheidstoezicht verbonden aan de Nyenrode Business Universiteit.
Artikel

De correctie-Langemeijer in het bestuursrecht

Tijdschrift StAB, Aflevering 3 2016
Auteurs Lisanne van Boven

Lisanne van Boven
Praktijk

Uitdagingen voor de toekomst van de (groene) criminologie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2016
Trefwoorden environmental crime, social harm, environmental governance, green criminology
Auteurs Dr. Lieselot Bisschop
SamenvattingAuteursinformatie

    This narrative aims to identify a number of challenges for the future of (green) criminology. It discusses what the three traditional criminological questions about criminalization, etiology and the social reaction imply in a ‘green’ context. For each of those topics, we analyse where the goals of green and mainstream criminology align and pay attention to research projects on these topics in the Netherlands and Belgium. In the end, this allows us to identify the following challenges for the future of (green) criminology: theoretical foundations, methodological creativity, interdisciplinary research projects and dialogue, and a research focus that goes beyond a preoccupation with the Global North.


Dr. Lieselot Bisschop
Dr. L.C.J. Bisschop is postdoctoraal onderzoeker bij het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen en universitair docent bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Kroniek Materieel strafrecht 2016

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2016
Auteurs Maike Bouwman, Chana Grijsen, Geert-Jan Kruizinga e.a.

Maike Bouwman

Chana Grijsen

Geert-Jan Kruizinga

Robert Malewicz

Patrick van der Meij

Michiel Olthof

Sabine Pijl

Ben Polman

Inge Raterman

Melissa Slaghekke

Paul Verweijen

    De beroepsbeoefenaar – en dus ook de letselschadeadvocaat – die een informatieverplichting schendt, zal enigszins op zijn aansprakelijkheidsrechtelijke tellen moeten passen als het om het bewijs van die zorgplichtschending en het (bewijs van het) causaal verband gaat. Maar daar is die advocaat nog redelijk ‘beschermd’. Geraakt een cliënt voorbij die hindernissen, dan is het echter snel afgelopen: eigen schuld als verweer mag niet meer in beeld komen, althans mag slechts een marginale rol spelen, zo wordt betoogd.


Prof. mr. I. Giesen
Prof. mr. I. Giesen is hoogleraar Privaatrecht aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en programmaleider van het Utrecht Center for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Een gebouw van contracten: de contractengroep als juridisch kader voor bouwprocessen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden contractengroep, relativiteitsbeginsel, bouwcontracten, samenhangende overeenkomsten
Auteurs Mr. S. van Gulijk en Mr. L.H. Muller
SamenvattingAuteursinformatie

    De positie van derden in het contractenrecht heeft zich sterk ontwikkeld. Zo zijn door de rechtspraak bij samenhangende rechtsverhoudingen uitzonderingen op het relativiteitsbeginsel aangenomen. Samenhangende rechtsverhoudingen komen veel voor in het bouwcontractenrecht, waardoor problemen kunnen ontstaan bij het vestigen van aansprakelijkheid. Mogelijk biedt de contractengroep als overkoepelend juridisch kader voordelen voor de regulering van samenhangende rechtsverhoudingen in het bouwcontractenrecht.


Mr. S. van Gulijk
Mr. S. van Gulijk is universitair hoofddocent privaatrecht aan Tilburg University.

Mr. L.H. Muller
Mr. L.H. Muller is advocaat bouwrecht te Nijmegen.
Artikel

De zaak Accorinti: aansprakelijkheid van de ECB en implicaties voor het huidige onconventionele monetaire beleid

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2016
Trefwoorden aansprakelijkheid Unie-instellingen, aansprakelijkheid Europese Centrale Bank, Griekse schuldencrisis, Accorinti-arrest, Gauweiler-arrest
Auteurs Mr. N.C. Voortman en Dr. C. Hopman
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van de zaak Accorinti wordt in dit artikel het leerstuk van de aansprakelijkheid van Unie-instellingen en de ECB besproken en wordt nader ingegaan op de overwegingen van het GvEA in de zaak Accorinti. Bovendien wordt gekeken naar de betekenis van dit arrest voor het huidige onconventionele monetaire beleid van het Eurosysteem.


Mr. N.C. Voortman
Mr. N.C. Voortman en dr. C. Hopman zijn als jurist werkzaam bij de Divisie Juridische zaken van De Nederlandsche Bank.

Dr. C. Hopman
Artikel

Aanbevelingen juristengroep uitvoering motie Dijksma

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden collectieve schadevergoeding, massaschade, collectieve actie, belangenorganisaties
Auteurs Olav Haazen, Femke Hendriks, Niels Lemmers e.a.

Olav Haazen

Femke Hendriks

Niels Lemmers

Jurjen Lemstra

Daan Lunsingh Scheurleer

Brechje van der Velden
Artikel

Finaliteit, representativiteit en kwaliteitsborging door de rechter

De sleutelbegrippen van het collectief actierecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden 305a-organisatie, massaschade, WCAM, gezag van gewijsde, finaliteit
Auteurs Mr. drs. T.M.C. Arons
SamenvattingAuteursinformatie

    De sleutelbegrippen bij massaschade(geschilbeslechting): representativiteit, finaliteit en kwaliteitsborging door de rechter. De schadevergoedingeisende organisatie moet representatief zijn ter waarborging van de belangen van de achterban. Finaliteit betekent binding van deze achterban. Het gezag van gewijsde en het EVRM vereisen een opt-inmodel.


Mr. drs. T.M.C. Arons
Mr. drs. T.M.C. Arons is universitair docent Financieel Recht bij het Instituut voor Financieel Recht (IFR), onderdeel van het Onderzoek­cen‍trum Onderneming & Recht (OO&R) aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Vergoeding van integriteitsschade mede bezien vanuit een mensenrechtelijk perspectief

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2016
Trefwoorden integriteitsschade, immateriële schade, schadevergoeding, informatieplicht, zelfbeschikkingsrecht
Auteurs A.M. Overheul
SamenvattingAuteursinformatie

    Met vergoeding van integriteitsschade wordt een vergoeding van immateriële schade toegekend wegens een inbreuk op het zelfbeschikkingsrecht. Hiermee verschuift het juridische obstakel van de causaliteit naar het schadebegrip. De vraag is of deze ‘schadepost’ daadwerkelijk juridisch relevante ‘schade’ is. De wetgever heeft zich hierover niet uitgelaten en de Hoge Raad heeft zich op dit punt nog niet uitgesproken. De wijze waarop het EHRM omgaat met het zelfbeschikkingsrecht kan inspiratie bieden voor de invulling van het Nederlandse concept ‘integriteitsschade’. In deze bijdrage wordt daarom niet alleen stilgestaan bij de discussie in Nederland over de invulling van dit concept, maar wordt ook een vergelijking gemaakt met rechtspraak van het EHRM over de schending van het recht op informatie in medische aansprakelijkheidszaken. De vraag is met name hoe de begrenzing van deze schadepost eruit zou moeten zien.


A.M. Overheul
A.M. Overheul is bachelorstudent aan het Utrecht Law College van de Universiteit Utrecht.
Toont 1 - 20 van 28 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.