Zoekresultaat: 20 artikelen

x
Jaar 2015 x
Redactioneel

Historische criminologie: een vakgebied

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2015
Trefwoorden History, social change, comparative analysis, crime trends, crime patterns
Auteurs Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld, Prof. dr. Margo De Koster en Prof. dr. Manon van der Heijden
SamenvattingAuteursinformatie

    Throughout history people have committed theft, fraud and murder. However, the frequency and severity of crimes are not static, but varies across time and space. The ways in which people respond to crime also change over time: penalties such as banishment, corporal punishment and capital punishment were frequently imposed in early modern Europe, but do not exist here anymore. Our thinking about crime and crime control changed over time as well. In addition to so-called hard crimes such as theft and homicide, various kinds of conduct were – in some times and periods – labeled as criminal (adultery, fornication and blasphemy). In crime control, state formation resulted in the emergence and expansion and professionalization of police forces and judicial systems, which development was accompanied by increasing interactions and interplays between supranational governments, private crime fighters, and informal forms of social control. Criminologists study fluid phenomena which vary across time and space. This makes exchange of knowledge and research cooperation between historians and criminologists particularly fruitful, or as Paul Knepper put it: ‘From what has been done so far, one thing is clear enough: the most interesting criminology arises at the point that history and criminology meet’ (Knepper, 2013, 2081).


Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
Prof. dr. mr. C.C.J.H. Bijleveld is hoogleraar methoden & technieken van criminologisch onderzoek en directeur van het NSCR.

Prof. dr. Margo De Koster
Prof. dr. M. De Koster is universitair docent historische criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en de Vrije Universiteit Brussel.

Prof. dr. Manon van der Heijden
Prof. dr. M.P.C. van der Heijden is hoogleraar Comparative Urban History aan de Universiteit Leiden.

Stefaan Voet
Stefaan Voet is associate professor aan de KU Leuven en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Social security and social welfare: barriers and retrograde policies, but cause for optimism?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden social security, legal representation, means-testing, Britain, fees
Auteurs Amir Paz-Fuchs
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution addresses the limits placed on access to justice in the context of social services, with a particular, but not exclusive, focus on the UK, across five central platforms: legal representation, the financial barriers, the structure of the programme, the attitude of the bureaucracy, and the personal attributes of the client. The contribution finds that there exist, for decades, problematic elements that constitute barriers to justice in this area: the means-tested element in the programmes and the bureaucracy’s double role as provider of services and detector of fraud. But to them, in recent years, significant barriers were added: recent cuts in legal aid and the imposition of tribunal fees in the UK are retrograde steps, reverting 40 years of impressive achievements in the field.


Amir Paz-Fuchs
Amir Paz-Fuchs (D. Phil Oxford) is a Senior Lecturer at the School of Law, University of Sussex, where he teaches employment law, public law, and legal theory. In addition, he is a Visiting Research Fellow at the Centre for Socio-Legal Studies and a Research Associate at Wolfson College, both at the University of Oxford. He is also Co-Director of the ‘The Limits of Privatization’ research project, based at the Van Leer Institute in Jerusalem. He also served on the board of several human rights and social justice NGOs.

    The explosive growth of the Internet has led to countless new possibilities, and it opened the way for societal progress and an extensive globalization and digitization. However, the original ambition of the Internet as a free, open and neutral medium has also led to new possibilities in the field of crime. The current paper illustrates how governments dealt with the development of the Internet and it gives an explanation for why and how unintended side effects have manifested in society. Using the phenomenon of digital child abuse, this paper offers recommendations for an effective government response and for an effective detection of and fight against cybercrime.


Madeleine van der Bruggen MSc MA
M. van der Bruggen, MSc MA is Operationeel Specialist Zeden bij de Politie Landelijke Eenheid (Dienst Landelijke Recherche) – Team Bestrijding Kinderporno en Kindersekstoerisme (TBKK).

    Na de recordschikking van het OM met SBM Offshore over omkoping door handelsagenten, vraagt men zich af: is dit nog wel een incident? Nee, het is een logisch gevolg van trend dat het internationaal actieve bedrijfsleven zijn groei steeds vaker uit corruptiegevoelige gebieden haalt en onvoldoende is voorbereid op de risico’s die dat met zich meebrengt. Third parties en partijen verderop in de supply chain zijn de zwakste schakel in de integriteitsketen.


dr. S. Iyer

mr. A.B. Scheltema Beduin

    Begin september publiceerde de U.S. Department of Justice (DOJ) een nieuwe richtlijn voor federale aanklagers die uiteenzet hoe bij corruptie-onderzoeken, waarbij veelal rechtspersonen als verdachte worden aangemerkt, omgegaan zal (moeten) worden met betrokken natuurlijke personen.


mr. J. Verhaert

    Op 11 juni 2014 heeft de Europese Commissie een formeel onderzoek ingesteld naar de door de Nederlandse belastingdienst afgegeven tax ruling aan koffieketen Starbucks. De Commissie heeft ernstige twijfels omtrent de verenigbaarheid van wat werd overeengekomen in deze ruling met de Europese staatssteunregels. De uiteindelijke uitkomst van deze zaak is vanuit het oogpunt van tax planning van een niet te onderschatten belang. Zij zal namelijk iets kunnen zeggen over de beleidsmarge die de Commissie de belastingdienst laat wanneer zij in concrete situaties invulling geeft aan de beginselen voor transfer pricing, zoals neergelegd in de Nederlandse belastingwetgeving en de OESO-regels.
    Openingsbesluit van de Europese Commissie SA.38374 (2014/C) (Nederland) van 11 juni 2014


Mr. H. Buelens
Mr. H. (Hannelore) Buelens is als wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het instituut Consument, Concurrentie en Markt van de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de KU Leuven, België. Deze bijdrage vertolkt louter de persoonlijke mening van de auteurs. Het artikel werd gefinaliseerd op 26 februari 2015. Met dank aan Joris Luts en Filip Debelva voor hun commentaren.

Mr. P. Jansen
Mr. P. (Pim) Jansen is als wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het instituut Consument, Concurrentie en Markt van de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de KU Leuven, België. Deze bijdrage vertolkt louter de persoonlijke mening van de auteurs. Het artikel werd gefinaliseerd op 26 februari 2015. Met dank aan Joris Luts en Filip Debelva voor hun commentaren.
Artikel

Schadevergoedingsregelingen voor slachtofferschap van seksueel misbruik: kwetsbaar voor fraude?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Schadevergoedingsregelingen, Slachtofferschap, Seksueel misbruik, Fraude
Auteurs Dr. mr. Maarten Kunst
SamenvattingAuteursinformatie

    Lately, several private and public compensation schemes have been established in the Netherlands for people who have been sexually abused as a minor by representatives of the Catholic Church, childcare workers or foster parents. Eligible for compensation are those who can make a reasonable case of the likelihood that they have been sexually abused. They do not have to provide indisputable proof of the abuse. The author of this article argues that this low burden of proof makes these compensation schemes vulnerable to fraud. He supports his argumentation with several examples of dishonest victims who have been unmasked as fraudsters. Furthermore, he explains that undetected fraud can have several adverse by-effects, such as the condemnation of falsely accused persons and impairment of the credibility of compensation schemes and agencies that run such schemes. The author concludes with emphasizing the need for more explicit policies on fraud prevention, detection, and control.


Dr. mr. Maarten Kunst
Dr. mr. M.J.J. Kunst is universitair hoofddocent Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

‘Moral hazard’ onder slachtoffers van identiteitsfraude? De relatie tussen schadevergoeding bij onterechte bankafschrijvingen en riskant internetgedrag

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Identiteitsfraude, Schadevergoeding, Online activiteiten, Onbedoelde gevolgen
Auteurs Dr. Johan Van Wilsem en Levy Paulissen MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Due to digitalization of modern societies, identity fraud is becoming a serious problem. Until recently, Dutch victims of unauthorized cash withdrawals from their bank accounts were reimbursed by their banks in most instances. Because most victims were not confronted with financial damages, this generous reimbursement policy may have unintendedly stimulated moral hazard among victims, due to a lack of incentives to change risky behavior and avoid future victimization. This paper therefore compares post-victimization changes in Internet activities among reimbursed victims of identity fraud and non-reimbursed victims, as well as non-victims. For this purpose, large-scale, representative victimization survey data were used from the Dutch LISS-panel. Overall, we found no differences in Internet activity change between the distinguished groups, which points to the absence of moral hazard in this specific case.


Dr. Johan Van Wilsem
Dr. Johan van Wilsem is universitair hoofddocent Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Levy Paulissen MSc
Levy Paulissen MSc is werkzaam als stagiair bij Europol (afdeling cybercrime).

    In de Amerikaanse Foreign Corrupt Practices Act 1977 (‘FCPA’) is een verbod opgenomen om betalingen te doen aan buitenlandse ambtenaren (‘foreign officials’) teneinde zakelijke transacties te verkrijgen of te behouden. Rechtspraak over de (reikwijdte van de) FCPA is schaars. U.S. v. Esquenazi is de eerste zaak waarin een Amerikaanse rechter een definitie van en enkele beoordelingsfactoren voor het begrip instrumentality heeft gegeven. Deze uitspraak heeft mogelijk (ook) gevolgen voor een groot aantal Nederlandse bedrijven. In de onderhavige bijdrage zullen wij dit nader toelichten. Alvorens we ingaan op de zaak U.S. v. Esquenazi, wordt aandacht besteed aan de (extraterritoriale) reikwijdte van de FCPA. In de daaropvolgende paragraaf volgt een uiteenzetting van de achtergrond van het begrip instrumentality onder de FCPA. Daarna worden de feiten en het juridisch kader van U.S. v. Esquenazi behandeld. We sluiten af met een analyse van de uitspraak en de (mogelijke) implicaties voor Nederlandse bedrijven.


mr. A. Verbruggen

mr. T. van Roomen
Artikel

Wat doen daders met hun geld?

Uitkomsten van de Monitor Georganiseerde Criminaliteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Money laundering, Organised crime, Financial crime, Criminal infiltration approach, Social opportunity structure
Auteurs E.W. Kruisbergen, E.R. Kleemans en R.F. Kouwenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors use empirical data from the Dutch Organised Crime Monitor to give empirical insight into the investments of organised crime offenders in legal economy. Using a dataset of 1,196 individual investments, they look into what kind of assets offenders purchase and where these assets are located. The authors use the empirical results to assess the tenability of different theoretical perspectives and assumptions that are present in the literature on money laundering and organised crime: the standard economic approach, the criminal infiltration approach and the social opportunity structure. The results of this study show that offenders predominantly invest in their home country and that their investments consist of tangible, familiar assets such as residences and other real estate and companies from well-known sectors. Investments such as bonds as well as stocks in companies in which offenders are not personally involved, were only found in a small number of cases. To put it differently: offenders usually stay close to home with their investments. Based on these results, the concept of social opportunity structure seems to be best suited to understand offenders’ investment choices.


E.W. Kruisbergen
Drs. Edwin Kruisbergen werkt bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

E.R. Kleemans
Prof. dr. Edward Kleemans is hoogleraar Zware Criminaliteit en Rechtshandhaving aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam.

R.F. Kouwenberg
Drs. Ruud Kouwenberg werkt bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Artikel

Nog verder van huis

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden fraude, corruptie, woningcorporaties, intern toezicht
Auteurs Dr. Judith van Erp, prof. dr. Mr. Wim Huisman, drs. Armand Stokman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs hebben in navolging van de Parlementaire Enquêtecommissie Woningcorporaties een nadere analyse gemaakt van fraude en corruptie bij woningcorporaties. Zij hebben zes fraudezaken onder de loep genomen die door de commissie nog niet waren onderzocht. Hun bevindingen bevestigen die van de Enquêtecommissie: bestuurders van frauderende corporaties zagen geen integriteitsproblemen, en werden niet gehinderd door enige vorm van intern toezicht.


Dr. Judith van Erp
Dr. J.G. van Erp is criminoloog aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Erasmus Universiteit Rotterdam en redactielid van Tijdschrift voor Toezicht.

prof. dr. Mr. Wim Huisman
Prof. dr. mr. W. Huisman is hoogleraar criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

drs. Armand Stokman
Drs. A.G.A. Stokman is voorzitter ILT vakgroep Analyse, Inspectie Leefomgeving en Transport, Inlichtingen en Opsporingsdienst.

Tessa van der Veer MSc
T. van der Veer MSc is wetenschappelijk docent en projectmedewerker.
Artikel

Academische cultuur en wetenschappelijk wangedrag – en wat de relatie daartussen is

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Academic culture, Scientific misconduct, Output-driven research
Auteurs Prof. dr. Kristel Beyens en Prof. dr. René van Swaaningen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, the questions why scientific misconduct has become a subject of criminological research and how scientific misconduct relates to a production-oriented academic culture are examined. It is argued that the current academic career path produces an anomic academic culture. The authors further examine the slippery notion of the term ‘scientific misconduct’ and conclude that questions about the prevalence or increase of scientific misconduct are hardly answerable. They also point at a number of undesirable side-effects of the emerging culture of distrust and control in academia, amongst which socially disengaged, highly predictable and little innovative research. They end with a plea to recapture a truly academic culture.


Prof. dr. Kristel Beyens
Prof. dr. Kristel Beyens is hoogleraar penologie en criminologie aan de Vrije Universiteit Brussel.

Prof. dr. René van Swaaningen
Prof. dr. René van Swaaningen is hoogleraar internationale en comparatieve criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Criminologie.
Artikel

Access_open ‘Je kan heel goed kritisch zijn op een nette manier’

Kees Schuyt over veranderende wetenschapscultuur

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Research integrity, sociology, fraud, academic culture
Auteurs dr. Barbra van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch sociologist and lawyer Kees Schuyt worked as scientific researcher and professor of sociology for the University of Leiden and University of Amsterdam. He has written about forty books and many articles about the welfare state, the philosophy of social science and the sociology of law. Between 2006 and 2014 he was chairman of The Netherlands Board on Research Integrity (LOWI). Recently he wrote the book Between fault and fraud. Integrity and dishonest behavior in scientific research. In this interview, Schuyt talks about the role of scientific integrity in his own career and specifically elaborates on dishonest behavior and scientific competition.


dr. Barbra van Gestel
Dr. Barbra van Gestel is socioloog en als onderzoeker verbonden aan het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC).
Boekbespreking

‘Ik was echt zorgvuldig’

De carrière van een wetenschappelijke fraudeur

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Scientific misconduct, Diederik Stapel, culture of competition, questionable research procedures, ‘indifferent tolerance’
Auteurs dr. Thaddeus Müller
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article I focus on the academic environment in which social psychologist Diederik Stapel worked and developed his career as a con academic. He published over 50 articles with fabricated data in top tier journals. This article is based on interviews with Stapel himself and document analysis. Especially, I pay attention to his socialization as an academic in his years at the University of Amsterdam, where he did his PhD (1986-2000). In my description of how social psychology developed in the nineties in Amsterdam it becomes clear that there was a strong emphasis on competition and publishing articles in top tier journals. Stapel conformed to this culture of competition and published almost as much as the two leading full professors of his department during the period 1995-2000. In the early nineties Stapel discovered that the use of questionable research procedures (QRPs) was common in social psychology. He realized that without using these procedures it was hardly possible to get good results and publish frequently in top tier journals. Though Stapel resented this partly and was disenchanted by this experience, he did integrate QRPs in his daily academic practice. He actually raised the issue of QRPs in a lecture in Oxford when he received the Jos Jaspars Early Career Award of the EAESP, but there was hardly any substantive response to his presentation. The academic culture in which Stapel developed his career can be described as ‘indifferent tolerant’. Though Stapel does refer to the circumstances which influenced his academic fraud, he does state that he himself is responsible for his massive scientific misconduct.


dr. Thaddeus Müller
Dr. Thaddeus Müller is verbonden aan de sectie criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Scientific misconduct: how organizational culture plays its part

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden scientific misconduct, organizational culture, social control
Auteurs Rita Faria PhD student
SamenvattingAuteursinformatie

    Scientific misconduct takes place at the heart of higher education organizations. Organizational culture (meso level) shapes scholars’ behaviors and perceptions (micro level) about what should be problematized while conducting research and teaching. In this paper it is argued that there are organizational mechanisms at place by which organizational goals (funding) and professional goals (recognition) become indistinguishable. The mechanisms are: pressure, loose social control, scarce resources and lack of alternatives. Scholars may strategically react to these mechanisms by accepting, fitting in, resisting or giving up. It is at the heart of these mechanisms and strategies that problematic behaviors may emerge.


Rita Faria PhD student
Rita Faria is Lecturer at the School of Criminology – Faculty of Law of the University of Porto (Portugal).
Artikel

Ethische dilemma’s bij criminologisch onderzoek

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Ethical issues, Scientific integrity, Confidentiality, Informed consent, Fabrication and falsification, Ethical commissions
Auteurs Prof. dr. Henk van de Bunt
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent years have seen a growing interest in scientific malpractice. In the Netherlands, for example, several major cases of plagiarism, fabrication of data and falsification of findings have come to light. The scandal surrounding the Dutch social psychologist Diederik Stapel, who simply made up the results of empirical research, prompted worldwide attention. As a result of these scandals, universities have, in the past few years, increased their efforts to better ensure the integrity of scientific research. In this process it is sometimes overlooked that scientific integrity is not a clear-cut concept. By examining three ethical issues relevant to criminological research, this article aims to illustrate that the assessment of integrity is a complicated matter. The first dilemma relates to maintaining confidentiality: how to ensure that the privacy of respondents is protected and the research will not harm their interests? The second dilemma has to do with the degree of openness and transparency required from the viewpoint of scientific accountability. How transparent can one be when it comes to conducting scientific research based on secret information and closed sources that are only accessible to the researchers? Finally, the third dilemma concerns the independent position of criminological research. What are the possibilities and limitations of free and independent research in the field of criminology?


Prof. dr. Henk van de Bunt
Prof. dr. H.G. (Henk) van de Bunt is hoogleraar criminologie aan de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Reageren op problematisch wetenschappelijk gedrag voorbij de moralisering: een ander wetenschapsbeleid is mogelijk!

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Science studies, Scientific fraud, Science policy, Knowledge economy, Regulation of sciences
Auteurs Prof. dr. Serge Gutwirth en prof. dr. Jenneke Christiaens
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors focus upon the measures taken as a reaction against scientific fraud against the background of the contemporary science policy that turns the practice of science into a knowledge economy. In the light of the availability but obvious underuse of reactive legal means, they question the recourse to proactive ethical control and regulation of the scientific activities. They contend that such science policy is not so much the expression of a reaction against exceptional cases of scientific fraud, than of an endeavour to discipline and control scientist to the constraints of the knowledge economy. For the authors, however, the latter is the problem to be solved: another science policy is needed.


Prof. dr. Serge Gutwirth
Prof. dr. S. (Serge) Gutwirth is als hoogleraar verbonden aan de Faculteit Recht en Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel (VUB).

prof. dr. Jenneke Christiaens
Prof. dr. J. (Jenneke) Christiaens is hoogleraar aan de Faculteit Recht en Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel (VUB).
Artikel

Concurreren voor de waarheid: neoliberalisme en wetenschapsfraude

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden neoliberalism, science, fraud
Auteurs prof. dr. Paul Verhaeghe en Jochem Willemsen Ph.D.
SamenvattingAuteursinformatie

    The phenomenon of scientific fraud has to be studied within the context of neoliberal meritocracy. In this organisational system, the position of the individual within a group (society, university, etc.) is determined by his or her merits in terms of (economic) productivity. Although this sounds fair, neoliberal meritocracy leads to social inequality, unlimited competition between individuals, egoism, priority of quantity over quality, and the irrelevance of ethics. Within the world of scientific research, neoliberal meritocracy leads to sloppy or even fraudulent science, because it incites researchers to prioritize publication criteria before qualitative research.


prof. dr. Paul Verhaeghe
Prof. dr. Paul Verhaeghe is klinisch psycholoog en psychoanalyticus. Hij is hoogleraar aan de Universiteit Gent. Sedert 2000 gaat zijn onderzoek over de effecten van maatschappelijke veranderingen op het individu. In 2012 publiceerde hij Identiteit.

Jochem Willemsen Ph.D.
Jochem Willemsen is doctor in de klinische psychologie en psychoanalytisch psychotherapeut. Zijn onderzoek is gericht op psychopathie en forensische psychotherapie. Hij is docent aan de University of Essex.

    Naar schatting wordt door bedrijven jaarlijks ongeveer 26 miljard euro aan schade geleden als gevolg van Financieel-Economische Criminaliteit (hierna: FEC). In dit artikel zal een uiteenzetting worden gegeven van verschillende onderwerpen die van invloed zijn voor de aanpak van FEC, zoals de mate van beschikbaarheid van informatie ten aanzien van de omvang van FEC en de afwijkingen tussen verschillende definitie bepalingen ten aanzien van FEC, worden beschreven. Tevens zal een korte voorzet worden gedaan voor een innovatieve visie op de bestrijding en het terugdringen van FEC.


A.H.M. de Groot

mr. E.C.S. Crouwel
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.