Zoekresultaat: 10 artikelen

x
Jaar 2015 x
Artikel

De ministerieplicht van de notaris wordt door de Hoge Raad gefundeerd op de civielrechtelijke positie van zijn cliënt

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2015
Trefwoorden ministerieplicht notaris, rechtmatig belang koper bij levering, botsende rechten op levering, vestiging tweede hypotheekrecht zonder vereiste toestemming eerste hypotheekhouder, verhouding civielrechtelijke en tuchtrechtelijke aansprakelijkheid van notaris
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    In het belangrijke arrest HR 3 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:831 grondt de Hoge Raad de ministerieplicht van de notaris op de civielrechtelijke positie van zijn cliënt. Daaruit valt de zorgplicht jegens derden af te leiden. De auteur verheldert de betekenis van het arrest, behandelt het verband met het tuchtrecht en ziet onder ogen wat de betekenis van het arrest is voor andere casusposities.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.
Praktijk

Hof van Justitie oordeelt over mandaat van ECB inzake monetair beleid

Onafhankelijkheid van de ECB gewaarborgd?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2015
Trefwoorden ECB, mandaat, monetair beleid, onafhankelijkheid, kwantitatieve verruiming (QE)
Auteurs Mr. M.L. Louisse
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 16 juni 2015 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie prejudiciële vragen beantwoord van het Bundesverfassungsgericht over de verenigbaarheid van het Outright Monetary Transactions-programma (OMT-programma) met het Europese recht, en meer in het bijzonder met het mandaat van de Europese Centrale Bank (ECB). Dit OMT-programma is vergelijkbaar met het programma van kwantitatieve verruiming (QE), waarmee de ECB in maart 2015 is gestart. Dit artikel gaat in op het arrest van het Hof van Justitie, de mogelijke aanknopingspunten die dit arrest biedt voor de beantwoording van de vraag of de ECB met het QE-programma binnen haar mandaat blijft, en de mogelijke gevolgen die dit arrest heeft voor de onafhankelijkheid van de ECB.


Mr. M.L. Louisse
Mr. M.L. Louisse is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Volledige verrekening en afdracht van overwaarde in het wetsvoorstel goederenkrediet

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2015
Trefwoorden goederenkrediet, huurkoop, eigendomsvoorbehoud, verrekening, overwaarde
Auteurs Mr. E.F. Verheul
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het wetsvoorstel consumentenkredietovereenkomst, goederenkrediet en geldlening wordt een groot deel van de huidige bepalingen over koop op afbetaling en huurkoop van regelend recht. In deze bijdrage wordt betoogd dat dit ten onrechte niet geldt voor het voorgestelde art. 7:92 BW, dat verplicht tot volledige verrekening in geval van ontbinding.


Mr. E.F. Verheul
Mr. E.F. Verheul is als promovendus verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De rechterlijke lijdelijkheid in rook opgegaan? De ambtshalve toepassing van de consumentenkoopregels nader toegelicht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2015
Trefwoorden consumentenkoop, ambtshalve toetsing, gemengde overeenkomsten, klachtplicht, bewijsvermoeden
Auteurs Mr. dr. A.G.F. Ancery en Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent heeft het HvJ vragen over consumentenkoop beantwoord. Deze bijdrage bespreekt de rol van de rechter bij de kwalificatie van de overeenkomst en de vraag wie als consument wordt aangemerkt. Daarnaast wordt ingegaan op de stelplicht en bewijslast bij de klachtplicht en het bewijsvermoeden van art. 7:18 lid 2 BW.


Mr. dr. A.G.F. Ancery
Mr. dr. A.G.F. Ancery is gerechtsauditeur bij de Hoge Raad der Nederlanden, universitair docent privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon is universitair docent privaatrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Zekere zekerheid

Het belang van zekere zekerheid voor de financiering van het bedrijfsleven

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2015
Trefwoorden goederenrechtelijke zekerheidsrechten, kapitaal, banken, leningen, proefprocedures
Auteurs Prof. mr. drs. F.E.J. Beekhoven van den Boezem en Mr. R. van den Bosch
SamenvattingAuteursinformatie

    Goederenrechtelijke zekerheidsrechten bepalen (mede) het kapitaal dat banken moeten aanhouden ten opzichte van de leningen die zij verstrekken. Onzekerheid over de hardheid, houdbaarheid, en uitwinbaarheid van die rechten is kostbaar. Een bank is er dus veel aan gelegen daarover duidelijkheid te krijgen, via proefprocedures die in deze bijdrage worden beschreven.


Prof. mr. drs. F.E.J. Beekhoven van den Boezem
Prof. mr. drs. F.E.J. Beekhoven van den Boezem is juridisch adviseur ING, hoogleraar onderneming en financiering aan de Radboud Universiteit Nijmegen, raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch en rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Noord-Nederland.

Mr. R. van den Bosch
Mr. R. van den Bosch is bedrijfsjurist bij ING.

    In deze bijdrage gaat de auteur naar aanleiding van HR 11 juli 2014, JOR 2014/254 (Seacastle/Peters q.q.) in op de vraag in hoeverre een buitenlands voorrecht ‘verwant’ moet zijn met een vergelijkbaar Nederlands voorrecht om het daarmee voor de toepassing van artikel 203 Fw gelijk te stellen.


Mr. E.M.F. de Vette
Mr. E.M.F. de Vette is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Casus

Contractuele afspraken met goederenrechtelijke werking: het onoverdraagbaarheidsbeding, eigendomsvoorbehoud en overwaardearrangement

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2015
Trefwoorden onoverdraagbaarheidsbeding, eigendomsvoorbehoud, overwaardearrangement, goederenrechtelijke werking
Auteurs Mr. dr. R. Mellenbergh
SamenvattingAuteursinformatie

    Sommige contractuele afspraken hebben vergaande goederenrechtelijke gevolgen. De precieze formulering van contractuele afspraken met goederenrechtelijke gevolgen is noodzakelijk, aangezien kleine aanpassingen in de tekst van het contractuele beding belangrijke goederenrechtelijke gevolgen kunnen hebben. In dit artikel wordt aan de hand van drie in de praktijk belangrijke situaties ingegaan op de goederenrechtelijke werking van contractuele afspraken: (1) het onoverdraagbaarheidsbeding, (2) het eigendomsvoorbehoud, en (3) het overwaardearrangement. Deze drie situaties zijn van belang binnen de commerciële contractspraktijk en voor de financiering van bedrijven.


Mr. dr. R. Mellenbergh
Mr. dr. Rik Mellenbergh is als universitair hoofddocent verbonden aan de Vrije Universiteit, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, afdeling Privaatrecht, en is directeur van het International Business Law programma van de VU.
Artikel

Toerekening van kennis van een gevolmachtigde - een verkenning van artikel 3:66 lid 2 BW

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Toerekening, Kennis, Volmacht, actio pauliana
Auteurs Mr. B.M. Katan
SamenvattingAuteursinformatie

    Over de toepassing van de leer van het grootste aandeel, zoals vervat in artikel 3:66 lid 2 BW, bestaat veel onduidelijkheid. De auteur geeft antwoord op zes vragen over de werking van artikel 3:66 lid 2 BW en signaleert onjuiste toepassingen van deze bepaling in de rechtspraak.


Mr. B.M. Katan
Mr. B.M. Katan is advocaat bij Stibbe en schrijft aan de Radboud Universiteit een proefschrift over de toerekening van kennis aan rechtspersonen. Reacties zijn welkom op.
Artikel

De maatstaf voor rechtsgeldige beëindiging van een kredietfaciliteit

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 1 2015
Trefwoorden beëindiging kredietovereenkomst, kredietopzegging, artikel 6:248 lid 2 BW
Auteurs Mr. M.E. Schuilwerve
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het arrest van de Hoge Raad van 10 oktober 2014, waarin duidelijkheid wordt gecreëerd over de maatstaf die dient te worden gehanteerd bij de beoordeling of een kredietovereenkomst rechtsgeldig is opgezegd.


Mr. M.E. Schuilwerve
Mr. M.E. Schuilwerve is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

(Geen) aansprakelijkheid bij onjuiste gegevensverschaffing bij zekerheidsverlening

Een rol voor ‘dwalingsaansprakelijkheid’ na 5 augustus 2014, ECLI:NL:HR:2014:2627, NJ 2015/22 (RCI/X)?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Beklamel-norm, bestuurdersaansprakelijkheid, dwaling, zekerheden, pandrecht
Auteurs Mr. M.L. Tuil
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op het arrest RCI/X waaruit lijkt te volgen dat de bestuurder die toestaat dat de vennootschap onjuiste informatie verschaft over de zekerhedenpositie van de beoogde financier niet snel aansprakelijk zal zijn.


Mr. M.L. Tuil
Mr. M.L. Tuil is universitair docent aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.