Zoekresultaat: 31 artikelen

x
Jaar 2013 x
Artikel

Access_open ‘I’d like to learn what hegemony means’

Teaching International Law from a Critical Angle

Tijdschrift Law and Method, 2013
Trefwoorden Bildung, cultural hegemony, international law, teaching
Auteurs Christine E.J. Schwöbel-Patel
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution explores the possibility of teaching international law in a critical fashion. I examine whether the training which is taking place at law schools is establishing and sustaining a cultural hegemony (a term borrowed from Antonio Gramsci). I ask whether the current focus on technical practice-oriented teaching is a condition which should be questioned, even disrupted? In my thoughts on reorientations of this culture, a central term is the German word Bildung. Bildung refers to knowledge and education as an end in itself (John Dewey) as well as an organic process (Hegel), and therefore incorporates a wider understanding than the English word ‘education’. In terms of international law, a notion of Bildung allows us to acknowledge the political nature of the discipline; it may even allow us to ‘politicize’ our students.


Christine E.J. Schwöbel-Patel
Christine E.J. Schwöbel-Patel is Lecturer in Law at University of Liverpool.
Artikel

Europees bankentoezicht (SSM). Juridische en praktische perspectieven

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2013
Trefwoorden Europese toezichthouder, bankenunie, interne markt, bankenregelgeving, Europese Centrale Bank (ECB)
Auteurs Mr. W.H. Bovenschen LL.M, Mr. K. Holtring, Dr. G.J.S. ter Kuile LL.M e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor het vormgeven van het Europese bankentoezicht stond de EU-wetgever voor juridische en praktische uitdagingen. In dit artikel worden enkele hiervan belicht: verdragsgrondslag, bevoegdheidsverdeling tussen de Europese en nationale toezichthouders, rechtsbescherming, governance, toezichttaken ECB, vergunningverlening en -intrekking, relevant Unierecht, home/host-toezicht en de verhouding tot EBA. De praktijk moet uitwijzen of de gekozen oplossingen effectief zijn.Verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen, Pb. EU 2013, L 287/63-89 (SSM-Verordening);Richtlijn 2013/36/EU betreffende de toegang tot de werkzaamheden van kredietinstellingen en het bedrijfseconomisch toezicht op kredietinstellingen en beleggingsondernemingen (CRD IV);Verordening (EU) nr. 2013/575 over prudentiële voorschriften voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen (CRR).


Mr. W.H. Bovenschen LL.M
Mr. W.H. Bovenschen LL.M werkt als jurist bij De Nederlandsche Bank NV.

Mr. K. Holtring
Mr. K. Holtring werkt als jurist bij De Nederlandsche Bank NV.

Dr. G.J.S. ter Kuile LL.M
Dr. G.J.S. ter Kuile LL.M werkt als jurist bij De Nederlandsche Bank NV.

Mr. L. Wissink
Mr. L. Wissink werkt als jurist bij De Nederlandsche Bank NV.
Discussie

Opzegging van de DBFMO-overeenkomst

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2013
Trefwoorden opzeggen, DBFMO, onvoorziene omstandigheden, innovatieve contractsvorming
Auteurs Mr. ir. F.M. van Cassel-van Zeeland
SamenvattingAuteursinformatie

    De DBFMO-overeenkomst wordt door het Rijk toegepast bij grotere projecten. Bij toepasselijkheid van de Rijksbrede Modelovereenkomst DBFMO Huisvesting 2012 van de Rijksgebouwendienst kan enkel de opdrachtgever opzeggen en niet de opdrachtnemer. De opdrachtgever heeft hierbij niet de mogelijkheid om gedeeltelijk op te zeggen. Logischer is om aan te sluiten bij de partiële opzegbevoegdheid zoals die geldt bij aanneming van werk.
    In weerwil van het contract is artikel 6:258 BW van toepassing. In zeer uitzonderlijke gevallen is het mogelijk voor de opdrachtnemer om de overeenkomst wegens onvoorziene omstandigheden op te zeggen, terwijl hij die bevoegdheid niet contractueel heeft gekregen.


Mr. ir. F.M. van Cassel-van Zeeland
Mr. ir. F. van Cassel-van Zeeland is advocaat bij Simmons&Simmons LLP.
Diversen

Towards Governance-Based Regulation?

The WRR Report on Toezien op publieke belangen in European and International Perspective

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden WRR-rapport, governance-based regulation, international perspective
Auteurs Jonathan Zeitlin
SamenvattingAuteursinformatie

    Until quite recently, the Netherlands had an outstanding reputation at home and abroad for administrative regulation and supervision (‘toezicht’) of markets and public services. Over the past decade, however, that reputation has been tarnished, both internally and externally, by a series of regulatory failures and scandals across a wide range of policy domains. In this article the author gives us the international perspective.


Jonathan Zeitlin
Jonathan Zeitlin is Professor of Public Policy and Governance, Distinguished Faculty Professor, and Jean Monnet Chair in European and Transnational Governance in the Department of Political Science, Faculty of Social and Behavioural Sciences, University of Amsterdam.
Diversen

De responsieve toezichthouder

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden WRR-rapport, responsive regulation, tripartite handhaving
Auteurs Judith van Erp en Karin van Wingerde
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage vragen de auteurs aandacht voor een aspect van responsive regulation dat beter aansluit bij de handhavingspraktijk; namelijk dat het de vraag adresseert hoe toezichthouders gebruik kunnen maken van het maatschappelijke krachtenveld dat bestaat uit verschillende publieke en private partijen. Deze zogenoemde tripartite handhaving is ten onrechte onderbelicht gebleven en biedt aanknopingspunten om aan de maatschappelijke functie van toezicht die de WRR bepleit, verder invulling te geven.


Judith van Erp
Dr. J.G. van Erp is universitair hoofddocent criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Karin van Wingerde
Dr. C.G. van Wingerde is universitair docent criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Diversen

Onrustige onafhankelijkheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden WRR-rapport, onafhankelijkheid, kernwaarde
Auteurs Margot Aelen en Gustaaf Biezeveld
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt voortgebouwd op het idee dat onafhankelijkheid een kernwaarde is van toezicht. De auteurs gaan in op de voornaamste redenen voor onafhankelijkheid en de oorzaken van de ‘onrust’. Tot slot schetsen zij de contouren van een structurele oplossing voor de spanning tussen de politiek en toezichthouders.


Margot Aelen
M. Aelen LL.M is promovenda aan de Universiteit Utrecht en tevens lid van de redactie van dit tijdschrift.

Gustaaf Biezeveld
Mr. G.A. Biezeveld is lid van de redactie van dit tijdschrift.

    In this interview with prominent representatives of the British Acas and the Belgian Social Mediators Service important developments in the ADR labour practice are discussed. In particular, the impact of the financial crisis and the ever advancing globalization process on the labour negotiating climate is the centre of attention.


Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD, verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en mediator.

Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg is docent aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam en verricht aldaar vergelijkend onderzoek naar mediation en conflictmanagement in Europa. Tevens is hij redacteur van TMD.
Article

Access_open A Turn to Legal Pluralism in Rule of Law Promotion?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3/4 2013
Trefwoorden legal pluralism, rule of law promotion, legal reform, customary law, non-state legal systems, donor policy
Auteurs Dr.mr Ronald Janse
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the past 25 years, international organizations, NGOs and (mostly Western) states have spent considerable energy and resources on strengthening and reforming legal systems in developing countries. The results of these efforts have generally been disappointing, despite occasional successes. Among donors, one of most popular explanations of this failure in recent years is that rule of law promotion has wrongly focused almost exclusively on strengthening the formal legal system. Donors have therefore decided to 'engage' with informal justice systems. The turn to legal plu‍ra‍lism is to be welcomed for various reasons. But it is also surprising and worrisome. It is surprising because legal pluralism in developing countries was a fact of life before rule of law promotion began. What made donors pursuing legal reform blind to this reality for so long? It is worrisome because it is not self-evident that the factors which have contributed to such cognitive blindness have disappeared overnight. Are donors really ready to refocus their efforts on legal pluralism and 'engage' with informal justice systems? This paper, which is based on a review of the literature on donor engamenet with legal pluralism in so-called conflict affected and fragile states, is about these questions. It argues that 7 factors have been responsible for donor blindness regarding legal pluralism. It questions whether these factors have been addressed.


Dr.mr Ronald Janse
Ronald Janse is Associate Professor of Law, University of Amsterdam, The Netherlands.
Article

Access_open Towards Context-Specific Directors' Duties and Enforcement Mechanisms in the Banking Sector?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2013
Trefwoorden banking sector, directors' duties, financial crisis, context-specific doctrines, public enforcement
Auteurs Wasima Khan LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    The global financial crisis gives reason to revisit the debate on directors’ duties in corporate law, mainly with regard to the context of banks. This article explores the need, rationale and the potential for the introduction of context-specific directors’ duties and enforcement mechanisms in the banking sector in the Netherlands from a comparative perspective.
    Chiefly, two legal strategies can be derived from the post-crisis developments and calls for legal reforms for the need and rationale to sharpen directors’ duties in the context of the banking sector in order to meet societal demands. The two strategies consist in shifting the scope of directors’ duties (i) towards clients’ interests and (ii) towards the public interest.
    Subsequently, this article explores the potential for context-specific directors’ duties and accompanying enforcement mechanisms. Firstly, it is argued that the current legal framework allows for the judicial development -specific approach. Secondly, such context-specific directors’ duties should be enforced through public-enforcement mechanisms to enhance the accountability of bank directors towards the public interest but currently there are too much barriers for implementation in practice.
    In conclusion, this article argues that there is indeed a need, rationale and potential for context-specific directors’ duties; yet there are several major obstacles for the implementation of accompanying public-enforcement mechanisms. As a result, the introduction of context-specific directors’ duties in the banking sector may as yet entail nothing more than wishful thinking because it will merely end in toothless ambitions if the lack of accompanying enforcement mechanisms remains intact.


Wasima Khan LL.M.
PhD Candidate at the Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam. The author wishes to express her gratitude for valuable comments on an earlier draft of this article from Prof. Vino Timmerman and Prof. Bastiaan F. Assink at the Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam, as well as the Journal‘s editors and peer reviewers. Any errors remain those of the author.
Article

Access_open An Eclectic Approach to Loyalty-Promoting Instruments in Corporate Law: Revisiting Hirschman's Model of Exit, Voice, and Loyalty

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Eclecticism, corporate law & economics, corporate constitutionalism, loyalty-promoting instruments
Auteurs Bart Bootsma MSc LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    This essay analyses the shareholder role in corporate governance in terms of Albert Hirschman's Exit, Voice, and Loyalty. The term 'exit' is embedded in a law & economics framework, while 'voice' relates to a corporate constitutional framework. The essay takes an eclectic approach and argues that, in order to understand the shareholder role in its full breadth and depth, the corporate law & economics framework can 'share the analytical stage' with a corporate constitutional framework. It is argued that Hirschman's concept of 'loyalty' is the connecting link between the corporate law & economics and corporate constitutional framework. Corporate law is perceived as a Janus head, as it is influenced by corporate law & economics as well as by corporate constitutional considerations. In the discussion on the shareholder role in public corporations, it is debated whether corporate law should facilitate loyalty-promoting instruments, such as loyalty dividend and loyalty warrants. In this essay, these instruments are analysed based on the eclectic approach. It is argued that loyalty dividend and warrants are law & economics instruments (i.e. financial incentives) based on corporate constitutional motives (i.e. promoting loyalty in order to change the exit/voice mix in favour of voice).


Bart Bootsma MSc LLM
PhD candidate in the corporate law department at Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam. Email: bootsma@law.eur.nl. The research for this article has been supported by a grant from the Netherlands Organisation for Scientific Research (NWO) in the Open Competition in the Social Sciences 2010. The author is grateful to Ellen Hey, Klaus Heine, Michael Faure, Matthijs de Jongh and two anonymous reviewers for their constructive comments and suggestions. The usual disclaimer applies.
Artikel

Niet-prospectusplichtige allocaties

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2013
Trefwoorden prospectusplicht, uitzondering, herstructurering, debt-for-equity swap, stockdividend
Auteurs Mr. A. van der Pols
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur gevallen waarbij beleggers effecten toebedeeld krijgen zonder dat in dat kader op grond van de Wet op het financieel toezicht een goedgekeurd prospectus algemeen verkrijgbaar behoeft te worden gesteld.


Mr. A. van der Pols
Mr. A. van der Pols is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.
Artikel

Van ruilen komt huilen?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2013
Trefwoorden renteswaps, kredietdocumentatie, ISDA, LMA, EURIBOR
Auteurs Mr. C.E.M. Smeets
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage betoogt de auteur dat swapdocumentatie en kredietdocumentatie beter op elkaar afgestemd zouden moeten worden. Zeker in het geval er in de kredietdocumentatie een 0% floor in de rentedefinitie is opgenomen en er een kans bestaat dat de variabele rente negatief wordt.


Mr. C.E.M. Smeets
Mr. C.E.M. Smeets is advocaat bij Stibbe.
Artikel

Conflictmanagement binnen bedrijven in zwaar weer

De mediërende rol van turnaround managers bij het motiveren van werknemers in een reorganisatie onder druk

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Turnaround Management, Financial Distress, employee, motivation
Auteurs Janneke Vissers, Jan Adriaanse en Jean-Pierre van der Rest
SamenvattingAuteursinformatie

    Employee resistance to change is a key factor to turnaround failure. Interim managers who support companies in financial distress, mediate between employees, management, shareholders, bank, and other stakeholders in order to solve organisational conflicts. This article explores the internal social dynamic aspects of a turnaround. It develops a theoretical framework on the role of trust, emotion and communication, and its affect on reducing internal resistance, and describes the outcomes of an exploratory research study. Findings confirm that employee motivation to make a reorganisation a success significantly impacts upon turnaround success. Resistance can be reduced by an open communication climate, offering a new perspective, attention to emotions, managing by walking around, and ‘practicing what you preach’. More research is necessary to generalize the findings and to better understand success and failure factors.


Janneke Vissers
Janneke Vissers volgde een minor Bedrijfswetenschappen bij de Afdeling Bedrijfswetenschappen – Faculteit der Rechtsgeleerdheid – tijdens haar studie Psychologie aan de Universiteit Leiden. Onlangs ontving zij van de Vrije Universiteit Amsterdam een Master degree in Bedrijfswetenschappen.

Jan Adriaanse
Jan Adriaanse is hoogleraar Turnaround Management, geeft leiding aan de Afdeling Bedrijfswetenschappen – Faculteit der Rechtsgeleerdheid – Universiteit Leiden en is oprichter en directeur van Turnaround Powerhouse® te Rotterdam.

Jean-Pierre van der Rest
Jean-Pierre van der Rest is Visiting Research Scholar bij de Afdeling Bedrijfswetenschappen – Faculteit der Rechtsgeleerdheid – Universiteit Leiden, en directeur Onderzoek en lector bij Hotelschool Den Haag.
Artikel

De zaak Pringle en de eurocrisis: juridische paradoxen en constitutionele perspectieven

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden eurocrisis, ESM, democratische legitimatie, rechterlijk activisme
Auteurs Mr. dr. A. van den Brink en Mr. J.W. van Rossem
SamenvattingAuteursinformatie

    De uitspraak van het Hof van Justitie in de zaak Pringle biedt een caleidoscopische blik op de constitutionele problematiek van de eurocrisis. Tegen de achtergrond van het ESM-Verdrag wordt in deze bijdrage aandacht besteed aan de dynamische wijze waarop Europa op dit moment zweeft tussen juridisering van de politiek en politisering van het recht. In dat verband staat ook een thema centraal dat niet direct door het Hof van Justitie in Pringle werd aangeroerd maar in de eurocrisis wel een grote rol speelt: het thema democratie.
    HvJ EU 27 november 2012, zaak C-370/12, Pringle, n.n.g.


Mr. dr. A. van den Brink
Mr. dr. A. van den Brink is verbonden aan het Europa Instituut, afdeling Staatsrecht en doet onderzoek binnen het nieuwe onderzoeksprogramma 'RENFORCE – Gedeelde Regulering en Handhaving in Europa' van deze universiteit.

Mr. J.W. van Rossem
Mr. J.W. van Rossem is verbonden aan het Europa Instituut, afdeling Bestuursrecht en doet onderzoek binnen het nieuwe onderzoeksprogramma 'RENFORCE – Gedeelde Regulering en Handhaving in Europa' van deze universiteit.
Artikel

Wie doet wat?

Over de rede van David Cameron en de verdeling van bevoegdheden tussen de Europese Unie en de lidstaten

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden Verdeling van bevoegdheden, subsidiariteit, Cameron
Auteurs Prof. dr. J.M. Smits
SamenvattingAuteursinformatie

    De verdeling van bevoegdheden tussen de Europese Unie en de lidstaten staat sterk in de belangstelling. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag of meer te zeggen valt over wie wat moet doen in Europa. Onderzocht wordt welke bijdrage juristen, economen en politicologen tot nu toe aan dit debat hebben geleverd. Vervolgens wordt een aanzet gedaan voor de ontwikkeling van een kader dat kan helpen om de vraag naar de optimale bevoegdheidsverdeling te beantwoorden.


Prof. dr. J.M. Smits
Prof. dr. J.M. Smits is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Maastricht en onderzoekshoogleraar rechtsvergelijking aan de Universiteit van Helsinki.
Artikel

Betalen versus bepalen

De hernieuwde verhouding tussen de minister en de AFM en DNB vanuit het perspectief van de financiering van toezicht en de politieke onafhankelijkheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden financieel toezicht, bekostiging van toezicht, onafhankelijkheid van toezichthouders, ministeriële verantwoordelijkheid voor financieel toezicht
Auteurs mr. drs. K. Raaijmakers
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat in op de vraag hoe de onttrekkende beweging van de overheid bij de financiering van financieel toezicht zich verhoudt tot de versteviging van de bevoegdheden van de minister van Financiën ten aanzien van de financieeltoezichthouders. Deze vraag raakt de ministeriële verantwoordelijkheid enerzijds en de politieke onafhankelijkheid van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandsche Bank (DNB) anderzijds. Daarnaast past deze vraag in een bredere discussie rondom de financiering van toezicht en het uitoefenen van controle op de toezichthouder door de overheid.
    Per 1 januari 2013 geldt een nieuwe bekostigingssystematiek voor het financieel toezicht. Deze systematiek leidt tot een geringere overheidsbijdrage aan de kosten van financieel toezicht. Blijkens de wetsgeschiedenis is de wijziging met name ingegeven door pragmatisme. Hiermee wordt gebroken met de meer principiële en uniforme overwegingen die tot die tijd ten grondslag lagen aan de doorbelasting van de toezichtkosten. In een tijd waarin financieel toezicht wordt geïntensiveerd, zowel binnen als buiten de Nederlandse landsgrenzen, brengt dit de nodige budgettaire onzekerheid voor onder toezicht staande ondernemingen met zich. De minister heeft de verantwoordelijkheid de ontwikkeling van de toezichtkosten te bewaken. Deze verantwoordelijkheid en de wens om meer invloed te kunnen uitoefenen op het financieel toezicht heeft geleid tot vernieuwing van het ‘toezichtarrangement’ van de minister op AFM en DNB. Ook in deze wijzigingen klinkt pragmatisme door.


mr. drs. K. Raaijmakers
Mr. drs. K. Raaijmakers is werkzaam voor Clear Conduct, een adviesbureau dat zich richt op het verbeteren van toezicht. Daarnaast is zij als wetenschappelijk docent verbonden aan de Master Financieel Recht van de Erasmus School of Law (Erasmus Universiteit Rotterdam).

    Deze bijdrage geeft een overzicht van de hervorming van Europees financieel consumentenrecht waarbij de bescherming van de consument in de beleggingsmarkt centraal staat. De vraag is of het uitgangspunt van de hervormingen – tegenvallende resultaten in het verleden, ofwel de crisis zelf – de wetgever tot een wenselijke koers heeft bewogen. Deze vraag wordt getoetst aan de hand van het EU-rechtelijk en nationaal publiek- en privaatrechtelijk kader voor bescherming in het financieel consumentenrecht.


Dr. V. Mak
Dr. Vanessa Mak is universitair hoofddocent privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg.
Artikel

Kiezen voor stadsrepublieken? Over administratieve afhandeling van overlast in de steden

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden social disorder, incivility, governance, communal sanctions, Mayor
Auteurs Elke Devroe
SamenvattingAuteursinformatie

    The theme of governing anti-social behaviour and incivilities in the public space became more important on the policy and research agenda over the last twenty years. This article describes the law on incivilities in Belgium, namely the ‘administrative communal sanctions’ (GAS). This law is studied in a broader context of contemporary crime control and its organizing patterns. The development of the politics of behaviour can be explained by different characteristics of the period referred to as the late modernity. In the dissertation ‘A culture of control?’ (Devroe 2012) we studied the application and the concrete strategies behind the governance of incivilities on a national and on a city level. The incivility law broadened the competences of the Mayor and the city council especially in the completion of anti social behaviour and public disorder problems in his/her municipality. Instead of being dealt with on a traditional judicial way by the police magistrate, the Mayor can, by this law; himself lay on fines until maximum 250 euro. We mention ‘city republics’ as this punitive sanction became a locally assigned matter, which means that one municipality differs from another in their ‘incivility policy’. Due to the split up of competences of the Belgian state arrangements of 1988, each municipality finds itself framed in different political and organisational executive realities. In this view, Mayors can be called ‘presidents’ of their own municipality, keeping and controlling the process of tackling incivilities as their main responsibility and determining what behaviour had to be controlled and punished and what behaviour can be considered as normal decent behaviour in the public space. Problems of creating a ‘culture of control’, creating inequality for the poor, the beggars and the socially ‘unwanted’ can arise, especially in big cities.


Elke Devroe
Dr. Elke Devroe is Universitair Hoofddocent Criminologie bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie, Universiteit Leiden. E-mail: e.devroe@law.leidenuniv.nl
Redactioneel

Levensbeschouwing, religie en criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2013
Trefwoorden religion, crime, Islam, sexual abuse
Auteurs Prof. dr. Gily Coene, Prof. dr. Els Dumortier, Prof. dr. Wim Huisman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In contrast to the societal debate, the topic of religion and crime is only scarcely present in contemporary criminological research. A special issue on this theme hence seemed very relevant. Even though the editors launched an open call, the submitted proposals were almost always related to Islam. In this introduction we therefore reflect on questions and themes that, in our opinion, should be included in this special issue on religion and crime. First, we give a short overview of Belgian, Dutch and American research on the missing theme of sexual abuse in the church. Second, we discuss the complex concept of ‘religion’. Third, we assess the complex relationship between religion and crime and reflect on the question of whether and when religion leads to more or, on the contrary, less crime. We end this introduction with a brief overview of the selected contributions for this special issue.


Prof. dr. Gily Coene
Prof. dr. G. Coene is docent aan de VUB, vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen.

Prof. dr. Els Dumortier
Prof. dr. E. Dumortier is voltijds docent aan de VUB, vakgroep Criminologie.

Prof. dr. Wim Huisman
Prof. dr. W. Huisman is hoogleraar bij de sectie criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Dr. Stijn Ruiter
Dr. S. Ruiter is als senior onderzoeker verbonden aan de NSCR, themagroep Mobiliteit en Spreiding van Criminaliteit.

Dr. Bas van Stokkom
Dr. B.A.M. van Stokkom is verbonden aan het Criminologisch Instituut van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Private equity – wat is het en hoe is het gereguleerd in Nederland?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2013
Trefwoorden private equity, werkwijze, regelgeving, Nederland, AIFM-richtlijn
Auteurs Mr. C.D. Spetter
SamenvattingAuteursinformatie

    Private equity richt zich op het werven van fondsen en het verkrijgen van veel vreemd vermogen (leverage) om daarmee investeringen te doen in portfolio-ondernemingen. Na de nodige bedrijfsverbeteringen, vindt de exit plaats met als doel hier een zo hoog mogelijk rendement op te halen. Hoewel de regelgeving voor private equity-partijen momenteel beperkt is in Nederland, zal hier verandering in komen met de komst van de AIFM-richtlijn; naast een vergunningplicht brengt deze richtlijn meerdere doorlopende informatieverplichtingen met zich mee.


Mr. C.D. Spetter
Mevrouw Spetter heeft dit artikel geschreven naar aanleiding van haar afstudeerscriptie.
Toont 1 - 20 van 31 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.