Zoekresultaat: 2 artikelen

x
Jaar 2013 x
Jurisprudentie

Bezitter op grond van artikel 6:173 BW: de vennootschap of de bestuurder? Rb. Zutphen 20 juni 2012, LJN BX7229

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2013
Trefwoorden aansprakelijkheid, bedrijfsmatig gebruik, bestuurder, verschillende hoedanigheden, Hangmat-arrest, vereenzelviging, misbruik van entiteiten
Auteurs Mr. M. van Pelt
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurder van een vennootschap loopt als gevolg van een gebrekkige (bedrijfsmatig gebruikte) zaak ernstige letselschade op. De bestuurder stelt zijn eigen vennootschap en haar verzekeraar aansprakelijk voor zijn schade op grond van artikel 6:173 BW (gebrekkige zaak) juncto artikel 6:181 BW (bedrijfsmatig gebruik). De rechtbank oordeelt dat de vennootschap bezitter en bedrijfsmatig gebruiker van de gebrekkige zaak is en dat de bestuurder niet wegens vereenzelviging zelf als bezitter van de gebrekkige zaak kan worden aangemerkt. Er is geen sprake van ongewenste consequenties noch misbruik van (het gebruik van) verschillende juridische entiteiten. Evenmin spelen verschillende hoedanigheden van eiser in de procedure, onder verwijzing naar het Hangmat-arrest, een rol. De rechtbank signaleert een parallel met het Hangmat-arrest. De auteur meent dat van een dergelijke parallel geen sprake is. Zij wijst op merkwaardige gevolgen van de door de rechtbank gekozen benadering in gevallen van schuld- en risicoaansprakelijkheid.


Mr. M. van Pelt
Mevrouw mr. M. van Pelt is advocaat bij Houthoff Buruma te Rotterdam.
Artikel

Prejudiciële vragen aan de Hoge Raad, valkuilen voor de Hoge Raad

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2013
Trefwoorden Rol van de feitenrechter, Prejudiciële vragen, Empirisch onderzoek
Auteurs S.S. van Kampen LLB en Prof. mr. I. Giesen
SamenvattingAuteursinformatie

    De ‘Wet prejudiciële vragen aan de Hoge Raad’ maakt het voor de feitenrechter mogelijk om prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad. In het onderhavige empirische onderzoek stond de rol van die feitenrechter centraal: zou de feitenrechter tijdig herkennen dat zich de mogelijkheid van een prejudiciële vraag aandient, zou deze vervolgens op de juiste wijze de juiste vraag stellen en zou deze tevens bereid zijn de vraag te stellen? De belangrijkste les is dat het succes of falen van de nieuwe wet staat of valt met hoe de Hoge Raad als ‘leidinggevende’ de handschoen oppakt.


S.S. van Kampen LLB
S.S. van Kampen, LLB is student aan de Legal Research Master van de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. I. Giesen
Prof. mr. I. Giesen is hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit Utrecht, en als onderzoeker verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en aan UCALL, het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law. Hij is tevens raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof Den Bosch.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.