Zoekresultaat: 27 artikelen

x
Jaar 2017 x
Artikel

Veilige resocialisatie van zedendaders met inzet van vrijwilligers

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2017
Trefwoorden COSA, Zedendelinquenten, Resocialisatie, Vrijwilligers
Auteurs Dr. Mechtild Höing en Audrey Alards
SamenvattingAuteursinformatie

    Circles of Support and Accountability (COSA) is a method in which volunteers support and monitor a convicted sex offender during his or her re-entry into society in order to prevent new sex offences. COSA was developed in Canada in 1994 as a grass roots approach to an acute crisis in a small town near Toronto, and since then has spread throughout Canada. In 2002, the COSA model was introduced and further developed in England, and from there the approach found its way to the Netherlands, where circle projects are provided by the Dutch Probation Organization since 2010. Until now, more than one hundred sex offenders (‘core members’ in a circle) have participated in a circle in the Netherlands. Although the COSA model predates the Good Lives Model, it’s basic principles align very well to the Good Lives Model. In COSA, a group of three to five volunteers form a surrogate social network, that offers social inclusion, practical and moral support in all kinds of daily challenges the core member faces, and that monitors risk and risk behavior. The volunteers are supervised by a professional circle-coordinator and supported by professionals who are involved in the core members’ after care arrangements. The COSA intervention model describes a number of conditions and strategies that support its effectiveness. Canadian, American and English case-control studies into the effectiveness of COSA shows a substantial reduction of offending behavior in core members compared to controls. Since the international proliferation of the COSA model is ever increasing, protecting the program integrity is a growing concern, and stresses the need for international cooperation between COSA providers.


Dr. Mechtild Höing
Dr. Mechtild Höing is socioloog aan het Expertisecentrum Veiligheid van de Avans Hogeschool en projectleider en lid van de kenniskring lectoraat Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties.

Audrey Alards
Audrey Alards is werkzaam bij Reclassering Nederland; als cirkelcoördinator is zij sinds 2009 werkzaam voor COSA.
Artikel

De speciale overnamecommissie in nationaal en rechtsvergelijkend perspectief

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden overnamecommissie, raad van commissarissen, RvC, stuurgroep, overname
Auteurs Mr. drs. C. Groen en Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen jaren is de aandacht voor de rol en de positie van de raad van commissarissen (RvC) van een doelvennootschap bij een overname toegenomen. Het komt in de praktijk regelmatig voor dat de RvC (mede) uit zijn midden een speciale overnamecommissie of stuurgroep vormt die specifiek belast is met een juiste afwikkeling van het overnameproces. In dit artikel gaan de auteurs in op de rol en vormgeving van deze speciale overnamecommissie.


Mr. drs. C. Groen
Mr. drs. C. Groen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. H. Koster
Mr. H. Koster is verbonden aan het departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Bestuurdersaansprakelijkheid en corporate governance

Hebben bestuurders wat te vrezen als ze de Corporate Governance Code schenden?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2017
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, Corporate Governance Code, corporate governance, bestuurder, commissaris
Auteurs Mr. drs. R.T.L. Vaessen
SamenvattingAuteursinformatie

    Afgelopen jaar was er veel aandacht voor de nieuwe Corporate Governance Code. De Code kent veel bepalingen die het handelen van bestuurders en commissarissen normeren. Dit artikel behandelt de vraag of bestuurders en commissarissen op dit moment vaak aansprakelijk worden gesteld vanwege schending van de Corporate Governance Code, en of zij in dat geval in rechte wat te vrezen hebben.


Mr. drs. R.T.L. Vaessen
Mr. drs. R.T.L. Vaessen is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Discriminatoir ontslag in de diverse samenleving

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Ontslag, Gelijke behandeling, Diversiteit, Discriminatie, College voor de Rechten van de Mens
Auteurs mr. Marieke ten Broeke
SamenvattingAuteursinformatie

    In onze diverse maatschappij bestaat veel aandacht voor het tegengaan van discriminatie, bijvoorbeeld in het proces van werving en selectie. In deze bijdrage onderzoekt de auteur aan de hand van rechtspraak en oordelen van het College voor de Rechten van de Mens welke rol discriminatie een rol speelt bij de beëindigingen van arbeidsovereenkomsten. Op grond van de onderzochte zaken wordt geconcludeerd dat een beroep op de gronden geslacht of chronische ziekte en handicap het vaakst aan de rechter of het College worden voorgelegd, waarbij het bij discriminatie op grond van geslacht meestal gaat om discriminatie wegens zwangerschap.


mr. Marieke ten Broeke
Lawyer
Casus

Ontwikkeling van een afwegingskader vertrouwen voor toezichthouders

Lessen uit de praktijk van de IGJ

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Vertrouwen, Toezicht, operationaliseren, afwegingskader, gezondheidszorg
Auteurs Sandra Spronk, Heleen Buijze, Paul Zwietering e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Diverse toezichthouders hebben vertrouwen in ondertoezichtstaanden gekozen als uitgangspunt. Inspecteurs van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) vinden vertrouwen een lastig te hanteren begrip. Tegelijk geven zij aan dat vertrouwen wel een grote rol speelt bij hun oordeel en handhaving. Ze missen echter handvatten om de afweging van vertrouwen in de zorgaanbieder te kunnen expliciteren en te onderbouwen. Dit is voor de IGJ aanleiding om vanuit het perspectief van de IGJ praktijkonderzoek te doen naar het begrip vertrouwen. Dit leidt tot het afwegingskader.


Sandra Spronk
Dr. S. Spronk is adviseur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Heleen Buijze
Drs. P.H. Buijze is Inspecteur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Paul Zwietering
Dr. P.J. Zwietering is Inspecteur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Roland Friele
Dr. ir. R.D. Friele is adjunct-directeur en hoogleraar Nivel/Tranzo Tilburg University.

Paul Robben
Prof. dr. P.B.M. Robben is hoogleraar iBMG, Erasmus Universiteit.
Artikel

Hoe werkt vroegsignalering door lokale jongerenwerkers in de strijd tegen terrorisme?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Radicalisering, Gewelddadig extremisme, Jongerenwerker, Subjectieve oordeelsvorming
Auteurs Annemarie van de Weert MSc en Mr. dr. Quirine Eijkman
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyses whether the local youth worker can operate on the intersection of social welfare and signalling of extremism. Although it is a rare phenomenon, there is a clear message from the government to watch out for the first signs of deviant behavior and unacceptable behavior. However, shouldn’t we ask ourselves whether youth workers are adequately equipped at local level to signal threat? The qualitative results show that in daily practice there is a lack of clear standards which make terminology for social professionals not easily distinguished. In addition their opinion depends largely on their own intuition regarding the issues. This can create side effects which form a risk that the local terrorism policy does not have the intended effect.


Annemarie van de Weert MSc
Annemarie van de Weert MSc is onderzoeker Toegang tot het recht aan het Kenniscentrum Sociale Innovatie (KSI), Hogeschool Utrecht.

Mr. dr. Quirine Eijkman
Mr. dr. Quirine Eijkman is lector Toegang tot het recht aan het Kenniscentrum Sociale Innovatie (KSI), Hogeschool Utrecht.
Artikel

Aanzetten tot verbetering van de opsporing

‘Handelen naar Waarheid’ een jaar later

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2017
Trefwoorden national police force, police reform, change, organizational dynamics, leadership
Auteurs Dr. N. Kop en Dr. P. Klerks
SamenvattingAuteursinformatie

    The authors reflect on ‘Handelen naar waarheid’ (Acting on truth), an assessment of the state of criminal investigations in The Netherlands, which appeared in May 2016. This report, assigned by the police and public prosecution service and written by four inside experts, caused substantial turmoil in the police organization and beyond. The report addresses six domains: professionalism, attitude and behavior, direction and leadership, capacity for change, organizational structure and business management. The critical and transparent self-reflection by the police received praise from policymakers, journalists and academic observers. It also met with recognition and appreciation in the law enforcement community, in particular among investigators and prosecutors. In the wake of the report, a reform program was organized to modernize both the police and the prosecution service in order to increase the quality and effectiveness of their work. Such reform is deemed necessary because crime problems have become ever more complex and citizens increasingly organize their own (counter-)investigations. The authors conclude that in spite of many recent initiatives, truly innovative practices remain scarce. Also, the crucial ambitions to increase the educational level of investigators and the organizational culture are still far from realized.


Dr. N. Kop
Dr. Nicolien Kop is als lector Criminaliteitsbeheersing & Recherchekunde verbonden aan de Politieacademie.

Dr. P. Klerks
Dr. Peter Klerks is raadadviseur bij het Parket-Generaal, Openbaar Ministerie. Hij levert zijn bijdrage op persoonlijke titel.
Artikel

De uitdagingen voor gebiedsgebonden politiezorg

Ambigue ontwikkelingen, platgetreden paden en nieuwe wegen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2017
Auteurs T. Meurs MSc en B.J. Kreulen MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the challenges facing Community Oriented Policing (COP) in an increasingly complex society. The authors describe how the Dutch police adresses this context through a new police organisation on a national basis, specified job protocols, intelligence led policing and higher educated specialists. Seeking for alternatives the authors argue that COP should be based on a problem centered approach which profits from the insights of local policemen and operational specialists. Adressing ambiguous problems will fail when only applying system logic. Instead, moral involvement and sensemaking are indispensable.


T. Meurs MSc
Teun Meurs MSc werkt aan een promotieonderzoek over kennisintensivering en de ontwikkeling van onderzoekende politieprofessionaliteit. Het onderzoek is onderdeel van de Strategische Onderzoeksagenda 2015-2019 en wordt gefaciliteerd door de Hogeschool Arnhem Nijmegen, Universiteit Utrecht, de Politieacademie en de Nationale Politie.

B.J. Kreulen MSc
Bert Jan Kreulen MSc is werkzaam binnen de dienst Politieprofessie in de Eenheid Amsterdam en houdt zich bezig met de ontwikkeling van Gebiedsgebonden Politiezorg, met een focus op de rol van de wijkagent. De auteurs bedanken Wouter Landman voor zijn constructieve commentaar op een eerdere versie van dit artikel.
Artikel

Sluitstuk van de financiële gelijkstelling

Honderd jaar na de onderwijspacificatie van 1917 ook bekostiging voor GVO en HVO op openbare scholen

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2017
Trefwoorden openbaar onderwijs, geestelijke vorming, financiële gelijkstelling, Wet op het primair onderwijs
Auteurs Dr. Jurn de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Recently the Dutch parliament passed a law that provides the subsidy for religious and humanist education in state schools. The law on primary education gives to the parents the right to ask for it. Religious education in state schools exists in the Netherlands since the beginning of the 19th century, optional and taught by representatives of the church. So it is appropriate for the state school which wish to be a school for everyone. And public funding is appropriate in the Dutch education system.


Dr. Jurn de Vries
Dr. J.P. de Vries (1940) was hoofdredacteur van het Nederlands Dagblad en lid van de Eerste Kamer. In 2011 promoveerde hij op een proefschrift over theocratie en sindsdien is hij als postdoc onderzoeker publieke theologie verbonden aan de Theologische Universiteit in Kampen.
Recent

Een goede advocaat is ook ethicus

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2017
Auteurs Tatiana Scheltema en Christina Veiser
Auteursinformatie

Tatiana Scheltema

Christina Veiser
Beeld
Artikel

Nog niet effectief genoeg: het huisverbod in perspectief

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2017
Trefwoorden huisverbod, huiselijk geweld, effectiviteit, integrale aanpak
Auteurs Drs. Katrien de Vaan
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2009 the Dutch temporary restraining order Act came into being. The order is a much used instrument in the fight against domestic violence. However, it’s effectivity has yet to be proven beyond doubt. There are signs the order can be effective, but it is unknown what influences this effect: which choices in its implementation, which characteristics of violence and those involved, which characteristics of the care that is provided.
    This article claims that the temporary restraining order can be more effective if we collect more data on what it is that makes it effective, and use this data to mirror the order against other instruments that are available in the fight against domestic violence. In that way, we can choose the instrument that best suits the situation, instead of picking the temporary restraining order simply because it is most readily available. This means the following is necessary: 1) more knowledge about the types of situations in which the order can be most effective; 2) more knowledge about the effects of choices that are being made in the implementation of the instrument; 3) an overview of all available instruments for intervening in situations of serious and immediate threat of domestic violence and the effects that can be reached with those instruments; and 4) a better use of available knowledge about the effects of care and assistance to victims and perpetrators of domestic violence to improve the trajectories that accompany temporary restraining orders. This will enable a more balanced choice between these orders and other interventions and will improve the effects of the orders and the care and assistance that accompanies them.


Drs. Katrien de Vaan
Drs. K.B.M. de Vaan werkt als expert sociaal domein bij Regioplan. Zij is sinds de testfase van het huisverbod met onderzoek en advies betrokken bij de ontwikkeling daarvan, en schreef onder andere een handreiking voor de uitvoering en een advies over doorontwikkeling van het instrument.
Casus

De klassieke wetgevingsjurist in de herinneringen van Cees Fasseur. Een lichtend voorbeeld?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2017
Trefwoorden wetgevingskwaliteit, ambtelijke professionaliteit, competenties wetgevingsjurist
Auteurs Mr.dr. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt in deze bijdrage de memoires van Cees Fasseur. Fasseur beschrijft de twee sporen waaruit zijn loopbaan bestond, die van wetgevingsjurist aan het toenmalige ministerie van Justitie en die van historicus aan de Leidse universiteit. De tijd waarin Fasseur werkzaam was voor het ministerie van Justitie viel samen met wat wordt beschouwd als het ambtelijk-juridische hoogtepunt, een periode waarin juristen in hoog aanzien stonden en aldus de nodige invloed konden uitoefenen. Uit die tijd stamt ook het beeld van de klassieke wetgevingsjurist, de jurist die beschikt over uitgebreide kennis van het recht, maar die ook een betrekkelijk autonome en gezaghebbende positie inneemt. De auteur bespreekt in deze bijdrage of dit klassieke beeld tot voorbeeld kan strekken voor de huidige generatie wetgevingsjuristen. Hoewel de toen bestaande en huidige praktijk nauwelijks met elkaar vergelijkbaar zijn, valt er wel wat te zeggen over verschillen tussen de taakopvatting van wetgevingsjuristen toen en nu en of de taakopvatting van toen als voorbeeld kan dienen voor de wetgevingsjurist van nu. De auteur concludeert dat dat niet altijd het geval is.


Mr.dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).

Eric Lancksweerdt
Eric Lancksweerdt is hoofddocent aan de Universiteit Hasselt en redactielid van TMD.

    Since 2004 all students in Flemish universities and university colleges have the right to file an internal appeal within their institution against a negative study progress decision. This contribution gives an overview on what the current legal framework of such an internal appeals procedure looks like and aims to discuss some focal points (the composition of the committee, the hearing of a student, formal aspects when filing the appeal, …) when developing such a procedure.


Lien Mampaey
Lien Mampaey is stafmedewerker juridische zaken met betrekking tot onderwijs, bij de Dienst Onderwijs van de Universiteit Hasselt.

    In deze bijdrage wordt uiteengezet wat ‘openheid van zaken geven’ concreet inhoudt. Na een begrippenkader worden het doel en de achtergrond gegeven van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) als juridisch kader. Uit actuele inzichten uit wetenschap en (tucht)rechtspraak zijn vijf elementen van openheid af te leiden waaraan een open en eerlijke reactie moet voldoen, deze worden toegelicht.


Mr. B.S. Laarman
Berber Laarman is docent-onderzoeker aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL), verbonden aan de afdeling privaatrecht van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Veiligheid en welzijn van Eritreeërs in het geding?

Onderzoek naar zorgen rondom veiligheid en welzijn van Eritrese vluchtelingen en asielzoekers in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2-3 2017
Trefwoorden Veiligheid en welzijn Eritreeërs, Integratie, religie en rituelen, Mensenhandel
Auteurs Desiree Horbach en Conny Rijken
SamenvattingAuteursinformatie

    The rationale behind refugee law is that people who fear persecution in their home country can seek and find a safe haven in another country. The situation in Eritrea with its national service and wide-spread human rights violations is reason why many Eritreans flee their country. A vast number of them want to apply for asylum in European countries. After a risky journey over the African continent where they face risks of kidnappings, trafficking for ransom, and situations of inhuman and degrading treatment, they reach Europe. Some of them continue their journey to the Netherlands. The central question in this article is whether or not their safety and well-being are at stake once they arrive in the Netherlands. Situations of involvement of and intimidation by the Eritrean regime in the Netherlands, diaspora tax that is forcibly collected, involvement of the Orthodox Church and indications of human trafficking have been reported in media and reports, by individuals and organisations. In this article the outcomes of a research on the concerns about the well-being of Eritrean asylum seekers in reception centres among employers of organisations responsible for their safety and well-being are presented and discussed. Data were collected and discussed during four focus group meetings with a total of 33 professionals. The concerns are divided in three groups: 1) Concerns about the capacities and possibilities to integrate in Dutch society, 2) Concerns about religion and rituals, and 3) Concerns about indications of human trafficking. These concerns are further elaborated based on which the conclusion is drawn that more tailored support and assistance is required for successful integration of Eritreans in Dutch society, their empowerment and resilience against threats and challenges in Dutch society.


Desiree Horbach
Desiree Horbach is beleidsadviseur bij de Unit Uitvoeringsprocessen van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers. Zij schreef haar bijdrage op persoonlijke titel.

Conny Rijken
Conny Rijken is professor Mensenhandel en Globalisering bij INTERVICT, Tilburg University.
Redactioneel

Inleiding

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2017
Auteurs drs. Hans Moors en Mr. drs. Marit Scheepmaker
Auteursinformatie

drs. Hans Moors
Gastredacteur drs. H. Moors is partner van advies- en onderzoeksbureau EMMA, Experts in Media en Maatschappij, in Den Haag.

Mr. drs. Marit Scheepmaker
Mr. drs. M.P.C. Scheepmaker is hoofdredacteur van Justitiële verkenningen.
Artikel

Criminele families in Noord-Brabant

Over generatie-effecten in de zware criminaliteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2017
Trefwoorden criminal family networks, organized crime, North Brabant, intergenerational transmission, opportunity structures
Auteurs Drs. H. Moors en Prof. dr. T. Spapens
SamenvattingAuteursinformatie

    This article on intergenerational transmission of crime in families is based on a study of seven families of which at least one member held a key position in an organized crime group. The authors retrieved information on at least three generations (preceding and succeeding this key member’s generation) to investigate whether transmissions occurred, and if so, how these might be explained. Throughout the generations the majority of family members indeed have criminal records. However, it seems to be less easy to transfer criminal leadership in organized crime from one generation to the next. Leading a criminal group seems to demand qualities that are not transferred easily. Successful successors appear to be able to establish their own networks within the deviant subcultures from which they stem. This also explains the persistence of criminal behavior: both men and women select their friends and partners from these closed communities and seem to prefer for their social and love relationships those who have already developed substantial criminal track records. Organized crime families in North Brabant took advantage of criminal opportunities that were presented to them over the years. Particularly XTC production, starting in the 1990s, allowed them to step up their criminal activities from the local to the global level. In addition, they may have capitalized on a moral economy with sentiments of subordination present in the province of North Brabant, dating back to the seventeenth century, which resulted in a more reserved attitude towards authorities than in other parts of the Netherlands. Finally, law enforcement agencies have been generally slow to respond to developments in criminal opportunities that benefited these seven families.


Drs. H. Moors
Drs. Hans Moors is partner van advies- en onderzoeksbureau EMMA, Experts in Media en Maatschappij, in Den Haag.

Prof. dr. T. Spapens
Prof. dr. Toine Spapens is hoogleraar criminologie aan Tilburg University.
Artikel

Veroordeeld tot (g)een baan

Hoe delict- en persoonskenmerken arbeidsmarktkansen beïnvloeden

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden employment experiment, employment chances, labour market, conviction, ethnicity
Auteurs Dr. Chantal van den Berg, Dr. Lieselotte Blommaert, Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Previous research showed that job applicants with a criminal record have lower chances of obtaining employment compared to job applicants with no criminal record. At the same time empirical studies showed that having a job is especially beneficial for ex-delinquents, as employment was found to lower recidivism. The current study uses an experimental design to look into the influence of a criminal record on employment chances. For this purpose, 520 resumes and motivation letters were sent in response to vacancies published on the internet. All were identical except for the stated offence type (no offence, violent offence, property offence, or sexual offence), duration between conviction and application, business sector and ethnicity of the applicant. Results show no effect for type of offence or no offence on employment chances. However, a strong effect is found for ethnicity. Ethnic minorities with no conviction were even found to have lower chances of receiving a positive reaction compared to applicants with a Dutch name and a conviction for a violent offence.


Dr. Chantal van den Berg
Dr. C.J.W. van den Berg is onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Lieselotte Blommaert
Dr. E.C.C.A. Blommaert is postdoctoraal onderzoeker aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
Prof. dr. mr. C.C.J.H. Bijleveld is directeur van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en hoogleraar Methoden en Technieken aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Stijn Ruiter
Prof. dr. S. Ruiter is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar Sociale en ruimtelijke aspecten van deviant gedrag aan de Universiteit Utrecht.
Praktijk

Herstel met onderwijs

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2017
Auteurs Eveline De Wree en Ingrid Verbeeck
Auteursinformatie

Eveline De Wree
Eveline De Wree is directeur HCA & School PRO bij Elegast vzw.

Ingrid Verbeeck
Ingrid Verbeek is casemanager binnen het Ondersteuningsnetwerk Onderwijs Jeugdzorg Antwerpen.
Toont 1 - 20 van 27 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.