Zoekresultaat: 38 artikelen

x
Jaar 2017 x
Artikel

Verstoorde veiligheidsbeleving

In gesprek met buurtbewoners over de ‘onveiligheid’ in hun buurt naar aanleiding van gestegen ‘gevoelens van onveiligheid’

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2017
Trefwoorden fear of crime, qualitative analysis, evidence based policy
Auteurs Remco Spithoven
SamenvattingAuteursinformatie

    The ‘fear of crime’ is a buzzword among citizens, media, politicians and professionals by now. But the phenomenon seems to be as intangible as it is important. The struggle of professionals with this concept is the result of a too wide and self-evident problem definition. This article contains an alternative approach. The focus is on disturbed fear of crime: a negatively changed and problematically experienced fear of crime on the level of the neighborhood.
    Through a review of the literature and previous research, we work towards this concept and apply it to the neighborhood of Kerckebosch in the municipality of Zeist in the Netherlands. As during 2014 the local quantitative indicators for ‘the fear of crime’ rose from 7% of the local population indicating to ‘sometimes feel unsafe’ to 22%, while the rest of the municipality remained quite stable. Additionally, several local professionals received complaints of multiple local inhabitants claiming to ‘feel unsafe’ in the neighborhood. Our research question was: What explanations for their ‘disturbed fear of crime’ do local inhabitants of the neighborhood Kerckebosch give?
    It was highly plausible that this local rise of the fear in Kerckebosch was connected to the social re-engineering of the neighborhood, but the exact nature of the quantitative rise was unclear. Therefore, we have interviewed 25 local inhabitants. Qualitative analyses showed the local rise of ‘the fear of crime’ to be the result of: (I) physical characteristics of the neighborhood; (II) events of burglary and intimidation from the past; (III) the presence of loitering youths and – primarily – (VI) a backlash of social integration as a side effect of the social re-engineering of the neighborhood. These qualitative explanations to the observed quantitative discontinuity led to several policy advises, which were based on international effect studies.


Remco Spithoven
Remco Spithoven is hoofddocent bij het Instituut voor Veiligheid en het lectoraat Kennisanalyse Sociale Veiligheid aan de Hogeschool Utrecht. Daarnaast is hij research-fellow bij de leerstoel Veiligheid en Veerkracht aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Datamining in een veranderende wereld van opsporing en vervolging

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Strafprocesrecht, Strafrecht, Art. 3 Politiewet 2012, Datamining, Privacy
Auteurs Mr. dr. S. Brinkhoff
SamenvattingAuteursinformatie

    Datamining wordt meer en meer als opsporingsmethode ingezet. Onderzocht wordt of de huidige wettelijke grondslagen, mede gelet op jurisprudentie van het EHRM, wel voldoen voor de inzet van deze methode. Een handvat wordt geboden voor een wettelijke regeling.


Mr. dr. S. Brinkhoff
Mr. dr. S. Brinkhoff is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan de vaksectie Straf(proces)recht en Criminologie van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Het sociaal netwerk van een criminele jeugdgroep

Omvang, kern en sleutelfiguren

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2017
Trefwoorden criminal youth gang, social network analysis, key players (KPP-1), police records
Auteurs Gerard Wolters MSc, Matthijs Oosterhuis MSc en Dr. Jan Kornelis Dijkstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In this study the authors examined a criminal youth gang of 35 persons in the Netherlands, using social network analysis, to answer the following questions. To what extent is it possible by means of police records to estimate the size of the complete social network of this criminal youth gang? To what extent are members of this original group part of the core of the complete network? To what extent have members of the original group a central position in the complete network (key players) and are, as such, responsible for holding the complete network together? Information is derived from police records. Results show that the size of the total network of this criminal youth gang consists of 593 individuals with a core of around hundred persons. Seven persons were identified as key players, among which six persons belonged to the original group. The social network approach in this study provides police and justice important indications for a more tailored approach regarding individuals within criminal networks.


Gerard Wolters MSc
G. Wolters MSc is werkzaam als analist bij de afdeling Analyse en Onderzoek van de Dienst Regionale Informatieorganisatie (DRIO) binnen de eenheid Noord-Nederland van de Nationale Politie.

Matthijs Oosterhuis MSc
Mr. M. Oosterhuis is als analist werkzaam bij de afdeling Analyse en Onderzoek van de Dienst Regionale Informatieorganisatie (DRIO), eenheid Noord-Nederland, van de Nationale Politie en bij het 1 Civiel en Militaire Interactiecommando van de Koninklijke Landmacht.

Dr. Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is werkzaam als universitair hoofddocent aan de faculteit Gedrags- & Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Een Europese pijler van sociale rechten

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2017
Trefwoorden Europese pijler van sociale rechten, gelijke kansen en toegang tot de arbeidsmarkt, billijke arbeidsomstandigheden, sociale bescherming en inclusie, Handvest van de grondrechten van de Europese Unie
Auteurs Prof. mr. F.J.L. Pennings
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 april 2017 heeft de Europese Commissie de aanbeveling voor een Europese pijler van sociale rechten gepubliceerd. Dit is een aanbeveling die ook voorgelegd wordt aan het Europees Parlement en de Europese Raad om deze te onderschrijven. De aanbeveling kent een twintigtal onderwerpen, waarbij de lat veelal hoger wordt gelegd dan in het Handvest van de Grondrechten. Het bijbehorende werkprogramma straalt veel ambitie uit om de sociale dimensie van de Unie daadwerkelijk te versterken. Het belang van de pijler lijkt te liggen in daadwerkelijke uitvoering van dit programma.
    Aanbeveling van 26 april 2017 voor een Europese pijler van sociale rechten COM(2017)251


Prof. mr. F.J.L. Pennings
Prof. mr. F.J.L. (Frans) Pennings is hoogleraar sociaal recht aan de Universiteit Utrecht.
Boekbespreking

De verdwenen (?) kantonrechter

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2017
Auteurs Drs. Jacqueline van der Schaaf en Dr. Albert Klijn
Auteursinformatie

Drs. Jacqueline van der Schaaf
Jacqueline van der Schaaf is als freelance onderzoeker werkzaam voor onder andere de Raad voor de rechtspraak en SSR.

Dr. Albert Klijn
Albert Klijn is rechtssocioloog en was in de periode 2002-2011 als wetenschappelijk adviseur verbonden aan de Raad voor de rechtspraak. Hij is thans als zodanig op parttime basis verbonden aan Stichting Studiecentrum Rechtspleging (SSR).
Artikel

Het besluitvormingsproces van civiele rechters in procedures over de gevolgen van een (echt)scheiding met een beschuldiging van seksueel kindermisbruik

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Family law, Child sexual abuse, Divorce, Custody and access
Auteurs Anne Smit MSc., Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld en Prof. dr. mr. Masha Antokolskaia
SamenvattingAuteursinformatie

    This study aims to provide insight into allegations of child sexual abuse in the context of divorce, and related, proceedings by analyzing the decision-making process of civil judges. To this aim, interviews with 13 judges and 11 lawyers were conducted and a focus group was organized with different specialists. It is concluded that in the eyes of the judges, allegations of child sexual abuse in this context are not rare, and some of the professionals signal an increase of allegations in the last decade. The presence of an allegation poses a dual issue: it points out problems within the family, as well as causes problems for the child. This dual nature makes it even more complex for judges to make decisions, especially concerning contact between father and child. The validity of the allegation becomes less important than its presence when judges consider the children’s best interests. The judges’ aim to create conditions for the family within which the child’s safety is best protected, can as an unwanted consequence delay the process, which in itself can be damaging for the child.


Anne Smit MSc.
Anne Smit is promovenda bij het NSCR waar zij werkt aan haar proefschrift ‘Allegations of Sexual Abuse of Children in Divorce Procedures: Towards Evidence-Based Guidelines’.

Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
Catrien Bijleveld is directeur van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.

Prof. dr. mr. Masha Antokolskaia
Masha Antokolskaia is hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder personen- en familierecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

Voorbij procedurele rechtvaardigheid

De betrekkelijkheid van de beleving van respondenten

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Procedural Justice, Administrative law, Access to Justice, Outcomes of legal proceedings
Auteurs Dr. Nienke Doornbos
SamenvattingAuteursinformatie

    To overcome problems of juridification and formalization of administrative law, successful initiatives have been undertaken by professionals in the public administration and judiciary to improve administrative procedures. These initiatives have been inspired by theories of (perceived) procedural justice, as developed by Tyler and Lind (1988). Although the author acknowledges the importance of procedural justice, she argues that the strong focus on procedural aspects, based on subjective opinions of claimants, may unintentionally lead to a situation in which other important issues may be easily overlooked, such as the question why citizens would refrain from starting a lawsuit or the question what explains the low success rates of citizens in administrative law.


Dr. Nienke Doornbos
Nienke Doornbos is universitair docent bij de Afdeling Algemene rechtsleer van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam.
Praktijk

De bezwaarprocedure: Onderzoek naar verbanden tussen de inrichting van de procedure en de inhoudelijke kwaliteit van bezwaarbehandeling

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Dispute resolution procedures, Quality, Administrative law, Objection procedure, Professional users
Auteurs Marc Wever LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    If someone disagrees with an administrative order, he or she has to lodge an objection with the administrative authority responsible for the order. Only after the administrative authority has fully reconsidered the contested order is the interested party allowed to seek redress with the administrative courts. Estimates are that around 2.6 million objections are filled each year, making the administrative objection procedure the most frequently used dispute resolution procedure in the Netherlands. Numerous variations can be found in the way administrative authorities handle objections. Does this affect how professional users evaluate its quality? And if so, how can this be explained?


Marc Wever LLM
Marc Wever is promovendus & docent aan de Rijksuniversiteit Groningen en doet een promotieonderzoek naar de kwaliteit van bezwaarbehandeling door bestuursorganen.
Artikel

Access_open Enkele opmerkingen over de invoering van de Curaçaose Landsverordening inzake Concurrentie en de instelling van een Curaçaose mededingingsautoriteit

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Curaçaose Landsverordening inzake Concurrentie, Curaçaose mededingingsautoriteit, Fair Trade Authority Curaçao (FTAC)
Auteurs Sjoerd Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beoogt een introductie te geven van het Curaçaose mededingingsrecht. In deze bijdrage zal achtereenvolgens worden stilgestaan bij (1) de achtergronden voor invoering van genoemde Landsverordening op Curaçao en de vraag in hoeverre kleinere jurisdicties als die van Curaçao (überhaupt) regels nodig hebben die de economische mededinging reguleren en aan banden leggen, (2) de belangrijkste verschillen en overeenkomsten tussen de Landsverordening Concurrentie en de Nederlandse Mededingingswet (Mw) en (3) de vraag hoe de publiek- en privaatrechtelijke handhaving van de nieuwe Landsverordening eruit zal (kunnen gaan) zien.


Sjoerd Bakker
Mr. dr. P.S. Bakker is werkzaam bij Spigt Dutch Caribbean en tevens verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam. De auteur dankt mr. S. Tuinenga en prof. mr. L.J.J. Rogier voor hun advies en commentaar op een eerdere versie van dit artikel. Dit artikel zal, in iets gewijzigde vorm, binnenkort eveneens worden geplaatst in Caribisch Juristenblad.
Artikel

Keuze voor een sanctiestelsel: bestuurlijke boete of bestuurlijke strafbeschikking?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden bestuurlijke boete, bestuurlijke strafbeschikking, rechtseenheid, doelmatigheid
Auteurs Prof. mr. H.E. Bröring
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de invoering van de bestuurlijke strafbeschikking zijn bepaalde voordelen van de bestuurlijke boete komen te vervallen. In deze bijdrage staat de vraag centraal wat anno 2017 de voordelen van de bestuurlijke boete zijn. Betoogd wordt dat bestuurlijkeboeterecht in materieel opzicht strafrecht is en in procedureel opzicht bestuursrecht, en dat de keuze voor de bestuurlijke boete daarom vooral op procedurele argumenten moet stoelen. Het belangrijkste procedurele argument ten gunste van de bestuurlijke boete is het vermijden van extra procedures. Het argument dat de bestuurlijke boete qua rechtsbescherming zou onderdoen voor de bestuurlijke strafbeschikking wordt van de hand gewezen.


Prof. mr. H.E. Bröring
Prof. mr. H.E. (Herman) Bröring is als hoogleraar Integrale Rechtsbeoefening verbonden aan de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen. Zijn onderzoeksdomeinen zijn soft law, rechtshandhaving, vertrouwen in de overheid, en het publiekrecht van de Caribische landen en gebieden van het Koninkrijk.
Artikel

De bevordering van de rechtsbescherming op grond van het sanctiestelsel in de SZW-uitkeringswetten

Over de keuze van het sanctiestelsel, de gevolgen van de uitspraken van de CRvB voor de toepassing ervan en de gevolgen van het ongevraagd advies van de Afdeling advisering

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden uitkeringsfraude, bestuurlijke boete, opzet, grove schuld, rechtsbescherming
Auteurs J.A. Hofsteenge
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de SZW Fraudewet I werden de bestuurlijke boetes sterk verhoogd van 10 naar 100 procent van ten onrechte ontvangen uitkering. De CRvB heeft geoordeeld dat de hoge boetes om een indringender toets aan het evenredigheidsbeginsel vragen. Deze rechtspraak is gecodificeerd bij de SZW Fraudewet II, waarbij de strafrechtelijke begrippen ‘opzet’ en ‘grove schuld’ werden geïntroduceerd. Onder het nieuwe regime wordt bij de boeteoplegging meer onderscheid gemaakt tussen mensen die de intentie hebben gehad te frauderen en zij die deze intentie niet hebben gehad. Hiermee is de rechtsbescherming bevorderd in lijn met het ongevraagd advies van de Raad van State over sanctiestelsels.


J.A. Hofsteenge
Mr. J.A. (Jakob) Hofsteenge is coördinerend wetgevingsjurist bij de directie Wetgeving, Bestuurlijke en Juridische Aangelegenheden van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Mr. D.R.P. de Kok
Mr. D.R.P. (Dennis) de Kok is plaatsvervangend afdelingshoofd bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Economische Zaken en redacteur van RegelMaat.
Artikel

Bespiegelingen over de keuze tussen bestuursrecht en strafrecht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden sanctiestelsel, bestuurlijke boete, bestuurlijke strafbeschikking, ernstige gedraging, bestuursstrafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In de nabije toekomst zal de wetgever zich gaan beraden over de zogenoemde ‘open context’ en ‘besloten context’. Deze criteria spelen een belangrijke rol ten aanzien van de keuze tussen het bestuursrecht en het strafrecht. Vanuit meerdere hoeken zijn deze criteria bekritiseerd, omdat ze te onbepaald zijn. In deze bijdrage wordt betoogd dat de wetgever meer gewicht moet toekennen aan het criterium van de ernstige gedraging. Er dient te worden gekozen voor het strafrecht indien sprake is van een ernstige gedraging, terwijl bestuursrechtelijk optreden mogelijk is bij minder ernstige gedragingen. Ten aanzien van de keuze tussen de bestuurlijke boete en de bestuurlijke strafbeschikking dient vooral pragmatisch te worden gekozen.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. (Benny) van der Vorm is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en aan het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van diezelfde universiteit.
Casus

Ontwikkeling van een afwegingskader vertrouwen voor toezichthouders

Lessen uit de praktijk van de IGJ

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Vertrouwen, Toezicht, operationaliseren, afwegingskader, gezondheidszorg
Auteurs Sandra Spronk, Heleen Buijze, Paul Zwietering e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Diverse toezichthouders hebben vertrouwen in ondertoezichtstaanden gekozen als uitgangspunt. Inspecteurs van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) vinden vertrouwen een lastig te hanteren begrip. Tegelijk geven zij aan dat vertrouwen wel een grote rol speelt bij hun oordeel en handhaving. Ze missen echter handvatten om de afweging van vertrouwen in de zorgaanbieder te kunnen expliciteren en te onderbouwen. Dit is voor de IGJ aanleiding om vanuit het perspectief van de IGJ praktijkonderzoek te doen naar het begrip vertrouwen. Dit leidt tot het afwegingskader.


Sandra Spronk
Dr. S. Spronk is adviseur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Heleen Buijze
Drs. P.H. Buijze is Inspecteur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Paul Zwietering
Dr. P.J. Zwietering is Inspecteur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Roland Friele
Dr. ir. R.D. Friele is adjunct-directeur en hoogleraar Nivel/Tranzo Tilburg University.

Paul Robben
Prof. dr. P.B.M. Robben is hoogleraar iBMG, Erasmus Universiteit.
Artikel

Enkele opmerkingen over de invoering van de Curaçaose Landsverordening inzake concurrentie en de instelling van een Curaçaose mededingingsautoriteit

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2017
Trefwoorden mededingingsrecht, mededingingsautoriteit, Landsverordening Concurrentie, Fair Trade Authority Curaçao, handhaving
Auteurs Mr. dr. P.S. Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het Curaçaose mededingingsrecht centraal. Er zal worden stilgestaan bij (i) de achtergronden voor invoering van de Landsverordening Concurrentie op Curaçao en de vraag in hoeverre kleinere jurisdicties als die van Curaçao (überhaupt) regels nodig hebben die de economische mededinging reguleren en aan banden leggen, (ii) de belangrijkste verschillen en overeenkomsten tussen de Landsverordening Concurrentie en de Nederlandse Mededingingswet en (iii) de vraag hoe de publiek- en privaatrechtelijke handhaving van de nieuwe landsverordening eruit zal (kunnen gaan) zien.


Mr. dr. P.S. Bakker
Mr. dr. P.S. Bakker is werkzaam bij Spigt Dutch Caribbean en tevens verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. De auteur dankt mr. S. Tuinenga en prof. mr. L.J.J. Rogier voor hun advies en commentaar op een eerdere versie van dit artikel. Dit artikel is, in iets gewijzigde vorm, eerder verschenen in het tijdschrift Markt & Mededinging (M&M 2017, afl. 4).
Artikel

De keuze tussen strafrechtelijke en bestuursrechtelijke sanctionering en het criterium van de ernstige gedraging

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Bestuursstrafrecht, Sanctiestelsel, Ernstige gedraging, Moraliteit, Strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In the near future, the legislator will decide on the criteria to be applied to make a choice between the administrative and the criminal justice system. It is a possibility that the legislator will depart from the so-called ‘open context’ and the ‘confined context’. In his Farewell Speech, Rogier pleaded that the severity of behavior should be the criterion to the applied. When behavior can be qualified as ‘serious’ a criminal procedure should take place and if the behavior is ‘less serious’ the administrative procedure has to be chosen.


Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
Mr. dr. drs. Benny van der Vorm is universitair docent Straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Hoe werkt vroegsignalering door lokale jongerenwerkers in de strijd tegen terrorisme?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Radicalisering, Gewelddadig extremisme, Jongerenwerker, Subjectieve oordeelsvorming
Auteurs Annemarie van de Weert MSc en Mr. dr. Quirine Eijkman
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyses whether the local youth worker can operate on the intersection of social welfare and signalling of extremism. Although it is a rare phenomenon, there is a clear message from the government to watch out for the first signs of deviant behavior and unacceptable behavior. However, shouldn’t we ask ourselves whether youth workers are adequately equipped at local level to signal threat? The qualitative results show that in daily practice there is a lack of clear standards which make terminology for social professionals not easily distinguished. In addition their opinion depends largely on their own intuition regarding the issues. This can create side effects which form a risk that the local terrorism policy does not have the intended effect.


Annemarie van de Weert MSc
Annemarie van de Weert MSc is onderzoeker Toegang tot het recht aan het Kenniscentrum Sociale Innovatie (KSI), Hogeschool Utrecht.

Mr. dr. Quirine Eijkman
Mr. dr. Quirine Eijkman is lector Toegang tot het recht aan het Kenniscentrum Sociale Innovatie (KSI), Hogeschool Utrecht.
Artikel

Doelverschuiving binnen toezichthoudende organisaties: typologie en optreden

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden doelverschuiving, toezichtdoel, verminderde/contraproductieve effecten
Auteurs Kees Huizinga en Martin De Bree
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit conceptuele artikel wordt doelverschuiving binnen toezichthoudende organisaties verkend. Onderscheid wordt gemaakt in drie types doelverschuiving, te weten doelverplaatsing, doelversmalling en doelverbreding. Indicaties voor het optreden van elk van deze types binnen toezichthoudende organisaties worden beschreven. Geconcludeerd wordt dat doelverschuiving de doeltreffendheid van toezicht ongemerkt aanzienlijk negatief kan beïnvloeden.


Kees Huizinga
Drs. K. Huizinga is buitenpromovendus Erasmus Universiteit Rotterdam en Senior adviseur Rijkswaterstaat.

Martin De Bree
Dr. Ing. M.A. de Bree MBA is post-doctorate researcher Rotterdam School of Management/ Erasmus Institute of Business/Regulation Management.
Artikel

Wetgevingspakket Schone Energie voor alle Europeanen

Energie-efficiëntie en de rol van de afnemer nader bekeken

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Schone energie, energie-efficiëntie, energiebesparing, rol afnemer, marktrol
Auteurs Mr. P.B. Gaasbeek en Mr. N.R. Geerts-Zandveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetgevingspakket van de Europese Commissie van 30 november 2016, Schone Energie voor alle Europeanen, telt een 15-tal documenten. Ten behoeve van de hoofddoelstelling ‘Energie-efficiëntie eerst’ zijn onder meer voorstellen opgenomen tot aanpassing van de efficiëntiedoelstelling, een verzwaarde verplichting tot energiebesparing en de invoering van ‘aan verplichtingen verbonden partijen’. Bovendien worden er maatregelen voorgesteld ten behoeve van de aanleg van laadinfrastructuur en de kosteneffectieve renovatie van gebouwen. Dit laatste kan helpen energiearmoede te voorkomen of in elk geval te beperken. Ten behoeve van de hoofddoelstelling ‘Consumenten op een faire manier laten meeprofiteren’ zijn maatregelen opgenomen ten einde consumenten te laten deelnemen aan de markt en het sturen van de vraagkant. Daarbij wordt een nieuwe marktrol geïntroduceerd, de aggregator.
    http://ec.europa.eu/energy/en/news/commission-proposes-new-rules-consumer-centred-clean-energy-transition


Mr. P.B. Gaasbeek
Mr. P.B. (Pierrette) Gaasbeek is werkzaam bij Coupry.

Mr. N.R. Geerts-Zandveld
Mr. N.R. (Nynke) Geerts-Zandveld is werkzaam bij Coupry.
Artikel

Bouwen in een circulaire stad

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden circulair, circulaire economie, hergebruik
Auteurs Mr. dr. M.N. (Marlon) Boeve
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of het huidige en toekomstige omgevingsrechtelijk instrumentarium voldoende mogelijkheden en/of stimulansen biedt om volledig circulaire steden mogelijk te maken. Daarbij komen de volgende onderwerpen aan de orde. Eerst wordt ingegaan op de eisen die aan de circulariteit van bouwwerken kunnen worden gesteld in de ontwerpfase. Besproken wordt in hoeverre de ambities van gemeentelijke ‘koplopers’ kunnen worden vormgegeven door strenge(re) eisen te stellen aan het materiaalgebruik bij nieuwbouw. Vervolgens wordt ingegaan op de vraag in hoeverre circulariteit bij bestaande bouw kan worden bereikt. Daarbij gaat het zowel om het planologisch instrumentarium om leegstand tegen te gaan, als om de eisen die kunnen worden gesteld aan verantwoord materiaalgebruik bij renovatie. Daarna komen de mogelijkheden in de sloopfase van een bouwwerk aan de orde: in hoeverre kunnen eisen worden gesteld ten aanzien van de scheiding van waardevol bouw- en sloopmateriaal?


Mr. dr. M.N. (Marlon) Boeve
Mr. dr. M.N. Boeve is als universitair docent verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law van de Universiteit Utrecht.
Toont 1 - 20 van 38 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.