Zoekresultaat: 198 artikelen

x
Jaar 2012 x

    In deze bijdrage wordt op experimentele wijze gezocht naar een antwoord op de vraag wat de rechtvaardiging is van de beperking van de handelingsbekwaamheid van de minderjarige en het het bewind over zijn vermogen. Bij wijze van experiment wordt een fictieve regeling in het leven geroepen, het zogenaamde tachtigplusbewind. Op grond van deze regeling wordt eenieder die de tachtigjarige leeftijd passeert van rechtswege beperkt in zijn handelingsbekwaamheid en verliest hij het bewind over zijn vermogen. Vervolgens wordt de vraag gesteld waarom een dergelijk tachtigplusbewind niet wenselijk is en de bescherminsgmaatregelen die minderjarigen treffen wel. Deze bijdrage is een onderdeel van een breder dissertatieonderzoek met als titel 'Minderjarigen en (de zorg voor hun) vermogen.'
    ---
    This contribution seeks, in an experimental manner, to find an answer to the question of what is the justification for restriction on the capacity of the minor and the administration of their assets. By way of experimentation, a fictitious arrangement is created, the so-called ‘eighty-plus-fiduciary-administration’. Under this scheme, anyone who is over the age of eighty will have their legal capacity limited, and lose control of their assets. The question then arises as to why this eighty plus rule is not desirable whilst the protective rules for minors are widely accepted. This contribution is part of a wider dissertation research entitled ‘Minors and (the care of) their assets’.


Mr. Hans ter Haar
Hans ter Haar is a lecturer in notarial law at the University of Groningen.
Jurisprudentie

Grenzeloze problemen bij grensoverschrijdende arbeid

De IPR-systematiek van het EVO-Verdrag en de Rome I-Verordening nader beschouwd, HR 3 februari 2012, LJN BS8791, JAR 2012/69 (Schlecker/Boedeker)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2012
Trefwoorden EVO-Verdrag, Rome I-Verordening, toepasselijk recht, vrij werknemersverkeer, VWEU
Auteurs F.G. Laagland
SamenvattingAuteursinformatie

    Indien een werknemer in een ander land werkzaamheden verricht dan waar hij zijn dienstverband heeft, bevindt de (reikwijdte van zijn) arbeidsovereenkomst zich niet langer onder de glazen stolp van één nationaal rechtsstelsel. De stap over de grens maakt dat de arbeidsovereenkomst raakvlakken vertoont met meer landen, die elk hun eigen normen, waarden en regels kennen inzake het arbeidsrecht. Die eigenheid van het nationale arbeidsrecht maakt de vraag naar het toepasselijke recht relevant. Dat het antwoord hierop niet altijd eenduidig is te geven, blijkt uit de zaak die heeft geleid tot het arrest van de Hoge Raad van 3 februari 2012. De Hoge Raad stelt in dit arrest twee prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie over de uitleg van het EVO-Verdrag indien sprake is van een permanente tewerkstelling in het ene land terwijl alle overige omstandigheden op een nauwe verbondenheid met een ander land wijzen. In deze bijdrage bespreekt de auteur de discussie tussen partijen over het toepasselijke recht in het licht van het EVO-Verdrag (en de Rome I-Verordening). Speciale aandacht gaat uit naar de betekenis van de fundamentele verdragsvrijheid inzake het vrije werknemersverkeer.


F.G. Laagland
Mw. mr. F.G. Laagland is docent/onderzoeker sociaal recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens als redactiesecretaris verbonden aan dit blad.
Artikel

De ontbindingsprocedure: rechtsmiddelenverbod en bewijsrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2012
Trefwoorden ontbindingsprocedure, artikel 6 EVRM, rechtsmiddelenverbod, bewijsrecht, onrechtmatige rechtspraak
Auteurs mr. D.M.A. Bij de Vaate
SamenvattingAuteursinformatie

    De ontbindingsprocedure kent twee procesrechtelijke bijzonderheden: het rechtsmiddelenverbod en het bewijsrecht. Deze bijzonderheden brengen niet mee dat de ontbindingsprocedure in strijd is met artikel 6 EVRM. Artikel 6 EVRM vereist immers niet een berechting van een zaak in twee feitelijke instanties. Bovendien is de ontbindingsrechter altijd gehouden, ook in een spoedeisende ontbindingsprocedure, het beginsel van ‘equality of arms’ in acht te nemen op straffe van doorbreking van het appèlverbod.Dit voorkomt echter niet dat de ontbindingsrechter, net als iedere andere rechter (in laatste en hoogste instantie), soms in strijd zal handelen met artikel 6 EVRM of anderszins een ‘fout’ zal maken in de beoordeling van het geschil. Voor dergelijke incidentele schendingen van artikel 6 EVRM door de kantonrechter is veelal een doorbreking van het appèlverbod mogelijk. Voor de inhoudelijk onjuiste ontbindingsbeschikking kan het leerstuk van onrechtmatige rechtspraak uitkomst bieden.


mr. D.M.A. Bij de Vaate
Mw. mr. D.M.A. Bij de Vaate is als docent/onderzoeker sociaal recht verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Immigratie, (des)integratie?

Over het immigratiedebat in Nederland en de Verenigde Staten

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Crimmigration, immigration debate, election debate, Arizona
Auteurs LLM. Michiel Glas, Rolf van Wegberg MSc. en BSc. Marten Zoetbrood
SamenvattingAuteursinformatie

    The attitude towards ‘the immigrant’ is changing. Where they used to be seen as a necessity, they are now looked upon with distrust. A consequence of this new attitude is the ‘merging’ of immigration law policy and criminal law. Examples of this in the Netherlands are a law proposal to criminalize illegal stay and a mandatory quorum of illegals that have to be deported each year. In our research we have compared the ‘crimmigration’ discourse in both Arizona and the Netherlands.
    Arizona’s law SB1070 has been the main legal focus in the research. The enactment of the law has been cause of many protests. The public’s fear was focused mainly on civil rights violations; the legal discussion was focused on the federalism issue, brought to Courts by the Obama administration. However, with the Supreme Court handing down its landmark decision in Arizona vs. United States, the legal focus will shift towards the civil rights spectrum.
    In the most recent elections in the Netherlands, the immigration question seems to have been pushed to the background. However, it remains a vital issue when placed in the context of ‘Euro-skepticism’, which has played a major role , as much of the immigration policy making is done by the supra national European legislator.
    We have seen that in the American context the federal government has been a ‘mitigating factor’ in the crimmigration debate to counterbalance draconian immigration policy. We hope that despite recent Euro-skepticism the EU will have a similar mitigating effect.


LLM. Michiel Glas
Michiel Glas LLM. studeerde Rechtsgeleerdheid, specialisatie Straf- en Strafprocesrecht, aan de Universiteit Leiden en is thans advocaat te Gouda.

Rolf van Wegberg MSc.
Rolf van Wegberg MSc. studeerde Criminologie, specialisatie Veiligheidsbeleid & Rechtshandhaving, aan de Universiteit Leiden. Nu werkt hij als onderzoeker/docent aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en is tevens redactiesecretaris van PROCES.

BSc. Marten Zoetbrood
Marten Zoetbrood BSc. studeert Criminologie, specialisatie Veiligheidsbeleid & Rechtshandhaving, aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Wel de lasten, niet de lusten

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2012
Trefwoorden migration law, detention law, human rights, crimmigration
Auteurs LLB. Anne Beckers, Lonneke Bontje MSc., LLB. Silvia Gardini e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper reviews the status quo of immigration law in the Netherlands in regard to the human rights of the European Court of Human Rights (ECHR). Based on a thorough reading of the literature, Dutch detention law and policies aimed at immigrants are reviewed in relation to articles 3, 5 and 6 ECHR and 9 ICCPR to see whether they are compatible and whether a breach of human rights takes place in Dutch detention centres. Even though the ECHR has not yet ruled that Dutch immigration detention breaches drawn conclusions as to a potential breach of human rights, the writers of this paper argue that Dutch policy does potentially violate some of them.


LLB. Anne Beckers
Anne Beckers LLB. is student straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.

Lonneke Bontje MSc.
Lonneke Bontje MSc. studeerde forensische criminologie aan de Universiteit Leiden.

LLB. Silvia Gardini
Silvia Gardini LLB. is student straf- en strafprocesrecht en civiel recht aan de Universiteit Leiden.

David Pinchasik
David Pinchasik is student rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Verhaal op het niet-geërfde vermogen van een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Zuivere aanvaarding, dubbel verhaalsrecht, positie schuldeisers, beneficiaire aanvaarding, saisine, art. 4:182 BW, art. 4:184 BW
Auteurs Mr. Lucienne van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in op de vraag of schuldeisers door de zuivere aanvaarding door erfgenamen een dubbel verhaalsrecht moeten krijgen. In het huwelijksvermogensrecht is op 1 januari 2012 het verhaalsrecht na ontbinding van de gemeenschap ingeperkt. In deze bijdrage wordt een van de voorstellen tot wijziging van de wet besproken uit het rapport ‘Erven zonder financiële gevolgen’. Dit voorstel brengt met zich dat schuldeisers in beginsel alleen verhaal hebben op de goederen van de nalatenschap.’


Mr. Lucienne van der Geld
Mr. Lucienne van der Geld, juridisch directeur Netwerk Notarissen en als docent verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Artikel

Zijn veiligheidshuizen effectief?

Een onderzoek naar de stand van zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Safety Houses, network effectiveness, governance, crime prevention, QCA
Auteurs Remco Mannak, Hans Moors en Jörg Raab
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands ‘Safety Houses’ have been established, in which partner organizations in the field of criminal justice, crime prevention, law enforcement, public administration and social services collaborate in order to reduce crime and recidivism, and to increase public safety. This article examines why some Safety Houses are better in achieving these goals than others. The effectiveness of 39 Safety Houses is analyzed by means of QCA (qualitative comparative analysis). Results show two different paths leading to effective outcomes. Effective Safety Houses have been in existence for at least three years, show a high degree of stability and a centrally integrated collaboration structure. In addition, they either have considerable resources at their disposal or have been set up with a network administrative organization, where a neutral coordinator governs the network.


Remco Mannak
Remco Mannak MA MSC is promovendus aan het departement organisatiewetenschappen van Tilburg University. E-mail: r.s.mannak@uvt.nl

Hans Moors
Drs. Hans Moors is hoofd van de afdeling Veiligheid & criminaliteit, welzijn & zorg van IVA Beleidsonderzoek en Advies (Tilburg University). E-mail: j.a.moors@uvt.nl

Jörg Raab
Dr. Jörg Raab is universitair docent aan het departement Organisatiewetenschappen van Tilburg University.
Artikel

De opmars van de private veiligheidszorg

Een nationaal en internationaal perspectief

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden private security companies, private security figures, public-private partnership, police, crime prevention
Auteurs J. de Waard en R. van Steden
SamenvattingAuteursinformatie

    Private security is traditionally a highly fragmented industry with a national focus. However, with the arrival of multinational brands in the market such as Group 4 Securicor and Securitas, we are witnessing a rise of global private security. After providing the latest statistics on the growth of this industry in the Netherlands, the authors give examples of how private security is evolving throughout the world. Issues that are further addressed include the opportunities and challenges (multinational) private security companies present to the Netherlands.


J. de Waard
Drs. Jaap de Waard is werkzaam bij de directie Rechtshandhaving van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

R. van Steden
Dr. Ronald van Steden is als universitair docent verbonden aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

De rol van Falck in de Deense brandbestrijding

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden firefighting Denmark, history of Falck, private fire brigade, public private partnership, regional crisis management
Auteurs P. Kruize
SamenvattingAuteursinformatie

    In Denmark fire fighting is a responsibility of the local authorities, but since nearly a century communities have the possibility to outsource these duties to private companies. Falck is the dominant player on this private market. The same goes for other emergency services. The author describes the story of its founder Sophus Falck, the historical roots of Falck and how the company achieved the status of a reliable partner for the authorities. The legal basis for private firms in fire fighting is discussed as well as costs and quality of the services in an international perspective. The author concludes that Falck is a typical Danish phenomenon and the Danish model cannot be copied by other countries without restriction. At the same time the Danish experience learns that market competition may have a positive effect on the cost efficiency of fire fighting.


P. Kruize
Dr. Peter Kruize is lector bij de juridische faculteit van de Universiteit van Kopenhagen. Daarnaast is hij partner bij Ateno – bureau voor criminaliteitsanalyse in Amsterdam.
Boekbespreking

Een pleidooi voor kleine verhalen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden book review, public private partnerships, security governance
Auteurs A.B. Hoogenboom
SamenvattingAuteursinformatie

    This is a review of the book (dissertation) Orde in veiligheid. Een dynamisch perspectief (Order in security; a dynamic perspective) from the Dutch criminologist and philosopher Marc Schuilenburg. The reviewer characterises the book as ‘courageous’ because of its multidisciplinary approach of the phenomenon ‘public private partnerships’ (ppp’s) in security, its rupture with solidified thinking and its use of empirical studies to show what really happens in the workplace of ppp’s. The reviewer welcomes the application of concepts of the French philosophers Foucault, Deleuze and Tarde, but feels at the same time that the author could have done more to explain their thinking. Also he disagrees with the author about the role of the state in security governance, which is according to the reviewer much more dominant than suggested in this book.


A.B. Hoogenboom
Prof. dr. Bob Hoogenboom is hoogleraar Forensic Business Studies aan de Nyenrode Business Universiteit. Daarnaast is hij bijzonder hoogleraar Politie en Veiligheidstudies aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

Private rechtspraak: online én offline een realiteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden E-courts, alternative dispute resolution, online dispute resolution, eBay, Paypal
Auteurs C.N.J. de Vey Mestdagh en T. van Zuijlen
SamenvattingAuteursinformatie

    Private administration of justice is an online and offline reality. In this article the reality of online dispute resolution (ODR) is explored, using the example of eBay (60 million conflicts taken on each year). The issue of jurisdiction in online cases is clarified and an analysis is made of the causes of the propagation of ODR. Finally the new phenomenon of online dispute prevention (ODP) is examined. This leads to the conclusion that ODR started as an alternative form of dispute settlement, but more and more becomes a substitute for the public administration of justice.


C.N.J. de Vey Mestdagh
Dr. mr. Kees de Vey Mestdagh is hoofd van het Centrum voor Recht & ICT, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Universiteit Groningen, www.rechtenict.nl, e-mail c.n.j.de.vey.mestdagh@rug.nl.

T. van Zuijlen
Tim van Zuijlen is student van de master Recht & ICT van het Centrum voor Recht & ICT.
Redactioneel

Voorwoord

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Auteurs Jaap de Waard en Marit Scheepmaker
Auteursinformatie

Jaap de Waard
Drs. Jaap de Waard is werkzaam bij de directie Rechtshandhaving van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Marit Scheepmaker
Mr. drs. Marit Scheepmaker is hoofdredacteur van Justitiële verkenningen.

    As a result of reported cases of child abuse by Roman Catholic priests and brothers in The Netherlands, a Dutch solicitor has formally accused the archdiocese of Utrecht and the diocese of Rotterdam of conspiracy. The charges being ill-founded were rejected by the public prosecutor. The present article points out that the charge of conspiracy was ill-considered and legally untenable under Dutch criminal law, because it could not be maintained that the archdiocese of Utrecht or the diocese of Rotterdam were parties to an agreement to commit the offences in question. Unfortunately child abuse and the tendency to keep it silent are a common problem in Dutch society, not only within the Roman Catholic Church, so it should be addressed accordingly. The Dutch Bishops’ Conference and representatives of congregations established in The Netherlands have set up a fact-finding committee under the expert guidance of the elder states-man Mr. Deetman to make an independent investigation into the facts and circumstances of sexual abuse of children within the ecclesiastical province of The Netherlands and to make recommendations for redress and compensation. The committee has submitted its report in December 2011. Like this the Dutch bishops and congregations have set an example how the problem of prescribed cases of child abuse within a complex social organization can be revealed and dealt with. For that purpose criminal law is a less appropriate instrument. It is satisfying to see that other organizations, religious and secular, have taken similar initiatives.


René Guldenmund
Mr. R.M.A. Guldenmund studeerde burgerlijk recht en internationaal recht, en was van 1984-1993 onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Sindsdien werkte hij als jurist aan verschillende ministeries. Hij publiceerde o.a. over de strafrechtelijke handhaving van het EU-gemeenschapsrecht. Thans werkt hij aan het proefschrift God in de publieke ruimte. rene@guldenmund.eu.
Artikel

Access_open Scheiding van kerk en staat als oorzaak van kerkvernieuwing

Een verrassende transformatie van de rooms-katholieke kerk in de negentiende en twintigste eeuw

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2012
Auteurs Maurice van Stiphout
SamenvattingAuteursinformatie

    The introduction of the separation of Church and State had far-reaching consequences for the Roman Catholic Church. Important changes were: the development of an own Ius Publicum Ecclesiasticum, a more central position of the Pope in the Church and a greater uniformity in the Church community than ever before. In the same time in most Western countries Roman Catholics started an emancipatory process both individually and as a group, participating in political life, (re-)establishing religious communities and catholic associations. All these juridical developments really transformed the Church making also new theological reflection possible resulting in the Second Vatican Council.


Maurice van Stiphout
Mr. dr. M. van Stiphout studeerde rechten, kerkelijk recht en theologie in Leiden, Leuven en Groningen. Hij is stafjurist aan de Interdiocesane Dienst voor het Katholiek Godsdienstonderwijs en lid van het Instituut voor Bedrijfsjuristen, beide in Brussel. Hij publiceert over (historische) kerk-staatverhoudingen, rechtsgeschiedenis, canoniek recht en Vlaams onderwijsrecht. maurice.van.stiphout@telenet.be.

    A historical analysis demonstrates that religious minorities and their protection needs played an important role in the emergence and the first developments of fundamental rights. It is indeed possible to denote a close correlation between the protection needs of religious minorities on the one hand and the fundamental rights enshrined in declarations and treaties on the other. Closer scrutiny reveals that this correlation can actually be explained by evolving views about the special vulnerability of religious minorities in the periods concerned. More recent developments of the human rights paradigm reveal that in the meantime other groups in particular are considered vulnerable and thus in need of special protection.


Kristin Henrard
Prof. dr. K. Henrard is hoogleraar Minderhedenbescherming aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR). khenrard@yahoo.com.
Column

Moed, lef en durf

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2012
Auteurs Prof. dr. mr. M. Pheijffer
Auteursinformatie

Prof. dr. mr. M. Pheijffer
Prof. dr. mr. M. Pheijffer is hoogleraar Accountancy aan de Nyenrode Business Universiteit en hoogleraar Forensische Accountancy aan de Universiteit Leiden.

Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten
Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten is (parttime) senior manager bij Ernst & Young en promovendus aan de Erasmus School of Law.

Dr. T.E. Lambooy
Dr. T.E. Lambooy is universitair docent aan de Rechtenfaculteit van de Universiteit Utrecht en Associate Professor Center for Sustainability aan de Nyenrode Business Universiteit.
Artikel

Marktconforme regulering binnen het nieuwe instrumentarium van de Omgevingswet?

Een rechtseconomische beschouwing van het Europese handelssysteem in broeikasgasemissierechten

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden rechtseconomie, broeikasemissierecht, ETS
Auteurs Dr. J. van Zeben
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage biedt een rechtseconomische beschouwing van het Europese emissiehandelssysteem voor broeikasgassen. Daarbij wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van de bevoegdhedenverdeling tussen Europa en de lidstaten, de wijze waarop de bevoegdhedenverdeling functioneert en worden aanbevelingen gedaan voor de toekomstige verdeling van bevoegdheden.


Dr. J. van Zeben
Mevr. dr. J. (Josephine) van Zeben is onderzoeker Europees (milieu)recht en rechtseconomie bij het Amsterdam Center for Environmental Law and Sustainability van de Universiteit van Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 198 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 10
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.