Zoekresultaat: 47 artikelen

x
Jaar 2012 x

    This article examines the impact of the introduction of the Schutznorm-principle (relativiteitsvereiste) in the Dutch General Administrative Law Act on the private enforcement of state aid law. This principle prohibits the administrative courts to annul a decision if the ground manifestly does not protect the complainants interests. Court decisions are examined to research the role of individuals in the private enforcement of state aid law. These individuals often have no competitive relation with the (alleged) beneficiary of the aid. However, presumably the Schutznorm-principle will not hinder them from annulling the decision because the Schutznorm-principle requires clarity regarding the scope of the provision invoked. Article 108 TFEU lacks this clarity. Based on possibilities of appeal against Commissions decisions and case law of the EU CoJ on this matter, the author argues that not every individual needs to be able to invoke state aid provisions.


Matthijs Baart
Matthijs Baart LLM is onderzoek- en onderwijsmedewerker aan de Universiteit Leiden
Artikel

Nog geen horizontale rechtstreekse werking van het vrije verkeer van goederen?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden artikel 34 VWEU, vrij verkeer van goederen, horizontale werking, normerings- en certificeringsactiviteiten, bijzondere redenen van particulier belang
Auteurs Mr. dr. H.J. van Harten en mr. T. Nauta
SamenvattingAuteursinformatie

    In brede kring wordt aangenomen dat het vrij verkeer van diensten, werknemers en vestiging onder omstandigheden rechtstreeks doorwerken in horizontale relaties. In de zaak Fra.bo past het Hof van Justitie het leerstuk van de horizontale rechtstreekse werking niet expliciet toe op het vrije goederenverkeer. Zaakspecifiek maakt het Hof van Justitie echter duidelijk dat onder omstandigheden ook een particuliere organisatie als gedaante van ‘publieke macht’ kan worden aangemerkt waarmee haar activiteiten en voorschriften binnen de reikwijdte van het recht betreffende het vrije goederenverkeer vallen. Het Hof van Justitie lijkt hiermee impliciet aan te sluiten bij zijn collectiviteitsredenering inzake het vrij verkeer van diensten, werknemers en de vestigingsvrijheid.


Mr. dr. H.J. van Harten
Herman van Harten is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.

mr. T. Nauta
Thomas Nauta is werkzaam bij het Ministerie van Buitenlandse zaken en schrijft deze bijdrage op persoonlijke titel.
Artikel

Aansprakelijkheidsbeperking van (markt)toezichthouders: de weg naar beter toezicht?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden aansprakelijkheid, gatekeepers, preventie, rechtseconomie, toezichthouders
Auteurs Mr. drs. R.J. Dijkstra en Mr. dr. L.T. Visscher
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel onderzoeken wij met behulp van inzichten uit de rechtseconomie of beperking van de aansprakelijkheid van toezichthouders wegens falend toezicht wenselijk is. Omdat er redenen zijn om te vrezen dat onbeperkte aansprakelijkheid tot excessief toezicht leidt, betogen wij dat de aansprakelijkheid inderdaad beperkt moet worden. Deze beperking moet niet bestaan in een maximumbedrag waarvoor de toezichthouder aansprakelijk kan zijn, maar in een soepeler gedragsstandaard, zoals ‘opzet of grove schuld’.


Mr. drs. R.J. Dijkstra
Mr. drs. R.J. Dijkstra is werkzaam als parttime promovendus bij de Universiteit van Tilburg.

Mr. dr. L.T. Visscher
Mr. dr. L.T. Visscher is werkzaam als universitair hoofddocent bij het Rotterdam Institute of Law and Economics (RILE) van de Erasmus School of Law.

Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten
Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten is (parttime) senior manager bij Ernst & Young en promovendus aan de Erasmus School of Law.

Dr. T.E. Lambooy
Dr. T.E. Lambooy is universitair docent aan de Rechtenfaculteit van de Universiteit Utrecht en Associate Professor Center for Sustainability aan de Nyenrode Business Universiteit.
Jurisprudentie

De geheimhoudingsplicht op scherp?

Rb. Amsterdam 11 juli 2012, LJN BX1528 Rb. Amsterdam 11 juli 2012, LJN BX1531 Rb. Amsterdam 11 juli 2012, LJN BX1537

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2012
Auteurs M. Aelen LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze notenkraker worden drie uitspraken van de Rechtbank Amsterdam over drie vorderingen jegens DSB Bank besproken. De uitspraken zetten het dilemma tussen geheimhouding van toezichtsinformatie en transparantie van het toezicht op scherp. Twee elementen vallen hierbij in het bijzonder op. Ten eerste wordt duidelijk dat openbaarheid van toezichtsinformatie op de financiële markt gevoeliger ligt dan bij de andere economische toezichthouders en bij niet-economische toezichthouders. Ten tweede is er een spanningsveld tussen het civiele recht en het publieke recht. Het dilemma tussen geheimhouding en transparantie en deze beide elementen zullen in deze notenkraker worden besproken.


M. Aelen LL.M.
M. Aelen LL.M is promovenda bij het Europa Instituut van de Universiteit Utrecht en schrijft daar een proefschrift over beginselen van goed toezicht. Zij is tevens lid van de redactie van Tijdschrift voor Toezicht.

John Blad
John Blad is hoofddocent strafrechtswetenschappen aan de Erasmus Law School te Rotterdam en hoofdredacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Duurzame rechtspleging

Doorlichten van conflictoplossingssystemen op duurzaamheid, en: hoe komt herstelrecht uit de bus?

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden sustainable justice, conflict resolutions, conflict managment styles
Auteurs Alexander F. de Savornin Lohman
SamenvattingAuteursinformatie

    The author analyses and compares several distinct models of doing justice to find out which is serving ‘sustainable justice’ the best. Sustainable justice could be defined as justice that produces conflict resolutions that last for a long time and in this way contribute to a more sustainable society. Modern developmental methods for organisations make use of assessments to measure, compare and improve the effectiveness of organizational cultures. These methods are used in this contribution to analyse the organizational cultures of mediation, the traditional accusatorial (penal) procedure, problem-solving courts (with a focus on drug courts) and restorative justice conferencing. The comparison results in conclusions indicating that mediation and problem solving courts have a sound and effective organizational culture, due to healthy conflict management styles, characterized by managing both opposition and competition constructively and by a stimulating person-oriented focus. Restorative justice conferences bring together many stakeholders in a conflict and its resolution and facilitates in this way the awareness of the connections between many problems behind the actual conflict at hand: for this reason the resolutions may have a deeper societal impact and a greater sustainability.


Alexander F. de Savornin Lohman
Alexander F. de Savornin Lohman was veertig jaar advocaat. Hij ontwikkelde het concept duurzame rechtspleging en is als juridisch adviseur en inspirator werkzaam in het door hem opgerichte Center for Sustainable Justice te Utrecht (www.dynalaw.nl).

Prof. mr. T.R. Ottervanger
Prof. mr. T.R. Ottervanger is advocaat bij Allen & Overy en hoogleraar Europees recht, in het bijzonder mededingingsrecht, aan de Universiteit Leiden.
Casus

Ongewenste paulianadreiging voor redders in nood

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden pauliana, faillissementspauliana, wetenschap, benadeling, herfinanciering
Auteurs Mr. T. Hekman en mr. J. de Koning Gans
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de herfinanciering van een noodlijdende onderneming zal een bank (aanvullende) zekerheden verlangen. Komt de onderneming ondanks het nieuw verkregen krediet alsnog te failleren, dan kan een curator de verstrekte zekerheden trachten te vernietigen met een beroep op de faillissementspauliana. De Hoge Raad heeft zich laatstelijk over deze problematiek uitgesproken in ABN AMRO/Van Dooren q.q. III. In deze bijdrage komen de auteurs tot de conclusie dat de door de Hoge Raad ingeslagen weg onwenselijk is. Ook wordt door hen betoogd dat de in ABN AMRO/Van Dooren q.q. III geformuleerde maatstaf geen toepassing zou moeten vinden bij bonafide reddingsoperaties door de bank.


Mr. T. Hekman
Mr. T. Hekman is advocaat bij AKD te Amsterdam.

mr. J. de Koning Gans
Mr. J. de Koning Gans is advocaat bij Post Advocaten te Barneveld.
Artikel

Wetsvoorstel voorwaarden voor winstuitkering aanbieders medisch-specialistische zorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2012
Trefwoorden medisch-specialistische zorg, Wet cliëntenrechten zorg, winstoogmerk, winstuitkering, zorgaanbieders
Auteurs Mr. dr. E. Plomp
SamenvattingAuteursinformatie

    Na jarenlange debatten over dit onderwerp heeft de Minister van VWS op 9 februari 2012 een wetsvoorstel ingediend dat winstuitkering door aanbieders van medisch-specialistische zorg onder voorwaarden mogelijk maakt. In dit artikel worden enkele kritische kanttekeningen geplaatst bij de gestelde voorwaarden en wordt uiteengezet welke aspecten nadere regulering behoeven. Geconcludeerd wordt dat met name de normatieve aspecten van winstuitkering en de publieke belangen die het wetsvoorstel beoogt te dienen verder zouden moeten worden uitgewerkt en dat een meer gedifferentieerde regeling de voorkeur zou verdienen.


Mr. dr. E. Plomp
Emke Plomp is arts, farmaceut en jurist en gepromoveerd aan de Universiteit van Amsterdam op het proefschrift Winst in de zorg. Juridische aspecten van winstuitkering door zorginstellingen, Den Haag: Sdu Uitgevers 2011 (hierna: Plomp 2011).
Artikel

De zzp’er: een (arbeidson)geval apart

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2012
Trefwoorden regres, verkeersongeval, voetganger, toerekening, schade, inkomensschade, bewijs, bewijslast, overlijdensschade
Auteurs Mr. C. Blanken en Mr. A.H.M. van Noort
SamenvattingAuteursinformatie

    HR 23 maart 2012: de zzp’er en artikel 7:658 lid 4 BW. In deze bijdrage bespreken de auteurs welke criteria de Hoge Raad hanteert voor de toepasselijkheid van artikel 7:658 lid 4 BW op de zzp’er. Ook gaan zij in op de gevolgen van het arrest voor de schadelast van de AVB-verzekeraar en voor de regresrechten van zorg- en andere schadeverzekeraars. Tot slot wordt aandacht besteed aan artikel 7:611 BW in relatie tot de zzp’er.


Mr. C. Blanken
Mr. C. Blanken is advocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten.

Mr. A.H.M. van Noort
Mr. A.H.M. van Noort is advocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten.
Artikel

Wettelijke aansprakelijkheidsbeperking voor DNB en AFM

Hoe hoog komt de nieuwe lat te liggen?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden aansprakelijkheidsbeperking DNB en AFM, uitleg opzet en grove schuld
Auteurs Mr. S. Sahtie
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de in juli 2012 aangenomen wet besproken waarmee de aansprakelijkheid van De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) wordt beperkt tot kort gezegd opzet en grove schuld. De auteur gaat in op de uitleg van de begrippen opzet en grove schuld en onderzoekt hoe hoog de nieuwe lat voor aansprakelijkheid komt te liggen ten opzichte van de aanvankelijk geldende norm van een ‘behoorlijk en zorgvuldig handelende toezichthouder’. Ook wordt ingegaan op onder andere het causaliteitsvereiste, de omkeringsregel en enkele relevante ontwikkelingen op Europeesrechtelijk gebied. Geconcludeerd wordt dat DNB en AFM op grond van de nieuwe wettelijke regeling vrijwel immuun zijn gemaakt voor aansprakelijkheid.


Mr. S. Sahtie
Mr. S. Sahtie is Legal Counsel bij ABN AMRO Bank N.V. en was daarvoor als jurist werkzaam bij De Nederlandsche Bank (DNB).
Artikel

Met biografieën een beter begrip van witteboordencriminaliteit?

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2012
Trefwoorden white-collar crime, corporate crime, biographies, case studies
Auteurs Wim Huisman
SamenvattingAuteursinformatie

    The central question of this article is whether biographies can be a source for criminological research on white-collar crime and how they can contribute to the explanation of white-collar crime. To answer this question, 35 Dutch biographies were studied. Following the legal ambiguities of white-collar crime, not all of these biographies are about criminal offences. And following the dominant anthropomorphic approach to corporate crime, some of these are corporate biographies. Many biographies confirm current criminological explanations of the causation of white-collar crime. Yet, biographies also offer additional insights, for instance about the causal relevance of the private life of white-collar offenders.


Wim Huisman
Prof. dr. Wim Huisman is hoogleraar bij de sectie criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam. E-mail: w.huisman@vu.nl.

    Transparantie bij het toezicht lijkt een voor de hand liggend en duidelijk concept of beginsel, maar niets is minder waar. Transparantie kent verschillende betekenissen en komt in verschillende gedaanten voor. In verschillende bijdragen voor dit nieuwe nummer van het Tijdschrift voor Toezicht komt het aspect van transparantie aan de orde.


Prof. mr. A.T. Ottow
Prof. mr. A.T. Ottow is hoogleraar economisch publiekrecht aan het Europa Instituut van de Universiteit Utrecht en geassocieerd lid van het college van OPTA. Tevens is zij hoofdredacteur van Tijdschrift voor Toezicht.

    In de rubriek Opinie legt de redactie een stelling over een toezichtonderwerp voor aan een tweetal experts. Dit keer gaat de stelling over de transparantie van toezicht. De stelling die in dit nummer werd voorgelegd luidt: ‘Toezicht dient volledig transparant te zijn’.


Drs. B.R. Combée
Drs. B.R. Combée is directeur van de Consumentenbond.

Mr. drs. D.P. Kuipers
Mr. drs. D.P. Kuipers is advocaat-partner bij Bird & Bird LLP.
Artikel

Cultuur van organisaties als aangrijpingspunt voor toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden toezicht, handhaving, regulering, organisatiecultuur, inspecteren
Auteurs Prof. dr. ing. F.J.H. Mertens
SamenvattingAuteursinformatie

    In het toezicht wordt getracht organisaties in hun feitelijk functioneren te beïnvloeden en te beheersen. Een van de aspecten van organisaties waar de belangstelling van de toezichthouders steeds meer naar uit gaat, is cultuur. Cultuur wordt dan gezien als de ‘driver’ achter het handelen van organisaties en in de wens om gevaren te voorkomen zoekt de toezichthouder naar aangrijpingspunten die tijdig zicht geven op waarschijnlijk gedrag en vooral ongewenst gedrag. In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele problemen die aan de cultuurnotie als aangrijpingspunt van wettelijk toezicht verbonden zijn. Concluderend leidt het artikel tot het inzicht dat aan de cultuurnotie nog veel onduidelijk is en dat de hantering ervan in het toezicht dan ook meer vragen oproept dan dat er mee beantwoord kunnen worden.


Prof. dr. ing. F.J.H. Mertens
Prof. dr. ing. F.J.H. Mertens is lid van de Onderzoeksraad voor Veiligheid en was tot 1 september 2011 hoogleraar aan de Technische Universiteit Delft.
Artikel

Mededingingsbeleid en publieke belangen: een economisch perspectief

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Mededingingsrecht, Publieke belangen, Uitzonderingsgronden, Maatschappelijk verantwoord concurreren, Marktwerking
Auteurs Dr. Paul de Bijl en dr. Theon van Dijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Diverse commentatoren hebben recent geopperd dat de nieuwe Autoriteit Consument en Markt (ACM) meer rekening met de wisselwerking tussen mededinging en diverse publieke belangen (ook andere dan gerelateerd aan marktmacht) moet gaan houden. Publieke belangen anders dan gerelateerd aan marktmacht zijn echter al elders belegd: de mededingingsautoriteit hanteert de daaruit volgende wet- en regelgeving als randvoorwaarden. ‘Integraal’ mededingingsbeleid zou leiden tot intransparantie en reguleringsonzekerheid; het is niet verstandig die kant op te gaan. Sterker, beleidsmakers en politici kunnen bijdragen aan effectiever mededingingsbeleid door ‘overige’ publieke belangen scherp te articuleren.


Dr. Paul de Bijl
Dr. Paul de Bijl is hoofd van de sector Marktordening bij het Centraal Planbureau en extramural fellow van TILEC, Universiteit van Tilburg.

dr. Theon van Dijk
Dr. Theon van Dijk is werkzaam bij economisch adviesbureau Lexonomics.
Artikel

Kerend tij

Criminalisering van de kraakbeweging

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2012
Trefwoorden criminalizing, squatters, social movement, frames
Auteurs Dr. Frank van Gemert, Deanna Dadusc MSc en Rutger Visser MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In October 2010 squatting in the Netherlands was prohibited by law. This timing seems strange, because, in the 80s, the squatters’ movement had its heyday, with many very violent confrontations with police. Isn’t it strange that squatting is prohibited now the movement has shrunk and lost much of its significance? We investigate this criminalization of squatting by describing the rise and decline of the movement similar to the turning tide. Based on literature, media reports and our own research data, we demonstrate that the power of the parties in this process is reflected by frames, reasoning and the language they use, and by their position in the media.


Dr. Frank van Gemert
Dr. F.H.M. van Gemert is universitair docent bij de sectie criminologie van de Vrije Universiteit.

Deanna Dadusc MSc
D. Dadusc, MSc is als promovenda verbonden aan de Universiteit Utrecht en aan de University of Kent (VK).

Rutger Visser MSc
R. Visser, MSc is criminoloog en verbonden aan de faculteit sociale wetenschappen van de Vrije Universiteit.

Mr. dr. W.C.T. Weterings
Mr. dr. W.C.T. Weterings is advocaat bij Dirkzwager Advocaten & Notarissen N.V., sectie Aansprakelijkheid, Schade en Verzekering, Universitair Docent aan de Universiteit van Tilburg, vakgroep Business Law en gastprofessor aan de Universiteit Antwerpen, vakgroep Burgerlijk Recht.

    Via de Interventiewet worden ten aanzien van het faillissement van een bank nieuwe bepalingen in de Faillissementswet geïntroduceerd. De wet bevat onder andere een afzonderlijk faillissementscriterium voor banken en een mogelijkheid een bank in faillissement op bijzondere wijze op een derde te doen overgaan.


Mr. J. Baukema
Mr. J. Baukema is advocaat bij Boekel De Nerée te Amsterdam. De auteur dankt mr. W.J.P. Jongepier en de redactie voor hun waardevolle opmerkingen.
Toont 1 - 20 van 47 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.