Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 958 artikelen

x
Artikel

Access_open Professional Ethics for Judges – Lessons Learned from the Past. Dialogue as Didactics to Develop Moral Leadership for Judges

Special Issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juli 2021
Trefwoorden professional ethics, ethical dilemmas, judiciary, independence
Auteurs Alex Brenninkmeijer en Didel Bish
SamenvattingAuteursinformatie

    There is an intimate link between good conduct by judges and the rule of law. The quintessence of their role is that judges shape a trustworthy and fair legal system from case to case. Ethical trading is not carved in granite, and judges must determine their course on different levels. First, it concerns personal conduct and requires integrity and reliability. On the second level, the challenge is to achieve proper adjudication by conducting a fair trial in accordance with professional standards. Third, judges exercise discretion, in which normative considerations run the risk of becoming political. They should act independently as one of the players in the trias politica. A triptych of past cases illustrate moral dilemmas judges may encounter in their profession. Calibrating the ethical compass is not an abstract or academic exercise. A dialogue at the micro (internal), meso (deliberation in chambers) and macro levels (court in constitutional framework) could be incorporated in the legal reasoning as a didactic framework to make future judges aware of their ethical challenges.


Alex Brenninkmeijer
A.F.M. Brenninkmeijer, PhD is Member of the European Court of Auditors, Luxembourg. Professor of Institutional Aspects of the Rule of Law at Utrecht University.

Didel Bish
D.A. Bish, LLM is a trainee at the European Court of Auditors, Luxembourg.
Artikel

Europese ontwikkelingen in het insolventierecht

Een civielrechtelijk perspectief

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden harmonisatie, faillissementsrecht, faillissementspauliana, bestuurdersaansprakelijkheid, rangorde van schuldeisers
Auteurs Mr. Y. Diamant
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanuit ‘Europa’ wordt aangestuurd op verdere eenvormigheid van het insolventierecht van de EU-lidstaten. De Europese ontwikkelingen in het insolventierecht worden in dit artikel besproken, waarbij wordt ingezoomd op vier civielrechtelijke onderwerpen: bestuurdersaansprakelijkheid, faillissementspauliana, de positie van zekerheidsgerechtigden en de rangorde van schuldeisers.


Mr. Y. Diamant
Mr. Y. Diamant werkt als jurist bij de divisie Juridische Zaken van De Nederlandsche Bank N.V.
Artikel

Aansprakelijkheids- en verhaalsproblemen rondom een FGR

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden beleggingsinstelling, juridisch eigenaar, beheerder, afgescheiden vermogen, beleggingsrestricties
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de vraag hoe men dient te contracteren met een fonds voor gemene rekening (FGR) om zeker te stellen dat het fonds aansprakelijk is voor de uit een dergelijke overeenkomst voortvloeiende verbintenissen en dat verhaal op de activa van het fonds tot de mogelijkheden behoort.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden, Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open Professionele ethiek in het academisch juridisch onderwijs - Enige inhoudelijke en didactische aanknopingspunten

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juni 2021
Auteurs Emanuel van Dongen en Jet Tigchelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs inhoudelijke en didactische aanknopingspunten voor de integratie van professionele ethiek in de academische juridische opleiding. Dat gaat wat de auteurs betreft verder dan (enkel) het leren van gedragsregels, maar betreft ook de (kritisch-)ethische reflectie (op de professionele rol) van de jurist en ethische oordeelsvorming. Aanknopingspunten uit rechtstheoretische en onderwijskundige literatuur vragen om een curriculum brede, stapsgewijze, inbedding met passende toetsing. Dit onderwijs dient idealiter een combinatie te zijn van afzonderlijke meta-juridische vakken over recht en ethiek, positiefrechtelijke vakken die ethische elementen bevatten, klinische training en specifieke vakken over beroeps- of professionele ethiek. In dit artikel bespreken de auteurs diverse methoden die kunnen worden gebruikt om het onderwijs vorm te geven en illustreren dit met enkele voorbeelden uit het Utrechts universitair juridisch onderwijs. Actieve participatie, reflectie en – idealiter – eigen ervaringen zijn daarbij van groot belang. Een aantal modellen uit niet-juridische disciplines kan behulpzaam zijn bij het bieden van structuur voor ethische reflectie, voor zover het morele sensitiviteit en morele oordeelsvorming stimuleert. Verscheidene toetsingselementen op het terrein van de ethiek zijn door het curriculum heen nodig. Leeractiviteiten en toetsing kunnen worden opgebouwd in het curriculum van kennis en begrip, naar competenties ten aanzien van ethische dilemma’s en moreel oordelen.


Emanuel van Dongen
Dr. Emanuel van Dongen is Assistant Professor Private Law at the Molengraaff Institute for Private Law, researcher at the Utrecht Centre for Accountability and Liability Law and the Montaigne Centre for Rule of Law and Administration of Justice, Utrecht School of Law.

Jet Tigchelaar
Dr. Jet Tigchelaar is Assistent Professor Legal Theory at the Institute for Jurisprudence, Constitutional and Administrative Law, researcher at the Utrecht Centre for European Research into Family Law, Utrecht School of Law.
Article

Access_open Invisible before the law

The legal position of persons with intellectual disabilities under the Dutch Care and Compulsion Act (Wzd) in light of Article 12 of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD)

Tijdschrift Family & Law, juni 2021
Trefwoorden dicrimination, guardianship, incapacitated adults, legal (in)capacity
Auteurs F. Schuthof LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, the use of involuntary treatment in the mental health care sector is governed by the Dutch Care and Compulsion Act (Wzd). This study examines the legal position of persons with intellectual disabilities under this Act. The Wzd is analyzed in light of the human rights standards of Article 12 of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD). The findings of this study show that the Wzd does not meet the standards of Article 12 in several cases. The Wzd does not recognize the legal capacity of persons with intellectual disabilities, it continues to allow for substituted decision-making and support measures are not complemented by adequate safeguards. From a theoretical point of view, an imbalance between the protection of and the respect for the autonomy of persons with intellectual disabilities can be observed. This article formulates several recommendations in order to restore this balance.
    ---
    De Nederlandse Wet zorg en dwang (Wzd) ziet toe op de rechten van mensen met een verstandelijke beperking bij onvrijwillige zorg of onvrijwillige opname. Dit artikel onderzoekt de juridische positie van mensen met een verstandelijke beperking ten aanzien van deze wet. De Wzd wordt geanalyseerd in relatie tot artikel 12 van het Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap (VRPH). De bevindingen van dit onderzoek laten zien dat de Wzd in verschillende gevallen niet voldoet aan de normen van artikel 12 VRPH. Zo wordt onder andere de handelingsbekwaamheid, ofwel ‘legal capacity’, van mensen met een verstandelijke beperking niet erkend en blijft plaatsvervangende besluitvorming mogelijk. Vanuit theoretisch oogpunt is er sprake van een disbalans tussen de bescherming van en het respect voor de autonomie van mensen met een verstandelijke beperking. Dit artikel doet daarom meerdere aanbevelingen om dit evenwicht te herstellen.


F. Schuthof LLM
Fiore Schuthof conducts research into better empowerment and protection of the elderly as a PhD student at Utrecht University (UU).
Artikel

Access_open We need to talk to Martha

Or: The desirability of introducing simple adoption as an option for long-term foster children in The Netherlands

Tijdschrift Family & Law, juni 2021
Trefwoorden Adoption, foster care, guardianship, parental responsibility, supervision orders for minors
Auteurs mr. dr. M.J. Vonk en dr. G.C.A.M. Ruitenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article you will be introduced to Martha. Martha will turn eighteen in a couple of weeks and is afraid of losing her foster family when she becomes an adult (I). You will be taken on a journey through the Dutch child protection system and recent research on the desirability of forging an additional legal instrument, such as the introduction of simple adoption, for children like Martha and her two families. The following questions will be answered: How do children like Martha end up in a foster family (II)? Who is responsible or who makes decisions about Martha’s care and future and what problems may occur? Five possible situations in long-term foster care will be discussed in this context on the basis of current law and research (III). Would simple adoption (eenvoudige adoptie) solve some of the problems discussed in the earlier section and thus be a feasible and desirable option for long-term foster children and their foster parents (IV)? At the end of this journey you will be invited to take a brief glance into the future in the hope that Martha’s voice will be heard (V).
    ---
    In dit artikel stellen we u voor aan Martha. Martha wordt over een paar weken achttien en is bang haar pleeggezin kwijt te raken als ze meerderjarig wordt. Aan de hand van het verhaal van Martha nemen we u mee op een reis langs het Nederlandse jeugdbeschermingsstelstel en langs recent onderzoek naar de wenselijkheid van de introductie van een nieuwe juridische mogelijkheid waarmee een band tussen Martha en haar beide families kan worden gevestigd: eenvoudige adoptie. De volgende vragen worden daarbij beantwoord: Hoe komen kinderen zoals Martha in een pleeggezin terecht? Wie is verantwoordelijk voor of mag beslissingen nemen over Martha’s opvoeding en toekomst en wat voor problemen kunnen zich daarbij voordoen? Zou eenvoudige adoptie een oplossing bieden voor een aantal van de problemen die worden besproken en daarmee een wenselijke oplossing zijn voor langdurige pleegkinderen en hun pleeggezinnen? Aan het einde van deze reis werpen we een korte blik op de toekomst in de hoop dat de stem van Martha gehoord zal worden.


mr. dr. M.J. Vonk
Machteld Vonk is associate professor at the Amsterdam Center for Family Law of the Private Law Department at VU University Amsterdam.

dr. G.C.A.M. Ruitenberg
Geeske Ruitenberg is assistant professor at the Amsterdam Center for Family Law of the Private Law Department at the VU University Amsterdam.
Artikel

Access_open What does it mean to be ‘illiberal’?

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Liberalism, Illiberalism, Illiberal practices, Extremism, Discrimination
Auteurs Bouke de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘Illiberal’ is an adjective that is commonly used by scholars. For example, they might speak of ‘illiberal cultures’, ‘illiberal groups’, ‘illiberal states’, ‘illiberal democracies’, ‘illiberal beliefs’, and ‘illiberal practices’. Yet despite its widespread usage, no in-depth discussions exist of exactly what it means for someone or something to be illiberal, or might mean. This article fills this lacuna by providing a conceptual analysis of the term ‘illiberal practices’, which I argue is basic in that other bearers of the property of being illiberal can be understood by reference to it. Specifically, I identify five ways in which a practice can be illiberal based on the different ways in which this term is employed within both scholarly and political discourses. The main value of this disaggregation lies in the fact that it helps to prevent confusions that arise when people use the adjective ‘illiberal’ in different ways, as is not uncommon.


Bouke de Vries
Bouke de Vries is a postdoctoral research fellow at Umeå University and the KU Leuven.
Artikel

Access_open Teaching Legal Ethics by Non-Ethical Means – With Special Attention to Facts, Roles and Respect Everywhere in the Legal Curriculum

Special Issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juni 2021
Trefwoorden legal ethics, informal respect, educational integration, importance of setting examples
Auteurs Hendrik Kaptein
SamenvattingAuteursinformatie

    Legal ethics may be taught indirectly, given resistance to ethics as a separate and presumably merely subjective subject. This may be done by stressing the importance of facts (as the vast majority of legal issues relate to contested facts), of professional role consciousness and of the importance of formal and informal respect for all concerned. This indirect approach is best integrated into the whole of the legal curriculum, in moot practices and legal clinics offering perceptions of the administration of legal justice from receiving ends as well. Basic knowledge of forensic sciences, argumentation and rhetoric may do good here as well. Teachers of law are to set an example in their professional (and general) conduct.


Hendrik Kaptein
Hendrik Kaptein is associate professor of jurisprudence em., Leiden University.
Artikel

Access_open Harmonization of Substantive Insolvency Law in the EU

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden harmonisering, insolventieprocedures, EU, zekerheidsrechten, transnationalisering
Auteurs Prof. mr. J.H. Dalhuisen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese Commissie heeft via een Inception Impact Assessment de eerste stap gezet naar mogelijke harmonisering van het materiële insolventierecht van de lidstaten. De auteur bespreekt welke beleidsvraagstukken bij een dergelijk harmonisatieproces zouden spelen, de impact voor het algemene vermogensrecht en uit welke elementen een eventuele regeling zou moeten bestaan.


Prof. mr. J.H. Dalhuisen
Prof. mr. J.H. Dalhuisen is Chair International Finance Catholic University Lisbon Global School, Visiting Professor UC Berkeley, Emeritus Professor King’s College London.
Artikel

Access_open Strafbare seks tussen jongeren: ‘ontuchtig’ of ‘anders dan in het kader van een gelijkwaardige relatie’

Wie het weet mag het zeggen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Trefwoorden ontuchtige handelingen, seksuele autonomie minderjarigen, Legaliteit
Auteurs Dr. Renée Kool en Dr. Lydia Dalhuisen
SamenvattingAuteursinformatie

    A revision of the Dutch vice law is to be expected, amongst others with regard to sex between minors. The current standard requires such contacts to be in violation with the social view, indicating that the minor’s perspective is subdue to the majority opinion. Applying the legal standard of ‘indeceny’ (‘ontuchtig’), the judiciary are left with room for interpretation. In order to grant minors more sexual autonomy and to further legality, the legislator wants to change the criterion, opting for the standard of ‘other than in an equal relationship’. This begs the question whether this will solve the interpretive issues that flow from such open criteria. In order to predict whether the standard of ‘other than in an equal relationship’ will contribute to clarify the issues of legality, the jurisprudence with regard to the standard of ‘indecency’ was analyzed in order to learn which variables are applied by the magistracy.


Dr. Renée Kool
Dr. Renée Kool is universitair hoofddocent UCall/WPI bij Utrecht Centre for Accountability & Liability Law (UCALL).

Dr. Lydia Dalhuisen
Dr. Lydia Dalhuisen is universitair docent UCall/WPI, Universiteit Utrecht.
Impressies

Controlled auction in het Nederlandse rechtsbestel

De verhouding tussen de contractsvrijheid en de precontractuele fase

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2021
Trefwoorden controlled auction, contractsvrijheid, precontractuele fase
Auteurs W. Hoogeveen en Prof. mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de controlled auction en de positie die de controlled auction heeft in het Nederlandse recht. Daarbij wordt de nadruk gelegd op de verhouding tussen de contractsvrijheid en de precontractuele fase. De auteurs stellen dat door middel van de procedurebrief en het multilaterale karakter van de controlled auction het gerechtvaardigd vertrouwen niet snel aan de orde zal zijn. De precontractuele redelijkheid en billijkheid gaan bovendien pas een prominente rol spelen bij de (uiteindelijke) bilaterale onderhandelingen. De koper in een controlled auction is niet onbeschermd. Uit de jurisprudentie volgt dat heldere communicatie over de procedure essentieel is voor de mogelijkheid om af te wijken van de op voorhand gestelde procedure. Vanuit een economisch perspectief blijkt in de praktijk het optimale aantal bieders bij de verkoop van een onderneming sterk casuïstisch te worden bepaald, wil de veiling maximaal waardegenererend zijn. Derhalve zijn de auteurs van mening dat gelijke informatieverschaffing en gestandaardiseerde regelgeving de effectiviteit van de controlled auction niet zullen bevorderen. De controlled auction krijgt daarmee in het huidige rechtsbestel een juiste behandeling.


W. Hoogeveen
W. Hoogeveen is student Ondernemingsrecht en Behavioural Economics aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. mr. H. Koster
H. Koster is verbonden aan de Universiteit Leiden en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Kleine kroniek van het VN-verdrag Handicap in de rechtspraak van het EHRM

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden VN-Verdrag Handicap, EHRM, EVRM, doorwerking, mensenrechten
Auteurs Mr. G.J. Pulles
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) past regelmatig het VN-verdrag Handicap toe in zaken waarin de rechten van personen met een handicap in het geding zijn. Dit artikel geeft een overzicht van de uitspraken waarin het Verdrag een rol heeft gespeeld. Het inventariseert de rechtspraak waarin het Verdrag expliciet in de rechtsoverwegingen is aangehaald. Het komt tot de conclusie dat het gebruik van het Verdrag door het EHRM enerzijds een inconsistente indruk maakt. Het is niet gemakkelijk te achterhalen waarom het in sommige zaken een duidelijke rol speelt en in veel belangrijke andere zaken niet. Anderzijds blijkt uit de onderzochte rechtspraak dat het EHRM het Verdrag in toenemende mate gebruikt voor het aanscherpen van de normatieve inhoud van het EVRM en voor het invullen van een aantal belangrijke thema’s uit het internationale recht inzake personen met een handicap.


Mr. G.J. Pulles
Mr. G.J. (Gerrit Jan) Pulles is advocaat in Amsterdam en docent aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Access_open Dismissal protection in Germany

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Statutory and judge-made dismissal protrection in germany, Dismissal protection and constitutional law, The importance of the case law, Legal principles, Payments during sickness
Auteurs dr. Bernd Waas
SamenvattingAuteursinformatie

    The article provides overview of the main elements of protection against dismissal in germany. In particular, the possible reasons for dismissal and the substantive requirements are discussed. The procedural aspects and remedies are also dealt with. Finally, it is explained, how the payment during sickness is organized.


dr. Bernd Waas
Bernd Waas is Chair of Labour Law and Civil Law under consideration of European and International Labour Law at Goethe-Universität.

Dr. Iris Sportel
Iris Sportel is Universitair Docent Rechtssociologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Werk in uitvoering

Living on the Other Side: A socio-legal analysis of family law and migration in Morocco

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden family law, migration, Morocco, socio-legal studies
Auteurs Nada Heddane MA (Master in North African and Middle Eastern Studies) en Judith van Uden MSc (Master in International Development Studies)
SamenvattingAuteursinformatie

    In our research project ‘Living on the Other Side’, we aim to understand how (ir)regular migrants from the Middle East and West/Central Africa deal with the legal and formal aspect of their lives in Morocco by focusing on major life events, such as marriage, divorce, birth and death. Life does not simply stand still when residing in a foreign country – people continue to marry, divorce, have children and die. However, there is little empirical knowledge on what migrants actually do when faced with such events. Registering major life events secures a migrant’s legal identity and protects their human rights. Having a legal identity, most likely, influences the daily lives of migrants. A migrant, who does not formally exist in the eyes of the state, might not be able to access basic services, like health care and education. From a legal pluralist perspective, we aim to investigate how migration and family law intersect by conducting online and offline ethnographic fieldwork.


Nada Heddane MA (Master in North African and Middle Eastern Studies)
Nada Heddane is promovenda bij het Van Vollenhoven Instituut voor Recht, Bestuur en Samenleving (VVI) van de Rechtenfaculteit van de Universiteit Leiden. Nada’s onderzoek verkent de relevantie van het familierecht voor West-/Centraal-Afrikaanse migranten bij belangrijke levensgebeurtenissen. Zij geeft een sociaaljuridische analyse van de strategieën van migranten op basis van online en offline veldwerk in Marokko.

Judith van Uden MSc (Master in International Development Studies)
Nada Heddane is Promovenda bij het Van Vollenhoven Instituut voor Recht, Bestuur en Samenleving (VVI) van de Rechtenfaculteit van de Universiteit Leiden. In haar onderzoek bevraagt Judith wat de rol is van het familierecht in de levens van Midden-Oosterse migranten in Marokko. Deze kwalitatieve studie bekijkt de ervaringen van migranten door een juridisch-antropologische lens.
Artikel

Dispute settlement among the Nigerian Igbo in Antwerp

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Legal pluralism, Dispute settlement, Igbo, Antwerp
Auteurs Filip Reyntjens
SamenvattingAuteursinformatie

    This is a case study in ‘new legal pluralism’ which is interested in the operation of plural legal orders in countries of the global North. It considers the way in which the Nigerian Igbo living in Antwerp, Belgium settle their disputes. It first presents the Antwerp Igbo’s organisation in a Union possessing a constitution with precise legal stipulations. It then finds that the Igbo take the law with them from their home region into a diasporic community. Next it looks into the concrete organisation of dispute settlement and presents five cases as exemplars. It then discusses the advantages and drawbacks of applying Igbo law and justice, the issue of women’s rights, and the plurality and flexibility of the system. The conclusion underscores the fact that legal pluralism is a universal empirical reality.


Filip Reyntjens
Filip Reyntjens is Emeritus hoogleraar bij het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid aan de Universiteit Antwerpen.
Article

Access_open Teaching Technology to (Future) Lawyers

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2021
Trefwoorden legal education, law and technology, legal analytics, technology education, technological literacy
Auteurs Mikołaj Barczentewicz
SamenvattingAuteursinformatie

    The article offers a reflection on how applications of computer technology (including data analytics) are and may be taught to (future) lawyers and what are the benefits and limitations of the different approaches. There is a growing sense among legal professionals and law teachers that the technological changes in the practice of law are likely to promote the kind of knowledge and skills that law graduates often do not possess today. Teaching computer technology can be done in various ways and at various depths, and those different ways and levels have different cost and benefit considerations. The article discusses four models of teaching technology: (1) teaching basic technological literacy, (2) more advanced but general technology teaching, (3) teaching computer programming and quantitative methods and (4) teaching a particular aspect of technology – other than programming (e.g. cybersecurity). I suggest that there are strong reasons for all current and future lawyers to acquire proficiency in effective uses of office and legal research software and standard means of online communication and basic cybersecurity. This can be combined with teaching of numerical and informational literacy. I also claim that advanced technology topics, like computer programming, should be taught only to the extent that this is justified by the direct need for such skills and knowledge in students’ future careers, which I predict to be true for only a minority of current lawyers and law students.


Mikołaj Barczentewicz
Mikołaj Barczentewicz is the Research Director, Surrey Law and Technology Hub, as well as Senior Lecturer (Associate Professor) in Law, University of Surrey School of Law. He is also a Research Associate of the University of Oxford Centre for Technology and Global Affairs.
Artikel

What makes a sex crime?

A fair label for image-based sexual abuse

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Image-based sexual abuse, Revenge porn, Wraakporno, Fair labelling, Sexual autonomy
Auteurs M.L.R. (Marthe) Goudsmit LL.M. M.A
SamenvattingAuteursinformatie

    This article considers why image-based sexual abuse (‘ibsa’) should be classified as a sexual offence. The article briefly considers harmfulness, and then moves to discuss the principle of fair labelling. Classification of offences should be informed by the wrongdoing they address. A conceptual analysis of sexual offences shows that sexual wrongs warrant labelling as sexual offences. The infringement of the right to sexual autonomy in ibsa means the nature of the wrong is sexual. Ibsa should be a sex crime.


M.L.R. (Marthe) Goudsmit LL.M. M.A
Marthe Goudsmit is PhD candidate at the University of Oxford.

    On 16 December 2020, the Supreme Court of Lithuania (Cassation Court) delivered a ruling in a case where an employee claimed that the employer, JSC ‘Lithuanian Railways’, did not apply the regulations of the company’s employer-level collective agreement and did not pay a special bonus – an anniversary benefit (i.e. a benefit paid to employees on reaching a certain age) – because the employee was not a member of the trade union which had signed the collective agreement. According to the employee, she was discriminated against because of her membership of another trade union, i.e membership of the ‘wrong’ trade union.
    The Supreme Court held that combatting discrimination under certain grounds falls within the competence and scope of EU law, but that discrimination on the grounds of trade union membership is not distinguished as a form of discrimination. Also, the Court ruled that in this case (contrary to what the employee claimed in her cassation appeal) Article 157 of the Treaty on the Functioning of the European Union (TFEU) is not applicable because it regulates the prohibition of discrimination on other (sex) grounds. Moreover, the Court found that there was no legal basis for relying on the relevant case law of the ECJ which provides clarification on other forms of discrimination, but not on discrimination based on trade union membership.


Vida Petrylaitė
Vida Petrylaitė is an associate professor at Vilnius university.

    According to German law, leave entitlements of an employee shall in principle expire at the end of the calendar year or a permissible carryover period. However, based on the case law of the ECJ, this shall only apply if the employer has previously enabled and summoned the employee to take leave and the employee has nevertheless not taken it. But what happens if an employee is incapacitated for work for a longer period of time and therefore is unable to take his or her annual leave? Does the employer also have to inform this employee about their leave entitlement? The Federal Labour Court (Bundesarbeitsgericht, ‘BAG’) recently had to deal with this question in two cases and now the ECJ will have to address this matter. This is because the BAG has asked the ECJ to decide whether and when an employee’s entitlement to paid leave can expire if an employee loses their ability to work during the course of the leave year, while the employee could have taken at least part of the annual leave before becoming incapacitated for work, but the employee was not properly informed by the employer about their leave entitlement.


Katharina Gorontzi
Katharina Gorontzi is an attorney-at-law at Luther Rechtsanwaltsgesellschaft mbH.

Nina Stephan
Nina Stephan is an attorney-at-law at Luther Rechtsanwaltsgesellschaft mbH.

Jule Rosauer
Jule Rosauer is a legal trainee at Luther Rechtsanwaltsgesellschaft mbH.
Toont 1 - 20 van 958 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 47 48
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.