Zoekresultaat: 49 artikelen

x
Jaar 2014 x
Artikel

Mediëren verhoortechnieken de verandering in verklaringsbereidheid van verdachten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2014
Trefwoorden effectiveness of interrogations, interrogation tactics, suspects’ statement, Structural Equation Modeling
Auteurs Dr. Willem-Jan Verhoeven
SamenvattingAuteursinformatie

    This study aims to provide more knowledge on the extent to which criminal investigators are able to influence suspects’ statement. For this purpose, 166 observed interrogations covering the whole interrogation were analyzed. Based on these longitudinal data Structural Equation Modeling was used to examine the extent to which interrogation tactics mediate the changing statement between the start and the end of the interrogation. The results show that particularly suspects who give a statement on personal affairs at the beginning of the interrogation change their statement. Manipulating techniques are used more often when suspects are silent and confrontational techniques are used more often when suspects declare about the crime. Only confrontational techniques seem to contribute to changes in suspects’ statement. Accusatory interrogation tactics do not mediate the relationship between the statement given at the beginning of the interrogation and the change in statement. It can be concluded that suspects who are silent at the beginning of the interrogation or who declare about the crime in most cases don’t change their statement and that with using accusatory interrogation techniques criminal investigators seem to be unable to influence their statement.


Dr. Willem-Jan Verhoeven
Dr. W.J. Verhoeven is universitair docent criminologie bij de sectie Criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Recht op toegang tot een advocaat in het strafproces.

Enkele gedachten naar aanleiding van de implementatie van Richtlijn 2013/48/EU.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2014
Trefwoorden Richtlijn 2013/48/EU, recht op toegang tot een raadsman, Salduz
Auteurs Prof. mr. Jan Boksem
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 22 oktober 2013 werd Richtlijn 2013/48/EU (hierna: de Richtlijn) vastgesteld. Deze Richtlijn bevat onder meer minimumvoorschriften betreffende het recht van de verdachte op toegang tot een advocaat in strafprocedures. De advocaat moet op zijn beurt de fundamentele aspecten van de verdediging onverkort kunnen waarborgen. De Richtlijn dient uiterlijk op 27 november 2016 in de nationale wetgeving te zijn geïmplementeerd. In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de (mogelijke) gevolgen van de implementatie van de Richtlijn voor de Nederlandse rechtsorde.
    Richtlijn 2013/48/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2013 betreffende het recht op toegang tot een advocaat in strafprocedures en in procedures ter uitvoering van een Europees aanhoudingsbevel en het recht om een derde op de hoogte te laten brengen vanaf de vrijheidsbeneming en om met derden en consulaire autoriteiten te communiceren tijdens de vrijheidsbeneming, Pb. EU 2013, L 294.


Prof. mr. Jan Boksem
Prof. mr. J. (Jan) Boksem is werkzaam als bijzonder hoogleraar verdediging in strafzaken bij Maastricht University en is tevens advocaat bij Anker & Anker Strafrechtadvocaten te Leeuwarden.

    Na tien jaar EAB onderzoekt deze bijdrage of de vereenvoudiging en versnelling van de justitiële samenwerking in strafzaken in evenwicht zijn met de rechtsbescherming van de opgeëiste persoon. Waar het Hof van Justitie vooral uitgaat van het vertrouwen in de nationale rechtsorde van de uitvaardigende lidstaat, volgt uit recente Uniewetgeving dat dit vertrouwen soms onvoldoende is. Ook de oplossingen van de Uniewetgever richten zich hoofdzakelijk op rechtsbescherming in de uitvaardigende lidstaat. Voor het evenwicht tussen efficiency en rechtsbescherming is vooral een in de uitvoerende lidstaat toe te passen weigeringsgrond inzake grondrechtenschendingen van groot belang.
    Pb. EG 2002, L 190/1


Mr. dr. Vincent Glerum
Mr. dr. V.H. (Vincent) Glerum is werkzaam als stafjurist van de Europese Kamer Strafrecht en Mensenrechten van de Rechtbank Amsterdam.
Artikel

Ere wie ere toekomt

Een kritische analyse over de relatie tussen eer, geweld en gender

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2014
Trefwoorden gender, eergerelateerd geweld, sociale uitsluiting
Auteurs Dr. Martina Althoff
SamenvattingAuteursinformatie

    Honour, violence and masculinity are closely linked in traditional criminology, and are combined with an ethnic profile of the offender. This article discusses the conclusion of these assumptions as ethnocentric, but also as a simplification of the gendered idea of honour. Beliefs about honour, which are reduced to the male gender, and understood as conductive to crime, disregard insights regarding violent females, and awareness about the significance of honour in marginalized groups. Furthermore, this contribution discusses the supplementary value of a critical gender perspective, for discussion in criminology about honour and crime.


Dr. Martina Althoff
Dr. Martina Althoff is als universitair hoofddocent Criminologie verbonden aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

200 jaar Staten-Generaal en zelfregulering: betrokkenheid op afstand

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2014
Trefwoorden zelfregulering, SER
Auteurs Drs. M.I. Hamer, Dr. M. Drahos en Drs. I. Thomassen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Staten-Generaal dragen via het controleren van de regering en door (mede)wetgeving bij aan het borgen van publieke belangen. Literatuur en praktijk laten echter zien dat publieke belangen onder voorwaarden ook effectief kunnen worden geborgd door zelfregulering. Dit artikel geeft een beschouwing op de gevolgen van zelfregulering voor het democratische gehalte van beleid, op vraagstukken rondom representativiteit bij zelfreguleringsinitiatieven en op kansen en risico’s betreffende de effectiviteit van borging van publieke belangen. Deze drie aspecten worden belicht vanuit de ervaringen met vier vormen van zelfregulering binnen de Sociaal-Economische Raad (SER).


Drs. M.I. Hamer
Drs. M.I. Hamer is voorzitter van de SER.

Dr. M. Drahos
Dr. M. Drahos is senior beleidsmedewerker bij de directie Economische Zaken van de SER.

Drs. I. Thomassen
Drs. I. Thomassen was senior beleidsmedewerker bij de directie Bestuurszaken van de SER.
Praktijk

Arbitrage en algemene voorwaarden: the twain shall meet?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2014
Trefwoorden arbitrage, Weens Koopverdrag, algemene voorwaarden, toepasselijkheid, informatieplicht
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In april 2013 gaf het CISG Advisory Committee een rechtsgeleerde opinie over de toepasselijkheid van algemene voorwaarden onder het Weens Koopverdrag (‘WKV’). In die opinie worden aanwijzingen gegeven over de vraag, hoe algemene voorwaarden ter beschikking kunnen worden gesteld om gelding te hebben onder het WKV. In deze bijdrage staat een arrest van het hof Den Haag centraal, waarin de opinie wordt toegepast. Tevens komt de invloed van de toepasselijkheid van algemene voorwaarden op het bestaan van een arbitrageovereenkomst aan de orde.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Casus

Nakoming van een vrijwaring in een overnameovereenkomst – show me the money?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2014
Trefwoorden vrijwaring, overnameovereenkomst, uitleg, garantie, nakoming
Auteurs J. Leedekerken
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over vrijwaringen in een overnameovereenkomst. Stil wordt gestaan bij een aantal elementen van een vrijwaring. Wat houdt vrijwaren in? Wie kan de vrijwaring inroepen? Wanneer is een vrijwaringsvordering opeisbaar? Hoe verhoudt de vrijwaring zich tot andere contractsbepalingen? Door beter rekening te houden met dit soort elementen kunnen uitlegdiscussies voorkomen worden.


J. Leedekerken
J. Leedekerken is advocaat te Amsterdam en verbonden aan Van Doorne N.V.

Mr. B. Winters
Mr. B. Winters is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Diversen

Procedurele en distributieve rechtvaardigheid

Verslag van de voorjaarsvergadering 2014 van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2014
Auteurs Mr. J.J. Dammingh en Mr. P.E. Ernste
Auteursinformatie

Mr. J.J. Dammingh
Mr. J.J. Dammingh is universitair hoofddocent burgerlijk (proces)recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Mr. P.E. Ernste
Mr. P.E. Ernste is universitair docent burgerlijk (proces)recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

    Kort geding; dochter eist afgifte medisch dossier overleden vader; vader zou niet-natuurlijke dood zijn gestorven; vordering afgewezen; geheimhoudingsplicht artikel 7:457 BW

Artikel

Access_open De problematie van strafbaarheid van hulp bij zelfdoding door een niet-medicus

De zaak Heringa en de maatschappelijke roep om zelfbeschikking

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (2001), Hulp bij zelfdoding door een niet-arts, Zelfbeschikking, Zaak Heringa
Auteurs Mr. Marjolein Rikmenspoel
SamenvattingAuteursinformatie

    Recently there’s a lot of debate within the Netherlands about the criminality of assistance by someone who’s not a doctor towards the death of a loved one. In the Heringa lawsuit a son has helped his (step)mother who wished to no longer live (considered her life to be ‘completed’) to die at an age of 99. The helper non-doctor risks criminal pursuit and punishment. The central argument of the lobby to establish a more humane approach towards the persevered need is personal autonomy. This article aims to clarify the debate and to stimulate another way of thinking towards the situation of, mostly, elderly who want to decide and act independently regarding their death.


Mr. Marjolein Rikmenspoel
Mr. M.J.H.T. Rikmenspoel MA is geestelijk verzorger, auteur van twee boeken over spirituele intelligentie en publiciste.

    Art. 8 Kwaliteitswet zorginstellingen; bevel IGZ; besluit tot verlenging; onvoldoende gemotiveerd

Artikel

Zwijgen is zilver, spreken is goud. De weigerende observandus en de voorgestelde wijziging van artikel 37a Sr

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2014
Trefwoorden TBS, weigerende observandus, gedragsdeskundige rapportage, medische dossiers, wetsvoorstel forensische zorg
Auteurs Mr. Martine Valk
SamenvattingAuteursinformatie

    When a person commits a severe crime in the Netherlands, for which he cannot be (fully) held responsible because of a mental disorder, a judge may impose a hospital order in a secured psychiatric institution. To make this possible, behavioural experts have to assess whether the suspect suffered from a mental disorder at the time of the crime. However, during this assessment a suspect has the right to remain silent. Since recent years the number of non-cooperating suspects is increasing. To solve this problem, the Secretary of State of Security and Justice has submitted a legislative proposal, which makes it possible to force health professionals to submit past medical records of the suspect to the behavioural experts for their assessment without his consent. This breaches the professional law of confidentiality. Following case law of the European Court of Human Rights, this can only be justified, if it complies with the principles of proportionality, subsidiarity and necessity. The legislative proposal does not comply with these principles, as alternatives are available. These are: improvement of the forensic psychiatric care, reduction of the duration of the treatment and extension of the behavioral research period.


Mr. Martine Valk
Mr. Martine Valk is junior onderzoeker aan het VU medisch centrum, afdeling Metamedica.
Casus

Governance en bescherming van banken

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2014
Trefwoorden banken, publiek belang, publiek aandeelhouderschap, privatisering, Interventiewet, overheidsinvloed, vijandige overnames, beschermingsconstructies, certificering
Auteurs Prof. mr. D.F.M.M. Zaman, Mr. G.M. Portier en Mr. dr. J. Nijland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de vraag welke publiek- en privaatrechtelijke mogelijkheden er bestaan om op permanente wijze een bank (of andere financiële instelling) te beschermen tegen beleid dat niet gericht is op het publieke belang. Daarbij worden mogelijke publiek- en privaatrechtelijke instrumenten vergeleken en geplaatst in een nationaal- en Europeesrechtelijk kader. Aangezien publiekrechtelijke instrumenten uit hoofde van de Interventiewet slechts onder bepaalde voorwaarden inzetbaar zijn (dreigende insolventie van de onderneming of instabiliteit van het financieel stelsel) en traditionele beschermingsconstructies slechts kunnen worden ingezet ter voorkoming van vijandige overnames, zien de auteurs mogelijkheden voor het gebruik van aanvullende privaatrechtelijke instrumenten ter stimulering van beleid van banken gericht op het publieke belang.


Prof. mr. D.F.M.M. Zaman
Prof. mr. D.F.M.M. Zaman is notaris te Rotterdam, (bijzonder) hoogleraar Notarieel ondernemingsrecht aan de Universiteit Utrecht en (gewoon) hoogleraar Notarieel ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. G.M. Portier
Mr. G.M. Portier is notaris te Amsterdam.

Mr. dr. J. Nijland
Mr. dr. J. Nijland is universitair docent aan de Universiteit Leiden.
Praktijk

De wenselijkheid van beheerst beloningsbeleid in de financiële sector

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2014
Trefwoorden beheerst beloningsbeleid, bonusplafond, beloningen, financiële ondernemingen
Auteurs Mr. drs. A.M. Helstone
SamenvattingAuteursinformatie

    In de afgelopen zes jaar heeft de regulering van variabele beloning bij financiële ondernemingen na de val van Lehman Brothers niet stilgestaan. In dit verband wordt er met name in Nederland een niet-aflatende strijd voor beheerst beloningsbeleid in de financiële sector gevoerd. Deze bijdrage richt zich op de belangrijkste initiatieven voor regulering van beloningen bij financiële ondernemingen van de afgelopen zes jaar. Hierbij wordt ook stilgestaan bij de recente voornemens van de Nederlandse wetgever om een bonusplafond van 20% te introduceren voor alle medewerkers die werkzaam zijn in de financiële sector. Daarbij wordt ook ingegaan op de vraag in hoeverre het wenselijk is dat deze nieuwe regels naast de bestaande regels zullen worden geïntroduceerd.


Mr. drs. A.M. Helstone
Mr. drs. A.M. Helstone is advocaat en partner bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Stroomlijningswet – nieuwe bevoegdheden voor de reeds samengevoegde autoriteiten in ACM

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Stroomlijningswet, ACM, bevoegdheden, toezichthouder, consumentenbelangen
Auteurs Mr. Janneke Kohlen en Mr. Pauline Kuipers
SamenvattingAuteursinformatie

    De Stroomlijningswet voor de bevoegdheden van ACM is op 1 augustus 2014 in werking getreden. (Stb. 2014, 266; Kamerstukken 33 622). Daarmee worden de toezichthoudende bevoegdheden van de drie in ACM opgegane toezichthouders (NMa, OPTA en Consumentenautoriteit) gestroomlijnd. In de praktijk lijken de wijzigingen echter meer in te houden dan alleen stroomlijning; de kritiek dat bevoegdheden vooral opgerekt worden, is dan ook veel geuit. Redenen genoeg om de belangrijkste wijzigingen in de bevoegdheden van ACM nader te belichten. Daarbij rijst de vraag of ACM deze bevoegdheden ook ten volle zal gaan benutten voor het mededingingstoezicht of dat de andere twee gefuseerde toezichthouders – OPTA en Consumentenautoriteit – meer baat hebben bij deze nieuwe c.q. ‘gestroomlijnde’ bevoegdheden.


Mr. Janneke Kohlen
Mr. J.I. Kohlen is advocaat bij Bird & Bird LLP.

Mr. Pauline Kuipers
Mr. D.P. Kuipers is advocaat bij Bird & Bird LLP.
Jurisprudentie

Civiele jurisprudentie van GEA en GHvJ

Arbeidsrecht

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2014
Auteurs Mr. Jan de Boer
Auteursinformatie

Mr. Jan de Boer
Mr. Jan Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof
Artikel

Stroomlijningswet – nieuwe bevoegdheden voor de reeds samengevoegde autoriteiten in ACM

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Stroomlijningswet, ACM, bevoegdheden, toezichthouder, consumentenbelangen
Auteurs Mr. Janneke Kohlen en Mr. Pauline Kuipers
SamenvattingAuteursinformatie

    De Stroomlijningswet voor de bevoegdheden van ACM is op 1 augustus 2014 in werking getreden. ( Stb. 2014, 266; Kamerstukken 33 622). Daarmee worden de toezichthoudende bevoegdheden van de drie in ACM opgegane toezichthouders (NMa, OPTA en Consumentenautoriteit) gestroomlijnd. In de praktijk lijken de wijzigingen echter meer in te houden dan alleen stroomlijning; de kritiek dat bevoegdheden vooral opgerekt worden, is dan ook veel geuit. Redenen genoeg om de belangrijkste wijzigingen in de bevoegdheden van ACM nader te belichten. Daarbij rijst de vraag of ACM deze bevoegdheden ook ten volle zal gaan benutten voor het mededingingstoezicht of dat de andere twee gefuseerde toezichthouders – OPTA en Consumentenautoriteit – meer baat hebben bij deze nieuwe c.q. ‘gestroomlijnde’ bevoegdheden.


Mr. Janneke Kohlen
Mr. J.I. Kohlen is advocaat bij Bird & Bird LLP.

Mr. Pauline Kuipers
Mr. D.P. Kuipers is advocaat bij Bird & Bird LLP.
Artikel

Fraudeonderzoek, privacy en onrechtmatig verkregen bewijsmateriaal

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2014
Trefwoorden bewijsuitsluiting, fraudeonderzoek, verzekeraar, privacy, persoonsgegevens, schending
Auteurs mr. H.H. de Vries en mr. P. Oskam
SamenvattingAuteursinformatie

    Het risico op bewijsuitsluiting vormt voor verzekeraars wellicht de ultieme sanctie op schending van regels ter bescherming van privacy en persoonsgegeven. Deze bijdrage schetst een overzicht van een aantal recente ontwikkelingen op dit gebied. De volgende vragen staan centraal: wanneer is fraudeonderzoek rechtmatig; is het uitsluiten van onrechtmatig verkregen bewijs een trend waarmee verzekeraars in toenemende mate rekening moeten houden bij het verzamelen van persoonsgegevens, of is van een ‘trend’ geen sprake; tegen welke andere sancties zouden verzekeraars aan kunnen lopen bij schending van het recht op privacy van verzekerden en benadeelden; en welke regels en bijbehorende sancties zullen in de toekomst voor verzekeraars gelden onder de komende Algemene verordening gegevensbescherming?


mr. H.H. de Vries
Mr. H.H. de Vries is partner en advocaat bij Kennedy Van der Laan.

mr. P. Oskam
Mr. P. Oskam is advocaat bij Kennedy Van der Laan.
Artikel

Heeft het gebruik van nieuwe media bij toezichthouders toekomst?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2014
Trefwoorden NVWA, sociale media en apps, webcare, horeca inspectiekaart, twitterende inspecteurs
Auteurs Drs. Corine Zaagman-Doornbos, Ir. Wiebe Lammers en Marijn Colijn
Auteursinformatie

Drs. Corine Zaagman-Doornbos
Drs. C.R. Zaagman-Doornbos is senior communicatieadviseur NVWA.

Ir. Wiebe Lammers
Ir. J.W. Lammers is coördinerend specialistisch adviseur invasieve exoten, Bureau Risicobeoordeling en Onderzoeksprogrammering NVWA.

Marijn Colijn
M.W. Colijn is coördinerend specialistisch adviseur productveiligheid NVWA.
Toont 1 - 20 van 49 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.